<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.92--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR398595_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Reglement van orde voor de vergadering en andere werkzaamheden van de Raad 2016</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Soest</dcterms:creator><dcterms:modified>2016-03-04</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Soest</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Soester Courant 16 maart 2016</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Reglement van orde voor de vergadering en andere werkzaamheden van de Raad 2016</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Artikel 16 Gemeentewet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2016-03-03</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2016-03-04</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2021-07-21</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>RB 16-11 (Verseon 1310203)</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>gemeenteraad reglement</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Reglement van orde voor de vergadering en andere werkzaamheden van de Raad 2016</intitule><regeling><aanhef><preambule><al> Na besluitvorming d.d. 3 maart 2016</al><al><vet>Reglement van orde voor de vergaderingen en ander</vet><vet>e
                            werkzaamheden van de raad 2016</vet><vet>.</vet></al><al>De raad van de gemeente Soest</al><al>gelet op artikel 16 van de Gemeentewet;</al><al>gezien het advies van de Agendacommissie;</al><al><vet>besluit vast te stellen</vet><vet>:</vet></al><al>het Reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de
                        raad van de gemeente Soest 2016</al><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>1.</nr><titel>Algemene bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><al>In dit reglement wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="1."><al>Lid: lid van de gemeenteraad van Soest;</al></li><li nr="2."><al>Voorzitter: de voorzitter van de raad of diens
                                    plaatsvervanger;</al></li><li nr="3."><al>Griffier: de door de raad benoemde griffier als bedoeld in de
                                    Gemeentewet of diens plaatsvervanger;</al></li><li nr="4."><al>Vergaderingen van de gemeenteraad van Soest bestaande uit de
                                    vormen:</al><lijst><li nr="a."><al>Avond Samenleving: Openbare bijeenkomsten van de raad
                                            met diverse werkvormen waarop iedereen op basis van
                                            gelijkwaardigheid mee mag praten. </al></li><li nr="b."><al>Opiniërende Raadsbijeenkomst: vergadering van de
                                            gemeenteraad inclusieffractie-assistenten met als
                                            doel meningsvorming en debat. Agendapunten worden
                                            geclusterd naar beleidsvelden.</al></li></lijst></li><li nr="5."><al>Besluitvormende Raadsvergadering: besluitvormende
                                    raadsvergadering van de gemeenteraad. In deze vergadering is er
                                    ruimte om moties, amendementen en subamendementen in te dienen.
                                </al></li><li nr="6."><al>Voorzitterspool: de beschikbare voorzitters voor de
                                    bijeenkomsten van de raad met De Samenleving;</al></li><li nr="7."><al>Amendement: voorstel van een raadslid tot wijziging van een
                                    ontwerpverordening of ontwerpbeslissing </al></li><li nr="8."><al>Subamendement: voorstel van een raadslid tot wijziging van een
                                    aanhangig amendement, te worden opgenomen waarop het betrekking
                                    heeft;</al></li><li nr="9."><al>Motie: verklaring over een onderwerp waarmee een oordeel, wens
                                    of verzoek wordt uitgesproken;</al></li><li nr="10."><al>Voorstel van orde: voorstel betreffende de orde van de
                                    vergadering;</al></li><li nr="11."><al>Initiatiefvoorstel: voorstel van een raadslid voor een
                                    verordening of ander voorstel.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.</nr><titel>De voorzitter</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De voorzitter is belast met :</al><lijst><li nr="a."><al>Het leiden van de Opiniërende Raadsbijeenkomst, de
                                        Besluitvormende Raadsvergadering, het
                                        fractievoorzittersoverleg en de agendacommissie.</al></li><li nr="b."><al>Het handhaven van de orde;</al></li><li nr="c."><al>Het doen naleven van het reglement van orde;</al></li><li nr="d."><al>Wat de Gemeentewet of dit reglement hem verder
                                        opdraagt.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Hij verleent het woord, formuleert de conclusies waarover zal worden
                                gestemd en deelt de uitslag van de stemming mede.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bij verhindering of afwezigheid wordt de voorzitter vervangen door
                                de plaatsvervangend voorzitter van de raad.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.</nr><titel>De griffier</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De griffier is bij elke vergadering van de raad aanwezig;</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De griffier is bij elke vergadering van de agendacommissie en het
                                fractievoorzittersoverleg aanwezig;</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bij verhindering of afwezigheid wordt hij vervangen door een door de
                                raad daartoe aangewezen plaatsvervangend griffier;</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De griffier kan op uitnodiging van de voorzitter aan beraadslagingen
                                in raadsvergaderingen deelnemen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.</nr><titel>Het fractievoorzittersoverleg</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Er is een fractievoorzittersoverleg dat bestaat uit de voorzitter en
                                de fractievoorzitters van alle in de gemeenteraad vertegenwoordigde
                                fracties;</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het fractievoorzittersoverleg vergadert in beslotenheid;</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Fractievoorzitters kunnen elk een raadslid aanwijzen dat hen bij
                                afwezigheid in het fractievoorzittersoverleg en de agendacommissie
                                vervangt;</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het fractievoorzittersoverleg kan anderen uitnodigen deel te nemen
                                aan zijn vergaderingen;</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Het fractievoorzittersoverleg is onder andere belast met procedurele
                                aangelegenheden de gemeenteraad betreffende; </al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Elke fractievoorzitter heeft één stem in het
                                fractievoorzittersoverleg.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.</nr><titel>Taken en bevoegdheden van de agendacommissie</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Er is een agendacommissie die bestaat uit dezelfde leden als het
                                    fractievoorzittersoverleg. </al></li><li nr="2."><al>De agendacommissie vergadert in principe in openbaarheid;</al></li></lijst><al>3.De commissie heeft in ieder geval de volgende taken:</al><al>a.het voorbereiden en vaststellen van voorlopige agenda’s voor de Avond
                            Samenleving, de Opiniërende Raadsbijeenkomst en de Besluitvormende
                            Raadsvergadering. Ook de werkvorm voor de Avond Samenleving wordt door
                            de Agendacommissie gekozen.</al><lijst><li nr="b."><al>het vaststellen van de Besluitvormende Raadsvergaderingen als
                                    bedoeld in artikel 17, tweede lid, van de Gemeentewet. De
                                    Agendacommissie stelt het vergaderschema voor het volgende
                                    kalenderjaar vast vóór 1 oktober;</al><lijst><li nr="4."><al>De agendacommissie kan besluiten tot het instellen van
                                            een raadswerkgroep die iets doet voor de gemeenteraad
                                            (en niet iets in plaats van de gemeenteraad);</al></li><li nr="5."><al>De agendacommissie besluit over de samenstelling van de
                                            raadswerkgroep en houdt daarbij rekening met de omvang
                                            van de taak en met bij voorkeur een gelijke
                                            vertegenwoordiging vanuit de coalitiepartijen en de
                                            oppositiepartijen; </al></li><li nr="6."><al>De agendacommissie besluit over de opheffing van een
                                            raadswerkgroep;</al></li><li nr="7."><al>Aan het begin van iedere raadsperiode wordt besloten
                                            over de continuering van de tot dan toe functionerende
                                            raadswerkgroepen;</al></li></lijst></li></lijst><lijst><li nr="8."><al>De agendacommissie kan anderen uitnodigen deel te nemen aan haar
                                    vergaderingen;</al></li><li nr="9."><al>Elke fractievoorzitter heeft één stem in de
                                    agendacommissie.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>2.</nr><titel>Toelating nieuwe leden</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.</nr><titel>Onderzoek geloofsbrieven en beëdiging raadsleden</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Bij de benoeming van nieuwe raadsleden stelt de raad, op voorstel
                                van de voorzitter, een commissie in bestaande uit drie raadsleden.
                                Deze onderzoekt de geloofsbrieven en de daarop betrekking hebbende
                                stukken van de nieuw benoemde raadsleden en brengt vervolgens advies
                                uit aan de raad over de toelating van de nieuw benoemde raadsleden
                                tot de raad. Indien van toepassing, wordt van een
                                minderheidsstandpunt melding gemaakt in dit advies. Gedurende het
                                onderzoek wordt de vergadering geschorst.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het onderzoek van het proces-verbaal van het centraal stembureau
                                gebeurt in de laatste raadsvergadering in oude samenstelling na de
                                raadsverkiezingen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Na een raadsverkiezing roept de voorzitter de toegelaten raadsleden
                                op om in de eerste raadsvergadering in nieuwe samenstelling, bedoeld
                                in artikel 18 van de Gemeentewet, de voorgeschreven eed of
                                verklaring en belofte af te leggen.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>In geval van een tussentijdse vacaturevervulling roept de voorzitter
                                in afwijking van het voorgaande een nieuw benoemd raadslid op voor
                                de raadsvergadering waarin over diens toelating wordt beslist, om de
                                voorgeschreven eed of verklaring en belofte af te leggen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.</nr><titel>Benoeming wethouders</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Bij de benoeming van een wethouder stelt de voorzitter een ad hoc
                                commissie “Benoembaarheid wethouders” in, die de werkwijze volgt
                                zoals beschreven in de Verordening onderzoek benoembaarheid
                                wethouders gemeente Soest 2014. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De commissie onderzoekt of benoeming van de kandidaat voldoet aan de
                                vereisten van de artikelen 36a, 36b, 41b, eerste, derde en vierde
                                lid, en 41c, eerste lid, van de Gemeentewet en brengt vervolgens
                                advies uit aan de raad over de benoeming tot wethouder. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8.</nr><titel>Fracties</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Raadsleden die door het centraal stembureau op dezelfde
                                    kandidatenlijst verkozen zijn verklaard, worden bij de aanvang
                                    van de zitting als één fractie beschouwd. </al></li><li nr="2."><al>Als boven de kandidatenlijst een aanduiding was geplaatst, voert
                                    de fractie in de raad deze aanduiding als naam. Als daar geen
                                    aanduiding was geplaatst, deelt de fractie in de eerste
                                    raadsvergadering aan de voorzitter mee welke naam deze fractie
                                    in de raad zal voeren.</al></li><li nr="3."><al>De namen van de fractievoorzitter en diens plaatsvervanger
                                    worden zo spoedig mogelijk doorgegeven aan de voorzitter.</al></li><li nr="4."><al>Indien:</al><lijst><li nr="a."><al>één of meer raadsleden van één of meer fracties als
                                            zelfstandige fractie gaan optreden;</al></li><li nr="b."><al>één of meer raadsleden van een fractie zich aansluiten
                                            bij een andere fractie</al></li><li nr="c."><al>twee of meer fracties als één fractie gaat optreden</al></li></lijst></li></lijst><al>wordt hiervan zo spoedig mogelijk schriftelijk mededeling gedaan aan de
                            voorzitter. Met de onder a, b en/of c beschreven veranderde situatie
                            wordt rekening gehouden met ingang van de vergadering van de raad waarin
                            de voorzitter de mededeling gedaan heeft. </al><al>5.Een nieuwe naam van een fractie voldoet aan de eisen uit artikel G 3
                            van de Kieswet en wordt gebruikt met ingang van de eerstvolgende
                            raadsvergadering na naamswijziging.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9.</nr><titel>Fractieassistenten</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Aan het begin van iedere nieuwe raadsperiode doen de
                                fractievoorzitters aan de voorzitter van de raad opgave van ten
                                hoogste twee personen die door hun fractie zijn aangewezen als
                                fractieassistent. Ook bij tussentijdse wijziging wordt de voorzitter
                                van de raad hiervan in kennis gesteld. De fractieassistenten leggen
                                bij aanvang van hun werkzaamheden in handen van de voorzitter van de
                                raad een eed of verklaring en belofte af die qua strekking
                                overeenkomt met de eed of verklaring en belofte die door raadsleden
                                bij de aanvang van hun werkzaamheden wordt afgelegd;</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Fractieassistenten mogen namens hun fracties het woord voeren bij de
                                Avond Samenleving en in de Opiniërende Raadsbijeenkomst;</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Fractieassistenten hebben geen spreek- of stemrecht in de
                                Besluitvormende Raadsvergadering.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Fractie-assistenten kunnen deel uit maken van een
                                raadswerkgroep;</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Fractieassistenten dienen te voldoen aan de artikelen 10 tot en met
                                13 en artikel 15 van de Gemeentewet.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Een fractieassistent beëindigt zijn werkzaamheden wanneer de
                                fractieassistent niet meer voldoet aan de vereisten zoals bedoeld in
                                het vijfde lid van dit artikel, bij opzegging door de
                                fractieassistent, bij opzegging door de voorzitter van de fractie
                                die de fractieassistent heeft voorgedragen of bij installatie van
                                een nieuwe gemeenteraad.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3.</nr><titel>Vergaderingen</titel></kop><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>1.</nr><titel>Tijdstip van vergaderen en Voorbereiding vergaderingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10.</nr><titel>Vergaderingen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De vergaderingen vinden in de regel plaats op de door de
                                        Agendacommissie vastgestelde vergaderschema aangegeven dagen
                                        in het gemeentehuis in Soest. De vergaderingen vinden bij
                                        voorkeur plaats op een donderdagavond en beginnen in de
                                        regel niet eerder dan 19.30 uur. De vergaderingen eindigen
                                        in de regel niet later dan 23.00 uur. </al></li><li nr="2."><al>Indien de op de agenda van de Besluitvormende
                                        raadsvergadering vermelde onderwerpen niet alle zijn
                                        behandeld, brengt de voorzitter een voorstel van orde in op
                                        een door hem te bepalen moment tijdens de vergadering om te
                                        beslissen of:</al><lijst><li nr="a."><al>de vergadering op dat tijdstip wordt
                                                voortgezet;</al></li><li nr="b."><al>de nog te behandelen agendapunten door te schuiven
                                                naar de volgende vergadercyclus;</al></li><li nr="c."><al>de vergadering geschorst wordt en voort gezet wordt
                                                op de eerstvolgende dag na 17.00 uur voor de
                                                behandeling van de nog niet afgehandelde
                                                onderwerpen, zonder dat hiervoor een oproep of
                                                bekendmaking nodig zijn. </al></li></lijst></li></lijst><al>Een beslissing hierover wordt genomen bij meerderheid van stemmen. </al><lijst><li nr="3."><al>De voorzitter kan in bijzondere gevallen na overleg met de
                                        agendacommissie een andere dag en/of ander aanvangsuur
                                        bepalen of een andere vergaderplaats aanwijzen;</al></li><li nr="4."><al>In geval de burgemeester een tussentijdse vergadering nodig
                                        oordeelt of indien door tenminste 1/5 van het aantal leden
                                        van de raad schriftelijk met opgave van redenen wordt
                                        gevraagd, belegt de voorzitter deze binnen een week na
                                        overleg met de agendacommissie.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11.</nr><titel>Oproep, voorlopige agenda en vaststellen agenda</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De voorzitter zendt in principe 3 dagen na de vergadering van de
                                    Agendacommissie de raadsleden en wethouders een schriftelijke
                                    oproep en de voorlopige agenda’s van de Avond Samenleving, de
                                    Opiniërende Raadsbijeenkomst en de Besluitvormende
                                    Raadsvergadering met de daarbij behorende stukken. De stukken
                                    worden openbaar gemaakt, met uitzondering van de in artikel 25,
                                    eerste en tweede lid, van de Gemeentewet bedoelde stukken. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De voorzitter kan na het verzenden van de schriftelijke oproep
                                    zo nodig een aanvullende agenda doen uitgaan. Alvorens dat te
                                    doen pleegt hij overleg (zo nodig per e-mail) met de
                                    Agendacommissie. De op de aanvullende voorlopige agenda vermelde
                                    voorstellen met de daarbij behorende stukken worden zo spoedig
                                    mogelijk, doch uiterlijk 48 uur voor aanvang van de vergadering
                                    aan de leden gezonden. De stukken worden openbaar gemaakt. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De agenda wordt bij aanvang van de Opiniërende Raadsbijeenkomst
                                    op basis van gewogen stemmen vastgesteld. Bij de Besluitvormende
                                    Raadsvergadering wordt de agenda door de raad vastgesteld bij
                                    meerderheid van stemmen. Op voorstel van een lid van de raad of
                                    de voorzitter kan de raad bij de vaststelling van de agenda
                                    onderwerpen aan de agenda toevoegen of van de agenda afvoeren.
                                </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Van de in het vorige lid bedoelde mogelijkheid tot toevoeging
                                    wordt in de regel slechts gebruik gemaakt na afweging van de
                                    aspecten van spoedeisendheid en zorgvuldigheid.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De raad kan naar aanleiding van een ordevoorstel van de
                                    voorzitter of een lid van de raad besluiten de volgorde van de
                                    behandeling zoals die bij de vaststelling van de agenda aan het
                                    begin van de vergadering is bepaald, te wijzigen.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Wanneer de raad een onderwerp onvoldoende voor de openbare
                                    beraadslaging in de raadsvergadering voorbereid acht, kan hij
                                    besluiten, daarbij zoveel mogelijk de procedure voor de verdere
                                    voorbereiding aangevend, het onderwerp van de agenda af te
                                    voeren. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12.</nr><titel>Avond Samenleving</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Openbare bijeenkomsten van de raad met diverse werkvormen waarop
                                    iedereen op basis van gelijkwaardigheid mee mag praten. Tijdens
                                    de Avond Samenleving:</al><lijst><li nr="a."><al>Kunnen raadsleden en fractieassistenten vragen stellen
                                            aan het College van B en W;</al></li><li nr="b."><al>Kunnen raadsleden en fractieassistenten vragen stellen
                                            aan aanwezige derden over de op de agenda geplaatste
                                            onderwerpen;</al></li><li nr="c."><al>Kunnen collegeleden of derden een gesprek voeren met de
                                            raadsleden en de fractieassistenten over een onderwerp
                                            of een presentatie geven.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De Avond Samenleving wordt in principe voorgezeten door een lid
                                    uit de voorzitterspool;</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De Avond Samenleving kan op voorstel van de Agendacommissie op
                                    een andere locatie dan het gemeentehuis plaatsvinden.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Van de Avond Samenleving wordt, indien mogelijk, alleen een
                                    geluidsopname gemaakt. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13.</nr><titel>Opiniërende Raadsbijeenkomst</titel></kop><al>1.Elke burger en/of groepering heeft het recht om bij de behandeling
                                van een agendapunt in de Opiniërende Raadsbijeenkomst maximaal 5
                                minuten in te spreken, tenzij het onderwerp eerder in dezelfde
                                vergadercyclus tijdens de Avond Samenleving besproken is. Het
                                inspreken vindt plaats voorafgaande aan de behandeling van het
                                betreffende agendapunt. Per agendapunt is maximaal 15 minuten
                                beschikbaar voor het Spreekrecht. Indien er meer dan drie sprekers
                                zijn wordt de beschikbare tijd evenredig verdeeld;</al><al>Aan het eind van de bespreking van een agendapunt wordt de inspreker
                                in de gelegenheid gesteld gedurende maximaal 3 minuten daarop te
                                reageren;</al><al>2.Elke burger en/of groepering heeft het recht om in de Opiniërende
                                Raadsbijeenkomst maximaal 5 minuten in te spreken over een niet
                                eerder geagendeerd onderwerp. Onder “niet eerder” wordt verstaan een
                                periode van 3 maanden voorafgaand aan de Opiniërende
                                Raadsbijeenkomst;</al><al>Een uitzondering van het spreekrecht geldt voor:</al><lijst><li nr="-"><al>een besluit van het gemeentebestuur waartegen bezwaar of
                                        beroep op de rechter openstaat of heeft opengestaan;</al></li><li nr="-"><al>onderwerpen die het maken van keuzen en het doen van
                                        voordrachten of aanbevelingen van personen betreffen;</al></li><li nr="-"><al>een aangelegenheid waarover een klacht op grond van artikel
                                        9:1 van de Algemene Wet Bestuursrecht kan of kon worden
                                        ingediend. </al><lijst><li nr="3."><al>Een spreker veroorlooft zich geen beledigende of
                                                onbetamelijke uitdrukkingen c.q. uitspraken;</al></li><li nr="4."><al>Degene die van het recht tot inspreken als bedoeld
                                                in lid 1 van dit artikel gebruik wil maken meldt dit
                                                tot uiterlijk voor aanvang van de Opiniërende
                                                Raadsbijeenkomst bij de griffier. Hij vermeldt
                                                daarbij naam, adres en telefoonnummer en het
                                                onderwerp waarover hij het woord wil voeren;</al></li><li nr="5."><al>Tijdens de Opiniërende Raadsbijeenkomst hebben
                                                raadsleden en fractieassistenten over de
                                                geagendeerde onderwerpen:</al><lijst><li nr="a."><al>gelegenheid om politiek-bestuurlijke vragen te
                                                  stellen aan het College van B en W en aan leden
                                                  van andere fracties;</al></li><li nr="b."><al>de gelegenheid om van gedachten te
                                                  wisselen;</al></li><li nr="c."><al>de gelegenheid om met de andere fracties in
                                                  debat te gaan. </al></li></lijst></li><li nr="6."><al>De voorzitter sluit de beraadslaging als hij
                                                vaststelt dat een onderwerp of voorstel voldoende is
                                                toegelicht of besproken, tenzij de raad anders
                                                beslist. </al></li></lijst></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14.</nr><titel>Ter inzage leggen van stukken</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Stukken die ter toelichting van de onderwerpen of voorstellen op
                                    een voorlopige agenda dienen, worden gelijktijdig met het
                                    verzenden van de schriftelijke oproep op het gemeentehuis ter
                                    inzage gelegd. Als na het verzenden van de schriftelijke oproep
                                    stukken ter inzage worden gelegd, wordt hiervan mededeling
                                    gedaan aan de leden van de raad en zo mogelijk door middel van
                                    openbare kennisgeving;</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Als omtrent stukken op grond van artikel 25, eerste of tweede
                                    lid, van de Gemeentewet geheimhouding is opgelegd, blijven deze
                                    stukken in afwijking van het eerste en tweede lid onder
                                    berusting van de griffier en verleent deze de raadsleden op
                                    verzoek inzage;</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De stukken welke dienen ter toelichting van de raadsvoorstellen
                                    worden ter inzage gelegd in de leeskamer van de raad voor de
                                    leden van de raad en de door de fracties aangewezen
                                    fractieassistenten bedoeld in artikel 5 van dit reglement. De
                                    terinzagelegging geschiedt in de regel gelijktijdig met het
                                    verzenden van voorstellen aan de raad. Indien na dat tijdstip
                                    stukken ter inzage worden gelegd wordt hiervan mededeling gedaan
                                    aan de hiervoor bedoelde personen. De ter inzage legging duurt
                                    tot en met de Besluitvormende Raadsvergadering;</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De in het vierde lid bedoelde personen mogen een origineel van
                                    een ter inzage gelegd stuk niet buiten het gemeentehuis brengen.
                                    Een kopie van een ter inzage gelegd stuk mag slechts voor eigen
                                    gebruik buiten het gemeentehuis worden gebracht;</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>In afwijking van het bepaalde in het vierde lid blijven stukken,
                                    omtrent wier inhoud ingevolge artikel 25, eerste dan wel tweede
                                    lid van de Gemeentewet geheimhouding is opgelegd, onder
                                    berusting van de griffier, die de leden van de raad inzage
                                    verstrekt indien daarom wordt gevraagd;</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>De overige stukken die in de leeskamer van de raad aanwezig
                                    zijn, zijn eveneens uitsluitend bestemd voor raadsleden en
                                    fractieassistenten;</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>De voorzitter kan toestaan, dat anderen dan de leden de ter
                                    inzage liggende stukken inzien. Hij informeert daarover de
                                    raad;</al></lid><lid><lidnr>8.</lidnr><al>Het is niet toegestaan stukken waarop de aanduiding
                                    niet-openbaar staat vermeld aan anderen te verstrekken;</al></lid><lid><lidnr>9.</lidnr><al>Het is niet toegestaan de inhoud van de stukken waarop de
                                    aanduiding vertrouwelijk staat vermeld aan anderen kenbaar te
                                    maken;</al></lid><lid><lidnr>10.</lidnr><al>Indien één van de leden van de raad vindt dat ten onrechte op
                                    het stuk de aanduiding niet-openbaar of vertrouwelijk is
                                    aangegeven kan hij het college van burgemeester en wethouders of
                                    de burgemeester (voor zover het om een bevoegdheid van dat
                                    orgaan gaat) of een bestuurscommissie of onderzoekscommissie
                                    voor zover die stukken aan de raad hebben doen toekomen, via de
                                    griffier verzoeken de aanduiding te veranderen of te
                                    verwijderen. Als het lid van de raad zich niet kan verenigen met
                                    de beslissing van het bevoegde orgaan zal de voorzitter het
                                    verzoek bespreken met het fractievoorzittersoverleg. Zolang door
                                    het bevoegde orgaan geen ander besluit is genomen geldt voor de
                                    stukken met de aanduiding niet openbaar of vertrouwelijk het
                                    bepaalde in de leden 9 en 10 van dit artikel;</al></lid><lid><lidnr>11.</lidnr><al>De besluitenlijsten van de vergaderingen van burgemeester en
                                    wethouders worden wekelijks uiterlijk op woensdagmiddag in de
                                    leeskamer ter inzage gelegd en ook elektronisch toegankelijk
                                    gemaakt. De schriftelijke mededelingen aan de pers over de
                                    besluiten van het college van burgemeester en wethouders worden
                                    tegelijk ook aan de raadsleden en fractie-assistenten kenbaar
                                    gemaakt. De niet-openbare besluitenlijst van het college van
                                    burgemeester en wethouders heeft een vertrouwelijk
                                    karakter.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15.</nr><titel>Openbare kennisgeving</titel></kop><al>Raadsvergaderingen worden ten openbare kennis gebracht door
                                aankondiging in de lokale media waaronder de gemeentelijke
                                website.</al></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>2.</nr><titel>De Besluitvormende Raadsvergadering</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16.</nr><titel>Verhindering</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het raadslid dat verhinderd is de vergadering bij te wonen geeft
                                    daarvan zo spoedig mogelijk voor de aanvang van de vergadering
                                    kennis aan de griffier;</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien een lid de vergadering blijvend verlaat voordat deze is
                                    gesloten geeft hij daarvan kennis aan de griffier die de
                                    voorzitter verwittigt.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17.</nr><titel>Presentielijst</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De griffier draagt zorg voor het bijhouden van presentielijsten
                                    van raadsvergaderingen;</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij binnenkomst in de vergaderzaal tekenen raadsleden de
                                    presentielijst. Aan het einde van elke raadsvergadering wordt
                                    die lijst door de voorzitter en de griffier door ondertekening
                                    vastgesteld.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18.</nr><titel>Zitplaatsen</titel></kop><al>De voorzitter, de leden van de gemeenteraad, de griffier, alsmede de
                                wethouders die voor de vergadering zijn uitgenodigd, hebben een
                                vaste zitplaats, door de voorzitter aangewezen, na overleg met de
                                fractievoorzitters bij iedere nieuwe zittingsperiode van de raad. De
                                indeling kan indien daartoe aanleiding bestaat, door de voorzitter,
                                worden herzien na overleg met de fractievoorzitters.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19.</nr><titel>Spreekrecht</titel></kop><al>Het is niet mogelijk in te spreken in de Besluitvormende
                                Raadsvergadering.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20.</nr><titel>Spreekregels</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De leden spreken vanaf hun plaats of van de spreekplaats en
                                    richten zich tot de voorzitter;</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij bijzondere gelegenheden kan de voorzitter bepalen dat de
                                    leden vanaf een andere plaats spreken.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>21.</nr><titel>Volgorde sprekers</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een lid voert slechts het woord na het aan de voorzitter
                                    gevraagd en van hem verkregen te hebben;</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De voorzitter verleent de leden het woord in de volgorde, waarin
                                    zij het hebben gevraagd, met dien verstande dat over een
                                    initiatiefvoorstel, inlichtingen als bedoeld in artikel 48, een
                                    ingediende vraag, een amendement, een subamendement, een
                                    voorstel van orde of motie, allereerst de indiener
                                    respectievelijk de voorsteller het woord mag voeren ter
                                    toelichting;</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De volgorde kan worden verbroken wanneer een lid het woord
                                    vraagt over een persoonlijk feit, over de vaststelling van een
                                    te beslissen vraagpunt, of om een voorstel van orde in te
                                    dienen;</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De voorzitter verleent het woord over een persoonlijk feit niet,
                                    dan nadat het betrokken lid een beknopte aanduiding van het feit
                                    heeft gegeven;</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Ingeval van twijfel of er een persoonlijk feit aanwezig is,
                                    raadpleegt de voorzitter de raad, die zonder voorafgaande
                                    bespreking beslist.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>22.</nr><titel>Aantal spreektermijnen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Beraadslaging over onderwerpen of voorstellen geschiedt in ten
                                    hoogste twee termijnen, tenzij de raad anders beslist;</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij de beraadslaging over een voorstel van het college van
                                    burgemeester en wethouders antwoorden de leden van het college
                                    die daartoe vanuit de raad worden uitgenodigd en in het
                                    bijzonder het lid van het college die de portefeuille beheert
                                    waartoe het onderwerp behoort, in twee termijnen op de gestelde
                                    vragen, tenzij de raad anders beslist;</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Spreektermijnen worden door de voorzitter afgesloten;</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Raadsleden mogen in een termijn niet meer dan éénmaal het woord
                                    voeren over hetzelfde onderwerp of voorstel;</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Het vierde lid is niet van toepassing op een raadslid dat een
                                    amendement, een subamendement, een motie of een
                                    initiatiefvoorstel heeft ingediend, ten aanzien van de
                                    beraadslaging over het door dat raadslid ingediende;</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Bij de bepaling hoeveel malen een raadslid over hetzelfde
                                    onderwerp of voorstel het woord heeft gevoerd, wordt niet
                                    meegerekend het spreken over een voorstel van orde.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>23.</nr><titel>Spreektijd</titel></kop><al>De raad kan op voorstel van de voorzitter regels stellen omtrent de
                                spreektijd der leden.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>24.</nr><titel>Deelname aan de beraadslaging door anderen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Onverminderd artikel 21 van de Gemeentewet kan de raad op enig
                                    moment besluiten dat anderen mogen deelnemen aan de
                                    beraadslaging;</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een besluit daartoe wordt op voorstel van de voorzitter van de
                                    voorzitter of één van de leden van de raad genomen alvorens met
                                    de beraadslaging ten aanzien van het aan de orde zijnde
                                    agendapunt een aanvang wordt genomen;</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Op degene die op grond van dit artikel is toegelaten deel te
                                    nemen aan de beraadslaging zijn de bepalingen van dit reglement
                                    van toepassing.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>25.</nr><titel>Handhaving orde en schorsing;</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een spreker mag in zijn rede niet worden gestoord, tenzij de
                                    voorzitter het nodig oordeelt hem aan het opvolgen van dit
                                    reglement te herinneren. Interrupties zijn toegestaan, tenzij de
                                    voorzitter beslist, dat een spreker zijn betoog zonder verdere
                                    interrupties zal afronden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien een lid zich beledigende of onbetamelijke uitdrukkingen
                                    veroorlooft, afwijkt van het onderwerp in behandeling, een
                                    spreker herhaaldelijk interrumpeert, dan wel anderszins de orde
                                    verstoort, wordt hij door de voorzitter tot de orde geroepen.
                                    Indien het desbetreffende lid hieraan geen gevolg geeft, kan de
                                    voorzitter hem gedurende de vergadering, waarin zulks plaats
                                    heeft, over het aanhangige onderwerp het woord ontzeggen of een
                                    voorstel aan de raad doen om hem het verdere verblijf in de
                                    vergadering te ontzeggen, overeenkomstig artikel 26, lid 3 van
                                    de Gemeentewet;</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De voorzitter kan ter handhaving van de orde de vergadering voor
                                    een door hem te bepalen tijd schorsen en – indien na de
                                    heropening de orde opnieuw wordt verstoord – de vergadering
                                    sluiten.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>26.</nr><titel>Voorstellen van orde</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Raadsleden en de voorzitter kunnen tijdens de
                                        Besluitvormende Raadsvergadering mondeling een voorstel van
                                        orde betreffende de vergadering indienen. De raad beslist
                                        hier terstond over;</al></li><li nr="2."><al>Een voorstel van orde kan gaan over: </al><lijst><li nr="-"><al>afzonderlijke beraadslaging over één of meer
                                                onderdelen van een voorstel;</al></li><li nr="-"><al>gelijktijdige behandeling van twee of meer
                                                onderwerpen;</al></li><li nr="-"><al>behandeling van een onderwerp eerst in het algemeen
                                                en daarna in artikelen of andere </al></li></lijst></li></lijst><al> onderwerpen;</al><lijst><li nr="-"><al>vaststelling van maximale spreektijden over een bepaald
                                        onderwerp;</al></li><li nr="-"><al>beperking of uitbreiding van het aantal termijnen van
                                        beraadslaging;</al></li><li nr="-"><al>sluiting van de beraadslaging, dan wel verdaging van de
                                        beslissing over een onderwerp;</al></li><li nr="-"><al>schorsing of verdaging van de vergadering;</al></li><li nr="-"><al>andere voorstellen die de orde van de vergadering
                                        betreffen;</al><lijst><li nr="3."><al>Over een voorstel van orde wordt slechts in één
                                                termijn het woord gevoerd;</al></li><li nr="4."><al>Een voorstel van orde gaat voor alle andere
                                                voorstellen;</al></li><li nr="5."><al>Op verzoek van een lid van de raad of op voorstel
                                                van de voorzitter kan de raad besluiten de
                                                beraadslaging voor een door hem te bepalen tijd te
                                                schorsen teneinde burgemeester en wethouders of de
                                                leden de gelegenheid te geven tot onderling nader
                                                beraad. De beraadslagingen worden hervat nadat de
                                                schorsingsperiode verstreken is.</al></li></lijst></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>27.</nr><titel>Stemverklaring in de Besluitvormende Raadsvergadering</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Voordat de raad tot stemming overgaat, kunnen raadsleden hun
                                    voorgenomen stemgedrag toelichten;</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Voordat de stemming over het voorstel in zijn geheel
                                    plaatsvindt, formuleert de voorzitter het voorstel voor de te
                                    nemen beslissing. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>28.</nr><titel>Stemming; procedure hoofdelijke stemming</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De voorzitter vraagt de raadsleden of zij stemming verlangen. Is
                                    dit niet het geval dan stelt de voorzitter vast dat het voorstel
                                    zonder stemming is aangenomen;</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Als een voorstel zonder stemming wordt aangenomen kunnen de in
                                    de raadsvergadering aanwezige raadsleden aantekening in het
                                    verslag vragen, dat zij geacht willen worden te hebben
                                    tegengestemd of overeenkomstig artikel 28 van de Gemeentewet
                                    niet aan de stemming te hebben deelgenomen;</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Als een raadslid om stemming of hoofdelijke stemming vraagt,
                                    doet de voorzitter daarvan mededeling aan de raad;</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Voor het houden van een eerste stemming in een vergadering trekt
                                    de voorzitter een nummer uit een daarvoor bestemde schaal met
                                    daarin de nummers 1 tot en met 29;</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De leden nemen aan elke in een vergadering te houden stemming
                                    deel na hoofdelijke oproeping door de voorzitter, te beginnen
                                    bij het lid waarvan de handtekening op de presentielijst en het
                                    daarbij geplaatste nummer overeenstemt met het in het vorige lid
                                    bedoelde nummer; vervolgens geschiedt de stemming naar de
                                    volgorde van de presentielijst;</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Bij hoofdelijke stemming is ieder ter vergadering aanwezig lid
                                    dat zich niet van deelneming aan de stemming moet onthouden
                                    verplicht zijn stem uit te brengen, zie hiervoor ook artikel 32,
                                    lid 2 van de Gemeentewet;</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>De leden brengen hun stem uit door het woord ‘voor’ of ‘tegen’
                                    uit te spreken, zonder enige toevoeging;</al></lid><lid><lidnr>8.</lidnr><al>Bij hoofdelijke stemming brengen ter vergadering aanwezig
                                    raadsleden, tenzij zij overeenkomstig artikel 28 van de
                                    Gemeentewet niet aan de stemming deel behoren te nemen, hun stem
                                    uit door 'voor' of 'tegen' uit te spreken, zonder enige
                                    toevoeging;</al></lid><lid><lidnr>9.</lidnr><al>Een raadslid dat zich bij het uitbrengen van zijn stem vergist,
                                    kan deze vergissing herstellen totdat het volgende raadslid
                                    heeft gestemd. Bemerkt het raadslid zijn vergissing pas later,
                                    dan kan deze nadat de voorzitter de uitslag van de stemming
                                    bekend heeft gemaakt aantekening vragen van zijn vergissing. Dit
                                    brengt geen verandering in de uitslag van de stemming;</al></lid><lid><lidnr>10.</lidnr><al>De voorzitter deelt de uitslag na afloop van de stemming mede,
                                    met vermelding van het aantal uitgebrachte stemmen voor en
                                    stemmen tegen. Hij doet daarbij tevens mededeling van het
                                    genomen besluit.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>29.</nr><titel>Volgorde stemming over amendementen en moties</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Als een amendement op een aanhangig voorstel is ingediend, wordt
                                    eerst over dat amendement gestemd en vervolgens over het
                                    voorstel zoals het dan luidt in zijn geheel;</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Als een subamendement is ingediend, wordt eerst over het
                                    subamendement gestemd en vervolgens over het amendement waarop
                                    dat betrekking heeft;</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien meerdere amendementen of subamendementen op een aanhangig
                                    voorstel zijn ingediend, bepaalt de voorzitter de volgorde
                                    waarin hierover zal worden gestemd, daarbij geldt, onverminderd
                                    het eerste en tweede lid, dat eerst over het meest verstrekkende
                                    amendement of subamendement wordt gestemd;</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Als aangaande een aanhangig voorstel een motie is ingediend,
                                    wordt eerst over de motie gestemd en vervolgens over het
                                    voorstel; </al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Bij een motie over een afzonderlijk onderwerp geldt dit
                                    uiteraard niet en is het vierde lid niet van toepassing;</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Indien over de toepassing van dit artikel verschil van mening
                                    bestaat beslist de raad. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>30.</nr><titel>Stemming over personen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Bij stemming over personen voor voordrachten of het opstellen
                                    van voordrachten of aanbevelingen, benoemt de voorzitter drie
                                    raadsleden tot stembureau. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Aanwezige raadsleden zijn verplicht een door het stembureau
                                    verstrekt stembriefje in te leveren, tenzij zij overeenkomstig
                                    artikel 28 van de Gemeentewet niet aan de stemming deel behoren
                                    te nemen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Er hebben zoveel stemmingen plaats als er personen zijn te
                                    benoemen, voor te dragen of aan te bevelen. De raad kan op
                                    voorstel van het stembureau beslissen dat bepaalde stemmingen
                                    worden samengevat op één briefje.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het stembureau onderzoekt of het aantal ingeleverde stembriefjes
                                    gelijk is aan het aantal leden dat ingevolge het tweede lid
                                    verplicht is een stembriefje in te leveren. Wanneer de aantallen
                                    niet gelijk zijn worden de stembriefjes vernietigd zonder deze
                                    te openen en wordt een nieuwe stemming gehouden.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Voor het bepalen van de volstrekte meerderheid als bedoeld in
                                    artikel 30 van de Gemeentewet worden geacht geen stem te hebben
                                    uitgebracht die leden die geen behoorlijk stembriefje hebben
                                    ingeleverd. Onder een niet behoorlijk ingevuld stembriefje wordt
                                    verstaan:</al><lijst><li nr="-"><al>een blanco ingevuld stembriefje;</al></li><li nr="-"><al>een ondertekend stembriefje;</al></li><li nr="-"><al>een stembriefje waarop meer dan één naam is vermeld,
                                            tenzij de stemming </al></li><li nr="-"><al>verschillende vacatures betreft;</al></li><li nr="-"><al>een stembriefje waarbij, indien het een benoeming op een
                                            voordracht betreft,</al></li><li nr="-"><al>op een persoon wordt gestemd die niet is
                                            voorgedragen;</al></li><li nr="-"><al>een stembriefje waarbij op een andere persoon wordt
                                            gestemd dan die waartoe de stemming is beperkt. </al></li></lijst></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>In geval van twijfel over de inhoud van een stembriefje beslist
                                    de raad op voorstel van de voorzitter;</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>Onder de zorg van de griffier worden de stembriefjes
                                    onmiddellijk na vaststelling van de uitslag vernietigd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>31.</nr><titel>Herstemmen over personen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Wanneer bij de eerste stemming niemand de volstrekte meerderheid
                                    heeft verkregen, wordt tot een tweede stemming overgegaan;</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Wanneer ook bij deze tweede stemming door niemand de volstrekte
                                    meerderheid is verkregen, heeft een derde stemming plaats tussen
                                    twee personen, die bij de tweede stemming de meeste stemmen op
                                    zich hebben verenigd (herstemming). Zijn bij de tweede stemming
                                    de meeste stemmen over meer dan twee personen verdeeld, dan
                                    wordt bij een tussenstemming uitgemaakt tussen welke twee
                                    personen de derde stemming zal plaatshebben;</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien bij tussenstemming of bij de derde stemming de stemmen
                                    staken beslist terstond het lot.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>32.</nr><titel>Beslissing door het lot.</titel></kop><al>1.Wanneer het lot moet beslissen, worden de namen van hen tussen wie
                                de beslissing moet </al><al>plaatshebben, door de voorzitter op afzonderlijke, geheel gelijke,
                                briefjes geschreven;</al><lijst><li nr="2."><al>Deze briefjes worden, nadat zij door het stembureau zijn
                                        gecontroleerd, op gelijke wijze gevouwen, in een stembokaal
                                        gedeponeerd en omgeschud;</al></li><li nr="3."><al>Vervolgens neemt de voorzitter één van de briefjes uit de
                                        stembokaal. Degene wiens naam op dit briefje voorkomt is
                                        gekozen.</al></li></lijst></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>3.</nr><titel>Verslaglegging; ingekomen stukken</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>33.</nr><titel>Verslag en besluitenlijst</titel></kop><al>1.De griffier draagt zorg voor verslagen en besluitenlijsten van de
                                Opiniërende Raadsbijeenkomst en de Besluitvormende Raadsvergadering.
                                Een verslag bevat in ieder geval:</al><al>a.de namen van de voorzitter, de griffier, de wethouders, de
                                raadsleden en de fractieassistenten allen voor zover aanwezig,
                                alsmede van de overige personen die het woord gevoerd hebben;</al><al>b.een aantekening van welke raadsleden afwezig waren;</al><al>c.een vermelding van de zaken die aan de orde zijn geweest;</al><al>d.een zakelijke samenvatting van het gesprokene met vermelding van
                                de namen van de sprekers;</al><al>e.een overzicht van het verloop van elke stemming, met vermelding
                                bij hoofdelijke stemming van de namen van de raadsleden die voor of
                                tegen stemden, onder aantekening van de namen van de raadsleden die
                                zich overeenkomstig de Gemeentewet van stemming hebben onthouden of
                                zich bij het uitbrengen van hun stem hebben vergist;</al><al>f.de tekst van de ter vergadering ingediende initiatiefvoorstellen,
                                voorstellen van orde, moties, amendementen en subamendementen;</al><al>g.bij het desbetreffende agendapunt, de naam en de hoedanigheid van
                                die personen aan wie het op grond van het bepaalde in artikel 21
                                door de raad is toegestaan deel te nemen aan de
                                beraadslagingen.</al><al>2.Een conceptverslag wordt gelijktijdig met de verzending aan de
                                raadsleden (per e-mail) verzonden aan de overige personen die het
                                woord hebben gevoerd in de raadsvergadering waarop het betrekking
                                heeft;</al><al>3.Vastgestelde verslagen worden ondertekend door de voorzitter en
                                griffier;</al><al>4.Voor zover de aard en de inhoud van de besluitvorming zich
                                daartegen niet verzet, wordt de besluitenlijst zo spoedig mogelijk
                                na de raadsvergadering openbaar gemaakt op de in de gemeente
                                gebruikelijke wijze;</al><lijst><li nr="5."><al>Als verslagen en besluitenlijsten elektronisch beschikbaar
                                        zijn, worden ze op de website van de gemeente
                                        geplaatst;</al></li><li nr="6."><al>De raad kan bepalen dat van de notulen ook deel uitmaken de
                                        tekst van algemene beschouwingen van de leden van de raad
                                        over de begroting die aan de raad worden overgelegd maar
                                        niet tijdens de vergadering worden uitgesproken;</al></li><li nr="7."><al>De leden en de overige personen die het woord gevoerd hebben
                                        en aan wie het ontwerp van de notulen zijn toegezonden
                                        kunnen uiterlijk een dag voor de vergadering hun opmerkingen
                                        ten aanzien van de notulen ter kennis brengen van de
                                        griffier.</al></li><li nr="8."><al>Indien de conceptnotulen aanleiding geven tot op- of
                                        aanmerkingen legt de voorzitter deze voor aan de
                                        vergadering. Indien deze een op- of aanmerking als gegrond
                                        erkent, wordt de verlangde wijziging aangebracht door deze
                                        op te nemen in de notulen van de vergadering waarin het
                                        besluit tot wijziging wordt genomen. Op de vast te stellen
                                        notulen wordt hiervan een aantekening gemaakt;</al></li><li nr="9."><al>De verslaglegging van de Opiniërende Raadsbijeenkomst en de
                                        Besluitvormende Raadsvergadering wordt gebundeld verzonden
                                        aan de leden van de gemeenteraad en het college van
                                        burgemeester en wethouders.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>34.</nr><titel>Ingekomen stukken</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Alle aan de raad gerichte brieven en andere stukken worden
                                    direct na ontvangst in de leeskamer van de raad ter inzage
                                    gelegd in een daarvoor bestemde ordner op een daarvoor bestemde
                                    plaats. Tevens worden deze stukken vermeld op een bij de ordner
                                    ter inzage liggende lijst. De leden van de raad worden
                                    onverwijld in kennis gesteld van de ter inzagelegging. Dit geldt
                                    niet voor de brieven die worden ontvangen in het kader van een
                                    wettelijke procedure waarbij uitdrukkelijk de gelegenheid is
                                    gegeven een zienswijze omtrent een voornemen betreffende de
                                    totstandkoming van een raadsbesluit kenbaar te maken. In het
                                    geval als bedoeld in de vorige zin wordt de raad onverwijld in
                                    kennis gesteld van de kennisgeving waarbij mededeling wordt
                                    gedaan van de mogelijkheid om zienswijzen kenbaar te maken. De
                                    kenbaar gemaakte zienswijzen worden aan de raad kenbaar gemaakt
                                    in samenhang met het raadsvoorstel gericht op de totstandkoming
                                    van een raadsbesluit waarop de zienswijzen betrekking
                                    hebben.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Tenzij de raad een andere regeling heeft vastgesteld voor de
                                    afdoening van de ingekomen stukken, stelt de raad na de
                                    vaststelling van de notulen op voorstel van het college de wijze
                                    van afdoening van de ingekomen stukken vast.</al></lid></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>4.</nr><titel>Besloten raadsvergaderingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>35.</nr><titel>Toepassing reglement op besloten vergaderingen</titel></kop><al>Op besloten raadsvergaderingen is dit reglement van overeenkomstige
                                toepassing voor zover dat niet strijdig is met het besloten karakter
                                van de vergadering.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>36.</nr><titel>Verslag besloten vergadering</titel></kop><al>1.Conceptverslagen en -besluitenlijsten van besloten
                                raadsvergaderingen worden niet verspreid, maar uitsluitend voor de
                                raadsleden ter inzage gelegd in de leeskamer;</al><al>2.Deze verslagen en besluitenlijsten worden zo spoedig mogelijk in
                                een besloten raadsvergadering ter vaststelling aangeboden. Tijdens
                                deze vergadering neemt de raad een besluit over het al dan niet
                                openbaar maken van het vastgestelde verslag en de besluitenlijst. </al><al>3.De vastgestelde verslagen en besluitenlijsten worden door de
                                voorzitter en de griffier ondertekend.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>37.</nr><titel>Geheimhouding</titel></kop><al>Voor de afloop van de besloten vergadering beslist de raad of
                                omtrent de inhoud van de stukken en het verhandelde geheimhouding
                                zal gelden. De raad kan besluiten de geheimhouding op te
                                heffen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>38.</nr><titel>Opheffing geheimhouding</titel></kop><al>Als de raad op grond van de artikelen 25, derde en vierde lid, 55,
                                tweede en derde lid, of 86, tweede en derde lid, van de Gemeentewet
                                voornemens is de geheimhouding op te heffen, wordt, als het orgaan
                                dat geheimhouding heeft opgelegd daarom verzoekt, daarover in een
                                besloten raadsvergadering met het desbetreffende orgaan overleg
                                gevoerd.</al></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>5.</nr><titel>Toehoorders en pers</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>39.</nr><titel>Toehoorders en pers</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Toehoorders en vertegenwoordigers van de pers wonen openbare
                                    raadsvergaderingen uitsluitend bij op de voor hen bestemde
                                    plaatsen;</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het blijkgeven van tekenen van goed- of afkeuring (als ook
                                    spandoeken en tekstborden) of het op andere wijze verstoren van
                                    de orde is hen verboden. Een en ander is ter beoordeling van de
                                    voorzitter;</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De voorzitter is bevoegd toehoorders die bij herhaling de orde
                                    in de vergadering verstoren voor ten hoogste drie maanden de
                                    toegang tot de vergadering te ontzeggen (zie hiervoor artikel
                                    26, lid 2 van de Gemeentewet).</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>40.</nr><titel>Geluid- en beeldregistraties</titel></kop><al>Degenen die van een openbare raadsvergadering geluid- of
                                beeldregistraties willen maken, doen hiervan mededeling aan de
                                voorzitter en gedragen zich naar diens aanwijzingen.</al></artikel></paragraaf></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3.</nr><titel>Bevoegdheden, instrumenten raadsleden</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>41.</nr><titel>Amendementen en subamendementen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Ieder lid dat in de Besluitvormende Raadsvergadering aanwezig is, is
                                bevoegd wijzigingen voor te stellen op het voorgestelde besluit
                                (amendementen). Ook kan hij voorstellen, het voorgestelde besluit in
                                een of meer onderdelen te splitsen, waarover afzonderlijke
                                besluitvorming zal plaatsvinden. Raadsleden dienen amendementen en
                                subamendementen voor het sluiten van de beraadslaging van het
                                voorstel waarop deze betrekking hebben in bij de voorzitter;</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Ieder lid dat in de vergadering aanwezig is, is bevoegd op het
                                amendement dat door een lid is ingediend, een wijziging voor te
                                stellen (subamendement);</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Elk (sub-)amendement en elk voorstel moet schriftelijk of
                                elektronisch bij de voorzitter worden ingediend, tenzij de
                                voorzitter – met het oog op het eenvoudige karakter van het
                                voorgestelde – oordeelt, dat met een mondelinge indiening kan worden
                                volstaan;</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Een (sub-)amendement dient zodanig te zijn geformuleerd dat de tekst
                                ervan geschikt is om in het ontwerpbesluit te worden verwerkt;</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Intrekking, door de indiener(s), van het subamendement is mogelijk
                                totdat de besluitvorming door de vergadering heeft
                                plaatsgevonden.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>42.</nr><titel>Moties</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Raadsleden dienen in de Besluitvormende Raadsvergadering moties
                                schriftelijk in bij de voorzitter;</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De behandeling van een motie vindt gelijktijdig plaats met de
                                beraadslaging over het onderwerp of voorstel waarop het betrekking
                                heeft;</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Een motie over een niet op de agenda opgenomen onderwerp – motie
                                vreemd aan de orde – moet tenminste 24 uur voor de aanvang van de
                                vergadering schriftelijk bij de voorzitter ingediend worden;</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De behandeling van een motie over een niet op de agenda opgenomen
                                onderwerp vindt plaats nadat alle op de agenda opgenomen onderwerpen
                                zijn behandeld (bij het Vragenkwartier);</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Intrekking door de indiener van een motie is mogelijk totdat de
                                besluitvorming daarover door de raad is afgerond.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>43.</nr><titel>Initiatiefvoorstel</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een initiatiefvoorstel moet - behoudens in spoedeisend geval –
                                tenminste vier dagen voor de aanvang van de Opiniërende
                                Raadsbijeenkomst schriftelijk of elektronisch door de voorsteller(s)
                                worden ingediend bij de voorzitter;</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Behandeling van het initiatiefvoorstel vindt plaats in de
                                eerstvolgende Opiniërende Raadsbijeenkomst en besluitvorming in de
                                Besluitvormende Raadsvergadering van dezelfde vergadercyclus, tenzij
                                het College aangeeft, om duidelijk moverende redenen, niet in staat
                                te zijn tijdig te reageren met wensen en bedenkingen. Een besluit
                                kan ook inhouden om het initiatiefvoorstel in handen te stellen van
                                burgemeester en wethouders om inhoudelijk advies;</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het voorstel wordt door de voorzitter zo spoedig mogelijk
                                schriftelijk of elektronisch ter kennis gebracht van de leden en op
                                de agenda van de eerstkomende Opiniërende Raadsbijeenkomst
                                geplaatst;</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De raad stelt het college in de gelegenheid wensen en bedenkingenken
                                kenbaar te maken op het initiatiefvoorstel in de periode tussen
                                Opiniërende Raadsbijeenkomst en Besluitvormende Raadsvergadering.
                                Het college maakt zijn mening omtrent een aan hem voorgelegd
                                initiatiefvoorstel schriftelijk aan de raad kenbaar. Deze
                                schriftelijke reactie dient ten minste twee dagen voor de
                                Besluitvormende Raadsvergadering elektronisch aan de raad te worden
                                gestuurd;</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Een voorstel kan te allen tijde door degene die het heeft ingediend
                                worden ingetrokken.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>44.</nr><titel>Collegevoorstel</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een voorstel van het college aan de raad dat vermeld staat op de
                                voorlopige agenda van de Besluitvormende Raadsvergadering, kan niet
                                worden ingetrokken zonder toestemming van de raad;</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Als de raad van oordeel is dat een voorstel als bedoeld in het
                                eerste lid voor advies terug aan het college dient te worden
                                gezonden, bepaalt de raad binnen welke termijn het voorstel opnieuw
                                geagendeerd wordt.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>45.</nr><titel>Interpellatie</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Indien een lid van oordeel is dat het college van burgemeester
                                    en wethouders over een onderwerp, dat niet op de voorlopige
                                    agenda van de Besluitvormende Raadsvergadering voorkomt, aan de
                                    gemeenteraad inlichtingen dient te verstrekken omtrent het door
                                    hem gevoerde bestuur, vraagt deze bij de voorzitter een
                                    interpellatie aan;</al></li><li nr="2."><al>Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing ten aanzien van
                                    de burgemeester voor het door hem als bestuursorgaan van de
                                    gemeente gevoerde bestuur;</al></li><li nr="3."><al>Het verzoek tot het houden van een interpellatie wordt,
                                    behoudens in naar het oordeel </al></li></lijst><al>van de voorzitter spoedeisende gevallen, tenminste 48 uur voor de
                            aanvang van de vergadering schriftelijk of elektronisch bij de
                            voorzitter ingediend. Het verzoek bevat een duidelijke omschrijving van
                            het onderwerp waarover inlichtingen worden verlangd alsmede de te
                            stellen vragen;</al><lijst><li nr="4."><al>De voorzitter brengt de inhoud van het verzoek zo spoedig
                                    mogelijk ter kennis van de overige leden. Bij de behandeling van
                                    de ingekomen stukken van de eerstvolgende vergadering na
                                    indiening wordt het verzoek in stemming gebracht. De raad
                                    bepaalt op welk tijdstip tijdens de vergadering de interpellatie
                                    zal worden gehouden;</al></li><li nr="5."><al>De interpellant voert niet meer dan tweemaal het woord, de
                                    overige leden niet meer dan eenmaal, tenzij de raad hen hiertoe
                                    verlof geeft.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>46.</nr><titel>Schriftelijke vragen buiten de vergadering om.</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Ieder lid kan, ook wanneer geen vergadering wordt gehouden aan
                                    de burgemeester of aan burgemeester en wethouders schriftelijke
                                    vragen stellen. De voorzitter van de raad wordt van de gestelde
                                    vragen in kennis gesteld;</al></li><li nr="2."><al>De voorzitter draagt er zorg voor dat de andere leden
                                    onmiddellijk van de vragen in kennis worden gesteld. Gelijke
                                    kennisgeving vindt plaats aan de plaatselijke dag- en/of
                                    nieuwsbladen;</al></li><li nr="3."><al>De vragen worden zo spoedig mogelijk maar in ieder geval binnen
                                    vier weken na ontvangst </al></li></lijst><al>Beantwoord;</al><al>4.De voorzitter en leden van de raad worden van de gegeven antwoorden in
                            kennis gesteld. Gelijke mededeling vindt plaats dag- en/of
                            nieuwsbladen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>47.</nr><titel>Vragenkwartier</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Tijdens de Besluitvormende Raadsvergadering wordt na de
                                ‘agendapunten ter besluitvorming’ een vragenkwartier ten behoeve van
                                de leden gehouden;</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De vragen moeten tenminste 24 uur voor de aanvang van de vergadering
                                schriftelijk bij de voorzitter ingediend worden;</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De voorzitter stelt de indiener van de vraag in de gelegenheid zijn
                                vragen kort toe te lichten;</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De vragen worden in de regel onmiddellijk ter vergadering
                                beantwoord. De beraadslaging over de antwoorden vindt plaats met
                                inachtneming van artikel 22;</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Bij het Vragenkwartier worden ook moties vreemd aan de orde
                                behandeld met inachtneming van artikel 42 en artikel 22. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>48.</nr><titel>Inlichtingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Raadsleden dienen verzoeken tot inlichtingen als bedoeld in de
                                artikelen 169, derde lid, en 180, derde lid, van de Gemeentewet
                                schriftelijk in bij de griffier;</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De griffier brengt de inhoud van het verzoek zo spoedig mogelijk ter
                                kennis van de overige raadsleden en het college of de
                                burgemeester;</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De verlangde inlichtingen worden mondeling of schriftelijk in de
                                eerstvolgende of in de daarop volgende vergadering gegeven;</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De gestelde vragen en het antwoord vormen een agendapunt voor de
                                vergadering, waarin de antwoorden zullen worden gegeven.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>4.</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>49.</nr><titel>Uitleg reglement</titel></kop><al>In gevallen waarin dit reglement niet voorziet of bij twijfel omtrent de
                            toepassing van het reglement, beslist de raad op voorstel van de
                            voorzitter.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>50.</nr><titel>Intrekken oude reglement</titel></kop><al>Het Reglement van orde voor de vergaderingen van de raad 2015 wordt
                            ingetrokken.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>51.</nr><titel>Inwerkingtreding en citeertitel</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Dit reglement treedt in werking op 4 maart 2016</al></li><li nr="2."><al>Dit reglement wordt aangehaald als: Reglement van orde voor
                                    vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad gemeente Soest
                                    2016.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Soest, 3 maart 2016</ondertekening><ondertekening>de raad voornoemd, </ondertekening><ondertekening>de griffier, de voorzitter,</ondertekening><ondertekening>M.van Vliet MPM AA R.T. Metz</ondertekening><ondertekening/></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>