<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR398568_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verzuimregeling BAR-organisatie</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:RegionaalSamenwerkingsorgaan">BAR-organisatie</dcterms:creator><dcterms:modified>2016-03-07</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Barendrecht</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Albrandswaard</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Ridderkerk</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2014-40106.html">Elektronisch gemeenteblad, 2014, 40106</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verzuimregeling BAR-organisatie</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0003740&amp;artikel=30">Wet gemeenschappelijke regelingen, art. 30</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeenschappelijke regeling BAR-organisatie</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">CAR-UWO, art. 7:9, lid 4</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanRegionaalSamenwerkingsorgaan">algemeen bestuur</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2013-12-24</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2014-07-18</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:terugwerkendekrachtDatum>2014-01-01</overheidrg:terugwerkendekrachtDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2020-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend.</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>personeel en organisatie</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verzuimregeling BAR-organisatie</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>Het Algemeen bestuur van de Gemeenschappelijke regeling BAR-organisatie</al><al>besluit:</al><al/><al>- gelet op artikel 30 Wet gemeenschappelijke regelingen jo.
                        Gemeenschappelijke regeling BAR-organisatie;</al><al>- gelet op artikel 7:9 lid 4 van de CAR-UWO;</al><al>- gelet op overeenstemming met de medezeggenschap;</al><al/><al>tot het vaststellen van de navolgende regeling en deze op te nemen in de
                        arbeidsvoorwaardenregeling van de Gemeenschappelijke regeling
                        BAR-organisatie.</al><al/><al><vet>VERZUIMREGELING BAR-ORGANISATIE</vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><tekst><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colwidth="27*"/><colspec colname="col2" colwidth="73*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>Eerste dag,</al><al>de ziekmelding</al><al>en de eerste week</al></entry><entry colname="col2"><al>De medewerker meldt zich ziek bij de leidinggevende en
                                            gaat het gesprek aan over zijn/haar inzetbaarheid ten
                                            aanzien van het werk. Op grond van het gesprek vormt de
                                            leidinggevende zich een oordeel over de inzetbaarheid,
                                            hierbij zal de medewerker moeten aangeven wat hij zelf
                                            gaat doen ten behoeve van herstel, re-integratie en het
                                            onderhouden van contact. Er wordt tijdens dit eerste
                                            gesprek gesproken over de mogelijkheid tot overname van
                                            taken en het afzeggen van afspraken. Ook gaat de
                                            leidinggevende na of er een mogelijke relatie ligt in de
                                            aard van het verzuim en de werksituatie en hoe dit
                                            eventueel opgelost kan worden. Mogelijk kan er vanuit de
                                            organisatie ook bepaalde hulp en/of begeleiding geboden
                                            worden. Medewerker en leidinggevende spreken zo mogelijk
                                            samen een terugkeerdatum af.</al><al/><al>De leidinggevende geeft de (gedeeltelijke) ziekmelding
                                            door aan de afdeling HRM.</al><al/><al>De afdeling HRM zorgt voor een tijdige ziekmelding aan
                                            het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen
                                            (UWV).</al><al/><al>Indien de medewerker tijdens het verzuim niet thuis
                                            verblijft, geeft hij aan waar hij te bereiken is. Indien
                                            de medewerker ziek wordt tijdens de vakantie, dan dient
                                            bij een ziekte van “enige betekenis” (d.w.z. dat een
                                            medewerker niet van zijn vakantieverlof kan genieten) te
                                            worden gemeld vanaf het vakantieadres. De verplichtingen
                                            bij ziekte gelden, voor zover mogelijk, ook tijdens
                                            vakantie. Op grond van de CAR/UWO kan de door ziekte
                                            niet genoten vakantie alsnog verleend worden. </al><al/><al>Medewerker en leidinggevende voeren bij terugkeer een
                                            kort gesprek. (Is herhaling te voorkomen?)</al><al/><al>Bij frequent verzuim (drie maal binnen twaalf maanden of
                                            twee maal binnen een kwartaal) overleggen de
                                            leidinggevende en de medewerker en maken zij een
                                            gespreksverslag. Dit gespreksverslag wordt opgenomen in
                                            het verzuimdossier.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Tussen één week</al><al>en zes weken</al></entry><entry colname="col2"><al>De zevende dag is er nogmaals contact tussen medewerker
                                            en leidinggevende. Zo mogelijk bespreken medewerker en
                                            leidinggevende hoe lang het verzuim nog kan duren en
                                            samen maken zij een (stapsgewijs) hervattingsplan.
                                            Medewerker en leidinggevende zorgen voor redelijkerwijs
                                            passend/aangepast werk. De medewerker moet zelf
                                            aantoonbaar actief aan zijn herstel werken. Hij is
                                            verplicht redelijke instructies van de leiding op te
                                            volgen. Medewerker en leidinggevende vragen zo nodig
                                            advies aan de bedrijfsarts, zeker bij onzekerheid of
                                            onenigheid. Medewerker en leidinggevende maken samen een
                                            begeleidings- en contactplan en voeren dit uit (eens per
                                            week contact).</al><al/><al>Na de vierde week moeten medewerker en leidinggevende
                                            samen een prognose maken. Na zes weken ziekte zal er een
                                            probleemanalyse door de bedrijfsarts worden opgesteld,
                                            tenzij werkhervatting binnen acht weken redelijkerwijs
                                            is te verwachten, dan volstaat een verkorte
                                            analyse.</al><al/><al>Bij terugkeer na ziekte langer dan twee weken voert de
                                            leidinggevende een gesprek met de medewerker en ‘praat
                                            hem bij’ over de ontwikkelingen. </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Tussen zes weken</al><al>en acht weken</al></entry><entry colname="col2"><al>De bedrijfsarts stelt met goede informatie/input van de
                                            leidinggevende en medewerker een probleemanalyse op (of
                                            een verkorte analyse, als snel herstel te verwachten
                                            is).</al><al/><al>De vergoeding reiskosten worden na zes weken stopgezet.
                                            Een eventuele verlenging van een OV-abonnement kan
                                            tijdelijk worden opgeschort tot het moment dat de
                                            medewerker weer naar het werk gaat reizen.</al><al/><al>Als de bedrijfsarts heeft aangegeven dat de medewerker
                                            weer gedeeltelijk de werkzaamheden mag hervatten of
                                            vervangende arbeid mag verrichten in het kader van
                                            re-integratie, heeft dit tot doel de belastbaarheid op
                                            te voeren om uiteindelijk weer volledig arbeidsgeschikt
                                            te worden verklaard. Om dit proces te bevorderen dienen
                                            bezoeken aan behandelende artsen en therapeuten zoveel
                                            mogelijk buiten de tijden plaats te vinden waarop de
                                            werkzaamheden in het kader van re-integratie worden
                                            uitgevoerd. </al><al/><al>In overleg met de bedrijfsarts wordt door de
                                            leidinggevende samen met de medewerker bepaald hoeveel
                                            uur de medewerker weer aan de slag gaat en wat de meest
                                            geschikte tijden zijn.</al><al/><al>Ten behoeve van een plan van aanpak en het
                                            re-integratieverslag, houdt het team HRM het
                                            verzuimverloop bij. In het verzuimdossier worden alle
                                            feitelijke gegevens, gespreksverslagen en
                                            correspondentie vastgelegd. De leidinggevende is
                                            verantwoordelijk voor de inhoud en aanlevering van
                                            stukken ten behoeve van het verzuimdossier. </al><al>Gelet op het bepaalde in de Wet bescherming
                                            persoonsgegevens kunnen slechts functionarissen over
                                            deze gegevens beschikken voor zover ze deze direct nodig
                                            hebben voor de uitvoering van hun taak. Dit zijn de
                                            leidinggevende (of een daartoe aangewezen casemanager)
                                            en medewerkers van de afdeling HRM.</al><al/><al>Op basis van de probleemanalyse moeten medewerker en
                                            leidinggevende samen een plan van aanpak maken.
                                            Doorgaans is de leidinggevende de
                                                <cursief>casemanager</cursief> die de voortgang
                                            bewaakt. </al><al/><al>Vanuit HRM worden alle benodigde documenten beschikbaar
                                            gesteld, zoals bijvoorbeeld een Plan van Aanpak en een
                                            bijstelling Plan van Aanpak. </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Tussen acht weken </al><al>en twee jaar</al><al>NB: Gemiddeld blijft </al><al>25 procent van de medewerkers die drie maanden ziek zijn
                                            daarna nog heel lang ziek. Ter voorkoming van grote
                                            problemen </al><al>is een vroegtijdige analyse nodig.</al></entry><entry colname="col2"><al>Medewerker en leidinggevende evalueren de voortgang
                                            minimaal elke zes weken. Beiden kunnen bij deze
                                            evaluaties het advies van de bedrijfsarts vragen. De
                                            bedrijfsarts ontvangt werknemer minimaal één keer in de
                                            zes weken, of vaker indien dat door leidingevende of
                                            medewerker gewenst is. Elke evaluatie wordt vastgelegd
                                            in een Plan van Aanpak WIA of een Bijstelling Plan van
                                            Aanpak WIA.</al><al/><al>De eerste zes maanden van ziekte wordt aan de medewerker
                                            het loon 100% doorbetaald. Na zes maanden wordt dat
                                            verlaagd naar 90%, en na twaalf maanden tot 75%. Na twee
                                            jaar wordt 70% uitbetaald. Uitzonderingen hierop ligt
                                            ten grondslag in de wetgeving en zal te allen tijde met
                                            de BAR-directie worden besproken. </al><al/><al>Medewerker en leidinggevende weten van elkaar waar ze
                                            aan toe zijn, en hoe de toekomst eruit zal zien. Zo
                                            nodig leidt dat tot een aangepast re-integratieplan,
                                            waarbij er altijd een wijziging Plan van Aanpak
                                            WIAwordt opgesteld.</al><al>In de 46ste tot 52ste week moet medewerker en
                                            leidinggevende proberen de plannen te vernieuwen, zo
                                            nodig met externe hulp, en een
                                                <vet>‘</vet><vet>Eerstejaarsevaluatie’</vet>
                                            opstellen voor in <vet>het
                                                r</vet><vet>e-integratieverslag</vet>. </al><al>Een werkgever is, als het niet anders kan, ook verplicht
                                            de medewerker te helpen elders aan de slag te komen.
                                            Zodra dit traject wordt ingezet, zal de HRM-adviseur
                                            ondersteuning bieden. De kosten voor een
                                                zogenaamde<vet>, tweede spoortraject</vet>, komen
                                            ten laste van het Domein. </al><al/><al>Vanaf de 89ste week moeten de leidinggevende en de
                                            bedrijfsarts de medewerker helpen bij de <vet>aanvraag
                                                voor een arbeidsongeschiktheidsuitkering</vet>
                                            (inclusief re-integratieverslag). De HRM adviseur kan
                                            hierbij ondersteuning bieden. </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Derde ziektejaar</al></entry><entry colname="col2"><al>Ten behoeve van de aanvraag WIA wordt het
                                            re-integratieverslag samengesteld. Het is een
                                            samenvatting van het bijgehouden dossier en bestaat uit
                                            drie delen: de werkgeversbijdrage, een medisch deel en
                                            de werknemersbijdrage. </al><al>De werkgeversbijdrage bevat het plan van aanpak,
                                            eventuele bijstellingen, de eerstejaars evaluatie en de
                                            eindevaluatie.</al><al>De werknemersbijdrage bevat het oordeel van de
                                            medewerker over het gehele traject (inspanningen van de
                                            medewerker, de werkgever en de arbodienst). Het UWV
                                            heeft hiervoor een formulier opgesteld. </al><al>Het medische deel wordt geleverd door de bedrijfsarts
                                            aan de werknemer, hier heeft de werkgever geen inzage
                                            in. </al><al/><al>Het re-integratieverslag komt tot stand in overleg met
                                            de medewerker. </al><al/><al>Na de beslissing op de WIA-aanvraag kan de definitieve
                                            afronding van de reintegratie plaatsvinden (b.v.
                                            vermindering aanstellingsomvang, andere functie, </al><al>ontslag).</al><al/><al><vet>Privacy</vet></al><al>De bedrijfsarts heeft een geheimhoudingsplicht ten
                                            aanzien van de medische gegevens en andere
                                            bijzonderheden die de persoonlijke levenssfeer
                                            betreffen. Normaal gesproken zijn deze gegevens niet
                                            relevant voor een advies aan de werkgever over de mate
                                            en duur van de arbeidsongeschiktheid, noodzakelijke
                                            behandelingen en eventuele aanpassingen die kunnen
                                            worden getroffen in het kader van werkhervatting. Acht
                                            de arboarts het wenselijk om deze gegevens aan derden,
                                            waaronder de werkgever, te verstrekken, dan is daartoe
                                            toestemming van de medewerker nodig.</al><al/><al>Er zijn uitzonderingsgevallen denkbaar waarin zonder
                                            toestemming van betrokkene medische gegevens mogen
                                            worden verstrekt. In dergelijke bijzondere gevallen zal
                                            de gezondheid, veiligheid en welzijn binnen de
                                            organisatie in het geding zijn, zoals bij bepaalde
                                            infectieziekten.</al><al/><al>Ook voor medewerkers en leidinggevenden geldt dat zij
                                            vertrouwelijk omgaan met de hun bekende informatie over
                                            personen.</al><al/><al><vet>Reizen van-en-naar het werk tijdens
                                                re-integratie</vet></al><al>Indien de medewerker niet in staat is om zelfstandig
                                            naar het werk te reizen. maar de leidinggevende in
                                            overleg met de medewerker (en de bedrijfsarts) van
                                            mening is dat de medewerker wel op het werk aanwezig
                                            dient te zijn, dan kan een alternatieve wijze van reizen
                                            worden afgesproken (bijvoorbeeld met een taxi).
                                            Eventuele kosten zijn voor rekening van de werkgever en
                                            komen ten laste van het Domein.</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al><vet>Inwerkingtreding en citeertitel</vet></al><al>Deze regeling kan worden aangehaald als de “Verzuimregeling BAR organisatie”
                        en treedt in werking met ingang van 1 januari 2014.</al><al/></tekst></regeling-tekst><regeling-sluiting><slotformulering><al>Aldus besloten door het Algemeen Bestuur van de BAR-organisatie op 24
                        december 2013 en bekrachtigd op 21 januari 2014.</al></slotformulering></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>