<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91-->
  
  
  
  
  
  
  
  
  <meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR397844_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Beleidsregel Krediethypotheek Participatiewet 2016</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Rhenen</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-05-23</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Rhenen</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2016-63611.html">Gemeenteblad 2016 - 63611</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Beleidsregel Krediethypotheek Participatiewet 2016</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:c:BWBR0005537&amp;g=2016-05-27">Algemene wet bestuursrecht</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:c:BWBR0015703&amp;g=2016-05-27">Participatiewet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">college van burgemeester en wethouders</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>maatschappelijke zorg en welzijn</dcterms:subject><dcterms:issued>2016-02-16</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2016-05-27</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>2016/bis 51</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>Geen</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta>
  
  <body><intitule>
      Beleidsregel Krediethypotheek Participatiewet 2016
    </intitule>
    
    <regeling>
      <aanhef>
        <preambule>
          <al>Burgemeester en Wethouders van de Gemeente Rhenen; </al>
          <al/>
          <al>Overwegende dat het wenselijk is een nadere beschrijving te geven van de
                        wijze waarop wordt omgegaan met de bevoegdheden tot het verbinden van
                        verplichtingen aan het verlenen van bijstand in de vorm van een geldlening
                        die zijn gericht op meerdere zekerheid voor de nakoming van aan deze
                        bijstand verbonden rente- en aflossingsverplichtingen;</al>
          <al/>
          <al>Gelet op de bepalingen van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) en de
                        Participatiewet (PW);</al>
          <al/>
          <al>Besluit vast te stellen de <vet>Beleidsregel Krediethypotheek
                            </vet><vet>Participatiewet </vet><vet>2016</vet></al>
          <al/>
        </preambule>
      </aanhef>
      <regeling-tekst>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>1</nr>
            <titel>Begripsomschrijvingen</titel>
          </kop>
          <al>In deze beleidsregels wordt verstaan onder:</al>
          <table>
            <tgroup cols="3">
              <tbody>
                <row>
                  <entry colname="colA">
                    <al>1.</al>
                  </entry>
                  <entry colname="col1">
                    <al>
                      <vet>PW </vet>
                    </al>
                  </entry>
                  <entry colname="col2">
                    <al>Participatiewet</al>
                  </entry>
                </row>
                <row>
                  <entry colname="colA">
                    <al>2.</al>
                  </entry>
                  <entry colname="col1">
                    <al>
                      <vet>Bijstand </vet>
                    </al>
                  </entry>
                  <entry colname="col2">
                    <al>Uitkering op grond van de PW </al>
                  </entry>
                </row>
                <row>
                  <entry colname="colA">
                    <al>3.</al>
                  </entry>
                  <entry colname="col1">
                    <al>
                      <vet>Algemene bijstand</vet>
                    </al>
                  </entry>
                  <entry colname="col2">
                    <al>De bijstand als bedoeld in artikel 5 onderdeel b van de
                                            PW</al>
                  </entry>
                </row>
                <row>
                  <entry colname="colA">
                    <al>4.</al>
                  </entry>
                  <entry colname="col1">
                    <al>
                      <vet>Bijzondere bijstand</vet>
                    </al>
                  </entry>
                  <entry colname="col2">
                    <al>De bijstand als bedoeld in artikel 5 onderdeel d van de
                                            PW</al>
                  </entry>
                </row>
                <row>
                  <entry colname="colA">
                    <al>5.</al>
                  </entry>
                  <entry colname="col1">
                    <al>
                      <vet>College</vet>
                    </al>
                  </entry>
                  <entry colname="col2">
                    <al>Het college van burgemeester en wethouders van gemeente
                                            Rhenen</al>
                  </entry>
                </row>
                <row>
                  <entry colname="colA">
                    <al>6.</al>
                  </entry>
                  <entry colname="col1">
                    <al>
                      <vet>Belanghebbende</vet>
                    </al>
                  </entry>
                  <entry colname="col2">
                    <al>De persoon waarop een krediethypotheek van toepassing
                                            is.</al>
                  </entry>
                </row>
                <row>
                  <entry colname="colA">
                    <al>7.</al>
                  </entry>
                  <entry colname="col1">
                    <al>
                      <vet>Bijstandsnorm</vet>
                    </al>
                  </entry>
                  <entry colname="col2">
                    <al>Normen als bedoeld in paragraaf 3.2. van de PW</al>
                  </entry>
                </row>
                <row>
                  <entry colname="colA">
                    <al>8.</al>
                  </entry>
                  <entry colname="col1">
                    <al>
                      <vet>Krediethypotheek</vet>
                    </al>
                  </entry>
                  <entry colname="col2">
                    <al>Een zekerheidsrecht in de vorm van een hypotheek indien
                                            algemene bijstand in de vorm van een geldlening wordt
                                            versterkt op grond van artikel 50 van de PW</al>
                  </entry>
                </row>
              </tbody>
            </tgroup>
          </table>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>2</nr>
            <titel>Gebruik maken van de bevoegdheid tot vestiging
                            krediethypotheek</titel>
          </kop>
          <al>Het college maakt gebruik van de bevoegdheid tot het vestigen van een
                        krediethypotheek zoals bedoeld in artikel 48 lid 3 PW wanneer de maximaal te
                        verstrekken lening meer bedraagt dan € 5000,-. </al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>3</nr>
            <titel>Recht op bijstand eigen woning</titel>
          </kop>
          <lid>
            <lidnr>1.</lidnr>
            <al>De belanghebbende die eigenaar is van een door hemzelf of zijn gezin
                            bewoonde woning met bijbehorend erf, heeft recht op bijstand voor zover
                            tegeldemaking, bezwaring of verdere bezwaring in redelijkheid niet kan
                            worden verlangd. Hiervan is in ieder geval sprake wanneer bij toekenning
                            bijstand al vast staat dat de bijstandsverlening 6 maanden of korter
                            gaat duren of de totale bijstand te rekenen over een jaar vanaf de
                            eerste dag dat bijstand wordt verleend minder bedraagt dan het netto
                            minimumloon bedoeld in artikel 37 van de PW. </al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>2.</lidnr>
            <al>Indien de belanghebbende genoemd onder lid 1 recht heeft op algemene
                            bijstand heeft die bijstand de vorm van een geldlening onder vestiging
                            van een krediethypotheek wanneer aan de gestelde voorwaarden in artikel
                            50 lid 2 PW is voldaan. </al>
          </lid>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>4</nr>
            <titel>Hoogte en kosten hypotheek</titel>
          </kop>
          <lid>
            <lidnr>1.</lidnr>
            <al>De geldlening, bedoeld in artikel 3 lid 2 is ten hoogste de waarde van
                            de woning in het economisch verkeer bij vrije oplevering, verminderd met
                            de daarop drukkende schulden en met het vrij te laten vermogen als
                            bedoeld in artikel 34, twee lid, onder d van de PW</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>2.</lidnr>
            <al>De waarde van de woning wordt vastgesteld op de waarde conform de meest
                            recente beschikking Waardering Onroerende Zaken (WOZ), die op of voor de
                            eerste dag waarover bijstand is verleend door de gemeente is afgegeven.
                        </al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>3.</lidnr>
            <al>Afwijking van het voorgaande lid is mogelijk wanneer belanghebbende met
                            een recent taxatierapport aantoont dat de WOZ-waarde beschikking geen
                            recht doet aan de huidige waarde van de woning.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>4.</lidnr>
            <al>De kosten verbonden aan de taxatie, de hypotheekakte en de inschrijving
                            van de hypotheek, evenals de bijkomende kosten, komen ten laste van de
                            belanghebbende. </al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>5.</lidnr>
            <al>Belanghebbende kan bijzondere bijstand aanvragen als hij de onder lid 4
                            genoemde kosten niet kan betalen. </al>
          </lid>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>5</nr>
            <titel>Opname voorwaarden in hypotheekakte</titel>
          </kop>
          <lid>
            <lidnr>1.</lidnr>
            <al>Aan de geldlening worden in elk geval verbonden de voorwaarden, genoemd
                            in de artikelen 6 en 7. </al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>2.</lidnr>
            <al>De in het eerste lid bedoelde voorwaarden worden samen met de
                            gebruikelijke bedingen opgenomen in de hypotheekakte- of panddakte.</al>
          </lid>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>6</nr>
            <titel>Aflossingsvoorwaarden hypotheek</titel>
          </kop>
          <lid>
            <lidnr>1.</lidnr>
            <al>Aflossing van de geldlening vindt plaats gedurende ten hoogste tien
                            jaar. </al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>2.</lidnr>
            <al>De aflossing vangt aan, na beëindiging van de bijstandverlening, op het
                            moment van het opleggen van de betalingsverplichting en vindt
                            maandelijks plaats.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>3.</lidnr>
            <al>Het maandbedrag van de aflossing wordt telkens voor een periode van twee
                            jaar vastgesteld, tenzij de aflossing voldoende is om de geldlening
                            binnen de periode van 10 jaar af te lossen. </al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>4.</lidnr>
            <al>De hoogte van de maandelijkse aflossing wordt vastgesteld aan de hand
                            van een draagkrachtberekening voor terugvordering. </al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>5.</lidnr>
            <al>Bij een inkomen als bedoeld in artikel 32 van de PW dat niet uitgaat
                            boven de van toepassing zijnde bijstandsnorm, bedoeld in hoofdstuk 3,
                            paragraaf 3.1.tot en met 3.3 van genoemde wet, wordt geen aflossing
                            gevergd. </al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>6.</lidnr>
            <al>Indien de omstandigheden daartoe aanleiding geven, wordt zo nodig
                            tussentijds, het maandbedrag van de aflossing op een lager dan wel hoger
                            bedrag vastgesteld. </al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>7.</lidnr>
            <al>Indien belanghebbende tijdens de aflossingsperiode van tien jaar
                            schuldig nalatig is in het voldoen van de vastgestelde aflossing, is het
                            nog niet afgeloste deel van de geldlening direct opeisbaar en is
                            daarover tevens de wettelijke rente verschuldigd.</al>
          </lid>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>7</nr>
            <titel>Rente</titel>
          </kop>
          <lid>
            <lidnr>1.</lidnr>
            <al>Indien door toepassing van artikel 6, na afloop van de aflossingsperiode
                            van tien jaar een deel van de geldlening nog niet is afgelost, is vanaf
                            dat moment maandelijks rente verschuldigd over het nog niet afgeloste
                            deel van de geldlening. </al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>2.</lidnr>
            <al>De rente, bedoeld in het eerste lid, is de wettelijke rente verminderd
                            met drie procent met een minimum van 1%</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>3.</lidnr>
            <al>Indien belanghebbende naar het oordeel van burgemeester en wethouders de
                            rente geheel of gedeeltelijk kan betalen, doch niet kan aflossen, wordt
                            een betaling eerst tot ten hoogste het bedrag van de verschuldigde
                            maandrente aangemerkt als aflossing en wordt de rente die daardoor niet
                            wordt betaald bijgeschreven bij het nog niet afgeloste deel van de
                            geldlening.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>4.</lidnr>
            <al>Indien belanghebbende naar het oordeel van burgemeester en wethouders
                            geen rente kan betalen, wordt de verschuldigde rente bijgeschreven bij
                            het nog niet afgeloste deel van de geldlening.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>5.</lidnr>
            <al>Over een bijgeschreven rentevordering is <vet>geen</vet> rente
                            verschuldigd.</al>
          </lid>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>8</nr>
            <titel>Aflossing bij geldlening bij vererving en verkoop woning</titel>
          </kop>
          <lid>
            <lidnr>1.</lidnr>
            <al>Bij verkoop of bij vererving van de woning, en indien het een echtpaar
                            betreft bij vererving na overlijden van de langstlevende echtgenoot,
                            wordt het nog niet afgeloste deel van de geldlening, evenals de op grond
                            van artikel 5, derde en vierde lid, bijgeschreven rente direct afgelost.
                        </al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>2.</lidnr>
            <al>Bij verkoop kan het college wegens zeer dringende redenen, na toepassing
                            van het eerste lid, besluiten tot het verlenen van een nieuwe geldlening
                            eveneens onder verband van hypotheek voor de aankoop van een andere
                            woning, tot ten hoogste het bedrag van de ingevolge het eerste lid
                            afgeloste geldlening, onder de voorwaarde dat belanghebbende het na
                            aflossing vrijgekomen vermogen met inbegrip van het in het derde lid
                            bedoelde bedrag volledig inzet voor de aankoop van de andere woning.
                        </al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>3.</lidnr>
            <al>Indien bij verkoop van de woning op basis van de waarde in het
                            economisch verkeer bij vrije oplevering het voor de afrekening
                            beschikbare bedrag lager is dan het resterende bedrag van de geldlening
                            en van de rentevordering, wordt het verschil kwijtgescholden.</al>
            <al>Artikel 9 Toepassing laatst gevestigde hypotheek bij niet duurzame
                            onderbreking Indien binnen een periode van twee jaar na beëindiging van
                            de bijstandverlening onder verband van hypotheek wederom recht op
                            bijstand bestaat, wordt deze verleend met toepassing van de laatst
                            gevestigde hypotheek.</al>
            <al>Artikel 10 Opgave geldlening Aan belanghebbende wordt telkens na afloop
                            van een kalenderjaar een opgave verstrekt van de stand van de geldlening
                            en van de rentevorderingen.</al>
          </lid>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>11</nr>
            <titel>Hardheidsclausule</titel>
          </kop>
          <al>Het college kan in bijzondere gevallen van de bepalingen in deze regeling
                        afwijken, indien toepassing van de regeling tot onbillijkheden van
                        overwegende aard leidt.</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>12</nr>
            <titel>Inwerkingtreding</titel>
          </kop>
          <al>Deze regeling treedt in werking acht dagen na publicatie en geldt alleen ten
                        aanzien van nieuw te vestigen hypotheken. Voor de al gevestigde hypotheken
                        blijf het daaraan gekoppelde regime gelden. </al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>13</nr>
            <titel>Citeertitel</titel>
          </kop>
          <al>Deze regeling wordt aangehaald als: Beleidsregel krediethypotheek
                        Participatiewet 2016. </al>
          <al/>
          <al>Vastgesteld in de vergadering van 16 februari 2016.</al>
          <al/>
          <table>
            <tgroup cols="2">
              <colspec colname="col1" colwidth="50*"/>
              <colspec colname="col2" colwidth="50*"/>
              <tbody>
                <row>
                  <entry colname="col1">
                    <al>de heer P. Bonthuis</al>
                  </entry>
                  <entry colname="col2">
                    <al>de heer drs. J.A. van der Pas</al>
                    <al/>
                  </entry>
                </row>
                <row>
                  <entry colname="col1">
                    <al/>
                    <al>secretaris</al>
                  </entry>
                  <entry colname="col2">
                    <al/>
                    <al>burgemeester</al>
                  </entry>
                </row>
              </tbody>
            </tgroup>
          </table>
        </artikel>
      </regeling-tekst>
    </regeling>
  </body>
</cvdr>