<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR397700_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening jeugdhulp 2016 gemeente Molenwaard</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Molenwaard</dcterms:creator><dcterms:modified>2019-03-04</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Molenwaard</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2016-17217">gmb-2016-17217</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening jeugdhulp 2016 gemeente Molenwaard</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">artikelen 2.9, 2.10, 2.12 en 8.1.1, vierde lid, van de Jeugdwet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>maatschappelijke zorg en welzijn</dcterms:subject><dcterms:issued>2016-02-09</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2016-02-16</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:terugwerkendekrachtDatum>2016-01-01</overheidrg:terugwerkendekrachtDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2018-10-02</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>484926</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>Let op! Bij deze verordening zijn ook beleids- en nadere regels Jeugd 2016 gemeente Molenwaard van toepassing.</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening jeugdhulp 2016 gemeente Molenwaard </intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Molenwaard;</al><al/><al>gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders;</al><al/><al>gelet op de artikelen 2.9, 2.10, 2.12 en 8.1.1, vierde lid, van de
                        Jeugdwet;</al><al/><al>overwegende dat</al><al/><al>de Jeugdwet de verantwoordelijkheid voor het organiseren van goede en
                        toegankelijke jeugdhulp bij de gemeente heeft gelegd;</al><lijst><li nr="-"><al>daarbij het uitgangspunt is dat de verantwoordelijkheid voor het
                                gezond en veilig opgroeien van jeugdigen allereerst bij de
                                ouders/verzorgers en de jeugdige zelf ligt; </al></li><li nr="-"><al>het noodzakelijk is hieromtrent regels vast te stellen:</al></li><li nr="-"><al>over de door het college te verlenen individuele voorzieningen en
                                algemene voorzieningen; </al></li><li nr="-"><al>met betrekking tot de voorwaarden voor toekenning en de wijze van
                                beoordeling van, en de afwegingsfactoren bij een individuele
                                voorziening; </al><al>over de wijze waarop de toegang tot en de toekenning van een
                                individuele voorziening wordt afgestemd met andere voorzieningen;
                            </al></li><li nr="-"><al>over de wijze waarop de hoogte van een persoonsgebonden budget wordt
                                vastgesteld; </al></li><li nr="-"><al>voor de bestrijding van het ten onrechte ontvangen van een
                                individuele voorziening of een persoonsgebonden budget alsmede
                                misbruik en oneigenlijk gebruik van de wet;</al><al>ter waarborging van een goede verhouding tussen de prijs voor de
                                levering van jeugdhulp of de uitvoering van een
                                kinderbeschermingsmaatregel of jeugdreclassering, en de eisen die
                                worden gesteld aan de kwaliteit daarvan;</al><al/></li></lijst><al><vet>besluit</vet>:</al><al/><al>vast te stellen de Verordening jeugdhulp 2016 gemeente Molenwaard </al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><al>In deze verordening en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan
                        onder:</al><al>actieplan: een door een hulpverlener samen met jeugdigen, ouders en hun
                        sociaal netwerk, opgesteld hulpverleningsplan of plan van aanpak; </al><al>algemene voorziening: de vrij-toegankelijke voorziening als bedoeld in
                        artikel 2, eerste lid, waarvoor geen beschikking door het college wordt
                        afgegeven;</al><al>andere voorziening: voorziening op het gebied van zorg, onderwijs,
                        maatschappelijke ondersteuning of werk en inkomen, anders dan in het kader
                        van de wet;</al><al>familiegroepsplan: een door ouders, samen met bloedverwanten, aanverwanten
                        of anderen die tot de sociale omgeving van de jeugdige behoren, opgesteld
                        hulpverleningsplan of plan van aanpak;</al><al>individuele voorziening: een op de jeugdige en/of zijn ouders/verzorgers
                        toegesneden, niet vrij toegankelijke voorziening als bedoeld in artikel 2,
                        tweede lid, waarvoor het college een beschikking afgeeft; </al><al>jeugdhulp: hulp als bedoeld in artikel 1.1 van de wet;</al><al>jeugdhulpaanbieder: de persoon als bedoeld in artikel 1.1. van de wet; </al><al>jeugdige: de persoon als bedoeld in artikel 1.1. van de wet, en die
                        woonachtig is in de gemeente;</al><al>jeugdteam: een op gebiedsniveau georganiseerd, multidisciplinair team van
                        gespecialiseerde ambulante jeugdhulpaanbieders dat de hulpvraag van
                        jeugdigen en/of hun ouders/verzorgers als algemene voorziening afhandelt en
                        (in een vertegenwoordiging) functioneert in het sociaal team; </al><al>hulpvraag: behoefte van een jeugdige en/of zijn ouders/verzorgers aan
                        jeugdhulp in verband met opgroei- en opvoedingsproblemen, psychische
                        problemen en stoornissen, als bedoeld in artikel 2.3, eerste lid, van de
                        wet; </al><al>ouder: de ouder als bedoeld in artikel 1.1 van de wet; </al><al>pgb: persoonsgebonden budget als bedoeld in artikel 8.1.1 van de
                        wet,zijnde een door het college verstrekt budget aan een jeugdige
                        en/of zijn ouders/verzorgers, dat hen in staat stelt de jeugdhulp die tot de
                        individuele voorziening behoort van derden te betrekken;</al><al>sociaal team: een multidisciplinair team dat zich richt op meervoudige en/of
                        complexe ondersteuningsvragen vanuit het sociaal domein. Het sociaal team is
                        op gebiedsniveau georganiseerd;</al><al>vertrouwenspersoon: vertrouwenspersoon zoals bedoeld in artikel 2.6 lid 2
                        van de wet;</al><al>wet: Jeugdwet.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.</nr><titel>Vormen van jeugdhulp</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De gemeente biedt een algemene voorziening voor jeugdhulp: </al><lijst><li nr="·"><al>Het jeugdteam</al></li><li nr="·"><al>Ernstige Enkelvoudige Dyslexie</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De gemeente biedt als individuele voorzieningen voor jeugdhulp:</al><lijst><li nr="·"><al>Begeleiding</al></li><li nr="·"><al>Persoonlijke verzorging</al></li><li nr="·"><al>Kortdurend verblijf</al></li><li nr="·"><al>Behandeling</al></li><li nr="·"><al>Dagbesteding</al></li><li nr="·"><al>Beschermd wonen en opvang </al></li><li nr="·"><al>Jeugdhulp zonder verblijf, jeugdhulp op locatie van de
                                    aanbieder</al></li><li nr="·"><al>Jeugdhulp zonder verblijf, daghulp op locatie van de
                                    aanbieder</al></li><li nr="·"><al>Jeugdhulp zonder verblijf, jeugdhulp in het netwerk van de
                                    jeugdige</al></li><li nr="·"><al>Jeugdhulp met verblijf: pleegzorg</al></li><li nr="·"><al>Jeugdhulp met verblijf: gezinsgericht</al></li><li nr="·"><al>Jeugdhulp met verblijf: gesloten plaatsing</al></li><li nr="·"><al>Jeugdhulp met verblijf: residentieel</al></li><li nr="·"><al>Jeugdbescherming</al></li><li nr="·"><al>Jeugdreclassering</al></li><li nr="·"><al>Specialistische GGZ</al></li><li nr="·"><al>Generalistische basis GGZ </al></li><li nr="·"><al>Vervoersdiensten</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De individuele voorzieningen, zoals benoemd in lid 2 en met uitzondering
                            van vervoersdiensten, omvatten voor zover dit naar het oordeel van het
                            college noodzakelijk wordt geacht in verband met een medische noodzaak
                            of beperkingen in de zelfredzaamheid, het vervoer van een jeugdige van
                            en naar de locatie waar de jeugdhulp wordt geboden.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het college kan nadere regels stellen ten aanzien van de
                            jeugdhulpvoorzieningen als bedoeld in het eerste en tweede lid en de
                            uitwerking daarvan. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.</nr><titel>Toegang jeugdhulp via de huisarts, medisch specialist of
                            jeugdarts</titel></kop><al>Het college draagt zorg voor de inzet van jeugdhulp na een verwijzing door
                        de huisarts, medisch specialist of jeugdarts naar een jeugdhulpaanbieder en
                        legt dit vast in een beschikking als bedoeld in artikel 10. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.</nr><titel>Toegang jeugdhulp via de gemeente</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Jeugdigen en/of ouders/verzorgers met een hulpvraag kunnen zich
                            rechtstreeks wenden tot of zich via het college laten leiden naar een
                            algemene voorziening.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Jeugdigen en/of ouders/verzorgers met een hulpvraag kunnen bij het
                            college een aanvraag indienen om een besluit te nemen omtrent een
                            individuele voorziening, conform artikel 8. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.</nr><titel>Vooronderzoek</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college verzamelt in overleg met de jeugdige en/of de
                            ouders/verzorgers de noodzakelijke en toegankelijke gegevens over de
                            jeugdige en zijn situatie en maakt uiterlijk binnen twee weken een
                            afspraak voor een gesprek.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De jeugdige en/of zijn ouders/verzorgers verstrekken voorafgaand aan het
                            gesprek aan het college alle overige gegevens en bescheiden die naar het
                            oordeel van het college voor het onderzoek nodig zijn en waarover zij
                            redelijkerwijs de beschikking kunnen krijgen. De jeugdige en/of zijn
                            ouders/verzorgers verstrekken in ieder geval een identificatiedocument
                            als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht ter
                            inzage.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college kan in overleg met de jeugdige en/of zijn ouders/verzorgers
                            afzien van een vooronderzoek als bedoeld in het eerste en tweede
                            lid.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.</nr><titel>Inhoud gesprek</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het college onderzoekt in een gesprek tussen jeugdhulpaanbieders en
                                de jeugdige en/of zijn ouders/verzorgers, zo spoedig mogelijk en
                                voor zover nodig:</al><lijst><li nr="a."><al>de behoeften, persoonskenmerken, voorkeuren, veiligheid,
                                        ontwikkeling en gezinssituatie van de jeugdige en het
                                        probleem of de hulpvraag;</al></li><li nr="b."><al>het gewenste resultaat van het verzoek om jeugdhulp;</al></li><li nr="c."><al>het vermogen van de jeugdige en/of zijn ouders/verzorgers om
                                        zelf of met ondersteuning van de naaste omgeving een
                                        oplossing voor de hulpvraag te vinden;</al></li><li nr="d."><al>de mogelijkheden om gebruik te maken van een andere
                                        voorziening;</al></li><li nr="e."><al>de mogelijkheden om jeugdhulp te verlenen met gebruikmaking
                                        van een algemene voorziening;</al></li><li nr="f."><al>de mogelijkheden om een individuele voorziening te
                                        verlenen;</al></li><li nr="g."><al>de wijze waarop een mogelijk toe te kennen individuele
                                        voorziening wordt afgestemd met andere voorzieningen;</al></li><li nr="h."><al>hoe rekening zal worden gehouden met de godsdienstige
                                        gezindheid, de levensovertuiging en de culturele achtergrond
                                        van de jeugdige en/of zijn ouders/verzorgers, en</al></li><li nr="i."><al>de mogelijkheden om te kiezen voor de verstrekking van een
                                        pgb, conform artikel 9, waarbij de jeugdige en/of zijn
                                        ouders/verzorgers in begrijpelijke bewoordingen worden
                                        ingelicht over de gevolgen van die keuze.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>In de gevallen bedoeld in artikel 8.2.1 van de wet informeert het
                                college de ouders/verzorgers dat een ouderbijdrage is verschuldigd
                                en hoe deze bijdrage wordt geïnd.</al></li><li nr="3."><al>Het college informeert de jeugdige en/of de ouders/verzorgers over
                                de gang van zaken bij het gesprek, hun rechten en plichten en de
                                vervolgprocedure en vraagt hen toestemming om hun persoonsgegevens
                                te verwerken.</al></li><li nr="4."><al>Het college en de jeugdige en/of de ouders/verzorgers kunnen in
                                overleg afzien van het gesprek.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.</nr><titel>Verslag en actieplan</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college maakt van het gesprek een verslag over de uitkomsten van het
                            onderzoek en neemt daarin vervolgafspraken op in verband met de
                            besproken hulpvraag.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het verslag wordt uiterlijk binnen twee weken na het gesprek aan de
                            jeugdige en/of de ouders/verzorgers overhandigd, tenzij zij hebben
                            meegedeeld dit niet te wensen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien het gesprek naar het oordeel van het college leidt tot de
                            wenselijkheid van een individuele voorziening, wordt ter zake tevens
                            binnen 6 weken een actieplan opgesteld, tenzij dit gelet op de aard van
                            de te verlenen hulp niet noodzakelijk is. Bij de opstelling van het
                            ondersteuningsplan wordt, bij aanwezigheid daarvan, rekening gehouden
                            met het familiegroepsplan.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Opmerkingen of latere aanvullingen van de jeugdige en/of de
                            ouders/verzorgers worden aan het verslag toegevoegd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8.</nr><titel>Indienen aanvraag</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Jeugdigen en/of ouders/verzorgers kunnen een aanvraag voor een
                            individuele voorziening mondeling of schriftelijk indienen bij het
                            college.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een voor akkoord ondertekend verslag van het gesprek en, in voorkomend
                            geval een ondertekend actieplan, als bedoeld in artikel 7, wordt door
                            het college als complete aanvraag voor een individuele voorziening
                            beschouwd.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college legt de beslissing op de aanvraag voor een individuele
                            voorziening vast in een beschikking als bedoeld in artikel 10.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het college kan nadere regels stellen met betrekking tot de voorwaarden
                            voor toekenning en de wijze van beoordeling van, en de afwegingsfactoren
                            bij een individuele voorziening.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9.</nr><titel>Regels voor pgb</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college verstrekt een pgb in overeenstemming met artikel 8.1.1 van
                            de wet en legt dit vast in een beschikking als bedoeld in artikel
                            10.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De hoogte van een pgb wordt bepaald aan de hand van en tot het maximum
                            van de kostprijs van de in de betreffende situatie adequate en minst
                            kostbare individuele voorziening in natura.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college kan nadere regels stellen over de wijze waarop de hoogte van
                            een pgb wordt vastgesteld.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het college bepaalt bij nadere regeling onder welke voorwaarden de
                            persoon aan wie een pgb wordt verstrekt, de jeugdhulp kan betrekken van
                            een persoon die behoort tot het sociale netwerk.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10.</nr><titel>Inhoud beschikking</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In de beschikking tot toekenning van een individuele voorziening wordt
                            ten minste aangegeven of de voorziening in natura wordt verleend of als
                            pgb wordt verstrekt.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij het verlenen van een voorziening in natura wordt in de beschikking
                            ten minste vastgelegd:</al><lijst><li nr="a."><al>welke de te verlenen voorziening is en wat het beoogde resultaat
                                    daarvan is;</al></li><li nr="b."><al>voor welke periode de voorziening verleend wordt;</al></li><li nr="c."><al>hoe de voorziening wordt verleend; en indien van toepassing</al></li><li nr="d."><al>welke andere voorzieningen relevant zijn of kunnen zijn.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bij het verstrekken van een voorziening in de vorm van een pgb wordt in
                            de beschikking ten minste vastgelegd:</al><lijst><li nr="a."><al>voor welk resultaat het pgb wordt aangewend;</al></li><li nr="b."><al>voor welke periode het pgb verstrekt wordt;</al></li><li nr="c."><al>welke kwaliteitseisen gelden voor de besteding van het pgb;</al></li><li nr="d."><al>wat de hoogte van het pgb is en hoe hiertoe is gekomen; en</al></li><li nr="e."><al>de wijze van verantwoording van de besteding van het pgb.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11.</nr><titel>Nieuwe feiten en omstandigheden, herziening, intrekking of
                            terugvordering</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Onverminderd artikel 8.1.2 van de wet doen een jeugdige en/of zijn
                            ouders/verzorgers op verzoek of onverwijld uit eigen beweging aan het
                            college mededeling van alle feiten en omstandigheden, waarvan hun
                            redelijkerwijs duidelijk moet zijn dat deze aanleiding kunnen zijn tot
                            heroverweging van een beslissing aangaande een individuele
                            voorziening.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Onverminderd artikel 8.1.4 van de wet kan het college een besluit
                            aangaande een individuele voorziening herzien dan wel intrekken indien
                            het college vaststelt dat:</al><lijst><li nr="a."><al>de jeugdige en/of zijn ouders/verzorgers onjuiste of onvolledige
                                    gegevens hebben verstrekt en de verstrekking van juiste of
                                    volledige gegevens tot een andere beslissing zou hebben
                                    geleid;</al></li><li nr="b."><al>de jeugdige en/of zijn ouders/verzorgers niet langer op de
                                    individuele voorziening of op het pgb zijn aangewezen;</al></li><li nr="c."><al>de individuele voorziening of het pgb niet meer toereikend is te
                                    achten;</al></li><li nr="d."><al>de jeugdige en/of zijn ouders/verzorgers niet voldoen aan de
                                    voorwaarden van de individuele voorziening of het pgb;</al></li><li nr="e."><al>de jeugdige en/of zijn ouders/verzorgers de individuele
                                    voorziening of het pgb niet of voor een ander doel gebruiken dan
                                    waarvoor het is bestemd; of</al></li><li nr="f."><al>het pgb binnen12 maanden na uitbetaling niet is aangewend voor
                                    de bekostiging van de voorziening waarvoor de verlening heeft
                                    plaatsgevonden.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Als het college een besluit op grond van het tweede lid heeft
                            ingetrokken, kan het college geheel of gedeeltelijk de geldswaarde
                            terugvorderen van de jeugdige en/of zijn ouders/verzorgers, van de ten
                            onrechte genoten individuele voorziening of het ten onrechte genoten
                            pgb.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het college onderzoekt uit het oogpunt van kwaliteit van de geleverde
                            jeugdhulp, al dan niet steekproefsgewijs, de bestedingen van pgb’s.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12.</nr><titel>Verhouding prijs en kwaliteit aanbieders jeugdhulp en uitvoerders
                            kinderbeschermingsmaatregelen en jeugdreclassering</titel></kop><al>Het college houdt in het belang van een goede prijs-kwaliteitverhouding bij
                        de vaststelling van de tarieven die het hanteert voor door derden te leveren
                        jeugdhulp of uit te voeren kinderbeschermingsmaatregelen of
                        jeugdreclassering, rekening met:</al><lijst><li nr="a."><al>de aard en omvang van de te verrichten taken;</al></li><li nr="b."><al>de voor de sector toepasselijke CAO-schalen in relatie tot de
                                zwaarte van de functie;</al></li><li nr="c."><al>een redelijke toeslag voor overheadkosten;</al></li><li nr="d."><al>een voor de sector reële mate van non-productiviteit van het
                                personeel als gevolg van verlof, ziekte, scholing en
                                werkoverleg;</al></li><li nr="e."><al>en kosten voor bijscholing van het personeel.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13.</nr><titel>Vertrouwenspersoon</titel></kop><al>Het college zorgt ervoor dat jeugdigen en ouders en pleegouders een beroep
                        kunnen doen op een onafhankelijke vertrouwenspersoon.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14.</nr><titel>Klachtregeling</titel></kop><al>Het college draagt zorg voor een behoorlijke en transparante procedure ten
                        behoeve van de afhandeling van klachten van jeugdigen en/of
                        ouders/verzorgers die betrekking hebben op de wijze van afhandeling van
                        meldingen en aanvragen als bedoeld in deze verordening.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15.</nr><titel>Inspraak en medezeggenschap</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college betrekt de ingezetenen van de gemeente bij de voorbereiding
                            van het beleid betreffende jeugdhulp overeenkomstig de krachtens artikel
                            150 van de Gemeentewet gestelde regels met betrekking tot de wijze
                            waarop inspraak wordt verleend.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college stelt cliënten en vertegenwoordigers van cliëntgroepen
                            omtrent Jeugdhulp vroegtijdig in de gelegenheid voorstellen voor het
                            beleid betreffende jeugdhulp te doen, advies uit te brengen bij de
                            besluitvorming over verordeningen en beleidsvoorstellen betreffende
                            jeugdhulp, en voorziet hen van ondersteuning om hun rol effectief te
                            kunnen vervullen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college zorgt ervoor dat ingezetenen kunnen deelnemen aan periodiek
                            overleg, waarbij zij onderwerpen voor de agenda kunnen aanmelden, en dat
                            zij worden voorzien van de voor een adequate deelname aan het overleg
                            benodigde informatie en ondersteuning.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het college stelt nadere regels vast ter uitvoering van het tweede en
                            derde lid.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16.</nr><titel>Evaluatie</titel></kop><al>Het college evalueert eenmaal per jaar het gevoerde beleid. Het college
                        zendt het evaluatieverslag na vaststelling daarvan naar de gemeenteraad, die
                        op basis van het evaluatieverslag kan beoordelen of de verordening
                        doeltreffend is en wat de effecten van het werken met de verordening in de
                        praktijk zijn. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17.</nr><titel>Hardheidsclausule</titel></kop><al>Het college kan in bijzondere gevallen ten gunste van de jeugdige en/of zijn
                        ouders/verzorgers afwijken van de bepalingen in deze verordening, wanneer
                        toepassing van deze verordening of de hieruit voortvloeiende nadere regels,
                        leidt tot onbillijkheden van overwegende aard. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18.</nr><titel>Intrekken oude regeling</titel></kop><al>De Verordening jeugdhulp gemeente Molenwaard 2015 wordt ingetrokken met
                        ingang van 1 januari 2016.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19.</nr><titel>Inwerkingtreding en citeertitel</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Deze Verordening treedt in werking met terugwerkende kracht tot 1
                                januari 2016.</al></li><li nr="2."><al>Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening jeugdhulp 2016
                                gemeente Molenwaard</al></li></lijst></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus besloten in de vergadering van de raad van de gemeente Molenwaard van9
                        februari 2016.</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>De griffier, De voorzitter,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>B.Nootenboom D.R. van der Borg</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>