<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR39673_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Archiefverordening Gemeente Beverwijk 2004</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Beverwijk</dcterms:creator><dcterms:modified>2019-01-29</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Beverwijk</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Onbekend</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Archiefverordening 2004</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:c:BWBR0007376&amp;artikel=30&amp;g=2004-02-26">Archiefwet 1995, artikel 30, lid 1</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:c:BWBR0007376&amp;artikel=32&amp;g=2004-02-26">Archiefwet 1995, artikel 32, lid 2</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:c:BWBR0007748&amp;artikel=11&amp;g=2004-02-26">Archiefbesluit, artikel 11</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:c:BWBR0007748&amp;artikel=12&amp;g=2004-02-26">Archiefbesluit, artikel 12</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:c:BWBR0007748&amp;artikel=13&amp;g=2004-02-26">Archiefbesluit, artikel 13</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2004-02-26</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2004-03-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:terugwerkendekrachtDatum>2004-01-01</overheidrg:terugwerkendekrachtDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2015-04-03</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Raadsstuk 2004/388</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>Archief</overheidrg:onderwerp><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Archiefverordening Gemeente Beverwijk 2004</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De Raad van de gemeente Beverwijk;</al><al/><al>gezien het voorstel van Burgemeester en Wethouders d.d. 27 januari 2004, nr.
                        2004/388;</al><al/><al>gehoord de commissie Algemeen Bestuur, Veiligheid en Middelen d.d. 12
                        februari 2004;</al><al/><al>gelet op artikel 147 van de Gemeentewet;</al><al/><al>gelet op de artikelen 30 eerste lid, artikel 32 tweede lid van de Archiefwet
                        1995;</al><al/><al>gelet op de artikelen 11, 12 en 13 van het Archiefbesluit;</al><al/><al>gelet op de overeenkomst archiefbeheer tussen de gemeenten Beverwijk en
                        Haarlem, vastgesteld bij raadsbesluit nummer 37/1998 van 26 maart 1998;</al><al/><al>besluit:</al><al/><al>vast te stellen de navolgende:</al><al/><al><vet>Archiefverordening Gemeente Beverwijk 2004</vet></al><al/><al>Verordening betreffende de zorg van burgemeester en wethouders voor de
                        archiefbescheiden van de gemeentelijke organen, de aanwijzing van de
                        archiefbewaarplaats, het beheer van de archiefbewaarplaats en het toezicht
                        op het beheer van de archiefbescheiden, voor zover deze niet zijn
                        overgebracht naar de archiefbewaarplaats.</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>I</nr><titel><vet>Algemene bepalingen</vet></titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr></kop><al>In deze verordening en de daarop berustende voorschriften wordt verstaan
                            onder:</al><lijst><li nr="a"><al>de wet, de Archiefwet 1995;</al></li><li nr="b"><al> gemeentelijk overheidsorganen, bedoeld in artikel 1, onder b,
                                    van de wet, voor zover behorende tot de gemeente; </al></li><li nr="c"><al> de archiefbewaarplaats, de door het college van Burgemeester en
                                    Wethouders overeenkomstig artikel 31 van de wet aangewezen
                                    archiefbewaarplaats;</al></li><li nr="d"><al> de archivaris, de door het college van Burgemeester en
                                    Wethouders aangewezen directeur van de Archiefdienst voor
                                    Kennemerland, overeenkomstig het bepaalde in artikel 32,
                                    3<sup>e</sup> lid van de Archiefwet 1995;</al></li><li nr="e"><al> beheerder degene die ingevolge artikel 4 is belast met het
                                    beheer van de archiefbescheiden van de gemeentelijke die nog
                                    niet naar de archiefbewaarplaats zijn overgebracht;</al></li><li nr="f"><al> afdeling, een door burgemeester en wethouders als zodanig aan
                                    te wijzen organisatieonderdeel;</al></li><li nr="g"><al> informatiesysteem systeem van documentatie, procedures,
                                    apparatuur en programmatuur, met behulp waarvan
                                    archiefbescheiden kunnen worden vervaardigd, bewerkt, verzonden,
                                    ontvangen en geraadpleegd.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>II</nr><titel><vet>De archiefbewaarplaats</vet></titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr></kop><al>Als archiefbewaarplaats is aangewezen de archiefbewaarplaats van de
                            Archiefdienst voor Kennemerland, Jansstraat 40-42 te Haarlem</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>III</nr><titel><vet>De zorg van burgemeester en wethouders voor de
                                Archiefbescheiden</vet></titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel/></kop><al>Burgemeester en wethouders dragen zorg voor het inrichten en
                            instandhouden van een archiefbewaarplaats als bedoeld in artikel 2,
                            alsmede van voldoende en doelmatige archiefruimten.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel/></kop><al>Burgemeester en wethouders dragen zorg voor het aanwijzen van de
                            beheerder. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel/></kop><al>Burgemeester en wethouders dragen zorg voor de aanstelling van voldoende
                            deskundig personeel voor de werkzaamheden verbonden aan het beheer van
                            de gemeentelijke archiefbescheiden en documentaire verzamelingen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel/></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders dragen er zorg voor, dat de vervaardiging
                                en de bewaring van de archiefbescheiden geschiedt op zodanige wijze,
                                dat het behoud van deze bescheiden voldoende is gewaarborgd.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing ten aanzien van de
                                vervaardiging van bescheiden bestemd voor een overheidsorgaan of
                                andere belanghebbende, van welke bescheiden redelijkerwijze kan
                                worden aangenomen dat zij voor dezen als archiefbescheiden voor
                                blijvende bewaring in aanmerking komen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel/></kop><al>Burgemeester en wethouders dragen er zorg voor, dat jaarlijks op de
                            gemeentebegroting voldoende middelen worden geraamd ter bestrijding van
                            de kosten die aan de zorg voor de archiefbescheiden zijn verbonden.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel/></kop><al>Burgemeester en wethouders stellen voor het beheer van de
                            archiefbescheiden van de gemeentelijke organen die nog niet naar de
                            archiefbewaarplaats zijn overgebracht voorschriften vast.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel/></kop><al>Burgemeester en wethouders doen tenminste éénmaal per twee jaar aan de
                            raad verslag omtrent hetgeen zij hebben verricht ter uitvoering van
                            artikel 30 van de wet. Zij leggen daarbij over de verslagen die door de
                            archivaris aan hen zijn uitgebracht in verband met het beheer en het
                            toezicht, bedoeld in de artikelen 16 en 22.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>IV</nr><titel><vet>Het beheer van de archiefbewaarplaats</vet></titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel/></kop><al>De directeur van de Archiefdienst voor Kennemerland is benoemd tot
                            gemeentearchivaris van Beverwijk, overeenkomstig het bepaalde in artikel
                            32, 3<sup>e</sup> lid van de Archiefwet 1995. De archivaris is belast
                            met het beheer van de in de archiefbewaarplaats berustende
                            archiefbescheiden en documentaire verzamelingen. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel/></kop><al>Hij is bevoegd om in de archiefbewaarplaats archiefbescheiden en
                            documentatie op te nemen afkomstig van particuliere organisaties of
                            personen indien dit voor de kennis van de lokale of regionale
                            geschiedenis van belang kan worden geacht.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel/></kop><al>Voor zover wettelijke voorschriften of voorwaarden bij de opneming in de
                            archiefbewaarplaats gesteld zich daartegen niet verzetten, verricht de
                            archivaris desgevraagd onderzoek in de door hem beheerde
                            archiefbescheiden en documentaire verzamelingen ten behoeve van
                            gemeentelijke organen. Hij verstrekt daaruit op hun verzoek gegevens
                            alsmede afbeeldingen, afschriften, uittreksels of bewerkingen, die
                            zonodig door hem worden gecollationeerd en geauthentiseerd.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel/></kop><al>Voorzover wettelijke voorschriften of voorwaarden bij de opneming in de
                            archiefbewaarplaats gesteld zich daartegen niet verzetten, is de
                            archivaris bevoegd ten behoeve van derden onderzoek te doen in de in de
                            archiefbewaarplaats berustende archieven en verzamelingen. Hij verstrekt
                            daaruit aan een ieder die zulks verzoekt afbeeldingen, afschriften,
                            uittreksels of bewerkingen, die zonodig door hem worden gecollationeerd
                            en geauthentiseerd. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel/></kop><al>De kosten voor het verstrekken van afbeeldingen, afschriften,
                            uittreksels en bewerkingen van of uit archiefbescheiden die berusten in
                            de archiefbewaarplaats alsmede voor onderzoekingen en andere
                            werkzaamheden op verzoek van derden door of vanwege de archivaris
                            verricht, worden aan de verzoeker in rekening gebracht volgens een door
                            de gemeenteraad van Haarlem bij verordening vastgesteld tarief. Alvorens
                            de hier bedoelde werkzaamheden een aanvang nemen, wordt de verzoeker van
                            dit tarief op de hoogte gesteld.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel/></kop><al>Burgemeester en wethouders kunnen nadere regels stellen omtrent de
                            raadpleging van de archiefbescheiden en het beheer van de ruimten waarin
                            deze ter beschikking worden gesteld.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel/></kop><al>De archivaris brengt eenmaal per twee jaar verslag uit aan burgemeester
                            en wethouders over het door hem gevoerde beheer van de
                            archiefbewaarplaats. </al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>V</nr><titel><vet>Toezicht van de archivaris op het beheer van de
                                archiefbescheiden, welke niet zijn overgebracht naar de
                                archiefbewaarplaats</vet></titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel/></kop><al>De archivaris ziet erop toe, dat het beheer van de archiefbescheiden,
                            welke niet zijn overgebracht naar de archiefbewaarplaats, geschiedt
                            overeenkomstig de bepalingen van de wet en de ter uitvoering daarvan
                            gegeven voorschriften.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr><titel/></kop><al>De archivaris is bevoegd, ter uitoefening van het hem bij artikel 32,
                            tweede lid, van de wet opgedragen toezicht, zich onder handhaving van
                            zijn verantwoordelijkheid te doen vervangen door aan hem ondergeschikte
                            ambtenaren die in het bezit zijn van een diploma archivistiek als
                            bedoeld in artikel 22 van de wet.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr><titel/></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De beheerder verstrekt aan de archivaris of aan degene die namens
                                hem met het toezicht is belast, alle bescheiden en inlichtingen die
                                voor een goede vervulling van zijn taak noodzakelijk zijn en
                                verlenen de nodige medewerking om inzicht te verschaffen in de
                                ordening en toegankelijkheid van de archiefbescheiden alsmede in de
                                opzet en werking van hulpmiddelen en systemen waarin
                                archiefbescheiden zijn opgenomen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De archivaris en degenen die hem in de uitoefening van het toezicht
                                vervangen of bijstaan, hebben met inachtneming van de voorschriften
                                ten aanzien van de beveiliging van geheimen, toegang tot de
                                archiefbescheiden die nog niet naar de archiefbewaarplaats zijn
                                overgebracht en de ruimten waarin deze zich bevinden.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20</nr><titel/></kop><al>De archivaris doet van zijn bevindingen bij de uitoefening van het
                            toezicht mededeling aan de beheerders, alsmede, indien hij hiertoe
                            aanleiding vindt, aan burgemeester en wethouders. Hij geeft daarbij aan
                            welke voorzieningen naar zijn mening in het belang van een goed beheer
                            moeten worden getroffen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>21</nr><titel/></kop><al>De beheerder doet aan de archivaris tenminste tijdig mededeling van het
                            voornemen om aan burgemeester en wethouders een voorstel te doen
                            tot:</al><lijst><li nr="a"><al>opheffing, samenvoeging of splitsing van een afdeling of
                                    overdracht van één of meer taken aan een andere afdeling,
                                    overheidsorgaan of rechtspersoon;</al></li><li nr="b"><al> bouw, verbouwing, inrichting, of verandering van inrichting en
                                    ingebruikneming van ruimten als archiefruimte;</al></li><li nr="c"><al> verandering van de plaats van bewaring van niet naar de
                                    archiefbewaarplaats overgebrachte archiefbescheiden;</al></li><li nr="d"><al> ontwerp, vervanging, aanschaf of invoering van een
                                    informatiesysteem;</al></li><li nr="e"><al> voorbereiding, invoering en wijziging van
                                    ordeningssystemen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>22</nr><titel/></kop><al>De archivaris doet eenmaal per twee jaar aan burgemeesters en wethouders
                            verslag betreffende de uitoefening van het toezicht.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>VI</nr><titel><vet>Slotbepalingen</vet></titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>23</nr><titel/></kop><al>De Archiefverordening 1997 vastgesteld bij raadsbesluit nr. 239/1997 van
                            18 december 1997, laatstelijk gewijzigd bij raadsbesluit nummer 37/1998
                            van 26 maart 1998 wordt hierbij ingetrokken.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>24</nr><titel/></kop><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 maart 2004 en werkt
                            terug tot 1 januari 2004.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>25</nr><titel/></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als Archiefverordening 2004.</al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Beverwijk, 26 februari 2004</ondertekening><ondertekening>de Raad voornoemd,</ondertekening><ondertekening>de Griffier, de Voorzitter</ondertekening></regeling-sluiting><nota-toelichting><kop><label>Toelichting</label><nr/><titel/></kop><al>Deze Archiefverordening sluit aan bij de Archiefwet 1995 (Stb. 276 en 277) en
                    het Archiefbesluit 1995 (Stb. 671), en dient door de gemeenteraad te worden
                    vastgesteld op grond van de in de aanhef genoemde artikelen in de Archiefwet
                    1995.</al><al/><al>Zij bestaat in hoofdzaak uit drie gedeelten, namelijk de regeling voor de zorg,
                    die het college van burgemeester en wethouders draagt voor de archieven van de
                    gemeentelijke organen, het beheer van de archiefbewaarplaats en het toezicht op
                    het beheer van de archiefbescheiden, die niet zijn overgebracht naar de
                    archiefbewaarplaats. </al><al/><al>Deze verordening is, evenals wet en besluit, niet alleen van toepassing op
                    klassieke, papieren archiefbescheiden, maar ook op moderne, digitale
                    informatiedragers.</al><al/><al>Hoofdstuk III bevat een uitwerking van het begrip “zorg”, dat in de Archiefwet
                    1995 niet wordt gedefinieerd. wat voldoende en doelmatige archiefruimten zijn
                    (art. 3), is geregeld in het Archiefbesluit 1995.</al><al/><al>Hoofdstuk IV bevat bepalingen die vroeger vaak werden opgenomen in een
                    instructie voor de archivaris, maar die met het oog op de externe werking beter
                    in een verordening passen. Ondanks het feit, dat dit model beperkt is tot zaken
                    waarvoor de wet een regeling verlangt, zijn ook documentaire collecties, die in
                    vrijwel alle gemeenten aanwezig zijn, onder de werking van de verordening
                    gebracht. Veelal bevatten deze collecties ook archiefbescheiden en geschiedt het
                    beheer door de archivaris op dezelfde wijze. </al><al/><al>Hoofdstuk V is een uitwerking van het toezicht bedoeld in art. 32, tweede lid
                    van de wet.</al><al/><al/><al><vet>Artikelsgewijze toelichting</vet></al><al/><al>Artikel 1 </al><al/><al>Begripsbepalingen zijn alleen uit de wet overgenomen als daaraan in deze
                    verordening een meer specifieke betekenis moest worden toegekend. </al><al/><al>Artikel 2 </al><al/><al>De aanwijzing van een archiefbewaarplaats geschiedde voorheen veelal bij
                    afzonderlijk besluit.</al><al/><al>Artikel 3 </al><al/><al>De ministeriële Regeling bouw en inrichting archiefruimten en
                    archiefbewaarplaatsen (Nederlandse Staatscourant nr. 180 d.d. 18 september 2001,
                    verbeterd in nr. 209 d.d. 29 oktober 2001) stelt op grond van artikel 13, vierde
                    lid, van het Archiefbesluit 1995 vast, aan welke bouwkundige en inrichtingseisen
                    de archiefbewaarplaats en de archiefruimten moeten voldoen. </al><al/><al>Artikel 4 </al><al/><al>De aanwijzing van de beheerder is opgenomen in de op grond van artikel 8 te
                    stellen voorschriften: het hierna opgenomen Besluit Informatiebeheer. </al><al/><al>Artikel 6 </al><al/><al>De ministeriële Regeling duurzaamheid archiefbescheiden (Nederlandse
                    Staatscourant nr. 180 d.d. 18 september 2001) stelt op grond van artikel 11
                    tweede lid van het Archiefbesluit 1995 nadere regels omtrent de kwaliteit van en
                    de procedures rond het materiële behoud van de daarvoor in aanmerking komende
                    archiefbescheiden. Artikel 11 van het Archiefbesluit 1995 kent de in dit artikel
                    bedoelde verplichting slechts ten behoeve van de interne stukken. Uit
                    overwegingen van behoorlijk bestuur en ter besparing van conserveringskosten
                    voor de overheid als geheel achten wij dit onjuist. Daarom is in het tweede lid
                    bepaald, dat ook de te verzenden stukken aan de genoemde Regeling dienen te
                    voldoen. De gemeente heeft als ontvanger van door andere overheden opgemaakte
                    stukken daarvan zelf ook profijt.</al><al/><al>Artikel 8 </al><al/><al>De bedoelde voorschriften zijn opgenomen in het Besluit Informatiebeheer. Voor
                    het beheer van de naar de archiefbewaarplaats overgebrachte archiefbescheiden
                    worden de voorschriften gegeven in de Archiefverordening 2004, omdat de
                    gemeenteraad ook de archivaris aanstelt.</al><al/><al>Artikel 9, artikel 16, artikel 22 </al><al/><al>Binnen één zittingsperiode verneemt de gemeenteraad aldus tenminste tweemaal wat
                    er op het gebied van de archiefzorg, het archiefbeheer en het toezicht daarop
                    heeft plaatsgevonden. </al><al/><al>Artikel 10 </al><al/><al>De wet draagt de archivaris het beheer van de archiefbewaarplaats op, maar
                    schept geen regeling ten aanzien van documentaire verzamelingen. Dit artikel
                    draagt het beheer van uit de cultureel en historisch oogpunt gevormde
                    documentaire verzamelingen eveneens op aan de archivaris.</al><al/><al>Artikel 13 </al><al/><al>De wet verschaft een ieder het recht van of uit archiefbescheiden, die in een
                    archiefbewaarplaats berusten, afbeeldingen, afschriften, uittreksels en
                    bewerkingen te maken of op zijn kosten te doen maken. Deze verordening regelt
                    complementair, dat de archivaris in dit verband de nodige dienstverlening kan
                    verrichten.</al><al/><al>Artikel 15 </al><al/><al>Dit artikel bedoelt de juridische basis te zijn voor een bezoekersreglement voor
                    het gebruik van de studiezaal.</al><al/><al>Artikel 19 </al><al/><al>De ontwikkelingen op het gebied van de moderne informatietechnologie hebben in
                    de wet geleid tot een gewijzigde definitie van de term “archiefbescheiden”. De
                    wetgever heeft – binnen de formele betekenis van het begrip archiefbescheiden –
                    bedoeld onder deze term alle op enigerlei wijze vastgelegde informatie te
                    begrijpen inclusief die welke slechts via informatietechnologie opgevraagd kan
                    worden.</al><al/><al>Ondanks de ruimere betekenis van “archiefbescheiden” kan de materie veelal met
                    de traditionele bepalingen worden geregeld, zij het dat sommige begrippen een
                    andere, ruimere inhoud hebben gekregen. Dat heeft onder andere gevolgen voor een
                    term als “beheer”. Zo zal het voor het toezicht op het beheer van machine
                    leesbare gegevensbestanden niet meer voldoende zijn dat toegang tot de ruimte is
                    verzekerd. De formulering betreffende de noodzakelijke medewerking is ontleend
                    aan de artikelen 52 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen en 5:20 van de
                    Algemene wet bestuursrecht. </al><al/><al>Artikel 21 </al><al/><al>Slechts die aspecten van de uitoefening van het archiefbeheer zijn hier vermeld,
                    die bij constatering achteraf tot onevenredig hoge kosten zouden kunnen leiden,
                    of die ernstige schade voor het behoud dan wel de openbaarheid van de
                    archiefbescheiden en de rechtszekerheid van de burger tot gevolg zouden hebben.
                </al></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>