<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR396642_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op de heffing en invordering van toeristenbelasting 2016</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Papendrecht</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-05-22</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Papendrecht</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2015-125687.html?zoekcriteria=%3fzkt%3dUitgebreid%26pst%3dGemeenteblad%26vrt%3dtoeristenbelasting%26zkd%3dInDeGeheleText%26dpr%3dAnderePeriode%26spd%3d20151210%26epd%3d20160219%26sdt%3dDatumPublicatie%26org%3dPapendrecht%26orgt%3dgemeente%26planId%3d%26pnr%3d1%26rpp%3d10&amp;resultIndex=0&amp;sorttype=1&amp;sortorder=4">Gemeenteblad, 31-12-2015</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening toeristenbelasting 2016</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:c:BWBR0005416&amp;artikel=224&amp;g=2015-12-10">Gemeentewet, art 224</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2015-12-10</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2016-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>084/2015</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>VERORDENING OP DE HEFFING EN INVORDERING VAN TOERISTENBELASTING
                2016</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Papendrecht;</al><al/><al>gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 8
                        december 2015, </al><al>nummer 084 / 2015;</al><al/><al>gelet op artikel 224 van de Gemeentewet;</al><al/><al><vet>besluit:</vet></al><al/><al> vast te stellen de </al><al/><al><vet>VERORDENING OP DE HEFFING EN INVORDERING VAN
                            TOERISTENBELASTING2016</vet></al><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Belastbaar feit</titel></kop><al>Onder de naam 'toeristenbelasting' wordt een directe belasting geheven
                            voor het houden van verblijf met overnachting binnen de gemeente tegen
                            een vergoeding in welke vorm dan ook door personen die niet als
                            ingezetene met een adres in de gemeente in de basisregistratie
                            personenzijn ingeschreven.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Belastingplicht</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al> Belastingplichtig is degene die gelegenheid biedt tot verblijf als
                                bedoeld in artikel 1.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De belastingplichtige is bevoegd de belasting als zodanig te
                                verhalen op degene die verblijf houdt als bedoeld in artikel 1.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al> Als er geen persoon is aan te wijzen die gelegenheid biedt tot
                                verblijf, is degene belastingplichtig die verblijf houdt als bedoeld
                                in artikel 1.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Vrijstellingen</titel></kop><al>De belasting wordt niet geheven voor het verblijf: </al><lijst><li nr="1."><al> van degene die verblijft in een toegelaten instelling als
                                    bedoeld in artikel 5, eerste lid, van de Wet Toelating
                                    Zorginstellingen;</al></li><li nr="2."><al> van een vreemdeling als bedoeld in artikel 29, eerste lid, van
                                    de Vreemdelingenwet 2000, die rechtmatig in Nederland verblijft
                                    in de zin van artikel 8, letters c, d, f, g, h, van voornoemde
                                    wet, en voor zover deze persoon verblijf houdt als bedoeld in
                                    artikel 1 van de Verordening, onder verantwoordelijkheid van het
                                    Centraal Orgaan opvang Asielzoekers.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Maatstaf van heffing</titel></kop><al>De belasting wordt geheven naar het aantal overnachtingen in het
                            belastingjaar. Het aantal overnachtingen wordt gesteld op het aantal
                            overnachtende personen vermenigvuldigd met het aantal nachten dat zij
                            verblijf houden.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Forfaitaire berekeningswijze van de maatstaf van heffing</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Voor de toepassing van dit artikel wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>kampeermiddel: tent, tentwagen, kampeerauto, caravan dan
                                            wel enig ander onderkomen of ander voertuig of gewezen
                                            voertuig of een gedeelte daarvan, voor zover geen
                                            bouwwerk zijnde waarvoor een omgevingsvergunning voor
                                            een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste
                                            lid, onderdeel a, Wet algemene bepalingen omgevingsrecht
                                            is vereist; een en ander voor zover deze onderkomens of
                                            voertuigen geheel of ten dele blijvend zijn bestemd of
                                            opgericht dan wel worden of kunnen worden gebruikt voor
                                            recreatief nachtverblijf.</al></li><li nr="b."><al>kampeerterrein: terrein of plaats, geheel of
                                            gedeeltelijk ingericht, en volgens die inrichting
                                            bestemd, om daarop gelegenheid te geven tot het plaatsen
                                            of geplaatst houden van kampeermiddelen.</al></li><li nr="c."><al>vaste standplaats: een terrein of terreingedeelte dat
                                            deel uitmaakt van een kampeerterrein en dat ter
                                            beschikking wordt gesteld voor de plaatsing van
                                            eenzelfde kampeermiddel gedurende een periode van ten
                                            minste 6 maanden.</al></li><li nr="d."><al>volgtijdige standplaats: een terrein of terreingedeelte
                                            dat deel uitmaakt van een kampeerterrein en dat ter
                                            beschikking wordt gesteld voor de volgtijdige plaatsing
                                            van verschillende kampeermiddelen.</al></li><li nr="e."><al>woning: een huis, een naar aard en inrichting
                                            vergelijkbare ander onderkomen of een deel van een huis
                                            of een vergelijkbaar onderkomen.</al></li><li nr="f."><al>particulier: een natuurlijk persoon die buiten de
                                            uitoefening van een bedrijf of beroep gelegenheid biedt
                                            tot verblijf.</al></li><li nr="g."><al>particulier verhuurde woning: een woning die door een
                                            particulier ter beschikking wordt gesteld voor het
                                            houden van verblijf met overnachting tegen een
                                            vergoeding in welke vorm dan ook.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Voor woningen, niet zijnde particulier verhuurde woningen en
                                    voor kampeermiddelen op vaste standplaatsen kan het aantal
                                    overnachtingen op een bij de aangifte gedaan verzoek van de
                                    belastingplichtige forfaitair worden vastgesteld.</al></li><li nr="3."><al>Het aantal personen dat heeft overnacht, wordt met betrekking
                                    tot woningen, niet zijnde particulier verhuurde woningen, en
                                    kampeermiddelen op vaste standplaatsen bepaald op 2,4.</al></li><li nr="4."><al>Het aantal malen dat door de in het derde lid bedoelde personen
                                    is overnacht, wordt als volgt berekend:</al><al>het aantal overnachtingen gesteld op: </al><al>als de woning, niet zijnde een particulier verhuurde woning en
                                    het kampeermiddel op een vaste standplaats geschikt is voor
                                    gebruik of alleen mag worden gebruikt gedurende:</al><al/><table><tgroup cols="3"><colspec colname="col1" colwidth="31*"/><colspec colname="col2" colwidth="26*"/><colspec colname="col3" colwidth="42*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>meer dan</al></entry><entry colname="col3"><al>maar niet meer dan</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>1.60 nachten</al></entry><entry colname="col2"><al>6 maanden</al></entry><entry colname="col3"><al>9 maanden</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>2.<sup/>95 nachten</al></entry><entry colname="col2"><al>9 maanden</al></entry><entry colname="col3"><al>12 maanden</al></entry></row></tbody></tgroup></table></li><li nr="5."><al>In afwijking van het bepaalde in het derde en vierde lid wordt,
                                    op een door de belastingplichtige bij de aangifte gedaan
                                    verzoek, de heffingsgrondslag vastgesteld op het werkelijke
                                    aantal overnachtingen, indien blijkt dat dit aantal lager is,
                                    dan het aantal dat is berekend op grond van de in deze leden
                                    opgenomen forfaits.</al></li></lijst><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Belastingtarief</titel></kop><al>Per overnachting bedraagt het tarief € 1,-.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Belastingjaar</titel></kop><al>Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Wijze van heffing</titel></kop><al>De belasting wordt bij wege van aanslag geheven. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Aanslaggrens</titel></kop><al>Een belastingaanslag wordt niet opgelegd als het aantal overnachtingen,
                            waartoe gelegenheid wordt of is gegeven, tijdens het belastingjaar
                            minder dan tien [10] zal of heeft belopen. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Termijnen van betaling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al> In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990
                                moet de aanslag worden betaald uiterlijk drie maanden na de
                                dagtekening van het aanslagbiljet.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al> In afwijking van het eerste lid geldt, ingeval het totaalbedrag van
                                de op één aanslagbiljet verenigde aanslagen, of als het
                                aanslagbiljet maar één aanslag bevat het bedrag daarvan meer is dan
                                € 90,- en minder dan € 2.500,-, en zolang de verschuldigde bedragen
                                door middel van automatische betalingsincasso kunnen worden
                                afgeschreven, dat de aanslagen moeten worden betaald in tien gelijke
                                termijnen. De eerste termijn vervalt één maand na de dagtekening van
                                het aanslagbiljet en elk van de volgende termijnen telkens een maand
                                later.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Nadere regels door het college van burgemeester en
                                wethouders</titel></kop><al>Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven voor
                            de heffing en de invordering van de toeristenbelasting.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Inwerkingtreding/citeertitel</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al> Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na
                                die van de bekendmaking.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De datum van ingang van de heffing is 1 april 2016.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Deze verordening kan worden aangehaald als "Verordening
                                toeristenbelasting 2016".</al></lid></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening/><ondertekening>Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 10 december 2015,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening/><ondertekening>de griffier,</ondertekening><ondertekening>A.P.M.A.F. Bergmans</ondertekening><ondertekening>de voorzitter,</ondertekening><ondertekening>C.J.M. de Bruin</ondertekening><ondertekening/></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>