<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR395453_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Beleidsregel Hogere waarden Regio Midden-Holland</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Krimpenerwaard</dcterms:creator><dcterms:modified>2019-03-25</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Krimpenerwaard</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Gemeentepagina Het Kontakt, 22-12-2015</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Beleidsregel Hogere waarden Regio Midden-Holland</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Wet geluidhinder</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">college van burgemeester en wethouders</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>milieu</dcterms:subject><dcterms:issued>2015-12-08</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2015-12-23</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2019-03-28</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Geharmoniseerde beleidsregel</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Beleidsregel Hogere waarden Regio Midden-Holland</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Voorwoord</label></kop><structuurtekst><al>Voor u ligt het aangepaste hogere waarde beleid.</al><al>Dit aangepaste hogere waarde beleid komt in de plaats van het in 2007
                            opgestelde hogere waarde beleid. </al><al>Om het hogere waarde beleid toegankelijker te maken, is een uitgebreide
                            samenvatting geschreven met daarin een uitleg van de werking van het
                            hogere waarde beleid.</al><al>Om een acceptabel woon- en leefklimaat te realiseren, is beschreven hoe
                            met het ontwerp van woningen of woongebieden rekening gehouden kan
                            worden met de geluidsbronnen in de omgeving. </al><al>Om het hogere waarde beleid toe te lichten, is beschreven wat verstaan
                            wordt onder de verschillende termen die worden gehanteerd. </al><al>Om aan te geven in welke fase van een plan een hogere waarde wordt
                            vastgesteld, is beschreven welke wetgeving van toepassing is rondom het
                            vaststellen van een hogere waarde.</al><al>Door in het hogere waarde beleid deze beschrijvingen op te nemen, is
                            getracht om voor alle partijen die me het hogere waarde beleid te maken
                            krijgen, informatie mee te geven hoe met geluid omgegaan kan
                            worden.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Samenvatting van het hogere waarde beleid</label></kop><structuurtekst><al>Een akoestisch onderzoek wordt uitgevoerd bij ruimtelijke procedures,
                            zoals bestemmingsplannen.</al><al>De Wet geluidhinder geeft “voorkeursgrenswaarden” aan. Wanneer uit
                            akoestisch onderzoek blijkt dat de geluidsbelasting op de te bouwen
                            woningen of andere geluidsgevoelige objecten hoger is dan deze
                            voorkeursgrenswaarde, moeten maatregelen worden onderzocht. Als eerste
                            moeten maatregelen “bij de bron” worden onderzocht, bijvoorbeeld stil
                            wegdek bij verkeerslawaai; als tweede worden maatregelen in de
                            “overdracht” onderzocht, bijvoorbeeld een geluidscherm of een wal en
                            daarna worden maatregelen bij de ontvanger onderzocht (bijvoorbeeld
                            geluidisolatie aan een woning).</al><al>Met de maatregelen bij de bron en in de overdracht wordt ernaar
                            gestreefd om te voldoen aan de voorkeursgrenswaarde.</al><al>Het treffen van deze maatregelen is verplicht, tenzij deze
                            maatregelen:</al><al>-te weinig reductie opleveren (onvoldoende doeltreffend zijn) of;</al><lijst><li nr="o"><al>stedenbouwkundig ongewenst zijn, dan wel;</al></li><li nr="o"><al>verkeerskundig ongewenst zijn, dan wel;</al></li><li nr="o"><al>vervoerskundig ongewenst zijn, dan wel;</al></li><li nr="o"><al>landschappelijk ongewenst zijn, dan wel;</al></li><li nr="o"><al>financieel niet haalbaar zijn.</al></li></lijst><al>Als uit het onderzoek blijkt dat maatregelen nodig zijn en dat na het
                            treffen van maatregelen niet voldaan wordt aan de voorkeursgrenswaarde
                            kan een hogere waarde worden vastgesteld door het bevoegd gezag, tot ten
                            hoogste de maximale grenswaarde, </al><al/><tussenkop>De normen in cijfers.</tussenkop><al>Voor industrielawaai bedraagt de voorkeursgrenswaarde 50 dB(A) en de
                            maximale grenswaarde in de meeste gevallen 55 dB(A) of 60 dB(A).</al><al>Voor wegverkeerslawaai is in de meeste gevallen de voorkeursgrenswaarde
                            48 dB en de maximale grenswaarde (afhankelijk van de situatie) 53 dB, 58
                            dB, 63 dB of 68 dB.</al><al>Voor railverkeerslawaai is in de meeste gevallen de voorkeursgrenswaarde
                            55 dB en de maximale grenswaarde 68 dB.</al><al><plaatje><illustratie id="icb45cd18-8864-434c-a0b4-e2a496a27415" naam="i268028icb45cd18-8864-434c-a0b4-e2a496a27415.jpg" type="foto" breedte="5cm" hoogte="5.7cm"/></plaatje>Een hogere waarde wordt dus vastgesteld voor waarden boven de
                            voorkeursgrenswaarde maar onder de maximale grenswaarde. Zie ook figuur
                            A. Bij het vaststellen van hogere waarden wordt dit beleid
                            toegepast.</al><al>Hogere waarden mogen niet “zomaar” worden vastgesteld. Vaste voorwaarden
                            vanuit het gemeentelijk Hogere waarde beleid zijn: </al><lijst><li nr="-"><al>er moet een geluidsluwe gevel aanwezig zijn en</al></li><li nr="-"><al>een geluidsluwe buitenruimte.</al></li></lijst><al>Een gevel is de buitenwand van een gebouw (bijvoorbeeld woning, school,
                            ziekenhuis, verzorgingshuis, enz.). Een geluidluwe buitenruimte is
                            bijvoorbeeld een balkon of tuin die grenst aan een geluidluwe gevel. In
                            deze samenvatting worden de uitzonderingen, bestaande woningen en geen
                            buitenruimte, weggelaten.</al></structuurtekst><paragraaf><kop><label>Toelichting geluidsluwe gevel en geluidsluwe buitenruimte</label></kop><structuurtekst><al>Bij het vaststellen van hogere waarden die meer dan 5 dB boven de
                                voorkeursgrenswaarde zijn, moet het gebouw een geluidsluwe gevel
                                hebben. Als een buitenruimte wordt gerealiseerd, dan moet in deze
                                situatie de buitenruimte geluidsluw zijn.</al><al>We onderscheiden drie verschillende situaties:</al><lijst><li nr="1."><al>er is één weg (of spoorlijn of industrieterrein)</al></li><li nr="2."><al>er zijn twee of meer wegen (of spoorlijnen of
                                        industrieterreinen)</al></li><li nr="3."><al>er zijn één of meer wegen, spoorlijnen en/of
                                        industrieterreinen.</al></li></lijst><al/><al><cursief>Ad 1</cursief><cursief>, </cursief><cursief>er is één weg
                                    (of spoorlijn of industrieterrein)</cursief></al><al>Een gevel is geluidsluw, als voor deze gevel voldaan wordt aan de
                                voorkeursgrenswaarde.</al><al>In figuur B is een voorbeeld weergegeven van een woning langs een
                                weg. </al><al><plaatje><illustratie id="i657de3ae-3664-4326-af3e-d28e8b49842f" naam="i268030i657de3ae-3664-4326-af3e-d28e8b49842f.jpg" type="foto" breedte="6.6cm" hoogte="5.2cm"/></plaatje>De voorgevel wordt door het geluid van de langsrijdende
                                auto’s belast. Daarom moet een hogere waarde worden vastgesteld. De
                                achtergevel is door de woning afgeschermd van de weg. Zo wordt een
                                geluidsluwe gevel verkregen. De tuin die aan deze gevel grenst, is
                                dan een geluidsluwe buitenruimte.</al><al/><al><cursief>Ad 2</cursief><cursief>,</cursief><cursief> er zijn twee of
                                    meer wegen (of spoorlijnen of industrieterreinen)</cursief></al><al>Bij twee of meer wegen (of spoorlijnen of industrieterreinen) worden
                                    d<cursief>e
                                    geluid</cursief><cursief>s</cursief><cursief>belastingen
                                    opgeteld</cursief>. In dit geval moet één van de gevels van de
                                woning voldoen aan de voorkeursgrenswaarde.</al><al>In figuur C is een voorbeeld gegeven van twee rijen woningen langs
                                twee wegen. </al><al><plaatje><illustratie id="ic5a8056c-9dcc-42a7-9f10-f0ff38f1c30b" naam="i268032ic5a8056c-9dcc-42a7-9f10-f0ff38f1c30b.jpg" type="foto" breedte="5cm" hoogte="7.2cm"/></plaatje>De voorgevels van de woningen worden door het geluid van
                                de langsrijdende auto’s belast. De woningen die in de hoek aan
                                elkaar grenzen worden door het geluid van de auto’s van beide wegen
                                belast. Omdat de twee rijen woningen in de hoek tegen elkaar zijn
                                gebouwd, kan er geen geluid tussendoor. De woningen schermen het
                                geluid van de weg af. Zo heeft elke woning een geluidsluwe
                                achtergevel.</al><al>Door de tuinen van de woningen aan de geluidsluwe zijde te maken,
                                wordt ook voldaan aan de eis voor een geluidsluwe buitenruimte.</al><al/><al><cursief>Ad 3</cursief><cursief>,</cursief><cursief> er zijn één of
                                    meer wegen, spoorlijnen en/of industrieterreinen.</cursief></al><al>Als er geluid van verschillende soorten bronnen aanwezig is
                                (bijvoorbeeld een weg en een spoorlijn), moeten deze bronnen
                                    <cursief>gewogen</cursief> worden opgeteld. De reden is dat
                                railverkeerslawaai anders wordt ervaren dan wegverkeerslawaai. Zo is
                                de voorkeursgrenswaarde voor railverkeerslawaai 7 dB hoger dan voor
                                wegverkeerslawaai. De weging bestaat eruit dat met behulp van
                                formules de hinder van de verschillende bronnen in dB wordt
                                gelijkgetrokken.</al><al>Het gewogen optellen wordt beschreven in verschillende
                                rekenmethodes. Voor het optellen van geluid voor een hogere waarde,
                                is gekozen voor de rekenmethode volgens de Wet geluidhinder. Zie
                                paragraaf 4.3 voor een verwijzing naar deze rekenmethode.</al><al>In de Wet geluidhinder is een correctie (aftrek) opgenomen in
                                verband met de toekomstverwachting voor wegverkeer. Verwacht wordt
                                dat wegverkeer stiller wordt. Daarom wordt voor wegen met een
                                snelheid tot 70 km/h 5 dB afgetrokken en voor wegen met een snelheid
                                van 70 km / uur en hoger 2 dB.</al><al>Volgens de rekenmethode om verschillende soorten lawaai op te tellen
                                moet voor wegverkeerslawaai zonder aftrek worden gerekend. In het
                                Midden-Holland gebied wordt met deze rekenmethode echter inclusief
                                deze aftrek gerekend.</al><al>In figuur D is een voorbeeld gegeven van rondom aaneengesloten
                                bebouwing. </al><al><plaatje><illustratie id="iab9fea93-92fc-4e79-bd54-00c255e1aa76" naam="i268033iab9fea93-92fc-4e79-bd54-00c255e1aa76.jpg" type="foto" breedte="5cm" hoogte="6.6cm"/></plaatje>Aan de binnenzijde wordt een geluidsluwe gevel gemaakt. De
                                buitenzijde wordt belast door geluid. De binnenzijde van de
                                bebouwing wordt niet belast en is daardoor geluidsluw. Door aan de
                                binnenzijde de tuinen, of een tweede tuin te maken, is er ook een
                                geluidsluwe buitenruimte.</al></structuurtekst></paragraaf><paragraaf><kop><label>Alternatief voor geluidsluwe gevel</label></kop><structuurtekst><al>Er zijn natuurlijk ook situaties dat een geluidsluwe gevel niet
                                realiseerbaar is. In een dergelijk geval is er de mogelijkheid om
                                een afsluitbare buitenruimte te realiseren. Dit is bijvoorbeeld een
                                serre. </al><al>In de figuur 3.4 is een rij woningen weergegeven, die een serre
                                hebben aan de achterzijde van de woning. </al><al><plaatje><illustratie id="i5466f9bc-0240-4d92-b85c-584fdf6c817a" naam="i268035i5466f9bc-0240-4d92-b85c-584fdf6c817a.jpg" type="foto" breedte="4.7cm" hoogte="3.8cm"/></plaatje>In figuur 3.5 is deze rij woning nogmaals weergegeven,
                                maar nu schuin van de voorzijde. </al><al><plaatje><illustratie id="i5a9d949d-a183-409f-be76-2f56a850d9fa" naam="i268036i5a9d949d-a183-409f-be76-2f56a850d9fa.jpg" type="foto" breedte="4.7cm" hoogte="3.8cm"/></plaatje>In figuur 3.6 is een zijaanzicht en een bovenaanzicht van
                                een van deze woningen weergegeven. </al><al><plaatje><illustratie id="i40a1ed23-41e0-4417-a191-78c3faf30529" naam="i268037i40a1ed23-41e0-4417-a191-78c3faf30529.jpg" type="foto" breedte="4.7cm" hoogte="5.2cm"/></plaatje>Andere serre’s zijn ook mogelijk.</al><al>In figuur 3.4 is de woning in het rood weergegeven en de serre in
                                het blauw. De gevel tussen het rood en blauw wordt dan als
                                geluidsluwe gevel gezien. </al></structuurtekst></paragraaf><paragraaf><kop><label>Tot slot</label></kop><structuurtekst><al>In deze samenvatting zijn voorbeelden aangehaald. Er zijn natuurlijk
                                situaties denkbaar waarin voor andere oplossingen gekozen wordt die
                                hetzelfde effect hebben, namelijk goed omgaan met geluid op woningen
                                en andere geluidgevoelige bestemmingen. </al></structuurtekst></paragraaf></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>1 Inleiding</label></kop><structuurtekst><al>De Wet geluidhinder is opgezet om de hinder ten gevolge van geluid te
                            beperken. Aan de eisen uit deze wet dient voldaan te worden. Een van de
                            onderdelen in de Wet geluidhinder is de mogelijkheid tot het vaststellen
                            van Hogere waarden met als doel aan te geven dat de locatie voor geluid
                            minder geschikt is om te bouwen. </al><al/><al>Sinds de invoering van de Wet geluidhinder (1979) is er een systematiek
                            opgesteld voor het vaststellen van hogere waarden, met criteria waaraan
                            voldaan diende te worden. De Provincie Zuid-Holland, die de hogere
                            waarden voor 2007 vaststelde, had ook beleid vastgesteld waaraan een
                            hogere waarde diende te voldoen.</al><al>Sinds 2007 is de bevoegdheid voor het vaststellen van hogere waarden
                            grotendeels een bevoegdheid van de gemeente. Het vaststellen van een
                            hogere waarde is een afwegingsproces. Om dit eenduidig en consistent uit
                            te voeren is hiervoor in 2007 door de gemeente beleid vastgesteld.
                            Hierdoor hoeft niet in elk hogere waarde besluit het afwegingsproces
                            herhaald te worden, maar wordt steeds aangesloten bij het vastgestelde
                            hogere waarde beleid. Dit vereenvoudigt het vaststellen van de hogere
                            waarde besluiten. Inmiddels is het in steeds bredere kring bekend dat
                            een hoge geluidsbelasting een negatieve invloed heeft op het woonklimaat
                            en de gezondheid. Juist op locaties waar meer geluid aanwezig is, is een
                            hogere waarde procedure noodzakelijk. Om de negatieve invloed op het
                            woonklimaat en de gezondheid te verminderen, of te compenseren, zijn
                            enkele voorwaarden opgenomen waaraan voldaan dient te worden bij het
                            vaststellen van hogere waarden. Doel van het beleid is dan ook om in
                            geluidsbelaste situaties een acceptabel woon- en leefklimaat te bieden
                            ten aanzien van geluid.</al><al/><al>Tot nu toe wordt bij het vaststellen van hogere waarden uitgegaan van
                            het beleid uit 2007. Dit hogere waarde beleid komt in de plaats van het
                            eerder vastgestelde beleid. De voornaamste redenen voor de aanpassingen
                            zijn het verduidelijken van de berekening van de cumulatie en de uitleg
                            van de geluidsluwe gevel. Dit naar aanleiding van praktijkgevallen en
                            vragen van en discussies met derden.</al><al/><al>Het hogere waarde beleid wordt toegepast bij het vaststellen van hogere
                            waarden, door middel van een Hogere waarden besluit. Het Hogere waarde
                            besluit wordt genomen op basis van de Wet geluidhinder, bij ruimtelijke
                            procedures of reconstructiebesluiten. Door het volgen van een hogere
                            waarde procedure wordt het mogelijk gemaakt om op een locatie waar meer
                            geluid heerst dan de voorkeursgrenswaarde uit de Wet geluidhinder toch
                            nog woningen (of andere geluidgevoelige bestemmingen) te realiseren.
                            Door de koppeling met de procedures in het kader van de Wet ruimtelijke
                            ordening, is de hogere waarde nauw verbonden met deze Wet.</al><al/><al>Tijdens het opstellen van dit beleid, wordt het wetsvoorstel voor de
                            ‘geluidproductieplafonds’ (Swung 1) behandeld en mogelijk van kracht.
                            Ten aanzien van de hogere waarden van de gemeenten treden geen
                            wijzigingen op bij de inwerkingtreding van deze wet.</al><al/><tussenkop><cursief>L</cursief><cursief>eeswijzer</cursief></tussenkop><al>In hoofdstuk 2 wordt het wettelijk kader toegelicht. In hoofdstuk 3
                            worden voorbeelden gegeven over het omgaan met geluid in relatie met
                            bouwplannen. In hoofdstuk 4 worden de eisen uit de Wet geluidhinder
                            vermeldt ten aanzien van de hogere waarden, de aanvullende voorwaarden
                            alsmede een toelichting op deze aanvullende voorwaarden en hoe hiermee
                            omgegaan dient te worden. In hoofdstuk 5 is de relatie met andere
                            wetgeving vermeld, om het hogere waarde besluit beter te kunnen plaatsen
                            in het gehele traject van het realiseren van nieuwe ontwikkelingen.</al><al>Na hoofdstuk 5 zijn een literatuurverwijzing en een begrippenlijst
                            opgenomen. In bijlage 1 zijn de normen uit de Wet geluidhinder
                            opgenomen. In bijlage 2 is een stroomschema opgenomen, met daarin de
                            relatie tussen de hogere waarde procedure en een ruimtelijke
                            procedure.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>2 Wettelijk kader</label></kop><structuurtekst><al>In de Wet geluidhinder is opgenomen dat voor situaties waarbij een
                            voorkeursgrenswaarde wordt overschreden, een hogere waarde mag worden
                            vastgesteld tot een bepaald maximum, een maximale grenswaarde.</al><al/><al>In de Wet geluidhinder worden al deze waarden de ‘ten hoogste
                            toelaatbare geluidsbelastingen’ genoemd. Om verwarring te voorkomen
                            wordt in dit beleid gesproken over voorkeursgrenswaarde en maximale
                            grenswaarden.</al><al/><al>Een hogere waarde wordt vastgesteld in het gebied tussen de
                            voorkeursgrenswaarde en de maximale grenswaarde, zoals in de figuur
                            hiernaast is uitgebeeld.</al><al><plaatje><illustratie id="i7375e0f6-39f3-48de-8744-1cccb4df729c" naam="i268040i7375e0f6-39f3-48de-8744-1cccb4df729c.jpg" type="foto" breedte="3.8cm" hoogte="4.4cm"/></plaatje></al><al>De Wet geluidhinder kent een onderscheid in drie soorten lawaai,
                            namelijk:</al><lijst><li nr="-"><al>industrielawaai;</al></li><li nr="-"><al>wegverkeerslawaai en;</al></li><li nr="-"><al>railverkeerslawaai.</al></li></lijst><al/><al>Rondom de bronnen van deze soorten lawaai geldt een zone. Deze zone is
                            een aandachtsgebied waarbinnen akoestisch onderzoek uitgevoerd dient te
                            worden, indien sprake is van een van de hieronder genoemde
                            situaties.</al><al/><al>De voorkeursgrenswaarde en maximale grenswaarde is afhankelijk van de
                            situatie. De Wet geluidhinder onderscheidt hierin 3 situaties, te
                            weten:</al><lijst><li nr="-"><al>realisatie van een nieuwe geluidsgevoelige bestemming in de
                                    zone, of vervanging van bestaande woningen of andere
                                    geluidsgevoelige gebouwen door woningen in de zone;</al></li><li nr="-"><al>aanleg van een nieuwe bron, dat wil zeggen een industrieterrein,
                                    weg of spoorlijn, langs bestaande geluidsgevoelige
                                    bestemmingen;</al></li><li nr="-"><al>wijziging van een bron, dat wil zeggen: industrieterrein, weg of
                                    spoorlijn.</al></li></lijst><al/><al>Voor elke soort lawaai zijn de voorkeursgrenswaarden en maximale
                            grenswaarden voor deze drie situaties weergegeven in bijlage 1 (Normen
                            uit de Wet geluidhinder<vet>)</vet>. </al><al>De voorkeursgrenswaarden en maximale grenswaarden worden in tabellen
                            weergegeven en richten zich op de hogere waarden die door de
                            gemeentelijke overheden kunnen worden vastgesteld. In het kader van de
                            sanering en bij wijziging van de Rijksinfrastructuur stelt de Minister
                            van Infrastructuur en Milieu de hogere waarden vast. Hiervoor gelden
                            andere voorkeursgrenswaarden en maximale grenswaarden. Deze komen in dit
                            beleid niet aan bod.</al><al>Sanering betekend bij geluid onderzoek doen naar de geluidsbelasting in
                            saneringswoningen en als de geluidsbelasting boven een bepaalde waarde
                            komt worden maatregelen aan de woning getroffen.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>3 Geluid als kans</label></kop><structuurtekst><al>Het realiseren van geluidsgevoelige bestemmingen (meestal het bouwen van
                            woningen) op geluidsbelaste locaties is mogelijk, mits de uiteindelijke
                            leefkwaliteit voldoende aandacht krijgt en een bepaalde leefkwaliteit
                            wordt gerealiseerd. Uitgangspunt is dat wonen op locaties met hoge
                            geluidsbelastingen niet hoeft te leiden tot een toename van de
                            geluidshinder. Door geluid als kans te zien is het mogelijk om de
                            toename van de geluidshinder te voorkomen of zoveel mogelijk te beperken
                            en wel de gewenste ontwikkeling van wegen of bedrijvigheid te
                            realiseren. Door geluid in een vroeg stadium als ontwerp eis mee te
                            nemen, is het mogelijk om een goed woon- en leefklimaat te scheppen en
                            zo het aantal geluidsbelaste woningen minimaliseren. Voorwaarden om
                            hieraan te voldoen zijn een akoestisch juiste indeling van ruimten in de
                            woning en de realisatie van minimaal één geluidsluwe gevel en
                            buitenruimte.</al><al/><tussenkop><cursief>Minimalisering aantal
                                geluid</cursief><cursief>s</cursief><cursief>belaste
                                woningen</cursief></tussenkop><al>Bij het ontwerpen van de woningen dient de situering ten opzichte van de
                            weg, de spoorlijn of het industrieterrein in ogenschouw te worden
                            genomen.</al><al>In het volgende voorbeeld wordt een ontwikkeling langs een spoorlijn
                            weergegeven.</al><al>In figuur 2 zijn alle woningen loodrecht op de spoorweg gelegen. In
                            figuur 3 is de eerste rij woningen parallel aan de spoorlijn gelegen,
                            met daarachter de overige woningen.</al><al><plaatje><illustratie id="i23806f73-bfb3-4377-aa18-0ba2f9362c76" naam="i268045i23806f73-bfb3-4377-aa18-0ba2f9362c76.jpg" type="foto" breedte="9.8cm" hoogte="7.2cm"/></plaatje>De woningen die loodrecht op het spoor staan hebben aan twee
                            zijden een hoge geluidsbelasting en daarmee een slechte woonkwaliteit.
                            Dit is het nadeel van de woningen die loodrecht op de bron zijn
                            gesitueerd. Deze woningen hebben geen geluidsluwe gevel, terwijl een
                            geluidsluwe gevel goed is voor de gezondheid van de bewoners en het
                            woongenot verhoogt.</al><al><plaatje><illustratie id="ie112ddca-6083-4fe1-b306-c7100e78f72d" naam="i268105ie112ddca-6083-4fe1-b306-c7100e78f72d.jpg" type="foto" breedte="9.8cm" hoogte="6.3cm"/></plaatje>De woningen parallel aan de bron hebben een geluidsluwe gevel.
                            De woningen achter deze woningen hebben aan beide zijden een geluidsluwe
                            gevel, doordat de bebouwing parallel aan het spoor het geluid afschermt.
                            Dit geeft een verhoging van het woonklimaat ten opzichte van de situatie
                            in figuur 2. Hoe hoger de bebouwing langs de bron, hoe beter de
                            afscherming is. De bebouwing parallel aan de bron kan ook bestaan uit
                            niet geluidgevoelige functies, bijvoorbeeld bedrijven.</al><al/><tussenkop><cursief>Akoestische indeling</cursief></tussenkop><al>Door rekening te houden met de locatie van de geluidsbron, kan ervoor
                            worden gezorgd dat de verblijfsruimten aan de ‘stille zijde’ van de
                            woning worden gerealiseerd. Gedacht moet worden aan met name woon- en
                            slaapkamers.</al><al/><al>Hierna worden enkele voorbeelden aangehaald.</al><al>In het boekje Stille Woonwijk van Stichting Innonoise is dit op
                            bladzijde 35 door middel van figuren aangegeven.</al><al>Zo kunnen de woonkamers en slaapkamers zoveel mogelijk aan de ‘stille’
                            zijde van de woningen worden gesitueerd. De keuken, berging of
                            verkeersruimten kunnen dan aan de lawaaiige zijde worden gerealiseerd.
                            De blootstelling aan lawaai wordt op deze manier van indelen zo laag
                            mogelijk gehouden. Dit heeft geresulteerd in de voorwaarde, dat minimaal
                            een verblijfsruimte aan de geluidsluwe zijde moet zijn gesitueerd.</al><al/><al>Daarnaast wordt in het boekje aangegeven dat met de indeling van de
                            woningen hinderlijk geluid binnen de woning zoveel mogelijk kan worden
                            vermeden. Bijvoorbeeld door de woningen al dan niet gespiegeld te
                            realiseren of om in de kelder installaties te realiseren.</al><al> De figuren van bladzijde 35 uit het boekje Stille Woonwijk van
                            Stichting Innonoise zijn in figuur 4 weergegeven.</al><al><plaatje><illustratie id="i10038727-0cb6-429f-a47a-9855e0c9c658" naam="i268106i10038727-0cb6-429f-a47a-9855e0c9c658.jpg" type="foto" breedte="9.9cm" hoogte="6.6cm"/></plaatje><cursief>Geluid</cursief><cursief>s</cursief><cursief>luwe
                                gevel en geluid</cursief><cursief>s</cursief><cursief>luwe
                                buitenruimte</cursief></al><al>Met een geluidsluwe gevel wordt bedoeld een gevel waar de
                            geluidsbelasting laag is. En met een geluidsluwe buitenruimte wordt
                            bedoeld een buitenruimte die grenst aan een geluidsluwe gevel. Hoe wordt
                            een geluidsluwe gevel gerealiseerd? Hierna volgen een aantal
                            voorbeelden.</al><al/><al>Door het plaatsen van een scherm tussen de geluidsbon en de
                            geluidsbelaste locatie, wordt een geluidsluwe plek/locatie gerealiseerd.
                            Bij voldoende ruimte kan ook een geluidswal worden gerealiseerd. Zo
                            wordt het geluid op de gevel verminderd. </al><al>Bij een hoog liggende weg, kan met een relatief laag scherm een goede
                            afscherming worden gerealiseerd. Door achter dit scherm laagbouw te
                            realiseren, zal het geluid bij de bebouwing worden verminderd.</al><al>Als de afscherming niet leidt tot een voldoende verlaging van het geluid
                            op de gevel, wordt het woonklimaat nadelig beïnvloed. Het is dan nodig
                            om het vele geluid op deze gevel te compenseren met een gevel waar
                            minder of weinig geluid is. Dit wordt een geluidsluwe gevel genoemd.
                            Hiermee wordt het wooncomfort sterk verbeterd.</al><al/><al>Als er geen ruimte is voor een scherm, kan bijvoorbeeld een gebouw als
                            1<sup>e</sup>-lijns bebouwing als scherm worden gebruikt. Indien de
                            geluidsbelasting zeer hoog is, kan overwogen worden om een vliesgevel
                            (scherm vast aan gebouw) of dove gevel toe te passen.</al><al>Ook hier geldt dat het woonklimaat nadelig wordt beïnvloed door veel
                            geluid. Daarom is ook hier nodig om dit te compenseren door een gevel
                            met minder of weinig geluid. Hiermee wordt het wooncomfort
                            veraangenaamd. </al><al> Dit heeft geresulteerd in de voorwaarde dat een geluidsluwe gevel en/of
                            buitenruimte moet worden gerealiseerd. </al><al>In het eerder genoemde boekje Stille Woonwijk van de Stichting Innonoise
                            zijn op bladzijde 19 schematische tekeningen opgenomen. In figuur 5 zijn
                            deze figuren uit het boekje opgenomen. </al><al><plaatje><illustratie id="i0c7efddf-9595-4f42-b383-b6b66cdcf669" naam="i268107i0c7efddf-9595-4f42-b383-b6b66cdcf669.jpg" type="foto" breedte="9.9cm" hoogte="6.8cm"/></plaatje><cursief>Andere
                                </cursief><cursief>informatie</cursief></al><al>Naast het boekje van de Stichting Innonoise is er meer literatuur over
                            bouwen in relatie met geluid, bijvoorbeeld de factbook “Ruimtelijke
                            Ordening en Bouwgeoriënteerde maatregelen” van het Agentschap NL van het
                            Ministerie van infrastructuur en milieu, opgesteld door het CROW. Deze
                            factbook is te downloaden van de site:
                            http://www.stillerverkeer.nl/index.php?section=general&amp;subject=pss&amp;page=maatregelen.</al><al>In de literatuur verwijzing zijn nog een aantal publicaties
                            opgesomd.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>4 Beleid van de Regio Midden-Holland</label></kop><structuurtekst><al>Met de wijziging van de Wet geluidhinder in 2007 hebben de gemeenten
                            meer beleidsvrijheid gekregen om binnen het grenswaardenregime van de
                            Wet geluidhinder (tussen voorkeursgrenswaarde en maximale grenswaarde)
                            te opereren. Voor het vaststellen van Hogere Waarden hebben de gemeenten
                            een beleid vastgesteld.</al><al/><al>Een beperkte aanpassing van het beleid is gewenst. Zo is er vaak
                            discussie over de geluidsluwe gevel en geluidsluwe buitenruimte en de
                            wijze waarop dit berekend dient te worden. Ook wordt er in het beleid
                            verwezen naar het reken- en meetvoorschrift. Nu het reken- en
                            meetvoorschrift is aangepast, is het beleid onbedoeld strenger geworden.
                            Ook blijkt het beleid niet consequent te zijn voor de verschillende
                            soorten lawaai. Het laten veranderen van functie van bestaande gebouwen
                            of het opsplitsen van gebouwen is soms aanleiding om een bestemmingsplan
                            procedure te volgen en daarbij ook een hogere waarde procedure te
                            doorlopen. Maatregelen blijken in deze situaties niet altijd
                            realistisch. Daarnaast is het laten vervallen van de ontheffingscriteria
                            gewenst. De reden om de criteria uit het beleid van 2007 te laten
                            vervallen is dat de gemeente in het bestemmingsplan afweegt waarom
                            woningen (of andere geluidsgevoelige bestemmingen) op een bepaalde
                            locatie ontwikkeld worden. Het hanteren van de criteria blijkt dan een
                            dubbele toets te zijn.</al></structuurtekst><paragraaf><kop><label>4.1 Afweging bij Hogere waarde volgens de Wet geluidhinder</label></kop><structuurtekst><al>De doelstelling van de Wet geluidhinder is dat zoveel mogelijk wordt
                                voldaan aan de voorkeursgrenswaarde. Daarvoor kunnen maatregelen
                                worden toegepast. In een aantal gevallen is duidelijk dat deze
                                maatregelen onvoldoende of na afwegen van belangen onrealistisch
                                zijn. Dan bestaat de mogelijkheid om een hogere waarde vast te
                                stellen.</al><al/><tussenkop><cursief>M</cursief><cursief>aatrege</cursief><cursief>le</cursief><cursief>n</cursief></tussenkop><al>Bij het nemen van maatregelen ter beperking van geluidshinder legt
                                de Wet geluidhinder van oudsher prioriteit bij maatregelen aan de
                                bron, zoals bijvoorbeeld toepassing van stille wegdekken, een
                                vrachtwagenverbod of verlaging van de maximum snelheid. Als daarmee
                                onvoldoende effect wordt bereikt, komen maatregelen in de
                                overdrachtssfeer, wallen of schermen in aanmerking. Als laatste
                                worden maatregelen bij de ontvanger zoals bijvoorbeeld gevelisolatie
                                overwogen. De achtergrondgedachte van deze volgorde is een zo klein
                                mogelijk gebied aan een hoog geluidsniveau bloot te stellen. De
                                aandacht voor dit leidende principe is een wezenlijk element van de
                                Wet geluidhinder.</al><al/><tussenkop><cursief>A</cursief><cursief>fwegen van
                                belangen</cursief></tussenkop><al>Een hogere waarde wordt pas vastgesteld indien toepassing van
                                maatregelen, gericht op het terugbrengen van de geluidsbelasting tot
                                de voorkeursgrenswaarde:</al><lijst><li nr="-"><al>onvoldoende doeltreffend zal zijn, dan wel</al></li><li nr="-"><al>overwegende bezwaren ontmoet van:</al><lijst><li nr="o"><al>stedenbouwkundige, </al></li><li nr="o"><al>verkeerskundige, </al></li><li nr="o"><al>vervoerskundige, </al></li><li nr="o"><al>landschappelijke of </al></li><li nr="o"><al>financiële aard. </al></li></lijst></li></lijst><al>Burgemeester en wethouders van gemeenten in de regio Midden-Holland
                                stellen de hieronder opgenomen voorwaarden als beleidsregel
                                vast.</al></structuurtekst></paragraaf><paragraaf><kop><label>4.2 Voorwaarden</label></kop><artikel><kop><label>4.2.1 Geluidsluwe gevel</label></kop><al>Bij een hogere waarde van meer dan:</al><lijst><li nr="-"><al>53 dB wegverkeerslawaai of;</al></li><li nr="-"><al>60 dB railverkeerslawaai of;</al></li><li nr="-"><al>55 dB(A) industrielawaai</al></li></lijst><al>dient de woning of het andere geluidgevoelige gebouw gerealiseerd te
                                worden met een geluidsluwe gevel. Bij het van toepassing zijn van
                                een geluidsluwe gevel dient op elke verdieping met één of meer
                                verblijfsruimten, ten minste één verblijfsruimte (bij voorkeur in te
                                richten als slaapkamer) aan de geluidsluwe gevel te zijn
                                gesitueerd.</al></artikel><artikel><kop><label>4.2.2 Geluidsluwe buitenruimte</label></kop><al>Bij een hogere waarde van meer dan:</al><lijst><li nr="-"><al>53 dB wegverkeerslawaai of;</al></li><li nr="-"><al>60 dB railverkeerslawaai of;</al></li><li nr="-"><al>55 dB(A) industrielawaai</al></li></lijst><al>dient ten minste één buitenruimte van een woning of ander
                                geluidgevoelig gebouw aan een geluidsluwe gevel te zijn
                                gesitueerd.</al></artikel><artikel><kop><label>4.2.3 Alternatief voor geluidsluwe gevel en buitenruimte</label></kop><al>Indien een geluidsluwe gevel niet aanwezig is, geldt de
                                scheidingswand tussen een verblijfsruimte en een afsluitbare
                                buitenruimte als geluidsluwe gevel (waarbij de buitenruimte dusdanig
                                van afmetingen is dat deze de functie van buitenruimte kan
                                vervullen).</al></artikel><artikel><kop><label>4.2.4 Bestaande gebouwen</label></kop><al>In de situatie dat een bestaande woning of ander (geluidsgevoelig)
                                gebouw van functie wijzigt, bijvoorbeeld een grote woning wordt
                                opgesplitst in twee of meer woningen (of appartementen) kan worden
                                afgeweken van bovenstaande voorwaarden, als deze niet realiseerbaar
                                zijn.</al><al>Het vaststellen van hogere waarden vindt ook plaats bij bestaande
                                woningen of andere geluidsgevoelige gebouwen waarbij geen functie
                                wijziging plaatsvindt. Ook in deze situaties kan het zijn dat
                                maatregelen redelijkerwijs niet mogelijk of reëel zijn.</al><al>In het betreffende Hogere waarde besluit wordt dit gemotiveerd met
                                een verwijzing naar deze voorwaarde.</al></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>4.3 Geluidsluwe gevel, nadere toelichting</label></kop><structuurtekst><al>In de voorwaarden is aangegeven in welke gevallen een woning dient
                                te zijn voorzien van een geluidsluwe gevel. Aangezien een
                                geluidsluwe gevel voor bewoners een grote verbetering van het
                                leefklimaat is geldt in beginsel de voorwaarde voor een geluidsluwe
                                gevel. Een uitzondering kan worden gemaakt voor de wijziging van
                                bestaande bebouwing of voor het vaststellen van een hogere waarde
                                bij bestaande bebouwing die voor het vaststellen van de hogere
                                waarde al geen geluidsluwe gevel heeft en het redelijkerwijs niet
                                mogelijk is om een geluidsluwe gevel te realiseren.</al><al>Bij een eengezinswoning geldt als geluidsluwe gevel, de gevel op de
                                verdieping waar de buitenruimte aan grenst.</al><al/><al>In de regio Midden-Holland hanteren wij voor de geluidsluwe gevel de
                                volgende uitgangspunten:</al><lijst><li nr="-"><al>indien een woning of ander geluidsgevoelig gebouw wordt
                                        belast door één zoneringsplichtige bron, is een geluidsluwe
                                        gevel een gevel waar de voorkeursgrenswaarde voor deze bron
                                        niet wordt overschreden;</al></li><li nr="-"><al>indien een woning of ander geluidsgevoelig gebouw wordt
                                        belast door twee of meer zoneringsplichtige bronnen van één
                                        lawaaisoort (bijvoorbeeld twee wegen), is een geluidsluwe
                                        gevel een gevel waar de voorkeursgrenswaarde voor deze bron
                                        niet wordt overschreden door de som van de bronnen. Bij
                                        wegverkeerslawaai wordt dit bepaald inclusief aftrek artikel
                                        110g Wet geluidhinder juncto artikel 3.6 Reken en
                                        meetvoorschrift geluidhinder 2006;</al></li><li nr="-"><al>indien een woning of ander geluidsgevoelig gebouw wordt
                                        belast door twee of meer zoneringsplichtige bronnen van
                                        verschillende lawaaisoorten (bijvoorbeeld een weg en een
                                        spoorweg), is een geluidsluwe gevel een gevel waar de
                                        gecumuleerde geluidsbelasting niet meer bedraagt dan de
                                        voorkeursgrenswaarde, berekend overeenkomstig de methode uit
                                        hoofdstuk 2 van bijlage 1 van het reken en meetvoorschrift
                                        geluidhinder 2006 waarbij de geluidsbelasting van het
                                        wegverkeerslawaai inclusief aftrek artikel 110g Wet
                                        geluidhinder juncto artikel 3.6 Reken en meetvoorschrift
                                        geluidhinder 2006 is bepaald;</al></li></lijst></structuurtekst></paragraaf><paragraaf><kop><label>4.4 Geluidsluwe buitenruimten, nadere toelichting</label></kop><structuurtekst><al>In de voorwaarden is aangegeven in welke gevallen een geluidsluwe
                                buitenverblijfsruimte vereist is. Onder een geluidsluwe
                                buitenverblijfsruimte wordt verstaan een buitenverblijfsruimte die
                                grenst aan een geluidsluwe gevel. Voor geluidsluwe buitenruimten
                                geldt ook paragraaf 4.3. Hierbij wordt uitgegaan van het invallende
                                geluid op de gevel.</al><al>Het realiseren van een buitenruimte is vanuit dit beleid geen
                                verplichting. Deze eis geldt als een buitenruimte wordt
                                gerealiseerd.</al></structuurtekst></paragraaf><paragraaf><kop><label>4.5 Bestaande bebouwing, nadere toelichting</label></kop><structuurtekst><al>In sommige gevallen worden hogere waarden vastgesteld voor bestaande
                                gebouwen, waarvan de bestemming wordt gewijzigd, bijvoorbeeld een
                                woning wordt gesplitst in 4 woningen of een school wordt omgebouwd
                                tot woningen.</al><al>Ook kunnen hogere waarden vastgesteld worden voor bestaande woningen
                                of andere geluidsgevoelige bestemmingen waarbij de bestemming gelijk
                                blijft, bijvoorbeeld bij het aanleggen van een rotonde, wijzigen van
                                een weg of het aanleggen van een nieuwe weg.</al><al>Ook kunnen hogere waarden vastgesteld worden voor bestaande woningen
                                of andere geluidsgevoelige bestemmingen, terwijl de woningen al van
                                alle kanten worden belast door lawaai van geluidsbronnen.</al><al>In deze situaties is het vaak moeilijker om aan de voorwaarden uit
                                dit hoofdstuk te voldoen of kan niet voldaan worden aan de
                                voorwaarden. Dit laatste kan ook opgaan in geval van
                                monumenten.</al><al/><al>In dit soort situaties, die tot nu toe erg weinig zijn voorgekomen,
                                hebben burgemeester en wethouders de mogelijkheid om af te wijken
                                van de voorwaarden uit dit beleid. In het hogere waarde besluit
                                wordt dit gemeld als afwijking van het hogere waarde beleid vanwege
                                bestaande bebouwing zonder mogelijkheid van het aanbrengen van
                                voorzieningen, waarbij de redenen waarom maatregelen niet (kunnen)
                                worden getroffen, worden genoemd.</al></structuurtekst></paragraaf><paragraaf><kop><label>4.6 Dove gevel</label></kop><structuurtekst><al>De regio Midden-Holland wenst het gebruik van de zogenaamde “dove
                                gevel” zoveel mogelijk te vermijden. Daar waar dit niet anders kan
                                dient het aantal “dove gevels” per woning tot maximaal één te worden
                                beperkt. Per woning dient tenminste één gevel geluidsluw te zijn,
                                met inachtneming van de uitzonderingen zoals genoemd in paragraaf
                                4.5.</al></structuurtekst></paragraaf><paragraaf><kop><label>4.7 Andere geluidsgevoelige gebouwen</label></kop><structuurtekst><al>De Wet geluidhinder kent een opsomming van geluidsgevoelige
                                bestemmingen, naast woningen ook geluidsgevoelige gebouwen, andere
                                gezondheidszorggebouwen en geluidsgevoelige terreinen. Voor de
                                gebouwen gelden ook de voorwaarden, met dien verstande dat het
                                beleid op het gehele gebouw wordt getoetst en niet op elk onderdeel
                                van het gebouw. Voor de geluidgevoelige terreinen geldt dit beleid
                                niet.</al></structuurtekst></paragraaf><paragraaf><kop><label>4.8 Interimwet stad-en-milieubenadering</label></kop><structuurtekst><al>De regio Midden-Holland heeft als uitgangspunt het gebruik van stap
                                3 van de systematiek van de Interimwet stad-en-milieubenadering
                                zoveel mogelijk te vermijden. (Dit betekent het zoveel mogelijk
                                vermijden van het afwijken van de milieunormen.) Dit is conform de
                                systematiek van de Wet geluidhinder. Daar waar dit niet anders kan
                                zal de regio Midden-Holland bij het verlenen van hogere waarden
                                zoveel mogelijk aansluiting zoeken bij de beleidsregel Hogere
                                waarden. Wel zijn afwijkingen van deze beleidsregel mogelijk, voor
                                situaties die uitzonderlijk zijn. Dit ter beoordeling van het
                                College van burgemeester en wethouders.</al></structuurtekst></paragraaf><paragraaf><kop><label>4.9 Onderzoek naar maatregelen</label></kop><structuurtekst><al>Zoals in paragraaf 4.1 is vermeld, wordt in de Wet geluidhinder
                                onderscheid gemaakt in maatregelen bij de bron, in de overdracht en
                                bij de ontvangers.</al><al>Het toepassen van bron- en overdrachtsmaatregelen zal voor enkele
                                woningen vanwege de kosten niet realistisch zijn. Aangezien het een
                                bepaling is in de Wet geluidhinder, zullen keuzes omtrent
                                maatregelen in de hogere waarden besluiten moeten worden
                                gemotiveerd.</al><al/><tussenkop><cursief>Bronmaatregelen</cursief></tussenkop><al>Per soort lawaai zijn de te onderzoeken bronmaatregelen:</al><al>Wegverkeerslawaai: stil asfalt of ander stil wegdek, lagere
                                snelheid</al><al>Railverkeerslawaai: raildempers</al><al>Industrielawaai: per bron geluidsmaatregelen bekijken</al><al>Voor een aantal wegen is de gemeente bronbeheerder. Bij het verlenen
                                van hogere waarden ten behoeve van gemeentelijke wegen zal de
                                gemeente onderzoeken of een stil wegdek kan worden gerealiseerd. Dit
                                wordt opgenomen in het beleid voor de uitvoering van het onderhoud
                                van de wegdekken.</al><al/><tussenkop><cursief>Overdrachtsmaatregelen</cursief></tussenkop><al>Met overdrachtsmaatregelen worden geluidsschermen en wallen bedoeld.
                                Een geluidsscherm kost al snel circa € 600 /m2. Aangezien de
                                afscherming tussen een woning of ander geluidsgevoelig gebouw voor
                                een goede werking een behoorlijke lengte dient te hebben, nemen de
                                kosten voor een geluidsscherm al snel toe. Voor een bouwplan van ten
                                hoogste vier woningen langs één weg hoeven overdrachtsmaatregelen
                                dan ook niet te worden onderzocht. </al><al>In de regio Midden-Holland is de bodem zeer slap. Het toepassen van
                                wallen betekent dat met grote regelmaat de wal onderhouden zal
                                moeten worden. Daarom zullen wallen in de regio niet snel worden
                                toegepast.</al><al>Binnenstedelijk zal voor de realisatie van een scherm meestal geen
                                plaats zijn. Daarnaast zal een scherm ook onderbroken moeten worden
                                voor zijwegen. Het realiseren van een scherm stuit dan ook al snel
                                op stedenbouwkundige bezwaren.</al><al>Om zorg te dragen voor het realiseren van de maatregelen, dienen
                                deze in de regels en op de verbeelding van het bestemmingsplan
                                opgenomen te worden. Zie hiervoor ook paragraaf 5.1</al><al>Zoals eerder geschreven, kunnen maatregelen bij de ontvanger worden
                                getroffen als maatregelen aan de bron of in de overdracht niet
                                voldoende zijn of niet realiseerbaar zijn.</al><al/><tussenkop><cursief>Maatregelen bij de ontvanger</cursief></tussenkop><al>Maatregelen bij de ontvanger bestaan bijvoorbeeld uit een dove
                                gevel, of een gevel met een betere geluidsisolatie dan de
                                standaardwaarde van 20 dB volgens het Bouwbesluit. Ook een
                                vliesgevel, verhoogde borstwering of een gesloten paneel in het
                                verlengde van een gevel (om een geluidsluwe gevel te creëren) kan
                                een maatregel bij de ontvanger zijn.</al><al>De maatregelen zijn over het algemeen beschreven in een akoestisch
                                rapport. De maatregelen dienen in het bestemmingsplan te worden
                                opgenomen, om de maatregelen ook af te kunnen dwingen.</al><al>Indien het bestemmingsplan alleen de mogelijkheid van nieuwbouw
                                mogelijk maakt, dienen tevens de voorwaarden uit het hogere waarde
                                beleid in het bestemmingsplan te worden opgenomen. In gevallen waar
                                tevens een bouwplan bekend is, dienen aanvullende eisen die
                                voortvloeien uit de afweging van het hogere waarde besluit in het
                                bestemmingsplan te worden opgenomen. Zie hiervoor ook paragraaf
                                5.1.</al><al>Bij bestaande gebouwen zal onderzocht moeten worden of voldaan wordt
                                aan de wettelijke geluidsbelasting in de woningen.</al></structuurtekst></paragraaf><paragraaf><kop><label>4.10 Overgangstermijn</label></kop><structuurtekst><al>Akoestische rapporten die zijn uitgevoerd op basis van het vorige
                                hogere waarde beleid, kunnen door de gemeente nog worden gebruikt
                                bij het vaststellen van het hogere besluit, met een maximum termijn
                                van 1 jaar na vaststelling van dit beleid. Tevens kan de gemeente
                                bij het vaststellen van dit beleid, de projecten/ontwikkelingen
                                vermelden waarbij het oude beleid mag worden gehanteerd. </al></structuurtekst></paragraaf></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>5 Relaties met overige wet- en regelgeving</label></kop><structuurtekst><al>In dit hoofdstuk wordt de werking van het Hogere waarde besluit
                            toegelicht. </al></structuurtekst><paragraaf><kop><label>5.1 Relatie met ruimtelijk plannen, Wro</label></kop><structuurtekst><al>Een hogere waarde besluit wordt genomen als niet voldaan kan worden
                                aan de voorkeursgrenswaarde uit de Wet geluidhinder. Vanwege de
                                formulering van de Wet ruimtelijke ordening, dient eerst de hogere
                                waarde te zijn vastgesteld alvorens het bestemmingsplan kan worden
                                vastgesteld. In bijlage 2 is het een en ander met betrekking tot de
                                procedurele aspecten in een schema weergegeven.</al><al>In de Wet geluidhinder is opgenomen dat er een afweging dient plaats
                                te vinden, voordat een hogere waarde wordt vastgesteld. In dit
                                afwegingsproces bestaat de mogelijkheid dat nadere eisen gelden
                                en/of voorzieningen dienen te worden getroffen.</al><al>Het afdwingen van voorzieningen dient plaats te vinden op grond van
                                het bestemmingsplan. Daartoe dienen de voorwaarden die voortvloeien
                                uit het hogere waarde besluit opgenomen te worden in (regels bij)
                                het bestemmingsplan. De voorzieningen zijn dan afdwingbaar en
                                toesbaar.</al><al>Deze werkwijze is in overeenstemming met jurisprudentie van de Raad
                                van State.</al></structuurtekst></paragraaf><paragraaf><kop><label>5.2 Relatie met WABO vergunningen</label></kop><structuurtekst><al>In een WABO vergunning kan ook een afwijking van het bestemmingsplan
                                zijn opgenomen. Een relatie tussen een hogere waarde besluit en een
                                WABO vergunning is dan analoog aan de relatie tussen een hogere
                                waarde besluit en een bestemmingsplan.</al><al>De eisen die voortvloeien uit een hogere waarde besluit dienen dan
                                te worden opgenomen in de WABO-vergunning. </al></structuurtekst></paragraaf><paragraaf><kop><label>5.3 Relatie met binnenwaarde en bouwvergunning (WABO vergunning voor bouwen)</label></kop><structuurtekst><al>Na het doorlopen van een bestemmingsplanprocedure (hiermee wordt
                                bijvoorbeeld ook een projectbesluit of uitwerkingsplan bedoeld) en
                                het vaststellen van een hogere waarde, wordt de bouw van woningen
                                (of andere geluidsgevoelige gebouwen) gerealiseerd met een WABO
                                vergunning, al dan niet alleen voor bouwen. In het kader van het
                                Bouwbesluit wordt gekeken naar de gevelwering, die in relatie staat
                                met de geluidsbelasting in de woning (binnenwaarde). </al><al>In het kader van een goede Ruimtelijke Ordening dienen ook wegen met
                                een maximum snelheid van 30 km/h in beeld gebracht te worden. Voor
                                de gevelwering worden deze geluidsbelastingen ook meegenomen.</al><al>Bij het verlenen van een hogere waarde kan meestal niet volstaan
                                worden met een standaard gevel overeenkomstig het Bouwbesluit. De
                                aanvrager van een bouwvergunning zal dan moeten aantonen met welke
                                maatregelen hij kan voldoen aan de geluidseisen uit het
                                Bouwbesluit.</al></structuurtekst></paragraaf><paragraaf><kop><label>5.4 Spectrum bij railverkeerslawaai</label></kop><structuurtekst><al>Op de spoorlijn van Rotterdam naar Utrecht en vice versa rijdt een
                                groot aantal goederentreinen. Goederentreinen veroorzaken geluid in
                                een ander spectrum dan personentreinen. Daarom dient voor het
                                bepalen van de geluidsbelasting ten gevolge van het railverkeer op
                                deze spoorlijn in de woning (binnenwaarde) uitgegaan te worden van
                                het spectrum voor wegverkeerslawaai. Op de overige spoorlijnen wordt
                                uitgegaan van het spectrum voor railverkeerslawaai.</al></structuurtekst></paragraaf><paragraaf><kop><label>5.5 Reconstructie</label></kop><structuurtekst><al>De Wgh kent ook wijzigingen aan de weg die binnen het
                                bestemmingsplan uitgevoerd kunnen worden, maar waarbij wel de
                                geluidsbelasting toeneemt. Bij wegverkeerslawaai geldt een toename
                                van 2 dB of meer en bij railverkeerslawaai een toename van 3 dB of
                                meer als zijnde reconstructie. Indien maatregelen niet doeltreffend
                                zijn of bezwaren ontmoeten van stedenbouwkundige, verkeerskundige,
                                vervoerskundige, landschappelijke of financiële aard dient een
                                reconstructiebesluit en een hogere waarde besluit genomen te worden. </al><al>Naast ruimtelijke procedures kunnen hogere waarden ook voorkomen bij
                                reconstructies. </al></structuurtekst></paragraaf></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Literatuur verwijzingen</label></kop><structuurtekst><al>Wet geluidhinder, Ministerie van VROM (tegenwoordig Ministerie van
                            Infrastructuur en Milieu), 2011</al><al>Hoe ongezond is geluid?, TNO, ISBN 90-6743-476-0</al><al>Stille Woonwijk, Stichting Innonoise, www.innonoise.nl </al><al>Geluid als kans, geluidskwaliteit in de woonomgeving, eindredactie
                            Lucien Doorduijn en Twan Jütte, Stichting Innonoise, 2005, ISBN
                            90-810158-1-8</al><al>Geluid als 2<sup>e</sup> kans, van geluidhinder naar geluidkwaliteit,
                            Michel van Kesteren en Rik Roelofsen, Stichting Innonoise 2010, ISBN
                            978-90-810-158-2-0</al><al>Bouwen op geluidsbelaste Locaties, toolbos met oplossingen en
                            ontwerpprincipes, DCMR Milieudienst Rijnmond, december 2007</al><al>Bestemmingsplan Weide Wiericke te Nieuwerbrug, gemeente
                            Bodegraven-Reeuwijk.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Definities</label></kop><structuurtekst><al><cursief>Andere geluidsgevoelige gebouwen</cursief> (artikel 1
                            Wgh):</al><lijst><li nr="1°."><al>onderwijsgebouwen;</al></li><li nr="2°."><al>ziekenhuizen en verpleeghuizen;</al></li><li nr="3°."><al>bij algemene maatregel van bestuur aan te wijzen andere
                                    gezondheidszorggebouwen dan bedoeld onder 2°;</al></li></lijst><al>delen van het gebouw die niet zijn bestemd voor geluidsgevoelige
                            onderwijsactiviteiten maken voor de toepassing van deze wet geen deel
                            uit van een onderwijsgebouw;</al><al/><al><cursief>Andere gezondheidszorggebouwen</cursief> (artikel 1.2
                            Bgh):</al><lijst><li nr="a."><al>verzorgingstehuizen;</al></li><li nr="b."><al>psychiatrische inrichtingen;</al></li><li nr="c."><al>medisch centra;</al></li><li nr="d."><al>poliklinieken, en</al></li><li nr="e."><al>medische kleuterdagverblijven.</al></li></lijst><al/><al><cursief>Cumulatie</cursief>:</al><al>Optellen van de bronnen van verschillende soorten lawaai. Voor
                            wegverkeerslawaai wordt uitgegaan van de berekende waarde inclusief
                            aftrek van artikel 110g Wgh juncto artikel 3.6 van het Reken en
                            meetvoorschrift geluidhinder 2006, geldig op 1 januari 2012 </al><al/><al><cursief>Dove gevel</cursief>(artikel 1 en artikel 1b lid 5
                            van de Wet geluidhinder):</al><al>Bouwkundige constructie die een ruimte in een woning of gebouw scheidt
                            van de buitenlucht, daaronder begrepen het dak, waarin:</al><lijst><li nr="-"><al>geen te openen delen aanwezig zijn en met een in NEN 5077
                                    bedoelde karakteristieke geluidwering die ten minste gelijk is
                                    aan het verschil tussen de geluidsbelasting van die constructie
                                    en 33 dB onderscheidenlijk 35 dB(A) of</al></li><li nr="-"><al>alleen bij uitzondering te openen delen aanwezig zijn, mits de
                                    delen niet direct grenzen aan een geluidsgevoelige ruimte
                                    (bijvoorbeeld een nooduitgang in een gang).</al></li></lijst><al/><al><cursief>Geluidsgevoelige ruimte</cursief>(artikel 1
                            Wgh):</al><al>ruimte binnen een woning voor zover die kennelijk als slaap-, woon-, of
                            eetkamer wordt gebruikt of voor een zodanig gebruik is bestemd, alsmede
                            een keuken van ten minste 11 m<sup>2</sup>;</al><al/><al><cursief>Geluidsgevoelige terreinen</cursief>(artikel 1
                            Wgh):</al><lijst><li nr="1°."><al>terreinen die behoren bij andere gezondheidszorggebouwen dan
                                    algemene, categorale en academische ziekenhuizen, alsmede
                                    verpleeghuizen, voor zover deze bestemd zijn of worden gebruikt
                                    voor de in die gebouwen verleende zorg, of</al></li><li nr="2°."><al>woonwagenstandplaatsen;</al></li></lijst><al/><al><cursief>Geluidsluwe buitenruimte:</cursief></al><al>Buitenverblijfsruimte die grenst aan een geluidsluwe gevel. Zie
                            paragraaf 4.4.</al><al/><al><cursief>Geluidsluwe gevel</cursief><cursief>: </cursief></al><al>Gevel van de woning, die voldoet aan de voorkeursgrenswaarde van de
                            lawaaisoort waarvoor een hogere waarde wordt verleend. De
                            voorkeursgrenswaarde wordt ook niet overschreden door de som van het
                            geluid van de bronnen of de cumulatie van het geluid van de bronnen. Zie
                            paragraaf 4.3</al><al/><al><cursief>Reken- en meetvoorschrift</cursief></al><al>Voor de berekening van de geluidsluwe gevel, wordt uitgegaan van
                            hoofdstuk 1 van bijlage 1 het Reken- en meetvoorschrift geluidhinder
                            2006, geldig op 1 januari 2012.</al><al/><al><cursief>Sommatie</cursief></al><al>Optellen van bronnen van dezelfde soort lawaai. </al><al/><al><cursief>Verblijfsruimten </cursief>(artikel 1.1 Bgh):</al><lijst><li nr="1°."><al>leslokalen en theorielokalen van onderwijsgebouwen;</al></li><li nr="2°."><al>onderzoeks- en behandelingsruimten van ziekenhuizen en
                                    verpleeghuizen;</al></li><li nr="3°."><al>onderzoeks-, behandelings-, recreatie-, en conversatieruimten,
                                    alsmede woon- en slaapruimten van andere gezondheidszorggebouwen
                                    als bedoeld in artikel 1.2;</al></li><li nr="4°."><al>theorievaklokalen van onderwijsgebouwen;</al></li><li nr="5°."><al>ruimten voor patiëntenhuisvesting, alsmede recreatie- en
                                    conversatieruimten van ziekenhuizen en verpleeghuizen;</al></li></lijst><al/><al><cursief>W</cursief><cursief>oning</cursief>(artikel 1
                            Wgh):</al><al>gebouw dat voor bewoning gebruikt wordt of daartoe bestemd is;</al><al/><al><cursief>Woonwagenstandplaats</cursief>(artikel 1 Wgh):</al><al>standplaats als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder e, van de
                            Huisvestingswet.</al><al/><al><cursief>Lawaaisoort:</cursief> industrielawaai, wegverkeerslawaai of
                            railverkeerslawaai</al><al/><al><onderstreept>Afkortingen</onderstreept>:</al><al><cursief>Wgh</cursief>, staat voor Wet geluidhinder</al><al><cursief>Bgh</cursief>, staat voor Besluit geluidhinder</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Bijlage 1</label></kop></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Normen uit de Wet geluidhinder</label></kop><structuurtekst><al>In de Wet geluidhinder (Wgh) en het Besluit geluidhinder (Bgh) zijn de
                            normen opgenomen waaraan getoetst dient te worden. De normen zijn
                            verdeeld per soort lawaai, industrielawaai, wegverkeerslawaai en
                            railverkeerslawaai. Vervolgens wordt een onderscheid gemaakt in de
                            realisatie van nieuwe woningen (of andere geluidgevoelige bestemmingen),
                            de realisatie van een nieuwe bron (de aanleg van een nieuwe weg of een
                            spoorlijn danwel industrieterrein) of wijzigingen van een bron. </al></structuurtekst><paragraaf><kop><label>1.1 Industrieterreinen</label></kop><artikel><kop><label>1.1.1 Realisatie van nieuwe of vervanging van bestaande geluidsgevoelige bestemming</label></kop><al>Bij het realiseren van nieuwe of het vervangen van bestaande
                                geluidsgevoelige bestemmingen zijn de artikelen 48 tot en met 50 en
                                57 tot en met 61 van de Wet geluidhinder van toepassing. Hierin zijn
                                de voorkeursgrenswaarden en maximale grenswaarden voor woningen
                                weergegeven. Voor andere geluidsgevoelige gebouwen en
                                geluidsgevoelige terreinen is de voorkeursgrenswaarde in artikel 2.1
                                Bgh opgenomen en de maximale grenswaarde in artikel 2.2 Bgh.</al><al/><al>Tabel 1.1 – Ten hoogst toelaatbare geluidsbelasting voor nieuwe of
                                vervanging van bestaande geluidsgevoelige bestemming bij
                                industrielawaai.</al><table><tgroup cols="3"><tbody><row><entry colname="col1"><al><vet>bestemming</vet></al></entry><entry colname="col2"><al><vet>Voorkeursgrenswaarde
                                                  [dB(A)]</vet></al></entry><entry colname="col3"><al><vet>Maximale Grenswaarde [dB(A)]</vet></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Woningen</al></entry><entry colname="col2"><al>50</al></entry><entry colname="col3"><al>55</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Woningen, binnen de zone van een
                                                  industrieterrein met zeehavengebonden
                                                  activiteiten<sup>1</sup></al></entry><entry colname="col2"><al>50</al></entry><entry colname="col3"><al>60</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Woningen, ter vervanging van bestaande woningen
                                                  of andere geluidgevoelige
                                                  gebouwen<sup>2</sup></al></entry><entry colname="col2"><al>50</al></entry><entry colname="col3"><al>65</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Onderwijsgebouwen, ziekenhuizen en
                                                  verpleeghuizen </al></entry><entry colname="col2"><al>50</al></entry><entry colname="col3"><al>60</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Andere gezondheidszorggebouwen</al></entry><entry colname="col2"><al>50</al></entry><entry colname="col3"><al>55</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Woonwagenstandplaatsen</al></entry><entry colname="col2"><al>50</al></entry><entry colname="col3"><al>55</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Buitenterreinen</al></entry><entry colname="col2"><al>50</al></entry><entry colname="col3"><al>55</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al><sup>1</sup> De zeehavengebonden activiteiten dienen
                                noodzakelijkerwijs in de open lucht plaats te vinden. Daarnaast
                                dienen deze woningen te worden gebouwd in het kader van een
                                herstructurering, planmatige verdichting van een bestaand woongebied
                                of aansluitend aan het bestaande woongebied en slechts sprake is van
                                een beperkte uitbreiding van het bestaande woongebied. (Artikel 50
                                Wgh)</al><al><sup>2</sup> Als woningen worden gebouwd ter vervanging van de
                                bestaande woningen of andere geluidgevoelige gebouwen en dat dit
                                niet zal leiden tot een ingrijpende wijziging van de bestaande
                                stedenbouwkundige functie of structuur of een wezenlijke toename van
                                het aantal geluidgehinderden bij toetsing op bouwplanniveau voor ten
                                hoogste 100 woningen. (Artikel 51 Wgh)</al></artikel><artikel><kop><label>1.1.2 Aanleg nieuw industrieterrein</label></kop><al>De voorkeursgrenswaarde is in alle gevallen 50 dB(A). Daarnaast
                                geldt voor de geluidsgevoelige objecten een ten hoogste toelaatbare
                                waarde van 55 dB()A of 60 dB(A). In tabel 1.2 zijn de
                                voorkeursgrenswaarden en maximale grenswaarden per bestemming
                                opgesomd.</al><al>Het vaststellen van nieuwe zones vindt plaats volgens de artikelen
                                40 tot en met 49 van de Wet geluidhinder.</al><al/><al>Tabel 1.2 – Hogere waarden bij de aanleg van een nieuw
                                industrieterrein.</al><table><tgroup cols="3"><tbody><row><entry colname="col1"><al><vet>bestemming</vet></al></entry><entry colname="col2"><al><vet>Voorkeursgrenswaarde
                                                  [dB(A)]</vet></al></entry><entry colname="col3"><al><vet>Maximale Grenswaarde [dB(A)]</vet></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Woningen, geprojecteerd</al></entry><entry colname="col2"><al>50</al></entry><entry colname="col3"><al>55</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Woningen, aanwezig of in aanbouw</al></entry><entry colname="col2"><al>50</al></entry><entry colname="col3"><al>60</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Onderwijsgebouwen, ziekenhuizen en
                                                  verpleeghuizen</al></entry><entry colname="col2"><al>50</al></entry><entry colname="col3"><al>60</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Andere gezondheidszorggebouwen</al></entry><entry colname="col2"><al>50</al></entry><entry colname="col3"><al>55</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Buitenterreinen</al></entry><entry colname="col2"><al>50</al></entry><entry colname="col3"><al>55</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Woonwagenstandplaatsen</al></entry><entry colname="col2"><al>50</al></entry><entry colname="col3"><al>55</al></entry></row></tbody></tgroup></table></artikel><artikel><kop><label>1.1.3 Wijziging van een industrieterrein</label></kop><al>De voorkeursgrenswaarde en maximale grenswaarden voor woningen zijn
                                overgenomen uit de artikelen 40 tot en met 49 en 53 tot en met 56
                                van de Wet geluidhinder. De voorkeursgrenswaarde en maximale
                                grenswaarden voor andere geluidsgevoelige gebouwen en
                                geluidsgevoelige terreinen zijn overgenomen uit de artikelen 2.1 en
                                2.2 van het Besluit geluidhinder.</al><al/><al>Tabel 1.3 - Hogere waarden bij wijziging van een zone van een
                                industrieterrein.</al><table><tgroup cols="3"><tbody><row><entry colname="col1"><al><vet>bestemming</vet></al></entry><entry colname="col2"><al><vet>Voorkeursgrenswaarde
                                                  </vet><vet>[dB(A)]</vet></al></entry><entry colname="col3"><al><vet>maximale grenswaarde
                                                  </vet><vet>[dB(A)]</vet></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>woningen, geprojecteerd</al></entry><entry colname="col2"><al>indien eerder vastgestelde hogere waarde, deze
                                                  vastgestelde hogere waarde.</al></entry><entry colname="col3"><al>5 dB(A) hoger dan de eerder vastgestelde waarde, </al><al>met een maximum van 55</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>anders 50 dB(A)</al></entry><entry colname="col3"><al>55</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>woningen, aanwezig of in aanbouw</al></entry><entry colname="col2"><al>indien eerder vastgestelde hogere waarde, deze
                                                  vastgestelde hogere waarde.</al></entry><entry colname="col3"><al>5 dB(A) hoger dan de eerder vastgestelde waarde,
                                                  met een maximum van 60</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>anders 50 dB(A)</al></entry><entry colname="col3"><al>60</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>onderwijsgebouwen, ziekenhuizen en
                                                  verpleeghuizen, bij de eerste zonevaststelling
                                                  geprojecteerd</al></entry><entry colname="col2"><al>50 dB(A)</al></entry><entry colname="col3"><al>5 dB(A) hoger dan de eerder vastgestelde waarde, </al><al>met een maximum van 55</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>onderwijsgebouwen, ziekenhuizen en
                                                  verpleeghuizen, bij de eerste zonevaststelling
                                                  aanwezig of in aanbouw</al></entry><entry colname="col2"><al>50 dB(A)</al></entry><entry colname="col3"><al>5 dB(A) hoger dan de eerder vastgestelde waarde, </al><al>met een maximum van 60</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Andere gezondheidszorg gebouwen</al></entry><entry colname="col2"><al>50 dB(A)</al></entry><entry colname="col3"><al>55 dB(A)</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Buitenterreinen en woonwagenstandplaatsen, bij
                                                  de eerste zonevaststelling geprojecteerd</al></entry><entry colname="col2"><al>50 dB(A)</al></entry><entry colname="col3"><al>5 dB(A) hoger dan de eerder vastgestelde waarde, </al><al>met een maximum van 55</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Buitenterreinen en woonwagenstandplaatsen, bij
                                                  de eerste zonevaststelling aanwezig of in
                                                  aanbouw</al></entry><entry colname="col2"><al>50 dB(A)</al></entry><entry colname="col3"><al>5 dB(A) hoger dan de eerder vastgestelde waarde, </al><al>met een maximum van 60</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al>Bij wijziging van een hogere waarde, dient het binnenniveau
                                onderzocht te worden. Degene voor wie de waarde op de gevel wordt
                                verhoogd, dient de kosten die voortvloeien uit de verhoging te
                                bekostigen. Het binnenniveau bedraagt 35 dB(A), tenzij eerder door
                                de minister in het kader van de sanering een hogere waarde is
                                vastgesteld van meer dan 55 dB(A). Het binnenniveau bedraagt dan 40
                                dB(A).</al></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>1.2 Wegen</label></kop><artikel><kop><label>1.2.1 Realisatie nieuwe geluidsgevoelige bestemmingen en vervanging van bestaande geluidsgevoelige gebouwen</label></kop><al>De voorkeursgrenswaarden voor wegverkeerslawaai zijn overgenomen uit
                                artikel 82 Wgh (woningen) en artikel 3.1 Bgh (andere
                                geluidsgevoelige bestemmingen). De maximale grenswaarden voor
                                wegverkeerslawaai zijn overgenomen uit artikel 83 Wgh (woningen) en
                                artikel 3.2 Bgh (andere geluidsgevoelige bestemmingen).</al><al/><al>Tabel 1.4 – Voorkeurs- en maximale grenswaarden ten gevolge van
                                wegverkeerslawaai bij realisatie nieuwe geluidsgevoelige
                                bestemmingen en vervanging van bestaande geluidsgevoelige
                                gebouwen.</al><table><tgroup cols="5"><tbody><row><entry colname="col1"><al><vet>bestemming</vet></al></entry><entry colname="col2"><al><vet>locatie</vet></al></entry><entry colname="col3"><al><vet>weg</vet></al></entry><entry colname="col4"><al><vet>Voorkeursgrenswaarde
                                                  [dB]</vet></al></entry><entry colname="col5"><al><vet>Maximale grenswaarde</vet></al><al><vet>[dB]</vet></al></entry></row><row><entry colname="col1" morerows="3"><al>Woningen</al></entry><entry colname="col2" morerows="1"><al>Binnen bebouwde kom</al></entry><entry colname="col3"><al>Lokale en provinciale wegen</al></entry><entry colname="col4"><al>48</al></entry><entry colname="col5"><al>63</al></entry></row><row><entry colname="col3"><al>Auto(snel)wegen</al></entry><entry colname="col4"><al>48</al></entry><entry colname="col5"><al>53</al></entry></row><row><entry colname="col2" morerows="1"><al>Buiten bebouwde kom</al></entry><entry colname="col3"><al>Lokale en provinciale wegen</al></entry><entry colname="col4"><al>48</al></entry><entry colname="col5"><al>53</al></entry></row><row><entry colname="col3"><al>Auto(snel)wegen</al></entry><entry colname="col4"><al>48</al></entry><entry colname="col5"><al>53</al></entry></row><row><entry colname="col1" morerows="3"><al>Woningen, ter vervanging bestaande woningen of
                                                  andere geluidsgevoelige gebouwen<sup>1</sup></al></entry><entry colname="col2" morerows="1"><al>Binnen bebouwde kom</al></entry><entry colname="col3"><al>Lokale en provinciale wegen</al></entry><entry colname="col4"><al>48</al></entry><entry colname="col5"><al>68</al></entry></row><row><entry colname="col3"><al>Auto(snel)wegen</al></entry><entry colname="col4"><al>48</al></entry><entry colname="col5"><al>63</al></entry></row><row><entry colname="col2" morerows="1"><al>Buiten bebouwde kom</al></entry><entry colname="col3"><al>Lokale en provinciale wegen</al></entry><entry colname="col4"><al>48</al></entry><entry colname="col5"><al>58</al></entry></row><row><entry colname="col3"><al>Auto(snel)wegen</al></entry><entry colname="col4"><al>48</al></entry><entry colname="col5"><al>58</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Agrarische bedrijfswoning</al></entry><entry colname="col2"><al>Buiten bebouwde kom</al></entry><entry colname="col3"><al>Lokale, provinciale en auto(snel)wegen</al></entry><entry colname="col4"><al>48</al></entry><entry colname="col5"><al>58</al></entry></row><row><entry colname="col1" morerows="1"><al>Onderwijsgebouwen</al></entry><entry colname="col2"><al>Binnen bebouwde kom</al></entry><entry colname="col3"><al>-</al></entry><entry colname="col4"><al>48</al></entry><entry colname="col5"><al>63</al></entry></row><row><entry colname="col2"><al>Buiten bebouwde kom</al></entry><entry colname="col3"><al>-</al></entry><entry colname="col4"><al>48</al></entry><entry colname="col5"><al>53</al></entry></row><row><entry colname="col1" morerows="1"><al>Ziekenhuizen en verpleeghuizen</al></entry><entry colname="col2"><al>Binnen bebouwde kom</al></entry><entry colname="col3"><al>-</al></entry><entry colname="col4"><al>48</al></entry><entry colname="col5"><al>63</al></entry></row><row><entry colname="col2"><al>Buiten bebouwde kom</al></entry><entry colname="col3"><al>-</al></entry><entry colname="col4"><al>48</al></entry><entry colname="col5"><al>53</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Andere gezondheidszorggebouwen</al></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al>48</al></entry><entry colname="col5"><al>53</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Buitenterreinen</al></entry><entry colname="col2"><al>-</al></entry><entry colname="col3"><al>-</al></entry><entry colname="col4"><al>53</al></entry><entry colname="col5"><al>58</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Woonwagenstandplaatsen</al></entry><entry colname="col2"><al>-</al></entry><entry colname="col3"><al>-</al></entry><entry colname="col4"><al>48</al></entry><entry colname="col5"><al>53</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al><sup>1</sup> Als woningen worden gebouwd ter vervanging van de
                                bestaande woningen of andere geluidgevoelige gebouwen en dat dit
                                niet zal leiden tot een ingrijpende wijziging van de bestaande
                                stedenbouwkundige functie of structuur of een wezenlijke toename van
                                het aantal geluidgehinderden bij toetsing op bouwplanniveau voor ten
                                hoogste 100 woningen. (Artikel 83 Wgh)</al></artikel><artikel><kop><label>1.2.2 Aanleg van een nieuwe weg</label></kop><al>De voorkeursgrenswaarden voor wegverkeerslawaai zijn overgenomen uit
                                artikel 82 Wet geluidhinder en artikel 3.1 Besluit geluidhinder. De
                                maximale grenswaarden voor wegverkeerslawaai zijn overgenomen uit
                                artikel 83 Wet geluidhinder en artikel 3.2 Besluit
                                geluidhinder.</al><al/><al>Tabel 1.5 - Voorkeurs- en maximale grenswaarden ten gevolge van
                                wegverkeerslawaai bij de aanleg van een nieuwe weg. </al><table><tgroup cols="5"><tbody><row><entry colname="col1"><al><vet>bestemming</vet></al></entry><entry colname="col2"><al><vet>locatie</vet></al></entry><entry colname="col3"><al><vet>weg</vet></al></entry><entry colname="col4"><al><vet>Voorkeursgrenswaarde
                                                  [dB]</vet></al></entry><entry colname="col5"><al><vet>Maximale grenswaarde</vet></al><al><vet>[dB]</vet></al></entry></row><row><entry colname="col1" morerows="3"><al>Woningen, </al><al>reeds aanwezig of in aanbouw</al></entry><entry colname="col2" morerows="1"><al>Binnen bebouwde kom</al></entry><entry colname="col3"><al>Lokale en provinciale wegen</al></entry><entry colname="col4"><al>48</al></entry><entry colname="col5"><al>63</al></entry></row><row><entry colname="col3"><al>Auto(snel)wegen</al></entry><entry colname="col4"><al>48</al></entry><entry colname="col5"><al>58</al></entry></row><row><entry colname="col2" morerows="1"><al>Buiten bebouwde kom</al></entry><entry colname="col3"><al>Lokale en provinciale wegen</al></entry><entry colname="col4"><al>48</al></entry><entry colname="col5"><al>58</al></entry></row><row><entry colname="col3"><al>Auto(snel)wegen</al></entry><entry colname="col4"><al>48</al></entry><entry colname="col5"><al>58</al></entry></row><row><entry colname="col1" morerows="1"><al>Onderwijsgebouwen, ziekenhuizen en
                                                  verpleeghuizen</al></entry><entry colname="col2"><al>Binnen bebouwde kom</al></entry><entry colname="col3"><al>Lokale en provinciale wegen</al></entry><entry colname="col4"><al>48</al></entry><entry colname="col5"><al>63</al></entry></row><row><entry colname="col2"><al>Buiten bebouwde kom</al></entry><entry colname="col3"><al>Auto(snel)wegen</al></entry><entry colname="col4"><al>48</al></entry><entry colname="col5"><al>58</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Andere gezondheidszorggebouwen</al></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al>48</al></entry><entry colname="col5"><al>53</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Buitenterreinen</al></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al>53</al></entry><entry colname="col5"><al>58</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Woonwagenstandplaatsen</al></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al>48</al></entry><entry colname="col5"><al>53</al></entry></row></tbody></tgroup></table></artikel><artikel><kop><label>1.2.3 Wijziging van een weg</label></kop><al>De wijziging van een weg wordt een reconstructie genoemd. Hiervoor
                                dient de geluidbelasting met 2 dB of meer toe te nemen (artikel 1
                                Wet geluidhinder).</al><al>De voorkeursgrenswaarde voor woningen is weergegeven in artikel 100
                                Wet geluidhinder en voor de overige geluidgevoelige bestemmingen in
                                artikel 3.3 Besluit geluidhinder.</al><al>De grenswaarden voor woningen is weergegeven in artikel 100a Wet
                                geluidhinder en voor de overige geluidsgevoelige bestemmingen in
                                artikel 3.4 Besluit geluidhinder.</al><al>In de tabel hierna is een samenvatting weergegeven, met daarbij een
                                aantal toevoegingen. Getracht is een overzicht op te stellen van de
                                voorkeursgrenswaarden en maximale grenswaarden voor de vast te
                                stellen ten hoogst toelaatbare geluidsbelasting. De tekst van de wet
                                gaat altijd boven de hierna opgenomen samenvatting. </al><al/><al>Tabel 1.6 – Voorkeurs- en maximale grenswaarden ten gevolge van de
                                reconstructie van een weg.</al><table><tgroup cols="4"><tbody><row><entry colname="col1"><al><vet>bestemming</vet></al></entry><entry colname="col2"><al><vet>locatie</vet></al></entry><entry colname="col3"><al><vet>Voorkeurs-
                                                  grenswaarde</vet></al><al><vet>[dB]</vet></al></entry><entry colname="col4"><al><vet>Maximale </vet><vet>grenswaarde</vet></al><al/><al><vet>[dB]</vet></al></entry></row><row><entry colname="col1" morerows="3"><al>woningen</al></entry><entry colname="col2" morerows="1"><al>binnen bebouwde kom</al></entry><entry colname="col3" morerows="1"><al>48 of ad 1</al></entry><entry colname="col4"><al>voorkeursgrenswaarde +5 of, 68 &amp; ad 2</al></entry></row><row><entry colname="col4"><al>63 of zie ad 3</al></entry></row><row><entry colname="col2" morerows="1"><al>buiten</al><al>bebouwde kom</al></entry><entry colname="col3" morerows="1"><al>48 of ad 1</al></entry><entry colname="col4"><al>voorkeursgrenswaarde +5 of, 68 &amp; ad 2</al></entry></row><row><entry colname="col4"><al>58 of zie ad 3</al></entry></row><row><entry colname="col1" morerows="5"><al>onderwijsgebouwen,</al><al>ziekenhuizen</al><al>verpleeghuizen</al></entry><entry colname="col2" morerows="2"><al>binnen</al><al>bebouwde kom</al></entry><entry colname="col3" morerows="2"><al>48 of ad 1</al></entry><entry colname="col4"><al>voorkeursgrenswaarde +5, of</al></entry></row><row><entry colname="col4"><al>63, zie ad 4+5, of</al></entry></row><row><entry colname="col4"><al>68, zie ad 5</al></entry></row><row><entry colname="col2" morerows="2"><al>buiten</al><al>bebouwde kom</al></entry><entry colname="col3" morerows="2"><al>48 of ad 1</al></entry><entry colname="col4"><al>voorkeursgrenswaarde +5, of </al></entry></row><row><entry colname="col4"><al>58, zie ad 4+5, of</al></entry></row><row><entry colname="col4"><al>68, zie ad 5</al></entry></row><row><entry colname="col1" morerows="2"><al>andere gezonheids-</al><al>zorggebouwen</al></entry><entry colname="col2" morerows="2"><al/></entry><entry colname="col3" morerows="2"><al>48 of ad 1</al></entry><entry colname="col4"><al>voorkeursgrenswaarde +5, of</al></entry></row><row><entry colname="col4"><al>53, zie ad 4+5, of</al></entry></row><row><entry colname="col4"><al>58, zie ad 5</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>woonwagen </al><al>standplaatsen</al></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al>48 of ad 1</al></entry><entry colname="col4"><al>voorkeursgrenswaarde +5, ten hoogste 53</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>andere geluidgevoelige terreinen</al></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al>53 of ad 1</al></entry><entry colname="col4"><al>voorkeursgrenswaarde +5, ten hoogste 68</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al>Ad 1</al><lijst><li nr="1°"><al>Ingeval eerder bij of krachtens deze wet, de Experimentenwet
                                        Stad en Milieu, de Interimwet stad-en-milieubenadering, of
                                        de Spoedwet wegverbreding een hogere waarde voor de ten
                                        hoogste toelaatbare geluidsbelasting, vanwege de te
                                        reconstrueren weg, van de gevel van woningen binnen de zone
                                        is vastgesteld dan 48 dB, en de heersende waarde hoger is
                                        dan 48 dB, geldt de laagste van de volgende twee waarden als
                                        de ten hoogste toelaatbare:</al><lijst><li nr="a"><al>de heersende waarde;</al></li><li nr="b"><al>de eerder vastgestelde waarde.</al></li></lijst></li><li nr="2°"><al> Ingeval de weg op 1 januari 2007 aanwezig, in aanleg of
                                        geprojecteerd was en niet eerder een hogere waarde voor de
                                        ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting vanwege de te
                                        reconstrueren weg is vastgesteld dan 48 dB, en de heersende
                                        waarde hoger is dan 48 dB, geldt als de ten hoogste
                                        toelaatbare geluidsbelasting vanwege de te reconstrueren
                                        weg, van de gevel van woningen binnen de zone die op 1
                                        januari 2007 aanwezig, in aanbouw of geprojecteerd waren de
                                        heersende waarde.</al></li></lijst><al/><al>Ad 2</al><al>De waarde van 68 dB mag worden bereikt bij een hogere toename dan 5
                                dB als:</al><lijst><li nr="1°"><al>ten gevolge van de reconstructie de geluidsbelasting van de
                                        gevel van ten minste een gelijk aantal woningen elders met
                                        een ten minste gelijke waarde zal verminderen, en;</al></li><li nr="2°"><al>de wegbeheerder heeft verklaard dat hij financiële middelen
                                        ter beschikking stelt uiterlijk voor afloop van de
                                        reconstructie ten behoeve van de toepassing van artikel 90
                                        of artikel 111, tweede of derde lid, met betrekking tot
                                        woningen die door de reconstructie een hogere
                                        geluidsbelasting ondervinden.</al></li></lijst><al>Ad 3 </al><al>Ingeval voor de betrokken woning eerder toepassing is gegeven aan
                                artikel 83 of artikel 84, tweede lid, zoals dat luidde voor 1
                                september 1991 of, indien geen toepassing is gegeven aan het
                                betrokken artikel en de heersende waarde 53 dB niet te boven gaat,
                                de waarde niet hoger mag worden gesteld dan de in de tabel
                                aangegeven waarde (dat wil zeggen 63 dB voor woningen binnen de
                                bebouwde kom en 58 dB voor woningen buiten de bebouwde kom).</al><al/><al>Ad 4</al><al>Indien voor betrokken andere geluidsgevoelige gebouw eerder bij of
                                krachtens de wet een hogere waarde voor de ten hoogste toelaatbare
                                geluidsbelasting is vastgesteld, of indien de heersende waarde 53 dB
                                niet te boven gaat, wordt de krachtens het eerste lid vast te
                                stellen waarde niet hoger vastgesteld dan de in de tabel aangegeven
                                waarde (dat wil zeggen 63 dB voor onderwijsgebouwen, ziekenhuizen of
                                verpleeghuizen binnen de bebouwde kom, 58 dB voor onderwijsgebouwen,
                                ziekenhuizen of verpleeghuizen buiten de bebouwde kom en 53 dB voor
                                andere gezondheidszorggebouwen).</al><al/><al>Ad 5</al><al>Als eerder een hogere waarde is vastgesteld die hoger is dan de in
                                tabel 1.6 genoemde waarde, dan mag deze waarde niet worden verhoogd.
                                Deze eerder vastgestelde hogere waarde kan zijn vastgesteld bij of
                                krachtens de Wet geluidhinder, de Experimentenwet Stad en Milieu, de
                                Interimwet stad-en-milieubenadering of de Spoedwet
                                wegverbreding.</al></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>1.3 Spoorlijnen</label></kop><artikel><kop><label>1.3.1 Nieuwe bestemmingen binnen de zone</label></kop><al>De voorkeursgrenswaarden en maximale grenswaarden zijn opgenomen in
                                de artikelen 4.9 t/m 4.12 van het Besluit geluidhinder. </al><al/><al>Tabel 1.7 - Voorkeurs- en maximale grenswaarden bij realiseren van
                                nieuwe bestemmingen binnen de zone van een spoorlijn.</al><table><tgroup cols="3"><tbody><row><entry colname="col1"><al><vet>bestemming</vet></al></entry><entry colname="col2"><al><vet>Voorkeursgrenswaarde
                                                  [dB]</vet></al></entry><entry colname="col3"><al><vet>Maximale grenswaarde [dB]</vet></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Woningen</al></entry><entry colname="col2"><al>55</al></entry><entry colname="col3"><al>68</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Onderwijsgebouwen, Ziekenhuizen en
                                                  verpleeggebouwen</al></entry><entry colname="col2"><al>53</al></entry><entry colname="col3"><al>68</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Andere gezondheidszorg gebouwen</al></entry><entry colname="col2"><al>53</al></entry><entry colname="col3"><al>68</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Buitenterreinen</al></entry><entry colname="col2"><al>55</al></entry><entry colname="col3"><al>63</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Woonwagenstandplaatsen</al></entry><entry colname="col2"><al>55</al></entry><entry colname="col3"><al>63</al></entry></row></tbody></tgroup></table></artikel><artikel><kop><label>1.3.2 Aanleg van een nieuwe spoorlijn</label></kop><al>De voorkeursgrenswaarden en maximale grenswaarden zijn opgenomen in
                                de artikelen 4.9 t/m 4.12 van het Besluit geluidhinder.</al><al/><al>Tabel 1.8 - Voorkeurs- en maximale grenswaarden bij het aanleggen
                                van een spoorlijn.</al><table><tgroup cols="3"><tbody><row><entry colname="col1"><al><vet>bestemming</vet></al></entry><entry colname="col2"><al><vet>Voorkeursgrenswaarde
                                                  [dB]</vet></al></entry><entry colname="col3"><al><vet>Maximale grenswaarde [dB]</vet></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Woningen</al></entry><entry colname="col2"><al>55</al></entry><entry colname="col3"><al>68</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Onderwijsgebouwen, Ziekenhuizen en
                                                  verpleeggebouwen</al></entry><entry colname="col2"><al>53</al></entry><entry colname="col3"><al>68</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Andere gezondheidszorg gebouwen</al></entry><entry colname="col2"><al>53</al></entry><entry colname="col3"><al>68</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Buitenterreinen</al></entry><entry colname="col2"><al>55</al></entry><entry colname="col3"><al>63</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Woonwagenstandplaatsen</al></entry><entry colname="col2"><al>55</al></entry><entry colname="col3"><al>63</al></entry></row></tbody></tgroup></table></artikel><artikel><kop><label>1.3.3 Wijzigen van een spoorlijn</label></kop><al><onderstreept>Wijzigen spoorlijn</onderstreept></al><al>Afkomstig uit artikel 1 van de Wgh en artikelen 4.13 t/m 4.15
                                Bgh.</al><al>De wijziging van een spoorlijn is gedefinieerd in artikel 1 van de
                                Wet. Een spoorlijn wordt gewijzigd indien: </al><lijst><li nr="-"><al>de geluidsbelasting in het toekomstige maatgevende jaar meer
                                        dan 63 dB bedraagt of</al></li><li nr="-"><al>de geluidsbelasting in het maatgevende jaar neemt met 3 dB
                                        of meer toe ten opzichte van de situatie voorafgaand aan de
                                        wijziging en de geluidsbelasting bedraagt meer dan de
                                        voorkeursgrenswaarde en niet meer dan 63 dB. Ter bepaling
                                        van de wijziging van de spoorlijn worden in het toekomstige
                                        maatgevende jaar worden geen voorzieningen meegerekend.
                                    </al></li></lijst><al/><al>Tabel 1.9 – Voorkeurs- en maximale grenswaarden bij het wijzigen van
                                een spoorlijn.</al><table><tgroup cols="3"><tbody><row><entry colname="col1"><al><vet>Bestemming</vet></al></entry><entry colname="col2"><al><vet>Voorkeursgrenswaarde
                                                  [dB]</vet></al></entry><entry colname="col3"><al><vet>Maximale grenswaarde [dB]</vet></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Woningen</al></entry><entry colname="col2"><al>55, of ad 1</al></entry><entry colname="col3"><al>71</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Onderwijsgebouwen, Ziekenhuizen en
                                                  verpleeggebouwen</al></entry><entry colname="col2"><al>53, of ad 1</al></entry><entry colname="col3"><al>71</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Andere gezondheidszorg gebouwen</al></entry><entry colname="col2"><al>53, of ad 1</al></entry><entry colname="col3"><al>71</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Buitenterreinen</al></entry><entry colname="col2"><al>55, of ad 1</al></entry><entry colname="col3"><al>63</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Woonwagenstandplaatsen</al></entry><entry colname="col2"><al>55, of ad 1</al></entry><entry colname="col3"><al>63</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al><cursief>Ad 1</cursief> Eerder hogere waarde vastgesteld? Ja, dan
                                laagste van:</al><lijst><li nr="-"><al>geluidsbelasting bij aanvang wijziging</al></li><li nr="-"><al>vastgestelde hogere waarde</al></li></lijst><al>Nee, dan laagste van:</al><lijst><li nr="-"><al>Geluidsbelasting bij aanvang wijziging</al></li><li nr="-"><al>Geluidsbelasting op 1 juli 1987</al></li></lijst><al>Indien de geluidsbelasting niet meer dan 55 dB bedraagt, wordt de
                                wijziging van de spoorlijn voor wat betreft geluid als in orde
                                beschouwd.</al></artikel></paragraaf></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Bijlage 2</label></kop></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Stroomschema </label></kop><paragraaf><kop><label>Met hogere waarde procedure in relatie met ruimtelijke procedure</label></kop><structuurtekst><al><plaatje><illustratie id="i9584cc98-bb1e-47c0-b882-44179ac12e16" naam="i268108i9584cc98-bb1e-47c0-b882-44179ac12e16.jpg" breedte="15.9cm" type="foto" hoogte="14.7cm"/></plaatje>De inzage en zienswijze termijnen van het ontwerp Hogere
                                waarde besluit en het ontwerp bestemmingsplan zijn gelijk. Hiermee
                                wordt bedoeld dat beide ontwerp-besluiten gelijktijdig ter inzage
                                liggen. De inzage en beroepstermijnen van het Hogere waarde besluit
                                en het bestemmingsplan zijn gelijk. Het Hogere waarde besluit dient
                                als eerste te worden vastgesteld, daarna wordt het bestemmingsplan
                                vastgesteld. Eventuele maatregelen die uit een Hogere waarde besluit
                                volgen, dienen namelijk in het bestemmingsplan te worden
                                vastgelegd.</al></structuurtekst></paragraaf></hoofdstuk></regeling-tekst></regeling></body></cvdr>