<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR393394_2</dcterms:identifier><dcterms:title>Referendumverordening Bernheze 2013</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Bernheze</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-06-12</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Bernheze</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Bernhezer</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Referendumverordening Bernheze 2013</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0005416&amp;artikel=147 en 149">Onbekend</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2013-03-14</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2013-03-21</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Referendumverordening Bernheze 2013</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Bernheze;</al><al/><al>gezien het bijbehorende voorstel van de griffier en de voorzitter van de
                        raad </al><al/><al>van 7 februari 2013;</al><al/><al>gehoord hebbende de raadscommissie Bestuur en Strategie op 27 februari
                        2013;</al><al/><al>gelet op artikel 147 en 149 van de Gemeentewet;</al><al/><al>besluit vast te stellen de volgende:</al><al/><al><vet>Referendumverordening Bernheze 2013</vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>1</nr><titel>Algemene bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>referendum: volksstemming die op basis van deze regeling kan
                                    bestaan uit een raadgevend</al><al>referendum, een raadplegend referendum of een
                                    volksinitiatief;</al></li><li nr="b."><al>raadgevend referendum: een op initiatief van kiesgerechtigden
                                    gehouden volksstemming</al><al>over een concept raadsbesluit;</al></li><li nr="c."><al>raadplegend referendum: een op initiatief van de raad gehouden
                                    volksstemming over een</al><al>mogelijk door de raad te nemen besluit of over meerdere door de
                                    raad geformuleerde alternatieven</al><al>voor een eventueel te nemen besluit;</al></li><li nr="d."><al>volksinitiatief: een op initiatief van kiesgerechtigden gehouden
                                    volksstemming over een door</al><al>kiesgerechtigden voorgedragen onderwerp waarover de raad bevoegd
                                    is te besluiten;</al></li><li nr="e."><al>concept raadsbesluit: een aan de raad voorgelegd besluit dat op
                                    de agenda van de raadsvergadering</al><al>is opgenomen;</al></li><li nr="f"><al>kiesgerechtigden:</al><lijst><li nr="1."><al>diegenen die stemrecht hebben voor de verkiezing van de
                                            leden van de raad</al></li><li nr="2."><al>ingezetenen van de gemeente van zestien jaar en ouder en
                                            die nog niet de leeftijd van 18</al><al>jaar hebben bereikt en die met uitzondering van hun
                                            leeftijd kiesgerechtigd zijn voor de verkiezing</al><al>van de leden van de raad.</al></li></lijst></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Referendabele besluiten</titel></kop><al>Door de raad te nemen besluiten kunnen onderwerp zijn van een
                            referendum, met uitzondering</al><al>van besluiten:</al><lijst><li nr="a."><al>over individuele kwesties, zoals benoemingen, ontslagen,
                                    schorsingen, kwijtscheldingen en schenkingen;</al></li><li nr="b."><al>over de hoogte van geldelijke voorzieningen voor ambtsdragers,
                                    gewezen ambtsdragers en hun nabestaanden;</al></li><li nr="c."><al>de vaststelling, wijziging of intrekking van de
                                    arbeidsvoorwaardenregeling en daaruit voortvloeiende</al><al>besluiten met betrekking tot de griffier en de medewerkers van
                                    de griffie;</al></li><li nr="d."><al>over de vaststelling van de gemeentelijke begroting en de
                                    rekening;</al></li><li nr="e."><al>over de vaststelling van gemeentelijke tarieven en
                                    belastingen;</al></li><li nr="f"><al> over het voor kennisgeving aannemen van notities en
                                    rapporten;</al></li><li nr="g."><al>in het kader van deze verordening;</al></li><li nr="h."><al>ter uitvoering van een besluit van een hoger bestuursorgaan of
                                    de wetgever waaromtrent de</al><al>raad geen beleidsvrijheid heeft;</al></li><li nr="1."><al>die naar het oordeel van de raad hun grondslag vinden in een
                                    eerder genomen besluit waarover</al><al>een referendum is gehouden of kon worden gehouden;</al></li><li nr="J."><al>waarvan de raad van oordeel is dat andere dringende redenen
                                    aanleiding zijn om geen referendum</al><al>te houden.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>2</nr><titel>Bijzondere bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Raadgevend referendum</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een verzoek om een raadgevend referendum te houden wordt uiterlijk
                                één week voor de</al><al>plenaire behandeling van het concept raadsbesluit bij de raad
                                ingediend. Het verzoek is voorzien</al><al>van een dagtekening en vermeldt om welk concept raadsbesluit het
                                gaat.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het verzoek wordt ondersteund door de handtekeningen van een aantal
                                kiesgerechtigden dattenminste gelijk is aan de kiesdeler van de
                                laatst gehouden verkiezing van de leden van deraad. Elke
                                handtekening gaat vergezeld van een daarbij behorende naam, adres,
                                woonplaatsen geboortedatum.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De in het tweede lid bedoelde ondersteuningsverklaringen worden
                                geplaatst op een daartoedoor het college verstrekt standaard
                                formulier. Dit kan op twee manieren:</al><lijst><li nr="a."><al>Kiesgerechtigden plaatsen een handtekening op een lijst die
                                        ter ondertekening in het gemeentehuis</al><al>ligt. Bij het plaatsen van een handtekening dient de
                                        kiesgerechtigde zich te legitimerenmet een geldig
                                        identiteitsbewijs;of,</al></li><li nr="b."><al>Kiesgerechtigden vullen een formulier in via de website van
                                        de gemeente en legitimerenzich door middel van het gebruik
                                        van de persoonlijke DigiD inlogcode.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Uiterlijk om 16.00 uur van de dag voorafgaand aan de dag waarop de
                                raadsvergadering wordtgehouden waarvoor het concept raadsbesluit is
                                geagendeerd, maakt het college aan de raadbekend of naar zijn mening
                                is voldaan aan de vereisten voor het indienen van een verzoektot het
                                houden van een raadgevend referendum.</al></lid><lid><lidnr>S.</lidnr><al>De raad besluit in de raadsvergadering waarvoor het concept
                                raadsbesluit is geagendeerd ofaan de vereisten voor het indienen van
                                het verzoek is voldaan en besluit tevens of over hetconcept
                                raadsbesluit, met in achtneming van artikel 2 van deze verordening,
                                een raadgevendreferendum kan worden gehouden. De raad kan zijn
                                beslissing eenmaal verdagen tot deeerstvolgende
                                raadsvergadering.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Indien de raad van mening is dat de weigeringsgrond uit artikel 2,
                                aanhef en onder h, i of jvan deze verordening van toepassing is,
                                verzoekt de raad de referendumcommissie hierovereen advies uit te
                                brengen. In dat geval wordt de beslissing op het verzoek verdaagd
                                tot deeerstvolgende raadsvergadering.</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>Als het verzoek wordt ingewilligd, wordt het concept raadsbesluit
                                waarop het referendumverzoekbetrekking heeft in de vergadering van
                                de raad plenair behandeld.</al></lid><lid><lidnr>8.</lidnr><al>De stemming over het concept raadsbesluit, zoals dat luidt na
                                verwerking van de aanvaardeamendementen, wordt aangehouden tot de
                                eerstvolgende vergadering na de dag waarop hetreferendum wordt
                                gehouden.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Volksinitiatief</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Kiesgerechtigden kunnen bij de raad een verzoek indienen tot het
                                houden van een volksinitiatief.</al><al>Zij geven daarbij het onderwerp en mogelijke vraagstelling aan.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het verzoek wordt ondersteund door de handtekeningen van een aantal
                                kiesgerechtigden dattenminste gelijk is aan de kiesdeler van de
                                laatst gehouden verkiezing van de leden van deraad. Elke
                                handtekening gaat vergezeld van een daarbij behorende naam, adres,
                                woonplaatsen geboortedatum.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De in het tweede lid bedoelde ondersteuningsverklaringen worden
                                geplaatst op een daartoe</al><al>door het college verstrekt standaard formulier. Dit kan op twee
                                manieren:</al><lijst><li nr="a."><al>Kiesgerechtigden plaatsen een handtekening op een lijst die
                                        ter ondertekening in het gemeentehuis</al><al>ligt. Bij het plaatsen van een handtekening dient de
                                        kiesgerechtigde zich te legitimerenmet een geldig
                                        identiteitsbewijs;of,</al></li><li nr="b."><al>Kiesgerechtigden vullen een formulier in via de website van
                                        de gemeente en legitimerenzich door middel van het gebruik
                                        van de persoonlijke DigiD inlogcode.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Uiterlijk om 16.00 uur van de dag voorafgaand aan de dag waarop de
                                raadsvergadering wordtgehouden waarvoor het verzoek is geagendeerd,
                                maakt het college aan de raad bekend ofnaar zijn mening is voldaan
                                aan de vereisten voor het indienen van een verzoek tot het houdenvan
                                een volksinitiatief.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De raad besluit uiterlijk in de tweede reguliere raadsvergadering na
                                ontvangst van het verzoek,</al><al>of aan de vereisten voor het indienen van het verzoek is voldaan en
                                besluit tevens ofhet voorgedragen onderwerp van het volksinitiatief
                                voldoet aan artikel 2 van deze verordening.De raad kan zijn
                                beslissing eenmaal verdagen tot de eerstvolgende
                                raadsvergadering.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Indien de raad van mening is dat de weigeringsgrond uit artikel 2,
                                aanhef en onder h, i ofjvan deze verordening van toepassing is,
                                verzoekt de raad de referendumcommissie hierovereen advies uit te
                                brengen. In dat geval wordt de beslissing op het verzoek verdaagd
                                tot deeerstvolgende raadsvergadering.</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>De raad neemt in de eerstvolgende vergadering na de dag waarop het
                                referendum wordt</al><al>gehouden een definitief besluit.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Raadplegend referendum</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De raad kan besluiten tot het houden van een raadplegend referendum
                                over een mogelijk te</al><al>nemen besluit óf over meerdere door de raad geformuleerde
                                alternatieven voor een eventueel</al><al>te nemen besluit.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een raadplegend referendum kan worden beperkt tot een deelgebied
                                binnen de gemeente,</al><al>indien de aangelegenheid slechts dat deel van de gemeente betreft en
                                het te nemen besluit</al><al>buiten dat gebied geen effecten kan hebben.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien een referendum wordt beperkt tot een deelgebied binnen de
                                gemeente dan wordt het</al><al>bepaalde in deze verordening gerelateerd aan de kring van
                                kiesgerechtigden binnen dat gebied.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De raad neemt in de eerstvolgende vergadering na de dag waarop het
                                referendum wordt</al><al>gehouden een definitief besluit.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3</nr><titel>Verdere procedure</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Datum</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De raad stelt tegelijk met het besluit om een referendum te houden,
                                of zo spoedig mogelijkdaarna, en na raadpleging van het college, de
                                datum vast waarop het referendum wordt gehouden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De datum genoemd in het eerste lid ligt niet verder weg dan vier
                                maanden na de dag waaropde raad heeft besloten tot het houden van
                                een referendum.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De raad kan als daartoe aanleiding is besluiten deze termijn te
                                verlengen, onder meer om hetreferendum te kunnen combineren met
                                algemene verkiezingen (landelijke-, provinciale-,raads- of europese
                                verkiezingen).</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Een referendum vindt niet plaats in de voor de regio aangewezen
                                schoolvakanties voor hetbasis- en voortgezet onderwijs en op zon- en
                                feestdagen.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Er kunnen meer referenda op dezelfde dag worden gehouden.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Vraagstelling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De raad stelt de vraagstelling en de antwoordmogelijkheden van het
                                referendum vast waarbijin het geval van:</al><lijst><li nr="a."><al>het raadgevend referendum aan de kiesgerechtigden wordt
                                        gevraagd of zij voor of tegenhet concept raadsbesluit
                                        zijn;</al></li><li nr="b."><al>het raadplegend referendum aan de kiesgerechtigden wordt
                                        gevraagd of zij voor of tegeneen mogelijk door de raad te
                                        nemen besluit zijn dan wel wordt aan hen de keuze uit
                                        eenaantal alternatieven voorgelegd.</al></li><li nr="e."><al>het volksinitiatief aan de kiesgerechtigden wordt gevraagd
                                        of zij voor of tegen een mogelijk</al><al>door de raad te nemen besluit zijn dan wel wordt aan hen de
                                        keuze uit een aantalalternatieven voorgelegd.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De vraagstelling en antwoordmogelijkheden worden aan het adres van
                                de kiesgerechtigdenbezorgd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Budget</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Nadat is besloten tot het houden van een referendum, brengt de raad
                                een bedrag op de begroting</al><al>voor voorlichting en organisatie.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Tevens stelt de raad een subsidieplafond vast voor subsidies aan de
                                verzoekers van het referendum</al><al>en aan maatschappelijke organisaties voor het organiseren van debat
                                en publiciteit</al><al>over het onderwerp waarop het referendum betrekking heeft. De raad
                                bepaalt daarbij volgens</al><al>welke verdeelsleutel het subsidieplafond over de groepen van
                                subsidiegerechtigden wordt</al><al>verdeeld.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college beslist op de aanvragen om subsidie op basis van nader
                                door het college vast te</al><al>stellen beleidsregels.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Uitvoering</titel></kop><al>Het college is belast met de organisatie en uitvoering van het
                            referendum.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Procedure stemming</titel></kop><al>De bepalingen van de Kieswet en het Kiesbesluit zijn op de gang van
                            zaken bij het referendum</al><al>van overeenkomstige toepassing.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Geldigheid van de uitslag</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het referendum is geldig, indien het aantal geldig uitgebrachte
                                stemmen meer bedraagt dan</al><al>30 % van het aantal kiesgerechtigden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De antwoordmogelijkheid welke de meeste geldige stemmen heeft
                                gekregen wordt als referendumuitspraak</al><al>vastgesteld.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>4</nr><titel>Advisering en toezicht</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Samenstelling referendumcommissie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De raad stelt per referendum een onafhankelijke referendumcommissie
                                in en benoemt en</al><al>ontslaat de voorzitter en de leden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De referendumcommissie bestaat uit drie leden waaronder een
                                voorzitter.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De commissie wordt ondersteund door de griffier of een door de
                                griffier aan te wijzen medewerker van de griffie.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De voorzitter en de leden van de commissie zijn niet tevens:
                                ambtenaar, wethouder, burgemeester,</al><al>raads- of burgerlid van de gemeente Bernheze.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De leden kunnen te allen tijde ontslag nemen. Zij die aftreden of
                                ontslag hebben genomen</al><al>blijven hun functie waarnemen totdat in hun opvolging is
                                voorzien.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>De raad stelt nadere regels vast voor de werkwijze van de
                                commissie.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Taken referendumcommissie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De commissie heeft tot taak:</al><lijst><li nr="a."><al>de raad en het college gevraagd en ongevraagd te adviseren
                                        over de toepassing van deze verordening;</al></li><li nr="b."><al>de raad een voorstel te doen voor de vraagstelling van een
                                        referendum;</al></li><li nr="c."><al>toezicht te houden op de uitvoering van de verordening en de
                                        organisatie van het referendum;</al></li><li nr="d."><al>toezicht te houden op de objectiviteit van de door de
                                        gemeente te verstrekken voorlichting;</al></li><li nr="e."><al>de raad te adviseren over de verdeling van het
                                        subsidieplafond bedoeld in artikel 8, tweede lid;</al></li><li nr="f."><al>de raad te adviseren over de evaluatie van gehouden
                                        referenda en van voorstellen en verzoeken</al><al>die niet tot een referendum hebben geleid;</al></li><li nr="g."><al>het behandelen van klachten over de toepassing van deze
                                        regeling.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De commissie adviseert voorts gevraagd en ongevraagd over
                                aanpassingen van deze verordening,</al><al>over de bij referenda en referendumverzoeken te volgen procedure en
                                over alle overige</al><al>zaken die het referendum betreffen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De adviezen van de commissie zijn openbaar.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>5</nr><titel>Straf- en slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Strafbepalingen</titel></kop><al>Met een hechtenis van ten hoogste drie maanden of een geldboete van de
                            tweede categorie</al><al>wordt gestraft degene die:</al><lijst><li nr="1."><al>stembiljetten, volmachtbewijzen of stempassen namaakt of
                                    vervalst met het oogmerk deze als</al><al>echt en onvervalst te gebruiken of door anderen te doen
                                    gebruiken;</al></li><li nr="2."><al>stembiljetten, volmachtbewijzen of stempassen die hij zelf heeft
                                    nagemaakt of vervalst of</al><al>waarvan de valsheid of vervalsing hem, toen hij deze ontving,
                                    bekend was, opzettelijk als</al><al>echt en onvervalst gebruikt of door anderen doet gebruiken, dan
                                    wel deze met het oogmerk</al><al>om deze als echt en onvervalst te gebruiken of door anderen te
                                    doen gebruiken, in voorraad</al><al>heeft met het met het oogmerk deze wederrechtelijk te gebruiken
                                    of door anderen te doen</al><al>gebruiken;</al></li><li nr="3."><al>als gemachtigde stemt voor een persoon, wetende dat deze is
                                    overleden;</al></li><li nr="4."><al>bij een verkiezing door gift of belofte een kiezer omkoopt om
                                    volmacht te geven tot het uitbrengen zijn stem;</al></li><li nr="5."><al>stelselmatig personen aanspreekt of anderszins persoonlijk
                                    benadert ten einde hen te bewegen</al><al>het formulier op hun oproepingskaart, bestemd voor het stemmen
                                    bij volmacht, te ondertekenen</al><al>en deze kaart af te geven.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na
                                de dag van de bekendmaking.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De 'Referendumverordening Bernheze 2010' wordt ingetrokken.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als 'Referendumverordening Bernheze
                            2013'.</al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld door de raad van de gemeente Bernheze in zijn openbare
                            vergadering van</ondertekening><ondertekening>14 maart 2013.</ondertekening><ondertekening>DE RAAD VOORNOEMD,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>de griffier, </ondertekening><ondertekening>de voorzitter,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>J.H.M. van den Oever </ondertekening><ondertekening>W.I.I. van Beek</ondertekening></regeling-sluiting><bijlage><al/></bijlage><nota-toelichting><kop><titel>Toelichting op de Referendumverordening Bernheze 2013</titel></kop><al>De verordening is geschreven vanuit de duale verhoudingen. Dit is de reden dat
                    de opmerking</al><al>"gelezen het voorstel van het college van ... (datum), nr .... , inzake
                    referendum" niet in de considerans is opgenomen. Een referendumverordening
                    waarbij de mogelijkheid wordt gegeven een referendum te organiseren over een
                    concept raadsbesluit (raadgevend referendum), een niet geagendeerd</al><al>raadsbesluit of raadplegend referendum is bij uitstek een instrument van de
                    raad. In deverordening worden diverse taken niet gedelegeerd aan het college
                    maar aan de raad gelaten. De organisatie en uitvoering van het referendum zelf,
                    nadat duidelijk is dat dit er komt, ligt uiteraard wel bij het college.</al><tussenkop>Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen</tussenkop><al/><tussenkop>Artikel 1 Begripsbepalingen</tussenkop><al>Deze verordening kent drie soorten referenda. Dit zijn twee
                    referendamogelijkheden op initiatiefvan kiesgerechtigden (raadgevend en
                    volksinitiatief) en een mogelijkheid op initiatief van degemeenteraad
                    (raadplegend).</al><al/><al>f.Wat betreft de kiesgerechtigden is niet alleen aangesloten bij degenen die
                    gerechtigd zijn deelte nemen aan de raadsverkiezingen. Dit is geregeld in
                    artikel B3 en artikel Jl van de Kieswet.</al><al>Ook ingezeten tussen 16 en 18 jaar die met uitzondering van hun leeftijd
                    kiesgerechtigd zijnvoor de verkiezing van de leden van de gemeenteraad zijn op
                    grond van deze verordening kiesgerechtigd.</al><al>Een referendum is alleen mogelijk binnen het grondgebied van de eigen
                    gemeente.</al><al/><tussenkop>Artikel 2 Referendabele besluiten</tussenkop><al>Besluiten genomen door het college of door de burgemeester zijn niet
                    referendabel op grond van deze verordening. Deze bestuursorganen kunnen
                    desgewenst zelf een referendumregeling opstellen.</al><al>Een aantal onderwerpen waarover de raad een besluit kan nemen, lenen zich minder
                    goedvoor een referendum. In deze verordening is een lijst met uitzonderingen
                    opgenomen, gebaseerd op de ervaringen van onder meer de Tijdelijke referendumwet
                    en autonome gemeentelijke verordeningen.</al><al>Enerzijds dient voorkomen te worden dat de verordening een leeg instrument</al><al>wordt waarbij het praktisch onmogelijk wordt een referendum te organiseren.
                    Anderzijds is hetvoor de burger belangrijk dat duidelijk is over welke besluiten
                    geen referendum kan wordengehouden.</al><al>De algemene uitzonderingsgrond (lid j.) benadrukt en garandeert de
                    beoordelingsvrijheid van de raad. Deze uitzonderingsgrond kan bijvoorbeeld
                    toegepast worden indien er over het onderwerp</al><al>al een Uniforme Openbare Voorbereidingsprocedure is geweest of in het geval van
                    korte termijnen waarop het besluit genomen moet worden of de mogelijkheid van
                    grote financiële claims.</al><al>Ook kan deze uitzonderingsgrond toegepast worden als de kosten van het houden
                    van een referendum niet in verhouding staan tot die van het onderwerp waarover
                    het referendum zou gaan.</al><tussenkop>Hoofdstuk 2 Bijzondere bepalingen</tussenkop><tussenkop>Artikel 3 Raadgevend referendum</tussenkop><al>Kiesgerechtigden nemen het initiatief tot een referendum. Hiertoe kunnen zij een
                    verzoek indienen tot het houden van een referendum. Een referendum biedt de
                    burgers de mogelijkheidaan de noodrem te trekken als hun politieke
                    vertegenwoordigers een besluit dreigen te nemen</al><al>dat in hun ogen verkeerd is. Het is logisch dat burgers dan ook zelf kunnen
                    beslissen wanneer dit noodzakelijk is. Er is gekozen voor een eenvoudige
                    procedure: het verzoek wordt ondersteunddoor de handtekening van een aantal
                    kiesgerechtigden dat tenminste gelijk is aan de kiesdeler van</al><al>de laatst gehouden verkiezing van de leden van de raad. Het verzoek wordt
                    uiterlijk een weekvoor de raadsvergadering ingediend bij de griffier. Door de
                    duale verhoudingen wordt het verzoek</al><al>formeel ingediend bij de griffier, praktisch gezien zal de medewerking van het
                    ambtelijkapparaat nodig zijn. De raad moet op korte termijn beslissen of een
                    onderwerp referendabel is enniet valt onder de uitzonderingen genoemd in artikel
                    2. De referendumcommissie kan hierbijadviseren.</al><tussenkop>Handtekeningenlijsten</tussenkop><al>Bij het verzamelen van de handtekeningen kan worden gekozen voor een 'haal' of
                    een 'brengsysteem'.</al><al>In het eerste geval wordt het ophalen van de vereiste handtekeningen aan de
                    initiatiefnemers</al><al>overgelaten. In het tweede geval dienen kiesgerechtigden hun handtekening te
                    plaatsen in</al><al>de daarvoor aangewezen plaatsen, zoals de publieksbalie in het gemeentehuis. Uit
                    de evaluatie</al><al>van de Tijdelijke referendumwet lijkt dat een groot nadeel van het haalsysteem
                    is dat de controle op handtekeningen een tijdrovend karwei is en door onvolledig
                    ingevulde lijsten veel handtekeningen ongeldig moeten worden verklaard. In deze
                    verordening is gekozen voor het brengsysteem op het gemeentehuis zodat direct de
                    identiteit (kiesgerechtigdheid) van de ondertekenaar gecontroleerd worden aan de
                    hand van het GBA. Om de controle op de kiesgerechtigheid zo makkelijk mogelijk
                    te maken is een legitimatieplicht opgenomen. Dit is voor een burger niet extra
                    belastend, gezien de Wet op de identificatieplicht heeft een burger een
                    legitimatiebewijs bij zich. Het verzoek tot het houden van een referendum kan
                    ook worden ondersteund door middel van het gebruik van DigiD. DigiD staat voor
                    Digitale Identiteit en is een gemeenschappelijk systeem waarmee de overheid op
                    internet de identiteit van burgers kan verifiëren. DigiD is gekoppeld aan het
                    burgerservicenummer. Burgers kunnen via www.digid.nl een DigiD aanvragen. Bij
                    het controleren van de handtekeningen moet beoordeeld worden of diegene die de
                    ondersteuningsverklaring indient op dat moment kiesgerechtigd zou zijn voor de
                    raadsverkiezingen (alsmede de 16 tot en met iS-jarigen). Immers bij het zetten
                    van de handtekening is nog niet bekend of en zo ja wanneer het referendum
                    gehouden wordt en kan dus niet gewerkt kan worden met een apart bestand van
                    kiesgerechtigden voor het referendum.</al><al>De handtekeningen moeten worden geplaatst op van gemeentewege verstrekte lijsten
                    danwel het formulier op de website dat met gebruikmaking van DigiD kan worden
                    gebruikt. Vanzelfsprekend mag een kiesgerechtigde het verzoek niet meer dan één
                    keer ondersteunen. Op basis van artikel 4:4 Algemene wet bestuursrecht
                    (aanvraagformulier beschikkingen) heeft de gemeente de bevoegdheid om een
                    formulier voor het aanvragen en het verstrekken van gegevens vast te stellen.
                    Het verzoek is te beschouwen als een aanvraag in de zin van de Algemene wet
                    bestuursrecht.</al><tussenkop>Drempel verzoek</tussenkop><al>Hierbij wordt aangesloten bij de kiesdeler van de laatst gehouden verkiezingen
                    voor de leden van de raad.</al><tussenkop>Beslissing verzoek</tussenkop><al>De raad dient vast te stellen of het verzoek een besluit betreft waarover op
                    grond van de verordening een referendum niet is uitgezonderd. Ook bepaalt de
                    raad of het verzoek is gedaan door</al><al>het vereiste aantal kiesgerechtigden. De voorgeschreven eisen dient om de
                    kiesgerechtigdheid te bepalen. Door de identificatieverplichting zal het aantal
                    afgekeurde ondersteuningsverklaringen gering zijn. Het besluit van de raad op
                    het verzoek is een besluit in de zin van de Algemene wet</al><al>bestuursrecht. Hiertegen staat bezwaar en beroep open.</al><al/><al>Artikel 4 Volksinitiatief</al><al>Het initiëren van een volksinitiatief gebeurt op nagenoeg dezelfde wijze als het
                    initiëren van eenraadgevend referendum. Het verloop tot de beslissing voor het
                    houden van een referendumduurt echter wat langer. Aangezien het niet een concept
                    raadsbesluit betreft waarover een verzoek</al><al>wordt ingediend, heeft de raad meer tijd nodig het verzoek (en het onderwerp) te
                    kunnenbeoordelen. Vandaar dat uiterlijk in de tweede reguliere raadsvergadering
                    na ontvangst van hetverzoek de raad een beslissing moet nemen over het
                    inwilligen van het verzoek.</al><al/><al>Artikel 5 Raadplegend referendum</al><al>In het geval van een raadplegend referendum ligt het initiatief bij de raad. Het
                    indienen van eenverzoek door kiesgerechtigden is dan niet aan de orde.</al><al/><tussenkop>Hoofdstuk 3 Verdere procedure</tussenkop><al/><tussenkop>Artikel 6 Datum</tussenkop><al>Het vaststellen van de datum waarop het referendum zal worden gehouden is
                    voorbehouden aande raad. Van belang is dat er voldoende tijd is om het
                    referendum te organiseren (stemlokalen</al><al>huren, bemensing stembureaus, drukwerk etc.) en dat er enige ruimte is om
                    vakantieperioden(juli/augustus, december/januari) te overbruggen omdat deze niet
                    geschikt zijn voor het houdenvan een referendum. Het ligt voor de hand dat het
                    advies van het college op dergelijke zaken</al><al>ziet. De datum kan vallen op een dag waarop tevens andere verkiezingen worden
                    gehouden,maar dat hoeft niet het geval te zijn. Het combineren van verkiezingen
                    is praktisch omdat dekiesgerechtigden niet twee maal naar de stembus hoeven te
                    komen. Ook zorgt een combinatie</al><al>doorgaans voor een hogere opkomst en voor een reductie in de kosten van een
                    referendum.</al><al>Uiteraard kunnen er ook meerdere referenda op dezelfde dag plaatsvinden.
                    Uitgangspunt is een termijn van vier maanden voor het organiseren van een
                    referendum. De raad kan hier echter van afwijken als daartoe aanleiding is.</al><al/><tussenkop>Artikel 7 Vraagstelling</tussenkop><al>De raad beslist of en wanneer een referendum wordt gehouden en stelt ook de
                    vraagstelling vast. Het meest voor de hand ligt bij het raadgevend referendum
                    een vraagstelling welke gekoppeld is met het voorgenomen besluit. Aan de kiezer
                    wordt dan de vraag voorgelegd of zij vóór of tegen</al><al>het concept raadsbesluit, waarover het referendum wordt gehouden, zijn. De
                    vraagstelling moet</al><al>wel voldoende duidelijk zijn, de referendumcommissie heeft tot taak hierover te
                    adviseren. Het</al><al>is mogelijk om de vraagstelling tevens op te nemen op de stempas/oproepkaart.
                    Bij het raadplegend referendum en het volksinitiatiefkunnen ook meerdere
                    antwoordmogelijkheden aan de</al><al>orde komen.</al><al/><tussenkop>Artikel 8 Budget</tussenkop><al>Er kan jaarlijks een vast bedrag op de begroting worden opgenomen voor het
                    organiseren vanreferenda of er kan per referendum een budget worden vastgesteld.
                    Hier is gekozen voor hetlaatste. Naast een bedrag voor de organisatie van het
                    referendum zelf zal de voorlichting geld</al><al>kosten. Dit betreft zowel de voorlichting door de gemeente zelf (uitleg over het
                    onderwerp ofconcept raadsbesluit) als de voorlichting door verschillende
                    belangengroeperingen waaronder de initiatiefnemers van het referendum.</al><al>De referendumcommissie heeft een belangrijke adviserende rol. Zowel bij de
                    totstandkomingvan de beleidsregels op grond waarvan de subsidies kunnen worden
                    verstrekt als de toekenning van de subsidies zelf.</al><al/><tussenkop>Artikel 9 Uitvoering</tussenkop><al>Het feit dat het college is belast met de uitvoering, volgt uit de Gemeentewet
                    (artikel 160, eerstelid onder b). Tot de organisatie behoren diverse taken,
                    zowel de voorlichting over het onderwerpwaarop het referendum ziet, als de
                    inrichting en bemensing van de stemlokalen en hetdrukken van de stembiljetten en
                    oproepkaarten/stempassen.</al><al/><tussenkop>Artikel 10 Procedure stemming</tussenkop><al>Het ligt voor de hand om voor de procedures rond de stemming aan te sluiten bij
                    de gang vanzaken bij de raadsverkiezingen en dit niet allemaal opnieuw per
                    verordening te regelen. Vandaar dat de Kieswet en het Kiesbesluit van
                    overeenkomstige toepassing zijn. Dit omvat het hele proces van de termijn waarop
                    bij de kiesgerechtigden de oproepkaart/stempas voor het referendum bezorgd dient
                    te zijn als de werkwijze in het stembureau en de vaststelling en bekendmaking
                    van de uitslag.</al><al/><tussenkop>Artikel 11 Geldigheid van de uitslag</tussenkop><al>Wanneer 30 procent van de kiesgerechtigden zijn geldige stem heeft uitgebracht,
                    wordt de uitslag van het referendum geacht geldig te zijn. De
                    antwoordmogelijkheden waarop de meeste</al><al>geldige stemmen zijn uitgebracht wordt als referendumuitspraak vastgesteld. De
                    raad is niet gebonden is aan de referendumuitspraak. Wel kunnen raadsleden of de
                    raad zich vooraf uitspreken over hoe zij denken om te gaan met de uitslag van
                    het referendum.</al><al/><tussenkop>Hoofdstuk 4 Advisering en toezicht</tussenkop><tussenkop>Artikel 12 Samenstelling referendumcommissie</tussenkop><al><vet>In </vet>het geval er een referendum wordt gehouden is het raadzaam dat er
                    een referendumcommissie wordt ingesteld. Het onderwerp wat ten grondslag ligt
                    aan het referenduminitiatief is doorgaans politiek gevoelig. Burgers zijn van
                    mening dat de raad gecorrigeerd dient te worden. Maar het is wel de gemeente die
                    het referendum en de voorlichting organiseert. Een 'pettenprobleem' komt in de
                    praktijk bij referenda vaak voor. Een onafhankelijke referendumcommissie kan dan
                    de neutrale derde partij zijn die toeziet op de organisatie en uitvoering van
                    het referendum. <vet>In </vet>de verordening is gekozen voor een flexibele
                    commissie met drie leden. De raad stelt per referendum een referendumcommissie
                    in.</al><tussenkop>Artikel 13 Taken referendumcommissie</tussenkop><al>Deze commissie heeft diverse adviserende taken gekregen. Daarnaast wordt de
                    onafhankelijke</al><al>positie ondersteund door de mogelijkheid gevraagd en ongevraagd advies te
                    geven.</al><al>De commissie kan onder andere adviseren over de toelaatbaarheid van het
                    onderwerp. Dit hangt samen met de in artikel 2 opgenomen onderwerpen waarover
                    geen referendum gehouden kan worden. Verder doet zij een voorstel voor de
                    vraagstelling van het referendum. De vraag moet eenduidig zijn en begrijpelijk
                    voor de burgers. Wat betreft het toezicht op de objectiviteit van de door de
                    gemeente verstrekte voorlichting kan gedacht worden aan een bijv. een folder
                    waarin argumenten pro en contra worden genoemd. De bevoegdheid van de commissie
                    strekt zich niet uit tot de door de burgers gevoerde campagne. De vrijheid van
                    meningsuiting staat daarin voorop.</al><al>De commissie heeft ook een rol bij de advisering van de verdeling van de
                    beschikbaar gesteldesubsidie. Deze advisering ziet onder meer op de
                    verdeelsleutel die wordt vastgesteld. Zo kanbesloten worden dat 40 % van de
                    subsidiegelden bestemd is voor activiteiten van voorstanders</al><al>van het besluit, 40% voor tegenstanders en 20% voor neutrale/informerende
                    activiteiten. Decommissie heeft ook een rol bij de evaluatie van gehouden
                    referenda en bij de evaluatie van referendumverzoeken</al><al>welke niet tot een referendum hebben geleid. Deze taak is een logisch
                    gevolg</al><al>van de toezichthoudende taak bij het hele referendumproces. De
                    referendumcommissie is ookbevoegd voor het behandelen van klachten over de
                    toepassing van de verordening.</al><al/><tussenkop>Hoofdstuk 5 Straf- en slotbepalingen</tussenkop><tussenkop>Artikel 14 Strafbepalingen</tussenkop><al>Op grond van artikel 154 van de Gemeentewet kan de raad op overtreding van een
                    verordeningstraf stellen. Voor het bepalen van wat strafbaar is, is aangesloten
                    bij de Kieswet, hoofdstuk Z.</al><al/><tussenkop>Artikel 15 Inwerkingtreding</tussenkop><al>Dit artikel spreek voor zich.</al><tussenkop>Artikel 16 Citeertitel</tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zich.</al></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>