<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.92--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR393247_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening leerlingenvervoer gemeente Delft</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Delft</dcterms:creator><dcterms:modified>2016-01-21</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Delft</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Gemeenteblad, 20 januari 2016, nr 6216</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening leerlingenvervoer gemeente Delft</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">art. 4 Wet op het primair onderwijs</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">art. 4 Wet op het voortgezet onderwijs</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">art. 4 Wet op de Expertisecentra</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>maatschappelijke zorg en welzijn</dcterms:subject><dcterms:issued>2015-12-17</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2016-01-21</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2023-02-17</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening leerlingenvervoer gemeente Delft</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Delft;</al><al>Gelezen het voorstel van het college van 13 oktober 2015;</al><al>gelet op de artikelen 4 van de Wet op het primair onderwijs, 4 van de Wet op
                        de expertisecentra en 4 van de Wet op het voortgezet onderwijs;</al><al>gezien het advies van de commissie Sociaal Domein;</al><al><vet>BESLUIT:</vet></al><al>vast te stellen de Verordening leerlingenvervoer gemeente Delft :</al><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><paragraaf><kop><label>§</label><nr>1</nr><titel>Algemene bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.</nr><titel>Begripsomschrijving</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="-"><al>aangepast vervoer: vervoer per besloten (school)busvervoer,
                                    taxi, taxibus of bustaxi;- afstand: afstand tussen de woning en
                                    de school, gemeten langs de kortste voor de leerling voldoende
                                    begaanbare en veilige weg;:</al><al> De gemeente Delft hanteert hierbij de volgende maatstaven:</al><lijst><li nr="-"><al>de afstand tussen de woning van de leerling en de te
                                            bezoeken school wordt gemeten via de routeplanner van de
                                            ANWB (www.anwb.nl)</al></li><li nr="-"><al>voor de bepaling van de afstand en de kosten van het
                                            openbaar vervoer wordt gebruik gemaakt van de website:
                                            www.9292.nl;</al></li></lijst></li><li nr="-"><al>begeleider: ouder of persoon die door de ouders wordt ingezet om
                                    de leerling tijdens het vervoer te begeleiden;</al></li><li nr="-"><al>commissie van onderzoek: commissie als bedoeld in artikel 41,
                                    tweede lid, van de Wet op de expertisecentra;</al></li><li nr="-"><al>commissie voor de begeleiding: commissie als bedoeld in artikel
                                    40b van de Wet op de expertisecentra;</al></li><li nr="-"><al>eigen vervoer: vervoer per eigen motorvoertuig of fiets;</al></li><li nr="-"><al>inkomen: inkomensgegeven als bedoeld in artikel 21, aanhef en
                                    onder e, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen, in het
                                    peiljaar, bedoeld in artikel 4, zevende lid, van de Wet op het
                                    primair onderwijs;</al></li><li nr="-"><al>leerling: leerling van een school als bedoeld in dit
                                    artikel;</al></li><li nr="-"><al>ondersteuningsplan:</al><lijst><li nr="1°."><al>voor het primair onderwijs: ondersteuningsplan als
                                            bedoeld in artikel 18a, zevende tot en met tiende lid,
                                            van de Wet op het primair onderwijs; of</al></li><li nr="2°."><al>voor het voortgezet onderwijs: ondersteuningsplan als
                                            bedoeld in artikel 17a, zevende tot en met tiende lid,
                                            van de Wet op het voortgezet onderwijs;</al></li></lijst></li><li nr="-"><al>opdc: orthopedagogisch en -didactisch centrum als bedoeld in
                                    artikel 17a, lid 10a, van de Wet op het voortgezet
                                    onderwijs;</al></li><li nr="-"><al>openbaar vervoer: voor een ieder openstaand personenvervoer per
                                    bus, trein, metro, tram, veerdienst of auto;</al></li><li nr="-"><al>opstapplaats: plaats aangewezen door het college, vanaf waar de
                                    leerling gebruik kan maken van het vervoer;</al></li><li nr="-"><al>ouders: ouders, voogden of verzorgers van de leerling;</al></li><li nr="-"><al>regionale verwijzingscommissie: commissie als bedoeld in artikel
                                    10g van de Wet op het voortgezet onderwijs;</al></li><li nr="-"><al>reistijd: totale tijdsduur die ligt tussen het verlaten van de
                                    woning en de aanvang van de schooldag volgens de schoolgids,
                                    minus maximaal 10 minuten, indien en voor zover de leerling het
                                    schoolgebouw met bijbehorend terrein gewoonlijk eerder bereikt
                                    dan de schoolgids aangeeft, dan wel de totale tijdsduur die ligt
                                    tussen het einde van de schooldag volgens de schoolgids en de
                                    aankomst bij de woning, plus een eventuele wachttijd voor het
                                    openbaar vervoer of maximaal 10 minuten bij gebruikmaking van
                                    aangepast vervoer;</al></li><li nr="-"><al>samenwerkingsverband:</al></li></lijst><al>1°. voor het primair onderwijs: samenwerkingsverband als bedoeld in
                            artikel 18a, tweede en vijftiende lid, van de Wet op het primair
                            onderwijs; of 2°. voor het voortgezet onderwijs: samenwerkingsverband
                            als bedoeld in artikel 17a, tweede en zestiende lid, van de Wet op het
                            voortgezet onderwijs;</al><al>-school:</al><al>1°.basisschool of speciale school voor basisonderwijs als bedoeld in de
                            Wet op het primair onderwijs;</al><al>2°. school voor speciaal onderwijs of speciaal en voortgezet speciaal
                            onderwijs of voortgezet speciaal onderwijs als bedoeld in de Wet op de
                            expertisecentra; of</al><al>3°. school voor voortgezet onderwijs als bedoeld in de Wet op het
                            voortgezet onderwijs;</al><lijst><li nr="-"><al>stage: praktische leertijd bij de beroepsopleiding;</al></li><li nr="-"><al>toegankelijke school: school waarop de leerling is aangewezen
                                    van de verlangde godsdienstige of levensbeschouwelijke richting
                                    dan wel de openbare school;</al></li><li nr="-"><al>vervoer: openbaar vervoer, aangepast vervoer of eigen vervoer
                                    tussen de woning dan wel de opstapplaats en de school en
                                    eventueel de naschoolse opvanglocatie in Delft dat plaatsvindt
                                    in aansluiting op het begin en einde van de schooldag volgens de
                                    schoolgids, tenzij de structurele handicap van een leerplichtige
                                    leerling die aansluiting onmogelijk maakt;</al></li><li nr="-"><al>vervoersvoorziening:</al></li></lijst><al>1°. bekostiging van de goedkoopst mogelijke wijze van openbaar vervoer
                            voor de leerling en zo nodig diens begeleider; </al><al>2°. aanbieding van aangepast vervoer dat de gemeente verzorgt of doet
                            verzorgen; of</al><al>3°. gehele of gedeeltelijke bekostiging van de door het college
                            noodzakelijk geachte vervoerkosten van de leerling en zo nodig diens
                            begeleider;</al><al>-woning: plaats waar de leerling structureel en feitelijk
                            verblijft.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.</nr><titel>De door het college noodzakelijk te achten
                                vervoersvoorziening</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Ten behoeve van het schoolbezoek kent het college aan de ouders van
                                in de gemeente verblijvende leerlingen op aanvraag een
                                vervoersvoorziening toe met inachtneming van het bepaalde in deze
                                verordening.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien het college toepassing geeft aan het eerste lid, verlangt zij
                                van de ouders aan wie slechts een gedeeltelijke bekostiging van de
                                vervoerskosten toekomt, betaling van een bijdrage tot ten hoogste
                                het bedrag dat de ouders volgens het bepaalde in deze verordening
                                moeten bijdragen aan de kosten van het vervoer. Weigering tot of
                                nalatigheid in de betaling van de in de vorige volzin bedoelde
                                bijdrage doet de aanspraak op de vervoersvoorziening vervallen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De bepalingen in deze verordening laten onverlet de
                                verantwoordelijkheid van de ouders voor het schoolbezoek van hun
                                kinderen.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Indien de leerling meerderjarig en handelingsbekwaam is, wordt de
                                vervoersvoorziening op aanvraag verstrekt aan de leerling.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.</nr><titel>Vervoersvoorziening naar de dichtstbijzijnde toegankelijke
                                school</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een vervoersvoorziening wordt toegekend over de afstand tussen de
                                woning dan wel de opstapplaats dan wel de naschoolse opvanglocatie
                                en de dichtstbijzijnde voor de leerling toegankelijke school, tenzij
                                vervoer naar een verder weggelegen school voor de gemeente minder
                                kosten met zich mee zou brengen en de ouders met het vervoer naar
                                die school schriftelijk instemmen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien ouders een vervoersvoorziening aanvragen voor het bezoeken
                                van een school, die op grotere afstand van de woning is gelegen dan
                                een andere school van dezelfde onderwijssoort, ontstaat slechts
                                aanspraak op een vervoersvoorziening naar eerstgenoemde school als
                                door de ouders schriftelijk wordt verklaard dat zij overwegende
                                bezwaren hebben tegen het openbaar onderwijs dan wel tegen de
                                richting van het onderwijs van alle bijzondere scholen, van de soort
                                waarop de leerling is aangewezen, die dichterbij de woning zijn
                                gelegen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college betrekt bij de beoordeling van de aanvraag van een
                                vervoersvoorziening het ondersteuningsplan, zoals dat is vastgesteld
                                door het samenwerkingsverband na overleg met het college.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.</nr><titel>Toekenning vervoersvoorziening</titel></kop><al>Het college bepaalt bij de toekenning van de vervoersvoorziening de
                            wijze en het tijdstip van de verstrekking dan wel de uitbetaling,
                            alsmede de tijdsduur van de toegekende vervoersvoorziening.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.</nr><titel>Aanvraagprocedure</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een aanvraag voor een vervoersvoorziening wordt gedaan door
                                indiening bij het college van een volledig ingevuld en door de
                                ouders ondertekend formulier, voorzien van de op het formulier
                                vermelde gegevens.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De in het eerste lid bedoelde aanvraag geschiedt, indien het een
                                aanvraag voor het nieuwe schooljaar betreft, voor 1 juni voorafgaand
                                aan dat nieuwe schooljaar</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien dit voor een juiste beoordeling van de aanvraag noodzakelijk
                                is, kan het college de ouders verzoeken aanvullende gegevens te
                                verstrekken.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al> Het college besluit over de aanvraag binnen acht weken na ontvangst
                                van alle benodigde gegevens en stelt de aanvrager schriftelijk in
                                kennis van haar besluit.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Het college kan het in het vorige lid bedoelde besluit met ten
                                hoogste vier weken verdagen. Het stelt de aanvrager hiervan
                                schriftelijk in kennis.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Indien een vervoersvoorziening wordt toegekend geldt deze:</al></lid><lid><lidnr>a.</lidnr><al>wanneer het een bekostiging betreft, met ingang van de door de
                                ouders verzochte datum, met dien verstande dat de datum niet ligt
                                vóór de datum van ontvangst van de aanvraag;</al></lid><lid><lidnr>b.</lidnr><al>wanneer het aanbieding van aangepast vervoer betreft, met ingang van
                                een datum die zo mogelijk aansluit bij de door de ouders verzochte
                                datum.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.</nr><titel>Doorgeven van wijzigingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De ouders zijn verplicht wijzigingen, die van invloed kunnen zijn op
                                de toegekende vervoersvoorziening, onder vermelding van de datum van
                                wijziging, onverwijld schriftelijk mede te delen aan het
                                college.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien sprake is van een wijziging die van invloed is op de
                                toegekende vervoersvoorziening, vervalt de aanspraak daarop en kent
                                het college al dan niet opnieuw een vervoersvoorziening toe.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien de ouders niet voldoen aan het bepaalde in het eerste lid, en
                                het college een wijziging als bedoeld in het tweede lid vaststelt,
                                waardoor blijkt dat ten onrechte een vervoersvoorziening is
                                verstrekt, vervalt de aanspraak op de vervoersvoorziening terstond
                                en kent het college al dan niet opnieuw een vervoersvoorziening toe.
                                Het college deelt zijn besluit schriftelijk mee aan de ouders.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Ten onrechte genoten bekostiging kan van de ouders worden
                                teruggevorderd, dan wel worden verrekend bij een eventuele nieuw
                                verstrekte vervoersvoorziening.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.</nr><titel>Peildatum leeftijd leerling</titel></kop><al>Voor het toekennen van een vervoersvoorziening op basis van artikel 13
                            is bepalend de leeftijd van de leerling op 1 augustus van het schooljaar
                            waarop de voorziening betrekking heeft.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8.</nr><titel>Andere vergoedingen</titel></kop><al>De aanspraak op een toelage, voor zover die voor de betreffende leerling
                            betrekking heeft op de reiskosten, wordt op een bekostiging in mindering
                            gebracht, dan wel als eigen bijdrage in rekening gebracht. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9:</nr><titel>Beleidsregels inzake het omgaan met gedrag tijdens het
                                vervoer</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college stelt regels vast omtrent de wijze waarop wordt omgegaan
                                met leerlingen wiens gedrag de verkeersveiligheid en/of veiligheid
                                van chauffeurs en/of medepassagiers in gevaar brengt dan wel gedrag
                                dat in strijd is met de omgangsvormen. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien niet wordt voldaan aan het bepaalde in de beleidsregels, kan
                                het college besluiten tot het schorsen van de leerling uit het
                                vervoer.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10:</nr><titel>Eigen inzet van ouders/verzorgers</titel></kop><al>Een bepaalde mate van eigen inzet mag van ouders verwacht worden. Het
                            college verwacht dat ouders bij de aanvraag tot een vervoersvoorziening
                            aangeven op welke wijze zij zelf (deels) invulling geven aan de van hun
                            verwachtte eigen inzet, dan wel motiveren waarom zij zelf geen eigen
                            inzet kunnen leveren bij het organiseren van het vervoer van hun
                            kind.</al></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>§</label><nr>2</nr><titel>Bepalingen omtrent het vervoer van leerlingen van scholen voor
                            primair onderwijs</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11.</nr><titel>Algemene bepalingen omtrent het vervoer van leerlingen van
                                scholen voor primair onderwijs</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>In deze paragraaf wordt verstaan onder school:</al></li><li nr="a."><al>een basisschool of speciale school voor basisonderwijs als
                                    bedoeld in de Wet op het primair onderwijs; of</al></li><li nr="b."><al>een school voor speciaal onderwijs of een school voor speciaal
                                    en voortgezet speciaal onderwijs als bedoeld in de Wet op de
                                    expertisecentra.</al></li><li nr="2."><al>Deze paragraaf is niet van toepassing op leerlingen van scholen
                                    voor speciaal en voortgezet speciaal onderwijs die voortgezet
                                    onderwijs volgen.</al></li><li nr="3."><al>Met inachtneming van het bepaalde in artikel 3 wordt een
                                    vervoersvoorziening verstrekt over de afstand tussen de woning
                                    dan wel de opstapplaats dan wel de naschoolse opvanglocatie
                                    en:</al></li><li nr="a."><al>de dichtstbijzijnde voor de leerling toegankelijke speciale
                                    school voor basisonderwijs in het samenwerkingsverband van de
                                    basisschool waarvan de leerling afkomstig is, of</al></li><li nr="b."><al>een andere speciale school voor basisonderwijs in het onder a
                                    bedoelde samenwerkingsverband, indien het vervoer naar die
                                    school voor de gemeente minder kosten met zich mee zou brengen
                                    dan het vervoer naar de speciale school voor basisonderwijs,
                                    bedoeld onder a.</al></li><li nr="4."><al>Het college betrekt bij de beoordeling van de
                                    aanvraag voor leerlingenvervoer eventuele (vervoers)adviezen van
                                    deskundigen die voor de beoordeling van die aanvraag van belang
                                    zijn.</al></li></lijst><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12.</nr><titel>Bekostiging van de kosten van openbaar vervoer en vervoer per
                                fiets</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college verstrekt aan de ouders van de leerling die een school
                                zoals bedoeld onder artikel 11 bezoekt bekostiging op basis van de
                                kosten van het openbaar vervoer, indien de afstand van de woning
                                naar de dichtstbijzijnde voor hem toegankelijke school zes kilometer
                                of meer bedraagt. De vergoeding vindt plaats op declaratiebasis.
                            </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien aanspraak bestaat op bekostiging zoals bedoeld in het eerste
                                lid en de leerling naar het oordeel van het college, al dan niet
                                onder begeleiding, gebruik kan maken van het vervoer per fiets,
                                verstrekt het college de ouders bekostiging op basis van de kosten
                                van het vervoer per fiets afgeleid van de Reisregeling
                                Binnenland.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13.</nr><titel>Bekostiging van de kosten van openbaar vervoer of vervoer per
                                fiets ten behoeve van een begeleider</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college verstrekt aan de ouders van de leerling die een school
                                zoals bedoeld onder artikel 11 bezoekt bekostiging op basis van de
                                kosten van het openbaar vervoer of vervoer per fiets van de leerling
                                en een begeleider indien:</al></lid><lid><lidnr>a.</lidnr><al>aanspraak bestaat op bekostiging zoals bedoeld in artikel 12 en de
                                leerling jonger dan negen jaar is, en door de ouders ten behoeve van
                                het college genoegzaam wordt aangetoond dat de leerling niet in
                                staat is zelfstandig van het openbaar vervoer of de fiets gebruik te
                                maken, of</al></lid><lid><lidnr>b.</lidnr><al>de leerling door een structurele lichamelijke, verstandelijke of
                                zintuiglijke handicap niet zelfstandig van het openbaar vervoer of
                                de fiets gebruik kan maken.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien een begeleider meer dan één leerling tegelijk begeleidt,
                                komen slechts de kosten van het vervoer ten behoeve van één
                                begeleider voor bekostiging in aanmerking.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14.</nr><titel>Vervoersvoorziening in de vorm van aangepast vervoer</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college verstrekt een vervoersvoorziening in de vorm van
                                aangepast vervoer aan de ouders van de leerling die een school zoals
                                bedoeld onder artikel 11 bezoekt, indien:</al></lid><lid><lidnr>a.</lidnr><al>aanspraak bestaat op bekostiging zoals bedoeld in de artikelen 12 of
                                13 en de leerling met gebruikmaking van openbaar vervoer naar school
                                of terug, meer dan anderhalf uur onderweg is en de reistijd met
                                aangepast vervoer tot 50% of minder van de reistijd per openbaar
                                vervoer kan worden teruggebracht;</al></lid><lid><lidnr>b.</lidnr><al>aanspraak bestaat op bekostiging zoals bedoeld in de artikelen 12 of
                                13 en openbaar vervoer ontbreekt, tenzij de leerling naar het
                                oordeel van het college al dan niet onder begeleiding gebruik kan
                                maken van het vervoer per fiets; </al></lid><lid><lidnr>c.</lidnr><al>c. aanspraak bestaat op bekostiging zoals bedoeld in artikel 13 en
                                door de ouders ten behoeve van het college genoegzaam wordt
                                aangetoond dat begeleiding van de leerling door henzelf of anderen
                                onmogelijk is dan wel tot ernstige benadeling van het gezin zal
                                leiden en een andere oplossing niet mogelijk is; of</al></lid><lid><lidnr>d.</lidnr><al>de leerling, naar het oordeel van het college, gelet op zijn
                                structurele lichamelijke, verstandelijke of zintuiglijke handicap
                                niet in staat is – ook niet onder begeleiding –van openbaar vervoer
                                gebruik te maken.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien begeleiding in het aangepast vervoer vereist is, vergoedt het
                                college geen andere kosten dan de vervoerskosten welke verbonden
                                zijn aan de begeleiding van de leerling in het aangepast
                                vervoer.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15.</nr><titel>Bekostiging op basis van de kosten van eigen vervoer</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Indien aanspraak bestaat op een vervoersvoorziening, kan het college
                                de ouders op aanvraag toestaan een of meer leerlingen zelf te
                                vervoeren of te laten vervoeren.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien toestemming ingevolge het eerste lid aan de ouders is
                                verleend, bekostigt het college aan de ouders die een leerling zelf
                                vervoeren, dan wel laten vervoeren:</al></lid><lid><lidnr>a.</lidnr><al>een bedrag op basis van de kosten van het openbaar vervoer, indien
                                aanspraak zou bestaan op bekostiging op basis van de kosten van het
                                openbaar vervoer, behoudens het bepaalde in het vijfde lid; of</al></lid><lid><lidnr>b.</lidnr><al>een bedrag op basis van een kilometervergoeding voor de auto,
                                afgeleid van de Reisregeling binnenland, indien aanspraak zou
                                bestaan op een voorziening in de vorm van aangepast vervoer,
                                behoudens het bepaalde in het vierde lid.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien toestemming ingevolge het eerste lid aan de ouders is
                                verleend, bekostigt het college aan de ouders die meer dan een
                                leerling tegelijk zelf vervoeren, dan wel laten vervoeren, een
                                bedrag op basis van een kilometervergoeding voor de auto afgeleid
                                van de Reisregeling binnenland, behoudens het bepaalde in het vierde
                                lid.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Aan de ouders die een of meer leerlingen laten vervoeren door andere
                                ouders die van gemeentewege voor het vervoer van een of meer
                                leerlingen bekostiging ontvangen, afgeleid van de Reisregeling
                                binnenland, wordt door het college geen bekostiging verstrekt.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Indien aanspraak bestaat op een vervoersvoorziening en het college
                                desgewenst toestaat, dan wel van oordeel is, dat de leerling gebruik
                                kan maken van het vervoer per fiets, bekostigt het college aan de
                                ouders een bedrag op basis van een kilometervergoeding voor de
                                fiets, afgeleid van de Reisregeling binnenland.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16.</nr><titel>Drempelbedrag</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Aan de ouders van een leerling die een school voor basisonderwijs of
                                een speciale school voor basisonderwijs, zoals bedoeld in de Wet op
                                het primair onderwijs bezoekt, van wie het inkomen tezamen meer
                                bedraagt dan € 24.300,- wordt slechts bekostiging verstrekt voor
                                zover de kosten van het vervoer van die leerling de kosten van het
                                openbaar vervoer over de in artikel 12 bepaalde afstand te boven
                                gaan.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In geval het college in plaats van bekostiging in geld toe te kennen
                                het vervoer zelf verzorgt dan wel doet verzorgen, betalen de ouders
                                van een leerling die een school voor basisonderwijs of een speciale
                                school voor basisonderwijs bezoekt, per leerling per schooljaar een
                                eigen bijdrage die gelijk is aan de kosten van het openbaar vervoer
                                over de in artikel 12 bepaalde afstand, indien het inkomen van de
                                ouders meer bedraagt dan € 24.300,- </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De kosten voor openbaar vervoer, genoemd in het eerste en tweede
                                lid, betreffen de kosten van openbaar vervoer die bij gebruik van de
                                OV-chipkaart of een andere binnen de gemeente geldende
                                OV-betaalmogelijkheid voor de in artikel 12 bepaalde afstand
                                redelijkerwijs zouden worden gemaakt, ongeacht de aanwezigheid van
                                openbaar vervoer of het daadwerkelijk gebruik ervan. Bij het bepalen
                                van de kosten wordt rekening gehouden met de kortingen die voor de
                                leerling binnen het systeem kunnen gelden.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het bedrag van € 24.300,- genoemd in het eerste en tweede lid, wordt
                                met ingang van 1 januari 2015 jaarlijks aangepast aan de wijziging
                                die het indexcijfer van de regelingslonen van volwassen werknemers
                                heeft ondergaan ten opzichte van het voorafgaande jaar en
                                rekenkundig afgerond op een veelvoud van € 450,-. Het aangepaste
                                bedrag treedt in plaats van het in het eerste en tweede lid genoemde
                                bedrag van € 24.300,-.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Deze bepaling is niet van toepassing op leerlingen die wegens hun
                                structurele lichamelijke, verstandelijke of zintuiglijke handicap op
                                ander vervoer dan openbaar vervoer zijn aangewezen, dan wel vanwege
                                een zodanige handicap niet zelfstandig van openbaar vervoer gebruik
                                kunnen maken. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17.</nr><titel>Financiële draagkracht</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Indien de afstand van de woning naar de dichtstbijzijnde
                                    toegankelijke school voor basisonderwijs (zoals bedoeld in de
                                    Wet op het primair onderwijs) meer dan 20 km bedraagt, wordt de
                                    vastgestelde bekostiging verminderd met een van de financiële
                                    draagkracht van de ouders afhankelijk bedrag.</al></li><li nr="2."><al>In geval het college in plaats van bekostiging in geld toe te
                                    kennen het vervoer zelf verzorgt dan wel doet verzorgen, en de
                                    afstand van de woning naar de dichtstbijzijnde toegankelijke
                                    school voor basisonderwijs meer dan 20 km bedraagt, betalen de
                                    ouders een van de financiële draagkracht afhankelijke bijdrage
                                    tot ten hoogste het bedrag van de kosten van het vervoer.</al></li><li nr="3."><al>De hoogte van het bedrag als bedoeld in het eerste lid en de
                                    bijdrage als bedoeld in het tweede lid worden berekend per gezin
                                    en zijn afhankelijk van de hoogte van het inkomen van de
                                    ouders.</al></li></lijst><al>Zij bedragen: </al><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="47*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="53*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al><cursief>Belastbaar inkomen</cursief></al></entry><entry colname="col2"><al><cursief>Eigen bijdragen in euro’s</cursief></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>0-32.500 </al></entry><entry colname="col2"><al>Nihil</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>32.500-39.000</al></entry><entry colname="col2"><al>130</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>39.000-45.000</al></entry><entry colname="col2"><al>545</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>45.000-51.000</al></entry><entry colname="col2"><al>1015</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>51.000-58.000</al></entry><entry colname="col2"><al>1485</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>58.000-64.000</al></entry><entry colname="col2"><al>1955</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>64.000 en verder</al></entry><entry colname="col2"><al>Voor elke extra € 5.000: € 480 erbij </al></entry></row></tbody></tgroup></table><lijst><li nr="4."><al>De inkomensbedragen, genoemd in het derde lid, worden met ingang
                                    van 1 januari 2014 jaarlijks aangepast aan de wijziging die het
                                    indexcijfer van de regelingslonen van volwassen werknemers heeft
                                    ondergaan ten opzichte van 1 januari van het voorafgaande jaar,
                                    en rekenkundig afgerond op een veelvoud van € 500,-.</al></li><li nr="5."><al>De bedragen van de eigen bijdrage, bedoeld in het derde lid,
                                    worden met ingang van 1 januari 2014 jaarlijks aangepast aan de
                                    wijziging die het consumentenprijsindexcijfer van de reeks alle
                                    huishoudens op het onderdeel vervoersdiensten heeft ondergaan
                                    ten opzichte van 1 januari van het voorafgaande jaar, en
                                    rekenkundig afgerond op een veelvoud van € 5,-.</al></li><li nr="6."><al>Deze bepaling is niet van toepassing op leerlingen die wegens
                                    hun structurele lichamelijke, verstandelijke of zintuiglijke
                                    handicap op ander vervoer dan openbaar vervoer zijn aangewezen,
                                    dan wel vanwege een zodanige handicap niet zelfstandig van
                                    openbaar vervoer gebruik kunnen maken.</al></li></lijst></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>§</label><nr>3</nr><titel>Bepalingen omtrent het vervoer van leerlingen van scholen voor
                            voortgezet onderwijs</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18.</nr><titel>Algemene bepalingen omtrent het vervoer van leerlingen van
                                scholen voor voortgezet onderwijs</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In deze paragraaf wordt verstaan onder school:</al></lid><lid><lidnr>a.</lidnr><al>een school voor voortgezet onderwijs als bedoeld in de Wet op het
                                voortgezet onderwijs; of</al></lid><lid><lidnr>b.</lidnr><al>een school voor speciaal en voortgezet speciaal onderwijs of een
                                school voor voortgezet speciaal onderwijs als bedoeld in de Wet op
                                de expertisecentra.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college betrekt bij de beoordeling van de aanvraag voor
                                leerlingenvervoer eventuele (vervoers)adviezen van deskundigen die
                                voor de beoordeling van die aanvraag van belang zijn.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19.</nr><titel>Bekostiging van de kosten van openbaar vervoer met begeleiding en
                                vervoer per fiets</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college verstrekt aan de ouders van de leerling die een school
                                zoals bedoeld onder artikel 18 bezoekt bekostiging op basis van de
                                kosten van het openbaar vervoer van de leerling en een begeleider,
                                indien de leerling door een structurele lichamelijke, verstandelijke
                                of zintuiglijke handicap niet zelfstandig van het openbaar vervoer
                                of de fiets gebruik kan maken.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien een begeleider meer dan één leerling tegelijk begeleidt,
                                komen slechts de kosten van het vervoer ten behoeve van één
                                begeleider voor bekostiging in aanmerking.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>In afwijking van de bekostiging op basis van de kosten van het
                                openbaar vervoer, zoals bedoeld in het eerste lid, verstrekt het
                                college de ouders bekostiging op basis van de kosten van het vervoer
                                per fiets, indien de leerling naar het oordeel van het college onder
                                begeleiding gebruik kan maken van het vervoer per fiets.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20.</nr><titel>Vervoersvoorziening in de vorm van aangepast vervoer</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college verstrekt een vervoersvoorziening in de vorm van
                                aangepast vervoeraan de ouders van de leerling die een school
                                zoals bedoeld onder artikel 18 bezoekt, indien:</al></lid><lid><lidnr>a.</lidnr><al>aanspraak bestaat op bekostiging zoals bedoeld in artikel 19 en de
                                leerling met gebruikmaking van openbaar vervoer naar school of
                                terug, meer dan anderhalf uur onderweg is en de reistijd met
                                aangepast vervoer tot 50% of minder van de reistijd per openbaar
                                vervoer kan worden teruggebracht;</al></lid><lid><lidnr>b.</lidnr><al>aanspraak bestaat op bekostiging zoals bedoeld in artikel 19 en
                                openbaar vervoer ontbreekt, tenzij de leerling naar het oordeel van
                                het college onder begeleiding gebruik kan maken van het vervoer per
                                fiets;</al></lid><lid><lidnr>c.</lidnr><al>aanspraak bestaat op bekostiging zoals bedoeld in artikel 19 en door
                                de ouders ten behoeve van het college genoegzaam wordt aangetoond
                                dat begeleiding van de leerling door henzelf of anderen onmogelijk
                                is dan wel tot ernstige benadeling van het gezin zal leiden en een
                                andere oplossing niet mogelijk is; of</al></lid><lid><lidnr>d.</lidnr><al>de leerling, naar het oordeel van het college, gelet op zijn
                                structurele lichamelijke, verstandelijke of zintuiglijke handicap
                                niet in staat is – ook niet onder begeleiding – van openbaar vervoer
                                gebruik te maken.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien begeleiding in het aangepaste vervoer vereist is, vergoedt
                                het college geen andere kosten dan de vervoerskosten welke verbonden
                                zijn aan de begeleiding van de leerling in het aangepaste
                                vervoer.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>21.</nr><titel>Bekostiging op basis van de kosten van eigen vervoer</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Indien aanspraak bestaat op een vervoersvoorziening, kan het college
                                de ouders op aanvraag toestaan een of meer leerlingen zelf te
                                vervoeren of te laten vervoeren.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien toestemming ingevolge het eerste lid aan de ouders is
                                verleend, bekostigt het college aan de ouders die een leerling zelf
                                vervoeren, dan wel laten vervoeren:</al></lid><lid><lidnr>a.</lidnr><al>een bedrag op basis van de kosten van het openbaar vervoer, indien
                                aanspraak zou bestaan op bekostiging op basis van de kosten van het
                                openbaar vervoer, behoudens het bepaalde in het vijfde lid;</al></lid><lid><lidnr>b.</lidnr><al>een bedrag op basis van een kilometervergoeding voor de auto,
                                afgeleid van de Reisregeling binnenland, indien aanspraak zou
                                bestaan op een voorziening in de vorm van aangepast vervoer,
                                behoudens het bepaalde in het vierde lid.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien toestemming ingevolge het eerste lid aan de ouders is
                                verleend, bekostigt het college aan de ouders die meer dan een
                                leerling tegelijk zelf vervoeren, dan wel laten vervoeren, een
                                bedrag op basis van een kilometervergoeding voor de auto afgeleid
                                van de Reisregeling binnenland, behoudens het bepaalde in het vierde
                                lid.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Aan de ouders die een of meer leerlingen laten vervoeren door andere
                                ouders die van gemeentewege voor het vervoer van een of meer
                                leerlingen bekostiging ontvangen, afgeleid van de Reisregeling
                                binnenland, wordt door het college geen bekostiging verstrekt.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Indien aanspraak bestaat op een vervoersvoorziening en het college
                                desgewenst toestaat, dan wel van oordeel is, dat de leerling gebruik
                                kan maken van het vervoer per fiets, bekostigt het college aan de
                                ouders een bedrag op basis van een kilometervergoeding voor de
                                fiets, afgeleid van de Reisregeling binnenland.</al></lid></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>§</label><nr>4</nr><titel>Bepalingen omtrent weekeinde- en vakantievervoer</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>22.</nr><titel>Toekenning vervoersvoorziening voor het weekeinde en de vakantie
                                aan in de gemeente wonende ouders</titel></kop><al>Met inachtneming van artikel 3 kent het college desgewenst een
                            vervoersvoorziening voor het weekeinde- en vakantievervoer toe aan de in
                            de gemeente wonende ouders van de leerling die, met het oog op het
                            volgen van voor hem passend (voortgezet) speciaal onderwijs in een
                            internaat of pleeggezin verblijft, volgens het bepaalde in deze
                            paragraaf.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>23.</nr><titel>Vervoersvoorziening voor weekeinde en vakantie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college kent aan de ouders een vervoersvoorziening toe voor het
                                weekeindevervoer van de leerling voor de, eenmaal per weekeinde
                                gemaakte, reis van het internaat of het pleeggezin waar de leerling
                                verblijft, naar de woning van de ouders en terug, voor zover de
                                weekeinden niet vallen binnen de in het tweede lid bedoelde
                                schoolvakanties.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college kent aan de ouders een vervoersvoorziening toe voor het
                                vakantievervoer van de leerling voor de, eenmaal per schoolvakantie
                                van twee dagen of meer, gemaakte reis van het internaat of het
                                pleeggezin waar de leerling verblijft, naar de woning van de ouders
                                en terug, voor zover de vakantie voorkomt in de schoolgids van de
                                school die de leerling bezoekt.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Paragraaf 2 en 3 van deze verordening zijn van overeenkomstige
                                toepassing, met uitzondering van artikel 14, eerste lid, aanhef en
                                onder a, en artikel 20, eerste lid, aanhef en onder a.</al></lid></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>§</label><nr>5</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>24.</nr><titel>Beslissing college in gevallen waarin de regeling niet
                                voorziet</titel></kop><al>In gevallen, de uitvoering van het leerlingenvervoer betreffende, waarin
                            deze verordening niet voorziet, beslist het college.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>25.</nr><titel>Afwijken van bepalingen</titel></kop><al>Het college kan in bijzondere gevallen, het vervoer voor onderwijs
                            aangaande, ten gunste van de ouders afwijken van de bepalingen in deze
                            verordening, zonodig na advies te hebben gevraagd aan deskundigen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>26.</nr><titel>Overgangsregeling speciaal voortgezet onderwijs</titel></kop><al>Op 1 augustus 2014 is de Wet passend onderwijs in werking getreden.
                            Invoering van het passend onderwijs heeft gevolgen voor het
                            leerlingenvervoer, met name voor leerlingen in het voortgezet speciaal
                            onderwijs. Zij worden door invoering van het passend onderwijs wettelijk
                            gelijk gesteld met leerlingen in het regulier voortgezet onderwijs. Dat
                            betekent, dat zij geen recht meer hebben op een vervoersvoorziening,
                            tenzij zij door hun handicap niet in staat worden geacht om al dan niet
                            zelfstandig van de fiets of het openbaar vervoer gebruik te maken.
                            Teneinde de ouders in de gelegenheid te stellen oplossingen te vinden of
                            maatregelen te treffen in verband met het wegvallen van een
                            vervoervergoeding, geldt voor het schooljaar 2015-2016 een
                            overgangsregeling. Deze overgangsregeling is alleen van toepassing op
                            het schooljaar 2015-2016 en stopt met ingang van het schooljaar
                            2016-2017.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>27.</nr><titel>Intrekking oude regeling</titel></kop><al>De verordening leerlingenvervoer gemeente Delft, zoals vastgesteld op 29
                            mei 2008 en laatstelijk gewijzigd bij besluit van 21 april 2011 wordt
                            ingetrokken.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>28.</nr><titel>Inwerkingtreding en citeertitel</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Deze verordening treedt in werking op 18 december 2015.</al></li><li nr="2."><al>Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening
                                    leerlingenvervoer gemeente Delft</al></li></lijst></artikel></paragraaf></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 17 december
                            2015.</ondertekening><ondertekening>mr. drs. G.A.A. Verkerk ,burgemeester. </ondertekening><ondertekening>drs. R.G.R. Jeene ,griffier.</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>