<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidop="http://standaarden.overheid.nl/oep/meta/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export1.6--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR390953_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op de heffing en invordering van toeristenbelasting 2016</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Boekel</dcterms:creator><dcterms:modified>2015-12-25</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Boekel</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2015-127551.html">officiële bekendmakingen</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening toeristenbelasting 2016</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0005416&amp;artikel=224">Gemeentewet, artikel 224</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2015-12-10</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
          databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2015-12-25</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2017-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>AB/017025 Z/029652</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening op de heffing en invordering van toeristenbelasting 2016</intitule><regeling><aanhef><preambule><al><vet>Verordening toeristenbelasting 2016</vet></al><al/><al><vet>Raadsbesluit</vet></al><al/><al>De raad van de gemeente Boekel;</al><al/><al>gezien het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 27 oktober
                        2015;</al><al/><al>gelet op artikel 224 van de Gemeentewet</al><al/><al><vet>BESLUIT</vet>:</al><al/><al>vast te stellen de:</al><al/><al><vet>VERORDENING OP DE HEFFING EN INVORDERING VAN TOERISTENBELASTING
                        2016</vet></al><al/><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.</nr><titel>Belastbaar feit</titel></kop><al>Onder de naam ‘toeristenbelasting’ wordt een directe belasting geheven voor
                        het houden van verblijf met overnachting binnen de gemeente tegen een
                        vergoeding in welke vorm dan ook door personen die niet als ingezetene met
                        een adres in de gemeente in de basisregistratie personen zijn
                        ingeschreven.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.</nr><titel>Belastingplicht</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Belastingplichtig is degene die gelegenheid biedt tot verblijf als
                            bedoeld in artikel 1 in hem ter beschikking staande ruimten dan wel op
                            hem ter beschikking staande terreinen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De belastingplichtige is bevoegd de belasting als zodanig te verhalen op
                            degene, terzake van wiens verblijf de belasting verschuldigd wordt.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien met toepassing van het eerste lid geen belastingplichtige is aan
                            te wijzen, is belastingplichtig degene die overeenkomstig het bepaalde
                            in artikel 1 verblijf houdt.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.</nr><titel>Vrijstellingen</titel></kop><al>De belasting wordt niet geheven voor het verblijf:</al><lijst><li nr="1."><al>van degene die verblijft in een toegelaten instelling als bedoeld in
                                artikel 5, eerste lid, van de Wet Toelating Zorginstellingen;</al></li><li nr="2."><al>van een vreemdeling als bedoeld in artikel 29, eerste lid, van de
                                Vreemdelingenwet 2000, die rechtmatig in Nederland verblijft in de
                                zin van artikel 8, letters c, d, f, g, h, van voornoemde wet, en
                                voor zover deze persoon verblijf houdt als bedoeld in artikel 1 van
                                de Verordening, onder verantwoordelijkheid van het Centraal Orgaan
                                Opvang Asielzoekers.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.</nr><titel>Maatstaf van heffing</titel></kop><al>De belasting wordt geheven naar het aantal overnachtingen in het
                        belastingjaar.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.</nr><titel>Forfaitaire berekeningswijze van de heffingsgrondslag</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Voor de toepassing van dit artikel wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>vakantie-onderkomens: woningen en andere verblijven,
                                        niet-zijnde mobiele kampeeronderkomens of stacaravans, in
                                        hoofdzaak bestemd voor en gebezigd als verblijf voor
                                        vakantie- en andere recreatieve doeleinden;</al></li><li nr="b."><al>mobiele kampeeronderkomens: tenten, vouwwagens,
                                        kampeerauto’s, toercaravans en soortgelijke onderkomens dan
                                        wel soortgelijke voertuigen welke bestemd zijn dan wel
                                        gebezigd worden als verblijf voor vakantie- en andere
                                        recreatieve doeleinden;</al></li><li nr="c."><al>niet-beroepsmatig verhuurde ruimten: woningen en andere
                                        verblijven, of gedeelten daarvan, niet-zijnde mobiele
                                        kampeeronderkomens of stacaravans, welke niet in hoofdzaak
                                        bestemd zijn als verblijf voor vakantie en andere
                                        recreatieve doeleinden, doch welke in bepaalde perioden van
                                        het jaar voor die doeleinden worden verhuurd dan wel te huur
                                        aangeboden;</al></li><li nr="d."><al>vaste standplaats: een terrein of terreingedeelte dat
                                        bestemd is voor het gedurende een seizoen of een jaar
                                        plaatsen van eenzelfde mobiel kampeeronderkomen of
                                        stacaravan.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Het aantal personen dat heeft overnacht wordt met betrekking
                                tot:</al><lijst><li nr="a."><al>vakantie-onderkomens en niet beroepsmatig verhuurde ruimten
                                        bepaald op 3;</al></li><li nr="b."><al>mobiele kampeeronderkomens en stacaravans op vaste
                                        standplaatsen bepaald op 3;</al></li><li nr="c."><al>mobiele kampeeronderkomens op niet-vaste standplaatsen
                                        bepaald op 3; </al></li></lijst></li><li nr="3."><al>Het aantal malen dat door de in het eerste lid bedoelde personen is
                                overnacht wordt ingeval verblijf wordt gehouden in
                                vakantie-onderkomens, niet beroepsmatig verhuurde ruimten, mobiele
                                kampeeronderkomens en stacaravans op vaste standplaatsen, welke
                                geschikt zijn voor gebruik of slechts gebruikt mogen worden
                                gedurende een periode van:</al><lijst><li nr="-"><al>ten hoogste drie maanden bepaald op 30</al></li><li nr="-"><al>meer dan drie doch ten hoogste zes maanden bepaald op
                                        40</al></li><li nr="-"><al>meer dan zes maanden doch ten hoogste negen maanden bepaald
                                        op 50</al></li><li nr="-"><al>meer dan negen doch ten hoogste twaalf maanden bepaald op
                                        60</al></li><li nr="-"><al>ingeval verblijf wordt gehouden in mobiele
                                        kampeeronderkomens</al></li></lijst></li></lijst><al>op niet-vaste standplaatsen bepaald op 365.</al><al>Het aantal mobiele kampeeronderkomens op niet vaste staanplaatsen wordt
                        vastgesteld op het gemiddelde van een zestal tellingen gedurende het
                        belastingjaar, waarbij iedere telling valt binnen een afzonderlijke periode
                        van één maand.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.</nr><titel>Opteren voor niet-forfaitaire maatstaf van heffing</titel></kop><al>In afwijking van het bepaalde in artikel 5 wordt op een door de
                        belastingplichtige bij de aangifte gedane aanvraag de maatstaf van heffing
                        vastgesteld op het werkelijk aantal overnachtingen, indien blijkt dat dit
                        aantal lager is dan het op grond van artikel 5 berekende aantal. In geval
                        men opteert voor een niet-forfaitaire heffingsgrondslag, is men verplicht om
                        een nachtverblijfregister bij te houden.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.</nr><titel>Belastingtarief</titel></kop><al>Het tarief bedraagt per overnachting € 1,02</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8.</nr><titel>Belastingjaar</titel></kop><al>Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9.</nr><titel>Wijze van heffing</titel></kop><al>De belasting wordt bij wege van aanslag geheven.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10.</nr><titel>Aanslaggrens</titel></kop><al>Belastingaanslagen van minder dan € 5,00 worden niet opgelegd. Voor de
                        toepassing van de vorige volzin wordt het totaal van op één aanslagbiljet
                        verenigde aanslagen aangemerkt als één belastingbedrag.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11.</nr><titel>Termijnen van betaling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De aanslag(en) moet(en) worden betaald in twee gelijke termijnen,
                            waarvan de eerste vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de
                            maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en de
                            tweede twee maanden later.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Met betrekking tot een ingevolge artikel 2, tweede lid, onderdeel c, van
                            de Invorderingswet 1990 met een belastingaanslag gelijkgestelde
                            beschikking inzake een bestuurlijke boete is het eerste lid van
                            overeenkomstige toepassing, voor zover deze gelijktijdig wordt opgelegd
                            met de vaststelling van de aanslag.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien een machtiging voor automatische incasso is afgegeven en zolang
                            de verschuldigde bedragen via automatische incasso kunnen worden
                            afgeschreven, moet(en) de aanslag(en) en de bestuurlijke boete(s) worden
                            betaald in twee gelijke termijnen, waarvan de eerste vervalt op de
                            laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van
                            het aanslagbiljet is vermeld en de tweede twee maanden later.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>In afwijking van het derde lid is betaling via automatische incasso
                            alleen mogelijk voor zover het totaalbedrag van de op één aanslagbiljet
                            verenigde belastingaanslagen en bestuurlijke boetes minder is dan €
                            3.000,00.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande
                            leden gestelde termijnen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12.</nr><titel>Nadere regels door het Dagelijks Bestuur</titel></kop><al>Het Dagelijks Bestuur van de Belastingsamenwerking Oost-Brabant kan nadere
                        regels geven met betrekking tot de heffing en de invordering van de
                        toeristenbelasting.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13.</nr><titel>Aanmeldingsplicht</titel></kop><al>De belastingplichtige bedoeld in artikel 2, eerste lid, is gehouden, voordat
                        hij voor de eerste maal na het in werking treden van deze verordening
                        gelegenheid tot overnachten verschaft, zulks schriftelijk te melden aan de
                        door het College van burgemeester en wethouders aangewezen gemeente
                        ambtenaren, bedoeld in artikel 232, vierde lid, onderdelen a en c, van de
                        Gemeentewet.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14.</nr><titel>Nachtverblijfregister</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De belastingplichtige is gehouden per seizoen een vanwege de gemeente
                            kosteloos ter beschikking gesteld nachtverblijfregister bij te
                            houden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het nachtverblijfregister bevat met betrekking tot ieder aan wie
                            gelegenheid tot overnachten is verschaft of wie heeft overnacht gegevens
                            ten minste betreffende:</al><lijst><li nr="-"><al>naam, leeftijd en woonplaats;</al></li><li nr="-"><al>datum van aankomst en vertrek;</al></li><li nr="-"><al>het aantal overnachtingen ter zake waarvan belasting
                                    verschuldigd is.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het College van burgemeester en wethouders is bevoegd voor bepaalde
                            gevallen of groepen van gevallen van de in het eerste lid bedoelde
                            verplichting gehele of gedeeltelijke ontheffing te verlenen, zo nodig
                            onder door hen te stellen voorwaarden.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15.</nr><titel>Kwijtschelding van belastingen</titel></kop><al>Bij de invordering van toeristenbelasting wordt geen kwijtschelding
                        verleend.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16.</nr><titel>Inwerkingtreding en citeertitel</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De ‘Verordening op de heffing en invordering van toeristenbelasting
                                2015’ van 11 december 2014 wordt ingetrokken met ingang van de in
                                het derde lid genoemde datum van ingang van heffing, met dien
                                verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die
                                zich voor die datum hebben voorgedaan.</al></li><li nr="2."><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na
                                die van de bekendmaking.</al></li><li nr="3."><al>De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2016.</al></li><li nr="4."><al>Deze verordening kan worden aangehaald als ‘Verordening
                                toeristenbelasting 2016’.</al><al/></li></lijst></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad van de gemeente
                        Boekel, gehouden op 10 december 2015.</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>de griffier, de voorzitter</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>M.R.P. Philipse P.M.J.H. Bos </ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>