<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.92--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR39075_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op het burgerinitiatief</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Heerhugowaard</dcterms:creator><dcterms:modified>2005-03-17</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Heerhugowaard</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Stadsnieuws, jrg.3 nr.6, 15-03-2005, p.2</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening op het burgerinitiatief</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 149</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">college van burgemeester en wethouders</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2005-02-22</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2005-03-17</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2022-06-08</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>RB2005009</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>verordeningen</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening op het burgerinitiatief</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>Nr.RB2005009</al><al>de Raad van de gemeente Heerhugowaard; </al><al>gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 21 december 2004
                        gelet op artikel 149 van de Gemeentewet </al><al>b e s l u i t</al><al>vast te stellen de hierna volgende </al><al><vet>Verordening op het burgerinitiatief</vet></al><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder een burgerinitiatief verstaan: een
                        voorstel van een initiatiefgerechtigde ter plaatsing op de agenda van de
                        vergadering van de raad.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De raad plaatst een burgerinitiatief op de agenda van zijn vergadering,
                            indien daartoe door een initiatiefgerechtigde een geldig verzoek is
                            ingediend. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Ongeldig is het verzoek dat: </al><lijst><li nr="a."><al>een onderwerp als bedoeld in artikel 4 bevat, of </al></li><li nr="b."><al>niet voldoet aan de voorwaarden, gesteld in artikel 5.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Initiatiefgerechtigd zijn alle ingezetenen en belanghebbenden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Voor de beoordeling of iemand belanghebbende is, is de situatie op de
                            dag van indiening van het verzoek bepalend.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een burgerinitiatief kan geen betrekking hebben op: </al><lijst><li nr="a."><al>een onderwerp dat niet behoort tot de bevoegdheid van het
                                    gemeentebestuur; </al></li><li nr="b."><al>een vraag over het gemeentelijk beleid; </al></li><li nr="c."><al>een klacht in de zin van hoofdstuk 9 van de Algemene wet
                                    bestuursrecht; </al></li><li nr="d."><al>een bezwaar in de zin van hoofdstuk 7 van de Algemene wet
                                    bestuursrecht tegen een besluit van het gemeentebestuur, of
                                </al></li><li nr="e."><al>een onderwerp waarover tijdens de raadsperiode waarin indiening
                                    van het voorstel plaatsvindt door de raad een besluit is
                                    genomen. </al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een burgerinitiatief over een onderwerp of voorstel dat niet behoort tot
                            de bevoegdheid van de raad, maar wel valt onder de bevoegdheid van het
                            gemeentebestuur, zal door de raad, eventueel vergezeld van zijn advies,
                            worden doorgezonden naar het college of naar de burgemeester in de
                            hoedanigheid van portefeuillehouder. 3. Het college of de burgemeester
                            zal een onderwerp of voorstel als bedoeld in lid 2 behandelen als ware
                            het een burgerinitiatief.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het verzoek ter plaatsing van een burgerinitiatief op de agenda van de
                            vergadering van de raad wordt schriftelijk ingediend bij de voorzitter
                            van de raad. Formulieren voor indiening van een burgerinitiatief zijn
                            bij de griffie verkrijgbaar en kunnen – na invulling – weer bij
                            diezelfde griffie worden ingediend. De griffie zal de initiatiefnemer
                            gedurende de verdere procedure adviseren en begeleiden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het verzoek bevat ten minste:</al></lid><lid><lidnr>a.</lidnr><al>een nauwkeurige omschrijving van het burgerinitiatief;</al></lid><lid><lidnr>b.</lidnr><al>een toelichting op het burgerinitiatief en</al></lid><lid><lidnr>c.</lidnr><al>de achternaam, de voornamen, het adres, de geboortedatum en de
                            handtekening(en) van de initiatiefnemer(s).</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Voor de indiening van het verzoek wordt gebruik gemaakt van het in
                            bijlage 2 van deze verordening opgenomen model.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De raad agendeert het burgerinitiatief voor zijn eerstvolgende
                            vergadering na de datum van indiening van het initiatief, indien het
                            voldoet aan de vereisten zoals gesteld in artikel 5. Er dient ten minste
                            twee weken te liggen tussen de dag van indiening van het
                            burgerinitiatief en de dag van de vergadering waarin over het
                            burgerinitiatief wordt beslist.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De voorzitter van de raad nodigt de initiatiefnemer schriftelijk uit
                            voor de vergadering waarvoor het burgerinitiatief is geagendeerd. De
                            initiatiefnemer of zijn plaatsvervanger heeft tijdens deze vergadering
                            de gelegenheid om zijn burgerinitiatief mondeling toe te lichten.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Zo spoedig mogelijk nadat de raad over het burgerinitiatief een besluit
                            heeft genomen, wordt dit besluit bekendgemaakt door kennisgeving van het
                            besluit of van de zakelijke inhoud ervan in een van overheidswege
                            uitgegeven blad of een dag-, nieuws- of huis-aan-huisblad, dan wel op
                            andere geschikte wijze.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Tegelijkertijd met de bekendmaking wordt van het besluit mededeling
                            gedaan aan verzoeker.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De initiatiefnemer wordt daarna ingelicht over de vervolgstappen inzake
                            de uitwerking van het burgerinitiatief.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Indien het burgerinitiatief is afgewezen, is sprake van een besluit in
                            de zin van de Algemene wet bestuursrecht waartegen bezwaar en beroep
                            openstaat.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr></kop><al>De burgemeester brengt elk jaar een verslag uit over de werking van het
                        recht van burgerinitiatief in de praktijk.</al></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Heerhugowaard, 22 februari 2005</ondertekening><ondertekening>De Raad voornoemd,</ondertekening><ondertekening>de griffier, de voorzitter,</ondertekening><ondertekening/></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>