<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.92--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR390669_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Algemene subsidieverordening gemeente Gilze en Rijen 2016</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Gilze en Rijen</dcterms:creator><dcterms:modified>2016-01-01</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Gilze en Rijen</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2015-128680.html">Gemeenteblad, Jaargang 2015 nr. 128680, 30 december 2015</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Algemene subsidieverordening gemeente Gilze en Rijen 2016</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">artikel 149 Gemeentewet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>maatschappelijke zorg en welzijn</dcterms:subject><dcterms:issued>2015-12-21</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2016-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2024-07-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Algemene subsidieverordening gemeente Gilze en Rijen 2016</intitule><regeling><aanhef><preambule><al><vet>DE RAAD VAN DE GEMEENTE GILZE EN RIJEN;</vet></al><al>gezien het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 8 december
                        2015;</al><al>gelet op artikel 149 van de Gemeentewet;</al><al><vet>b e s l u i t :</vet></al><al>vast te stellen de </al><al><vet>Algemene subsidie</vet><vet>verordening </vet><vet>gemeente
                    </vet><vet>Gilze en Rijen 2016</vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.</nr><titel>Reikwijdte</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze verordening is van toepassing op de verstrekking van subsidies door
                            burgemeester en wethouders, met uitzondering van subsidies waarvoor bij
                            afzonderlijke verordening een uitputtende regeling is getroffen en
                            subsidies als bedoeld in artikel 4:23, derde lid, onder c. en d. van de
                            Algemene wet bestuursrecht.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Ten aanzien van subsidies waarvoor geen wettelijke grondslag nodig is
                            kunnen burgemeester en wethouders bepalen dat deze verordening geheel of
                            gedeeltelijk van toepassing is.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.</nr><titel>Bevoegdheden college</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college is belast met de uitvoering van deze verordening.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college is bevoegd te beslissen op aanvragen om subsidie, inclusief
                            aanvragen op grond van artikel 4:23, derde lid, onder c. en d. van de
                            Algemene wet bestuursrecht.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders stellen bij nadere regeling (hierna te
                            noemen: subsidieregeling) vast welke activiteiten in aanmerking kunnen
                            komen voor subsidie. Voor zover van toepassing, wordt hierin tevens
                            bepaald welke doelgroepen voor subsidie in aanmerking komen, hoe de
                            subsidie wordt berekend en hoe de subsidiebedragen worden uitbetaald.
                        </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Voor zover dat ten behoeve van het voldoen aan een Europees steunkader
                            noodzakelijk is, kunnen burgemeester en wethouders bij subsidieregeling
                            afwijken van deze verordening en deze aanvullen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.</nr><titel>Subsidieplafond en begrotingsvoorbehoud</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders kunnen subsidieplafonds als bedoeld in
                            artikel 4:25 van de Algemene wet bestuursrecht vaststellen. In dat geval
                            bepalen zij bij subsidieregeling de wijze van verdeling van de betrokken
                            subsidie.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders kunnen een subsidieplafond verlagen:</al><lijst><li nr="a."><al>als het wordt vastgesteld voordat de begroting voor het
                                    betrokken jaar is vastgesteld of goedgekeurd; of</al></li><li nr="b."><al>als de subsidieaanvragen waarop het subsidieplafond betrekking
                                    heeft, moeten worden ingediend voordat de begroting voor het
                                    betrokken jaar is vastgesteld of goedgekeurd.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bij de bekendmaking van een subsidieplafond dat kan worden verlaagd
                            overeenkomstig het vorige lid, wordt gewezen op de mogelijkheid van
                            verlaging.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Een subsidie ten laste van een begroting die nog niet is vastgesteld of
                            goedgekeurd, wordt verleend onder de voorwaarde dat voldoende middelen
                            op de begroting beschikbaar zullen worden gesteld. Bij de
                            verleningsbeschikking wordt daarop gewezen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.</nr><titel>Aanvraag</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een aanvraag om subsidie wordt schriftelijk ingediend bij burgemeester
                            en wethouders met gebruikmaking van een aanvraagformulier.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij de aanvraag legt de aanvrager de volgende gegevens over: </al><lijst><li nr="a."><al>een beschrijving van de activiteiten waarvoor de subsidie wordt
                                    aangevraagd;</al></li><li nr="b."><al>de doelen en resultaten welke met die activiteiten worden
                                    nagestreefd, en hoe de activiteiten daaraan bijdragen;</al></li><li nr="c."><al>een begroting van de kosten voor de activiteit(en);</al></li><li nr="d."><al>een begroting van de opbrengsten van de activiteit(en),
                                    waaronder ten minste:</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>I.</lidnr><al>een opgave van bij anderen aangevraagde subsidies of vergoedingen ten
                            behoeve van dezelfde activiteit(en) onder vermelding van de stand van
                            zaken daarvan;</al></lid><lid><lidnr>II.</lidnr><al>een actueel overzicht van de aanwezige (bestemmings)reserves en
                            voorzieningen inclusief (indien van toepassing) het onderliggende
                            bestedingsplan;</al></lid><lid><lidnr>III.</lidnr><al>een opgave van de wijze waarop de aanvrager getracht heeft andere
                            middelen te verzamelen om uitvoering te kunnen geven aan de gewenste
                            activiteit(en) en de mate waarin de aanvrager daarin is geslaagd
                            (bijvoorbeeld contributie of entreegelden).</al><al>e.een overzicht van de wijzen waarop de aanvrager de gewenste
                            activiteiten in samenwerking met andere actoren voornemens is te
                            realiseren;</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Een rechtspersoon die voor de eerste maal subsidie aanvraagt, voegt een
                            exemplaar van de oprichtingsakte, de statuten en een opgaaf van de
                            zittende bestuursleden toe aan de aanvraag, alsmede een afschrift van
                            het jaarverslag, de jaarrekening en de balans van het voorgaande jaar
                            zoals die door de penningmeester of accountant zijn opgemaakt en ter
                            goedkeuring en vaststelling zijn aangeboden aan bestuur of leden.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het college is bevoegd ook andere gegevens te verlangen dan genoemd in
                            het tweede en derde lid indien die andere gegevens voor het nemen van
                            een beslissing op de aanvraag noodzakelijk zijn. Indien voor het nemen
                            van een beslissing niet alle in het tweede en derde lid genoemde
                            gegevens noodzakelijk zijn kan het college de te overleggen gegevens
                            beperken.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.</nr><titel>Aanvraagtermijn</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een aanvraag om een subsidie die voor een of meer kalenderjaren wordt
                            verstrekt, moet zijn ontvangen op uiterlijk 1 oktober voorafgaand aan
                            het jaar of de jaren waarop de aanvraag betrekking heeft.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Andere aanvragen om subsidie moeten zijn ontvangen tussen 8 en 16 weken
                            voordat de aanvrager voornemens is te beginnen met de activiteiten
                            waarvoor de subsidie wordt aangevraagd.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bij subsidieregeling kunnen andere termijnen worden gesteld.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.</nr><titel>Beslistermijn</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders beslissen op een aanvraag om een subsidie als
                            bedoeld in artikel 5, eerste lid, uiterlijk op 31 december van het jaar
                            waarin de aanvraag is ingediend.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders beslissen op een aanvraag om een subsidie als
                            bedoeld in artikel 5, tweede lid, binnen 13 weken nadat de volledige
                            aanvraag is ingediend.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bij subsidieregeling kunnen andere termijnen worden gesteld.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Bij aanvragen om een subsidie die overeenkomstig artikel 108, derde lid,
                            van het Verdrag worden aangemeld bij de Europese Commissie wordt de
                            termijn verdaagd totdat de Europese Commissie een eindbeslissing heeft
                            genomen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.</nr><titel>Weigerings-, intrekkings- en terugvorderingsgronden</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Onverminderd de artikelen 4:25, tweede lid, en 4:35 van de Algemene wet
                            bestuursrecht weigeren burgemeester en wethouders de subsidie in ieder
                            geval voor zover de verlening een steunmaatregel zou vormen die in
                            strijd is met artikel 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking
                            van de Europese Unie.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Onverminderd het vorige lid kunnen burgemeester en wethouders de
                            subsidie verder in ieder geval weigeren:</al><lijst><li nr="a."><al>als de te subsidiëren activiteiten niet of niet in overwegende
                                    mate gericht zijn op de gemeente of haar ingezetenen of als ze
                                    onvoldoende ten goede komen aan de gemeente of haar ingezetenen,
                                    tenzij de subsidie wordt gedekt door een specifieke uitkering
                                    van derden die mede is bestemd voor andere gemeenten;</al></li><li nr="b."><al>voor zover activiteiten niet in overeenstemming zijn met het
                                    gemeentelijke beleid, waaronder de Kadernotitie subsidiebeleid
                                    2016-2019 en de subsidieregeling;</al></li><li nr="c."><al>als niet is aangetoond dat de subsidie noodzakelijk is voor het
                                    verrichten van de activiteiten waarvoor deze wordt
                                    gevraagd;</al></li><li nr="d."><al>de activiteiten al door (andere) overheidsinstellingen worden
                                    bekostigd;</al></li><li nr="e."><al>in het geval en onder de voorwaarden, bedoeld in artikel 3 van
                                    de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar
                                    bestuur;</al></li><li nr="f."><al>als de aanvraag niet voldoet aan regels die zijn gesteld om voor
                                    subsidie in aanmerking te komen;</al></li><li nr="g."><al>als de subsidieverstrekking in strijd zou zijn met een wettelijk
                                    voorschrift;</al></li><li nr="h."><al>als de aanvrager niet alle benodigde vergunningen of
                                    ontheffingen heeft;</al></li><li nr="i."><al>als de aanvrager niet aan de gestelde kwaliteitseisen
                                    voldoet;</al></li><li nr="j."><al>als een eenmalige/incidentele subsidie wordt gevraagd voor
                                    activiteiten die tot de reguliere activiteiten van de aanvrager
                                    behoren; </al></li><li nr="k."><al>voor zover al subsidie is verstrekt voor dezelfde
                                    activiteit;</al></li><li nr="l."><al>voor zover activiteiten gericht zijn op het uitdragen van
                                    levensbeschouwelijke of politieke overtuigingen;</al></li><li nr="m."><al>voor zover bepaalde groepen van deelname aan de activiteiten
                                    worden uitgesloten en daarmee naar het oordeel van burgemeester
                                    en wethouders niet een nuttig doel wordt gediend, zodat sprake
                                    is van ontoelaatbare discriminatie;</al></li><li nr="n."><al>voor zover activiteiten gericht zijn op het maken van
                                    winst;</al></li><li nr="o."><al>in de bij de betrokken subsidieregeling bepaalde gevallen.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders kunnen een subsidie in ieder geval intrekken
                            in het geval en onder de voorwaarden, bedoeld in artikel 3 van de Wet
                            bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders vorderen een subsidie met rente terug als dit
                            nodig is ter uitvoering van een terugvorderingsbesluit van de Europese
                            Commissie of een onherroepelijke rechterlijke uitspraak.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8.</nr><titel>Verantwoording</titel></kop><al>Voor zover dit niet is bepaald bij subsidieregeling, wordt bij de
                        verleningsbeschikking vermeld op welke wijze de subsidie-ontvanger de
                        besteding van de subsidie dient te verantwoorden.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9.</nr><titel>Algemene verplichtingen van de subsidie-ontvanger</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Als aannemelijk is dat een of meer van de activiteiten waarvoor de
                            subsidie is verleend niet of niet geheel zullen worden verricht of dat
                            niet of niet geheel aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen zal
                            worden voldaan, meldt de subsidie-ontvanger dat onverwijld aan
                            burgemeester en wethouders.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een subsidie-ontvanger informeert burgemeester en wethouders onverwijld
                            schriftelijk over:</al></lid><lid><lidnr>a.</lidnr><al>beslissingen of procedures die zijn gericht op de beëindiging van de
                            activiteiten waarvoor subsidie is verleend, of tot ontbinding van de
                            gesubsidieerde rechtspersoon;</al></lid><lid><lidnr>b.</lidnr><al>relevante wijzigingen in de financiële en organisatorische verhouding
                            met derden;</al></lid><lid><lidnr>c.</lidnr><al>ontwikkelingen die ertoe kunnen leiden dat aan de aan de subsidie
                            verbonden verplichtingen niet of niet geheel zullen kunnen worden
                            nagekomen;</al></lid><lid><lidnr>d.</lidnr><al>wijziging van de statuten voor zover het betreft de vorm van de
                            gesubsidieerde rechtspersoon, de persoon van de bestuurder of
                            bestuurders en het doel van de rechtspersoon.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10.</nr><titel>Aan een subsidie te verbinden bijzondere verplichtingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Aan een beschikking tot subsidieverlening kunnen verplichtingen worden
                            verbonden met betrekking tot</al></lid><lid><lidnr>a.</lidnr><al>het beheer en gebruik van hetgeen met de subsidie tot stand is
                            gebracht;</al></lid><lid><lidnr>b.</lidnr><al>de bereikbaarheid, toegankelijkheid en bruikbaarheid van de activiteiten
                            voor inwoners met een beperking;</al></lid><lid><lidnr>c.</lidnr><al>de inzet bij de activiteiten van personen die onder de zorgplicht van de
                            gemeente vallen in het kader van de Participatiewet.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij subsidies hoger dan € 50.000,--, verleend voor activiteiten die meer
                            dan een jaar in beslag nemen, kan de verplichting worden opgelegd tot
                            het tussentijds afleggen van rekening en verantwoording over de tot dan
                            verrichte activiteiten en de daaraan verbonden uitgaven en inkomsten. De
                            verantwoording wordt niet vaker dan één keer per jaar verlangd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11.</nr><titel>Reserves</titel></kop><al>Het college kan bij subsidieregeling of in de subsidieovereenkomst
                        bepalingen opnemen over het vormen van reserves.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12.</nr><titel>Eindverantwoording subsidies tot en met € 5.000,--</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Subsidies tot en met € 5.000,-- worden door burgemeester en wethouders
                            direct vastgesteld of verleend en – tenzij toepassing wordt gegeven aan
                            het volgende lid – binnen 8 weken nadat de activiteiten uiterlijk moeten
                            zijn verricht, ambtshalve vastgesteld. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Binnen twee weken nadat de activiteiten uiterlijk moeten zijn verricht,
                            meldt de aanvrager schriftelijk bij de gemeente of en hoe de
                            activiteiten hebben plaatsgevonden. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bij een ambtshalve vaststelling als bedoeld in het eerste lid kan de
                            aanvrager worden verplicht om op de daarbij aangegeven wijze aan te
                            tonen dat de activiteiten waarvoor de subsidie wordt verstrekt, zijn
                            verricht en dat is voldaan aan de aan de subsidie verbonden
                            verplichtingen. In dat geval vindt de vaststelling plaats binnen 8 weken
                            nadat de gevraagde inlichtingen zijn verstrekt.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>In geval van verlening van een subsidie van ten hoogste € 5.000,-- wordt
                            aanstonds een voorschot verstrekt ter hoogte van de verleende
                            subsidie.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Indien de subsidie gezamenlijk is aangevraagd door twee of meer
                            aanvragers gelden de verplichtingen uit dit artikel voor elke aanvrager
                            afzonderlijk. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13.</nr><titel>Eindverantwoording subsidies van meer dan € 5.000,--</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Bij subsidies van meer dan € 5.000,-- dient de subsidie-ontvanger een
                            aanvraag tot vaststelling in: </al></lid><lid><lidnr>a.</lidnr><al>in geval van een subsidie die per kalenderjaar wordt verstrekt,
                            uiterlijk op 1 mei van het jaar dat volgt op het betrokken
                            kalenderjaar;</al></lid><lid><lidnr>b.</lidnr><al>in andere gevallen uiterlijk 13 weken nadat de gesubsidieerde
                            activiteiten zijn verricht.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De aanvraag bevat: </al></lid><lid><lidnr>a.</lidnr><al>een inhoudelijk verslag waaruit blijkt in hoeverre de gesubsidieerde
                            activiteiten zijn verricht;</al></lid><lid><lidnr>a.</lidnr><al>een overzicht van de gesubsidieerde activiteiten en de hieraan verbonden
                            uitgaven en inkomsten (financieel verslag of jaarrekening, die door de
                            penningmeester of accountant is opgemaakt en ter goedkeuring en
                            vaststelling is aangeboden aan bestuur of leden);</al></lid><lid><lidnr>b.</lidnr><al>een overzicht in hoeverre vermogen is gevormd;</al></lid><lid><lidnr>c.</lidnr><al>indien de subsidie meer bedraagt dan € 100.000,-- een subsidieverklaring
                            van een onafhankelijke accountant (overeenkomstig het door het college
                            vastgestelde protocol) of indien een gesubsidieerde organisatie valt
                            onder de wettelijk verplichte accountantscontrole: een balans van het
                            afgelopen subsidietijdvak met een toelichting daarop en een
                            controleverklaring door een onafhankelijk accountant;</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bij subsidieregeling kunnen andere termijnen worden vastgesteld of
                            andere gegevens worden verlangd.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Indien de subsidie gezamenlijk is aangevraagd door twee of meer
                            aanvragers, gelden de verplichtingen uit dit artikel voor elke aanvrager
                            afzonderlijk.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14.</nr><titel>Subsidievaststelling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders stellen een subsidie die per kalenderjaar
                            wordt verstrekt vast voor 1 juli van het jaar volgend op het jaar
                            waarvoor de subsidie is verstrekt. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Andere subsidies dan bedoeld in het eerste lid stellen burgemeester en
                            wethouders vast binnen 8 weken na de ontvangst van een aanvraag tot
                            subsidievaststelling, tenzij bij subsidieregeling anders is
                            bepaald.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De termijn genoemd in het eerste en tweede lid kan eenmaal voor ten
                            hoogste 8 weken worden verdaagd.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Bij subsidieregeling kunnen categorieën subsidie-ontvangers worden
                            aangewezen waarvoor de subsidie direct wordt vastgesteld zonder dat een
                            aanvraag tot subsidievaststelling hoeft te worden ingediend.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Als een aanvraag tot subsidievaststelling niet voor het tijdstip,
                            bedoeld in artikel 13, eerste lid, aanhef en onder a en b, is ingediend,
                            kunnen burgemeester en wethouders de subsidie-ontvanger schriftelijk een
                            nieuwe termijn stellen. Wordt de aanvraag niet binnen deze termijn
                            ingediend dan kunnen zij overgaan tot ambtshalve vaststelling.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Bij subsidieregeling kunnen andere termijnen worden vastgesteld.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15.</nr><titel>Berekening van uurtarieven, uniforme kostenbegrippen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Als bij de bepaling van de subsidiabele kosten gebruik wordt gemaakt van
                            uurtarieven, worden deze door de subsidieaanvrager berekend met
                            gebruikmaking van een bij de subsidieregeling of bij de
                            subsidieverlening voorgeschreven berekeningswijze.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij het hanteren van kostenbegrippen bij de berekening van uurtarieven
                            wordt uitgegaan van bij de subsidieregeling of bij de subsidieverlening
                            voorgeschreven definities. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bij subsidie waarop een Europees steunkader van toepassing is, komen
                            alleen die tarieven en kostenbegrippen in aanmerking die voldoen aan de
                            eisen van het toepasselijke steunkader. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16.</nr><titel>Hardheidsclausule</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders kunnen deze verordening, met uitzondering van
                            de artikelen 1 en 2, in individuele gevallen buiten toepassing laten of
                            daarvan afwijken voor zover de toepassing van die bepalingen voor de
                            subsidieaanvrager of -ontvanger gevolgen zou hebben die onevenredig zijn
                            in verhouding tot de met de betrokken bepalingen te dienen doelen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Toepassing van het vorige lid wordt gemotiveerd in het besluit.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17.</nr><titel>Overgangs- en slotbepalingen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De Algemene subsidieverordening gemeente Gilze en Rijen wordt
                                ingetrokken.</al></li><li nr="2."><al>a. Voor subsidies die per kalenderjaar worden verstrekt wordt de
                                subsidie die voor het jaar 2015</al></li><li nr="b."><al>is verstrekt voortgezet tot 1 juli 2016. </al></li><li nr="c."><al>In afwijking van artikel 5, eerste lid, dienen subsidieaanvragen
                                voor deze activiteiten voor de periode 1 juli 2016 tot 1 januari
                                2017 uiterlijk voor 1 april 2016 te zijn ontvangen. </al></li><li nr="d."><al>In afwijking van artikel 6, eerste lid, beslissen burgemeester en
                                wethouders op de aanvraag als bedoeld onder b. voor 1 juli
                                2016.</al></li><li nr="e."><al>in afwijking van hetgeen hiervoor onder a., b. en c. is vermeld
                                gelden de volgende afwijkende overgangsregelingen voor:</al><lijst><li nr="i."><al>Kunstpodium: zijn aparte afspraken over afbouw gemaakt
                                        conform collegebesluiten d.d. 17 december 2013 (BW13.00889)
                                        en 8 juli 2014 (BW14.00443).</al></li><li nr="ii."><al>Brede School : subsidie loopt van schooljaar tot schooljaar
                                        en moet worden aangevraagd voor 1 april 2016. De subsidie
                                        voor het schooljaar 2016/2017 wordt onder het nieuwe beleid
                                        gebracht.</al></li><li nr="iii."><al>Senioren Vereniging Rijen : heeft tijdelijk in 2014/2015
                                        geen subsidie ontvangen. Subsidie voor de periode 1 januari
                                        2016 – 1 juli 2016 overeenkomstig regels voorgaand
                                        beleid.</al></li><li nr="iv."><al>Lokaal Steunpunt Mantelzorg: heeft tijdelijk geen subsidie
                                        ontvangen. Subsidie voor de periode 1 januari 2016 – 1 juli
                                        2016 overeenkomstig regels voorgaand beleid. </al></li></lijst></li><li nr="3."><al>Op subsidiebesluiten die zijn genomen voor 1 januari 2016 en die
                                betrekking hebben op subsidie voor het jaar 2016, blijft de Algemene
                                subsidieverordening gemeente Gilze en Rijen van toepassing. </al></li><li nr="4."><al>Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2016.</al></li><li nr="5."><al>Deze verordening wordt aangehaald als: Algemene subsidieverordening
                                gemeente Gilze en Rijen 2016.</al></li></lijst></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de openbare</ondertekening><ondertekening>vergadering van 21 december 2015. </ondertekening><ondertekening>DE RAAD VOORNOEMD,</ondertekening><ondertekening>de griffier, de voorzitter,</ondertekening><ondertekening>mr. J.W. Timmermans dr. A.J.W. Boelhouwer</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>