<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR390658_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op de heffing en invordering van reclamebelasting 2016</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Dronten</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-01-30</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Dronten</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Gemeenteblad d.d. 14-12-2015 nr. 120444</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening reclamebelasting 2016</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 227</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">Gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2016-11-26</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2016-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2017-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>B15.001482</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>belastingen, retributies en heffingen</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>1.Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Vervangt Marktgeldverordening 2015.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging><overheidrg:externeBijlage>exb-2018-6166</overheidrg:externeBijlage></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening op de heffing en invordering van reclamebelasting 2016</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Dronten,</al><al>gelezen het voorstel van het college van 29 september 2015, No. B15.001479</al><al>gelet op artikel 227 van de Gemeentewet;</al><al>gezien het advies van de raadscommissie van oktober 2015;</al><al/><al>B E S L U I T:</al><al/><al>vast te stellen de volgende verordening: <vet>Verordening op de heffing en invordering van reclamebelasting 2016 </vet>(Verordening reclamebelasting 2016):</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>Openbare aankondiging: een openbare aankondiging in letters, symbolen of kleuren, of een combinatie daarvan, zichtbaar van de openbare weg.</al></li><li nr="b."><al>Onroerende zaak: elk afzonderlijk WOZ-object, afgebakend op grond van artikel 16 van de Wet waardering onroerende zaken;</al></li><li nr="c."><al>Jaar: een kalenderjaar;</al></li><li nr="d."><al>GBLT: het openbaar lichaam Gemeenschappelijk Belastingkantoor Lococesus-Tricijn te Zwolle.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.</nr><titel>Belastbaar feit</titel></kop><al>Onder de naam reclamebelasting wordt, binnen het gebied zoals nader aangewezen in de bij deze verordening behorende bijlage 1, een directe belasting geheven voor het hebben van een openbare aankondiging dat zichtbaar is vanaf de openbare weg.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.</nr><titel>Belastingplicht</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De reclamebelasting wordt geheven van de gebruiker van de niet-woning waarop en/of waarbij één of meer openbare aankondigingen worden aangetroffen. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Onder niet-woning wordt verstaan de onroerende zaak die niet volledig dienstbaar is aan woondoeleinden, conform artikel 220a, tweede lid, van de Gemeentewet.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.</nr><titel>Vrijstellingen</titel></kop><al>De reclamebelasting wordt niet geheven voor openbare aankondigingen:</al><lijst><li nr="a."><al>Met een openbare aankondiging door publiekrechtelijke rechtspersonen gedaan in de uitoefening van hun publiekrechtelijke taak;</al></li><li nr="b."><al>Die uitsluitend dient ten behoeve van de regulering van het verkeer over openbare land- en waterwegen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.</nr><titel>Maatstaf van heffing</titel></kop><al>De reclamebelasting wordt geheven naar de heffingsmaatstaf voor de onroerende zaakbelasting zoals die voor het belastingobject voor het belastingjaar is vastgesteld. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.</nr><titel>Belastingtarief</titel></kop><al>De belasting bedraagt 0,255% van de WOZ-waarde van de onroerende zaak waarop en/of waarbij één of meer openbare aankondigingen worden aangetroffen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.</nr><titel>Belastingtijdvak</titel></kop><al>Het belastingtijdvak is gelijk aan het kalenderjaar.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8.</nr><titel>Wijze van heffing</titel></kop><al>De reclamebelasting wordt bij wege van aanslag geheven.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9.</nr><titel>Ontstaan van de belastingschuld</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De belasting is verschuldigd bij het begin van het belastingjaar of, zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al> Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar aanvangt, is de heffing verschuldigd voor zoveel driehonderdvijfenzestigste gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na de aanvang van de belastingplicht, nog volle etmalen resteren.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al> Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar eindigt bestaat aanspraak op ontheffing voor zoveel driehonderdvijfenzestigste gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na het einde van belastingplicht nog volle etmalen overblijven, tenzij blijkt dat het bedrag van de ontheffing minder bedraagt dan € 5,00.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al> Indien de belastingplicht eindigt na dagtekening van de aanslag, kan de belastingplichtige een aanvraag tot ontheffing indienen bij de ambtenaar belast met de heffing.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al> Een aanslag van minder dan € 5,00 wordt niet opgelegd.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al> Voor de toepassing van het vijfde lid wordt het totaal van de op één aanslagbiljet verenigde aanslagen als één aanslag aangemerkt. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10.</nr><titel>Termijn van betaling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990, moet de aanslag worden betaald in één termijn die vervalt twee maanden na dagtekening van de aanslag.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Belastingaanslagen waarvoor de belastingschuldige een machtiging heeft afgegeven om deze af te schrijven door middel van automatische incasso, dienen te worden betaald in zoveel gelijke maandelijkse termijnen als er na de dagtekening van de aanslag nog in het desbetreffende kalenderjaar volle dan wel gedeeltelijke kalendermaanden resteren, met dien verstande dat het aantal maandelijkse termijnen niet minder dan zes bedraagt. Voor de overige aanslagen geldt onverkort de in lid 1 van dit artikel neergelegde hoofdregel.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Op de in lid 2 van dit artikel geldt als restrictie dat het bedrag per afschrijving op het totaalbedrag van het desbetreffende aanslagbiljet niet minder dan € 5,00 bedraagt.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid gestelde termijnen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11.</nr><titel>Kwijtschelding</titel></kop><al>Bij de invordering van de reclamebelasting wordt geen kwijtschelding verleend.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12.</nr><titel>Nadere regels door het Gemeenschappelijk belastingkantoor Lococensus-Tricijn</titel></kop><al>Het Gemeenschappelijk belastingkantoor Lococensus-Tricijn kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en de invordering van de reclamebelasting.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13.</nr><titel>Inwerkingtreding en citeertitel</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2016.</al></li><li nr="2."><al>De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2016.</al></li><li nr="3."><al>De verordening wordt aangehaald als “Verordening Reclamebelasting 2016”.</al><al/></li></lijst><al>Dronten, 26 november 2015</al><al>de raad van Dronten,</al><al/><al>D.Petrusma MMC mr. A.B.L. de Jonge</al><al>griffier voorzitter</al><al/><al><extref doc="/cvdr/images/Dronten/i265375.pdf">Bijlage 1 Reclamebelasting</extref></al></artikel></regeling-tekst></regeling></body></cvdr>