<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR390095_1</dcterms:identifier><dcterms:title>VERORDENING OP DE HEFFING EN DE INVORDERING VAN AFVALSTOFFENHEFFING EN REINIGINGSRECHTEN 2016</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Langedijk</dcterms:creator><dcterms:modified>2019-01-29</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Langedijk</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2015-130912.html">gemeenteblad, 2015 nr 130912</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening reinigingsheffingen 2016</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:c:BWBR0005416&amp;artikel=artikel 229, eerste lid, aanhef en onderdelen a en b&amp;g=2016-01-01">artikel 229, eerste lid, aanhef en onderdelen a en b, van de Gemeentewet </dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:c:BWBR0003245&amp;artikel=15.33&amp;g=2016-01-01">artikel 15.33 van de Wet milieubeheer</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2015-11-10</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2015-12-31</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2017-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>VERORDENING OP DE HEFFING EN DE INVORDERING VAN AFVALSTOFFENHEFFING EN REINIGINGSRECHTEN 2016</intitule><regeling><aanhef><preambule><al><vet>Gemeente Langedijk</vet></al><al>De raad van de gemeente Langedijk;</al><al>gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van
                        6 oktober 2015, nummer 55;</al><al>gelet op artikel 229, eerste lid, aanhef en onderdelen a en b, van de
                        Gemeentewet en artikel 15.33 van de Wet milieubeheer;</al><al/><al>b e s l u i t :</al><al/><al>vast te stellen de volgende verordening:</al><al/><al><vet>VERORDENING OP DE HEFFING EN </vet><vet>DE INVORDERING VAN
                        AFVALSTOFFEN</vet><vet>HEFFING EN REINIGINGSRECHTEN
                        </vet><vet>201</vet><vet>6</vet></al><al>(Verordening reinigingsheffingen 2016)</al><al/><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>I</nr><titel>ALGEMENE BEPALINGEN</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Inleidende bepaling</titel></kop><al>Krachtens deze verordening worden geheven:</al><lijst><li nr="a."><al>een afvalstoffenheffing;</al></li><li nr="b."><al>reinigingsrechten.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>“gebruik maken” in hoofdstuk II Afvalstoffenheffing: gebruik
                                    maken in de zin van artikel 15.33 Wet milieubeheer;</al></li><li nr="b."><al>grof bedrijfsafval: afvalstoffen, met uitzondering van
                                    autowrakken, afkomstig van bedrijven en instellingen, welke door
                                    aard, omvang of hoeveelheid niet periodiek worden
                                    ingezameld.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>II</nr><titel>AFVALSTOFFENHEFFING</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Aard van de belasting en belastbaar feit</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Onder de naam "afvalstoffenheffing" wordt een directe belasting
                                geheven als bedoeld in het artikel 15.33 van de Wet
                                milieubeheer.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De afvalstoffenheffing bedoeld in deze verordening en de daarbij
                                behorende tarieventabel wordt naar afzonderlijke grondslagen geheven
                                ter zake van het gebruik maken van een perceel ten aanzien waarvan
                                krachtens de artikelen 10.21 en 10.22 van de Wet milieubeheer een
                                verplichting tot het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen
                                geldt.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Belastingplicht</titel></kop><al>De belasting wordt geheven van degene die in de gemeente naar de
                            omstandigheden beoordeeld al dan niet krachtens eigendom, bezit, beperkt
                            recht of persoonlijk recht gebruik maakt van een perceel ten aanzien
                            waarvan ingevolge de artikelen 10.21 en 10.22 van de Wet milieubeheer
                            een verplichting tot het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen
                            geldt.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Maatstaf van heffing en belastingtarief</titel></kop><al>De belasting wordt geheven naar de maatstaven en de tarieven opgenomen
                            in hoofdstuk 1 van de bij deze verordening behorende tarieventabel.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Belastingjaar</titel></kop><al>Met betrekking tot de belasting die per jaar wordt geheven, is het
                            belastingjaar gelijk aan het kalenderjaar.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Wijze van heffing</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De belasting bedoeld in hoofdstuk 1.1 van de tarieventabel wordt
                                geheven bij wege van aanslag.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De belasting bedoeld in hoofdstuk 1.2 van de tarieventabel wordt
                                geheven door middel van een mondelinge dan wel gedagtekende
                                schriftelijke kennisgeving. Het gevorderde bedrag wordt mondeling,
                                dan wel door toezending of uitreiking van de schriftelijke
                                kennisgeving aan de belastingschuldige bekendgemaakt. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar
                                tijdsgelang</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De belasting bedoeld in hoofdstuk 1.1 van de tarieventabel is
                                verschuldigd bij het begin van het belastingjaar of, zo dit later
                                is, bij de aanvang van de belastingplicht.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar aanvangt,
                                is de belasting verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van de
                                voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na de
                                aanvang van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden
                                overblijven.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar eindigt,
                                bestaat aanspraak op ontheffing voor zoveel twaalfde gedeelten van
                                de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na het
                                einde van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden
                                overblijven.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het tweede en het derde lid zijn niet van toepassing indien de
                                belastingplichtige binnen de gemeente verhuist en aldaar van een
                                ander perceel gebruik maakt.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De belasting bedoeld in hoofdstuk 1.2 van de tarieventabel is
                                verschuldigd bij de aanvang van de dienstverlening.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Voor belastingbedragen tot € 10,00 vindt geen invordering plaats.
                                Voor de toepassing van de vorige volzin wordt het totaal van de op
                                een aanslagbiljet verenigde verschuldigde bedragen
                                afvalstoffenheffing of andere heffingen aangemerkt als één
                                belastingbedrag. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Termijnen van betaling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990
                                moeten de aanslagen als bedoeld in artikel 7, eerste lid, worden
                                betaald binnen twee maanden na dagtekening van het
                                aanslagbiljet.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In afwijking van het eerste lid geldt, ingeval het totaalbedrag van
                                de op één aanslagbiljet verenigde aanslagen, of als het
                                aanslagbiljet één aanslag bevat, het bedrag daarvan meer is dan €
                                100,00 en minder is dan € 5.000,00 en zolang de verschuldigde
                                bedragen door middel van automatische betalingsincasso kunnen worden
                                afgeschreven, moeten de aanslagen worden betaald in 9 gelijke
                                termijnen. De eerste termijn vervalt op de laatste dag van de tweede
                                maand volgend op die welke in de dagtekening van het aanslagbiljet
                                is vermeld en elk van de volgende termijnen telkens één maand
                                later.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De belasting moet worden betaald ingeval de kennisgeving bedoeld in
                                artikel 7, tweede lid:</al><lijst><li nr="a."><al>mondeling wordt gedaan, op het moment van het doen van de
                                        kennisgeving;</al></li><li nr="b."><al>schriftelijk wordt gedaan, op het moment van het uitreiken
                                        van de kennisgeving, dan wel ingeval van toezending daarvan,
                                        binnen 14 dagen na dagtekening van de kennisgeving.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De Algemene Termijnenwet is niet van toepassing op de in de
                                voorgaande leden gestelde termijnen.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>III</nr><titel>REINIGINGSRECHTEN</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Belastbaar feit</titel></kop><al>Onder de naam "reinigingsrechten" worden rechten geheven zowel voor het
                            genot van door of vanwege het gemeentebestuur verstrekte diensten als
                            voor het gebruik van voor de openbare dienst bestemde
                            gemeentebezittingen, werken of inrichtingen die bij de gemeente in
                            beheer of in onderhoud zijn. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Belastingplicht</titel></kop><al>De rechten worden geheven van degene op wiens aanvraag dan wel ten
                            behoeve van wie de dienst wordt verricht of van degene die van de
                            bezittingen, werken of inrichtingen gebruik maakt.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Maatstaf van heffing en belastingtarief</titel></kop><al>De rechten worden geheven naar de maatstaven en de tarieven opgenomen in
                            hoofdstuk 2 van de bij deze verordening behorende tarieventabel.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Belastingjaar</titel></kop><al>Met betrekking tot de rechten die per jaar worden geheven is het
                            belastingjaar gelijk aan het kalenderjaar.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Wijze van heffing</titel></kop><al>De rechten bedoeld in hoofdstuk 2 van de tarieventabel worden geheven
                            bij wege van aanslag met dien verstande dat per belastbaar feit een
                            afzonderlijke aanslag kan worden opgelegd.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Ontstaan van de belastingschuld en de heffing naar
                                tijdsgelang</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De rechten bedoeld in hoofdstuk 2 van de tarieventabel zijn
                                verschuldigd bij het begin van het belastingjaar of, zo dit later
                                is, bij de aanvang van de belastingplicht.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar aanvangt
                                zijn de rechten verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van de
                                voor dat jaar verschuldigde rechten als er in dat jaar, na de
                                aanvang van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden
                                overblijven.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar eindigt,
                                bestaat aanspraak op ontheffing voor zoveel twaalfde gedeelten van
                                de voor dat jaar verschuldigde rechten als er in dat jaar, na het
                                einde van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden
                                overblijven.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het tweede en het derde lid zijn niet van toepassing indien de
                                belastingplichtige binnen de gemeente verhuist.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Voor belastingbedragen tot € 10,00 vindt geen invordering plaats.
                                Voor de toepassing van de vorige volzin wordt het totaal van de op
                                een aanslagbiljet verenigde verschuldigde bedragen reinigingsrechten
                                of andere heffingen aangemerkt als één belastingbedrag.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Termijnen van betaling</titel></kop><al>1.In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990
                            moeten de op grond van artikel 14 verschuldigde rechten worden betaald binnen
                            twee maanden na dagtekening van het aanslagbiljet.</al><al>2.De Algemene Termijnenwet is niet van toepassing op de in het
                            voorgaande lid gestelde termijn.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>IV</nr><titel>AANVULLENDE BEPALINGEN</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Nadere regels door het college van burgemeester en
                                wethouders</titel></kop><al>Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met
                            betrekking tot de heffing en de invordering van de
                            reinigingsheffingen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr><titel>Inwerkingtreding en citeertitel</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De “Verordening reinigingsheffingen 2015” van 16 december 2014
                                    wordt ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde
                                    datum van ingang van heffing, met dien verstande dat zij van
                                    toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die
                                    datum hebben voorgedaan.</al></li><li nr="2."><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van 31 december
                                    2015.</al></li><li nr="3."><al>De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2016.</al></li><li nr="4."><al>Deze verordening wordt aangehaald als: “Verordening
                                    reinigingsheffingen 2016”.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld door de raad van de</ondertekening><ondertekening>gemeente Langedijk in zijn openbare</ondertekening><ondertekening>vergadering van 10 november 2015.</ondertekening><ondertekening>De voorzitter,</ondertekening><ondertekening>drs. J.F.N. Cornelisse</ondertekening><ondertekening>De griffier,</ondertekening><ondertekening>drs. G.C.I. Kager</ondertekening><ondertekening/><ondertekening/><ondertekening/></regeling-sluiting><bijlage><al><vet>Tarieventabel</vet><vet> b</vet><vet>ehorende bij de "Verordening
                                reinigingsheffingen
                            </vet><vet>201</vet><vet>6</vet><vet>".</vet></al><al><onderstreept>Algemeen</onderstreept></al><al>De bedragen genoemd in deze tabel zijn inclusief omzetbelasting indien
                            deze verschuldigd is.</al><al/><al><vet>HOOFDSTUK 1 Maatstaven en tarieven afvalstoffenheffing</vet></al><al>Hoofdstuk 1.1 Maatstaven en jaarlijkse tarieven
                            afvalstoffenheffing:</al><al>1.1.1 De belasting bedraagt per perceel per belastingjaar € 169,80</al><al>1.1.2De belasting als bedoeld in onderdeel 1.1.1 wordt, </al><al>indien het perceel op 1 januari van het belastingjaar of, </al><al>indien de belastingplicht later aanvangt, bij aanvang van de </al><al>belastingplicht wordt gebruikt door twee of meer </al><al> personen, vermeerderd met € 92,88</al><al>1.1.3De belasting als bedoeld in de onderdelen 1.1.1 en 1.1.2 </al><al>wordt vermeerderd voor het op 1 januari van het belastingjaar</al><al>of, indien de belastingplicht later aanvangt, bij aanvang van </al><al>de belastingplicht, in bruikleen hebben van een extra </al><al>(= boven hetgeen volgens de Afvalstoffenverordening </al><al>aan het perceel is verstrekt):</al><al>1.1.3.1container van 240 liter, bestemd voor groente-, fruit- en </al><al>tuinafval, per extra container met € 123,--</al><al>1.1.3.2container van 240 liter, bestemd voor de overige </al><al>huishoudelijke afvalstoffen, per extra container met € 141,--</al><al>Hoofdstuk 1.2 Maatstaven en overige tarieven afvalstoffenheffing:</al><al>1.2.1 Onverminderd het bepaalde in hoofdstuk 1.1 bedraagt de</al><al> belasting voor het op aanvraag omwisselen van een </al><al> container, per keer € 12,--</al><al/><al><vet>HOOFDSTUK 2 Maatstaf en jaarlijks tarief reinigingsrechten</vet></al><al>2.1.Het recht voor het periodiek verwijderen van in mini-rolcontainers
                            aangeboden bedrijfsafval van beperkte omvang of hoeveelheid (1 grijze
                            en/of 1 groene container) bedraagt per belastingjaar € 285,24 inclusief
                            BTW, per bedrijfspand.</al><al>Behoort bij raadsbesluit van 10 november 2015.</al><al>De griffier van de gemeente Langedijk,</al><al>drs. G.C.I. Kager</al></bijlage></regeling></body></cvdr>