<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR388620_1</dcterms:identifier><dcterms:title>VERORDENING PRECARIOBELASTING 2016</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Apeldoorn</dcterms:creator><dcterms:modified>2015-12-28</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Apeldoorn</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Officielebekendmakingen.nl d.d. 29 december 2015</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>VERORDENING PRECARIOBELASTING 2016</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">artikel 228 van de Gemeentewet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2015-11-26</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2015-12-31</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2017-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>VERORDENING PRECARIOBELASTING 2016</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Apeldoorn;</al><al>gelezen het voorstel van het college d.d. 24 september 2015, nr.
                        100/2015;</al><al>gelet op artikel 228 van de Gemeentewet;</al><al>BESLUIT:</al><al>vast te stellen de navolgende Verordening op de heffing en de
                        invordering van precariobelasting 2016.</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Belastbaar feit</titel></kop><al>Onder de naam precariobelasting wordt een directe belasting geheven ter
                            zake van het hebben van voorwerpen onder, op of boven voor de openbare
                            dienst bestemde gemeentegrond, bedoeld of genoemd in deze verordening en
                            de daarbij behorende tarieventabel. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Belastingplicht</titel></kop><al>De belasting wordt geheven van degene:</al><lijst><li nr="a."><al>van wie, dan wel ten behoeve van wie, voorwerpen onder, op of
                                    boven de voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond worden
                                    aangetroffen.</al></li><li nr="b."><al>In afwijking in zoverre van onderdeel a wordt, indien de
                                    gemeente een vergunning heeft verleend voor het hebben van het
                                    voorwerp of de voorwerpen onder, op of boven voor de openbare
                                    dienst bestemde gemeentegrond, degene aan wie de vergunning is
                                    verleend of diens rechtsopvolger aangemerkt als degene bedoeld
                                    in onderdeel a, tenzij blijkt dat hij niet het voorwerp of de
                                    voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde
                                    gemeentegrond heeft.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>een jaar : een kalenderjaar;</al></li><li nr="b."><al>een half jaar : een tijdvak van 6 maanden, aanvangende op 1
                                    januari of 1 juli;</al></li><li nr="c."><al>een maand : een kalendermaand;</al></li><li nr="d."><al>een week : een periode van zeven achtereenvolgende dagen;</al></li><li nr="e."><al>een dag : een periode van 24 uren, aanvangende te 00.00 uur, of
                                    een gedeelte daarvan;</al></li><li nr="f."><al>vergunning : een door het gemeentebestuur verleende en in een
                                    gemeentelijke regi-stratie opgenomen toestemming op grond waarvan een persoon een of meer
                                    voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde
                                    gemeentegrond mag hebben.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Tarieven</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De belasting wordt geheven naar de tarieven, opgenomen in de bij
                                deze verordening behorende tarieventabel, met inachtneming van het
                                overigens in deze verordening bepaalde.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Voor de berekening van de belasting wordt een gedeelte van een in de
                                tarieventabel genoemde eenheid als een volle eenheid
                                aangemerkt.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar
                                tijdsgelang</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In de gevallen bedoeld in artikel 6, eerste lid, is de
                                precariobelasting verschuldigd bij de aanvang van het
                                belastingtijdvak of, zo dit later is, bij de aanvang van de
                                belastingplicht.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In de gevallen bedoeld in artikel 6, tweede lid, is de
                                precariobelasting verschuldigd bij het einde van het
                                belastingtijdvak.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien de belastingplicht in de loop van het jaar aanvangt, is de
                                belasting verschuldigd over zoveel twaalfde gedeelten van de voor
                                dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na de aanvang
                                van de belastingplicht nog volle kalendermaanden overblijven.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar eindigt,
                                bestaat aanspraak op ontheffing voor zoveel twaalfde gedeelten van
                                de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na het
                                einde van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden
                                overblijven.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Heffingstijdvak</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In de gevallen waarin de gemeente een vergunning heeft verleend voor
                                het hebben van het voorwerp of de voorwerpen onder, op of boven voor
                                de openbare dienst bestemde gemeentegrond, is het belastingtijdvak
                                de periode waarvoor de vergunning is verleend, met dien verstande
                                dat bij een kalenderjaaroverschrijdende geldigheidsduur van de
                                vergunning het belastingtijdvak gelijk is aan het kalenderjaar.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In andere dan de in het eerste lid bedoelde gevallen, is het
                                belastingtijdvak de aaneengesloten periode gedurende welke het
                                belastbaar feit zich voordoet of heeft voorgedaan.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Wijze van heffing</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De belasting wordt geheven bij wege van aanslag.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In afwijking van het eerste lid wordt de voor een dag verschuldigde
                                precariobelasting geheven door middel van een mondelinge
                                kennisgeving, dan wel gedagtekende schriftelijke kennisgeving waarop
                                het gevorderde bedrag is vermeld. Het gevorderde bedrag wordt
                                mondeling, dan wel door toezending of uitreiking van de
                                schriftelijke kennisgeving aan de belastingschuldige
                                bekendgemaakt.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Aanslagen van minder dan € 10,= worden niet opgelegd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Termijn van betaling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990
                                moeten de aanslagen worden betaald uiterlijk één maand na de
                                dagtekening van het aanslagbiljet.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990
                                moet de precariobelasting worden betaald ingeval de kennisgeving
                                bedoeld in artikel 7, tweede lid, mondeling wordt gedaan, op het
                                moment van het doen van de kennisgeving.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>In afwijking in zoverre van het eerste lid geldt dat de aanslag moet
                                worden betaald in drie gelijke termijnen waarvan de eerste termijn
                                vervalt een maand na de dagtekening van de aanslag en elk van de
                                volgende termijnen telkens een maand later, met dien verstande dat,
                                indien na de kalendermaand, waarin de aanslag wordt opgelegd, minder
                                dan drie kalendermaanden in het kalenderjaar overblijven, de aanslag
                                moet worden betaald in zoveel gelijke termijnen als er na de maand
                                van dagtekening nog kalendermaanden in het jaar overblijven, met een
                                minimum van één.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>In gevallen bedoeld in het derde lid geldt, in afwijking in zoverre
                                van het aldaar bepaalde, zolang de verschuldigde bedragen door
                                middel van automatische betalingsincasso kunnen worden afgeschreven,
                                dat de aanslag moet worden betaald in zoveel gelijke termijnen als
                                er na de maand van dagtekening van de aanslag nog maanden in het
                                kalenderjaar overblijven, met dien verstande dat het aantal
                                termijnen ten hoogste drie bedraagt. De eerste termijn vervalt een
                                maand na de dagtekening van de aanslag en elk van de volgende
                                termijnen telkens een maand later.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De Algemene Termijnenwet is niet van toepassing op de in de
                                voorgaande leden gestelde termijnen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Vrijstellingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De belasting wordt niet geheven:</al><lijst><li nr="a."><al>voor het hebben van voorwerpen onder, op of boven openbare
                                        grond door de gemeente Apeldoorn of door haar
                                        bedrijven;</al></li><li nr="b."><al>voor het hebben van voorwerpen onder, op of boven openbare
                                        grond, die daar zijn ten behoeve van het houden van een
                                        evenement;</al></li><li nr="c."><al>voor het hebben van rijwielrekken.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Nadere regels door het college van burgemeester en
                                wethouders</titel></kop><al>Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met
                            betrekking tot de heffing en de invordering van de
                            precariobelasting.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Inwerkingtreding en citeertitel</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De Verordening precariobelasting 2015, vastgesteld op 13
                                    november 2014, wordt ingetrokken met ingang van de in het derde
                                    lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande
                                    dat zij van toepassing blijft op belastbare feiten die zich voor
                                    die datum hebben voorgedaan.</al></li><li nr="2."><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van de tweede dag
                                    na die van de bekendmaking.</al></li><li nr="3."><al>De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2016.</al></li><li nr="4."><al>Deze verordening kan worden aangehaald als ‘Verordening
                                    precariobelasting 2016’.</al></li></lijst></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de openbare vergadering d.d. 26 november 2015.</ondertekening><ondertekening>De raad voornoemd,</ondertekening><ondertekening>drs. A. Oudbier drs. J.C.G.M. Berends MPA </ondertekening><ondertekening>raadsgriffier voorzitter</ondertekening></regeling-sluiting><bijlage><al><vet>TARIEVENTABEL behorende bij de Verordening
                                precariobelasting 2016</vet></al><lijst><li nr="1."><al><onderstreept>Bouwwerken</onderstreept></al></li><li nr="1."><al>1 Het tarief bedraagt voor het hebben van schuttingen,
                                    steigers,</al><al> het opslaan van bouwmaterialen, alsmede voor het hebben van </al><al> een directiewagen, een schaftwagen, werk- en bergloodsen per m² </al><al> ingenomen grond, per week € 0,82</al></li></lijst><al>1.2. Het tarief bedraagt voor het hebben van een container voor de aan-
                            en </al><al> afvoer van bouwmaterialen of afvalmaterialen bij renovatie, </al><al> verbouw, nieuwbouw of onderhoud per m² ingenomen grond, </al><al> per week € 0,82</al><lijst><li nr="2."><al><onderstreept>Benzinepompen, tanks,
                                        </onderstreept><onderstreept>etc. </onderstreept></al><al> Het tarief bedraagt voor het hebben van:</al><lijst><li nr="a."><al>een bewaarplaats voor vloeistoffen met inbegrip van een </al><al> vulput en leidingen met een inhoud van:</al><al> maximaal 5000 liter, per jaar € 144,75</al><al> 5000 liter en meer, per jaar € 289,50</al></li><li nr="b."><al>een pomp voor benzine, gasolie e.d., per jaar €
                                            289,50</al><al> een water- en/of luchtinstallatie per jaar €
                                            144,75</al><al> Zijn meer dan één pomp in één mantel ondergebracht, dan
                                            is het </al><al> recht voor elke pomp afzonderlijk verschuldigd.</al></li><li nr="c."><al>een vulput en/of leidingen in verbinding met een
                                            particulier terrein</al><al> gelegen bewaarplaats van vloeistoffen, per jaar €
                                            28,65</al></li><li nr="d."><al>een kiosk of andere overdekte ruimte, alsmede een
                                            randbalk-</al><al> constructie, per m² ingenomen grond, per jaar €
                                            14,35</al></li><li nr="e."><al>een baken of lichtmast, per jaar € 14,35</al></li><li nr="f."><al>een rek of ander verplaatsbaar voorwerp, per m²
                                            ingenomen grond,</al><al> per jaar € 14,35 </al></li></lijst></li><li nr="3."><al><onderstreept>Uitstallingen</onderstreept></al></li></lijst><al>Het tarief bedraagt:</al><lijst><li nr="3."><al>1 voor het hebben van uitstallingen, kledingrekken,
                                    -bakken,</al><al> plantenbakken, kiosken, alsmede reclame- en verwijsborden
                                    voor</al><al> commerciële doeleinden bij winkels en dergelijke per m²</al><al> ingenomen grond,</al><al> per jaar € 35,80</al><al> per half jaar € 17,90</al><al> per maand € 3,00</al><al> voor het hebben van een winkelwagen per</al><al> m² ingenomen grond, per jaar € 17,90</al></li><li nr="3."><al>2 voor het hebben van uitstallingen, kledingrekken,
                                    -bakken,</al><al> plantenbakken, kiosken, alsmede reclame- en verwijsborden
                                    voor</al><al> commerciële doeleinden bij winkels en dergelijke in het </al><al> voetgangersdomein per blok van 1,5 m² ingenomen grond,</al><al> per jaar € 54,28</al><al> per half jaar € 27,14</al><al> per maand € 4,53</al></li><li nr="4."><al><onderstreept>Automaten,
                                        </onderstreept><onderstreept>etc.</onderstreept></al></li></lijst><al>Het tarief bedraagt voor het hebben van een automatisch verkoop-, </al><al>weeg- of speeltoestel of chipknip-automaat, per jaar € 28,60</al><lijst><li nr="5."><al><onderstreept>Terrassen</onderstreept></al><al> Voor het hebben van banken, tafeltjes, stoelen, alsmede
                                    windschermen </al><al> per m² ingenomen grond bedraagt het tarief:</al><lijst><li nr="a."><al>indien het terras is gelegen binnen het, op de bij deze </al><al> verordening behorende tekening, in rood aangeven
                                            gedeelte van </al><al> deze gemeente, per jaar € 71,75</al></li><li nr="b."><al>indien het terras is gelegen binnen het, op de bij deze </al><al> verordening behorende tekening, in groen aangeven
                                            gedeelte </al><al> van deze gemeente, per jaar € 43,30</al></li><li nr="c."><al>indien het terras elders in deze gemeente is
                                            gelegen,</al><al> per jaar € 28,60 </al></li></lijst></li><li nr="6."><al><onderstreept>Luifels, erkers,
                                        e</onderstreept><onderstreept>tc.</onderstreept></al><al> Voor het hebben van een luifel, erker, overbouwing en </al><al> dergelijke, per m² ingenomen grond, per jaar bedraagt </al><al> het tarief € 15,70</al></li><li nr="7."><al><onderstreept>Serres</onderstreept></al><al> Voor het hebben een serre of uitbouw per m² ingenomen grond </al><al> bedraagt het tarief:</al><lijst><li nr="a."><al>indien de serre is gelegen binnen het, op de bij deze </al><al> verordening behorende tekening, in rood aangeven
                                            gedeelte van </al><al> deze gemeente, per jaar € 94,35</al></li><li nr="b."><al>indien de serre is gelegen binnen het, op de bij deze </al><al> verordening behorende tekening, in groen aangeven
                                            gedeelte </al><al> van deze gemeente, per jaar € 56,65</al></li><li nr="c."><al>indien de serre elders in deze gemeente is gelegen,</al><al> per jaar € 37,60</al></li></lijst></li><li nr="8."><al><onderstreept>Reclameobjecten</onderstreept></al></li></lijst><al>Het tarief bedraagt:</al><lijst><li nr="8."><al>1 voor het hebben van reclameborden die zijn geplaatst aan
                                    of</al><al> rond lantaarnpalen, straatnaampalen en dergelijke, per
                                    bord,</al><al> per dag € 0,75</al></li><li nr="8."><al>2 voor het hebben van reclameborden, naamborden, vlaggen en</al><al> dergelijke, bevestigend aan gevels of luifels, per bord of
                                    vlag, </al><al> per jaar € 35,25</al></li><li nr="9."><al><onderstreept>Spoorstaven, buizen, kabels,
                                    enz.</onderstreept></al></li></lijst><al>Het tarief bedraagt:</al><lijst><li nr="a."><al>voor het hebben van spoorstaven, niet dienende voor openbare </al><al> middelen van vervoer per stel rails per meter, per jaar €
                                    3,85</al></li><li nr="b."><al>voor het hebben van buizen, kabels, draden of andere leidingen, </al><al> per meter, per jaar € 2,75</al><lijst><li nr="10."><al><onderstreept>Standplaatsen</onderstreept></al></li><li nr="10."><al>1 Het tarief bedraagt:</al></li></lijst></li><li nr="a."><al>voor het incidenteel hebben van kramen, tafels,
                                    verkoopwagens</al><al> of andere verkoopmiddelen tot een maximum van 25 m² </al><al> ingenomen grond per dag € 91,55</al></li><li nr="b."><al>voor elke vierkante meter die het aantal van 25 m² te boven</al><al> gaat per dag € 3,70</al><lijst><li nr="10."><al>2 Het tarief bedraagt:</al></li></lijst></li></lijst><al>voor het periodiek hebben van kramen, tafels, verkoopwagens of
                            andere</al><al> verkoopmiddelen gedurende één jaar per m² ingenomen grond per dag</al><lijst><li nr="a."><al>Indien de standplaats is gelegen op het raadhuisplein €
                                    3,80</al></li><li nr="b."><al>Indien de standplaats is gelegen in het regionaal
                                    verzorgend</al></li></lijst><al>centrum, op een stadsdeelcentrum of bij of in de onmiddellijke </al><al>nabijheid van een toeristische attractie € 1,90</al><lijst><li nr="c."><al>Indien de standplaats is gelegen op een wijkwinkelcentrum, </al><al> op een buurtwinkelcentrum, bij een buurtvoorziening, in een </al><al> dorpskernverzorgend centrum, bij een grootschalige </al><al> detailhandelsconcentratie of een perifere
                                    detailhandelsconcentratie € 1,00</al></li><li nr="d."><al>Indien de standplaats is gelegen op een andere locatie dan</al><al> genoemd onder 10.2 a tot en met 10.2 c € 0,75</al><al>10.3Het tarief bedraagt voor het innemen van grond voor de
                                    verkoop van </al></li></lijst><al>Kerstdennen en koek en zopie per ingenomen m² per dag: € 1,90</al><al>11.<onderstreept>Algemeen tarief</onderstreept></al><al>Het tarief wegens het gebruik of genot van voor de openbare </al><al>dienst bestemde grond en wegens het hebben van voorwerpen onder, </al><al>op of boven de voor de openbare dienst bestemde grond wordt, voor </al><al>zover in de vorige artikelen geen bijzonder tarief is vastgesteld,
                            geheven </al><al>per meter, m² ingenomen grond of m³: </al><lijst><li nr="a."><al>gedurende een jaar € 18,50</al></li><li nr="b."><al>gedurende een half jaar € 9,25</al></li><li nr="c."><al>gedurende een maand € 1,55</al></li><li nr="d."><al>gedurende een week € 0,40</al></li></lijst><al>Aldus vastgesteld in de openbare vergadering d.d. 26 november 2015.</al><al>De raad voornoemd,</al><al>drs. A. Oudbier drs. J.C.G.M. Berends MPA </al><al>raadsgriffier voorzitter</al></bijlage></regeling></body></cvdr>