<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR388131_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op de heffing en invordering van haven- en kadegeld 2016</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Waalwijk</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-12-05</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Waalwijk</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Officiële bekendmakingen, jaargang 2015, no 170271</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening havengelden 2016</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 216</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 229, lid 1</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2015-11-12</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2016-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2017-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>2015/068</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening op de heffing en invordering van haven- en kadegeld 2016</intitule><regeling><aanhef><preambule><al><vet>Verordening havengelden 2016</vet></al><al>De raad van de gemeente Waalwijk heeft het voorstel over de
                        belastingverordeningen 2016 van het college van burgemeester en wethouders
                        van 22 september 2015 gelezen en besluit, gelet op de artikelen 216 en 229,
                        eerste lid, aanhef en onderdelen a en b, van de Gemeentewet; de volgende
                        verordening vast te stellen:</al><al/><al><vet>“Verordening op de heffing en invordering van haven- en kadegeld 2016”
                        </vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>haven: de voor de openbare dienst bestemde wateren en voor de
                                openbare dienst bestemde werken of inrichtingen die bij de gemeente
                                in eigendom of in beheer en onderhoud zijn, te weten:</al><lijst><li nr="1."><al>in Waalwijk, het ten zuiden van de Bergsche Maas gelegen
                                        vaarwater dienende tot haven;</al></li><li nr="2."><al>in Sprang-Capelle, het vaarwater, genaamd Capelse haven,
                                        zich uitstrekkende vanaf het Oude Maasje tot de Hoofdstraat
                                        in Capelle, dienende tot haven met uitzondering van het
                                        gedeelte dat uitsluitend is bestemd voor gebruik door en ten
                                        behoeve van pleziervaartuigen.</al></li><li nr="3."><al>in Waspik, de Kerkvaartsehaven, zijnde het ten zuiden van
                                        het Oude Maasje gelegen vaarwateren de voormalige
                                        laad- en loswal aan de zuidzijde van het Oude Maasje.</al></li></lijst></li><li nr="b."><al>vaartuigen: alle soorten drijvende lichamen die blijkens de
                                constructie zijn bestemd of worden gebruikt voor het vervoer over
                                water van personen en/of goederen of voor het dragen van voorwerpen
                                die al dan niet met het drijvende lichaam een geheel uitmaken.</al></li><li nr="c."><al>beroepsvaartuigen: alle vaartuigen bestemd voor het beroepsmatig
                                vervoer van goederen en/of personen alsmede overige vaartuigen niet
                                vallende onder d.</al></li><li nr="d."><al>pleziervaartuigen: alle vaartuigen, bestemd voor het uitoefenen van
                                de watersport of voor het vervoer van personen welke vaartuigen
                                hoofdzakelijk bestemd zijn en/of worden gebruikt voor de recreatie,
                                niet zijnde bedrijfsvervoer en niet tegen betaling.</al></li><li nr="e."><al>meetbrief: document als bedoeld in de Meetbrievenwet 1981 en het
                                Meetbrievenbesluit 1981.</al></li><li nr="f."><al>laadvermogen: in tonnen uitgedrukte laadvermogen, zoals dat blijkt
                                uit de bij het vaartuig behorende meetbrief.</al></li><li nr="g."><al>ton: massa van 1.000 kilogram.</al></li><li nr="h."><al>steigereenheid: één (1) steigereenheid is gelijk aan 2,5 strekkende
                                meter.</al></li><li nr="i."><al>ligplaats: een ligplaats, die naar plaatselijk gebruik, zulks ter
                                beoordeling van het college, is bestemd voor het regelmatig afmeren
                                of ter anker leggen van een zelfde pleziervaartuig gedurende een
                                periode van ten minste een maand.</al></li><li nr="j."><al>dag: een tijdvak van 24 uur, aanvangende te 0.00 uur;</al><al> week: een tijdvak van 7 achtereenvolgende dagen;</al><al> maand: een tijdvak van 30 achtereenvolgende dagen;</al><al> jaar: een tijdvak van 12 achtereenvolgende maanden.</al></li><li nr="k."><al>“vastgestelde openingstijden” van de sluis:</al><lijst><li nr="a."><al>maandag tot en met vrijdag van 5:00 uur tot 19:00 uur;</al></li><li nr="b."><al>zaterdag; van 9:00 uur tot 11:00 uur.</al></li></lijst></li><li nr="l."><al>tijd “buiten de vastgestelde openingstijden” van de sluis:</al><lijst><li nr="a."><al>maandag tot en met vrijdag; van 19:00 uur tot 21:00
                                        uur;</al></li><li nr="b."><al>zaterdag; van 7:00 tot 9:00 uur en 11:00 uur tot 17:00
                                        uur.</al></li></lijst></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Belastbaar feit</titel></kop><al>Onder de naam:</al><lijst><li nr="a."><al><onderstreept>havengelden</onderstreept>, worden rechten geheven ter
                                zake van het gebruik overeenkomstig de bestemming van de voor de
                                openbare dienst bestemde gemeentewateren, bezittingen, werken of
                                inrichtingen die bij de gemeente in beheer of in onderhoud zijn en
                                ter zake van het genot van door het gemeentebestuur verstrekte
                                diensten in verband met dat gebruik;</al></li><li nr="b."><al><onderstreept>kadegelden</onderstreept>, worden rechten geheven
                                terzake van het gebruik van de gemeentelijke kaden en loswallen voor
                                de overslag van goederen zoals het gebruik van de kaden voor het
                                opslaan, laden of lossen van goederen en andere voorwerpen op kaden,
                                steigers en oevers, bij de gemeente in eigendom of in beheer en
                                onderhoud, behorende bij de haven, alsmede voor het opslaan, laden
                                of lossen van goederen en andere voorwerpen op of in vrachtwagens en
                                voertuigen, aanwezig op de kaden, steigers en oevers.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Belastingplicht</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het havengeld wordt geheven van de gezagvoerder, de reder, schipper,
                                de kapitein, de eigenaar van het vaartuig, degene aan wie het
                                vaartuig in gebruik is gegeven, degene die het vaartuig heeft
                                gecharterd dan wel degene die als vertegenwoordiger voor een van de
                                genoemde partijen optreedt.</al></li><li nr="2."><al>Het kadegeld wordt geheven van degene, aan wie een kade-, oever-, of
                                steigergedeelte als opslagplaats is toegewezen, of van degene, die
                                of op wiens last de voor het opslaan, laden of lossen van goederen
                                en voorwerpen als bedoeld in artikel 2, onderdeel b, benodigde
                                ruimte in gebruik heeft genomen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Wijze van heffing en tijdstip van verschuldigdheid</titel></kop><lijst><li nr=""><lijst><li nr="1."><al>De rechten worden geheven bij wege van een door of namens
                                        het college gedane mondelinge dan wel een gedagtekende
                                        schriftelijke kennisgeving, waaronder mede wordt begrepen
                                        een stempelafdruk, zegel, nota of andere schriftuur.</al></li><li nr="2."><al>Het recht als bedoeld in artikel 2, onderdeel a, is
                                        verschuldigd zodra het gebruik van de haven aanvangt.</al></li><li nr="3."><al>Het recht als bedoeld in artikel 2, onderdeel b, is
                                        verschuldigd bij de aanvang van het gebruik van de kade,
                                        werken of inrichtingen.</al></li></lijst></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Termijnen van betaling</titel></kop><lijst><li nr=""><al>1.De rechten moeten worden betaald in geval de kennisgeving als
                                bedoeld in artikel 4 mondeling wordt gedaan; op het moment van het
                                doen van de kennisgeving; </al><al>in geval de kennisgeving schriftelijk wordt gedaan: op het moment
                                van uitreiken van de kennisgeving.</al><al>2.Indien de rechten niet op het in het eerste lid genoemde tijdstip
                                kunnen worden vastgesteld moeten deze, in afwijking van het bepaalde
                                in het eerste lid worden betaald in één termijn binnen dertig dagen
                                na dagtekening van de schriftelijke kennisgeving, nota of andere
                                schriftuur.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>HAVENGELD</label></kop><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Heffingsmaatstaven</titel></kop><lijst><li nr="1."><al> Het havengeld wordt geheven:</al><lijst><li nr="a."><al>naar het laadvermogen van het binnenschip, uitgedrukt in
                                        tonnen;</al></li><li nr="b."><al> naar het aantal te laden of te lossen containers;</al></li><li nr="c."><al> voor een pleziervaartuig, naar het aantal steigereenheden
                                        dat door het vaartuig in gebruik wordt genomen.</al></li><li nr="d."><al> voor vaartuigen die in het kader van de uitoefening van
                                        beroep of bedrijf in onderhoud of aanbouw zijn dan wel
                                        verbouwd worden, naar het aantal steigereenheden dat door de
                                        vaartuigen in gebruik wordt genomen. Indien meerdere schepen
                                        in onderhoud of aanbouw zijn dan wel verbouwd worden, wordt
                                        per beschikbare steigereenheid steeds uitgegaan van een
                                        bezettingstermijn van acht maanden per jaar. Indien
                                        aantoonbaar is dat de beschikbare steigereenheden minder of
                                        meer dan acht maanden per jaar in gebruik zijn genomen, kan
                                        achteraf verrekening plaatsvinden. </al></li></lijst></li><li nr="2."><al> Bij gemis van een meetbrief kan het laadvermogen dan wel de lengte
                                door ofnamens het college ambtshalve worden bepaald.</al></li></lijst><lijst><li nr="3."><al> De bedrijven gelegen aan, dan wel voor aan- en afvoer van goederen
                                gebruik makend van, de haven in Waspik zijn gehouden om maandelijks,
                                uiterlijk op de eerste vrijdag van de volgende maand, opgave te doen
                                van:</al></li><li nr="a."><al>het aantal schepen dat zij hebben ontvangen;</al></li><li nr="b."><al>de datum en het tijdstip waarop zij de schepen hebben
                                ontvangen;</al></li><li nr="c."><al>de namen en indien mogelijk de europanummers van de betreffende
                                schepen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Onderdelen van tijdvakken en eenheden</titel></kop><al>Bij de berekening van het verschuldigde recht worden onderdelen van
                        tijdvakken en eenheden, waarover tarieven worden berekend, voor een geheel
                        gerekend.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Tarief</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het havengeld bedraagt voor elke keer dat een beroepsvaartuig in de
                                haven van Waalwijk komt per ton laadvermogen € 0,08 met een minimum
                                van € 4,50.</al></li><li nr="2."><al>Het havengeld bedraagt voor elke keer dat een beroepsvaartuig in de
                                haven van Waspik of Sprang-Capelle komt per ton laadvermogen € 0,07
                                met een minimum van € 4,50.</al></li><li nr="3."><al>In afwijking van het bepaalde in het eerste en tweede lid, bedraagt
                                het havengeld voor beroepsvaartuigen die de haven aandoen om slechts
                                een gedeelte van de zaken te lossen of te laden, indien het gewicht
                                van de te lossen of te laden zaken minder bedraagt dan de helft van
                                het laadvermogen van het vaartuig, 50% van het havengeld dat bij het
                                volledig laadvermogen van het binnenschip zou zijn verschuldigd, met
                                een minimum van € 4,50.</al></li></lijst><lijst><li nr="4."><al>Voor een beroepsvaartuig dat is gemaakt, ingericht of wordt gebruikt
                                voor het vervoeren van containers, wordt havengeld bepaald op basis
                                van het aantal te lossen en/of te laden containers per keer dat het
                                binnenschip de haven aandoet. Het havengeld bedraagt € 0,96 per
                                container (ongeacht de afmeting), met een minimum van € 4,50.</al></li><li nr="5."><al>Het havengeld bedraagt voor elke keer dat een pleziervaartuig in de
                                haven van Waalwijk komt per vierkante meter € 0,07 met een minimum
                                van € 4,50.</al></li><li nr="6."><al>Het havengeld bedraagt voor elke keer dat een pleziervaartuig in de
                                haven van Waspik komt per vierkante meter € 0,07 met een minimum van
                                € 4,50.</al></li><li nr="7."><al>Voor elke keer, dat voor het invaren van een vaartuig in de haven
                                gebruik wordt gemaakt van de schutsluis, wordt boven het in artikel
                                3 bedoelde recht, per vaartuig een recht geheven van € 0,03 per ton
                                respectievelijk per container of vierkante meter met een minimum van
                                € 4,50.</al></li><li nr="8."><al>Onverminderd het in het zevende lid bedoelde recht is het voor op
                                aanvraag gebruik maken van de schutsluis buiten de vastgestelde
                                openingstijden een recht verschuldigd van € 33,09 per keer dat van
                                de schutsluis gebruik wordt gemaakt.</al></li><li nr="9."><al>Het recht bedraagt voor het gebruik van de haven voor het innemen
                                van een ligplaats met een vaartuig als bedoeld in artikel 6 lid 1
                                sub c en sub d van deze verordening per in gebruik genomen
                                steigereenheid:</al><al><onderstreept>Per maand</onderstreept><onderstreept>per ½ jaar</onderstreept><onderstreept>per jaar</onderstreept></al></li></lijst><al>1 steigereenheid € 3,82 € 21,02 € 38,23 </al><al>2 steigereenheden € 7,65 € 42,06 € 76,42 </al><al>3 steigereenheden € 11,53 € 63,10 € 114,65 </al><al> 4 steigereenheden € 15,36 € 84,13 € 152,85</al><al>10.Voor overige vaartuigen (vlotten, pontons, drijvende kranen) bedraagt het
                        havengeld voor elke keer dat het vaartuig de haven bezoekt € 72,41.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Voortgezet verblijf</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Voor vaartuigen die vallen onder de bepalingen van artikel 8, is
                                voortgezet verblijf voor beroepsvaartuigen niet mogelijk en mogen
                                daar niet langer verblijven dan strikt noodzakelijk is voor het
                                laden en/of lossen van goederen.</al></li><li nr="2."><al>Het bepaalde in het eerste lid is niet van toepassing indien het
                                voortgezet verblijf het gevolg is van het gestremd zijn van de
                                scheepvaart tengevolge van ijs of andere redenen van overmacht.
                            </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>KADEGELD</label></kop><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Grondslag van de heffing</titel></kop><al>Grondslag van de heffing van het recht als bedoeld in artikel 2, onderdeel
                        b, is het aantal in te nemen steigereenheden.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Tarief</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het recht als bedoeld in artikel 2, onderdeel b, bedraagt per m2
                                voor;</al><lijst><li nr="a."><al>het opslaan van goederen;</al></li><li nr="b."><al>het plaatsen van een boot, bootblok of trailer</al><al> voor een periode korter dan een week, per dag € 0,08 </al><al> voor een periode van een week of langer, doch</al><al> niet langer dan een maand, per week € 0,77 </al><al> voor een periode van een maand of langer, doch</al><al> niet langer dan een jaar, per maand € 6,30 </al><al> voor een periode van een jaar € 96,91</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Het recht als bedoeld in artikel 2, onderdeel b, bedraagt per m2 €
                                0,32 per dag voor het plaatsen van zodanige toestellen, werken of
                                inrichtingen, die met het lossen en laden van vaartuigen verband
                                houden;</al></li><li nr="3."><al>Het recht als bedoeld in artikel 2, onderdeel b, wordt geheven met
                                een minimum van telkens € 4,50</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>ALGEMENE BEPALINGEN</label></kop><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Omzetbelasting</titel></kop><al>De in deze verordening genoemde tarieven zijn exclusief de eventueel
                        verschuldigde omzetbelasting.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Vrijstellingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Geen havengeld is verschuldigd voor:</al><lijst><li nr="a."><al>Baggermachines en vaartuigen, die daarbij gebezigd worden voor
                                    het vervoer van baggerspecie, gedurende de tijd, dat zij in
                                    opdracht van de gemeente Waalwijk werken;</al></li><li nr="b."><al>Een Rode Kruis vaartuig en een vaartuig, erkend als uitsluitend
                                    gebezigd en uitgerust voor een godsdienstige, menslievende of
                                    wetenschappelijke bestemming;</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Voor een vaartuig, waarvoor reeds havengeld is geheven, wordt geen
                            verder recht geheven indien het door ijsgang of andere redenen van
                            overmacht, zijn reis niet kan beginnen of vervolgen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het recht als bedoeld in artikel 2, onderdeel b, wordt niet geheven voor
                            het gebruikmaken van de loswal als dit geschiedt ten behoeve van de
                            gemeente Waalwijk, het Rijk of ten behoeve van instellingen met een
                            uitsluitend godsdienstige, menslievende of wetenschappelijke
                            doelstelling.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Kwijtschelding</titel></kop><al>Bij de invordering van de haven- en kadegelden wordt geen kwijtschelding
                        verleend.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Nadere regels door het college</titel></kop><al>Het college kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en de
                        invordering van de rechten.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Inwerkingtreding en citeertitel</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De ‘Verordening Havengelden 2015’ van 13 november 2014, wordt
                                ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum van
                                ingang van de heffing met dien verstande dat zij van toepassing
                                blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben
                                voorgedaan.</al></li><li nr="2."><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 januari
                                2016.</al></li><li nr="3."><al>Het tijdstip van ingang van de heffing is 1 januari 2016.</al></li><li nr="4."><al>Deze verordening wordt aangehaald als de “ Verordening Havengelden
                                2016” </al></li></lijst></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><slotformulering><al>Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 12 november 2015</al><al/><al>DE RAAD VAN DE GEMEENTE WAALWIJK</al></slotformulering><ondertekening>de griffier, de voorzitter,</ondertekening><ondertekening>G.H. Kocken drs. A.M.P. Kleijngeld</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>