<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.92--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR387690_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening Adviesraad Sociaal Domein Cuijk 2016</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Cuijk</dcterms:creator><dcterms:modified>2016-01-01</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Cuijk</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2015-112755.html?zoekcriteria=%3fzkt%3dUitgebreid%26pst%3dGemeenteblad%26vrt%3dnr.%2b112755%26zkd%3dInDeGeheleText%26dpr%3dAlle%26spd%3d20151223%26epd%3d20151223%26sdt%3dDatumPublicatie%26planId%3d%26pnr%3d1%26rpp%3d10&amp;resultIndex=0&amp;sorttype=1&amp;sortorder=4">Gemeenteblad d.d. 26 november 2015 nr. 112755</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening Adviesraad Sociaal Domein Cuijk 2016</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0005416">Gemeentewet</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0015703">Participatiewet</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0008903">Wet sociale werkvoorziening </dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0035362">Wet maatschappelijke ondersteuning </dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0034925">Jeugdwet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>maatschappelijke zorg en welzijn</dcterms:subject><dcterms:issued>2015-11-16</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2016-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2022-12-28</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>geen</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening Adviesraad Sociaal Domein Cuijk 2016</intitule><regeling><aanhef><preambule><al><vet>De raad van de gemeente Cuijk </vet></al><al/><al/><al>gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 15 september
                        2015;</al><al/><al>gelet op artikel 150 Gemeentewet;</al><al>gelet op artikel 47 van de Participatiewet;</al><al>gelet op artikel 2 lid 3 van de Wet sociale werkvoorziening (Wsw);</al><al>gelet op artikel 2.1.3 lid 3 van de Wet maatschappelijke ondersteuning
                        (Wmo);</al><al>gelet op artikel 2.10 van de Jeugdwet;</al><al/><al/><al>Overwegende dat het voor cliënten en/of hun vertegenwoordigers mogelijk moet
                        zijn om invloed uit</al><al>te oefenen op het lokale beleid;</al><al/><al>Overwegende dat binnen het Sociaal Domein steeds meer sprake is van
                        vergaande samenwerking tussen partijen;</al><al/><al>Overwegende dat door het vaststellen van deze verordening duidelijk wordt op
                        welke wijze ingezetenen, waaronder in ieder geval cliënten of hun
                        vertegenwoordigers, worden betrokken bij de vaststelling, besluitvorming en
                        evaluatie van het beleid rondom het Sociaal Domein.</al><al/><al>gezien het advies van Burger d.d. 20 oktober 2015;</al><al/><al><vet>besluit:</vet></al><al/><al>vast te stellen de </al><al><vet>Verordening Adviesraad Sociaal Domein Cuijk 2016</vet></al><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><titel>Verordening Adviesraad Sociaal Domein Gemeente Cuijk 2016</titel></kop></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>1</nr><titel>– Algemene bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>– Begripsbepalingen</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="1."><al>wet: </al><lijst><li nr="a."><al>de Participatiewet </al></li><li nr="b."><al>de Wet Sociale Werkvoorziening (Wsw); </al></li><li nr="c."><al>de Wet Maatschappelijke Ondersteuning (Wmo); </al></li><li nr="d."><al>de Jeugdwet </al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Sociaal Domein:</al></li></lijst><al>Die thema’s die gericht zijn op de maatschappelijke rol van de burger,
                            het ondersteunen van mensen, het vergroten van de leefbaarheid en het
                            bevorderen van participatie.</al><al>Hierbij kan bijvoorbeeld worden gedacht aan onderwerpen als werk,
                            inkomen, zorg, jeugd, onderwijs, leefbaarheid en maatschappelijke
                            ondersteuning.</al><al>3.Doelgroep: </al><al>Inwoners die een voorziening of uitkering ontvangen van de gemeente
                            Cuijk op grond van de wet, evenals inwoners die behoren tot de mogelijk
                            rechthebbenden op een dergelijke voorziening of uitkering of die een
                            bijzondere betrokkenheid heeft bij een of meer onderdelen van het
                            Sociaal Domein;</al><al>4.Adviesraad: </al><al>de Adviesraad Sociaal Domein van de gemeente Cuijk;</al><al>5.Maatschappelijke organisatie: </al><al>de instelling die zich volgens haar doelstelling en feitelijke
                            werkzaamheden direct of indirect richt op de behartiging van de belangen
                            van de klant en de burger;</al><al>6.Meedenken: </al><al>de gestructureerde wijze waarop de gemeente Cuijk haar klanten, haar
                            burgers en maatschappelijke organisaties betrekt in de beleidsvorming,
                            uitvoering en evaluatie van het door de gemeente uit te voeren beleid
                            ten aanzien van het Sociaal Domein;</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>2</nr><titel>– De adviesraad</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>– Doel van de adviesraad</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De Adviesraad heeft als doel om betrokkenen binnen het Sociaal
                                Domein te laten meedenken bij de ontwikkeling en de dienstverlening
                                van het Sociaal Domein. Dit kan doormiddel van de in hoofdstuk 3
                                genoemde taken en bevoegdheden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De Adviesraad vertegenwoordigt deze doelgroep en is representatief
                                voor deze doelgroep.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>– Samenstelling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De Adviesraad is zodanig samengesteld dat de doelgroep en haar
                                belangen in voldoende mate worden vertegenwoordigd.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Uitgesloten van deelname als lid van de Adviesraad zijn: leden van
                                het college of personen onder gezag van het college werkzaam, leden
                                van de gemeenteraad of een raadscommissie als bedoeld in artikel 82
                                van de Gemeentewet, religieuze ambtsdragers en professionele
                                opdrachtnemers van de gemeente binnen het Sociaal Domein.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De Adviesraad heeft een voorzitter en een secretaris. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De voorzitter wordt door het college benoemd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>– Voorzitter</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De voorzitter heeft als rol om verbindend op te treden binnen en
                                buiten de Adviesraad.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Waar nodig vertegenwoordigt de voorzitter de Adviesraad. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De stukken die van de Adviesraad uitgaan worden door de voorzitter
                                ondertekend.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>– Secretaris</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De secretaris staat de Adviesraad bij in de uitoefening van haar
                                taken.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De stukken die van de Adviesraad uitgaan worden door de secretaris
                                ondertekend.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>– Benoeming</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De leden van de Adviesraad worden door het college benoemd op
                                voordracht van de Adviesraad. De benoeming is voor een periode van
                                maximaal vier jaar.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De voorzitter wordt door de Adviesraad uit zijn midden voorgedragen
                                aan het college voor benoeming.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De secretaris wordt door de Adviesraad uit zijn midden benoemd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>– Beëindiging lidmaatschap</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het lidmaatschap eindigt na afloop van het in artikel 6 genoemde
                                termijn.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het lidmaatschap eindigt eveneens door:</al><lijst><li nr="a."><al>het vervallen van de hoedanigheid van burger, klant of
                                        vertegenwoordiger van een maatschappelijke organisatie;</al></li><li nr="b."><al>aftreden op eigen schriftelijk verzoek;</al></li><li nr="c."><al>onder curatelestelling;</al></li><li nr="d."><al>overlijden;</al></li><li nr="e."><al>opzeggen van het vertrouwen door de meerderheid van de leden
                                        bij ernstig en langdurig disfunctioneren van een lid;</al></li><li nr="f."><al>ontslag door het college op grond van met het lidmaatschap
                                        van de Adviesraad onverenigbaar handelen. </al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De leden zijn na het verstrijken van hun zittingsduur onmiddellijk
                                herbenoembaar.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Indien noodzakelijk, kan bij beëindiging van het lidmaatschap op
                                grond van het bepaalde onder lid 2 onder a van dit artikel, een
                                overgangstermijn van zes maanden worden gehanteerd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>– Samenwerking met andere adviesorganen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De Adviesraad Sociaal Domein heeft als taak om waar mogelijk
                                integraal samen te werken.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De integrale samenwerking met andere adviesorganen binnen de
                                gemeente Cuijk op specifieke thema’s wordt bevorderd door
                                mogelijk(e):</al><lijst><li nr="a."><al>uitwisseling van verslagen/notulen van de vergaderingen,
                                        en/of;</al></li><li nr="b."><al>uitwisseling van informatie tussen de betreffende
                                        voorzitters op verzoek van één van hen en/of;</al></li><li nr="c."><al>een lid van de Adviesraad zitting te laten nemen in
                                        relevante adviesorganen en visa versa.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De integrale samenwerking met andere adviesorganen buiten de
                                gemeente Cuijk op specifieke thema’s wordt bevorderd door
                                mogelijk(e):</al><lijst><li nr="a."><al>uitwisseling van verslagen/notulen van de vergaderingen,
                                        en/of;</al></li><li nr="b."><al>uitwisseling van informatie tussen de betreffende
                                        voorzitters op verzoek van één van hen en/of;</al></li><li nr="c."><al>gezamenlijk overleg tussen adviesorganen en hun
                                        desbetreffende gemeente over thema’s die alle partijen aan
                                        kunnen gaan.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Indien voor een specifiek thema er onvoldoende expertise binnen de
                                Adviesraad is, is het mogelijk om hiervoor incidenteel externe
                                expertise vanuit een ander adviesorgaan in te schakelen.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3</nr><titel>– Taken en bevoegdheden</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>– Adviseren</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De Adviesraad adviseert zowel college als gemeenteraad op alle
                                aspecten van het Sociale Domein.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De Adviesraad kan zowel op verzoek van het college en/of de
                                gemeenteraad als zelfstandig een advies uitbrengen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Wanneer om een advies wordt gevraagd, wordt daarbij een passende
                                adviestermijn afgesproken.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Over de adviezen die de Adviesraad afgeeft wordt door het college
                                een terugkoppeling gegeven.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>– Signaleren</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De Adviesraad heeft een signaalfunctie richting de gemeente Cuijk
                                voor wat betreft de uitvoering en ontwikkelingen op het gebied van
                                het Sociale Domein. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Signalen die de Adviesraad afgeeft worden zo goed mogelijk opgepakt
                                door het college en waar mogelijk terugkoppeling gegeven.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Signalen kunnen niet gaan over zaken, klachten, bezwaarschriften,
                                etc. over individuele personen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>– Meedenken</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De Adviesraad wordt bij het ontwikkelen van beleid binnen het
                                Sociaal Domein vroegtijdig door de gemeente betrokken, waarbij van
                                te voren wordt bepaald op welke wijze en binnen welke tijdsspanne de
                                Adviesraad kan meedenken.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De Adviesraad kan gevraagd worden om een advies uit te brengen over
                                een beleidsontwikkeling danwel zelf bepalen of zij zelfstandig een
                                advies uitbrengt over een beleidsontwikkeling.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>– Overleg</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De Adviesraad kan vergaderingen tussen de eigen leden beleggen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De Adviesraad kan vergaderingen tussen haarzelf en andere
                                adviesorganen beleggen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De Adviesraad kan via de onder artikel 17genoemd contactpersoon
                                verzoeken om overleg met gemeente.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>– Geheimhouding</titel></kop><al>De Adviesraad Sociaal Domein neemt kennis van het bepaalde in artikel
                            2:5 van de Algemene wet bestuursrecht. Behalve na voorafgaande
                            schriftelijke toestemming van het college of de gemeenteraad zal de
                            Adviesraad Sociaal Domein informatie met een vertrouwelijk karakter niet
                            aan derden kenbaar maken.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>4</nr><titel>– Ondersteuning en middelen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>– Informatierecht</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college voorziet de Adviesraad van alle noodzakelijke informatie
                                voor het uitvoeren van haar functie, tenzij deze informatie niet
                                openbaar is.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college kan vertrouwelijke informatie onder voorwaarden aan de
                                Adviesraad verstrekken.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college voorziet de Adviesraad van informatie ten behoeve van
                                het plannen van haar overleggen en vergaderingen. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Mocht de Adviesraad aanvullende informatie nodig hebben, dan kan zij
                                het college vragen om deze nadere informatie. Deze informatie kan
                                schriftelijk of mondeling tijdens een vergadering worden
                                verstrekt.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>– Werkbudget</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Aan de Adviesraad wordt een werkbudget ter beschikking gesteld. Dit
                                werkbudget heeft als doel om de Adviesraad te faciliteren in haar
                                activiteiten, onkosten en expertise. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De hoogte van dit werkbudget bedraagt € 9.500,- per jaar.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Na afloop van het budgetjaar legt de Adviesraad binnen drie maanden
                                verantwoording af aan de gemeente over de doelmatige besteding van
                                het werkbudget.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>– Facilitaire ondersteuning</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De gemeente faciliteert binnen rede de Adviesraad doormiddel van het
                                ter beschikking stellen van haar reprofaciliteiten voor
                                drukwerk.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De gemeente faciliteert binnen rede de Adviesraad doormiddel van het
                                ter beschikking stellen van ruimte voor het houden van vergaderingen
                                of het voeren van overleg.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>– Ambtelijk contactpersoon</titel></kop><al>De gemeente stelt een ambtelijk contactpersoon aan die fungeert als
                            aanspreekpunt voor de Adviesraad richting de gemeente.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>5</nr><titel>- Slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr><titel>– Geschillen betreffende deze verordening</titel></kop><al>Bij onduidelijkheid over de uitleg van deze verordening beslist het
                            college, gehoord de Adviesraad Sociaal Domein gemeente Cuijk.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr><titel>– Slotbepalingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college maakt het bestaan van de Adviesraad Sociaal Domein
                                gemeente Cuijkalgemeen bekend. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Ten dienste van zijn functioneren zal de Adviesraad Sociaal Domein
                                gemeente Cuijkeen huishoudelijk reglement opstellen, waarin onder
                                andere de communicatie met de achterban wordt geregeld.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20</nr><titel>– Inwerkingtreding en citeertitel</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2016.</al></li><li nr="2."><al>Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening Adviesraad
                                    Sociaal Domein Cuijk 2016.</al></li><li nr="3."><al>De Verordening Participatieraad Welzijnsbeleid 2015, vastgesteld
                                    in de vergadering van 16 maart 2015 wordt ingetrokken op de dag
                                    van inwerkingtreding als bedoeld in het eerste lid.</al><al/></li></lijst></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus besloten door de raad van de gemeente Cuijk in zijn openbare
                        vergadering van 16 november 2015.</ondertekening><ondertekening/><ondertekening/><ondertekening>De raad voornoemd,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening/><ondertekening>R.M. van der Weegen</ondertekening><ondertekening>griffier </ondertekening><ondertekening/><ondertekening>Mr. W.A.G. Hillenaar</ondertekening><ondertekening>voorzitter</ondertekening><ondertekening/><ondertekening/></regeling-sluiting><nota-toelichting><kop><titel>Toelichting</titel></kop><al>Deze verordening is vastgesteld als gevolg van de veranderingen in het Sociaal
                    Domein in 2015. </al><al/><tussenkop>Aanleiding</tussenkop><al>Bij de vaststelling van de Participatiewet is de voorgaande verordening
                    Participatieraad Welzijnsbeleid 2015 louter juridisch herzien om te voldoen aan
                    de wettelijke verplichting om een verordening voor cliëntenparticipatie,
                    gestoeld op de Participatiewet te hebben vastgesteld. Deze juridische herziening
                    nam de onderliggende wens om de Participatieraad Welzijnsbeleid inhoudelijk te
                    wijzigen aan alle wijzigingen in het Sociaal Domein niet weg. Gezien het
                    tijdspad en de samenwerking tussen de Adviesraden binnen de gemeenten Cuijk,
                    Grave, Mill en Sint Hubert is er gekozen om in 2015 opnieuw een verordening vast
                    te stellen, welke met de Adviesraden van deze gemeenten onderling is
                    afgestemd.</al><al/><tussenkop>Artikelsgewijze toelichting</tussenkop><al>Hieronder volgt een artikelsgewijze toelichting van hetgeen in deze verordening
                    is opgenomen. Daar waar een lid géén toelichting behoeft, is deze niet
                    opgenomen.</al><al/><tussenkop>Hoofdstuk 1 – Algemene bepalingen</tussenkop><al/><tussenkop>Artikel 1 – Begripsbepalingen</tussenkop><al/><tussenkop>Lid 2. Sociaal Domein</tussenkop><al>In een poging om een sluitende definitie te geven van het Sociaal Domein binnen
                    deze verordening is er gekozen om dit begrip breed te formuleren. Hierbij is een
                    opsomming gegeven van mogelijke onderwerpen welke omvat worden door het begrip
                    Sociaal Domein. Deze opsomming is niet limitatief, maar is wel indicatief voor
                    de omvang van het Sociaal Domein. Het valt niet uit te sluiten dat andere
                    onderwerpen, afhankelijk van de situatie en plaatsing in de toekomst, onder het
                    begrip Sociaal Domein kunnen vallen. Hiermee is de afbakening binnen deze
                    verordening gewaarborgd.</al><al/><al>Met de verwijzing naar een uitkering of voorziening wordt de verbinding gemaakt
                    met de gemeentelijke dienstverlening op basis van de onderliggende wetgeving.
                    Het valt niet uit te sluiten dat er ook dienstverlening plaatsvindt op een
                    andere (wettelijke) basis dan in deze verordening is aangegeven. Dit hoeft niet
                    te betekenen dat dit géén dienstverlening onder het Sociaal Domein is en dat
                    deze verordening daarom niet van toepassing zou moeten zijn. Dit zal op dat
                    moment moeten worden afgewogen in relatie tot de vertegenwoordiging van deze
                    doelgroep personen wiens dienstverlening mogelijk niet onder het Sociaal Domein
                    valt.</al><al/><tussenkop>Hoofdstuk 2 – De Adviesraad</tussenkop><al/><tussenkop>Artikel 2 – Doel van de Adviesraad</tussenkop><tussenkop>Lid 1.</tussenkop><al>De Adviesraad vertegenwoordigt de doelgroepen. Door deze vertegenwoordiging op
                    deze manier te structureren, ontstaat er de mogelijkheid voor de gemeente om op
                    een constructieve wijze inspraak te organiseren die bijdraagt aan de
                    ontwikkeling van het Sociaal Domein en recht doet aan de inbreng van de
                    doelgroep en haar vertegenwoordigers.</al><al/><tussenkop>Artikel 3 – Samenstelling</tussenkop><tussenkop>Lid 1.</tussenkop><al>Omdat het gaat om de deelname van betrokkenen en cliënten ligt het in de rede
                    dat de Adviesraad voor een deel bestaat uit leden van de doelgroep zelf. Daarbij
                    moet door alle betrokkenen worden gestreefd naar een representatieve
                    afspiegeling van de doelgroep. </al><al>Het andere deel van de Adviesraad bestaat uit vertegenwoordigers van
                    maatschappelijke organisaties. Van burgers mag verwacht en gevraagd worden dat
                    zij deelnemen in verbanden die vorm en inhoud gegeven aan hun maatschappelijke
                    participatie en/of dat zij dergelijke verbanden vormen. De participatie is
                    immers geen vorm van het nastreven van individuele belangen. Hiervoor is
                    bovendien gekozen, omdat maatschappelijke organisaties vanuit hun
                    professionaliteit een waardevolle inbreng kunnen leveren en de kwaliteit kunnen
                    waarborgen. </al><al>Een evenwichtige verdeling van het aantal leden over diverse delen van de
                    doelgroep is nodig. Dit is een aandachtspunt bij elke individuele benoeming en
                    in laatste instantie een verantwoordelijkheid van college en gemeenteraad op het
                    moment van benoeming. Uiteraard dient de Adviesraad bij de voordracht van nieuwe
                    leden rekening te houden met dit voorschrift.</al><al/><tussenkop>Lid 2.</tussenkop><al>De onverenigbaarheden zijn benoemd. De onafhankelijke positie van een
                    Adviesraad, brengt met zich mee dat de leden niet deel uitmaken van het
                    gemeentebestuur (college, gemeenteraad, reguliere raadscommissies) of onder
                    gezag daarvan werkzaam zijn..</al><al>Daarnaast zijn religieuze ambtsdragers uitgesloten, aangezien de Adviesraad een
                    – zij het wat zijdelingse – rol vervult in het openbaar bestuur en daarmee het
                    seculiere karakter van het openbaar bestuur in het geding kan komen.</al><al/><tussenkop>Artikel 4 – Voorzitter</tussenkop><tussenkop>Lid 1 en lid 2.</tussenkop><al>De voorzitter heeft als taak om het verbindende element binnen en buiten de
                    Adviesraad te zijn. Dit behelst enerzijds het bevorderen van de onderlinge
                    samenwerking tussen de leden alsmede het leiderschap van de Adviesraad.
                    Anderzijds betekent dit ook dat de voorzitter de primaire verbinding is tussen
                    de Adviesraad en andere adviesorganen binnen en buiten de gemeente
                        <vet>Cuijk</vet>. </al><al/><tussenkop>Artikel 5 – Secretaris</tussenkop><tussenkop>Lid 1.</tussenkop><al>De secretaris heeft als taak om de Adviesraad te ondersteunen door de
                    administratieve taken, zoals verslaglegging van de vergaderingen, doorleiding
                    van correspondentie, financieel beheer van het werkbudget te organiseren. Deze
                    voorbeelden zijn niet limitatief en kunnen zelf door de Adviesraad en de
                    secretaris worden uitgebreid. Ook de wijze waarop zij georganiseerd worden, is
                    aan de Adviesraad.</al><al/><tussenkop>Artikel 6 – Benoeming</tussenkop><tussenkop>Lid 1.</tussenkop><al>Het college benoemt leden van de Adviesraad op voordracht. Bij deze benoeming
                    wordt de motivatie en de achtergrond van de aspirant-leden meegewogen. Het
                    uiteindelijke doel is dat de leden naar mening van het college en de Adviesraad,
                    de Adviesraad juist versterken. De termijn van 4 jaar gaat in op het moment dat
                    men benoemd wordt. Bij de totstandkoming van de Adviesraad Sociaal Domein nemen
                    in beginsel de leden van de </al><al>Participatieraad Welzijnsbeleid in de Adviesraad plaats.</al><al/><tussenkop>Lid 2.</tussenkop><al>De voorzitter wordt apart benoemd door het College, omdat de voorzitter namens
                    de Adviesraad extern ook optreedt. Daarnaast wordt de status van de voorzitter
                    binnen en buiten de Adviesraad benadrukt. Indien er naar mening van een deel van
                    de Adviesraad sprake is van disfunctioneren van de voorzitter, dan wordt dit
                    getracht dit eerst intern op te lossen. Anders bemiddeld het college, tenzij er
                    sprake is van een onoverbrugbare breuk van vertrouwen tussen de Adviesraad en de
                    voorzitter.</al><tussenkop>Lid 3.</tussenkop><al/><al>Het is aan de Adviesraad om zelf te kiezen wie zij als secretaris aanstelt. De
                    Adviesraad is verantwoordelijk voor deze keuze en kan beslissen een andere
                    secretaris aan te stellen als deze om wat voor reden dan ook niet meer in staat
                    is diens taken adequaat uit te oefenen.</al><al/><tussenkop>Artikel 7 – Beëindiging lidmaatschap</tussenkop><tussenkop>Lid 2, sub a.</tussenkop><al>Indien een lid géén onderdeel van de doelgroep meer is, door bijvoorbeeld
                    verhuizing naar een andere gemeente, een langdurig wijziging in diens situatie
                    waardoor deze niet meer maken heeft met het werkveld binnen het Sociaal Domein
                    binnen de gemeente of door het einde dienstverband bij de maatschappelijke
                    organisatie die werd vertegenwoordigt, eindigt het lidmaatschap.</al><al/><al><cursief>Lid 2, sub c</cursief>.</al><al>Met onder curatelestelling wordt curatelestelling in de zin van artikelen 1:378
                    tot en met 1:391 Burgerlijk Wetboek bedoeld. Indien een lid onder curatele wordt
                    gesteld, wordt deze niet meer in staat geacht adequaat deel te kunnen nemen aan
                    de Adviesraad.</al><al/><al><cursief>Lid 2, sub e</cursief>.</al><al>De Adviesraad kan het vertrouwen in één van haar leden om diverse redenen
                    opzeggen. Dit kan niet licht gedaan worden en zal altijd door het college
                    getoetst moeten worden. De rol van de voorzitter in deze is cruciaal, gezien
                    diens verbindende taak. Indien er geen mogelijkheid tot reconciliatie is, wordt
                    een verzoek tot beëindiging van het lidmaatschap van het desbetreffende lid bij
                    het college ingediend.</al><al/><al><cursief>Lid 2, sub f</cursief>.</al><al>Indien een lid op een dusdanige wijze handelt dat diens lidmaatschap niet meer
                    verenigbaar is met de taak van de Adviesraad danwel op enig andere wijze die het
                    maatschappelijk onwenselijk maakt om lidmaatschap te continueren, kan het
                    college beslissen iemands lidmaatschap te beëindigen. Hierover wordt de
                    Adviesraad geïnformeerd. Waar noodzakelijk, gebeurt dit in vertrouwen om de
                    persoonlijke levenssfeer van alle betrokkenen de beschermen.</al><al/><tussenkop>Lid 3.</tussenkop><al>Slechts in de situatie dat de zittingsduur van een lid is verstreken, kan
                    onmiddellijke herbenoeming door het college plaatsvinden. Het derde lid slaat
                    dus enkel op beëindiging van het lidmaatschap als bedoeld in het eerste lid van
                    dit artikel.</al><al/><tussenkop>Lid 5.</tussenkop><al>Het is mogelijk dat bij het aftreden van een lid omdat deze niet meer voldoet
                    aan de voorwaarden die in dit artikel genoemd worden, er een termijn
                    noodzakelijk is waarin de taken overgedragen kunnen worden aan een ander lid.
                    Dit gebeurt op verzoek van de Adviesraad aan het college. Hierdoor wordt de
                    continuïteit van de Adviesraad gewaarborgd, doordat de directe consequenties van
                    het wegvallen van een lid worden opgevangen.</al><al/><tussenkop>Artikel 8 – Samenwerking met andere adviesorganen</tussenkop><tussenkop>Lid 1 en lid 2.</tussenkop><al>Met dit artikel wordt bewerkstelligd dat de Adviesraad de vrijheid heeft om
                    verbinding te maken met andere organen om haar taken succesvol uit te
                    voeren.</al><al/><al>Gezien het brede maatschappelijke bereik van het Sociaal Domein is het
                    noodzakelijk dat de Adviesraad in staat is om zowel binnen als buiten haar eigen
                    gemeente op thema’s integraal samen te kunnen werken met andere adviesorganen.
                    Dit kunnen andere Adviesraden van andere gemeenten zijn of andere lokale
                    organen, zoals de Wijk- en/of Dorpsraden. Deze samenwerking kan ook in
                    georganiseerd verband plaatsvinden in samenwerking met de gemeente.</al><al/><tussenkop>Lid 3.</tussenkop><al>Het kan gebeuren dat op een specifiek thema er onvoldoende expertise aanwezig is
                    binnen de Adviesraad. Het is daarom toegestaan om voor dergelijke thema’s derden
                    te vragen hun expertise te lenen voor de Adviesraad. Dit kunnen leden zijn van
                    een Adviesraad van een andere gemeente of leden van een andere commissie binnen
                    de gemeente.</al><al/><tussenkop>Hoofdstuk 3 – Taken en bevoegdheden</tussenkop><al/><tussenkop>Artikel 9 – Adviseren</tussenkop><tussenkop>Lid 1.</tussenkop><al>De Adviesraad adviseert zowel het college als de gemeenteraad. Dit kan mogelijk
                    met één advies wat aan het college wordt gegeven en wordt voorgelegd aan de
                    gemeenteraad.</al><al/><tussenkop>Lid 2.</tussenkop><al>Het college en/of de gemeenteraad kan de Adviesraad vragen om een advies. Dit
                    wordt meestal gedaan bij ontwikkelingen binnen het Sociaal Domein die
                    voorzienbaar zijn. Daarnaast staat het de Adviesraad vrij om zelfstandig een
                    advies uit te brengen over ontwikkelingen. Het college en/of de gemeenteraad
                    bepaalt zelf wat zij doet met het zelfstandig uitgebrachte advies.</al><al/><tussenkop>Lid 3 en lid 4.</tussenkop><al>Bij het vragen van een advies, wordt in overleg met de Adviesraad een
                    adviestermijn afgesproken. Dit om afhankelijk van de zwaarte van de thema’s
                    enerzijds de Adviesraad voldoende gelegenheid te bieden om advies uit te brengen
                    en anderzijds een adviesvraag passend te houden binnen de bestuurlijke planning
                    van de gemeenteraad en het college. Het college koppelt waar mogelijk terug wat
                    er met een advies is gedaan.</al><al/><tussenkop>Artikel 10 – Signaleren</tussenkop><tussenkop>Lid 1.</tussenkop><al>De Adviesraad heeft een brede signaalfunctie. Met deze signaalfunctie kan de
                    Adviesraad de gemeente helpen met het monitoren van de ontwikkelingen en het
                    beleid binnen het Sociaal Domein.</al><al/><tussenkop>Lid 2.</tussenkop><al>Het college is primair het aangewezen orgaan om te handelen op specifieke
                    signalen, zoals problemen in uitvoering van wetgeving of delen van de doelgroep
                    die niet bereikt wordt met een regeling. De Adviesraad dient daarom in eerste
                    instantie deze signalen aan het college kenbaar te maken, zodat zij hierop kan
                    handelen.</al><al/><tussenkop>Lid 3.</tussenkop><al>In het eerste lid van dit artikel wordt de taak van de Adviesraad rondom
                    signaleren afgebakend. Opgemerkt moet daarbij worden dat signalen niet over
                    individuele personen kunnen gaan, omdat deze een eigen route binnen de gemeente
                    kennen. De Adviesraad wordt geacht dergelijke signalen dan ook op de juiste
                    manier door te leiden, met inachtneming van alle (wettelijke) bepalingen rondom
                    privacy, waardoor de behandeling van klachten, bezwaren en andere
                    aangelegenheden die de individuele klant of de individuele medewerker betreffen
                    op de juiste plaats terecht komen. </al><al/><tussenkop>Artikel 11 – Meedenken</tussenkop><tussenkop>Lid 1.</tussenkop><al>Het vroegtijdig meedenken over thema´s en beleidsontwikkelingen zorgt ervoor dat
                    de kwaliteit van het beleid dat uit het bestuurlijke proces voortvloeit, groter
                    wordt. De gemeente committeert zich om waar mogelijk en op thema´s waar
                    meedenken een meerwaarde heeft, de Adviesraad in een vroeg stadium te betrekken.
                    Daar waar meerwaarde niet aanwezig is, omdat bijvoorbeeld het wetgeving betreft
                    zonder echte lokale invulling, zal de gemeente de Adviesraad informeren.</al><al/><tussenkop>Artikel 12 – Overleg</tussenkop><tussenkop>Lid 1.</tussenkop><al>Het is aan de Adviesraad zelf om te bepalen hoe zij haar overlegstructuur
                    vormgeeft om haar functie uit te voeren. Hiervoor kan zij vergaderingen beleggen
                    tussen haar leden. Deze vergaderingen worden zoveel mogelijk van te voren bekend
                    gemaakt, zodat deze ook afgestemd kunnen worden met de bestuurlijke planning
                    binnen de gemeente Cuijk. De vergaderingen zijn openbaar, tenzij anders
                    aangegeven.</al><al/><tussenkop>Lid 2.</tussenkop><al>De Adviesraad kan overleggen inplannen met andere adviesorganen, zoals
                    Adviesraden van andere gemeenten. Ook kan zij zelf deelnemen aan overleggen van
                    andere adviesorganen.</al><al/><tussenkop>Lid 3.</tussenkop><al>De Adviesraad kan ook met de gemeente in overleg gaan. Dit kan op eigen verzoek
                    of op verzoek van de gemeente. De Adviesraad en de gemeente bepalen zelf de
                    frequentie en de inhoud van dergelijke overleggen.</al><al/><tussenkop>Artikel 13 – Geheimhouding</tussenkop><al>Omdat de mogelijkheid bestaat dat de Adviesraad kennis neemt van vertrouwelijke
                    informatie is het goed zich ervan rekenschap te geven dat hierop de
                    geheimhoudingplicht van artikel 2: 5 van de Algemene wet bestuursrecht rust. Na
                    vooraf verkregen schriftelijke toestemming van het college mag de Adviesraad
                    genoemde informatie aan derden verstrekken of publiek maken. Deze
                    geheimhoudingsplicht geldt uiteraard ook de individuele leden, de secretaris en
                    de voorzitter.</al><al/><tussenkop>Hoofdstuk 4 – Ondersteuning en middelen</tussenkop><al/><tussenkop>Artikel 14 – Informatierecht</tussenkop><al>Dit artikel regelt het passieve informatierecht van de Adviesraad. Het is vorm
                    gegeven in een actieve informatieplicht van het college en van de gemeenteraad.
                    Het zwaartepunt daarvan zal liggen bij de taak van het college. In een duale
                    verantwoordelijkheidsverdeling tussen gemeenteraad en college is het echter
                    denkbaar dat er situaties zijn waarin de gemeenteraad zelf een informerende rol
                    op zich zal willen / kunnen nemen. Het college dient uit eigen beweging te
                    zorgen dat de Adviesraad tijdig de nodige informatie ontvangt die voor zijn
                    functioneren noodzakelijk of dienstbaar is. Naast dit passieve informatierecht
                    bezit de Adviesraad ook een actief informatierecht: Zij kan zelf om bepaalde
                    inlichtingen en/of gegevens vragen.</al><al/><tussenkop>Artikel 15 – Werkbudget</tussenkop><tussenkop>Lid 1 en lid 3.</tussenkop><al>Het werkbudget is vrij besteedbaar voor het doel waarvoor het wordt verstrekt.
                    De Adviesraad maakt zelf een begroting en legt hier verantwoording over af.</al><al/><tussenkop>Artikel 16 – Facilitaire ondersteuning</tussenkop><tussenkop>Lid 1 en 2.</tussenkop><al>De gemeente en de Adviesraad maken aparte afspraken over de praktische
                    facilitaire ondersteuning van de Adviesraad.</al><al/><tussenkop>Artikel 17 – Ambtelijk contactpersoon</tussenkop><al>De gemeente stelt een ambtelijk contactpersoon aan. Deze contactpersoon fungeert
                    als liaison tussen de Adviesraad en de gemeente. Vragen van de Adviesraad die
                    niet direct aan een verantwoordelijk ambtenaar gesteld kunnen worden, worden aan
                    de ambtelijk contactpersoon gesteld. De ambtelijk contactpersoon heeft
                    regelmatig contact met de Adviesraad.</al><al>Ten slotte verzorgt de ambtelijk contactpersoon alle bestuurlijke besluiten
                    rondom de Adviesraad.</al><al/><tussenkop>Hoofdstuk 5 - Slotbepalingen</tussenkop><al/><tussenkop>Artikel 18 – Geschillen betreffende deze verordening</tussenkop><al>Dit artikel behoeft géén toelichting.</al><al/><tussenkop>Artikel 19 – Slotbepalingen</tussenkop><al>Dit artikel behoeft géén toelichting.</al><al/><tussenkop>Artikel 20 – Inwerkingtreding en citeertitel</tussenkop><al>Dit artikel behoeft géén toelichting.</al></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>