<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.92--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR387533_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening individuele studietoeslag Ouder-Amstel 2015</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Ouder-Amstel</dcterms:creator><dcterms:modified>2015-01-01</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Ouder-Amstel</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Onbekend</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening individuele studietoeslag Ouder-Amstel 2015</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">artikel 8, eerste lid, onderdeel c, van de Participatiewet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>maatschappelijke zorg en welzijn</dcterms:subject><dcterms:issued>2014-11-20</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2015-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2024-01-16</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening individuele studietoeslag Ouder-Amstel 2015</intitule><regeling><aanhef><preambule><al><vet>RAADSBESLUIT</vet></al><al><vet>Verordening individuele studietoeslag Ouder-Amstel 2015</vet></al><al>De raad van de gemeente Ouder-Amstel; gelezen het voorstel van
                        burgemeester en wethouders van……; gelet op artikel 8, eerste lid,
                        onderdeel c, van de Participatiewet;</al><al>Besluit vast te stellen de Verordening individuele studietoeslag
                        Ouder-Amstel 2015.</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.</nr><titel>Indienen verzoek</titel></kop><al>Een verzoek als bedoeld in artikel 36b, eerste lid, van de
                            Participatiewet, wordt ingediend middels een door het college
                            vastgesteld formulier.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.</nr><titel>Eenmaal per periode individuele studietoeslag verlenen</titel></kop><al>Een persoon kan slechts eenmaal binnen een periode van zes maanden in
                            aanmerking komen voor een individuele studietoeslag.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.</nr><titel>Hoogte individuele studietoeslag</titel></kop><al>Een individuele studietoeslag bedraagt € 600.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.</nr><titel>Betaling individuele studietoeslag</titel></kop><al>Een individuele studietoeslag wordt eenmalig in één bedrag uitbetaald.
                            Dit is het bedrag zoals neergelegd in artikel 3 van deze verordening. Na
                            zes maanden kan een persoon opnieuw in aanmerking komen voor een
                            individuele studietoeslag. Dit volgt uit artikel 2 van deze
                            verordening.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2015.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening individuele
                            studietoeslag Ouder-Amstel 2015.</al></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus besloten in de openbare raadsvergadering van</ondertekening><ondertekening>De raad voornoemd.</ondertekening><ondertekening>De griffier, De voorzitter,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening/><ondertekening/></regeling-sluiting><nota-toelichting><al><vet>Artikelsgewijze toelichting Verordening individuele studietoeslag
                                2015</vet></al><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>1.</nr><titel>Indienen verzoek</titel></kop><al>Een verzoek om een individuele studietoeslag kan worden ingediend door
                            personen als bedoeld in artikel 7, eerste lid, onderdeel a, van de
                            Participatiewet. Dit betreft personen die het college ondersteunt bij
                            arbeidsinschakeling:</al><lijst><li nr="·"><al>personen die algemene bijstand ontvangen;</al></li><li nr="·"><al>personen als bedoeld in de artikelen 34a, vijfde lid, onderdelen
                                    b en c, 35, vierde lid, onderdelen b en c, en 36, derde lid,
                                    onderdelen b en c, van de Wet werk en inkomen naar
                                    arbeidsvermogen tot het moment dat het inkomen uit arbeid in
                                    dienstbetrekking gedurende twee aaneengesloten jaren ten minste
                                    het minimumloon bedraagt en ten behoeve van die persoon in die
                                    twee jaren geen loonkostensubsidie als bedoeld in artikel 10d is
                                    verleend;</al></li><li nr="·"><al>personen als bedoeld in artikel 10, tweede lid, van de
                                    Participatiewet;</al></li><li nr="·"><al>personen met een nabestaanden- of wezenuitkering op grond van de
                                    Algemene nabestaandenwet;</al></li><li nr="·"><al>personen met een uitkering op grond van de Wet
                                    inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte
                                    werkloze werknemers;</al></li><li nr="·"><al>personen met een uitkering op grond van de Wet
                                    inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte
                                    gewezen zelfstandigen, en</al></li><li nr="·"><al>niet-uitkeringsgerechtigden.</al></li></lijst><al>Het college kan aan deze personen, op een daartoe strekkend verzoek, een
                            individuele studietoeslag verlenen (artikel 36b, eerste lid, van de
                            Participatiewet). Een persoon dient op datum van de aanvraag aan de
                            voorwaarden te voldoen zoals genoemd in artikel 36b, eerste lid, van de
                            Participatiewet. Onder aanvraag wordt verstaan: een verzoek van een
                            persoon, een besluit te nemen (artikel 1:3, derde lid, van de Awb). Een
                            aanvraag dient in beginsel schriftelijk te worden ingediend (artikel 4:1
                            van de Awb).</al><al>Om onduidelijkheid te voorkomen omtrent de wijze waarop het verzoek als
                            bedoeld in artikel 36b, eerste lid, van de Participatiewet moet worden
                            ingediend, bepaalt artikel 1 van deze verordening dat het verzoek moet
                            worden gedaan middels een door het college vastgesteld formulier. Een
                            verzoek wordt dan gezien als een aanvraag zoals bedoeld in afdeling
                            4.1.1 van de Awb. Het gaat dan om een schriftelijke aanvraag (artikel
                            4:1 van de Awb) die wordt ondertekend door de aanvrager en ten minste de
                            naam en het adres van de aanvrager bevat, de dagtekening en een
                            aanduiding van de beschikking die wordt gevraagd (artikel 4:2, eerste
                            lid, van de Awb). De aanvrager verschaft ook de gegevens en bescheiden
                            die voor de beslissing op de aanvraag nodig zijn en waarover hij
                            redelijkerwijs de beschikking kan krijgen (artikel 4:2, tweede lid, van
                            de Awb). Een mondeling verzoek kan hiermee dus niet worden aangemerkt
                            als een verzoek om individuele studietoeslag zoals bedoeld in artikel
                            36b van de Participatiewet.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>2.</nr><titel>Eenmaal per periode individuele studietoeslag verlenen</titel></kop><al>Doorgaans kan een persoon halfjaarlijks starten met een opleiding. Voor
                            de beoordeling of een belanghebbende in aanmerking komt voor een
                            individuele studietoeslag wordt de situatie op de datum van de aanvraag
                            beoordeeld (artikel 36b, eerste lid, van de Participatiewet). Om deze
                            reden is geregeld dat een persoon slechts eenmaal binnen een periode van
                            zes maanden in aanmerking kan komen voor een individuele studietoeslag.
                            Studeert een persoon na die zes maanden nog steeds en voldoet hij aan de
                            voorwaarden van artikel 36b, eerste lid, van de Participatiewet, dan kan
                            hij opnieuw in aanmerking komen voor een individuele studietoeslag.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>3.</nr><titel>Hoogte individuele studietoeslag</titel></kop><al>In dit artikel wordt de hoogte van de individuele studietoeslag
                            geregeld. Hierbij wordt de studietoeslag per persoon die voldoet aan de
                            voorwaarden toegekend. Een individuele studietoeslag bedraagt €
                            600.</al><al>Is sprake van gehuwden die allebei afzonderlijk voldoen aan de
                            voorwaarden voor een individuele studietoeslag, dan komen zij
                            afzonderlijk in aanmerking.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>4.</nr><titel>Betaling individuele studietoeslag</titel></kop><al>In dit artikel wordt de frequentie van de betaling van de individuele
                            studietoeslag geregeld.</al><al>Een individuele studietoeslag wordt eenmalig in één bedrag uitbetaald.
                            Dit is het bedrag zoals neergelegd in artikel 3 van deze verordening. Na
                            zes maanden kan een persoon opnieuw in aanmerking komen voor een
                            individuele studietoeslag.</al><al>Na zes maanden kan een persoon opnieuw in aanmerking komen voor een
                            individuele toeslag. Dit volgt uit artikel 3 van deze verordening.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>5.</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 januari 2015.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>6.</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>In dit artikel is de citeertitel van deze verordening neergelegd.</al></divisie></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>