<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.92--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR387432_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Algemene subsidieverordening Tytsjerksteradiel 2016</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Tytsjerksteradiel</dcterms:creator><dcterms:modified>2016-01-01</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Tytsjerksteradiel</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">gemeenteblad 24 december 2015</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Algemene subsidieverordening Tytsjerksteradiel 2016</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">art. 4:23 Awb, Gemeentewet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2015-12-17</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2016-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2024-04-05</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Algemene subsidieverordening Tytsjerksteradiel 2016</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>1</nr><titel>Algemene bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente
                                Tytsjerksteradiel </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>eenmalige subsidie: een subsidie voor een activiteit die een
                                eenmalig karakter heeft</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>jaarlijkse subsidie: een subsidie die wordt verstrekt voor
                                activiteiten die gedurende een geheel of een gedeelte van een
                                kalenderjaar worden verzorgd of gedurende meerdere
                                kalenderjaren</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>nadere regel: een door burgemeester en wethouders vastgestelde
                                regeling met algemeen verbindende voorschriften, ter uitvoering van
                                een raadsverordening</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>uitvoeringsovereenkomst: een overeenkomst die in de zin van artikel
                                4:36 van de wet kan worden gesloten ter uitvoering van de
                                beschikking tot subsidieverlening </al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>wet: Algemene wet bestuursrecht.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Reikwijdte verordening</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze verordening is van toepassing op alle activiteiten die door
                                aanvragers in het gemeentelijk belang worden ontplooid, tenzij bij
                                of krachtens een besluit van de raad anders is bepaald. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Ten aanzien van subsidies als bedoeld in artikel 4:23, derde lid,
                                van de wet (subsidies waarvoor geen wettelijke grondslag nodig is)
                                kan het college bepalen dat deze verordening geheel of gedeeltelijk
                                buiten toepassing blijft. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>In de deelverordeningen, die bij deze verordening horen, kan van het
                                in deze verordening bepaalde worden afgeweken.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het college kan nadere regels vaststellen over de uitvoering van
                                deze verordening.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Subsidieplafond</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college kan jaarlijks per beleidsveld een subsidieplafond
                                vaststellen. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het subsidieplafond geldt voor het betreffende subsidiejaar. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bij de vaststelling van het subsidieplafond als bedoeld in het
                                eerste lid bepaalt het college hoe het beschikbaar gestelde bedrag
                                wordt verdeeld. </al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>2</nr><titel>Subsidieaanvraag</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Aanvraag jaarlijkse en eenmalige subsidie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De aanvraag van de subsidie gaat in ieder geval vergezeld van:</al><lijst><li nr="a."><al>een activiteitenplan, tenzij redelijkerwijs kan worden
                                        aangenomen dat daaraan geen behoefte is, en</al></li><li nr="b."><al>een begroting met inkomsten en uitgaven van de aanvrager
                                        voor zover deze betrekking hebben op de activiteiten
                                        waarvoor subsidie wordt gevraagd, tenzij deze voor de
                                        berekening van het bedrag van de subsidie niet van belang
                                        is.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij een eerste aanvraag voor verlening van een jaarlijkse subsidie
                                overlegt de aanvrager die een rechtspersoon is met volledige
                                rechtsbevoegdheid een afschrift van de oprichtingsakte van de
                                rechtspersoon, dan wel de statuten zoals deze laatstelijk zijn
                                gewijzigd en een verslag van de financiële positie. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Wanneer er een aanvraagformulier beschikbaar is, dient de aanvrager
                                hier gebruik van te maken. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Aanvraagtermijn</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De aanvraag voor een jaarlijkse subsidie wordt vóór 1 juni
                                voorafgaand aan het jaar waarin de activiteiten plaatsvinden bij het
                                college ingediend. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De aanvraag voor een eenmalige subsidie wordt ten minste acht weken
                                voordat met de activiteit of het project een begin wordt gemaakt
                                ingediend.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college kan bij nadere regel andere termijnen stellen voor het
                                indienen van een aanvraag voor daarbij aan te wijzen subsidies.
                            </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Beslistermijn</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college neemt vóór 31 december voorafgaand aan het jaar waarin
                                de activiteiten plaatsvinden een besluit op de aanvraag van een
                                jaarlijkse subsidie. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college beslist op de aanvraag voor een eenmalige subsidie
                                binnen acht weken na ontvangst van de aanvraag. </al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3</nr><titel>Weigering van de subsidie</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Weigeringsgronden</titel></kop><al>Het college kan de subsidie naast de in artikel 4:25 en artikel 4:35 van
                            de wet genoemde gronden weigeren wanneer gegronde redenen bestaan om aan
                            te nemen dat: </al><lijst><li nr="1."><al>de activiteiten van de aanvrager niet gericht zullen zijn op de
                                    gemeente of niet aanwijsbaar ten goede komen aan ingezetenen van
                                    de gemeente;</al></li><li nr="2."><al>de gelden niet of in onvoldoende mate besteed zullen worden voor
                                    het doel waarvoor de subsidie beschikbaar wordt gesteld;</al></li><li nr="3."><al>de aanvrager doelstellingen beoogt of activiteiten zal
                                    ontplooien die in strijd zijn met de wet, het algemeen belang,
                                    of de openbare orde; </al></li><li nr="4."><al>de subsidieverlening niet past binnen het beleid van de
                                    gemeente; </al></li><li nr="5."><al>de aanvrager ook zonder de subsidieverstrekking over voldoende
                                    gelden, hetzij uit eigen middelen, hetzij middelen van derden,
                                    kan beschikken om de kosten van de activiteiten te dekken. </al></li><li nr="6."><al>Onverminderd het bepaalde in de vorige leden zal de subsidie
                                    geweigerd worden:</al><lijst><li nr="a."><al>als de bezoldiging van de in dienst van aanvrager
                                            werkzame directieleden, bestuurder(s) of medewerkers
                                            (ingehuurd en interim) hoger is dan het salaris van de
                                            burgemeester (klasse 4 gemeente volgens het
                                            Rechtspositiebesluit burgemeesters);</al></li><li nr="b."><al>aanvrager weigert om te verklaren, dat zowel bij de
                                            indiening van de aanvraag als gedurende de looptijd van
                                            de subsidie, met alle bij aanvrager van toepassing
                                            zijnde honoreringen binnen de norm van het
                                            burgemeesterssalaris als bedoeld in sub. a zal worden
                                            gebleven.</al></li></lijst></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>4</nr><titel>Subsidieverlening</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Verlening jaarlijkse en eenmalige subsidie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een jaarlijkse subsidie kan voor maximaal vier jaren achtereen
                                worden verleend. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De verleningsbeschikking met betrekking tot de jaarlijkse en
                                eenmalige subsidie bevat in ieder geval: </al><lijst><li nr="a."><al>een aanduiding van het bedrag van de subsidie en het tijdvak
                                        waarvoor de subsidie wordt verleend; </al></li><li nr="b."><al>een beschrijving van de activiteit(en) waarvoor subsidie
                                        wordt verleend; </al></li><li nr="c."><al>een aanduiding van het tijdstip of de tijdstippen en de
                                        manier waarop de subsidie wordt uitbetaald.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Uitvoeringsovereenkomst</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De ontvanger van een jaarlijkse subsidie kan in de
                                verleningsbeschikking worden verplicht tot het sluiten van een
                                uitvoeringsovereenkomst. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De uitvoeringsovereenkomst geeft in elk geval aan op welke manier
                                het toekende bedrag jaarlijks geïndexeerd wordt. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>In de uitvoeringsovereenkomst wordt bepaald dat de subsidieontvanger
                                verplicht is de activiteit te leveren waarvoor de subsidie is
                                verleend. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Voorschotten</titel></kop><al>Het college kan voorschotten verlenen op verleende subsidies. Bij de
                            subsidieverlening wordt aangegeven of en op welke manier voorschotten
                            uitbetaald worden. </al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>5</nr><titel>Verplichtingen van de subsidieontvanger</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Meldingsplicht</titel></kop><al>De subsidieontvanger doet onverwijld melding aan het college zodra
                            aannemelijk is dat de activiteiten, waarvoor de subsidie is verleend,
                            niet of niet geheel zullen worden verricht of dat niet of niet geheel
                            aan de aan de beschikking tot subsidieverlening verbonden verplichtingen
                            zal worden voldaan.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Overige verplichtingen van de subsidieontvanger</titel></kop><al>De subsidieontvanger informeert het college zo spoedig mogelijk
                            schriftelijk over: </al><lijst><li nr="1."><al>besluiten of procedures die zijn gericht op de beëindiging van
                                    de activiteiten waarvoor subsidie is verleend, dan wel indien
                                    van toepassing van de ontbinding van de rechtspersoon en/of
                                    wijziging van de statuten; </al></li><li nr="2."><al>relevante wijzigingen in de financiële en organisatorische
                                    verhouding met derden;</al></li><li nr="3."><al>ontwikkelingen die er toe kunnen leiden dat aan de beschikking
                                    tot subsidieverlening verbonden voorwaarden geheel of
                                    gedeeltelijk niet kunnen worden nagekomen.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>6</nr><titel>Verantwoording en subsidievaststelling</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Verantwoording subsidies tot € 5.000</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Subsidies tot € 5.000 worden door het college direct vastgesteld,
                                zonder voorafgaande subsidieverlening. Het college beslist binnen
                                acht weken op de aanvraag.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De vaststellingsbeschikking bevat in ieder geval:</al><lijst><li nr="a."><al>een aanduiding van het bedrag van de subsidie;</al></li><li nr="b."><al>een beschrijving van de activiteit(en) waarvoor een subsidie
                                        wordt verstrekt;</al></li><li nr="c."><al>de wijze van uitbetaling van de subsidie.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De gemeente behoudt zich het recht voor steekproefsgewijs te
                                controleren of de activiteit, waarvoor subsidie is verstrekt, is
                                verricht.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Verantwoording subsidies vanaf € 5.000 tot € 50.000</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Indien de subsidieverlening meer bedraagt dan € 5.000, maar minder
                                dan € 50.000, dient de subsidieontvanger een aanvraag tot
                                vaststelling in bij het college:</al><lijst><li nr="a."><al>bij een jaarlijks verstrekte subsidie, uiterlijk vóór 1 juni
                                        in het jaar na afloop van het kalenderjaar, respectievelijk
                                        vijf maanden na het subsidietijdvak, waarvoor de subsidie is
                                        verleend;</al></li><li nr="b."><al>bij een eenmalige subsidie, uiterlijk acht weken na het
                                        verricht zijn van de activiteiten.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De aanvraag tot vaststelling bevat een:</al><al>a. inhoudelijk verslag, waaruit blijkt dat de activiteiten, waarvoor
                                de subsidie is verleend, zijn verricht;</al></lid><lid><lidnr>b.</lidnr><al>overzicht van de activiteiten en de hieraan verbonden uitgaven en
                                inkomsten (financieel verslag) met toelichting.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college kan bepalen dat ook andere, of minder dan, de in dit
                                artikel bedoelde gegevens en bescheiden die voor de vaststelling van
                                belang zijn, worden overgelegd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Verantwoording subsidies vanaf € 50.000</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Indien de subsidieverlening meer bedraagt dan € 50.000, dient de
                                    subsidieontvanger een aanvraag tot vaststelling in bij het
                                    college:</al><lijst><li nr="a."><al>bij een jaarlijks verstrekte subsidie, uiterlijk vóór 1
                                            juni in het jaar na afloop van het kalenderjaar,
                                            respectievelijk vijf maanden na het subsidietijdvak,
                                            waarvoor de subsidie is verleend;</al></li><li nr="b."><al>bij een eenmalige subsidie, uiterlijk acht weken na het
                                            verricht zijn van de activiteiten.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>De aanvraag tot vaststelling bevat een:</al><lijst><li nr="a."><al>inhoudelijk verslag, waaruit blijkt dat de activiteiten
                                            waarvoor de subsidie is verleend, zijn verricht;</al></li><li nr="b."><al>overzicht van de activiteiten en de hieraan verbonden
                                            uitgaven en inkomsten (financieel verslag of
                                            jaarrekening);</al></li><li nr="c."><al>balans van het afgelopen subsidietijdvak met een
                                            toelichting daarop;</al></li><li nr="d."><al>accountantsverklaring als bedoeld in artikel 2:393 van
                                            het Burgerlijk Wetboek. </al></li></lijst></li></lijst><al>De accountant doet onderzoek naar de getrouwheid en rechtmatigheid van
                            het financieel verslag of de jaarrekening en legt de uitslag van zijn
                            onderzoek vast in de schriftelijke verklaring. Bij de verlening van de
                            subsidie kan worden bepaald, dat de opdracht aan de accountant tevens
                            strekt tot een onderzoek van de naleving van verplichtingen die aan de
                            subsidie verbonden zijn en de doelmatigheid van de bestedingen.</al><lijst><li nr=""><al>e.Het college kan ontheffing verlenen van het bepaalde onder
                                    d.</al></li><li nr="3."><al>Het college kan in de verleningsbeschikking bepalen dat ook
                                    andere, of minder dan, de in dit artikel bedoelde gegevens en
                                    bescheiden die voor de vaststelling van belang zijn, worden
                                    overgelegd.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Vaststelling subsidie</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het college beslist binnen dertien weken op een aanvraag tot
                                    vaststelling van een subsidie. </al></li><li nr="2."><al>Deze termijn kan eenmaal voor ten hoogste acht weken worden
                                    verdaagd.</al></li><li nr="3."><al>De subsidie kan lager worden vastgesteld wanneer: </al><lijst><li nr="a."><al>de activiteiten waarvoor subsidie is verleend niet of
                                            niet geheel hebben plaatsgevonden; </al></li><li nr="b."><al>de subsidieontvanger niet heeft voldaan aan de aan de
                                            subsidie verbonden verplichtingen; </al></li><li nr="c."><al>de subsidieontvanger onjuiste of onvolledige gegevens
                                            heeft verstrekt en de verstrekking van de juiste of
                                            volledige gegevens tot een andere beschikking op
                                            aanvraag zou hebben geleid; of </al></li><li nr="d."><al>de subsidieverlening anderszins onjuist was en de
                                            subsidieontvanger dit wist of behoorde te weten;</al></li></lijst></li><li nr="e."><al>blijkt dat subsidieontvanger gedurende de periode, waarop de
                                    subsidie betrekking heeft, aan in dienst van hem/haar werkzame
                                    directieleden, bestuurder(s) of medewerkers (ingehuurd en
                                    interim) een hogere bezoldiging heeft toegekend dan het salaris
                                    van de burgemeester (klasse 4 gemeente volgens het
                                    Rechtspositiebesluit burgemeesters);</al></li></lijst><al>de verlaging is in dat geval tenminste gelijk aan het bedrag van de
                            overschrijding van de geldende inkomensgrens in het kalenderjaar waarop
                            de verleningsbeschikking betrekking heeft.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Betaling</titel></kop><al>De subsidie wordt binnen vier weken na de subsidievaststelling betaald
                            onder verrekening van de eventueel betaalde voorschotten. </al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>7</nr><titel>Overige bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr><titel>Hardheidsclausule</titel></kop><al>In bijzondere gevallen, voor zover de toepassing van deze verordening
                            leidt tot een onbillijkheid van overwegende aard, kan het college
                            afwijken van het in deze verordening bepaalde. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr><titel>Overgangsbepaling</titel></kop><al>Op subsidies die vóór de inwerkingtreding van deze verordening zijn
                            verleend blijven de bepalingen van toepassing zoals die zijn opgenomen
                            in de Algemene subsidieverordening Tytsjerksteradiel 2013. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2016. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Gelijktijdig met de inwerkingtreding van deze verordening wordt de
                                Algemene subsidieverordening Tytsjerksteradiel 2013 ingetrokken.
                            </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>21</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening kan worden aangehaald als ‘Algemene subsidieverordening
                            Tytsjerksteradiel 2016’. </al><al/></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de raad van de gemeente
                        Tytsjerksteradiel van 17 december 2015.</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>De raad voornoemd, </ondertekening><ondertekening/><ondertekening>de griffier de voorzitter </ondertekening><ondertekening/><ondertekening>mr. S.K. Dijkstra drs. E.J. ter Keurs</ondertekening><ondertekening/></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>