<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR387427_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening reclamebelasting Grave 2016</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Grave</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-05-22</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Grave</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2015-112700.html?zoekcriteria=%3fzkt%3dUitgebreid%26pst%3dGemeenteblad%26vrt%3dVerordening%2breclamebelasting%2bGrave%2b2016%26zkd%3dInDeGeheleText%26dpr%3dAlle%26spd%3d20151222%26epd%3d20151222%26sdt%3dDatumPublicatie%26org%3dGrave%26orgt%3dgemeente%26planId%3d%26pnr%3d1%26rpp%3d10&amp;resultIndex=0&amp;sorttype=1&amp;sortorder=4">Gemeenteblad d.d. 26 november 2015 nr. 112700</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening reclamebelasting Grave 2016</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0005416">Gemeentewet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2015-11-10</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2016-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2017-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>geen</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening reclamebelasting Grave 2016</intitule><regeling><aanhef><preambule><al><vet>Gemeente Grave - Verordening op de heffing en invordering van
                            reclamebelasting grave 2016 </vet></al><al/><al/><al>De raad van de gemeente Grave</al><al/><al>gezien het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 29 september
                        2015;</al><al/><al>gelet op artikel 227 van de Gemeentewet;</al><al/><al><vet>besluit:</vet></al><al/><al>vast te stellen de volgende verordening:</al><al/><al/><al>VERORDENING OP DE HEFFING EN INVORDERING VAN RECLAMEBELASTING GRAVE
                        2016</al><al>(VERORDENING RECLAMEBELASTING GRAVE 2016)</al><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>Deze verordening verstaat onder:</al><lijst><li nr="a."><al>reclameobject: een openbare aankondiging in letters, symbolen of
                                kleuren, of een combinatie daarvan, zichtbaar vanaf de openbare
                                weg;</al></li><li nr="b."><al>bouwwerk: elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal
                                of ander materiaal, welke op de plaats van bestemming hetzij direct
                                of indirect met de grond verbonden is, hetzij directe of indirecte
                                steun vindt in of op de grond;</al></li><li nr="c."><al>vestiging:</al><lijst><li nr="1."><al>een onroerende zaak als bedoeld in hoofdstuk III van de Wet
                                        waardering onroerende zaken of een deel daarvan, dat door
                                        één organisatie of bedrijf wordt gebruikt;</al></li><li nr="2."><al>verschillende onroerende zaken, als bedoeld in artikel 16
                                        van de Wet waardering onroerende zaken, die direct naast
                                        elkaar gelegen zijn en door één organisatie of bedrijf
                                        tezamen voor één doel worden gebruikt;</al></li></lijst></li><li nr="d."><al>voorziening: specifiek hulpmiddel bestemd voor het aanbrengen van
                                één of meer (al dan niet wisselende) openbare aankondigingen;</al></li><li nr="e."><al>jaar: een kalenderjaar.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Gebiedsomschrijving</titel></kop><al>Deze verordening is van toepassing binnen het gebied van de gemeente Grave,
                        zoals aangegeven op de bij deze verordening behorende en daarvan deel
                        uitmakende kaart (Bijlage 1).</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Belastbaar feit</titel></kop><al>Onder de naam reclamebelasting wordt binnen het gebied als bedoeld in
                        artikel 2 een directe belasting geheven voor openbare aankondigingen
                        zichtbaar vanaf de openbare weg.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Belastingplicht</titel></kop><al>De reclamebelasting wordt geheven van de gebruiker van de vestiging waarop
                        en/of waarbij één of meer reclameobjecten zijn aangebracht.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Maatstaf van heffing en belastingtarief</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De reclamebelasting wordt geheven per vestiging.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Als de vestiging gelijk is aan de onroerende zaak, als bedoeld in
                            artikel 16 van de Wet waardering onroerende zaken, bedraagt de
                            heffingsmaatstaf 0,2015 % van de op de voet van hoofdstuk IV van de Wet
                            waardering onroerende zaken voor de onroerende zaak vastgestelde
                            WOZ-waarde voor het betreffende kalenderjaar, met een minimum van €
                            201,50 en een maximum van € 403.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>In afwijking van het tweede lid bedraagt de heffingsmaatstaf, als de
                            vestiging deel uitmaakt van één of meerdere onroerende za(a)k(en), als
                            bedoeld in artikel 16 van de Wet waardering onroerende zaken, 0,2015 %
                            van het deel van de WOZ-waarde dat voor het betreffende kalenderjaar aan
                            de vestiging kan worden toegekend, met een minimum van € 201,50 en een
                            maximum van € 403. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>In afwijking van het tweede lid bedraagt de heffingsmaatstaf voor een
                            vestiging die bestaat uit meer dan één onroerende zaak, als bedoeld in
                            artikel 16 van de Wet waardering onroerende zaken, 0,2015 % van de op
                            voet van hoofdstuk IV van de Wet waardering onroerende zaken
                            vastgestelde gezamenlijke WOZ-waarden, met een minimum van € 201,50 en
                            een maximum van € 403.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Bij de bepaling van de heffingsmaatstaf wordt buiten aanmerking gelaten
                            de waarde van delen van de vestiging die in hoofdzaak tot woning dienen
                            dan wel in hoofdzaak dienstbaar zijn aan woondoeleinden.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Als met betrekking tot een onroerende zaak geen WOZ-waarde is
                            vastgesteld op de voet van hoofdstuk IV van de Wet waardering onroerende
                            zaken wordt de heffingsmaatstaf van die onroerende zaak bepaald met
                            overeenkomstige toepassing van het bepaalde bij of krachtens de
                            artikelen 17, 18 en 20, tweede lid, van de Wet waardering onroerende
                            zaken.</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>Als de WOZ-waarde voor het betreffende jaar naar beneden wordt
                            bijgesteld, wordt de aanslag ambtshalve verminderd als de lagere
                            WOZ-waarde leidt tot een lager belastingbedrag voor de
                            reclamebelasting.</al></lid><lid><lidnr>8.</lidnr><al>Het minimum- en maximumbedrag als bedoeld in lid 2 wordt in ieder geval
                            ongewijzigd gehanteerd voor de belastingjaren 2014 tot en met 2016.
                            Alleen als een nieuwe stemming plaatsvindt en de meerderheid van de
                            aanwezige ondernemers zich als voorstander uitspreekt, is het mogelijk
                            deze bedragen binnen deze periode te wijzigen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Belastingtijdvak</titel></kop><al>Het belastingtijdvak is gelijk aan het kalenderjaar.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De belastingschuld ontstaat bij het begin van het heffingstijdvak.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Als de belastingschuld na het begin van het belastingtijdvak aanvangt,
                            ontstaat de belastingschuld bij aanvang van de belastingplicht.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Als de belastingschuld in de loop van het belastingtijdvak aanvangt, is
                            de reclamebelasting verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van de
                            voor dat jaar verschuldigde reclamebelasting als er in dat jaar, na het
                            tijdstip van de aanvang van de belastingplicht, nog volle
                            kalendermaanden overblijven.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Als de belastingplicht in de loop van het kalenderjaar eindigt, wordt de
                            aanslag op verzoek van belastingplichtige verminderd met zoveel
                            twaalfden gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde reclamebelasting
                            als er in dat jaar, na het tijdstip van de beëindiging van de
                            belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven. </al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Belastingbedragen van € 9,00 of minder worden niet geheven of
                            ingevorderd.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Voor de toepassing van het bepaalde in het vierde lid wordt het totaal
                            van de op één aanslagbiljet verenigde verschuldigde bedragen
                            reclamebelasting of andere heffingen aangemerkt als één
                            belastingbedrag.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Wijze van heffing</titel></kop><al>De reclamebelasting wordt geheven bij wege van aanslag.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Vrijstellingen</titel></kop><al>De reclamebelasting wordt niet geheven voor openbare aankondigingen:</al><lijst><li nr="a."><al>die korter dan 13 weken aanwezig zijn, tenzij deze openbare
                                aankondigingen zijn aangebracht in een voorziening waarin, waaraan
                                of waarop wisselende openbare aankondigingen worden aangebracht, die
                                individueel korter dan dertien weken zijn, maar waarbij de
                                verschillende openbare aankondigingen gezamenlijk dertien weken of
                                meer aanwezig zijn;</al></li><li nr="b."><al>die als algemene bewegwijzering waarmee een algemeen belang wordt
                                gediend, kunnen worden aangemerkt;</al></li><li nr="c."><al>die door de gemeente of in opdracht van de gemeente zijn geplaatst
                                of aangebracht, als en voor zover de openbare aankondiging geschiedt
                                ter uitvoering van de publieke taak;</al></li><li nr="d."><al>die door (semi-)overheden of culturele, maatschappelijke of daarmee
                                gelijk te stellen lichamen met ideële doelstellingen zijn
                                aangebracht en betrekking hebben op activiteiten die uitsluitend een
                                cultureel, maatschappelijk, charitatief of ideëel belang dienen;
                            </al></li><li nr="e."><al>aangebracht door of namens winkeliersverenigingen of
                                centrummanagement, waarbij het reclameobject uitsluitend bestaat uit
                                een vlag, banier of zuil met de naam van de winkeliersvereniging of
                                het centrummanagement;</al></li><li nr="f."><al>aangebracht op bouwterreinen, voor zover deze opschriften
                                rechtstreeks betrekking hebben op de op dat terrein in uitvoering
                                zijnde bouwwerkzaamheden;</al></li><li nr="g."><al>die door politieke partijen zijn aangebracht en die een ideëel
                                belang dienen;</al></li><li nr="h."><al>die onderdeel uitmaken van voor de verkoop of verhuur bestemde
                                artikelen en producten in een etalage of in de winkel;</al></li><li nr="i."><al>bestemd voor de verkoop of verhuur van onroerende zaken, indien deze
                                aanwezig zijn in de onmiddellijke nabijheid van de te verkopen of te
                                verhuren zaak;</al></li><li nr="j."><al>aangebracht op scholen, zorginstellingen, ziekenhuizen, kerken en
                                moskeeën, en die uitsluitend betrekking hebben op de functie van het
                                gebouw.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Termijnen van betaling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De aanslagen moeten worden betaald uiterlijk op de laatste dag van de
                            maand volgende op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet
                            is vermeld.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In afwijking in zoverre van het eerste lid geldt, ingeval het
                            totaalbedrag van de op één aanslagbiljet verenigde aanslagen, of als het
                            aanslagbiljet maar één aanslag bevat het bedrag daarvan meer is dan €
                            35,00 of minder dan € 4.000,00 dat de aanslagen moeten worden betaald in
                            drie gelijke maandelijkse termijnen waarvan de eerste termijn vervalt op
                            de laatste dag van de maand volgende op de maand die in de dagtekening
                            van het aanslagbiljet is vermeld en elk van de volgende termijnen
                            telkens een maand later. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>In gevallen bedoeld in het tweede lid geldt in afwijking in zoverre van
                            het aldaar bepaalde, zolang de verschuldigde bedragen door middel van
                            automatische betalingsincasso van de betaalrekening van de
                            belastingschuldige kunnen worden afgeschreven, dat de aanslagen moeten
                            worden betaald in elf gelijke termijnen waarvan de eerste termijn
                            vervalt op de laatste dag van de maand volgende op de maand die in de
                            dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en elk van de volgende
                            termijnen telkens een maand later. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande
                            leden gestelde termijnen</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Kwijtschelding</titel></kop><al>Van deze belasting wordt geen kwijtschelding verleend. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders</titel></kop><al>Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met
                        betrekking tot de heffing en de invordering van de reclamebelasting.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Overgangsrecht</titel></kop><al>De “Verordening Reclamebelasting Grave 2014 ” vastgesteld bij raadsbesluit
                        van 17 december 2013, laatstelijk gewijzigd bij raadsbesluit van 16 december
                        2014, wordt ingetrokken met ingang van de in artikel 14 genoemde datum van
                        ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op
                        de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die
                            van de bekendmaking. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2016.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening reclamebelasting Grave
                        2016.</al><al/></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus besloten door de raad van de gemeente Grave in zijn openbare
                        vergadering van 10 november 2015.</ondertekening><ondertekening/><ondertekening/><ondertekening>De raad voornoemd,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening/><ondertekening>S.A. de Best-Boere</ondertekening><ondertekening>griffier </ondertekening><ondertekening/><ondertekening>A.M.H. Roolvink</ondertekening><ondertekening>voorzitter</ondertekening><ondertekening/><ondertekening/></regeling-sluiting><bijlage><kop><titel>Bijlage 1 behorende bij Verordening reclamebelasting 2016.</titel></kop><al/><al><plaatje><illustratie id="i8dec7072-99e8-4bd8-8568-edb6063ae809" naam="i264213i8dec7072-99e8-4bd8-8568-edb6063ae809.jpg" type="foto" breedte="15.9cm" hoogte="12.9cm"/></plaatje></al><al/><al/><al>Deze bijlage behoort bij het besluit tot vaststelling van de Verordening
                    reclamebelasting Grave 2016 van de raad van de gemeente Grave van 10 november
                    2015.</al><al/><al>Mij bekend,</al><al/><al>de griffier</al><al/><al/></bijlage></regeling></body></cvdr>