<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR386011_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening toeristenbelasting 2016</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Zevenaar</dcterms:creator><dcterms:modified>2016-01-01</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Zevenaar</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Zevenaar Post 23 december
                2015</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening toeristenbelasting 2016</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Artikel 224 en 255 Gemeentewet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2015-12-21</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2016-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2016-12-30</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>IN15.01995</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>De 'Verordening Toeristenbelasting 2015', vastgesteld bij raadsbesluit van 17 december 2014, wordt ingetrokken met ingang van de in artikel 14, tweede lid, genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening toeristenbelasting 2016</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Zevenaar;</al><al/><al>gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 10 november 2015,
                        nr. IN15.01995 ;</al><al/><al>gelet op de artikelen 224 en 255 van de Gemeentewet;</al><al/><al><vet>besluit:</vet></al><al/><al>vast te stellen de:</al><al/><al><vet>Verordening op de heffing en de invordering van toeristenbelasting
                            2016</vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>– Belastbaar feit</titel></kop><al>Onder de naam 'toeristenbelasting' wordt een directe belasting geheven voor
                        het houden van verblijf met overnachting binnen de gemeente tegen een
                        vergoeding in welke vorm dan ook door personen die niet als ingezetene met
                        een adres in de gemeente in de basisregistratie personen zijn
                        ingeschreven.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>– Belastingplicht</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Belastingplichtig is degene die gelegenheid biedt tot verblijf als
                            bedoeld in artikel 1.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De belastingplichtige is bevoegd de belasting als zodanig te verhalen op
                            degene die verblijf houdt als bedoeld in artikel 1.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Als er geen persoon is aan te wijzen die gelegenheid biedt tot verblijf,
                            is degene belastingplichtig die verblijf houdt als bedoeld in artikel
                            1.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>– Vrijstellingen</titel></kop><al>De belasting wordt niet gegeven voor het verblijf:</al><lijst><li nr="1."><al>van degene die verblijft in een toegelaten instelling als bedoeld in
                                artikel 5, eerste lid, van de Wet Toelating Zorginstellingen;</al></li><li nr="2."><al>van een vreemdeling als bedoeld in artikel 29, eerste lid, van de
                                Vreemdelingenwet 2000, die rechtmatig in Nederland verblijft in de
                                zin van artikel 8, letters c, d, f, g, h, van voornoemde wet, en
                                voor zover deze persoon verblijf houdt als bedoeld in artikel 1 van
                                de Verordening, onder verantwoordelijkheid van het Centraal Orgaan
                                opvang Asielzoekers;</al></li><li nr="3."><al>van degene die verblijf houdt in een gemeubileerde woning voor welk
                                verblijf forensenbelasting is verschuldigd.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>– Maatstaf van de heffing</titel></kop><al>De belasting wordt geheven naar het aantal nachten in het belastingjaar. Het
                        aantal overnachtingen wordt gesteld op het aantal overnachtende personen
                        vermenigvuldigd met het aantal nachten. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>– Forfaitaire berekeningswijze van de maatstaf van heffing</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Voor de toepassing van dit artikel wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>kampeermiddel: tent, tentwagen, kampeerauto, caravan dan wel
                                    enig ander onderkomen of ander voertuig of gewezen voertuig of
                                    een gedeelte daarvan, voor zover geen bouwwerk zijnde waarvoor
                                    een omgevingsvergunning voor een bouwactiviteit als bedoeld in
                                    artikel 2.1, eerste lid, onderdeel a, Wet algemene bepalingen
                                    omgevingsrecht is vereist; een en ander voor zover deze
                                    onderkomens of voertuigen geheel of ten dele blijvend zijn
                                    bestemd of opgericht dan wel worden of kunnen worden gebruikt
                                    voor recreatief nachtverblijf.</al></li><li nr="b."><al>kampeerterrein: terrein of plaats, geheel of gedeeltelijk
                                    ingericht, en volgens die inrichting bestemd, om daarop
                                    gelegenheid te geven tot het plaatsen of geplaatst houden van
                                    kampeermiddelen merendeels ten behoeve van recreatief
                                    nachtverblijf.</al></li><li nr="c."><al>vaste standplaats: een terrein of terreingedeelte dat deel
                                    uitmaakt van een kampeerterrein en dat ter beschikking wordt
                                    gesteld voor de plaatsing van eenzelfde kampeermiddel gedurende
                                    een seizoen of een jaar.</al></li><li nr="d."><al>volgtijdige standplaats: een terrein of terreingedeelte dat deel
                                    uitmaakt van een kampeerterrein en dat ter beschikking wordt
                                    gesteld voor de volgtijdige plaatsing van verschillende
                                    kampeermiddelen.</al></li><li nr="e."><al>woning: een huis, een naar aard en inrichting vergelijkbaar
                                    ander onderkomen of een deel van een huis of een vergelijkbaar
                                    onderkomen.</al></li><li nr="f."><al>particulier: een natuurlijk persoon die buiten de uitoefening
                                    van een bedrijf of beroep gelegenheid biedt tot verblijf.</al></li><li nr="g."><al>particulier verhuurde woning: een woning die door een
                                    particulier ter beschikking wordt gesteld voor het houden van
                                    verblijf met overnachting tegen een vergoeding in welke vorm dan
                                    ook.</al></li><li nr="h."><al>recreatiewoning: een woning die volgtijdig ter beschikking wordt
                                    gesteld in het kader van het vakantie- en recreatiebedrijf voor
                                    het houden van verblijf met overnachting tegen een vergoeding in
                                    welke vorm dan ook.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Voor particulier verhuurde woningen, recreatiewoningen en voor
                            kampeermiddelen op vaste stand-plaatsen kan het aantal overnachtingen
                            bedoeld in artikel 4 op een bij de aangifte gedaan verzoek van de
                            belastingplichtige forfaitair worden vastgesteld. Bij de forfaitaire
                            vaststelling wordt het aantal overnachtingen gesteld op het aantal
                            overnachtende personen vermenigvuldigd met het aantal nachten,
                            overeenkomstig het bepaalde in het derde lid.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bij de forfaitaire berekening voor particulier verhuurde woningen,
                            recreatiewoningen en kampeermiddelen op vaste standplaatsen wordt het
                            aantal personen dat heeft overnacht bepaald op 3, en het aantal malen
                            dat is overnacht op 60.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>– Belastingtarief</titel></kop><al>Het tarief bedraagt per overnachting € 1,05.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>– Belastingjaar</titel></kop><al>Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>- Wijze van heffing</titel></kop><al>De belasting wordt bij wege van aanslag geheven.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>– Aanslaggrens</titel></kop><al>Een belastingaanslag wordt niet opgelegd als het aantal overnachtingen,
                        waartoe gelegenheid wordt of is gegeven, tijdens het belastingjaar minder
                        dan tien zal of heeft belopen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>– Termijnen van betaling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990
                            moeten de aanslagen worden betaald uiterlijk twee maanden na de
                            dagtekening van het aanslagbiljet.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in de in het
                            eerste lid gestelde termijn.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>– Kwijtschelding</titel></kop><al>Bij de invordering van toeristenbelasting wordt geen kwijtschelding
                        verleend.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>– Nadere regels door het college van burgemeester en
                            wethouders</titel></kop><al>Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven voor de
                        heffing en invordering van de toeristenbelasting.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>– Overgangsbepaling</titel></kop><al>De “Verordening toeristenbelasting 2015”, vastgesteld bij raadsbesluit van
                        17 december 2014, wordt ingetrokken met ingang van de in artikel 14, tweede
                        lid, genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij
                        van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben
                        voorgedaan.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>– Inwerkingtreding</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van de dag na die van de
                            bekendmaking.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2016.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>– Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening kan worden aangehaald als “Verordening toeristenbelasting
                        2016”. </al></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><slotformulering><al>Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad van de gemeente
                        Zevenaar,</al><al>gehouden op 21 december 2015.</al></slotformulering><ondertekening>De griffier, De voorzitter,</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>