<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR385901_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op de heffing en invordering van afvalstoffen</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Woensdrecht</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-05-22</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Woensdrecht</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="http://www.woensdrecht.nl/internet/gemeenteblad_42497/item/gemeenteblad-2015-nr-60-17-12-2015-verordening-afvalstoffenheffing-woensdrecht-2016_112963.html">Gemeenteblad 2015 - nr. 60</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening afvalstoffenheffing Woensdrecht 2016</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/BWBR0003245/Hoofdstuk15/Titel159/Artikel1533/">Wet milieubeheer, art. 15:33</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2015-12-03</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2015-12-18</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2017-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe verordening</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Z15.04460</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>2015-088-5</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Deze regeling is vervangen door de <extref doc="1.1:CVDR425730_1">Verordening afvalstoffenheffing Woensdrecht 2017</extref>.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening op de heffing en invordering van afvalstoffen</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Woensdrecht;</al><al>gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 27
                        oktober 2015;</al><al>gelet op artikel 15.33 van de Wet milieubeheer;</al><al><vet>Besluit:</vet></al><al>vast te stellen de volgende:</al><al><vet>VERORDENING OP DE HEFFING EN INVORDERING VAN
                        AFVALSTOFFENHEFFING</vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijving</titel></kop><al>Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder: gebruik maken:
                        gebruik maken in de zin van artikel 15.33 van de Wet milieubeheer</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Aard van de belasting en belastbaar feit</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Onder de naam 'afvalstoffenheffing' wordt een directe belasting geheven
                            als bedoeld in artikel 15.33 van de Wet milieubeheer.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>De afvalstoffenheffing als bedoeld in deze verordening en de daarbij
                            behorende tarieventabel wordt naar afzonderlijke grondslagen geheven ter
                            zake van het gebruik maken van een perceel ten aanzien waarvan krachtens
                            de artikelen 10.21 en 10.22 van de Wet milieubeheer een verplichting tot
                            het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen geldt</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Belastingplicht</titel></kop><al>De belasting wordt geheven van degene die in de gemeente naar de
                        omstandigheden beoordeeld al dan niet krachtens eigendom, bezit, beperkt
                        recht of persoonlijk recht gebruik maakt van een perceel ten aanzien waarvan
                        ingevolge de artikelen 10.21 en 10.22 van de Wet milieubeheer een
                        verplichtingtot het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen geldt.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Vrijstelling</titel></kop><al>Van belastingplichtigen door wie blijkens schriftelijke verklaring van
                        huisarts of medisch specialist of kopie van een afleverbon/factuur/recept
                        als gevolg van een stoma, thuisdialyse of chronische wondverzorging extra
                        afvalstoffen worden aangeboden worden vrijgesteld:</al><al>a. 10 ledigingen van de restafval container;</al><al>b. 55 aanbiedingen aan de ondergrondse restafvalcontainer.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Maatstaf van heffing en belastingtarief</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>De belasting wordt geheven naar de grondslagen genoemd in lid 2 van dit
                            artikel en de tarieven opgenomen in de bij deze verordening behorende
                            tarieventabel.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>De grondslagen van de belasting zijn:</al><al>a. Een vast bedrag per perceel;</al><al>b. Het aantal ledigingen en inworpen van de periodiek ingezamelde
                            afvalstoffen per perceel;</al><al>c. Het achterlaten op de milieustraat van afvalstoffen als bedoeld in de
                            hoofdstuk 3 van de bij deze verordening behorende tarieventabel.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Belastingjaar</titel></kop><al>Met betrekking tot de belasting die per jaar wordt geheven is het
                        belastingjaar gelijk aan het kalenderjaar.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Wijze van heffing</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>De belasting bedoeld in artikel 5, lid 2, letter a en b, de hoofdstukken
                            1 en 2 van de bij deze verordening behorende tarieventabel worden
                            geheven bij wege van aanslag.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>De belasting bedoeld in artikel 5, lid 2, letter c, hoofdstuk 3 van de
                            bij deze verordening behorende tarieventabel worden geheven door middel
                            van een mondelinge dan wel een schriftelijke gedagtekende
                            kennisgeving.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>De belasting als bedoeld in artikel 5, eerste lid, letter a is
                            verschuldigd bij het begin van het belastingjaar of, zo dit later is,
                            bij de aanvang van de belastingplicht.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>Indien de belastingplicht als bedoeld in het eerste lid van dit artikel,
                            in de loop van het belastingjaar aanvangt, is de belasting verschuldigd
                            voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde
                            belasting als er in dat jaar, na aanvang van de belastingplicht, nog
                            volle kalendermaanden overblijven.</al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al>Indien de belastingplicht, als bedoeld in het eerste lid van dit
                            artikel, in de loop van het belastingjaar eindigt, bestaat aanspraak op
                            ontheffing voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar
                            verschuldigde belasting als er in dat jaar, na het einde van de
                            belasting plicht, nog volle kalendermaanden overblijven.</al></lid><lid><lidnr>4</lidnr><al>Het tweede en het derde lid zijn niet van toepassing indien de
                            belastingplichtige binnen de gemeente verhuist en aldaar van een ander
                            perceel gebruik maakt.</al></lid><lid><lidnr>5</lidnr><al>De belasting als bedoeld in artikel 5, lid 2, letter b, is verschuldigd
                            na afloop van het belastingjaar of eerder indien de belastingplicht
                            binnen de gemeente wordt beëindigd in de loop van het
                            belastingjaar.</al></lid><lid><lidnr>6</lidnr><al>De belasting als bedoeld in artikel 5, lid 2, letter c, is verschuldigd
                            bij de aanvraag van de tegoeden op de saverpas.</al></lid><lid><lidnr>7</lidnr><al>Voor de bij wege van aanslag geheven belasting geldt dat
                            belastingbedragen van minder dan € 10,00 niet worden geheven. Voor de
                            toepassing van de vorige volzin wordt het totaal van op een
                            aanslagbiljet verenigde aanslagen aangemerkt als één
                            belastingbedrag.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Termijnen van betaling</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990
                            moeten de aanslagen worden betaald in twee gelijke termijnbedragen
                            waarvan de eerste vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de
                            maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en de
                            tweede twee maanden na de eerste vervaldatum.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>Indien een bestuurlijke boete is opgelegd, dan is het bedrag inzake die
                            bestuurlijke boete invorderbaar in twee gelijke termijnbedragen waarvan
                            de eerste vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die
                            in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en de tweede twee
                            maanden na de eerste vervaldatum.</al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al>In afwijking van het bepaalde in het eerste en het tweede lid geldt, in
                            geval het totaalbedrag van alle op één aanslagbiljet verenigde aanslagen
                            meer bedraagt dan € 10.000, dat dit bedrag en een bestuurlijke boete op
                            dit aanslagbiljet moeten worden betaald op de laatste dag van de maand
                            volgend op die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld.</al></lid><lid><lidnr>4</lidnr><al>In afwijking van het bepaalde in het eerste en tweede lid van dit
                            artikel geldt, ingeval machtiging is verleend tot automatische incasso
                            en het totaalbedrag van de op één aanslagbiljet verenigde aanslagen €
                            100,00 of meer, doch niet meer dan € 10.000,00 bedraagt, dat de
                            aanslagen moeten worden betaald in tien gelijke termijnbedragen, waarvan
                            de eerste vervalt op de 28e dag van elke maand volgende op de maand die
                            in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en elk van de
                            volgende termijnen telkens een maand later.</al></lid><lid><lidnr>5</lidnr><al>De in het vierde lid bedoelde machtiging tot automatische incasso wordt
                            geacht niet te zijn verleend indien twee van de tien termijnen niet zijn
                            betaald doordat automatische incasso van de betaalrekening van de
                            belastingschuldige niet mogelijk blijkt dan wel binnen 56 dagen na
                            afschrijving zijn gestorneerd. Alsdan geldt de betaaltermijn als bedoeld
                            in het eerste lid .</al></lid><lid><lidnr>6</lidnr><al>In afwijking van de voorgaande leden moet de kennisgeving als bedoeld in
                            artikel 7, tweede lid, worden betaald op het moment van de boeking van
                            de tegoeden op de saverpas.</al></lid><lid><lidnr>7</lidnr><al>De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande
                            leden gestelde termijnen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Nadere regels door het Dagelijks Bestuur</titel></kop><al>Het Dagelijks Bestuur van de Belastingsamenwerking West-Brabant kan nadere
                        regels geven met betrekking tot de heffing en de invordering van de
                        afvalstoffenheffing.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Kwijtschelding</titel></kop><al>Bij de invordering van de belasting wordt kwijtschelding verleend van de
                        belasting als bedoeld in hoofdstuk 1 en hoofdstuk 2 van de bij deze
                        verordening behorende tarieventabel. Voor de kwijt te schelden belasting
                        bedoeld in hoofdstuk 2 geldt dat maximaal 50 % van de verschuldigde
                        belasting kan worden kwijtgescholden.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Overgangsrecht en inwerkingtreding</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>De 'Verordening afvalstoffenheffing Woensdrecht 2015", vastgesteld bij
                            raadsbesluit van 6 november 2014, wordt ingetrokken met ingang van de in
                            het derde lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien
                            verstande, dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die
                            zich voor die datum hebben voorgedaan.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die
                            van de bekendmaking.</al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al>De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2016.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als: "Verordening afvalstoffenheffing
                        Woensdrecht 2016".</al><al/><al/></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 3 december 2015.</ondertekening><ondertekening>De griffier, De voorzitter,</ondertekening></regeling-sluiting><bijlage><kop><label>Tarieventabel bij de Verordening afvalstoffenheffing Woensdrecht 2016</label><nr/><titel/></kop><al>Tarieventabel behorende bij de verordening afvalstoffenheffing gemeente
                    Woensdrecht 2016 </al><al/><al><vet>Hoofdstuk 1 Tarieven vast bedrag afvalstoffenheffing </vet></al><al>1.1 De belasting bedraagt per perceel, per belastingjaar € 157,00 </al><al/><al>Hoofdstuk 2 Tarieven hoeveelheid periodiek ingezamelde afvalstoffenheffing </al><al>2.1 De belasting als bedoeld in artikel 5, lid 2 onder b, bedraagt per perceel:
                    2.1.1 per lediging van een 240 liter restafvalcontainer € 4,75</al><al>2.1.2 per lediging van een 140 liter restafvalcontainer € 2,80</al><al>2.1.3 per inworp in een ondergrondse afvalcontainer € 0,60</al><al/><al><vet>Hoofdstuk 3 Tarieven milieustraat Saverpas </vet></al><al>3.1 De belasting voor het gebruik van de milieustraat bedraagt:</al><al> 3.1.1 Voor het 3e tegoed op de saverpas € 10,00</al><al>3.1.2 Voor het 4e en 5e tegoed, per tegoed op de saverpas € 25,00</al><al>3.1.3 Voor het 6e en volgende tegoed, per tegoed op de saverpas € 45,00</al><al/><al>Behorende bij raadsbesluit van 3 december 2015 </al><al>De griffier,</al><al/></bijlage></regeling></body></cvdr>