<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR385862_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op de heffing en invordering van forensenbelasting</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Woensdrecht</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-05-22</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Woensdrecht</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="http://www.woensdrecht.nl/internet/gemeenteblad_42497/item/gemeenteblad-2015-nr-58-17-12-2015-verordening-forensenbelasting-woensdrecht-2016_112955.html">Gemeenteblad 2015 - nr. 58</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening forensenbelasting Woensdrecht 2016</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/BWBR0005416/TitelIV/HoofdstukXV/3/Artikel223/">Gemeentewet, art. 223</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2015-12-03</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2015-12-18</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2017-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe verordening</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Z15.04460</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>2015-088-2</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Deze regeling is vervangen door de <extref doc="1.1:CVDR425807_1">Verordening forensenbelasting Woensdrecht 2017</extref>.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening op de heffing en invordering van forensenbelasting</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Woensdrecht;</al><al>gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 27
                        oktober 2015;</al><al>gelet op artikel 223 van de Gemeentewet;</al><al><vet>BESLUIT:</vet></al><al>vast te stellen de:</al><al><vet>VERORDENING OP DE HEFFING EN INVORDERING VAN
                        FORENSENBELASTING</vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijving</titel></kop><al>Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder woning: een
                        gemeubileerde woning als bedoeld in artikel 223 van de Gemeentewet.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Aard van de belasting en belastbaar feit.</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Onder de naam 'forensenbelasting' wordt een directe belasting geheven
                            van de natuurlijke personen, die, zonder in de gemeente hoofdverblijf te
                            hebben, er op meer dan 90 dagen van het belastingjaar voor zich of hun
                            gezin een gemeubileerde woning beschikbaar houden.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>Of iemand in de gemeente hoofdverblijf heeft, wordt naar de
                            omstandigheden beoordeeld.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Vrijstellingen</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Niet belastingplichtig is degene die ter tijdelijke waarneming van een
                            openbare betrekking of ter bijwoning van de vergaderingen van een
                            vertegenwoordigend openbaar lichaam, waarvan hij het lidmaatschap
                            bekleedt, dan wel ingevolge last of bevel van de overheid, buiten de
                            gemeente van zijn hoofdverblijf vertoeft.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>De belasting wordt niet geheven ter zake van een gemeubileerde woning
                            waarin gelegenheid tot verblijf wordt geboden terzake waarvan
                            toeristenbelasting is verschuldigd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Maatstaf van heffing</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>De belasting wordt geheven naar de heffingsmaatstaf voor de
                            onroerende-zaakbelastingen zoals die voor het belastingobject waarvan de
                            woning deel uitmaakt voor het belastingjaar is vastgesteld.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>Ingeval geen heffingsmaatstaf voor de onroerende-zaakbelastingen is
                            vastgesteld, wordt de belasting berekend naar de waarde.</al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al>De vaststelling van de waarde geschiedt overeenkomstig de regels voor de
                            in de artikelen 220 tot en met 220h van de Gemeentewet bedoelde
                            belastingen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Belastingtarief</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>De belasting bedraagt 2,12 promille per jaar van de heffingsmaatstaf
                            voor de onroerendezaakbelastingen of de waarde zoals bedoeld in artikel
                            4, lid 2 en 3, van deze verordening.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>De belasting bedraagt per jaar per woning minimaal € 100,00 en maximaal
                            € 630,00.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Belastingjaar</titel></kop><al>Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Wijze van heffing</titel></kop><al>De belasting wordt bij wege van aanslag geheven.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Termijnen van betaling</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990
                            moeten de aanslagen worden betaald in twee gelijke termijnbedragen. De
                            eerste termijn vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de
                            maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld, en de
                            tweede termijn twee maanden na de eerste vervaldatum.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>Indien een bestuurlijke boete is opgelegd, dan is het bedrag inzake die
                            bestuurlijke boete invorderbaar in twee gelijke termijnbedragen waarvan
                            de eerste vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die
                            in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en de tweede twee
                            maanden na de eerste vervaldatum.</al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al>In afwijking van het bepaalde in het eerste en tweede lid geldt, in
                            geval het totaalbedrag van alle op één aanslagbiljet verenigde aanslagen
                            meer bedraagt dan € 10.000,00 dat dit bedrag en een bestuurlijke boete
                            op het aanslagbiljet moeten worden betaald op de laatste dag van de
                            maandvolgend op die in de dagtekening van het aanslagbiljet is
                            vermeld.</al></lid><lid><lidnr>4</lidnr><al>In afwijking van het bepaalde in het eerste, tweede en derde lid geldt,
                            ingeval machtiging is verleend tot automatische incasso en het
                            totaalbedrag van de op één aanslagbiljet verenigde aanslagen €100,00 of
                            meer doch niet meer dan € 10.000,00 bedraagt, dat de aanslagen moeten
                            worden betaald in tien gelijke termijnbedragen waarvan de eerste termijn
                            vervalt op de 28e dag van de maand volgend op de maand die in de
                            dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en elk van de volgende
                            termijnen telkens een maand later.</al></lid><lid><lidnr>5</lidnr><al>De in het vierde lid bedoelde machtiging tot automatische incasso wordt
                            geacht niet te zijn verleend indien twee van de tien termijnen niet zijn
                            betaald doordat automatische incasso van de betaalrekening van de
                            belastingschuldige niet mogelijk blijkt dan wel binnen 56 dagen na
                            afschrijving zijn gestorneerd. Alsdan geldt de betaaltermijn als bedoeld
                            in het eerste lid.</al></lid><lid><lidnr>6</lidnr><al>De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande
                            leden gestelde termijnen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Nadere regels door het Dagelijks Bestuur</titel></kop><al>Het Dagelijks Bestuur van de Belastingsamenwerking West-Brabant kan nadere
                        regels geven met betrekking tot de heffing en de invordering van de
                        forensenbelasting.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Kwijtschelding</titel></kop><al>Bij de invordering van de forensenbelasting wordt geen kwijtschelding
                        verleend.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Overgangsrecht en inwerkingtreding</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>De 'Verordening forensenbelasting Woensdrecht 2015', vastgesteld bij
                            raadsbesluit van 6 november 2014, wordt ingetrokken met ingang van de in
                            het derde lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien
                            verstande, dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die
                            zich voor die datum hebben voorgedaan.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>Deze verordening treedt inwerking met ingang van de eerste dag na die
                            van de bekendmaking.</al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al>De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2016.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als: 'Verordening forensenbelasting
                        Woensdrecht 2016'.</al></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 3 december 2015</ondertekening><ondertekening>De griffier, De voorzitter,</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>