<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR382938_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Beleidregel bestuurlijke boete Wet basisregistratie personen gemeente Emmen 2016</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Emmen</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-12-12</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Emmen</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Emmen</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">InEmmen, 03-12-2015</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Beleidsregel bestuurlijke boete BRP gemeente Emmen 2016</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Wet basisregistratie personen, art. 4.17</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Algemene wet bestuursrecht,Titel 5.4</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">college van burgemeester en wethouders</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2015-10-27</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2016-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe beleidsregel</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend.</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Beleidregel bestuurlijke boete Wet basisregistratie personen gemeente Emmen 2016</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Emmen,</al><al/><al>gelet op het bepaalde in artikel 4.17 van de Wet basisregistratie personen en titel 5.4 van de Algemene wet bestuursrecht,</al><al/><al>gelet op de circulaire bestuurlijke boete van de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 6 januari 2014 en de handreiking bestuurlijke boete van de Nederlandse Vereniging voor Burgerzaken van november 2013,</al><al/><al>overwegende dat het wenselijk is om burgers aan te zetten tot het nakomen van verplichtingen die de Wet basisregistratie personen aan hen oplegt, om fraude en andere onwenselijke gedragingen rondom die verplichtingen te voorkomen en te bestrijden, </al><al/><al>overwegende dat het wenselijk is om de kwaliteit van de gegevens over de ingeschrevenen in de Basisregistratie personen verder te verhogen, </al><al/><al>overwegende dat het wenselijk is om de uitvoering van het handhavingsinstrument van de bestuurlijke boete uit artikel 4.17 van de Wet basisregistratie personen voor de gemeente Emmen in een beleidsregel vast te leggen,</al><al/><al>besluit vast te stellen:</al><al/><al/><al><vet>Beleidsregel bestuurlijke boete Wet basisregistratie personen gemeente Emmen 2016</vet></al><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><al/><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="5*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="94*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>a.</al></entry><entry colname="col2"><al>college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Emmen;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>b.</al></entry><entry colname="col2"><al>wet: Wet basisregistratie personen;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>c.</al></entry><entry colname="col2"><al>Awb: Algemene wet bestuursrecht;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>d.</al></entry><entry colname="col2"><al>ingeschrevene: de ingeschrevene als bedoeld in artikel  1.1 sub e van de wet;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>e.</al></entry><entry colname="col2"><al>boete: de bestuurlijke boete als bedoeld in artikel 4.17 van de wet;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>f.</al></entry><entry colname="col2"><al>overtreder: degene die verwijtbaar niet heeft voldaan aan de verplichtingen als bedoeld in artikel 4.17 onder a van de wet dan wel zich schuldig heeft gemaakt aan het bepaalde in artikel 4.17 onder b van de wet of een valse aangifte heeft gedaan;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>g.</al></entry><entry colname="col2"><al>gelegenheidsgever: de persoon als bedoeld in artikel 4.17 sub b van de wet;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>h.</al></entry><entry colname="col2"><al>toezichthouder BRP: door het college aangewezen ambtenaren, belast met het toezicht op de naleving van de verplichtingen van de burgers in hoofdstuk 2, afdeling 1, paragraaf 5 van de wet. De toezichthouder heeft de bevoegdheden zoals genoemd in de artikelen 5:15-5:19 Awb.</al></entry></row></tbody></tgroup></table></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Opleggen boete</titel></kop><al/><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="5*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="94*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>1.</al></entry><entry colname="col2"><al>Het college kan de boete opleggen, als er sprake is van een overtreding die genoemd is in artikel 4.17 van de wet.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>2.</al></entry><entry colname="col2"><al>Bij het opleggen van de bestuurlijke boete is de gemeente gebonden aan de bepalingen in Titel 5.4 van Awb.</al></entry></row></tbody></tgroup></table></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Vastgestelde boetes voor verschillende overtredingen</titel></kop><al/><table><tgroup cols="3"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="33*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="33*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="33*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>1.</al></entry><entry nameend="col3" namest="col2"><al>De boete bedraagt 325 Euro in de volgende gevallen:</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>a.</al></entry><entry colname="col3"><al>als het aannemelijk is, dat de aangifteverplichting opgenomen in de artikelen 2.38, 2.39, 243 van de wet, bewust niet is nagekomen;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>b.</al></entry><entry colname="col3"><al>als er geen brondocumenten in de zin van artikel 2.8 in samenhang met de artikelen 2.44 en 2.46 van de wet worden overgelegd;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>c.</al></entry><entry colname="col3"><al>als de overtreder eerder een overtreding heeft begaan, waarvoor de boete opgelegd kan worden;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>d.</al></entry><entry colname="col3"><al>als de overtreder aan te merken is als gelegenheidsgever in de zin van artikel 4.17 lid 2 van de wet;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>e.</al></entry><entry colname="col3"><al>als de overtreder onjuiste aangifte heeft gedaan met valse documenten.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>2.</al></entry><entry nameend="col3" namest="col2"><al>De boete bedraagt 200 Euro in de volgende gevallen:</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>a.</al></entry><entry colname="col3"><al>als niet door het college aannemelijk is gemaakt dat de aangifteverplichting opgenomen in de artikelen 2.38, 2.39, 243 van de wet, bewust niet is nagekomen;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>b.</al></entry><entry colname="col3"><al>als de overtreder geen informatie verstrekt, geschriften overlegt of in persoon verschijnt overeenkomstig het bepaalde in artikelen 2.44, 2.45 lid 1, 2.46, 2.47 en 2.51 van de wet;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>c.</al></entry><entry colname="col3"><al>als de overtreder niet voldoet aan informatie- of zorgplicht jegens ingeschrevene of gemeente op grond van artikelen 2.40 vijfde lid, 2.45 leden 2 tot en met 5 en 2.50 van de wet.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>3.</al></entry><entry nameend="col3" namest="col2"><al>De boete bedraagt 100 Euro wanneer niet is voldaan aan de identiteitsplicht  zoals genoemd in artikel 2.52 van de wet.</al></entry></row></tbody></tgroup></table></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Verwijtbaarheid</titel></kop><al/><table><tgroup cols="3"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="33*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="33*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="33*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>1.</al></entry><entry nameend="col3" namest="col2"><al>Een bestuurlijke boete kan alleen opgelegd worden wanneer het de persoon verweten kan worden dat hij de overtreding heeft begaan. </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>2.</al></entry><entry nameend="col3" namest="col2"><al>Het ontbreken van verwijtbaarheid wordt in beginsel niet aangenomen, in de volgende situaties waarin de overtreder:</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>a.</al></entry><entry colname="col3"><al>al eerder eenzelfde overtreding in de zin van artikel 4.17 Wet BRP heeft begaan;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>b.</al></entry><entry colname="col3"><al>de inhoud van de correspondentie van de gemeente niet zegt te begrijpen, daaronder mede begrepen vanwege gestelde onvoldoende beheersing van de Nederlandse taal;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>c.</al></entry><entry colname="col3"><al>stelt niet op de hoogte zijn van de verplichtingen die voortvloeien uit artikel 4.17 van de wet;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>d.</al></entry><entry colname="col3"><al>niet aantoonbaar stelt reeds in een eerder stadium aan zijn verplichting te hebben voldaan;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>e.</al></entry><entry colname="col3"><al>stelt langere tijd niet in staat te zijn geweest zijn belangen te behartigen, doordat hij tijdelijk niet op het adres zegt te wonen. Hieronder wordt ook begrepen tijdelijk verblijf in het buitenland, tijdelijk verblijf in instelling voor de gezondheidszorg, instelling op het gebied van kinderbescherming of penitentiaire instelling;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>f.</al></entry><entry colname="col3"><al>stelt door slechte postbezorging of gebreken aan of ontbreken van een brievenbus geen post te hebben ontvangen; </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>g.</al></entry><entry colname="col3"><al>aangemerkt wordt als gelegenheidsgever, die een verklaring heeft getekend dat de andere persoon woont op zijn adres, terwijl vastgesteld is dat hij er niet woont;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>h.</al></entry><entry colname="col3"><al>aangemerkt wordt als gelegenheidsgever in de zin van sub g van dit artikel en stelt dat de andere persoon niet langer op het adres woont, terwijl hij niet aantoont dat de andere persoon recentelijk verhuisd is naar een ander adres of vertrokken is naar het buitenland en daarvan nog niet binnen de wettelijke termijn als bedoeld in artikel 2.39 en 2.43 van de wet aangifte heeft gedaan.</al></entry></row></tbody></tgroup></table></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Onvoorziene omstandigheden en afwijkingsbevoegdheid</titel></kop><al/><al>In de gevallen waarin deze regeling niet voorziet, beslist het college.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al/><al>Deze beleidsregels worden aangehaald als “Beleidsregel bestuurlijke boete BRP gemeente Emmen 2016”.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al/><al>Deze regeling treedt in werking op 1 januari 2016. </al><al/><al>Aldus vastgesteld in de vergadering van burgemeester en wethouders op 27 oktober 2015,</al><al/><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="49*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="50*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>de gemeentesecretaris,</al></entry><entry colname="col2"><al>de burgemeester,</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al>I.A.A. Oostmeijer-Oosting </al></entry><entry colname="col2"><al>C. Bijl</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al/></artikel></regeling-tekst><bijlage/></regeling></body></cvdr>