<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.90--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR381903_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op de heffing en de invorderering van hondenbelasting            2016</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Deventer</dcterms:creator><dcterms:modified>2016-11-16</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Deventer</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Gemeenteblad, 3 december 2015</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening hondenbelasting 2016</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeente wet, artikel 226</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2015-11-11</dcterms:issued><dcterms:rights>
          De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
          databankrecht
        </dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2015-12-04</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2017-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Gemeentewet, art. 226</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>2015-1583</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Deze regeling is vervangen door de Verordening hondenbelasting 2017.</al><al>Datum van ingang van de heffing is 1 januari 2016.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>
      Verordening op de heffing en de invorderering van hondenbelasting
            2016
    </intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Deventer,</al><al/><al>Gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 29 september 2015,
                        nummer 2015-1583;</al><al/><al>Gelet op artikel 226 van de Gemeentewet;</al><al/><al><vet>BESLUIT</vet></al><al>Vast te stellen de volgende verordening:</al><al/><al><vet>Verordening op de heffing en de invordering van hondenbelasting
                        2016</vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Belastbaar feit</titel></kop><al>Onder de naam 'hondenbelasting' wordt een directe belasting geheven
                            terzake van het houden van een hond binnen de gemeente.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Belastingplicht</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Belastingplichtig is de houder van een hond.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Als houder wordt aangemerkt degene die onder welke titel dan ook een
                                hond onder zich heeft, tenzij blijkt dat een ander de houder
                                is.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het houden van een hond door een lid van het huishouden wordt
                                aangemerkt als het houden van een hond door een door de in artikel
                                231, tweede lid, onderdeel b, van de Gemeentewet bedoelde ambtenaar
                                aan te wijzen lid van dat huishouden.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Vrijstellingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In dit artikel wordt verstaan onder hondenasiel: aan één locatie
                                gebonden ruimte of ruimtes bestemd of gebruikt voor het in bewaring
                                houden van honden die zwervend zijn aangetroffen, dan wel waarvan
                                door de eigenaar permanent afstand is gedaan, welke locatie als
                                inrichting is aangemeld overeenkomstig artikel 3.7, eerste lid, van
                                het Besluit houders van dieren.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De belasting wordt niet geheven voor honden:</al><lijst><li nr="a)"><al>die zijn opgeleid tot en dienen als blindengeleidehond en in
                                        hoofdzaak als zodanig door een blind persoon worden
                                        gehouden; </al></li><li nr="b)"><al>die zijn opgeleid tot en dienen als gehandicaptenhond en in
                                        hoofdzaak als zodanig door een gehandicapt persoon worden
                                        gehouden; </al></li><li nr="c)"><al>die verblijven in een hondenasiel; </al></li><li nr="d)"><al>die uitsluitend ten verkoop of aflevering in voorraad worden
                                        gehouden in een inrichting als bedoeld in artikel 3.7,
                                        eerste lid, van het Besluit houders van dieren; </al></li><li nr="e)"><al>die jonger zijn dan drie maanden, voor zover zij tezamen met
                                        de moederhond worden gehouden. </al></li><li nr="f)"><al> waarvoor de houder in het bezit is van een geldend diploma
                                        dat is afgegeven door de Koninklijke Nederlandse
                                        Politiehondenvereniging en de houder zich verbonden heeft
                                        zijn hond met een geleider aan wiens bevelen de hond
                                        gehoorzaamt, op aanvraag ter beschikking van de politie te
                                        stellen;</al></li><li nr="g)"><al>waarvan de houder in het bezit is van een geldend diploma
                                        van het hoofdcomité van het Nederlandse Rode Kruis of van de
                                        Nederlandse Vereniging van Rode Kruishonden;</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Maatstaf van heffing</titel></kop><al>De belasting wordt geheven naar het aantal honden dat wordt
                            gehouden.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Belastingtarief</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De belasting bedraagt per belastingjaar:</al><lijst><li nr="a."><al>voor een eerste hond € 45,36.</al></li><li nr="b."><al>voor iedere hond boven het aantal van één € 45,36.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In afwijking in zoverre van het voorgaande lid bedraagt de belasting
                                voor honden, gehouden in kennels die zijn geregistreerd bij de Raad
                                van beheer op kynologisch gebied in Nederland,</al><al> € 132,36 per kennel.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het tweede lid blijft buiten toepassing indien belastingplichtige
                                schriftelijk verzoekt de verschuldigde belasting vast te stellen
                                naar het werkelijke aantal honden indien blijkt dat dit bedrag lager
                                is dan het op voet van het tweede lid bepaalde bedrag.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Hondenpenningen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Voor elke hond, waarvoor aangifte is gedaan wordt aan de houder van
                                de desbetreffende hond kosteloos een penning uitgereikt of
                                toegezonden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De penning moet worden ingeleverd bij de beëindiging van het
                                houderschap van de desbetreffende hond.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Belastingjaar</titel></kop><al>Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Wijze van heffing</titel></kop><al>De belasting wordt geheven bij wege van aanslag. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar
                                tijdgelang</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De belasting is verschuldigd bij het begin van het belastingjaar of,
                                zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien de belastingplicht in de loop van het jaar aanvangt, dan wel
                                het aantal honden in de loop van het belastingjaar toeneemt, is de
                                belasting, respectievelijk de hogere belasting ter zake van het
                                toegenomen aantal honden, verschuldigd voor zoveel twaalfde
                                gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat
                                jaar, na aanvang van de belastingplicht, respectievelijk de toename
                                van het aantal honden, nog volle kalendermaanden overblijven.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar eindigt,
                                dan wel het aantal honden in de loop van het belastingjaar
                                vermindert, bestaat aanspraak op ontheffing voor zoveel twaalfde
                                gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat
                                jaar, na het einde van de belastingplicht respectievelijk de
                                vermindering van het aantal honden, nog volle kalendermaanden
                                overblijven. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Termijn van betaling</titel></kop><lid><lidnr>1a.</lidnr><al>In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990
                                moeten de aanslagen die worden opgelegd in het belastingjaar waarop
                                zij betrekking hebben, worden betaald in twee gelijke termijnen
                                waarvan de eerste vervalt op de laatste dag van de maand volgend op
                                de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en
                                de tweede twee maanden later.</al></lid><lid><lidnr>1b.</lidnr><al>In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990
                                moeten de aanslagen die worden opgelegd na het belastingjaar waarop
                                zij betrekking hebben, worden betaald in twee gelijke termijnen
                                waarvan de eerste vervalt op de laatste dag van de maand volgend op
                                de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en
                                de tweede twee maanden later.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In afwijking in zoverre van het eerste lid, letter a, geldt, in
                                geval het totaalbedrag van de op één aanslagbiljet verenigde
                                aanslagen, of als het aanslagbiljet maar één aanslag bevat en het
                                bedrag daarvan, minder is dan € 5000,-, en zolang de verschuldigde
                                bedragen door middel van automatische betalingsincasso kunnen worden
                                afgeschreven, dat de aanslagen moeten worden betaald in zoveel
                                gelijke termijnen als er na de maand van dagtekening van het
                                aanslagbiljet nog maanden in het belastingjaar waarin de aanslagen
                                worden opgelegd overblijven, met dien verstande dat het aantal
                                termijnen ten minste drie en ten hoogste tien bedraagt. De eerste
                                termijn vervalt op de 25<sup>e</sup> dag van de maand na de
                                dagtekening van het aanslagbiljet en elk van de volgende termijnen
                                telkens een maand later.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>In afwijking van het tweede lid van dit artikel moeten aanslagen die
                                worden opgelegd na het belastingjaar waarop zij betrekking hebben,
                                worden betaald in drie gelijke termijnen waarvan de eerste vervalt
                                op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de
                                dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en de volgende
                                termijnen telkens een maand later.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in de
                                voorgaande leden gestelde termijnen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Nadere regels door het college van burgemeester en
                                wethouders</titel></kop><al>Het College van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met
                            betrekking tot de heffing en de invordering van de hondenbelasting.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Kwijtschelding</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Bij de invordering van deze belasting wordt gedeeltelijke
                                kwijtschelding verleend voor de eerste hond.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De aanslag wordt in het in lid 1 genoemde geval teruggebracht tot €
                                15,36 per jaar.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Inwerkingtreding en citeertitel</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De ‘Verordening hondenbelasting 2015’ van de gemeente Deventer
                                    vastgesteld bij raadsbesluit van 12 november 2014, wordt
                                    ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum
                                    van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van
                                    toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die
                                    datum hebben voorgedaan.</al></li><li nr="2."><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag
                                    na die van de bekendmaking.</al></li><li nr="3."><al>De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2016.</al></li><li nr="4."><al>Deze verordening kan worden aangehaald als de "Verordening
                                    hondenbelasting 2016".</al><al/></li></lijst></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><slotformulering><al>Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering
                        van 11 november 2015.</al><al/><al>De raad voornoemd,</al></slotformulering><ondertekening>
          de griffier,
        </ondertekening><ondertekening>
           drs. S.J. Peet
        </ondertekening><ondertekening>
          de voorzitter,
        </ondertekening><ondertekening>
           ir. A.P. Heidema
        </ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>