<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.92--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR380194_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening geurhinder en veehouderij gemeente Opmeer 2012</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Opmeer</dcterms:creator><dcterms:modified>2013-02-01</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Opmeer</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">De Koggenlander d.d.
                31-1-2013</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening geurhinder en veehouderij gemeente Opmeer 2012</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, artikel 149, Wet geurhinder en veehouderij, artikelen 4, 6 en 8</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>milieu</dcterms:subject><dcterms:issued>2012-12-20</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2013-02-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2023-12-29</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>RVS 8.43 d.d. 11-12-2012</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging><overheidrg:externeBijlage>exb-2017-26117</overheidrg:externeBijlage></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening geurhinder en veehouderij gemeente Opmeer 2012</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Opmeer;</al><al/><al>Gezien het voorstel van burgemeester en wethouders van 11 december
                        2012;</al><al/><al>Gelet op het advies van de commissie Ruimte van 16 oktober 2012;</al><al/><al>Mede gelet op de opgestelde Geurgebiedsvisie gemeente Opmeer (rapport
                        Prevent Adviesgroep van 28 november 2012, V.05);</al><al/><al>Mede gelet op de artikelen 4, 6 en 8 van de Wet geurhinder en veehouderij en
                        artikel 149 van de Gemeentewet;</al><al/><al>BESLUIT:</al><al/><al>vast te stellen de volgende verordening houdende regels met betrekking tot
                        beslissingen inzake de omgevingsvergunning voor het oprichten of veranderen
                        van een veehouderij, voor zover het betreft geurhinder vanwege tot die
                        veehouderijen behorende dierverblijven:</al><al/><al>Verordening geurhinder en veehouderij gemeente Opmeer 2012</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1:</nr><titel>Begripsbepaling</titel></kop><al>In deze verordening en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan
                        onder:</al><al>De wet : de Wet geurhinder en veehouderij (Wgv);</al><al/><al>Dierenverblijf : al dan niet overdekte ruimte waarbinnen dieren worden
                        gehouden;</al><al/><al>Geurhinder : gevolgen voor het milieu door de emissie van geur;</al><al/><al>Geurgevoelig object(GGO) : zoals bedoeld in artikel 1 van de Wet geurhinder
                        en veehouderij;</al><al/><al>Veehouderij : inrichting die tot een krachtens artikel 1.1, derde lid, van
                        de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht aangewezen categorie behoort en is
                        bestemd voor het fokken, mesten, houden, verhandelen, verladen of wegen van
                        dieren;</al><al/><al>Omgevingsvergunning : omgevingsvergunning voor een activiteit als bedoeld in
                        artikel 2.1, eerste lid, onder e, van de Wet algemene bepalingen
                        omgevingsrecht;</al><al/><al>Rundvee : rundvee waarvoor in de Regeling geurhinder en veehouderij geen
                        geuremissiefactoren zijn vastgesteld;</al><al/><al>Overige landbouwhuisdieren : landbouwhuisdieren, niet zijnde rundvee,
                        waarvoor in de Regeling geurhinder en veehouderij geen geuremissiefactoren
                        zijn vastgesteld.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2:</nr><titel>Aanwijzing gebieden</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Als deelgebied A van het grondgebied als bedoeld in artikel 6,
                                tweede en derde lid van de wet wordt aangewezen de gebieden binnen
                                de bebouwde kom, gesplitst in een deelgebied A1 (woongebieden met
                                een stedelijk karakter) en een deelgebied A2 (woongebieden met een
                                landelijk karakter).</al></li><li nr="2."><al>Als deelgebied B van het grondgebied als bedoeld in artikel 6, derde
                                lid van de wet wordt aangewezen het gehele <vet>gebied buiten de
                                    bebouwde kom </vet>binnen de gemeente Opmeer.</al></li><li nr="3."><al>Voor de aangewezen gebieden, zoals aangegeven in het 1<sup>e</sup>
                                en 2<sup>e</sup> lid, wordt verwezen naar de bij de verordening
                                behorende kaart.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3:</nr><titel>Andere waarden voor de afstand</titel></kop><al>In afwijking van artikel 4, 1<sup>e</sup> lid van de Wet geurhinder en
                        veehouderij gelden in de gemeente Opmeer de volgende minimale afstanden
                        tussen het emissiepunt van de stal en de gevel van een geurgevoelig object
                        (GGO) met het daarbij behorende maximaal aantal te houden dieren:</al><al/><table><tgroup cols="4"><colspec colname="col1" colwidth="29*"/><colspec colname="col2" colwidth="17*"/><colspec colname="col3" colwidth="24*"/><colspec colname="col4" colwidth="31*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al><vet>Locatie geurgevoelige objecten (GGO)</vet></al></entry><entry colname="col2"><al><vet>Minimale afstand gevel stal- gevel GGO</vet></al></entry><entry colname="col3"><al><vet>Minimale afstand emissiepunt stal- gevel GGO</vet></al></entry><entry colname="col4"><al><vet>Maximaal aantal dieren waarvoor een vaste afstand
                                                geldt</vet></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Binnen de bebouwde kom:</al><al>·woongebieden met een stedelijk karakter</al></entry><entry colname="col2"><al>50</al></entry><entry colname="col3"><al>Van 100 meter verkleinen naar 50 *<sup>)</sup></al></entry><entry colname="col4"><al>150 stuks melkrundvee, excl. vrouwelijk
                                            jongvee**<sup>)</sup></al><al>255 stuks melkrundvee, inclusief vrouwelijk
                                            jongvee**<sup>)</sup></al><al>38 paarden**<sup>)</sup></al><al>38 landbouwhuisdieren anders dan hierboven
                                            vermeld**<sup>)</sup></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>·woongebieden met een landelijk karakter</al></entry><entry colname="col2"><al>50</al></entry><entry colname="col3"><al>Van 100 meter verkleinen naar 50 *<sup>)</sup></al></entry><entry colname="col4"><al>200 stuks melkrundvee, excl. vrouwelijk
                                            jongvee**<sup>)</sup></al><al>340 stuks melkrundvee, inclusief vrouwelijk
                                            jongvee**<sup>)</sup></al><al>50 paarden**<sup>)</sup></al><al>50 landbouwhuisdieren anders dan hierboven
                                            vermeld**<sup>)</sup></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Buiten de bebouwde kom</al></entry><entry colname="col2"><al>25</al></entry><entry colname="col3"><al>Van 50 meter verkleinen naar 25 *<sup>)</sup></al></entry><entry colname="col4"><al>200 stuks melkrundvee, excl. vrouwelijk
                                            jongvee***<sup>)</sup></al><al>340 stuks melkrundvee, inclusief vrouwelijk
                                            jongvee***<sup>)</sup></al><al>50 paarden***<sup>)</sup></al><al>50 landbouwhuisdieren anders dan hierboven
                                            vermeld***<sup>)</sup></al></entry></row><row><entry colname="col1" nameend="col4" namest="col1"><al>*) Hierbij wordt uitgegaan van het standstil beginsel.
                                            De afstand van het emissiepunt van de bestaande stallen
                                            tot de geurgevoelige objecten mag bij
                                            uitbreidingen/wijzigingen van de stallen niet verder
                                            worden verkleind. Bij de realisatie van nieuwe
                                            geurgevoelige objecten mag de afstand tot de
                                            dichtstbijzijnde stal niet kleiner zijn dan de afstand
                                            tussen de bestaande geurgevoelige objecten en deze
                                            stal.</al><al/><al>**) Als de minimale afstand gevel stal –gevel GGO tussen
                                            de 50 en 100 meter is gelegen mag het aantal dieren
                                            groter zijn dan aangeven in de tabel naarmate deze
                                            afstand groter is. Dit aantal dieren wordt als volgt
                                            berekend bij GGO binnen de bebouwde kom: (minimale
                                            afstand gevel stal –gevel GGO)/100 *2*(max. aantal
                                            dieren in tabel).</al><al/><al>***) Als de minimale afstand gevel stal –gevel GGO
                                            tussen de 25 en 50 meter is gelegen mag het aantal
                                            dieren groter zijn dan aangeven in de tabel naarmate
                                            deze afstand groter is. Dit aantal dieren wordt als
                                            volgt berekend bij GGO buiten de bebouwde kom: (minimale
                                            afstand gevel stal –gevel GGO)/50 *2*(max. aantal dieren
                                            in tabel).</al><al/><al>Voorbeeld: minimale afstand gevel dichtstbijzijnde stal
                                            – gevel GGO is 60 meter in de bebouwde kom (woongebied
                                            met landelijk karakter): er kunnen dan 60/100*2*200 =240
                                            stuks melkrundvee worden gehouden.</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al>Voor nieuw te bouwen stallen gelden de in de bovengenoemde tabel genoemde
                        maximale aantallen dieren niet onder de volgende voorwaarden:</al><lijst><li nr="Ø"><al>De gevel van de nieuw te bouwen stal moet zijn gelegen op ten minste
                                50 meter afstand van geurgevoelige objecten buiten de bebouwde kom
                                en ten minste 100 meter van geurgevoelige objecten binnen de
                                bebouwde kom.</al></li><li nr="Ø"><al>De gevels van de bestaande en vergunde stalruimten moeten op ten
                                minste 25 meter afstand zijn gelegen van geurgevoelige objecten
                                buiten de bebouwde kom en ten minste 50 meter van geurgevoelige
                                objecten binnen de bebouwde kom.</al></li><li nr="Ø"><al>In bestaande en vergunde stalruimten die gelegen zijn op minder dan
                                50 meter afstand van geurgevoelige objecten buiten de bebouwde kom
                                en/of minder dan 100 meter van geurgevoelige objecten binnen de
                                bebouwde kom mag het aantal dieren niet verder toenemen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4:</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening kan worden aangehaald als de “Verordening geurhinder en
                        veehouderij gemeente Opmeer 2012”.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5:</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking op de eerste dag na die van haar
                        bekendmaking. </al></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><slotformulering><al>Besloten in de openbare vergadering van de gemeenteraad van Opmeer van 20
                        december 2012.</al></slotformulering><ondertekening>mevrouw M.C.G.M. de Vree-Bekker</ondertekening><ondertekening>griffier gemeenteraad Opmeer</ondertekening><ondertekening>de heer G.J.A.M. Nijpels</ondertekening><ondertekening>voorzitter gemeenteraad Opmeer</ondertekening></regeling-sluiting><nota-toelichting><kop><titel>Toelichting bij de Verordening geurhinder en veehouderij 2012</titel></kop><tussenkop>Algemeen</tussenkop><al>In de gemeente Opmeer is de verordening vooral van belang voor de
                    melkrundveehouderij. In de Wet geurhinder en veehouderij is bepaald dat de
                    afstand tussen een geurgevoelig object (meestal een particuliere woning) en de
                    dierenverblijven van een veehouderij als volgt moeten zijn:</al><lijst><li nr="a."><al>100 meter als het geurgevoelige object in de bebouwde kom ligt;</al></li><li nr="b."><al>50 meter als het geurgevoelige object buiten de bebouwde kom ligt.</al></li></lijst><al>Als het veehouderijbedrijf niet aan deze afstanden voldoet kan er wél een
                    omgevingsvergunning worden verleend maar mag het aantal dieren niet worden
                    uitgebreid.</al><al>Door middel van een verordening kan de gemeente de genoemde afstanden – al dan
                    niet onder bepaalde voorwaarden – veranderen. De in deze verordening aangewezen
                    gebieden en andere geurnormen/minimale afstanden zijn, overeenkomstig het
                    bepaalde in artikel 8 van de Wet, gebaseerd op de bij deze verordening behorende
                    Geurgebiedsvisie van de gemeente Opmeer. </al><tussenkop>Artikel 2: aanwijzing gebieden</tussenkop><al>Op de bij de verordening behorende kaart is aangegeven wat moet worden
                    aangemerkt als “bebouwde kom” (deelgebied A). Een deel daarvan is aangemerkt als
                    “bebouwde kom met een landelijk karakter” (deelgebied A2). Het overige deel van
                    de bebouwde kom heeft een meer stedelijk karakter (deelgebied A1). Het gebied
                    buiten de bebouwde kom wordt deelgebied B genoemd. </al><tussenkop>Artikel 3: andere waarden voor de afstand</tussenkop><al>In dit artikel worden in lid 1 andere afstanden vastgesteld dan de afstanden uit
                    de wet:</al><lijst><li nr="a."><al>voor geurgevoelige objecten in deelgebied A1 en A2 mag de afstand 50
                            meter zijn en mag het aantal dieren worden uitgebreid, echter onder de
                            volgende voorwaarden:</al><lijst><li nr="1."><al>Het maximaal aantal te houden dieren mag niet groter zijn
                                    dan:</al><lijst><li nr="·"><al>150 stuks melkrundvee (exclusief jongvee) of 255 stuks
                                            melkrundvee inclusief vrouwelijk jongvee, 38 paarden en
                                            38 landbouwhuisdieren in deelgebied A1</al></li><li nr="·"><al>200 stuks melkrundvee (exclusief jongvee) of 340 stuks
                                            melkrundvee inclusief vrouwelijk jongvee, 50 paarden en
                                            50 landbouwhuisdieren in deelgebied A2.</al></li></lijst></li></lijst></li></lijst><al>Voor deelgebied A2 is aangesloten bij het aantal dieren waarvoor op dit moment
                    het Besluit landbouw nog op van toepassing is. Voor deelgebied A1 is uitgegaan
                    van 3/4<sup>e</sup> van dit aantal dieren.</al><lijst><li nr="2."><al>Als de minimale afstand tussen de gevel van de dichtstbijzijnde stal tot
                            de gevel van het geurgevoelig object groter is dan 50 meter maar kleiner
                            dan 100 meter mag het aantal dieren groter zijn als aangegeven onder
                            punt a.1. naarmate deze afstand groter is. De wijze waarop dit wordt
                            berekend is weergegeven in tabel van artikel 3 van de
                            geurverordening.</al></li><li nr="3."><al>Wat de afstand tussen stallen en geurgevoelige objecten betreft wordt
                            uitgegaan van een standstil beginsel. De afstand van het emissiepunt van
                            de bestaande stallen tot de bestaande geurgevoelige objecten mag bij
                            uitbreidingen van de stallen niet verder worden verkleind. Hetzelfde
                            geldt omgekeerd ook voor de realisatie van nieuwe geurgevoelige objecten
                            nabij een stal.</al><lijst><li nr="b."><al>voor geurgevoelige objecten in deelgebied B mag de afstand 25
                                    meter zijn en mag het aantal dieren worden uitgebreid, echter
                                    onder de volgende voorwaarden:</al></li></lijst></li><li nr="1."><al>Het maximaal aantal te houden dieren mag niet groter zijn dan 200 stuks
                            melkrundvee (exclusief jongvee) of 340 stuks melkrundvee inclusief
                            vrouwelijk jongvee, 50 paarden en 50 landbouwhuisdieren. Voor deelgebied
                            B is aangesloten bij het aantal dieren waarvoor op dit moment het
                            Besluit landbouw nog op van toepassing is.</al></li><li nr="2."><al>Als de minimale afstand tussen de gevel van de dichtstbijzijnde stal tot
                            de gevel van het geurgevoelig object groter is dan 25 meter maar kleiner
                            dan 50 meter mag het aantal dieren groter zijn als aangegeven onder punt
                            b.1. naarmate deze afstand groter is. De wijze waarop dit wordt berekend
                            is weergegeven in tabel van artikel 3 van de geurverordening.</al></li><li nr="3."><al>Wat de afstand tussen stallen en geurgevoelige objecten betreft wordt
                            uitgegaan van een standstil beginsel. De afstand van het emissiepunt van
                            de bestaande stallen tot de bestaande geurgevoelige objecten mag bij
                            uitbreidingen van de stallen niet verder worden verkleind. Hetzelfde
                            geldt omgekeerd ook voor de realisatie van nieuwe geurgevoelige objecten
                            nabij een stal.</al><lijst><li nr="c."><al>de aanwezigheid van bestaande stallen op korte afstand van
                                    geurgevoelige objecten vormt vaak een belemmering voor de bouw
                                    van nieuwe stallen op grotere afstand van geurgevoelige
                                    objecten. Als de nieuwbouw op tenminste 50 meter afstand is
                                    gelegen va geurgevoelige objecten buiten de bebouwde kom ten
                                    minste 100 meter van geurgevoelige objecten binnen de bebouwde
                                    kom geldt het onder a en b genoemde maximaal aantal dieren niet.
                                    Voorwaarde hierbij is wel dat in de bestaande stallen het aantal
                                    dieren dan gelijk blijft en aan de minimale gevel-gevel
                                    afstanden wordt voldaan.</al><al/><al><extref doc="/cvdr/images/Opmeer/i260891.pdf">Kaart behorend bij verordening geurhinder en veehouderij Opmeer 2012</extref></al></li></lijst></li></lijst></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>