<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR380051_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Reglement van Orde Raad van de gemeente Emmen</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Emmen</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-12-12</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Emmen</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Emmen</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Zuidenvelder, dinsdag 19 juli 2005</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Reglement van Orde Raad gemeente Emmen</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, artikel 16</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2005-07-07</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2005-07-08</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2012-12-22</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Geen</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>Algemeen en Organisatie</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Reglement van Orde Raad van de gemeente Emmen</intitule><regeling><aanhef><preambule><al><vet>Raadsbesluit</vet></al><al>De raad van de gemeente Emmen;</al><al>gelezen het voorstel van het Presidium van 6 juni 2005;</al><al>gelet op het bepaalde in de gemeentewet;</al><al/><al><vet>besluit:</vet></al><al/><al>Over te gaan tot vaststelling van het Reglement van Orde Raad van de
                        gemeente Emmen:</al><al/><al><vet>Reglement van Orde Raad gemeente Emmen</vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>1</nr><titel>Algemene bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>In dit reglement wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>voorzitter: de voorzitter van de raad of diens vervanger;</al></li><li nr="b."><al>amendement: voorstel tot wijziging van een ontwerp-verordening
                                    of ontwerp-beslissing,</al></li><li nr="c."><al>naar de vorm geschikt om daarin direct te worden opgenomen;</al></li><li nr="d."><al>sub-amendement: voorstel tot wijziging van een aanhangig
                                    amendement, naar de vorm</al></li><li nr="e."><al>geschikt om direct te worden opgenomen in het amendement, waarop
                                    het betrekking heeft;</al></li><li nr="f."><al>motie: korte en gemotiveerde verklaring over een onderwerp
                                    waardoor een oordeel, wens</al></li><li nr="g."><al>of verzoek wordt uitgesproken;</al></li><li nr="h."><al>voorstel van orde: voorstel betreffende de orde van de
                                    vergadering;</al></li><li nr="i."><al>initiatiefvoorstel: een voorstel voor een verordening of een
                                    ander voorstel.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>De voorzitter</titel></kop><al>De voorzitter is belast met:</al><lijst><li nr="a."><al>het leiden van de vergadering;</al></li><li nr="b."><al>het handhaven van de orde;</al></li><li nr="c."><al>het doen naleven van het reglement van orde;</al></li><li nr="d."><al>hetgeen de Gemeentewet of dit reglement hem verder
                                    opdraagt.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>De griffier</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De griffier is belast met het bijstaan van de voorzitter en de
                                    leden van de raad.</al></li><li nr="2."><al>De griffier is in elke vergadering van de raad aanwezig.</al></li><li nr="3."><al>Bij zijn verhindering of afwezigheid wordt de griffier vervangen
                                    door een door de raad daartoe aangewezen ambtenaar.</al></li><li nr="4."><al>Hij kan, indien hij daartoe door de voorzitter wordt
                                    uitgenodigd, aan de beraadslagingen als bedoeld in dit reglement
                                    deelnemen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>De gemeentesecretaris</titel></kop><al>De raad kan het college verzoeken de gemeentesecretaris in de
                            vergadering aanwezig te laten zijn en deel te laten nemen aan de
                            beraadslagingen als bedoeld in dit reglement.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Het presidium</titel></kop><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="4*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="95*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>1.</al></entry><entry colname="col2"><al>De raad heeft een presidium.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>2.</al></entry><entry colname="col2"><al>Het presidium bestaat uit:</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al/><table><tgroup cols="3"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="4*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="5*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="90*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>a.</al></entry><entry colname="col3"><al>de voorzitter van de raad,</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>b.</al></entry><entry colname="col3"><al>de waarnemend voorzitter van de raad; deze treedt
                                                tevens op als voorzitter van het presidium,</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>c.</al></entry><entry colname="col3"><al>de voorzitters van de raadscommissies of hun
                                                plaatsvervangers, </al></entry></row></tbody></tgroup></table><al/><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="4*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="95*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>De griffier of diens plaatsvervanger is elke
                                                vergadering van het presidium aanwezig.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>Het presidium wijst uit zijn midden een
                                                plaatsvervangend voorzitter aan</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al/><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="4*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="95*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>3.</al></entry><entry colname="col2"><al>Het presidium kan het college verzoeken de
                                                gemeentesecretaris in de vergadering aanwezig te
                                                laten zijn en deel te laten nemen aan de
                                                beraadslagingen.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>4.</al></entry><entry colname="col2"><al>Het presidium heeft tot taak:</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al/><table><tgroup cols="3"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="5*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="5*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="90*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>a.</al></entry><entry colname="col3"><al>de voorlopige agenda van de vergaderingen van de
                                                raad en de raadscommissies vast te stellen.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>b.</al></entry><entry colname="col3"><al>voorstellen aan de raad te doen omtrent werkwijze in
                                                - en de organisatie van de raad en de
                                                raadscommissies</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>c.</al></entry><entry colname="col3"><al>de griffier aan te sturen.</al></entry></row></tbody></tgroup></table></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>2</nr><titel>Toelating van nieuwe leden; fracties</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Onderzoek geloofsbrieven; beëdiging</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Bij elke benoeming van nieuwe leden van de raad stelt de
                                    voorzitter een commissie in bestaande uit drie leden van de
                                    raad. De commissie onderzoekt de geloofsbrieven, de daarop
                                    betrekking hebbende stukken van nieuw benoemde leden en de
                                    processen-verbaal van de stembureaus.</al></li><li nr="2."><al>De commissie brengt na haar onderzoek van de geloofsbrieven
                                    schriftelijk verslag uit aan de raad en doet daarbij een
                                    voorstel voor een besluit. In het verslag wordt ook melding
                                    gemaakt van een minderheidsstandpunt.</al></li><li nr="3."><al>Na een raadsverkiezing roept de voorzitter de toegelaten leden
                                    van de raad op om in de eerste vergadering van de raad in nieuwe
                                    samenstelling, bedoeld in artikel 18 van de Gemeentewet, de
                                    voorgeschreven eed of verklaring en belofte af te leggen.</al></li><li nr="4."><al>In geval van een tussentijdse vacaturevervulling roept de
                                    voorzitter een nieuw benoemd lid van de raad op voor de
                                    vergadering van de raad waarin over diens toelating wordt
                                    beslist om de voorgeschreven eed of verklaring en belofte af te
                                    leggen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Fractie</titel></kop><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="5*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="94*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>1.</al></entry><entry colname="col2"><al>De leden van de raad, die door het centraal
                                                stembureau op dezelfde kandidatenlijst verkozen zijn
                                                verklaard, worden bij de aanvang van de zitting als
                                                één fractie beschouwd. Is onder een lijstnummer
                                                slechts één lid verkozen, dan wordt dit lid als een
                                                afzonderlijke fractie beschouwd.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>2.</al></entry><entry colname="col2"><al>Indien boven de kandidatenlijst een aanduiding was
                                                geplaatst, voert de fractie in de raad deze
                                                aanduiding als naam. Indien geen aanduiding boven de
                                                kandidatenlijst was geplaatst, deelt de fractie in
                                                de eerste vergadering van de raad aan de voorzitter
                                                mee welke naam deze fractie in de raad wil
                                                voeren.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>3.</al></entry><entry colname="col2"><al>De namen van degenen die als voorzitter van de
                                                fractie en als diens plaatsvervanger optreden worden
                                                zo spoedig mogelijk doorgegeven aan de
                                                voorzitter.</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al/><table><tgroup cols="3"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="5*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="5*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="89*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>4.</al></entry><entry colname="col2"><al>a.</al></entry><entry colname="col3"><al>Indien:</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al/><table><tgroup cols="4"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="5*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="5*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="5*"/><colspec colname="col4" colnum="4" colwidth="84*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al>1.</al></entry><entry colname="col4"><al>één of meer leden van een fractie als zelfstandige
                                                fractie gaan optreden;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al>2.</al></entry><entry colname="col4"><al>twee of meer fracties als één fractie gaan
                                                optreden;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al>3.</al></entry><entry colname="col4"><al>één of meer leden van een fractie zich aansluiten
                                                bij een andere fractie; wordt hiervan zo spoedig
                                                mogelijk schriftelijk mededeling gedaan aan de
                                                voorzitter.</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al/><table><tgroup cols="3"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="5*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="5*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="89*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>b.</al></entry><entry colname="col3"><al>Met de onder a beschreven veranderde situatie wordt
                                                rekening gehouden met ingang van de eerstvolgende
                                                vergadering van de raad na de mededeling
                                                daarvan.</al></entry></row></tbody></tgroup></table></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3</nr><titel>Vergaderingen</titel></kop><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>1</nr><titel>Tijdstip van vergaderen; voorbereidingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Vergaderfrequentie en tijdsduur</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De vergaderingen van de raad vinden in de regel plaats op de
                                        laatste donderdag van de maand, vangen aan om 19.30 uur en
                                        worden gehouden in het gemeentehuis.</al></li><li nr="2."><al>De voorzitter kan in bijzondere gevallen een andere dag en
                                        aanvangsuur bepalen of een andere vergaderplaats aanwijzen.
                                        Hij voert hierover, tenzij er sprake is van een spoedeisende
                                        situatie, overleg in het presidium.</al></li><li nr="3."><al>De voorzitter constateert om 22.30 uur dat de raad zich
                                        dient uit te spreken over een voorstel van orde,
                                        inhoudende:</al><lijst><li nr="a."><al>schorsing van de beraadslagingen en verdaging van de
                                                resterende agendapunten naar een vergadering op een
                                                ander tijdstip, of</al></li><li nr="b."><al>afronding van de beraadslagingen over het agendapunt
                                                en verdaging van de resterende agendapunten naar een
                                                vergadering op een ander tijdstip, of</al></li><li nr="c."><al>voortzetting en afronding van de agenda van de
                                                raad.</al></li></lijst></li><li nr="4."><al>De voorzitter is bevoegd om in overeenstemming met daarover
                                        met de fractievoorzitters te maken afspraken de spreektijd
                                        per fractie dan wel per collegelid te beperken tot maximaal
                                        de afgesproken minuten in de eerste termijn en/of in de
                                        tweede termijn.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Oproep</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De voorzitter zendt ten minste 7 dagen voor een vergadering
                                        de leden van de raad een schriftelijke oproep onder
                                        vermelding van dag, tijdstip en plaats van de
                                        vergadering.</al></li><li nr="2."><al>De voorlopige agenda en de daarbij behorende stukken, met
                                        uitzondering van de in artikel 25, eerste en tweede lid, van
                                        de Gemeentewet bedoelde stukken worden tegelijkertijd met de
                                        schriftelijke oproep aan de leden van de raad
                                        verzonden.</al></li><li nr="3."><al>Indien een aanvullende agenda wordt vastgesteld als bedoeld
                                        in artikel 10, tweede lid, worden deze agenda en de daarop
                                        vermelde voorstellen zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk 48
                                        uur voor aanvang van de vergadering aan de leden van de raad
                                        gezonden.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Agenda</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Voordat de schriftelijke oproep wordt verzonden, stelt het
                                        presidium de voorlopige agenda van de vergadering vast.</al></li><li nr="2."><al>In spoedeisende gevallen kan de voorzitter na het verzenden
                                        van de schriftelijke oproep tot uiterlijk 48 uur voor de
                                        aanvang van een vergadering een aanvullende agenda
                                        opstellen.</al></li><li nr="3."><al>Bij aanvang van de vergadering stelt de raad de agenda vast.
                                        Op voorstel van een lid van de raad of de voorzitter kan de
                                        raad besluiten om de volgorde van de geagendeerde
                                        onderwerpen gewijzigd vast te stellen, onderwerpen aan de
                                        agenda toevoegen dan wel van de agenda af te voeren.</al></li><li nr="4."><al>Wanneer de raad een onderwerp onvoldoende voor de openbare
                                        beraadslaging voorbereid acht, kan hij het onderwerp
                                        verwijzen naar een commissie of aan het college nadere
                                        inlichtingen of advies vragen.</al></li><li nr="5."><al>Op voorstel van een lid van de raad of van de voorzitter kan
                                        de raad de volgorde van behandeling van de agendapunten
                                        wijzigen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>De wethouder</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het presidium kan een wethouder/de wethouders verzoeken bij
                                        een vergadering van de raad aanwezig te zijn.</al></li><li nr="2."><al>Bij de vaststelling van de agenda kan de raad desgewenst, of
                                        op verzoek van de wethouder, besluiten een wethouder deel te
                                        laten nemen aan de beraadslagingen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Ter inzage leggen van stukken</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De voorlopige agenda en de stukken, die ter toelichting van
                                        de onderwerpen of voorstellen op de voorlopige agenda
                                        dienen, worden gelijktijdig met het verzenden van de
                                        schriftelijke oproep voor een ieder op het gemeentehuis ter
                                        inzage gelegd en op de internet-site van de gemeente
                                        geplaatst. De voorzitter maakt van de terinzagelegging
                                        melding in de openbare kennisgeving bedoeld in artikel 13.
                                        Indien na het verzenden van de schriftelijke oproep stukken
                                        ter inzage worden gelegd, wordt hiervan mededeling gedaan
                                        aan de leden van de raad en op de internet-site van de
                                        gemeente en zo mogelijk in een openbare kennisgeving.</al></li><li nr="2."><al>Een origineel van een ter inzage gelegd stuk wordt niet
                                        buiten het gemeentehuis gebracht.</al></li><li nr="3."><al>Indien omtrent stukken op grond van artikel 25, eerste of
                                        tweede lid, van de Gemeentewet geheimhouding is opgelegd,
                                        blijven deze stukken in afwijking van het eerste lid, onder
                                        berusting van de griffier en verleent de griffier de leden
                                        van de raad inzage.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Openbare kennisgeving</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De vergadering wordt door aankondiging in één of meer dag-,
                                        nieuws-, of huis-aan-huisbladen of op de voor afkondigingen
                                        in de gemeente gebruikelijke wijze en door plaatsing op de
                                        internet-site van de gemeente ter openbare kennis
                                        gebracht.</al></li><li nr="2."><al>De openbare kennisgeving vermeldt:</al><lijst><li nr="a."><al>de datum, aanvangstijd en plaats van de
                                                vergadering;</al></li><li nr="b."><al>de wijze waarop en de plaats waar een ieder de
                                                voorlopige agenda en de daarbij behorende stukken
                                                kan inzien.</al></li></lijst></li></lijst></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>2</nr><titel>Orde der vergadering</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Presentielijst</titel></kop><al>Bij binnenkomst in de vergaderzaal tekent ieder lid van de raad
                                onmiddellijk de presentielijst. Aan het einde van elke vergadering
                                wordt die lijst door de voorzitter en de griffier door ondertekening
                                vastgesteld.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Zitplaatsen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De voorzitter, de leden van de raad en de griffier hebben
                                        een vaste zitplaats, door de voorzitter na overleg in het
                                        presidium bij aanvang van iedere nieuwe zittingsperiode van
                                        de raad aangewezen.</al></li><li nr="2."><al>Indien daartoe aanleiding bestaat, kan de voorzitter de
                                        indeling herzien na overleg in het presidium.</al></li><li nr="3."><al>De voorzitter draagt zorg voor een zitplaats voor de
                                        wethouders, gemeentesecretaris en overige personen, die voor
                                        de vergadering zijn uitgenodigd.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Opening vergadering; quorum</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De voorzitter opent de vergadering op het vastgestelde uur,
                                        indien het daarvoor door de wet vereiste aantal leden van de
                                        raad blijkens de presentielijst aanwezig is.</al></li><li nr="2."><al>Wanneer een kwartier na het vastgestelde tijdstip niet het
                                        vereiste aantal leden aanwezig is, bepaalt de voorzitter, na
                                        voorlezing van de namen der afwezige leden, dag en uur van
                                        de volgende vergadering, met inachtneming van artikel 20 van
                                        de Gemeentewet.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Handelingen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De ontwerp-handelingen van de voorgaande vergadering worden,
                                        zo mogelijk, aan de leden van de raad toegezonden
                                        gelijktijdig met de schriftelijke oproep. De
                                        ontwerp-handelingen worden gelijktijdig aan de overige
                                        personen die het woord gevoerd hebben, toegezonden.</al></li><li nr="2."><al>Bij het begin van de vergadering worden, zoveel mogelijk, de
                                        handelingen van de vorige vergadering vastgesteld.</al></li><li nr="3."><al>De leden, de voorzitter, de wethouders, de griffier en de
                                        gemeentesecretaris hebben het recht, een voorstel tot
                                        verandering aan de raad te doen, indien de handelingen
                                        onjuistheden bevatten of niet duidelijk weergeven hetgeen
                                        gezegd of besloten is.</al></li><li nr="4."><al>De handelingen moeten inhouden:</al><lijst><li nr="a."><al>de namen van de voorzitter, de griffier, de
                                                gemeentesecretaris, de wethouders en de ter
                                                vergadering aanwezige leden, alsmede van de leden
                                                die afwezig waren en overige personen die het woord
                                                gevoerd hebben;</al></li><li nr="b."><al>een vermelding van de zaken die aan de orde zijn
                                                geweest;</al></li><li nr="c."><al>^en integrale weergave! van het gesprokene met
                                                vermelding van de namen van de aanwezigen die het
                                                woord voerden;</al></li><li nr="d."><al>een overzicht van het verloop van elke stemming, met
                                                vermelding bij hoofdelijke stemming van de namen van
                                                de leden die voor of tegen stemden, onder
                                                aantekening van de namen van de leden die zich
                                                overeenkomstig de Gemeentewet van stemming hebben
                                                onthouden;</al></li><li nr="e."><al>de tekst van de ter vergadering ingediende
                                                initiatiefvoorstellen en
                                                burgerinitiatiefvoorstellen, voorstellen van orde,
                                                moties, amendementen en sub-amendementen;</al></li><li nr="f."><al>bij het desbetreffende agendapunt de naam en de
                                                hoedanigheid van die personen aan wie het op grond
                                                van het bepaalde in artikel 24 door de raad is
                                                toegestaan deel te nemen aan de
                                                beraadslagingen.</al></li></lijst></li><li nr="5."><al>De handelingen worden opgesteld onder de zorg van de
                                        griffier.</al></li><li nr="6."><al>De vastgestelde handelingen worden door de voorzitter en de
                                        griffier ondertekend.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr><titel>Ingekomen stukken</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Bij de raad ingekomen stukken, waaronder schriftelijke
                                        mededelingen van het college aan de raad, worden op een
                                        lijst geplaatst. Deze lijst wordt aan de leden van de raad
                                        toegezonden en ter inzage gelegd, voorzien van een door het
                                        presidium geformuleerd voorstel ter afdoening.</al></li><li nr="2."><al>Als laatste punt van zijn agenda stelt de raad de wijze van
                                        afdoening van de ingekomen stukken vast.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr><titel>Spreekregels</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De leden van de raad spreken in eerste termijn vanaf de
                                        spreekplaats en, indien de voorzitter dit toestaat, in
                                        tweede en eventueel volgende termijnen vanaf hun plaats en
                                        richten zich tot de voorzitter. De voorzitter, de griffier
                                        en de wethouders spreken vanaf hun plaats. Bij de
                                        begrotingsbesprekingen spreken de wethouders vanaf de
                                        spreekplaats.</al></li><li nr="2."><al>Bij bijzondere gelegenheden kan de voorzitter bepalen dat de
                                        leden van de raad en de overige aanwezigen vanaf een andere
                                        plaats spreken.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20</nr><titel>Volgorde sprekers</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Een lid van de raad voert het woord na het aan de voorzitter
                                        gevraagd en van hem verkregen te hebben.</al></li><li nr="2."><al>De volgorde van sprekers kan worden gewijzigd, wanneer een
                                        lid van de raad het woord vraagt over de orde van de
                                        vergadering.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>21</nr><titel>Aantal spreektermijnen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De beraadslaging over een onderwerp of een bespreekvoorstel
                                        geschiedt in ten hoogste twee termijnen, tenzij de raad
                                        anders beslist. De beraadslaging over een ander voorstel
                                        geschiedt in één termijn, tenzij de raad anders
                                        beslist.</al></li><li nr="2."><al>Elke spreektermijn wordt door de voorzitter afgesloten.</al></li><li nr="3."><al>Een lid mag in een termijn niet meer dan één maal het woord
                                        voeren over hetzelfde onderwerp of voorstel.</al></li><li nr="4."><al>Het derde lid is niet van toepassing op:</al><lijst><li nr="a."><al>de rapporteur van een commissie;</al></li><li nr="b."><al>het lid dat een (sub)amendement, een motie of een
                                                initiatiefvoorstel heeft ingediend, voor wat betreft
                                                dat amendement, die motie of dat voorstel.</al></li></lijst></li><li nr="5."><al>Bij de bepaling hoeveel malen een lid over hetzelfde
                                        onderwerp of voorstel het woord heeft gevoerd, wordt niet
                                        meegerekend het spreken over een voorstel van orde.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>22</nr><titel>Handhaving orde; schorsing</titel></kop><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="4*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="95*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>1.</al></entry><entry colname="col2"><al>Een spreker mag in zijn betoog niet worden
                                                  gestoord, tenzij</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al/><table><tgroup cols="3"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="4*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="4*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="90*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>a.</al></entry><entry colname="col3"><al>de voorzitter het nodig oordeelt hem aan het
                                                  opvolgen van dit reglement te herinneren;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>b.</al></entry><entry colname="col3"><al>een lid hem interrumpeert. De voorzitter kan
                                                  bepalen dat de spreker zonder verdere interrupties
                                                  zijn betoog zal afronden.</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al/><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="4*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="95*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>2.</al></entry><entry colname="col2"><al>Indien een spreker, zich beledigende of
                                                  onbetamelijke uitdrukkingen veroorlooft, afwijkt
                                                  van het in behandeling zijnde onderwerp, een
                                                  andere spreker herhaaldelijk interrumpeert, dan
                                                  wel anderszins de orde verstoort, wordt hij door
                                                  de voorzitter tot de orde geroepen. </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>Indien de betreffende spreker, hieraan geen
                                                  gevolg geeft, kan de voorzitter hem gedurende de
                                                  vergadering, waarin zulks plaats heeft, over het
                                                  aanhangige onderwerp het woord ontzeggen</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>3.</al></entry><entry colname="col2"><al>De voorzitter kan ter handhaving van de orde de
                                                  vergadering voor een door hem te bepalen tijd
                                                  schorsen en - indien na de heropening de orde
                                                  opnieuw wordt verstoord - de vergadering
                                                  sluiten.</al></entry></row></tbody></tgroup></table></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>23</nr><titel>Beraadslaging</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De raad kan op voorstel van de voorzitter of een lid van de
                                        raad beslissen over één of meer onderdelen van een onderwerp
                                        of voorstel afzonderlijk te beraadslagen.</al></li><li nr="2."><al>Op verzoek van een lid van de raad of op voorstel van de
                                        voorzitter kan de raad besluiten de beraadslaging voor een
                                        door hem te bepalen tijd te schorsen teneinde een fractie,
                                        fractie(s), leden danwei een of meer collegeleden de
                                        gelegenheid te geven tot onderling nader beraad. De
                                        beraadslagingen worden hervat nadat de schorsingsperiode
                                        verstreken is.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>24</nr><titel>Deelname aan de beraadslaging door anderen</titel></kop><al>1. De raad kan bepalen dat anderen dan de in de vergadering
                                aanwezige leden van de raad, de wethouder, de gemeentesecretaris, de
                                griffier en de voorzitter deelnemen aan de beraadslaging.</al><al>2. Een beslissing daartoe wordt op voorstel van de voorzitter of één
                                der leden van de raad genomen alvorens met de beraadslaging ten
                                aanzien van het aan de orde zijnde agendapunt een aanvang wordt
                                genomen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>25</nr><titel>Stemverklaring</titel></kop><al>Na het sluiten van de beraadslaging en voordat de raad tot stemming
                                overgaat, heeft ieder lid het recht zijn uit te brengen stem kort te
                                motiveren.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>26</nr><titel>Beslissing</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Wanneer de voorzitter vaststelt, dat een onderwerp of
                                        voorstel voldoende is toegelicht, sluit hij de
                                        beraadslaging, tenzij de raad anders beslist.</al></li><li nr="2."><al>Nadat de beraadslaging is gesloten, vindt na een stemming
                                        over eventuele amendementen, de stemming plaats over het
                                        voorstel, zoals het dan luidt, in zijn geheel tenzij geen
                                        stemming wordt gevraagd.</al></li><li nr="3."><al>Voordat de stemming over het voorstel in zijn geheel
                                        plaatsvindt, formuleert de voorzitter het voorstel over de
                                        te nemen eindbeslissing.</al><al/></li></lijst></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>3</nr><titel>Procedures bij stemmingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>27</nr><titel>Algemene bepalingen over stemming</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De voorzitter vraagt, of stemming wordt verlangd. Indien
                                        geen stemming wordt gevraagd en ook de voorzitter dit niet
                                        verlangt, stelt de voorzitter vast dat het voorstel zonder
                                        hoofdelijke stemming is aangenomen.</al></li><li nr="2."><al>In de vergadering aanwezige leden kunnen aantekening in de
                                        handelingen vragen, dat zij geacht willen worden te hebben
                                        tegengestemd of zich van stemming te hebben onthouden.</al></li><li nr="3."><al>Indien door een of meer leden stemming wordt gevraagd, doet
                                        de voorzitter daarvan mededeling.</al></li><li nr="4."><al>Alvorens bij een hoofdelijke stemming deze aan te vangen
                                        deelt de voorzitter mede, bij welk lid van de raad, de
                                        hoofdelijke stemming zal beginnen. Daartoe wordt bij loting
                                        een volgnummer van de presentielijst aangewezen; bij het
                                        daar genoemde lid begint de hoofdelijke stemming.</al></li><li nr="5."><al>De voorzitter (of de griffier) roept de leden van de raad
                                        bij naam op hun stem uit te brengen. De stemming begint bij
                                        het lid dat daarvoor overeenkomstig het 4e lid is
                                        aangewezen. Vervolgens geschiedt de oproeping naar de
                                        volgorde van de presentielijst.</al></li><li nr="6."><al>Bij hoofdelijke stemming is ieder ter vergadering aanwezig
                                        lid dat zich niet van deelneming aan de stemming moet
                                        onthouden verplicht zijn stem uit te brengen.</al></li><li nr="7."><al>De leden brengen hun stem uit door het woord 'voor' of
                                        'tegen' uit te spreken, zonder enige toevoeging.</al></li><li nr="8."><al>Heeft een lid zich bij het uitbrengen van zijn stem vergist,
                                        dan kan hij deze vergissing nog herstellen voordat het
                                        volgende lid gestemd heeft. Bemerkt het lid zijn vergissing
                                        pas later, dan kan hij nadat de voorzitter de uitslag van de
                                        stemming bekend heeft gemaakt wel aantekening vragen dat hij
                                        zich heeft vergist; in de uitslag van de stemming brengt dit
                                        echter geen verandering.</al></li><li nr="9."><al>De voorzitter deelt de uitslag na afloop van de stemming
                                        mede, met vermelding van het aantal voor en tegen
                                        uitgebrachte stemmen. Hij doet daarbij tevens mededeling van
                                        het genomen besluit.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>28</nr><titel>Stemming over amendementen en moties</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Indien een amendement op een aanhangig voorstel is
                                        ingediend, wordt eerst over dat amendement gestemd.</al></li><li nr="2."><al>Indien op een amendement een sub-amendement is ingediend,
                                        wordt eerst over het sub-amendement gestemd en vervolgens
                                        over het amendement.</al></li><li nr="3."><al>Indien twee of meer amendementen of sub-amendementen op een
                                        aanhangig voorstel zijn ingediend, bepaalt de voorzitter de
                                        volgorde waarin hierover zal worden gestemd. Daarbij geldt
                                        de regel, dat het meest verstrekkende amendement of
                                        sub-amendement het eerst in stemming wordt gebracht.</al></li><li nr="4."><al>Indien aangaande een aanhangig voorstel een motie is
                                        ingediend, wordt eerst over het voorstel gestemd en
                                        vervolgens over de motie.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>29</nr><titel>Stemming over personen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Wanneer een stemming over personen voor het doen van een
                                        voordracht of het opstellen van een voordracht of
                                        aanbeveling moet plaatshebben, benoemt de voorzitter twee
                                        leden tot stembureau.</al></li><li nr="2."><al>Ieder ter vergadering aanwezig lid dat zich niet op grond
                                        van de Gemeentewet van stemming moet onthouden is verplicht
                                        een stembriefje in te leveren. De stembriefjes dienen
                                        identiek te zijn.</al></li><li nr="3."><al>Er hebben zoveel stemmingen plaats als er personen zijn te
                                        benoemen, voor te dragen of aan te bevelen. De raad kan op
                                        voorstel van de voorzitter beslissen dat bepaalde stemmingen
                                        worden samengevat op één briefje.</al></li><li nr="4."><al>Het stembureau onderzoekt of het aantal ingeleverde
                                        stembriefjes gelijk is aan het aantal leden dat ingevolge
                                        het tweede lid verplicht is een stembriefje in te leveren.
                                        Wanneer de aantallen niet gelijk zijn worden de stembriefjes
                                        vernietigd zonder deze te openen en wordt een nieuwe
                                        stemming gehouden.</al></li><li nr="5."><al>Voor het bepalen van de volstrekte meerderheid als bedoeld
                                        in artikel 30 van de Gemeentewet worden geacht geen stem te
                                        hebben uitgebracht die leden die geen behoorlijk stembriefje
                                        hebben ingeleverd. Onder een niet behoorlijk ingevuld
                                        stembriefje wordt verstaan:</al><lijst><li nr="a."><al>een blanco ingevuld stembriefje;</al></li><li nr="b."><al>een ondertekend stembriefje;</al></li><li nr="c."><al>een stembriefje waarop meer dan één naam is vermeld,
                                                tenzij de stemming verschillende vacatures
                                                betreft;</al></li><li nr="d."><al>een stembriefje waarbij, indien het een benoeming op
                                                voordracht betreft, op een persoon wordt gestemd die
                                                niet is voorgedragen;</al></li><li nr="e."><al>een stembriefje waarbij op een andere persoon wordt
                                                gestemd dan die waartoe de stemming is beperkt.</al></li></lijst></li><li nr="6."><al>In geval van twijfel over de inhoud van een stembriefje
                                        beslist de raad, op voorstel van de voorzitter.</al></li><li nr="7."><al>Onder de zorg van de griffier worden de stembriefjes
                                        onmiddellijk na vaststelling van de uitslag vernietigd.</al></li><li nr="8."><al>Indien geen der aanwezige leden van de raad zich daartegen
                                        verzet kan de voorzitter de raad voorstellen dat
                                        voorgedragen personen geacht worden met algemene stemmen
                                        schriftelijk te zijn benoemd.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>30</nr><titel>Herstemming over personen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Wanneer bij de eerste stemming niemand de volstrekte
                                        meerderheid heeft verkregen, wordt tot een tweede stemming
                                        overgegaan.</al></li><li nr="2."><al>Wanneer ook bij deze tweede stemming door niemand de
                                        volstrekte meerderheid is verkregen, heeft een derde
                                        stemming plaats tussen twee personen, die bij de tweede
                                        stemming de meeste stemmen op zich hebben verenigd. Zijn bij
                                        de tweede stemming de meeste stemmen over meer dan twee
                                        personen verdeeld, dan wordt bij een tussenstemming
                                        uitgemaakt tussen welke twee personen de derde stemming zal
                                        plaatshebben.</al></li><li nr="3."><al>Indien bij tussenstemming of bij de derde stemming de
                                        stemmen staken, beslist terstond het lot.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>31</nr><titel>Beslissing door het lot</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Wanneer het lot moet beslissen, worden de namen van hen
                                        tussen wie de beslissing moet plaatshebben, door de
                                        voorzitter op afzonderlijke, geheel gelijke, briefjes
                                        geschreven.</al></li><li nr="2."><al>Deze briefjes worden, nadat zij door het stembureau zijn
                                        gecontroleerd, op gelijke wijze gevouwen, in een stembokaal
                                        gedeponeerd en omgeschud.</al></li><li nr="3."><al>Vervolgens neemt de voorzitter een van de briefjes uit de
                                        stembokaal.</al></li><li nr="4."><al>Degene wiens naam op dit briefje voorkomt, is gekozen.</al></li></lijst></artikel></paragraaf></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>4</nr><titel>Rechten van leden</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>32</nr><titel>Amendementen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Ieder lid van de raad kan tot het sluiten van de beraadslagingen
                                    amendementen indienen. Een amendement kan het voorstel inhouden
                                    om een geagendeerd voorstel in één of meer onderdelen te
                                    splitsen, waarover afzonderlijke besluitvorming zal
                                    plaatsvinden. Alleen beraadslaagd kan worden over amendementen
                                    die ingediend zijn door leden van de raad, die de presentielijst
                                    getekend hebben en in de vergadering aanwezig zijn.</al></li><li nr="2."><al>Ieder lid dat in de vergadering aanwezig is, is bevoegd op het
                                    amendement dat door een lid is ingediend, een wijziging voor te
                                    stellen (sub-amendement).</al></li><li nr="3."><al>Elk (sub)amendement en elk voorstel moet om in behandeling
                                    genomen te kunnen worden schriftelijk bij de voorzitter worden
                                    ingediend, tenzij de voorzitter - met het oog op het eenvoudige
                                    karakter van het voorgestelde -oordeelt, dat met een mondelinge
                                    indiening kan worden volstaan.</al></li><li nr="4."><al>Intrekking, door de indiener(s), van het (sub)amendement is
                                    mogelijk, tot het moment waarop de voorzitter de beraadslagingen
                                    heeft gesloten en de stemming aan de orde stelt.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>33</nr><titel>Moties</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Ieder lid van de raad kan ter vergadering een motie
                                    indienen.</al></li><li nr="2."><al>Een motie moet om in behandeling genomen te kunnen worden
                                    schriftelijk bij de voorzitter worden ingediend.</al></li><li nr="3."><al>De behandeling van een motie over een aanhangig onderwerp of
                                    voorstel vindt tegelijk met de beraadslaging over dat onderwerp
                                    of voorstel plaats.</al></li><li nr="4."><al>De behandeling van een motie over een niet op de agenda
                                    opgenomen onderwerp vindt plaats nadat alle op de agenda
                                    voorkomende onderwerpen zijn behandeld.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>34</nr><titel>Voorstellen van orde</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De voorzitter en ieder lid van de raad kunnen tijdens de
                                    vergadering mondeling een voorstel van orde doen, dat kort kan
                                    worden toegelicht.</al></li><li nr="2."><al>Een voorstel van orde kan uitsluitend de orde van de vergadering
                                    betreffen.</al></li><li nr="3."><al>Over een voorstel van orde beslist de raad terstond.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>35</nr><titel>Initiatiefvoorstel</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Een initiatiefvoorstel moet om in behandeling genomen te kunnen
                                    worden schriftelijk bij de voorzitter worden ingediend.</al></li><li nr="2."><al>De voorzitter plaatst het voorstel op de agenda van de
                                    eerstvolgende vergadering, tenzij de schriftelijke oproep
                                    hiervoor reeds verzonden is. In dit laatste geval wordt het
                                    voorstel op de agenda van de daaropvolgende vergadering
                                    geplaatst.</al></li><li nr="3."><al>De behandeling van het voorstel vindt plaats nadat alle op de
                                    agenda voorkomende voorstellen en onderwerpen zijn behandeld,
                                    tenzij de raad oordeelt dat het voorstel met het oog op de orde
                                    van de vergadering tezamen met een ander geagendeerd voorstel of
                                    onderwerp dient te worden behandeld, het voorstel eerst dient te
                                    worden behandeld in een raadscommissie of voor advies naar het
                                    college dient te worden gezonden. In het laatste geval bepaalt
                                    de raad in welke vergadering het voorstel opnieuw geagendeerd
                                    wordt.</al></li><li nr="4."><al>De raad kan voorwaarden stellen aan de indiening en behandeling
                                    van een voorstel, niet zijnde een voorstel voor een
                                    verordening.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>36</nr><titel>Collegevoorstel</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Een voorstel voor een verordening of een ander voorstel van het
                                    college aan de raad, dat vermeld staat op de agenda van de
                                    raadsvergadering, kan tijdens de vergadering door het college
                                    worden ingetrokken, mits dit gebeurt voordat de voorzitter de
                                    beraadslagingen heeft gesloten.</al></li><li nr="2."><al>Indien de raad van oordeel is dat een voorstel van het college
                                    voor advies terug aan het college moet worden gezonden, bepaalt
                                    de raad in welke vergadering het voorstel opnieuw geagendeerd
                                    wordt.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>37</nr><titel>Interpellatie</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het verzoek tot het houden van een interpellatie wordt,
                                    behoudens in naar het oordeel van de voorzitter spoedeisende
                                    gevallen, ten minste 48 uur voor de aanvang van de vergadering
                                    schriftelijk bij de voorzitter ingediend. Het verzoek bevat een
                                    duidelijke omschrijving van het onderwerp waarover inlichtingen
                                    worden verlangd alsmede de te stellen vragen.</al></li><li nr="2."><al>De voorzitter brengt de inhoud van het verzoek zo spoedig
                                    mogelijk ter kennis van de overige leden van de raad en de
                                    wethouders. Bij de behandeling van de ingekomen stukken van de
                                    eerstvolgende vergadering na indiening van het verzoek wordt het
                                    verzoek in stemming gebracht. De raad bepaalt op welk tijdstip
                                    tijdens de vergadering de interpellatie zal worden
                                    gehouden.</al></li><li nr="3."><al>De interpellant voert niet meer dan tweemaal het woord, de
                                    overige leden van de raad, de burgemeester en de wethouders niet
                                    meer dan eenmaal, tenzij de raad hen hiertoe verlof geeft.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>38</nr><titel>Schriftelijke vragen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Schriftelijke vragen aan het college worden kort en duidelijk
                                    geformuleerd. De vragen kunnen van een toelichting worden
                                    voorzien. Bij de vragen wordt aangegeven, of schriftelijke of
                                    mondelinge beantwoording wordt verlangd.</al></li><li nr="2."><al>De vragen worden bij het college ingediend. Het college draagt
                                    er zorg voor dat de vragen zo spoedig mogelijk ter kennis van de
                                    leden van de raad en de griffer worden gebracht.</al></li><li nr="3."><al>Het college draagt zorg voor een zo spoedig mogelijke
                                    beantwoording van de vragen, uiterlijk binnen 30 dagen, nadat de
                                    vragen zijn binnengekomen. Mondelinge beantwoording vindt plaats
                                    in de eerstvolgende raadsvergadering. Indien schriftelijke
                                    beantwoording niet binnen 30 dagen kan plaatsvinden, stelt het
                                    college de vragensteller en de griffer daarvan op de hoogte,
                                    waarbij uitstel van de beantwoording wordt geacht te zijn
                                    verleend tot maximaal 60 dagen nadat de vragen zijn
                                    binnengekomen. Dit bericht van uitstel wordt behandeld als een
                                    antwoord.</al></li><li nr="4."><al>De antwoorden worden aan de vragensteller en aan de raad
                                    medegedeeld.</al></li><li nr="5."><al>De vragen en antwoorden worden gelijktijdig met de stukken als
                                    bedoeld in artikel 18 aan de leden van de raad toegezonden.</al></li><li nr="6."><al>De vragensteller kan, bij schriftelijke beantwoording in de
                                    eerstvolgende raadsvergadering en bij mondelinge beantwoording
                                    in dezelfde raadsvergadering, na de behandeling van de op de
                                    agenda voorkomende onderwerpen nadere inlichtingen vragen
                                    omtrent het door de burgemeester of door het college gegeven
                                    antwoord, tenzij de raad anders beslist.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>39</nr><titel>Vragenhalfuur</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Voorafgaand aan elke vergadering is er een vragenhalfuur, tenzij
                                    er bij de voorzitter geen vragen zijn ingediend. In bijzondere
                                    gevallen kan het presidium bepalen dat het vragenhalfuur op een
                                    ander tijdstip wordt gehouden. De voorzitter bepaalt op welk
                                    tijdstip het vragenhalfuur eindigt.</al></li><li nr="2."><al>Het lid van de raad dat tijdens het vragenhalfuur vragen wil
                                    stellen, meldt dit onder aanduiding van het onderwerp ten minste
                                    24 uur voor aanvang van het vragenhalfuur bij de voorzitter. De
                                    voorzitter kan na overleg met het presidium weigeren een
                                    onderwerp tijdens het vragenhalfuur aan de orde te stellen
                                    indien hij het onderwerp niet voldoende nauwkeurig acht
                                    aangegeven of indien het onderwerp in de raadsvergadering op
                                    diezelfde dag aan de orde komt.</al></li><li nr="3."><al>De voorzitter bepaalt de volgorde, waarin aangemelde onderwerpen
                                    tijdens het vragenhalfuur aan de orde worden gesteld.</al></li><li nr="4."><al>De voorzitter bepaalt per onderwerp de spreektijd voor de
                                    vragensteller, voor de wethouders, voor de burgemeester en voor
                                    de overige leden van de raad.</al></li><li nr="5."><al>Per onderwerp wordt aan de vragensteller het woord verleend om
                                    één of meer vragen aan het college of de burgemeester te stellen
                                    en een toelichting daarop te geven.</al></li><li nr="6."><al>Na de beantwoording door het college of de burgemeester krijgt
                                    de vragensteller desgewenst het woord om aanvullende vragen te
                                    stellen.</al></li><li nr="7."><al>Vervolgens kan de voorzitter aan andere leden van de raad het
                                    woord verlenen om hetzij aan de vragensteller, hetzij aan het
                                    college vragen te stellen over hetzelfde onderwerp.</al></li><li nr="8."><al>Tijdens het vragenhalfuur kunnen geen moties worden ingediend en
                                    worden geen interrupties toegelaten.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>40</nr><titel>Inlichtingen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Indien een lid van de raad over een onderwerp inlichtingen als
                                    bedoeld in de artikelen 169, derde lid, en 180, derde lid, van
                                    de Gemeentewet verlangt, wordt een verzoek daartoe schriftelijk
                                    ingediend bij het college of de burgemeester.</al></li><li nr="2."><al>Een afschrift van dit verzoek wordt door de indiener in
                                    afschrift toegezonden aan de raad.</al></li><li nr="3."><al>De verlangde inlichtingen worden mondeling of schriftelijk in de
                                    eerstvolgende of in de daarop volgende vergadering gegeven.</al></li><li nr="4."><al>De gestelde vragen en het antwoord vormen een agendapunt voor de
                                    vergadering, waarin de antwoorden zullen worden gegeven.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>5</nr><titel>Begroting en rekening</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>41</nr><titel>Procedure begroting</titel></kop><al>Onverminderd het bepaalde in de Gemeentewet geschiedt de voorbereiding,
                            de behandeling en de vaststelling van de begroting volgens een procedure
                            die de raad vaststelt.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>42</nr><titel>Procedure jaarrekening</titel></kop><al>Onverminderd het bepaalde in de Gemeentewet geschiedt de voorbereiding
                            en het onderzoek van de jaarrekening en het jaarverslag, alsmede de
                            vaststelling van de jaarrekening en van een eventueel
                            indemniteitsbesluit volgens een procedure die de raad vaststelt.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>6</nr><titel>Lidmaatschap van andere organisaties</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>43</nr><titel>Verslag; verantwoording</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Een lid van de raad, een wethouder, de burgemeester of de
                                    gemeentesecretaris, die door de gemeenteraad is aangewezen tot
                                    lid van het algemeen bestuur van een openbaar lichaam of van een
                                    ander gemeenschappelijk orgaan, ingesteld op grond van de Wet
                                    gemeenschappelijke regelingen, heeft het recht (om in
                                    aansluiting op de behandeling van de lijst van ingekomen stukken
                                    of voor het sluiten van de vergadering) verslag te doen over
                                    zaken die in het algemeen bestuur als bedoeld aan de orde zijn.
                                    Door de raad gewenste bespreking van dit verslag kan de
                                    voorzitter verwijzen naar de desbetreffende commissie.</al></li><li nr="2."><al>Ieder lid van de raad kan aan een persoon als bedoeld in het
                                    eerste lid, schriftelijke vragen stellen. De regels voor het
                                    stellen van schriftelijke vragen, vastgesteld in artikel 38,
                                    zijn van overeenkomstige toepassing.</al></li><li nr="3."><al>Wanneer een lid van de raad een persoon als bedoeld in het
                                    eerste lid ter verantwoording wenst te roepen over zijn wijze
                                    van functioneren als zodanig, besluit de raad over het toestaan
                                    daarvan. De regels voor het vragen van inlichtingen, vastgesteld
                                    in artikel 40, zijn van overeenkomstige toepassing.</al></li><li nr="4."><al>Dit artikel is van overeenkomstige toepassing op andere
                                    organisaties of instituties, waarin de raad één van zijn leden
                                    heeft benoemd.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>7</nr><titel>Besloten vergadering</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>44</nr><titel>Algemeen</titel></kop><al>Op een besloten vergadering zijn de bepalingen van dit reglement van
                            overeenkomstige toepassing voorzover deze bepalingen niet strijdig zijn
                            met het besloten karakter van de vergadering.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>45</nr><titel>Handelingen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De handelingen van een besloten vergadering worden aan de leden
                                    toegezonden. Indien de raad tot geheimhouding heeft besloten als
                                    bedoeld in artikel 46 worden de handelingen voorzien van de
                                    aanduiding "geheim".</al></li><li nr="2."><al>Deze handelingen worden zo spoedig mogelijk in een besloten
                                    vergadering ter vaststelling aangeboden. Tijdens deze
                                    vergadering neemt de raad een besluit over het al dan niet
                                    openbaar maken van deze handelingen. De vastgestelde handelingen
                                    worden door de voorzitter en de griffier ondertekend.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>46</nr><titel>Geheimhouding</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Voor de afloop van de besloten vergadering beslist de raad
                                    overeenkomstig artikel 25, eerste lid, van de Gemeentewet of
                                    omtrent de inhoud van de stukken en het verhandelde
                                    geheimhouding zal gelden. De raad kan besluiten de geheimhouding
                                    op te heffen.</al></li><li nr="2."><al>De krachtens artikel 25, tweede lid, van de Gemeentewet aan de
                                    raad opgelegde verplichting tot geheimhouding met betrekking tot
                                    aan de raad overgelegde stukken vervalt, indien de oplegging
                                    niet door de raad in zijn eerstvolgende vergadering, die
                                    blijkens de presentie¬lijst door meer dan de helft van het
                                    aantal zitting hebbende leden is bezocht, wordt
                                    bekrachtigd.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>47</nr><titel>Opheffing geheimhouding</titel></kop><al>Indien de raad op grond van artikel 25, vierde lid, artikel 55, tweede
                            en derde lid, of artikel 86, tweede en derde lid, van de Gemeentewet
                            voornemens is de geheimhouding op te heffen wordt, indien daarom wordt
                            verzocht door het orgaan dat geheimhouding heeft opgelegd, in een
                            besloten vergadering met het desbetreffende orgaan overleg gevoerd.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>8</nr><titel>Toehoorders en pers</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>48</nr><titel>Toehoorders en pers</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De toehoorders en vertegenwoordigers van de pers kunnen
                                    uitsluitend op de voor hen bestemde plaatsen openbare
                                    vergaderingen bijwonen.</al></li><li nr="2."><al>Het verstoren van de orde is verboden.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>49</nr><titel>Geluid- en beeldregistraties</titel></kop><al>Degenen die in de vergaderzaal tijdens de raadsvergadering geluid- dan
                            wel beeldregistraties willen maken doen hiervan mededeling aan de
                            voorzitter en gedragen zich naar zijn aanwijzingen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>50</nr><titel>Verbod gebruik mobiele telefoons</titel></kop><al>In de vergaderzaal, met inbegrip van de publieke tribune, is tijdens de
                            vergadering het gebruik, alsmede het stand-by houden van mobiele
                            telefoons of andere communicatiemiddelen, die inbreuk kunnen maken op de
                            orde van de vergadering, zonder toestemming van de voorzitter, niet
                            toegestaan.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>50a</nr><titel>Experimenteerartikel</titel></kop><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="4*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="95*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>1.</al></entry><entry colname="col2"><al>De raad kan op voorstel van het presidium besluiten
                                                tot afwijking van het bepaalde in dit reglement met
                                                als doel te experimenteren met een andere wijze van
                                                werken voor een periode van maximaal 1 jaar</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>De raad besluit na afloop van het experiment of
                                                eerder over structurele invoering van het
                                                experiment.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>2.</al></entry><entry colname="col2"><al>Als eerste uitvoering van vorengenoemd
                                                experimenteerartikel over te gaan tot het benoemen
                                                uit uw midden van drie commissievoorzitters tot lid
                                                van het presidium en drie plaatsvervangende
                                                voorzitters voor de raadcommissies en het presidium
                                                te machtigen te bepalen wie als voorzitter resp.
                                                plaatsvervangend voorzitter voor welke
                                                raadscommissie zal gaan optreden.</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al/><al>Na stemming zijn benoemd:</al><al>als commissievoorzitter, lid van het presidium:</al><lijst><li nr="1."><al>de heer G.J.Horstman (PvdA)</al></li><li nr="2."><al>de heer J.H.Wittendorp (CDA)</al></li><li nr="3."><al>de heer R.R.Ripassa (VVD)</al><al>en</al><al>als plaatsvervangend commissievoorzitter:</al></li><li nr="1."><al>de heer J.G.H. Sulmann (PvdA)</al></li><li nr="2."><al>de heer D.Douwstra (BGE)</al></li><li nr="3."><al>de heer J.Dijkgraaf (GroenLinks)</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>9</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>51</nr><titel>Uitleg reglement</titel></kop><al>In de gevallen waarin dit reglement niet voorziet of bij twijfel omtrent
                            de toepassing van het reglement, beslist de raad op voorstel van de
                            voorzitter.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>52</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Dit reglement kan worden aangehaald als "Reglement van Orde Raad
                            gemeente Emmen".</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>53</nr><titel>In werking treden</titel></kop><al>Dit reglement treedt in werking op de dag, volgende op die, waarop zij
                            is vastgesteld.</al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Vastgesteld in de openbare vergadering van de raad van 7 juli 2005.</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>de griffier,</ondertekening><ondertekening>J.A. Hekman</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>de voorzitter,</ondertekening><ondertekening>C. Bijl</ondertekening><ondertekening/><ondertekening/></regeling-sluiting><bijlage/></regeling></body></cvdr>