<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.92--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR378879_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Bomenverordening Stichtse Vecht 2015</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Stichtse Vecht</dcterms:creator><dcterms:modified>2015-10-14</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Stichtse Vecht</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Gemeenteblad 2015, 14-10-2015 nr. 93937</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Bomenverordening Stichtse Vecht 2015</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Boswet;</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet;</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Artikel 2.2 lid g en h Wet algemene bepalingen omgevingsrecht juncto</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Artikel 1a Wet op economische delicten.</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2015-06-30</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2015-10-14</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2024-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>SV182</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>ruimtelijke ordening</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>De Bomenverordening Stichtse Vecht 2015 vervangt:</al><al>De Bomenverordening Maarssen 2010 van 21 juni 2010, bekrachtigd bij raadsbesluit van 27 november 2011;</al><al>De Algemene Plaatselijke Verordening Stichtse Vecht 2014, Hoofdstuk 4, Afdeling 3, Artikel 4:10 t/m 4:12, vastgesteld op 1 juli 2014.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging><overheidrg:externeBijlage>exb-2018-1756</overheidrg:externeBijlage><overheidrg:externeBijlage>exb-2018-1757</overheidrg:externeBijlage><overheidrg:externeBijlage>exb-2018-1758</overheidrg:externeBijlage><overheidrg:externeBijlage>exb-2018-1759</overheidrg:externeBijlage><overheidrg:externeBijlage>exb-2018-1760</overheidrg:externeBijlage><overheidrg:externeBijlage>exb-2018-1761</overheidrg:externeBijlage><overheidrg:externeBijlage>exb-2018-1762</overheidrg:externeBijlage><overheidrg:externeBijlage>exb-2018-1763</overheidrg:externeBijlage><overheidrg:externeBijlage>exb-2018-1764</overheidrg:externeBijlage><overheidrg:externeBijlage>exb-2018-1765</overheidrg:externeBijlage><overheidrg:externeBijlage>exb-2018-1766</overheidrg:externeBijlage><overheidrg:externeBijlage>exb-2018-1767</overheidrg:externeBijlage><overheidrg:externeBijlage>exb-2018-1768</overheidrg:externeBijlage><overheidrg:externeBijlage>exb-2018-1769</overheidrg:externeBijlage></cvdripm></meta><body><intitule>Bomenverordening Stichtse Vecht 2015</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Stichtse Vecht,</al><al>Gelet op:</al><lijst><li nr="-"><al>het voorstel van burgemeester en wethouders van 21 april 2015;</al></li><li nr="-"><al>de bepalingen in de Boswet en de Gemeentewet;</al></li><li nr="-"><al>de bespreking in de commissie Fysiek Domein van 26 mei 2015;</al><al>besluit</al><al>vast te stellen de</al></li></lijst><al><vet>BOMENVERORDENING STICHTSE VECHT 2015</vet></al><al/><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>Beheerplan : een door het college goedgekeurd plan voor het
                                    beheer van gemeentelijke houtopstanden;</al></li><li nr="b."><al>Beschermde houtopstanden : een houtopstand die is vastgelegd op
                                    de Groene Kaart;</al></li><li nr="c."><al>Bevoegd gezag : bestuursorgaan als bedoeld in artikel 1:1 van de
                                    Wet algemene bepalingen omgevingsrecht;</al></li><li nr="d."><al>Bijdrageregeling : tegemoetkoming in de kosten voor het duurzaam
                                    in standhouden van een Beschermde houtopstand in privaat
                                    eigendom;</al></li><li nr="e."><al>Bomeneffectanalyse : </al><lijst><li nr="1."><al>een standaard beoordeling van de
                                    gevolgen van voorgenomen bouw</al><al> of</al></li><li nr="2."><al>aanleg voor een boom, op basis van landelijke
                                            richtlijnen van de Bomenstichting;</al></li></lijst></li><li nr="f."><al>Boom : een houtig opgaand gewas, zowel vitaal als afgestorven
                                    met een dwarsdoorsnede van de stam van minimaal 10 cm gemeten op
                                    1,30 meter hoogte boven het maaiveld. In geval van
                                    meerstammigheid geldt de dwarsdoorsnede van de dikste stam. In
                                    afwijking van deze minimale dwarsdoorsnede van 10 cm geldt geen
                                    minimale dwarsdoorsnede indien het bomen zijn aangelegd op grond
                                    van de artikelen 10, 11 en bij bomen als bedoeld in artikel 13
                                    van deze verordening;</al></li><li nr="g."><al>Boomstructuur : een verzameling houtopstanden die samen een - al
                                    dan niet onderbroken - lijn of andere verbindingsstructuur
                                    vormen door een gebied;</al></li><li nr="h."><al>Boomwaarde : de financiële waarde van een boom zoals getaxeerd
                                    volgens de meest recente richtlijnen van de Nederlandse
                                    Vereniging van Taxateurs van Bomen;</al></li><li nr="i."><al>Boomzone : een begrensd gebied van houtopstanden in de openbare
                                    ruimte met een specifieke waarde of kwaliteit, dat een
                                    samenhangend geheel vormt;</al></li><li nr="j."><al>College : college van burgemeester en wethouders van de gemeente
                                    Stichtse Vecht;</al></li><li nr="k."><al>Dunning : een velling uitsluitend bedoeld als
                                    verzorgingsmaatregel ter bevordering van groei van overblijvende
                                    houtopstand zonder dat de buitengrenzen van het plantvak in
                                    belangrijke mate worden verkleind en zodanig dat het kronendak
                                    van het plantvak nagenoeg gesloten blijft en niet onder de 70%
                                    bedekking komt;</al></li><li nr="l."><al>Gemeentelijke bomen : bomen die eigendom zijn van de gemeente
                                    Stichtse Vecht;</al></li><li nr="m."><al>Groene Kaart : topografische kaart met daarop aangegeven
                                    Boomzones, Boomstructuren, Historische groenstructuren, Kleine
                                    landschapselementen, Monumentale bomen met bijbehorend register
                                    en Niet-geïnventariseerde terreinen;</al></li><li nr="n."><al>Hak- of griendhout : één of meer bomen of boomvormers, die na te
                                    zijn geveld, opnieuw op de stronk uitlopen;</al></li><li nr="o."><al>Herplantfonds : gemeentelijk fonds dat slechts gebruikt wordt
                                    voor herplant van houtopstanden;</al></li><li nr="p."><al>Historische groenstructuur : lijnvormig samenhangend geheel van
                                    historisch waardevolle houtopstanden;</al></li><li nr="q."><al>Houtopstand : één of meer bomen of boomvormers of andere vitale
                                    of dode houtachtige gewassen, mogelijk onderdeel uitmakend van
                                    een Boomzone, Boomstructuur, Historische groenstructuur of Klein
                                    landschapselement;</al></li><li nr="r."><al>Kandelaberen : het snoeien van houtopstand op zo'n manier dat
                                    alleen delen van grote takken aan de hoofdstam blijven
                                    zitten;</al></li><li nr="s."><al>Klein landschapselement : houtopstanden die behoren tot een
                                    historisch ensemble;</al></li><li nr="t."><al>Knotten : het afzagen van de boomkroon tot een hoofdstam met
                                    takstompen;</al></li><li nr="u."><al>Monumentale boom : een boom of groep bomen die door leeftijd
                                    en/of verschijning beeldbepalend en onvervangbaar is voor het
                                    karakter van de omgeving. Daarnaast kan een boom onder andere
                                    ook in wetenschappelijk, ecologisch of cultuurhistorisch opzicht
                                    waardevol zijn;</al></li><li nr="v."><al>Niet geïnventariseerd terrein : een terrein dat door de gemeente
                                    nog niet geïnventariseerd is op de aanwezigheid van Monumentale
                                    bomen;</al></li><li nr="w."><al>Vellen : betreft vellen, doen vellen of laten vellen. Dit
                                    is:</al><lijst><li nr="1."><al>rooien, kappen of verplanten;</al></li><li nr="2."><al>het snoeien van meer dan 20 procent van de kroon of het
                                            wortelgestel, met inbegrip van de eerste keer knotten of
                                            kandelaberen;</al></li><li nr="3."><al>het verrichten van handelingen, zowel boven- als
                                            ondergronds, die de dood of ernstige beschadiging of
                                            ernstige ontsiering van de boom ten gevolge kunnen
                                            hebben.</al></li></lijst></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Groene kaart</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college stelt een Groene Kaart met Beschermde houtopstanden en
                                Niet geïnventariseerde terreinen vast. De Groene Kaart met
                                bijbehorend Register wordt minimaal een keer in de vier jaar en
                                maximaal een keer in de twee jaar herzien.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De Groene Kaart en het register bevatten een samenhangend geheel van
                                de volgende Beschermde houtopstanden:</al><lijst><li nr="a."><al>Boomzones;</al></li><li nr="b."><al>Boomstructuren;</al></li><li nr="c."><al>Monumentale bomen;</al></li><li nr="d."><al>Historische groenstructuren; </al></li><li nr="e."><al>Kleine landschapselementen.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De Groene Kaart bevat minimaal de volgende gegevens:</al><lijst><li nr="a."><al>eenduidige, maatvaste inmeting van de Monumentale
                                        bomen;</al></li><li nr="b."><al>indeling naar categorieën van de Beschermde houtopstanden,
                                        conform het tweede lid;</al></li><li nr="c."><al>locatieaanduiding van Niet geïnventariseerde terreinen;</al></li><li nr="d."><al>legenda met toelichting.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het Register bevat minimaal ten aanzien van de Monumentale bomen de
                                volgende gegevens:</al><lijst><li nr="a."><al>redengevende beschrijving;</al></li><li nr="b."><al>soort boom of bomen;</al></li><li nr="c."><al>locatieaanduiding.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Het college kan een Bijdrageregeling vaststellen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Kapverbod Beschermde houtopstanden</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het is verboden Beschermde houtopstanden te vellen of te doen
                                vellen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het bevoegd gezag kan ontheffing verlenen van het in het eerste lid
                                gestelde verbod.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het in het eerste lid gestelde verbod geldt verder niet voor:</al></lid><lid><lidnr>a.</lidnr><al>houtopstand die moet worden geveld krachtens de Plantenziektenwet of
                                krachtens een aanschrijving van het bevoegd gezag;</al></lid><lid><lidnr>b.</lidnr><al>het periodiek vellen van hak- of griendhout ter uitvoering van het
                                reguliere onderhoud;</al></lid><lid><lidnr>c.</lidnr><al>het periodiek scheren, knotten of kandelaberen als noodzakelijke
                                beheermaatregel bij vormbomen ter uitvoering van het reguliere
                                onderhoud;</al></lid><lid><lidnr>d.</lidnr><al>het verrichten van snoeiwerkzaamheden aan bomen met achterstallig
                                onderhoud;</al></lid><lid><lidnr>e.</lidnr><al>dunning van de houtopstand;</al></lid><lid><lidnr>f.</lidnr><al>maatregelen in het kader van een Beheerplan;</al></lid><lid><lidnr>g.</lidnr><al>schubconiferen met een stamdwarsdoorsnede tot 50 cm gemeten op 1,30
                                meter hoogte zijnde:</al></lid><lid><lidnr>-</lidnr><al><cursief>Chamaecyparis</cursief> (schijncypres);</al></lid><lid><lidnr>-</lidnr><al><cursief>xCupressocyparis</cursief> (leylandcypres);</al></lid><lid><lidnr>-</lidnr><al><cursief>Platycladus</cursief> (Japanse levensboom);</al></lid><lid><lidnr>-</lidnr><al><cursief>Thuja</cursief> (levensboom);</al></lid><lid><lidnr>-</lidnr><al><cursief>Thujopsis</cursief> (Hiba cypres).</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het in het eerste lid gestelde verbod geldt niet voor houtopstand
                                als bedoeld in artikel 15 tweede en derde lid Boswet.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Het bevoegd gezag kan indien een houtopstand direct gevaar oplevert
                                die noodkap noodzakelijk maakt, besluiten dat de omgevingsvergunning
                                voor het vellen direct in werking treedt. Het besluit wordt zo
                                spoedig mogelijk bekend gemaakt.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Criteria ontheffing Beschermde houtopstanden</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het bevoegd gezag kan de ontheffing voor het vellen van Beschermde
                                houtopstanden weigeren dan wel onder voorschriften verlenen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een ontheffing voor het vellen van houtopstanden in Boomzones en
                                Kleine landschapselementen wordt, nadat alternatieven zijn
                                onderzocht, slechts bij uitzondering verleend, indien: </al></lid><lid><lidnr>a.</lidnr><al>sprake is van een algemeen maatschappelijk belang of een zwaarwegend
                                individueel belang van niet-tijdelijke aard dat opweegt tegen
                                duurzaam behoud van de houtopstand of;</al></lid><lid><lidnr>b.</lidnr><al>naar boomdeskundige maatstaven instandhouding niet langer
                                verantwoord is ter voorkoming van letsel of schade.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Een ontheffing voor het vellen van Monumentale bomen, houtopstanden
                                in Boomstructuren of in Historische groenstructuren wordt, nadat
                                alternatieven zijn onderzocht, slechts bij uitzondering verleend,
                                indien: </al><al>a.sprake is van een zwaarwegend algemeen maatschappelijk belang dat
                                opweegt tegen duurzaam behoud van de Beschermde houtopstand </al><al>of;</al></lid><lid><lidnr>b.</lidnr><al>naar boomdeskundige maatstaven instandhouding niet langer
                                verantwoord is ter voorkoming van letsel of schade.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Kapverbod overig</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het is verboden zonder vergunning van het bevoegd gezag bomen die
                                staan op Niet-geïnventariseerde terreinen of die zijn aangeplant in
                                het kader van een herplantplicht ex artikel 9 of 10, te vellen of te
                                doen vellen onverminderd het gestelde in artikel 3.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het in het eerste lid gestelde verbod geldt niet voor:</al></lid><lid><lidnr/><al>a. bomen die moeten worden geveld krachtens de Plantenziektenwet of
                                krachtens een aanschrijving van het bevoegd gezag;</al></lid><lid><lidnr/><al>b. het periodiek vellen van hak- of griendhout ter uitvoering van
                                het reguliere onderhoud;</al></lid><lid><lidnr/><al>c. het periodiek scheren, knotten of kandelaberen als noodzakelijke
                                beheermaatregel bij vormbomen ter uitvoering van het reguliere
                                onderhoud;</al></lid><lid><lidnr/><al>d. het verrichten van snoeiwerkzaamheden aan bomen met achterstallig
                                onderhoud;</al></lid><lid><lidnr/><al>e. dunning van bomen;</al></lid><lid><lidnr>f.</lidnr><al>schubconiferen met een stamdwarsdoorsnede tot 50 cm gemeten op 1,30
                                meter hoogte zijnde:</al></lid><lid><lidnr>-</lidnr><al><cursief>Chamaecyparis</cursief> (schijncypres);</al></lid><lid><lidnr>-</lidnr><al><cursief>xCupressocyparis</cursief> (leylandcypres);</al></lid><lid><lidnr>-</lidnr><al><cursief>Platycladus</cursief> (Japanse levensboom);</al></lid><lid><lidnr>-</lidnr><al><cursief>Thuja</cursief> (levensboom);</al></lid><lid><lidnr>-</lidnr><al><cursief>Thujopsis</cursief> (Hiba cypres).</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het in het eerste lid gestelde verbod geldt verder niet voor bomen
                                als bedoeld in artikel 15 tweede en derde lid Boswet.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het bevoegd gezag kan indien een boom direct gevaar oplevert die
                                noodkap noodzakelijk maakt, besluiten dat de omgevingsvergunning
                                voor het vellen direct in werking treedt. Het besluit wordt zo
                                spoedig mogelijk bekend gemaakt.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Criteria vergunning overig kapverbod</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Bevoegd gezag kan de vergunning om te vellen als bedoeld in artikel
                                5 weigeren dan wel onder voorschriften of beperkingen verlenen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De vergunning voor het vellen van een boom als bedoeld in artikel 5
                                wordt geweigerd, indien de belangen van verlening niet opwegen tegen
                                de belangen van behoud van de boom op basis van één of meer van de
                                volgende waarden:</al></lid><lid><lidnr>a.</lidnr><al>de natuurwaarden van de boom;</al></lid><lid><lidnr>b.</lidnr><al>de landschappelijke waarden van de boom;</al></lid><lid><lidnr>c.</lidnr><al>de cultuurhistorische waarden van de boom;</al></lid><lid><lidnr>d.</lidnr><al>de beeldbepalende waarden van de boom;</al></lid><lid><lidnr>e.</lidnr><al>de waarden van de boom voor stads- en dorpsschoon;</al></lid><lid><lidnr>f.</lidnr><al>de waarden voor de leefbaarheid van de boom.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien gevaarzetting reden tot de aanvraag is, moeten voorafgaand
                                aan vergunningverlening de boomverzorgings-alternatieven voor kap
                                voldoende onderzocht zijn en als onmogelijk of zeer onwenselijk zijn
                                aangemerkt.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Aanvraag omgevingsvergunning voor vellen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De omgevingsvergunning moet schriftelijk en gemotiveerd worden
                                aangevraagd, door of namens dan wel met toestemming van degene, die
                                krachtens zakelijk recht of door degene die krachtens
                                publiekrechtelijke bevoegdheid gerechtigd is over de houtopstand te
                                beschikken, onder overlegging van een overzicht van de overige
                                vergunningen, en of toestemmingen die nodig zijn voor de realisatie
                                van een project.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het bevoegd gezag kan eisen dat bij de aanvraag een
                                Bomeneffect-analyse wordt overlegd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Vervaltermijn omgevingsvergunning</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De omgevingsvergunning tot vellen als bedoeld in deze verordening
                                vervalt indien daarvan niet binnen maximaal twee jaar na het
                                onherroepelijk zijn van de omgevingsvergunning gebruik is
                                gemaakt.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In het geval het een omgevingsvergunning voor het vellen van meer
                                dan één houtopstand betreft, is de omgevingsvergunning voor alle
                                houtopstanden slechts twee jaar geldig, ook als in fasen geveld
                                wordt of één of enkele houtopstanden al geveld zijn.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Intrekking of wijziging</titel></kop><al>De omgevingsvergunning kan worden ingetrokken of gewijzigd:</al><lijst><li nr="a."><al>indien ter verkrijging onjuiste of onvolledige gegevens zijn
                                    verstrekt;</al></li><li nr="b."><al>indien op grond van een verandering van omstandigheden of
                                    inzichten opgetreden na het verlenen van de omgevingsvergunning,
                                    intrekking of wijziging noodzakelijk is, of is vereist vanwege
                                    het belang of de belangen ter bescherming waarvan de
                                    omgevingsvergunning is verleend;</al></li><li nr="c."><al>indien de aan de omgevingsvergunning verbonden voorschriften en
                                    beperkingen niet worden nagekomen;</al></li><li nr="d."><al>indien de houder dit verzoekt.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Bijzondere ontheffingsvoorschriften</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Aan de omgevingsvergunning tot vellen kan behoren het voorschrift
                                dat binnen een bepaalde termijn en overeenkomstig de door het
                                bevoegd gezag te geven aanwijzingen moet worden herplant. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien niet ter plaatse kan worden herplant, kan aan de
                                omgevingsvergunning tot vellen het voorschrift behoren dat een
                                geldelijke bijdrage gestort dient te worden in het Herplantfonds.
                            </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>In het voorschrift als bedoeld in het eerste lid wordt telkens
                                bepaald binnen welke termijn na de herplant en op welke wijze niet
                                aangeslagen herplant moet worden vervangen. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Aan de omgevingsvergunning tot vellen kan het voorschrift behoren
                                dat pas tot vellen van de houtopstand op en bij bouw- en
                                aanlegwerken of andere ruimtelijke herinrichting of reconstructie
                                mag worden overgegaan indien andere ontheffingen of ruimtelijke
                                ordeningsprocedures onherroepelijk geworden zijn en de feitelijke en
                                financiële voortgang van de werken voldoende gewaarborgd is.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Aan de omgevingsvergunning tot vellen kan het voorschrift behoren
                                tot het opstellen en overleggen van een Bomeneffect-analyse in geval
                                van bouw of aanleg van werken nabij te behouden houtopstand.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Degene aan wie een voorschrift of een verplichting als bedoeld in
                                dit artikel is opgelegd, alsmede diens rechtsopvolger, is verplicht
                                daaraan te voldoen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Herplant-/instandhoudingsplicht</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Indien een houtopstand waarop het verbod tot vellen van toepassing
                                is, zonder omgevingsvergunning van het bevoegd gezag is geveld, dan
                                wel op andere wijze teniet is gegaan, kan het college aan de
                                zakelijk gerechtigde tot de grond waarop zich de houtopstand bevond
                                dan wel aan degene die uit andere hoofde tot het treffen van
                                voorzieningen bevoegd is, de verplichting opleggen te herplanten
                                overeenkomstig de door hen te geven aanwijzingen binnen een door hen
                                te stellen termijn.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien niet ter plaatse kan worden herplant, dient een financiële
                                bijdrage te worden gestort in een Herplantfonds. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Wordt een verplichting als bedoeld in het eerste lid opgelegd, dan
                                kan daarbij tevens worden bepaald binnen welke termijn na herplant
                                en op welke wijze niet aangeslagen herplant moet worden
                                vervangen.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Indien een houtopstand waarop het verbod tot vellen van toepassing
                                is in het voortbestaan ernstig wordt bedreigd, kunnen het college
                                aan de zakelijk gerechtigde tot de grond waarop zich de houtopstand
                                bevindt dan wel aan degene die uit andere hoofde tot het treffen van
                                voorzieningen bevoegd is, de verplichting opleggen om:</al><lijst><li nr="a."><al>overeenkomstig de door hen te geven aanwijzingen binnen een
                                        door hen te stellen termijn voorzieningen te treffen,
                                        waardoor die bedreiging wordt weggenomen;</al></li><li nr="b."><al>voor eigen rekening een Bomeneffect-analyse op te stellen en
                                        aan te bieden aan het college. </al></li></lijst></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Degene aan wie een voorschrift of een verplichting als bedoeld in
                                dit artikel is opgelegd, alsmede diens rechtsopvolger, is verplicht
                                daaraan te voldoen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Schadevergoeding</titel></kop><al>Het college beslist op een verzoek om schadevergoeding als bedoeld in
                            artikel 17 van de Boswet.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Afstand tot aan de erfgrenslijn</titel></kop><al>De afstand als bedoeld in artikel 5:42 van het Burgerlijk Wetboek wordt
                            vastgesteld op 0,50 meter voor bomen en op nihil voor alle andere
                            heesters en heggen. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Bestrijding van boomziekten</titel></kop><lid><lidnr/><al>1.Indien zich op een terrein één of meer houtopstanden bevinden die
                                naar het oordeel van het college gevaar opleveren van verspreiding
                                van een boomziekte of voor vermeerdering van de ziekteverspreiders
                                zoals insecten, is de rechthebbende, indien hij daartoe door het
                                college is aangeschreven, verplicht binnen de aanschrijving vast te
                                stellen termijn:</al></lid><lid><lidnr>a.</lidnr><al>de houtopstand te vellen;</al></lid><lid><lidnr>b.</lidnr><al>conform richtlijnen van het college de gevelde houtopstand direct
                                zodanig te behandelen dat verspreiding van de boomziekte wordt
                                voorkomen.</al><al>2.Het is verboden gevelde houtopstanden als bedoeld in het eerste
                                lid of delen daarvan voorhanden of in voorraad te hebben of te
                                verspreiden.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college kan ontheffing verlenen van het onder het tweede lid van
                                dit artikel gestelde verbod.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Beschadiging gemeentelijke houtopstanden</titel></kop><al>Het is verboden om houtopstanden, die eigendom van de gemeente zijn te
                            beschadigen, te bekladden, te beplakken of daaraan snoeiwerk te
                            verrichten, behoudens door de gemeente opgedragen boomverzorgende
                            taken.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Strafbepaling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Degene aan wie een voorschrift als bedoeld in artikel 14, eerste lid
                                is gegeven, onderscheidenlijk alsmede diens rechtsopvolger, is
                                gehouden dienovereenkomstig te handelen. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Hij die handelt in strijd artikel 14, tweede lid, artikel 15, dan
                                wel een voorschrift onderscheidenlijk een verplichting als bedoeld
                                in het vorige lid niet na komt, wordt gestraft met hechtenis van ten
                                hoogste twee maanden of een geldboete van de tweede categorie. Bij
                                de strafmaatbepaling kan rekening worden gehouden met de
                                boomwaarde.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Toezichthouders</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens
                                deze verordening zijn belast:</al><lijst><li nr="a."><al>personen die met de opsporing van in de bijzondere wetten
                                        genoemde strafbare feiten zijn belast;</al></li><li nr="b."><al>ambtenaren van politie.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Voorts zijn met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of
                                krachtens deze verordening belast de bij besluit van het college dan
                                wel de burgemeester aan te wijzen personen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr><titel>Intrekken oude verordening en Inwerkingtreding</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De Bomenverordening Maarssen van 21 juni 2010, bekrachtigd bij
                                raadsbesluit van 27 november 2011 wordt ingetrokken.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Algemene Plaatselijke Verordening Stichtse Vecht 2015, Afdeling 3,
                                Hoofdstuk 4:10 t/m 4:12 wordt ingetrokken. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Deze verordening treedt in werking op de dag na publicatie en na het
                                onherroepelijk worden van de vaststelling van de Groene kaart en van
                                de grens van de bebouwde kom. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr><titel>Overgangsbepaling</titel></kop><al>Ten aanzien van voor de inwerkingtreding van deze verordening ingediende
                            aanvragen of verzoeken om vergunning c.q. ontheffing, waarop nog niet is
                            beslist, geldt de voorheen geldende verordening.</al><al>Besluiten, genomen krachtens de voorheen geldende verordening en
                            waarvoor deze verordening overeenkomstige besluiten kent, gelden als
                            besluiten genomen krachtens deze verordening.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als: “Bomenverordening Stichtse Vecht
                            2015”.</al></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>30 juni 2015</ondertekening><ondertekening>Griffier Voorzitter</ondertekening></regeling-sluiting><bijlage><al><extref doc="/cvdr/images/Stichtse Vecht/i260637.pdf">Groene Kaart Stichtse Vecht -1 Nigtevecht</extref></al></bijlage><bijlage><al><extref doc="/cvdr/images/Stichtse Vecht/i260636.pdf">Groene Kaart Stichtse Vecht- 2 Loenersloot - Oukoop</extref></al></bijlage><bijlage><al><extref doc="/cvdr/images/Stichtse Vecht/i260635.pdf">Groene Kaart Stichtse Vecht -3 Loenen aan de Vecht- Vreeland</extref></al></bijlage><bijlage><al><extref doc="/cvdr/images/Stichtse Vecht/i260634.pdf">Groene Kaart Stichtse Vecht -4 Breukelen-West Portengen</extref></al></bijlage><bijlage><al><extref doc="/cvdr/images/Stichtse Vecht/i260633.pdf">Groene Kaart Stichtse Vecht - 5 Breukelen-Oost Maarssen-Noord</extref></al></bijlage><bijlage><al><extref doc="/cvdr/images/Stichtse Vecht/i260632.pdf">Groene Kaart Stichtse Vecht - 6 Kockengen</extref></al></bijlage><bijlage><al><extref doc="/cvdr/images/Stichtse Vecht/i260631.pdf">Groene Kaart Stichtse Vecht -7 Tienhoven</extref></al></bijlage><bijlage><al><extref doc="/cvdr/images/Stichtse Vecht/i260630.pdf">Groene Kaart Stichtse Vecht- 8 Molenpolder - Oud Zuilen</extref></al></bijlage><bijlage><al><extref doc="/cvdr/images/Stichtse Vecht/i260629.pdf">Groene Kaart Stichtse Vecht - 9 Maarssen-Zuid Maarssenbroek</extref></al></bijlage><bijlage><al><extref doc="/cvdr/images/Stichtse Vecht/i260628.pdf">Register Groene kaart Stichtse Vecht</extref></al></bijlage><bijlage><al><extref doc="/cvdr/images/Stichtse Vecht/i259921.pdf">Bomen in beeld</extref></al></bijlage><bijlage><al><extref doc="/cvdr/images/Stichtse Vecht/i259920.pdf">Beleidsregel niet beschermde gemeentelijke bomen</extref></al></bijlage><bijlage><al><extref doc="/cvdr/images/Stichtse Vecht/i259918.pdf">Beleidsregel criteria beschermde houtopstanden</extref></al></bijlage><bijlage><al><extref doc="/cvdr/images/Stichtse Vecht/i259916.pdf">komgrens</extref></al></bijlage><nota-toelichting><kop><titel>Toelichting op de Bomenverordening Stichtse Vecht 2015</titel></kop><tussenkop>Artikel 1 Begripsomschrijvingen</tussenkop><al>e.Bomeneffect-analyse</al><al>Waardevolle houtopstanden worden regelmatig (ernstig) beschadigd of vernietigd
                    door bouw en aanleg van huizen, wegen, rioleringen of kabels en leidingen. Vaak
                    gebeurt dit ongewenst en onbedoeld, omdat er te laat is gekeken naar de gevolgen
                    voor de bomen, waardoor ze niet ingepast of (onherstelbaar) beschadigd raken. De
                    Bomeneffect-analyse (BEA) is de landelijke richtlijn van de Bomenstichting voor
                    een nauwgezette en onafhankelijke beoordeling, voorafgaand aan de voorgenomen
                    bouw of aanleg. Deze standaardisering waarborgt de boomtechnische kwaliteit en
                    garandeert een goede beoordeling van alle effecten en mogelijke alternatieven.
                    Een BEA dient uitgevoerd te worden door een deskundig boomverzorger of
                    boomtechnisch adviseur. De resultaten van deze beoordeling kunnen vervolgens
                    worden meegenomen in de besluitvorming rond bouw of aanleg.</al><al>f.Boom</al><al>Afbakening van het begrip boom is van belang in verband met het aangeven van de
                    ondergrens van het kapverbod indien het gaat om Monumentale bomen of om bomen
                    die staan op Niet-geïnventariseerde terreinen. Slechts bomen met een
                    stamdwarsdoorsnede van meer van 10 cm gemeten op 1,30 meter hoogte vallen in dat
                    geval onder het kapverbod. </al><al>q.Houtopstand</al><al>Door dit begrip centraal te stellen in geval sprake is van Boomzones,
                    Boomstructuren, Historische groenstructuren en Kleine landschapselementen wordt
                    duidelijk dat daar het kapverbod betrekking heeft op meer dan alleen bomen. Ook
                    houtachtigen met een kleinere stamdwarsdoorsnede van 10 cm gemeten op 1,30 meter
                    vallen dan onder het kapverbod. </al><tussenkop>Artikel 2 Groene Kaart</tussenkop><tussenkop>Redengevende beschrijving </tussenkop><al>Dit is een motivering van de reden(en) waarom de desbetreffende houtopstand is
                    aangewezen als een Beschermde houtachtige. De beschrijving geeft meer inzicht en
                    duidelijkheid omtrent de natuur-, milieu-, cultuurhistorische- en andere waarden
                    en eventuele bijzondere functies van de houtopstand. </al><tussenkop>Artikel 3 Kapverbod Beschermde houtopstanden</tussenkop><al>Er is bewust gekozen voor een ontheffingenstelsel met als beleidsuitgangspunt
                    een “nee, tenzij principe”. Dus geldt in beginsel dat een ontheffing slechts bij
                    hoge uitzondering wordt verleend. </al><al>De bevoegdheid tot het instellen van een verbod tot vellen bij gemeentelijke
                    verordening wordt door artikel 15, tweede lid en derde lid Boswet beperkt. Geen
                    kapverbod op grond van de Bomenverordening geldt voor:</al><lijst><li nr="a."><al>populieren of wilgen als wegbeplantingen of éénrijïge beplantingen op of
                            langs landbouwgronden, tenzij deze zijn geknot;</al></li><li nr="b."><al>vruchtbomen en windschermen om boomgaarden;</al></li></lijst><al>c fijnsparren of andere coniferen, niet ouder dan twaalf jaar, bestemd om te
                    dienen als kerstbomen en geteeld op daarvoor in het bijzonder bestemde
                    terreinen;</al><lijst><li nr="d."><al>kweekgoed;</al></li><li nr="e."><al>houtopstand, die niet gelegen is binnen een bebouwde kom Boswet, tenzij
                            de houtopstand staat op erven of in tuinen, of een zelfstandige eenheid
                            vormt die:</al></li><li nr=""><al>- ofwel geen grotere oppervlakte beslaat dan 10 are; </al></li><li nr=""><al>- ofwel bestaat uit rijbeplanting van niet meer dan 20 houtopstanden,
                            gerekend over het totale aantal rijen.</al></li></lijst><tussenkop>Artikel 5 Kapverbod overig</tussenkop><al>De eigenaar van een Niet-geïnventariseerd terrein kan te allen tijde besluiten
                    de bomen door de gemeente te laten inventariseren. De eventuele aanwezige
                    Monumentale bomen zullen dan zodra de Groene Kaart en in het Register worden
                    gewijzigd, hieraan worden toegevoegd. Na de wijziging valt het terrein dan niet
                    meer onder Niet-geïnventariseerde terreinen. De wijziging is van kracht zodra de
                    gewijzigde Groene Kaart is vastgesteld en onherroepelijk is. </al><tussenkop>Artikel 10 Bijzondere ontheffingvoorschriften</tussenkop><tussenkop>Herplantplicht</tussenkop><al>De voorschriften moeten concreet en precies worden uitgewerkt, bijvoorbeeld naar
                    locatie, boomsoort of grootte. </al><tussenkop>Artikel 11 Herplant- / Instandhoudingsplicht</tussenkop><tussenkop>Voorschriften</tussenkop><al>De voorschriften moeten concreet en precies worden uitgewerkt, bijvoorbeeld naar
                    locatie, boomsoort of grootte. </al><al>-.-.-.-.-.-.-.-.-.-</al></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>