<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR378789_2</dcterms:identifier><dcterms:title>Participatieverordening gemeenten Dantumadiel, Dongeradiel, Kollumerland c.a. en Ferweradiel 2015</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Dantumadiel</dcterms:creator><dcterms:modified>2016-12-27</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Dantumadiel</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Gemeenteblad 2015 nr. 60476, 6 juli 2015</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Participatieverordening gemeenten Dantumadiel, Dongeradiel, Kollumerland c.a. en Ferweradiel 2015</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Artikel 108, tweede lid jo. artikel 147, eerste lid van de Gemeentewet; artikel 6, tweede lid van de Participatiewet; artikel 8a, eerste lid, orderdelen a, c, d en e van de Participatiewet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>maatschappelijke zorg en welzijn</dcterms:subject><dcterms:issued>2015-06-23</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2016-11-23</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:terugwerkendekrachtDatum>2016-01-01</overheidrg:terugwerkendekrachtDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2021-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Geen</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>Werk, inkomen, zorg</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Participatieverordening gemeenten Dantumadiel, Dongeradeel, Kollumerland c.a.
                en Ferwerderadiel 2015 en verder</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De Raad van de gemeente Dantumadiel,</al><al/><al> gelezen het voorstel van het college burgemeester en wethouders van 1 mei
                        2015, </al><al/><al> gelet op artikel 108, tweede lid jo. artikel 147, eerste lid van de
                        Gemeentewet, </al><al/><al> gelet op artikel 6, tweede lid van de Participatiewet, </al><al/><al> gelet op artikel 8a, eerste lid, onderdelen a, c, d en e van de
                        Participatiewet, </al><al/><al> besluiten op 23 juni in vergadering vast te stellen de volgende
                        verordening: </al><al/><al> Participatieverordening gemeenten Dantumadiel, Dongeradeel, Kollumerland
                        c.a. en Ferwerderadiel 2015 en verder </al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>1.</nr><titel>ALGEMENE BEPALINGEN</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>college: colleges van burgemeester en wethouders van de
                                        gemeente Dantumadiel;</al></li><li nr="b."><al>doelgroep: personen als bedoeld in artikel 7, eerste lid van
                                        de Participatiewet, met uitzondering van personen als
                                        bedoeld in artikel 7, derde lid van deze wet;</al></li><li nr="c."><al>doelgroep loonkostensubsidie: personen als bedoeld in
                                        artikel 6, eerste lid, onderdeel e van de
                                        Participatiewet;</al></li><li nr="d."><al>IOAW: Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk
                                        arbeidsongeschikte werkloze werknemers;</al></li><li nr="e."><al>IOAZ: Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk
                                        arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen;</al></li><li nr="f."><al>klant: persoon die tot de doelgroep van deze verordening
                                        behoort;</al></li><li nr="g."><al>loonwaarde: loonwaarde als bedoeld in artikel 6, eerste lid,
                                        onderdeel g van de Participatiewet;</al></li><li nr="h."><al>nugger: niet-uitkeringsgerechtigde als bedoeld in artikel 6,
                                        eerste lid, onderdeel a van de Participatiewet, die niet of
                                        minder dan 12 uren per week werkt en meer dan 12 uren per
                                        week wil werken;</al></li><li nr="i."><al>ondersteuning: ondersteuning als bedoeld in artikel 7,
                                        eerste lid, aanhef en onderdeel a, van de Participatiewet,
                                        inclusief het bepalen en aanbieden van door het college
                                        noodzakelijk geachte voorzieningen;</al></li><li nr="j."><al>participatie: alle activiteiten waaraan de klant in de
                                        samenleving deelneemt, onderverdeeld in arbeid, onderwijs en
                                        maatschappelijke participatie;</al></li><li nr="k."><al>pva: plan van aanpak waarin de door het college voor een
                                        individuele klant noodzakelijk geachte ondersteuning,
                                        alsmede de voor deze klant geldende algemene en bijzondere
                                        verplichtingen zijn vastgelegd.</al></li><li nr="l."><al>Algemeen geaccepteerde arbeid: arbeid die algemeen
                                        maatschappelijk aanvaard is. Werkzaamheden die niet algemeen
                                        geaccepteerd zijn, zoals prostitutie, zijn hiermee
                                        uitgesloten. De arbeid die wordt aangeboden hoeft niet
                                        beperkt te blijven tot de arbeid die gangbaar is voor de
                                        betrokken persoon, omdat hij bijvoorbeeld die arbeid in het
                                        verleden heeft verricht en daarmee wellicht meer affiniteit
                                        heeft dan met de aangeboden arbeid.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Alle niet nader omschreven begrippen die in deze verordening worden
                                gebruikt zoals zij zijn gedefinieerd in de Algemene wet
                                bestuursrecht, de Participatiewet of overige in deze verordening
                                aangehaalde wetten.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.</nr><titel>Toepassingsbereik</titel></kop><al>Deze verordening richt zich op het bieden van ondersteuning aan klanten
                            die tot de doelgroep behoren bij het participeren op het voor de
                            individuele klant hoogst haalbare niveau, waarbij regulier werk
                            (algemeen geaccepteerde arbeid) prioritair is. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.</nr><titel>Opdracht college</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college biedt aan klanten ondersteuning bij participatie voor
                                zover deze ondersteuning door het college noodzakelijk wordt
                                geacht.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college maakt een afweging van de individuele mogelijkheden en
                                capaciteiten van een klant, teneinde de ondersteuning van klanten
                                zodanig vorm te kunnen geven dat de beoogde mate van participatie zo
                                doelmatig mogelijk wordt gerealiseerd.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bij de toepassing van het tweede lid besteedt het college in ieder
                                geval aandacht aan de afstand tot de arbeidsmarkt en de wijze waarop
                                rekening wordt gehouden met de zorgtaken, waaronder begrepen de
                                opvang van ten laste komende kinderen tot vijf jaar en het
                                noodzakelijkerwijs verrichten van mantelzorg.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het college kan, bij het bepalen van de wijze waarop de
                                ondersteuning wordt vormgegeven prioriteiten stellen in verband met
                                de financiële mogelijkheden en maatschappelijke, economische en
                                conjuncturele ontwikkelingen.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>In geval van een nugger kan het college:</al><lijst><li nr="a."><al>een eigen bijdrage instellen; of</al></li><li nr="b."><al>nadere voorwaarden vaststellen, waarbij een inkomens- of
                                        vermogensgrens kan worden gehanteerd; of</al></li><li nr="c."><al>zowel een eigen bijdrage instellen als nadere voorwaarden
                                        vaststellen, waarbij een inkomens- of vermogensgrens kan
                                        worden gehanteerd.</al></li></lijst></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>2.</nr><titel>PARTICIPATIE ALGEMEEN</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.</nr><titel>Ondersteuning van klanten</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college doet een klant een aanbod voor ondersteuning bij
                                participatie dat in overeenstemming is met de bepalingen van deze
                                verordening en de op deze verordening gebaseerde beleidsregels.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De componenten waaruit de ondersteuning bestaat worden nader
                                uitgewerkt in een op de specifieke situatie van een klant
                                toegespitst pva.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>In geval van klanten van 27 jaar of ouder, doch jonger dan de
                                pensioengerechtigde leeftijd wordt het pva als bijlage toegevoegd
                                aan de beschikking waarin het aanbod als bedoeld in het eerste lid
                                van dit artikel wordt bekend gemaakt.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>In geval van klanten beneden de 27 jaar wordt het pva overeenkomstig
                                artikel 44, vierde lid van de Participatiewet als bijlage toegevoegd
                                aan de beschikking waarin het aanbod voor ondersteuning als bedoeld
                                in het eerste lid van dit artikel bekend wordt gemaakt.’</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Een klant heeft geen recht op ondersteuning indien er een
                                voorliggende voorziening voorhanden is welke naar het oordeel van
                                het college voldoende bijdraagt aan het behalen van de voor de klant
                                hoogst haalbare participatietrede.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Het college kan in beleidsregels vastleggen welke niet in deze
                                verordening opgenomen voorzieningen het college kan aanbieden.</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>Het college kan de voorwaarden die gelden voor de in het zesde lid
                                van dit artikel bedoelde voorzieningen vaststellen in
                                beleidsregels.</al></lid><lid><lidnr>8.</lidnr><al>Het college kan, in aanvulling op de verplichtingen die zijn
                                verbonden aan de inkomensvoorziening waar een klant aanspraak op
                                maakt, nadere verplichtingen verbinden aan een deze klant aangeboden
                                voorziening.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.</nr><titel>Verplichtingen klant</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een klant die deelneemt aan een voorziening is gehouden tenminste te
                                voldoen aan de verplichtingen die voortvloeien uit de
                                inkomensvoorziening waar de klant aanspraak op maakt, alsmede aan de
                                verplichtingen die het college aan de aangeboden voorziening heeft
                                verbonden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien een klant die deelneemt aan een voorziening niet voldoet aan
                                de verplichtingen als bedoeld in het eerste lid van dit artikel, kan
                                het college de aangeboden voorziening beëindigen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college verlaagt de uitkering van de klant conform hetgeen
                                hierover is bepaald in de Participatiewet of de
                                Afstemmingsverordening Participatiewet, IOAW en IOAZ gemeenten
                                Dantumadiel, Dongeradeel, Kollumerland c.a. en Ferwerderadiel 2015,
                                indien de klant die deelneemt aan een voorziening niet voldoet aan
                                de verplichtingen als bedoeld in het eerste lid van dit
                                artikel.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>3.</nr><titel>BEPALINGEN MET BETREKKING TOT IN DE PARTICIPATIEWET OPGENOMEN VOORZIENINGEN</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.</nr><titel>Vaststelling wie tot doelgroep loonkostensubsidie behoort</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college stelt vast of een persoon behoort tot de doelgroep
                                loonkostensubsidie.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Hierbij neemt het college de volgende criteria in acht:</al><lijst><li nr="a."><al>de persoon behoort tot de doelgroep zoals omschreven in
                                        artikel 7, eerste lid, onderdeel a, van de
                                        Participatiewet;</al></li><li nr="b."><al>die persoon is niet in staat met voltijdse arbeid het
                                        wettelijk minimumloon te verdienen, en</al></li><li nr="c."><al>die persoon heeft mogelijkheden tot
                                        arbeidsparticipatie.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.</nr><titel>Vaststelling loonwaarde doelgroep loonkostensubsidie</titel></kop><al>Het college gebruikt de in beleidsregels nader te omschrijven wijze om
                            de loonwaarde van een persoon vast te stellen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8.</nr><titel>Beschut werk</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een klant met een lichamelijke, verstandelijke of psychische
                                beperking, dan wel een combinatie van genoemde beperkingen, die een
                                zodanige mate van begeleiding op en aanpassingen van de werkplek
                                vereist dat van een reguliere werkgever in redelijkheid niet mag
                                worden verwacht dat hij deze klant in dienst neemt, kan door het
                                college de participatievoorziening beschut werk als bedoeld in
                                artikel 10b van de Participatiewet worden aangeboden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college maakt ter uitvoering van het eerste lid van dit artikel
                                een voorselectie uit de groep klanten met een grote afstand tot de
                                arbeidsmarkt.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen adviseert het
                                college overeenkomstig artikel 10b, tweede lid van de
                                Participatiewet in verband met de beoordeling of een klant slechts
                                mogelijkheden heeft tot arbeidsparticipatie in een beschutte
                                omgeving onder aangepaste omstandigheden.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het college biedt de volgende op arbeidsinschakeling gerichte
                                voorzieningen aan om de in artikel 10b, eerste lid van de
                                Participatiewet bedoelde werkzaamheden mogelijk te maken:</al><lijst><li nr="a."><al>fysieke aanpassingen van de werkplek of de
                                        werkomgeving;</al></li><li nr="b."><al>uitsplitsing van taken of aanpassingen in de wijze van
                                        werkbegeleiding, werktempo of arbeidsduur.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Het college legt vast hoeveel plekken voor beschut werk de gemeente
                                beschikbaar stelt.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9.</nr><titel>De no-riskpolis</titel></kop><al>Vervallen</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>4.</nr><titel>INNOVATIE</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10.</nr><titel>Innovatie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college kan, als experiment in het kader van het onderzoeken en
                                toepassen van mogelijkheden om de participatie te bevorderen,
                                afwijken van het bepaalde in deze verordening en voor zover van
                                toepassing, de Beleidsregels Participatie.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De duur van een experiment als bedoeld in het eerste lid is ten
                                hoogste twee jaar.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien het experiment noodzaakt tot bijstelling van de
                                Participatieverordening en de Beleidsregels Participatie, kan de
                                periode zoals genoemd in het tweede lid worden verlengd tot aan het
                                moment van inwerkingtreding van de bijstelling.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Indien het college gebruik wil maken van de bevoegdheid als bedoeld
                                in het eerste lid wordt dit voornemen voorgelegd aan de Cliëntenraad
                                Werk en Inkomen.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>5.</nr><titel>SLOTBEPALINGEN</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11.</nr><titel>Uitvoering</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het college draagt zorg voor de uitvoering van deze
                                    verordening.</al></li><li nr="2."><al>Het college stelt voor de uitvoering van deze verordening
                                    beleidsregels vast.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12.</nr><titel>Hardheidsclausule</titel></kop><al>Het college kan, indien de toepassing van bepalingen in deze verordening
                            in de individuele situatie tot onbillijkheden van overwegende aard leidt
                            voor zover het de bevoegdheid betreft die voortvloeit uit deze
                            verordening, afwijken van deze verordening.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13.</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening kan worden aangehaald als ‘Participatieverordening
                            gemeenten Dantumadiel, Dongeradeel, Kollumerland c.a. en Ferwerderadiel
                            2015 en verder’.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14.</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2015 onder gelijktijdig
                            intrekken van de bestaande re-integratieverordening WWB.</al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst></regeling></body></cvdr>