<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR375621_2</dcterms:identifier><dcterms:title>Reglement van Orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de gemeenteraad van Barendrecht 2014 (1e herziening)</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Barendrecht</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-12-10</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Barendrecht</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Onbekend.</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Reglement van Orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de gemeenteraad van Barendrecht 2014 (1e herziening)</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0005416&amp;artikel=16">Gemeentewet, art. 16</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2015-03-24</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2015-03-25</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2018-12-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>art. 12</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>131345</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>bestuur en recht</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>De “1e wijziging Reglement van Orde voor de vergadering en andere werkzaamheden van de Gemeenteraad van Barendrecht 2009” wordt per 1 november 2014 ingetrokken.</al><al>Het Reglement van Orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de gemeenteraad van Barendrecht 2014 treedt in werking op 1 november 2014.</al><al>De 1e herziening van het Reglement van Orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de gemeenteraad van Barendrecht 2014 treedt in werking op 25 maart 2015.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Reglement van Orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de gemeenteraad van Barendrecht 2014 (1e herziening)</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Barendrecht;</al><al/><al>overwegende, dat het wenselijk is het Reglement van orde voor de
                        vergaderingen en andere werkzaamheden van de gemeenteraad van Barendrecht
                        geheel te herzien;</al><al/><al>gelet op artikel 16 van de Gemeentewet; </al><al/><al>gelezen het voorstel van de voorzitter en de griffier van 17 oktober;</al><al/><al>besluit vast te stellen</al><al/><al> het Reglement van Orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de
                        gemeenteraad van de gemeente Barendrecht 2014:</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>1</nr><titel>Algemene bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>In dit reglement wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>amendement: voorstel van een raadslid tot wijziging van een
                                    ontwerpverordening of ontwerp</al><al> beslissing;</al></li><li nr="b."><al>griffier: griffier van de raad of diens plaatsvervanger;</al></li><li nr="c."><al>initiatiefvoorstel: een voorstel van een raadslid voor een
                                    verordening of een ander voorstel;</al></li><li nr="d."><al>motie: verklaring waarmee een oordeel, wens of verzoek wordt
                                    uitgesproken;</al></li><li nr="e."><al>subamendement: voorstel van een raadslid tot wijziging van een
                                    aanhangig amendement;</al></li><li nr="f."><al>voorzitter: de voorzitter van de raad of diens
                                    plaatsvervanger.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Het presidium</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Er is een presidium dat bestaat uit de voorzitter en de
                                fractievoorzitters. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het presidium kan anderen uitnodigen deel te nemen aan zijn
                                vergaderingen.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Elke fractievoorzitter wijst een plaatsvervanger, <cursief>zijnde
                                    een raadslid</cursief>, aan, die hem/haar bij zijn/haar
                                afwezigheid in het presidium vervangt.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De vergaderingen van het presidium zijn besloten.</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>Het presidium doet aanbevelingen aan de raad inzake de organisatie
                                en het functioneren van de raad en de commissies, voor zover het
                                niet betreft de taken van de agendacommissie.</al></lid><lid><lidnr>8.</lidnr><al>Het presidium houdt jaarlijks een evaluatiegesprek met de
                                burgemeester.</al></lid><lid><lidnr>9.</lidnr><al>Het presidium houdt jaarlijks een functioneringsgesprek met de
                                griffier.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Agendacommissie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Er is een agendacommissie die bestaat uit de voorzitters van de
                                raadscommissies, de plaatsvervangend voorzitters, de voorzitter van
                                de raad en één raadslid per fractie die anders niet vertegenwoordigd
                                zou zijn. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De raadsvoorzitter is voorzitter van de agendacommissie. Bij
                                verhindering van de voorzitter wijzen de overige leden een
                                voorzitter uit hun midden aan. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De agendacommissie vergadert zoveel als zij nodig acht aan de hand
                                van een vooraf vastgesteld schema. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De agendacommissie stelt jaarlijks het vergaderschema voor de raads-
                                en commissievergaderingen op en vast. </al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Indien nodig kan de agendacommissie extra vergaderingen uitschrijven
                                of een vergadering annuleren.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>De agendacommissie stelt de conceptagenda's van de raads- en
                                commissievergaderingen op. De agendacommissie bepaalt of een
                                voorstel op de commissieagenda, dan wel rechtstreeks op de
                                raadsagenda, wordt geplaatst. Bij de opstelling van de agenda
                                bepaalt de agendacommissie op welke wijze een onderwerp wordt
                                behandeld. </al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>De agendacommissie toetst of de stukken voldoen aan de
                                informatiebehoefte van de raad. De griffier adviseert de
                                agendacommissie. </al></lid><lid><lidnr>8.</lidnr><al>De agendacommissie beheert de termijnagenda van de raad. </al></lid><lid><lidnr>9.</lidnr><al>De agendacommissie bepaalt de inhoud en de invulling van de
                                bijeenkomst(en) op een oriëntatieavond. </al></lid><lid><lidnr>10.</lidnr><al>De agendacommissie bepaalt in welke commissie een aangemeld
                                onderwerp geagendeerd wordt. Indien een onderwerp meerdere
                                raadscommissies aangaat, bepaalt de agendacommissie of het onderwerp
                                in de afzonderlijke raadscommissies besproken wordt, dan wel in een
                                gezamenlijke vergadering van de raadscommissies. </al></lid><lid><lidnr>11.</lidnr><al>Indien een gezamenlijke vergadering van raadscommissies wordt
                                belegd, bepaalt de agendacommissie welke commissievoorzitter de
                                vergadering voorzit. </al></lid><lid><lidnr>12.</lidnr><al>De agendacommissie kan anderen uitnodigen deel te nemen aan zijn
                                vergaderingen.</al></lid><lid><lidnr>13.</lidnr><al>Indien een wethouder bij een vergadering aanwezig wil zijn en wil
                                deelnemen aan de beraadslagingen, doet hij hiertoe voor de
                                vaststelling van de voorlopige agenda een verzoek aan de
                                voorzitter.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>De voorzitter</titel></kop><al>De voorzitter is belast met:</al><lijst><li nr="a."><al>het leiden van de vergadering;</al></li><li nr="b."><al>het handhaven van de orde;</al></li><li nr="c."><al>het doen naleven van het Reglement van Orde;</al></li><li nr="d."><al>hetgeen de Gemeentewet of dit reglement hem verder
                                    opdraagt.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>De griffier</titel></kop><lijst><li nr="1."><al> De griffier is aanwezig in raadsvergaderingen, vergaderingen
                                    van de agendacommissie, vergaderingen van het presidium en kan
                                    aanwezig zijn in de raadscommissievergaderingen.</al></li><li nr="2."><al> Bij verhindering of afwezigheid wordt de griffier vervangen
                                    door een door de raad daartoe aangewezen plaatsvervangend
                                    griffier.</al></li><li nr="3."><al> De griffier kan, indien hij/zij daartoe door de voorzitter
                                    wordt uitgenodigd, aan de beraadslagingen deelnemen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Onderzoek geloofsbrieven en beëdiging raadsleden</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Bij de benoeming van nieuwe raadsleden stelt de raad een commissie
                                in bestaande uit drie raads-leden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Deze commissie onderzoekt de geloofsbrieven en de daarop betrekking
                                hebbende stukken van de nieuw benoemde raadsleden en brengt
                                vervolgens advies uit aan de raad over de toelating van de nieuw
                                benoemde raadsleden tot de raad. Indien van toepassing wordt van een
                                minderheidsstandpunt melding gemaakt in dit advies.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het onderzoek van het proces verbaal van het centraal stembureau
                                gebeurt in de laatste raadsvergadering in de oude samenstelling na
                                de raadsverkiezingen.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Na deze raadsverkiezing roept de voorzitter de toegelaten raadsleden
                                op om in de eerste raadsvergadering in nieuwe samenstelling, bedoeld
                                in artikel 18 van de Gemeentewet, de voorgeschreven eed of
                                verklaring en belofte af te leggen.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>In geval van een tussentijdse vacaturevervulling roept de voorzitter
                                in afwijking van het voorgaande een nieuw benoemd raadslid op voor
                                de raadsvergadering waarin over diens toelating wordt beslist om de
                                voorgeschreven eed of verklaring en belofte af te leggen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Benoeming wethouders</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Bij benoeming van een wethouder stelt de raad een commissie in
                                bestaande uit drie raadsleden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De kandidaat wethouder overlegt de documenten en informatie die
                                nodig zijn voor de in het hiernavolgende lid door de commissie te
                                verrichten toetsing. De kandidaat wethouder maakt bovendien alle
                                overige door hem/haar in dat verband relevant geachte informatie aan
                                de commissie kenbaar.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De commissie toetst de van de kandidaat wethouder ontvangen
                                documenten en informatie aan de hand van in elk geval een zestal
                                voorschriften:</al><lijst><li nr="a."><al>de verklaring van goed gedrag;</al></li><li nr="b."><al>de artikelen 35, 36a, 10 en 41a Gemeentewet
                                        (benoembaarheidsvereisten);</al></li><li nr="c."><al>de artikelen 41b en 12 Gemeentewet (nevenfuncties);</al></li><li nr="d."><al>artikel 36b Gemeentewet (onverenigbare functies);</al></li><li nr="e."><al>de artikelen 41c, 15 en 46 Gemeentewet (onverenigbare of
                                        verboden handelingen);</al></li><li nr="f."><al>de gedragscode voor burgemeester en wethouders van de
                                        gemeente.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De commissie verricht zijn werkzaamheden in een niet openbare
                                vergadering waarvan geen verslag wordt gelegd.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De kandidaat wethouder wordt in de gelegenheid gesteld de documenten
                                en aangedragen informatie mondeling toe te lichten.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Op basis van de beoordeelde informatie formuleert de commissie een
                                schriftelijk, beargumenteerd, advies aan de raad ten aanzien van de
                                benoembaarheid van de voorgedragen wethouder(s). Indien de ad hoc
                                commissie niet unaniem is in zijn oordeel wordt hiervan melding
                                gemaakt in het advies.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Fracties</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Raadsleden die door het centraal stembureau op dezelfde
                                kandidatenlijst verkozen zijn verklaard, worden bij de aanvang van
                                de zitting als één fractie beschouwd.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Als boven de kandidatenlijst een aanduiding was geplaatst, voert de
                                fractie in de raad deze aanduiding als naam. Als daar geen
                                aanduiding was geplaatst, deelt de fractie in de eerste
                                raadsvergadering aan de voorzitter mee welke naam deze fractie in de
                                raad zal voeren.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De namen de fractievoorzitter en diens plaatsvervanger worden zo
                                spoedig mogelijk doorgegeven aan de voorzitter.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Als één of meer raadsleden van één of meer fracties als zelfstandige
                                fractie gaan optreden of als één of meer raadsleden van een fractie
                                zich aansluiten bij een andere fractie, wordt hiervan zo spoedig
                                schriftelijk mededeling gedaan aan de voorzitter.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Een nieuwe naam van een fractie voldoet aan de eisen uit artikel G3
                                van de Kieswet en wordt gebruikt met ingang van de eerstvolgende
                                raadsvergadering na naamswijziging.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>2</nr><titel>Raadsvergaderingen</titel></kop><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>1</nr><titel>Voorbereiding</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Vergaderfrequentie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De vergaderingen vinden in de regel plaats volgens het
                                    vergaderschema als bedoeld in artikel 3, lid 4 van dit
                                    reglement, vangen aan om 20.00 uur en worden gehouden in het
                                    gemeentehuis.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De voorzitter kan in bijzondere gevallen een andere dag en
                                    aanvangsuur bepalen, of een andere vergaderplaats aanwijzen. Hij
                                    voert hierover, tenzij er sprake is van een spoedeisende
                                    situatie, overleg met de agendacommissie.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Oproep</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De voorzitter zendt ten minste 10 dagen voor een
                                    raadsvergadering de raadsleden digitaal een oproep en de
                                    voorlopige agenda met de daarbij behorende stukken, met
                                    uitzondering van de in artikel 25, eerste en tweede lid, van de
                                    Gemeentewet bedoelde stukken.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Als een aanvullende agenda als bedoeld in artikel 11, lid 2
                                    wordt vastgesteld, wordt deze met de daarbij behorende stukken
                                    zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk 48 uur voor aanvang van de
                                    raadsvergadering aan de leden gezonden.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Agenda</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Voordat de digitale oproep wordt verzonden, stelt de
                                    agendacommissie de voorlopige agenda van de vergadering
                                    vast.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In spoedeisende gevallen kan de voorzitter na het verzenden van
                                    de schriftelijke oproep een aanvullende voorlopige agenda
                                    opstellen. De daarbij behorende stukken worden openbaar bekend
                                    gemaakt.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Als omtrent de inhoud van stukken op grond van artikel 25,
                                    eerste of tweede lid, van de Gemeentewet geheimhouding is
                                    opgelegd, blijven deze stukken in afwijking van het eerste lid
                                    onder berusting van de griffier en verleend deze de raadsleden
                                    op verzoek inzage.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De agenda wordt bij aanvang van de raadsvergadering door de raad
                                    vastgesteld.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Op voorstel van een lid van de raad of de voorzitter kan de raad
                                    bij de vaststelling van de agenda onderwerpen aan de agenda
                                    toevoegen of van de agenda afvoeren.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Wanneer de raad een onderwerp onvoldoende voor de openbare
                                    beraadslaging voorbereid acht, kan hij het onderwerp verwijzen
                                    naar een commissie of aan het college nadere inlichtingen of
                                    advies vragen.</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>Op voorstel van een lid van de raad of van de voorzitter kan de
                                    raad de volgorde van behandeling van de agendapunten
                                    wijzigen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Ter inzage leggen van stukken</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Stukken die ter toelichting van de onderwerpen of voorstellen op
                                    een voorlopige agenda dienen, zijn gelijktijdig met het
                                    verzenden van de digitale oproep voor een ieder op verzoek ter
                                    inzage op het gemeentehuis. Als na het verzenden van de digitale
                                    oproep stukken ter inzage worden gelegd, wordt hiervan
                                    mededeling gedaan aan de leden van de raad en zo mogelijk door
                                    middel van openbare kennisgeving.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Stukken die digitaal beschikbaar zijn worden op de website van
                                    de gemeente geplaatst.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Als omtrent stukken op grond van artikel 25, eerste of tweede
                                    lid van de Gemeentewet geheimhouding is opgelegd, worden deze
                                    stukken ophet besloten gedeelte van het raadsinformatiesysteem
                                    geplaatst. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Openbare kennisgeving</titel></kop><al>Raadsvergaderingen worden ten openbare kennis gebracht door
                                aankondiging op de website van de gemeente en in het
                                huis-aan-huisblad “De Schakel”, rubriek Blik op Barendrecht.</al></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>2</nr><titel>Ter vergadering</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Presentielijst</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De griffier draagt zorg voor het bijhouden van
                                        presentielijsten van raadsvergaderingen.</al></li><li nr="2."><al>Bij binnenkomst in de vergaderzaal tekenen raadsleden de
                                        presentielijst. Aan het einde van elke raadsvergadering
                                        wordt die lijst door de voorzitter en de griffier door
                                        ondertekening vastgesteld.</al><al/></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel 15 Spreektermijnen</label></kop><lijst><li nr="1."><al>Beraadslaging over onderwerpen of voorstellen geschiedt in
                                        ten hoogste twee termijnen, tenzij de raad anders
                                        beslist.</al></li><li nr="2."><al>Spreektermijnen worden door de voorzitter afgesloten.</al></li><li nr="3."><al>Raadsleden mogen in een termijn niet meer dan één maal het
                                        woord voeren over hetzelfde onderwerp of voorstel.</al></li><li nr="4."><al>Het derde lid is niet van toepassing op een raadslid dat een
                                        amendement, subamendement, een motie of een
                                        initiatiefvoorstel heeft ingediend, ten aanzien van de
                                        beraadslaging over het door dat raadslid ingediende.</al></li><li nr="5."><al>Bij de bepaling hoeveel malen een raadslid over hetzelfde
                                        onderwerp of voorstel het woord heeft gevoerd, wordt niet
                                        meegerekend het spreken over een voorstel van orde.</al></li><li nr="6."><al>De raad kan op voorstel van de voorzitter of een raadslid
                                        beslissen over één of meer onderdelen van een onderwerp of
                                        voorstel afzonderlijk te beraadslagen.</al></li><li nr="7."><al>Op verzoek van een lid van de raad of op voorstel van de
                                        voorzitter kan de raad besluiten de beraadslaging voor een
                                        door hem te bepalen tijd te schorsen teneinde het college of
                                        de leden de gelegenheid te geven tot onderling nader beraad.
                                        De beraadslagingen worden hervat nadat de schorsingsperiode
                                        verstreken is.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Deelname aan de beraadslaging door anderen</titel></kop><al>Onverminderd artikel 21 van de Gemeentewet kan de raad op enig
                                moment besluiten dat anderen mogen deelnemen aan de
                                beraadslaging.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Voorstellen van orde</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De voorzitter en ieder raadslid kunnen tijdens de vergadering
                                    mondeling een voorstel doen dat kort kan worden toegelicht.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een voorstel van orde kan uitsluitend de orde van de vergadering
                                    betreffen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Over een voorstel van orde beslist de raad terstond.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr><titel>Handhaving orde; schorsing</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Een spreker mag in zijn betoog niet worden gestoord,
                                        tenzij:</al><lijst><li nr="a."><al>de voorzitter het nodig oordeelt hem aan het
                                                opvolgen van dit reglement te herinneren;</al></li><li nr="b."><al> een lid hem interrumpeert. De voorzitter kan
                                                bepalen dat de spreker zonder verdere interrupties
                                                zijn betoog zal afronden.</al></li></lijst></li></lijst><lijst><li nr="2."><al>Indien een spreker zich beledigende of onbetamelijke
                                        uitdrukkingen veroorlooft, afwijkt van het in behandeling
                                        zijnde onderwerp, een andere spreker herhaaldelijk
                                        interrumpeert, dan wel anderszins de orde verstoort, wordt
                                        hij door de voorzitter tot de orde geroepen. Indien de
                                        betreffende spreker hieraan geen gevolg geeft, kan de
                                        voorzitter hem gedurende de vergadering, waarin zulks plaats
                                        heeft, over het aanhangige onderwerp het woord
                                        ontzeggen.</al></li><li nr="3."><al>De voorzitter kan ter handhaving van de orde de vergadering
                                        voor een door hem te bepalen tijd schorsen en indien na de
                                        heropening de orde opnieuw wordt verstoord de vergadering
                                        sluiten.</al></li></lijst></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>3.</nr><titel>Stemmingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr><titel>Stemverklaring</titel></kop><al>Na het sluiten van de beraadslaging en voordat de raad tot stemming
                                overgaat, kunnen raadsleden hun voorgenomen stemgedrag
                                toelichten.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20</nr><titel>Beslissing</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De voorzitter sluit de beraadslaging als hij vaststelt dat een
                                    onderwerp of voorstel voldoende is toegelicht, tenzij de raad
                                    anders beslist.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Voordat de stemming over het voorstel in zijn geheel
                                    plaatsvindt, formuleert de voorzitter het voorstel voor de te
                                    nemen beslissing.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>21</nr><titel>Stemming; procedure hoofdelijke stemming</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De voorzitter vraagt de raadsleden of zij stemming verlangen. Is
                                    dit niet het geval, dan stelt de voorzitter vast dat het
                                    voorstel zonder hoofdelijke stemming is aangenomen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Als een voorstel zonder stemming wordt aangenomen kunnen de in
                                    de raadsvergadering aanwezige raadsleden aantekening in het
                                    verslag vragen, dat zij geacht willen worden te hebben
                                    tegengestemd of overeenkomstig artikel 28 van de Gemeentewet
                                    niet aan de stemming hebben deelgenomen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Als een raadslid om stemming of hoofdelijke stemming vraagt,
                                    doet de voorzitter daarvan mededeling aan de raad.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Bij hoofdelijke stemming roept de voorzitter of griffier de
                                    raadsleden bij naam op hun stem uit te brengen. De stemming
                                    begint bij het daarvoor bij loting aangewezen raadslid.
                                    Vervolgens geschiedt de oproeping op alfabetische volgorde.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Bij hoofdelijke stemming brengen ter vergadering aanwezig
                                    raadsleden, tenzij zij overeenkomstig artikel 28 van de
                                    Gemeentewet niet aan de stemming deel behoren te nemen, hun stem
                                    uit door ‘voor’ of ‘tegen’ uit te spreken, zonder enige
                                    toevoeging.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Een raadslid dat zich bij het uitbrengen van zijn stem vergist,
                                    kan deze vergissing herstellen totdat het volgende raadslid
                                    heeft gestemd. Bemerkt het raadslid zijn vergissing pas later,
                                    dan kan deze nadat de voorzitter de uitslag van de stemming
                                    bekend heeft gemaakt aantekening vragen van zijn vergissing. Dit
                                    brengt geen verandering in de uitslag van de stemming.</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>De voorzitter deelt de uitslag na afloop van de stemming mee.
                                    Deze doet daarbij tevens mededeling van het genomen
                                    besluit.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>22</nr><titel>Volgorde stemming over amendementen en moties</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Als een amendement op een aanhangig voorstel is ingediend, wordt
                                    eerst over dat amendement gestemd en vervolgens over het
                                    voorstel zoals het dan luidt in zijn geheel.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Als een subamendement is ingediend, wordt eerst over het
                                    subamendement gestemd en vervolgens over het amendement waarop
                                    dat betrekking heeft.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Als meerdere amendementen of subamendementen op een aanhangig
                                    voorstel zijn ingediend, wordt, onverminderd het eerste en
                                    tweede lid, eerst over het meest verstrekkende amendement of
                                    subamendement gestemd.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Als aangaande een aanhangig voorstel een motie is ingediend,
                                    wordt eerst over het voorstel gestemd en vervolgens over de
                                    motie.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>23</nr><titel>Stemming over personen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Bij stemming over personen voor voordrachten of het
                                        opstellen van voordrachten of aanbevelingen, benoemt de
                                        voorzitter 3 raadsleden tot stembureau.</al></li><li nr="2."><al>Aanwezige raadsleden zijn verplicht een door het stembureau
                                        verstrekt stembriefje in te leveren, tenzij zij
                                        overeenkomstig artikel 28 van de Gemeentewet niet aan de
                                        stemming deel behoren te nemen.</al></li><li nr="3."><al>Er hebben zoveel stemmingen plaats als er personen zijn te
                                        benoemen, voor te dragen of aan te bevelen. De raad kan op
                                        voorstel van het stembureau beslissen dat bepaalde
                                        stemmingen worden samengevat op één briefje.</al></li><li nr="4."><al>Voor het bepalen van de volstrekte meerderheid, als bedoeld
                                        in artikel 30 van de Gemeentewet, worden geacht geen stem te
                                        hebben uitgebracht, die leden, die geen behoorlijk
                                        stembriefje hebben ingeleverd. Onder een niet behoorlijk
                                        ingevuld stembriefje wordt verstaan:</al><lijst><li nr="a."><al>een blanco ingevuld stembriefje;</al></li><li nr="b."><al>een ondertekend stembriefje;</al></li><li nr="c."><al>een stembriefje waarop meer dan één naam is vermeld,
                                                tenzij de stemming verschillende vacatures
                                                betreft;</al></li><li nr="d."><al>een stembriefje waarbij, indien het een benoeming op
                                                voordracht betreft, op een persoon wordt gestemd die
                                                niet is voorgedragen;</al></li><li nr="e."><al>een stembriefje waarbij op een andere persoon wordt
                                                gestemd dan die waartoe de stemming is beperkt.</al></li></lijst></li></lijst><lijst><li nr="5."><al>In geval van twijfel over de inhoud van een stembriefje
                                        beslist de raad op voorstel van het stembureau.</al></li></lijst></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>4.</nr><titel>Verslaglegging en ingekomen stukken</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>24</nr><titel>Het verslag en besluitenlijst</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De griffier draagt zorg voor verslagen en besluitenlijsten van
                                    raadsvergaderingen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het verslag bevat in ieder geval:</al><lijst><li nr="a."><al>de namen van de voorzitter, de griffier, de wethouders
                                            en de raadsleden, allen voor zover aanwezig, alsmede de
                                            overige personen die het woord hebben gevoerd;</al></li><li nr="b."><al>een aantekening van welke raadsleden afwezig waren;</al></li><li nr="c."><al>een vermelding van de zaken die aan orde zijn
                                            geweest;</al></li><li nr="d."><al>een zakelijke samenvatting van het gesprokene met
                                            vermelding van de namen van de sprekers;</al></li><li nr="e."><al>een overzicht van het verloop van elke stemming, met
                                            vermelding bij hoofdelijke stemming van de namen van de
                                            raadsleden die voor of tegen stemden, onder aantekening
                                            van de namen van de raadsleden die zich, overeenkomstig
                                            artikel 28 van de Gemeentewet, van stemming hebben
                                            onthouden of zich bij het uitbrengen van hun stem hebben
                                            vergist;</al></li><li nr="f."><al>de tekst van de ter vergadering ingediende
                                            initiatiefvoorstellen, voorstellen van orde, moties,
                                            amendementen en subamendementen;</al></li><li nr="g."><al>bij het desbetreffende agendapunt, de naam en de
                                            hoedanigheid van die personen, aan wie het op grond van
                                            het bepaalde in artikel 16 door de raad is toegestaan
                                            deel te nemen aan de beraadslagingen.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Een conceptverslag wordt gelijktijdig met de verzending aan de
                                    raadsleden verzonden aan de overige personen die het woord
                                    hebben gevoerd in de raadsvergadering waarop het betrekking
                                    heeft.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Vastgestelde verslagen worden ondertekend door de voorzitter en
                                    de griffier.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Voor zover de aard en de inhoud van de besluitvorming zich
                                    daartegen niet verzet, wordt de besluitenlijst zo spoedig
                                    mogelijk na de raadsvergadering openbaar gemaakt op de in de
                                    gemeente gebruikelijke wijze.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Van de raadsvergaderingen worden geluidsopnamen gemaakt, die
                                    bewerkt worden tot een audio-verslag. Deze audioverslagen zijn
                                    voor iedereen te raadplegen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>25</nr><titel>Ingekomen stukken</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Bij de raad ingekomen stukken, waaronder schriftelijke
                                    mededelingen van het college aan de raad, worden op een lijst
                                    geplaatst. Deze lijst met zowel openbare als besloten stukken
                                    wordt voor de leden van de raad gepubliceerd op het raadsnet.
                                    Besloten ingekomen stukken zijn alleen vertrouwelijk te
                                    raadplegen voor raads- en collegeleden via het raadsnet.
                                    Openbare ingekomen stukken zijn voor een ieder te raadplegen via
                                    de gemeentelijke website www.Barendrecht.nl.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De wijze van afdoening van de ingekomen stukken wordt op
                                    voorstel van de agendacommissie door de raad vastgesteld.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Elk raadslid kan ordevoorstel indienen bij de voorzitter met
                                    betrekking tot wijze van afdoening van een ingekomen stuk.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het ordevoorstel wordt in stemming gebracht in de
                                    raadvergadering.</al></lid></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>5</nr><titel>Verslag en verantwoording vanuit andere organisaties</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>26</nr><titel>Verslag, verantwoording</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een raadslid, een wethouder of de burgemeester, die door de
                                    gemeenteraad is aangewezen tot lid van het algemeen bestuur van
                                    een openbaar lichaam of van een ander gemeenschappelijk orgaan,
                                    ingesteld op grond van de Wet gemeenschappelijke regelingen,
                                    heeft de plicht (om in aansluiting op de behandeling van de
                                    lijst van ingekomen stukken of voor het sluiten van de
                                    vergadering) verslag te doen over zaken die in het algemeen
                                    bestuur als bedoeld aan de orde zijn geweest. Voor een door de
                                    raad gewenste bespreking van dit verslag kan de voorzitter
                                    verwijzen naar de desbetreffende commissie.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Ieder lid van de raad kan aan een persoon, als bedoeld in het
                                    eerste lid, schriftelijke vragen stellen. De regels voor het
                                    stellen van schriftelijke vragen, vastgesteld in artikel 39,
                                    zijn van overeenkomstige toepassing.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Wanneer een lid van de raad een persoon, als bedoeld in het
                                    eerste lid, ter verantwoording wenst te roepen over zijn wijze
                                    van functioneren als zodanig, besluit de raad over het toestaan
                                    daarvan. De regels voor het vragen van inlichtingen, vastgesteld
                                    in artikel 40, zijn van overeenkomstige toepassing.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Dit artikel is van overeenkomstige toepassing op andere
                                    organisaties of instituties, waarin de raad één van zijn leden
                                    heeft benoemd.</al></lid></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>6</nr><titel>Besloten raadsvergaderingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>27</nr><titel>Toepassing reglement op besloten vergaderingen</titel></kop><al>Op besloten vergaderingen is dit reglement van overeenkomstige
                                toepassing voor zover dat niet strijdig is met het besloten karakter
                                van de vergadering.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>28</nr><titel>Verslag besloten vergadering</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het concept verslag van een besloten vergadering wordt zo
                                    spoedig mogelijk verstrekt aan de leden van de raad en het
                                    college van burgemeester en wethouders. Gedurende 10 dagen na
                                    verzending van het verslag kunnen raadsleden, collegeleden en de
                                    voorzitter een voorstel indienen tot wijziging van het verslag
                                    bij de griffier.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Op taal- en typefouten corrigeert de griffier zelfstandig het
                                    verslag. De griffier legt inhoudelijke wijzigingen voor aan de
                                    agendacommissie. De agendacommissie beslist op het verzoek tot
                                    wijziging. De agendacommissie kan besluiten in te stemmen met de
                                    wijziging en het verslag vaststellen of het verzoek tot
                                    wijziging ter beslissing voor te leggen aan de gemeenteraad.
                                    Indien binnen de termijn van 10 dagen geen voorstellen tot
                                    wijziging worden ontvangen, wordt het verslag geacht te zijn
                                    vastgesteld. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het vastgestelde verslag wordt door de voorzitter en de griffier
                                    ondertekend.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>29</nr><titel>Geheimhouding</titel></kop><al>Voor de afloop van de besloten vergadering beslist de raad,
                                overeenkomstig artikel 25, eerste lid, van de Gemeentewet, of
                                omtrent de inhoud van de stukken en het verhandelde geheimhouding
                                zal gelden. De raad kan besluiten de geheimhouding op te
                                heffen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>30</nr><titel>Opheffing geheimhouding</titel></kop><al>Indien de raad op grond van artikel 25, derde en vierde lid, artikel
                                55, tweede en derde lid, of artikel 86, tweede en derde lid, van de
                                Gemeentewet voornemens is de geheimhouding op te heffen wordt,
                                indien daarom wordt verzocht door het orgaan dat geheimhouding heeft
                                opgelegd, in een besloten vergadering met het desbetreffende orgaan
                                overleg gevoerd.</al></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>7</nr><titel>Toehoorders en Pers</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>31</nr><titel>Toehoorders en pers</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De toehoorders en vertegenwoordigers van de pers wonen openbare
                                    raadsvergaderingen bij op de voor hen bestemde plaatsen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het blijkgeven van tekenen van goed- of afkeuring of het op
                                    andere wijze verstoren van de orde is hen verboden.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>32</nr><titel>Geluid- en beeldregistraties</titel></kop><al>Degenen, die in de vergaderzaal tijdens de raadsvergadering geluid-
                                dan wel beeldregistraties willen maken, doen hiervan mededeling aan
                                de voorzitter en gedragen zich naar zijn aanwijzingen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>33</nr><titel>Gebruik mobiele telefoons</titel></kop><al>In de vergaderzaal, met inbegrip van de publieke tribune, is
                                telefoneren niet toegestaan. Als overig gebruik van
                                communicatiemiddelen storend is voor de orde tijdens de vergadering
                                kan de voorzitter dit gebruik verbieden. </al></artikel></paragraaf></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3</nr><titel>Bevoegdheden, instrumenten raadsleden</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>34</nr><titel>Amendementen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Raadsleden dienen amendementen en subamendementen voor het sluiten
                                van de beraadslaging van het voorstel waarop deze betrekking hebben
                                in bij de voorzitter. Dit gebeurt schriftelijk, tenzij de voorzitter
                                oordeelt dat mondelinge indiening volstaat.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Er wordt alleen beraadslaagd over amendementen en subamendementen
                                die ingediend zijn door raadsleden die de presentielijst getekend
                                hebben.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Intrekking door de indiener van een amendement of subamendement is
                                mogelijk totdat de besluitvorming daarover door de raad is
                                afgerond.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>35</nr><titel>Moties</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Raadsleden dienen moties schriftelijk in bij de voorzitter.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De behandeling van een motie vindt gelijktijdig plaats met de
                                beraadslaging over dat onderwerp of voorstel waarop het betrekking
                                heeft.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De behandeling van een motie over een niet op de agenda opgenomen
                                onderwerp vindt plaats nadat alle op de agenda opgenomen onderwerpen
                                zijn behandeld.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Intrekking door de indiener van een motie is mogelijk totdat de
                                besluitvorming daarover door de raad is afgerond.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>36</nr><titel>Initiatiefvoorstel</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Raadsleden dienen initiatiefoorstellen schriftelijk in bij de
                                voorzitter.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De agendacommissie plaatst het voorstel op de agenda van de
                                eerstvolgende vergadering, tenzij de schriftelijke oproep hiervoor
                                reeds is verzonden. In dit laatste geval wordt het voorstel op de
                                agenda van de daaropvolgende vergadering geplaatst.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De behandeling van het voorstel vindt plaats nadat alle op de agenda
                                voorkomende voorstellen en onderwerpen zijn behandeld, tenzij de
                                raad oordeelt dat het voorstel, met het oog op de orde van de
                                vergadering, tezamen met een ander geagendeerd voorstel of onderwerp
                                dient te worden behandeld, het voorstel eerst dient te worden
                                behandeld in een raadscommissie of voor advies naar het college
                                dient te worden gezonden. In het laatste geval bepaalt de raad in
                                welke vergadering het voorstel opnieuw geagendeerd wordt.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De raad stelt nadere regels omtrent de wijze waarop een voorstel
                                voor een verordening wordt ingediend en behandeld.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>37</nr><titel>Collegevoorstel</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een voorstel van het college aan de raad dat vermeld staat op de
                                voorlopige agenda van de raadsvergadering, kan niet worden
                                ingetrokken zonder toestemming van de raad.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Als de raad van oordeel is dat een voorstel als bedoeld in het
                                eerste lid voor advies terug aan het college dient te worden
                                gezonden, bepaalt de raad binnen welke termijn het voorstel opnieuw
                                geagendeerd wordt.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>38</nr><titel>Interpellatie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Raadsleden dienen verzoeken tot het houden van een interpellatie
                                schriftelijk in bij de voorzitter. Het verzoek bevat in ieder geval
                                de te stellen vragen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De voorzitter brengt de inhoud van het verzoek zo spoedig mogelijk
                                ter kennis van de overige raadsleden en de wethouders.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Als het verzoek tenminste 48 uur voor aanvang van een
                                raadsvergadering is ingediend of in naar het oordeel van de
                                voorzitter spoedeisende gevallen, wordt over het verzoek tijdens de
                                eerstvolgende raadsvergadering gestemd. In andere gevallen tijdens
                                de daaropvolgende raadsvergadering.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De interpellant voert niet vaker dan tweemaal het woord. De overige
                                raadsleden, de burgemeester en de wethouders niet meer dan eenmaal,
                                tenzij de raad hen hiertoe verlof geeft.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>39</nr><titel>Schriftelijke vragen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Raadsleden dienen schriftelijke vragen aan het college of de
                                burgemeester in bij de griffier. Daarbij wordt aangegeven of er een
                                voorkeur voor schriftelijke of mondelinge beantwoording
                                bestaat.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De griffier brengt de vragen zo spoedig mogelijk ter kennis van de
                                overige raadsleden en het college of de burgemeester.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Schriftelijke beantwoording vindt zo spoedig mogelijk plaats, in
                                ieder geval binnen tien dagen, nadat de vragen zijn ingediend.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Als de vragen ten minste 48 uur voor aanvang van een
                                raadsvergadering zijn ingediend, vindt mondelinge beantwoording
                                plaats in de eerstvolgende raadsvergadering, tenzij het college of
                                de burgemeester de griffier gemotiveerd in kennis stelt dat dit
                                onmogelijk is, waarbij tevens aangegeven wordt binnen welke termijn
                                beantwoording zal plaatsvinden.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Schriftelijke antwoorden van het college of de burgemeester worden
                                door tussenkomst van de griffier aan de raadsleden toegezonden.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>De vragensteller kan bij schriftelijke beantwoording in de
                                eerstvolgende raadsvergadering en bij mondelinge beantwoording in
                                dezelfde raadsvergadering nadere inlichtingen vragen over het door
                                de burgemeester of door het college gegeven antwoord, tenzij de raad
                                anders beslist.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>40</nr><titel>Inlichtingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Raadsleden dienen verzoeken tot inlichtingen, als bedoeld in de
                                artikelen 169, derde lid, en 180, derde lid, van de Gemeentewet,
                                schriftelijk in bij de griffier.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De griffier brengt de inhoud van het verzoek zo spoedig mogelijk ter
                                kennis van de overige raadsleden en het college of de
                                burgemeester.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De verlangde inlichtingen worden zo spoedig mogelijk aan de raad
                                verschaft, in ieder geval binnen 10 dagen nadat het verzoek is
                                ingediend.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>41</nr><titel>Vragenkwartier</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Aan het begin van de raadsvergadering is er een vragenkwartier,
                                tenzij er bij de voorzitter geen vragen zijn ingediend. In
                                bijzondere gevallen kan de agendacommissie bepalen dat het
                                vragenkwartier op een ander tijdstip wordt gehouden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het lid van de raad dat tijdens het vragenkwartier vragen wil
                                stellen, meldt dit onder aanduiding van het onderwerp voor 12.00 uur
                                op de dag van het vragenkwartier door tussenkomst van de griffier
                                bij de voorzitter. De voorzitter kan na overleg met de
                                agendacommissie weigeren een onderwerp tijdens het vragenkwartier
                                aan de orde te stellen, indien hij het onderwerp niet voldoende
                                nauwkeurig acht aangegeven, of indien het onderwerp in de
                                raadsvergadering op diezelfde dag aan de orde komt.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De voorzitter bepaalt de volgorde, waarin aangemelde onderwerpen
                                tijdens het vragenkwartier aan de orde worden gesteld.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De voorzitter bepaalt per onderwerp de spreektijd van de
                                vragensteller (maximale spreektijd voor de vragensteller is 5
                                minuten) voor de leden van het college of de burgemeester en de
                                leden van de raad. De voorzitter verdeelt de spreektijd evenredig
                                over de vragenstellers als er meer dan drie vragenstellers zijn. De
                                voorzitter kan tevens in bijzondere gevallen afwijken van de
                                maximale lengte van de spreektijd</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Per onderwerp wordt aan de vragensteller het woord verleend om één
                                of meer vragen aan het college of de burgemeester te stellen en een
                                toelichting daarop te geven.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Na de beantwoording door het college of de burgemeester krijgt de
                                vragensteller desgewenst het woord om aanvullende vragen te
                                stellen.</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>Vervolgens kan de voorzitter aan andere leden van de raad het woord
                                verlenen om, hetzij aan de vragensteller, hetzij aan het college of
                                de burgemeester vragen te stellen over hetzelfde onderwerp.</al></lid><lid><lidnr>8.</lidnr><al>Tijdens het vragenkwartier kunnen geen moties worden ingediend en
                                worden geen interrupties toegelaten.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>4</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>42</nr><titel>Uitleg reglement</titel></kop><al>In de gevallen waarin dit reglement niet voorziet of bij twijfel omtrent
                            de toepassing van het reglement, beslist de raad op voorstel van de
                            voorzitter.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>43</nr><titel>Intrekken geldende verordening.</titel></kop><al>De “1e wijziging Reglement van Orde voor de vergadering en andere
                            werkzaamheden van de Gemeenteraad van Barendrecht 2009” wordt per 1
                            november 2014 ingetrokken.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>44</nr><titel>Inwerkingtreding en citeertitel</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het Reglement van Orde voor de vergaderingen en andere
                                    werkzaamheden van de gemeenteraad van Barendrecht 2014 treedt in
                                    werking op 1 november 2014.</al></li><li nr="2."><al>Deze verordening kan worden aangehaald onder de titel “Reglement
                                    van Orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de
                                    gemeenteraad van Barendrecht 2014”</al><al/></li></lijst></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad van de gemeente
                            Barendrecht van 28 oktober 2014</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>de griffier, de voorzitter,</ondertekening><ondertekening>Mevr. mr. G.E. Figge drs. J. van Belzen</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>