<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR3723_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op het beheer en gebruik van de gemeentelijke begraafplaatsen voor de gemeente Dongen</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Dongen</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-09-12</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Dongen</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Gemeentelijke informatiekrant van 12 oktober 2006</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Beheersverordening gemeentelijke begraafplaatsen gemeente Dongen 2006</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Artikel 149 Gemeentewet</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Artikel 35 Wet op de Lijkbezorging</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2006-09-21</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2006-11-24</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2011-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Uitvoeringsbesluit Grafbedekkingen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening op het beheer en gebruik van de gemeentelijke begraafplaatsen voor de gemeente Dongen</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>I</nr><titel>Inleidende bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>begraafplaatsen: de Centrale Begraafplaats De Kremer aan de
                                    Groenstraat te Dongen en de Algemene Begraafplaats aan de
                                    Julianalaan te ‘s Gravenmoer ;</al></li><li nr="b."><al>eigen graf: een graf, grafkelder daaronder begrepen, waarvoor
                                    aan een natuurlijk of rechtspersoon het uitsluitend recht is
                                    verleend tot:</al><lijst><li nr="1."><al>het doen begraven en begraven houden van lijken;</al></li><li nr="2."><al>het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met
                                            of zonder urnen;</al></li></lijst></li><li nr="c."><al>algemeen graf: een graf bij de gemeente in beheer waarin aan
                                    eenieder gelegenheid wordt geboden tot het doen begraven van
                                    lijken;</al></li><li nr="d."><al>eigen urnengraf: een graf, grafkelder daaronder begrepen,
                                    waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon het uitsluitend
                                    recht is verleend tot het doen bijzetten en bijgezet houden van
                                    asbussen met of zonder urnen;</al></li><li nr="e."><al>algemeen urnengraf: een graf bij de gemeente in beheer waarin
                                    aan eenieder gelegenheid wordt geboden tot het doen bijzetten
                                    van asbussen met of zonder urnen;</al></li><li nr="f."><al>eigen urnennis: een nis waarvoor aan een natuurlijk of
                                    rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot het doen
                                    bijzetten en bijgezet worden van asbussen met of zonder
                                    urnen;</al></li><li nr="g."><al>urn: een voorwerp ter berging van een of meer asbussen;</al></li><li nr="h."><al>asbus: een bus ter berging van as van een overledene;</al></li><li nr="i."><al>verstrooiingsplaats: het daartoe ingerichte gedeelte van de
                                    begraafplaats De Kremer en de Algemene Begraafplaats te ’s
                                    Gravenmoer waarop as wordt verstrooid;</al></li><li nr="j."><al>grafbedekking: gedenkteken en grafbeplanting op een graf of
                                    urnengraf;</al></li><li nr="k."><al>beheerder: het college;</al></li><li nr="l."><al>rechthebbende: de rechthebbende op een eigen graf.</al></li><li nr="m."><al>Sint Josephhoek: het daartoe ingerichte gedeelte van
                                    begraafplaats De Kremer waar de stoffelijke resten van de
                                    ruiming van de Sint Josephbegraafplaats zijn (her)begraven
                                    inclusief de overgebrachte grafmonumenten.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1a</nr></kop><al>Bij de graven gelegen op de Sint Josephhoek kunnen geen begravingen
                            en/of bijzettingen plaatsvinden.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Uitbreiding begrippen eigen en algemeen graf</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Voor de toepassing van het bij of krachtens deze verordening
                                bepaalde wordt, voorzover van belang onder 'eigen graf' mede
                                verstaan: eigen urnengraf, eigen urnennis. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Voor de toepassing van het bij of krachtens deze verordening
                                bepaalde wordt, voorzover van belang onder 'algemeen graf' mede
                                verstaan: algemeen urnengraf en algemeen urnennis.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>II</nr><titel>Openstelling, orde en rust op de begraafplaats</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Openstelling begraafplaats(en)</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De begraafplaatsen zijn voor een ieder dagelijks toegankelijk
                                gedurende door het college bij nadere regels vast te stellen tijden.
                                Zij maakt deze tijden openbaar bekend.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Ter handhaving van de orde en rust op de begraafplaatsen kunnen de
                                toegangen tijdelijk worden gesloten.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het is verboden gedurende de tijd dat de begraafplaatsen niet voor
                                het publiek geopend zijn, zich daarop te bevinden, anders dan voor
                                het bijwonen van een begrafenis of de bezorging van as.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Ordemaatregelen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het is aan steenhouwers, hoveniers en daarmede gelijk te stellen
                                personen verboden, anders dan met toestemming van het college,
                                werkzaamheden voor derden aan grafbedekkingen op de begraafplaatsen
                                te verrichten.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het is verboden met motorrijtuigen op de begraafplaatsen te
                                rijden:</al><lijst><li nr="a."><al>elders dan op de daartoe aangewezen rijwegen. Motorrijtuigen
                                        zijn buiten de rijwegen (slechts) toegestaan voor
                                        begrafenissen of voor het vervoer van materialen;</al></li><li nr="b."><al>sneller dan 10 km per uur.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college kan ontheffing verlenen van het verbod, bedoeld in de
                                aanhef en onder a van het tweede lid.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Bezoekers, personeel van uitvaartondernemingen en personen die
                                werkzaamheden op de begraafplaatsen hebben te verrichten, zijn
                                verplicht zich in het belang van de orde, rust en netheid te houden
                                aan de aanwijzingen van de beheerder.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Degenen die zich niet aan de in het vierde lid bedoelde aanwijzing
                                houden, moeten zich op eerste aanzegging van de beheerder van de
                                begraafplaats verwijderen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Plechtigheden</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Dodenherdenkingen, onthullingen van gedenktekens en dergelijke
                                plechtigheden op de begraafplaats moeten vijf dagen tevoren worden
                                gemeld aan de beheerder onder opgave van datum en uur van de
                                plechtigheid en de wijze waarop de plechtigheid zal
                                plaatsvinden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De deelnemers aan de plechtigheid, bedoeld in het eerste lid moeten
                                zich in het belang van de orde, rust en netheid houden aan de
                                aanwijzingen van de beheerder.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Opgravingen en ruimen</titel></kop><al>Het opgraven van lijken en het ruimen van graven is slechts toegestaan
                            indien daarbij geen andere personen aanwezig zijn dan degenen die met
                            deze werkzaamheden zijn belast.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>III</nr><titel>Voorschriften voor lijkbezorging</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Kennisgeving begraven en asbezorging, openen en sluiten van het
                                graf</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Degene, die wil doen begraven, as wil doen bijzetten of as wil doen
                                verstrooien, geeft daarvan uiterlijk om 12.00 uur van de werkdag
                                voorafgaande aan die waarop de begraving, bijzetting of verstrooiing
                                zal plaatsvinden, schriftelijk kennis aan de beheerder. De zaterdag
                                geldt voor de toepassing van deze bepaling niet als werkdag. Indien
                                de burgemeester toestemming heeft gegeven om het lijk binnen 36 uur
                                na het overlijden te begraven moet de kennisgeving aan de beheerder
                                zo tijdig mogelijk worden gedaan.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het lijk, dan wel het omhulsel en de asbus of urn dienen bij
                                aankomst op de begraafplaats te zijn voorzien van een
                                registratienummer.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het openen van een graf ter begraving of voor het bezorgen van as,
                                en het daarna sluiten van een graf, alsmede het bedienen van de
                                hulpmiddelen mag uitsluitend geschieden door het personeel van de
                                begraafplaats op aanwijzingen en onder toezicht van de beheerder. De
                                nabestaanden kunnen deze werkzaamheden onder toezicht van de
                                beheerder geheel of gedeeltelijk zelf verrichten indien zij hun wens
                                daartoe uiterlijk om 12.00 uur van de voorafgaande werkdag mondeling
                                of schriftelijk aan de beheerder hebben kenbaar gemaakt. De zaterdag
                                geldt voor de toepassing van deze bepaling niet als werkdag. Zij
                                dienen bij deze werkzaamheden de aanwijzingen van de beheerder op te
                                volgen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Over te leggen stukken</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Begraving mag slechts geschieden indien van tevoren het verlof tot
                                begraven is overgelegd aan de beheerder.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien de begraving of de bezorging van as in een eigen graf zal
                                plaatsvinden, dient een machtiging daartoe aan de beheerder te
                                worden overgelegd ondertekend door de rechthebbende of, indien deze
                                is overleden, door degene die in de uitvaart voorziet.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Begraving of bijzetting in een eigen graf kan alleen plaatsvinden
                                voor de termijn van twintig jaar, welke termijn na afloop telkens
                                met tien jaar kan worden verlengd. De verlenging dient te worden
                                aangevraagd door de rechthebbende of, indien deze is overleden, door
                                een van de andere personen, genoemd in artikel 15, tweede lid.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De beheerder onderzoekt de genoegzaamheid van de overgelegde
                                stukken.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Tijden van begraven en asbezorging</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De tijd van begraven en het bezorgen van as is: op werkdagen en
                                zaterdag om 10.30, 11.30, 12.30, 13.30 en 14.30 uur;</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college kan in bijzondere gevallen van deze tijden
                                afwijken.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>IV</nr><titel>Indeling en uitgifte der graven</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Indeling graven en asbezorging</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Op de begraafplaatsen kunnen worden uitgegeven:</al><lijst><li nr="a."><al>eigen graven, eigen urnengraven en eigen urnennissen;</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college bepaalt bij nader vast te stellen regels hoeveel lijken
                                en hoeveel asbussen met of zonder urnen er kunnen worden bijgezet in
                                de eigen graven.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Aantal overledenen in algemene graven</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In de algemene graven kan een door het college te bepalen aantal
                                lijken worden begraven.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In de algemene urnengraven kan een door het college te bepalen
                                aantal asbussen met of zonder urn worden bijgezet.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Volgorde van uitgifte</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De graven, urnengraven en urnennissen worden slechts voor directe
                                begraving en in volgorde van ligging uitgegeven.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college kan een eigen graf toewijzen anders dan voor directe
                                begraving en buiten de volgorde van uitgifte, indien dit wegens de
                                situatie op de begraafplaats niet bezwaarlijk is.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Termijnen eigen graven</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college verleent, voorzover de daartoe bestemde ruimte van de
                                begraafplaatsen zulks toelaat, op een daartoe bij hen schriftelijk
                                in te dienen aanvraag, voor de tijd van twintig jaar het recht op
                                een eigen graf. De termijn begint te lopen op de datum waarop van de
                                eerste begraving of van de bijzetting.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het in het eerste lid van dit artikel bedoelde recht wordt op
                                aanvraag van de rechthebbende verlengd telkens met een termijn van
                                10 jaren, mits de aanvraag voor het verstrijken van de lopende
                                termijn wordt ingediend.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Een recht als in dit artikel bedoeld, kan slechts aan een
                                rechthebbende worden verleend ten behoeve van zichzelf en voor de
                                personen genoemd in artikel 15, eerste lid. Verlening van het recht
                                ten behoeve van een ander is slechts mogelijk indien daarvoor
                                gewichtige redenen bestaan.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Grafkelder</titel></kop><al>Het college kan aan de rechthebbende op een eigen graf vergunning
                            verlenen tot het daarin voor eigen rekening doen aanbrengen van een
                            grafkelder op de gemeentelijke begraafplaatsen op de daartoe aangewezen
                            plaats overeenkomstig de door hen te stellen voorwaarden.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Overschrijving van verleende rechten</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het recht op een eigen graf kan op aanvraag van de rechthebbende
                                worden overgeschreven ten name van de echtgenoot of levenspartner
                                dan wel een bloedverwant of aanverwant tot en met de derde graad.
                                Overschrijving op verzoek van de rechthebbende ten name van een
                                ander dan de vorengenoemde personen is slechts mogelijk, indien
                                daarvoor gewichtige redenen bestaan.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Na het overlijden van de rechthebbende kan het eigen graf worden
                                overgeschreven op naam van de echtgenoot of levenspartner dan wel
                                een bloed- of aanverwant tot en met de derde graad, mits de aanvraag
                                hiertoe wordt gedaan binnen een jaar na het overlijden van de
                                rechthebbende. Overschrijving ten name van een ander dan de in de
                                vorige zin bedoelde personen is slechts mogelijk, indien daarvoor
                                gewichtige redenen bestaan.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien na het overlijden van de rechthebbende de aanvraag tot
                                overschrijving aan het college niet wordt gedaan binnen de in het
                                tweede lid van dit artikel gestelde termijn, is het college bevoegd
                                het recht op het eigen graf te doen vervallen.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Na het verstrijken van de in het tweede lid genoemde termijn van een
                                jaar kan het college het eigen graf alsnog op naam stellen van een
                                nieuwe rechthebbende, tenzij dit recht betrekking heeft op een eigen
                                graf dat inmiddels is geruimd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Afstand doen van graven</titel></kop><al>Zonder aanspraak te kunnen maken op enige vergoeding kan de
                            rechthebbende schriftelijk afstand doen ten behoeve van de gemeente van
                            het recht op het eigen graf. Van de ontvangst van zodanige verklaring
                            doen burgemeester en wethouders schriftelijk mededeling aan de
                            rechthebbende.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Sluiting van graven</titel></kop><al>1 Op aanvraag van de rechthebbende kan het college een graf gesloten
                            verklaren. Gedurende de tijd dat een graf gesloten is, mag daarop geen
                            andere grafbedekking worden geplaatst en mag daarin geen andere
                            begraving plaatsvinden, of asbus worden bijgezet dan die van de
                            stoffelijke overschotten van de personen die de rechthebbende in zijn
                            aanvraag met name heeft genoemd.</al><al>2 Het college bepaalt in overleg met de rechthebbende de periode
                            waarvoor de in het eerste lid bedoelde sluiting zal geschieden. Het
                            college stelt de bijzondere voorwaarden vast, waaraan moet zijn voldaan
                            alvorens het graf gesloten wordt verklaard.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>V</nr><titel>Grafbedekkingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr><titel>Grafbedekking</titel></kop><al>1 Omtrent de aard van de afmetingen van de grafbedekking en de wijze van
                            aanbrengen kan het college nadere regels vaststellen.</al><al>2 Het college kan ontheffing verlenen van de door hen vastgestelde
                            nadere regels.</al><al>3 Het college kan de plaatsing van een gedenkteken weigeren indien:</al><al>a niet voldaan wordt aan de door hen vastgestelde nadere regels;</al><al>b de grafbedekking afbreuk doet aan het aanzien van de
                            begraafplaats;</al><al>c de duurzaamheid van de materialen onvoldoende is;</al><al>d de constructie van de grafbedekking ondeugdelijk is.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr><titel>Grafbeplanting</titel></kop><al>Niet-blijvende beplanting op een graf die in een verwaarloosde staat
                            verkeert kan door de beheerder worden verwijderd zonder dat aanspraak
                            kan worden gemaakt op schadevergoeding. Losse bloemen, planten, kransen
                            en dergelijke kunnen, wanneer zij verwelkt zijn, door de beheerder
                            worden verwijderd. Linten, siervazen en dergelijke voorwerpen worden
                            gedurende twaalf weken ter beschikking gehouden van de rechthebbende
                            indien deze daartoe tevoren een aanvraag heeft ingediend bij de
                            beheerder.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20</nr><titel>Verwijdering grafbedekking</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De grafbedekking kan na het verstrijken van de graftermijn door het
                                college worden verwijderd.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Op grond van een daartoe door de rechthebbende bij het college
                                ingediende aanvraag, blijft de grafbedekking na verwijdering nog
                                gedurende twaalf weken ter beschikking van degene aan wie een
                                vergunning als bedoeld in artikel 19 was verleend. De aanvraag kan
                                worden ingediend gedurende de in het tweede lid genoemde
                                termijn.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De grafbedekking vervalt aan de gemeente indien:</al><lijst><li nr="a."><al>geen verzoek op grond van het derde lid is ingediend en de
                                        termijn waarbinnen dit verzoek had kunnen worden ingediend,
                                        is verstreken;</al></li><li nr="b."><al>de grafbedekking niet binnen drie maanden nadat deze van het
                                        graf is verwijderd, is afgehaald.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>21</nr><titel>Onderhoud door de rechthebbende</titel></kop><al>1 Rechthebbenden van eigen graven en gebruikers van ruimten in algemene
                            graven mogen een gedenkteken aanbrengen, die voldoet aan de door de
                            beheerder gestelde eisen.</al><al>2 Rechthebbenden en gebruikers zijn verplicht een gedenkteken en
                            grafbeplanting goed te onderhouden, zodat deze naar het oordeel van de
                            beheerder het uiterlijk aanzien van de begraafplaatsen niet schaadt en
                            geen gevaar voor belendende graven of bezoekers kan opleveren.</al><al>3 Gedenktekens of beplantingen worden geacht voor rekening en risico van
                            de rechthebbende of gebruiker te zijn aangebracht. Schade als gevolg van
                            brand, vandalisme, vorst, wateroverlast en andere van buiten komende
                            oorzaken, of ontstaan door het weghalen en terugplaatsen van een
                            gedenkteken ten behoeve van een bijzetting of opgraving, en eventuele
                            gevolgschade door derden, is voor risico en rekening van de
                            rechthebbende of gebruiker.</al><al>4 Rechthebbenden en gebruikers zijn verplicht de, door welke
                            omstandigheden ook, aan een gedenkteken of beplanting toegebrachte
                            schade op eerste aanschrijving te herstellen, indien de beschadiging
                            zodanig is dat deze naar het oordeel van de beheerder het uiterlijk
                            aanzien van de begraafplaats schaadt.</al><al>5 Indien binnen drie maanden na de dag van aanschrijving geen herstel of
                            vernieuwing heeft plaatsgevonden, is de beheerder bevoegd tot
                            verwijdering en vernietiging van de gedenktekens of beplantingen over te
                            gaan, voor rekening van de rechthebbende of gebruiker.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>22</nr><titel>Onderhoud door de gemeente.</titel></kop><al>Het college voorziet in het onderhoud aan het gras en het ophalen van
                            verzakkingen in graven.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>VI</nr><titel>Ruiming van graven, urnengraven en urnennissen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>23</nr><titel>Ruiming, bezorging van overblijfselen en as</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De bij de ruiming van het graf nog aanwezige overblijfselen van
                                lijken worden begraven en de as wordt verstrooid op een van de
                                daartoe bestemde, afgesloten gedeelten van de
                                begraafplaats(en).</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Nabestaanden van een overledene die begraven is in een algemeen graf
                                kunnen gedurende de in het eerste lid bedoelde termijn bij de
                                beheerder een aanvraag indienen om bij ruiming de overblijfselen,
                                indien mogelijk, bijeen te doen brengen voor herbegraving elders.
                                Nabestaanden van een overledene waarvan een asbus al of niet met een
                                urn is bijgezet in een algemeen graf kunnen bij de beheerder een
                                aanvraag indienen om deze ter beschikking te houden voor
                                herbegraving of verstrooiing elders.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De rechthebbende op een eigen graf, kan bij de beheerder een
                                aanvraag indienen om de overblijfselen te doen verzamelen om deze
                                opnieuw in dezelfde grafruimte te doen plaatsen dan wel om deze
                                elders opnieuw te doen begraven. De rechthebbende op een eigen
                                urnengraf of urnennis kan bij de beheerder een aanvraag indienen de
                                asbus ter beschikking te houden om elders bij te zetten of om de as
                                te doen verstrooien.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>IX</nr><titel>Inrichting register</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>24</nr><titel>Voorschriften</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college stelt voorschriften vast voor het register van de
                                begraven lijken en de bezorgde as.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het register wordt bijgehouden door de beheerder.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>X</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>25</nr><titel>Intrekking oude regeling</titel></kop><al>De verordening Beheersverordening gemeentelijke begraafplaatsen 2003,
                            vastgesteld op 12 december 2002, wordt ingetrokken.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>26</nr><titel>Overgangsbepaling</titel></kop><al>De rechten en verplichtingen met betrekking tot eigen graven die
                            voortvloeien uit de ingevolge artikel 25 ingetrokken verordening, worden
                            geacht ingevolge deze verordening te zijn ontstaan.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>29</nr><titel>Strafbepaling</titel></kop><al>Hij die handelt in strijd met de artikel 3, lid 3, artikel 4, leden 1,
                            2, 4 en 5, artikel 5, lid 2, artikel 6, artikel 7, leden 1 en 2, en
                            artikel 9, lid 1 wordt gestraft met een geldboete van de eerste
                            categorie.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>30</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking op de eerste dag na het verstrijken
                            van een termijn van zes weken na de datum van uitgifte van de
                            gemeentelijke informatiekrant waarin zij is geplaatst.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>31</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als: Beheersverordening gemeentelijke
                            begraafplaatsen gemeente Dongen 2006.</al><al/></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de raadsvergadering van 21 september 2006.</ondertekening><ondertekening>De griffier,</ondertekening><ondertekening>De voorzitter,</ondertekening><ondertekening/></regeling-sluiting><nota-toelichting><kop><titel>UITVOERINGSBESLUIT VOOR DE GRAFBEDEKKINGEN</titel></kop><al><vet>HET COLLEGE VAN BURGEMEESTER EN WETHOUDERS VAN DONGEN;</vet></al><al>gelet op artikel 18, tweede lid van de Beheersverordening gemeentelijke
                    begraafplaatsen gemeente Dongen 2006;</al><al/><al>b e s l u i t:</al><al/><al>vast te stellen de volgende nadere regels voor grafbedekkingen op de algemene
                    begraafplaats De Kremer aan de Groenstraat te Dongen en de Algemene
                    Begraafplaats aan de Julianalaan te ’s Gravenmoer.</al><al/><al><vet>Artikel 1 Inleiding</vet></al><al>De verordening verstaat onder:</al><al>A grafbedekking: gedenkteken, grafbeplanting en gras;</al><al>B gedenkteken: voorwerp op het (urnen)graf en urnennis (columbarium) voor het
                    aanbrengen van opschriften of figuren;</al><al>C grafbeplanting: winterharde beplanting welke door de rechthebbende en/of de
                    gebruiker op een (urnen)graf wordt aangebracht.</al><al/><al><vet>Artikel 2 Vergunning tot het plaatsen van een gedenkteken.</vet></al><al>De vergunning tot het plaatsen van een gedenkteken wordt geacht te zijn
                    afgegeven bij toezending van dit uitvoeringsbesluit aan de rechthebbende van het
                    (urnen)graf en urnennis (columbarium) mits het gedenkteken voldoet aan de in
                    artikel 3, lid 3, 4, 6 en 7 vermelde afmetingen.</al><al/><al><vet>Artikel 3 Gedenkteken</vet></al><al>Voor de gedenktekens mogen alleen duurzame materialen worden gebruikt, zoals
                    natuursteen, metaal, keramiek, glas, duurzame kunststoffen of een verduurzaamde
                    houtsoort. De gedenktekens welke geplaatst worden op de algemene begraafplaats
                    De Kremer aan de Groenstraat te Dongen moeten worden geplaatst op een
                    paalfundering. De gedenktekens welke worden geplaatst op de Algemene
                    Begraafplaats aan de Julianalaan te ’s Gravenmoer dienen te worden geplaatst op
                    een fundering die van gemeentewege is aangebracht.1. </al><al><vet>staande</vet> gedenktekens worden geplaatst geheel binnen de daarvoor
                    bestemde strook op het graf. 2. Op de eigen en algemene graven mogen alleen De
                    maximale hoogte van gedenktekens op kindergraven bedraagt 60 cm boven het
                    maaiveld en de maximale breedte 45 cm.De maximale hoogte van gedenktekens op de
                    eigen en algemene graven op de algemene begraafplaats De Kremer aan de
                    Groenstraat te Dongen bedraagt 1 meter boven het maaiveld, de maximale breedte
                    80 cm, de maximale dikte van het grafmonument inclusief voorplaat (geldt ook
                    voor kindergraven) mag de breedte van de beplantingsstrook (50 cm) niet
                    overschrijden en de maximale breedte van de fundering 80 cm. 3. </al><al>De maximale hoogte van gedenktekens op de eigen en algemene graven op de
                    Algemene Begraafplaats aan de Julianalaan te ’s Gravenmoer voor een enkel graf
                    bedraagt 110 cm boven het maaiveld, maximale breedte 75 cm, en voor op een
                    dubbel graf bedraagt de maximale hoogte 110 cm, de maximale breedte 120 cm. De
                    maximale dikte van de grafmonumenten voor een enkel en dubbel graf, inclusief
                    voorplaat, mag de breedte van de beplantingsstrook (50 cm) niet overschrijden.
                    4. </al><al><vet>liggende</vet> gedenktekens worden aangebracht met de navolgende
                    afmetingen. Maximale hoogte, breedte en lengte bedraagt resp. 50 cm, 90 cm en
                    190 cm.5. Op de graven, welke zijn aangegeven met de aanduiding “grafkelders,
                    gemetseld graf, familiezandgraf”, mogen in afwijking van het sub 2 gestelde
                    alleen </al><al><vet>liggende</vet> gedenktekens in de zgn. lessenaarstand worden aangebracht.
                    De maximale lengte en breedte van deze gedenktekens bedraagt 40 cm. graven,
                    welke zijn aangegeven met de aanduiding “grafkelders, gemetseld graf,
                    familiezandgraf”, mogen in afwijking van het sub 2 gestelde alleen eigen en
                    algemene urnengraven Op de 6. </al><al>In benutte nissen van het columbarium is het verplicht een afdekplaat aan te
                    brengen. De maximale dikte bedraagt 3 cm. De afdekplaat dient te worden
                    vastgezet met een uithardende kitsoort. Het is niet toegestaan in het
                    columbarium te boren. Bij het gebruik van een glazen plaat is het verplicht om
                    zowel aan de onder als bovenzijde ventilatie openingen aan te brengen i.v.m.
                    condensvorming. 7. </al><al>De onderdelen moeten vast aan het gedenkteken zijn verbonden.8. </al><al>Bij de urnengraven in vak 8 is het toegestaan een strook grond met een breedte
                    van 74 cm en met een lengte van 150 cm in te richten met beplanting.9. </al><al/><al><vet>Artikel 4 Sint Josephhoek</vet></al><al>De in dit besluit genoemde afmetingen en vormen van grafmonumenten op de
                    algemene begraafplaats De Kremer zijn niet van toepassing voor de graven gelegen
                    op de Sint Josephhoek.</al><al/><al><vet>Artikel 5 Bloemen en planten</vet></al><al>Op een graf kunnen potplanten en bloemen in vazen worden geplaatst of eenjarige
                    gewassen worden geplant in een daarvoor bestemde strook grond ter breedte van
                    maximaal 50 cm, van gemeentewege aan te geven. </al><al/><al><vet>Artikel 6 Winterharde gewassen</vet></al><al>De winterharde gewassen die op de graven of bij de urnengraven worden geplant
                    mogen bij volle wasdom de voor de beplanting op het graf of bij het urnengraf
                    beschikbare oppervlakte niet overschrijden of moeten door besnoeiing binnen de
                    oppervlakte kunnen worden gehouden.</al><al/><al><vet>Artikel 7 Niet toegestane (urnen)grafbedekking</vet></al><al>Geen vergunning zal worden verleend voor:</al><al>het aanbrengen van marmerslag;</al><al>ijzeren hekken;</al><al>palen.</al><al/><al><vet>Artikel 8 Niet toegestaan opschrift</vet></al><al>Het plaatsen van een firmanaam of enige andere reclame op gedenktekens of
                    grafbedekking is verboden.</al><al>Het plaatsen op gedenktekens of grafbedekking van symbolen of andere uitingen,
                    welke zich naar ons oordeel niet verdragen met de openbare orde of goede zeden,
                    is verboden en kunnen door ons worden verwijderd of onzichtbaar gemaakt.</al><al/><al><vet>Artikel 9 Situering gedenktekens</vet></al><al>Het gedenkteken moet aan de voorzijde zuiver in één lijn ten opzichte van andere
                    gedenktekens in dezelfde rij graven worden geplaatst op een onderbouw, welke
                    door en op kosten van vergunninghouder moet worden aangebracht, zulks conform de
                    in artikel 3, lid 1 gestelde eisen.</al><al/><al><vet>Artikel 10 Afval</vet></al><al>Alle sporen van afval, ontstaan door of tengevolge van werkzaamheden op of aan
                    gedenktekens, moeten worden opgeruimd en meegenomen door degene die de
                    werkzaamheden heeft verricht.</al><al/><al><vet>Artikel 11 Slotbepalingen</vet></al><al>Deze nadere regels treden in werking op 1 maart 2007, met ingang van welke datum
                    de bestaande regels grafbedekkingen begraafplaatsen gemeente Dongen zoals deze
                    zijn vastgesteld in de vergadering van het college van 22 oktober 2002 komen te
                    vervallen.</al><al/><al>Zij kunnen worden aangehaald als: Regels grafbedekkingen begraafplaatsen
                    gemeente Dongen 2007.</al><al/><al>Aldus vastgesteld in de vergadering van het college van 27 februari 2007.</al><al>De voorzitter, De secretaris,</al></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>