<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.92--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR371865_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verzamelverordening Wurk en Ynkommen 2015</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Ferwerderadiel</dcterms:creator><dcterms:modified>2015-07-23</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Noardeast-Fryslân</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Noardeast-Fryslân</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">GVOP, 2015</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verzamelverordening Wurk en Ynkommen 2015</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Participatiewet</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 147, lid 1</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>maatschappelijke zorg en welzijn</dcterms:subject><dcterms:issued>2015-06-18</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2015-07-23</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:terugwerkendekrachtDatum>2015-01-01</overheidrg:terugwerkendekrachtDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2021-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Betreft (aard van de wijziging) Het betreft een wijziging van de Afstemmingsverordening Participatiewet IOAW en IOAZ gemeente Ferwerderadiel 2015, de verordening Lauwersregeling en de Verordening Individuele Inkomenstoeslag. Met deze verzamelverordening worden tekstuele tekortkomingen en technische omissies uit genoemde verordeningen hersteld.</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend.</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verzamelverordening Wurk en Ynkommen 2015</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>I</nr><titel>– Wijziging van de Afstemmingsverordening Participatiewet Ioaw en
                            Ioaz</titel></kop><al/><al>De Afstemmingsverordening Participatiewet Ioaw en Ioaz gemeente
                        Ferwerderadiel 2015 wordt als volgt gewijzigd:</al><al/><al>A</al><al>In artikel 4, vierde lid wordt ‘artikel 7, artikel 8’ vervangen door
                        ‘artikel 7 en artikel 8’.</al><al/><al>B</al><al>Aan artikel 6 worden een derde en vierde lid toegevoegd, luidende:</al><al>“3. Bij toepassing van het tweede lid, onderdeel a, moet in de hoofdstukken
                        2, 3 en 4 ‘bijstandsnorm’ worden gelezen als ‘bijstandsnorm inclusief de op
                        grond van artikel 12 van de Participatiewet verleende bijzondere
                        bijstand’.</al><al>4. Bij toepassing van het tweede lid, onderdeel b, moet in de hoofdstukken
                        2, 3 en 4 ‘bijstandsnorm’ worden gelezen als ‘de verleende bijzondere
                        bijstand’.”</al><al/><al>C</al><al>Artikel 16, derde lid komt te luiden: “Als een belanghebbende zich binnen
                        twaalf maanden na bekendmaking van een besluit waarmee een verlaging is
                        toegepast vanwege een gedraging als bedoeld in artikel 18, vierde lid, van
                        de Participatiewet, opnieuw schuldig maakt aan een verwijtbare gedraging als
                        bedoeld in artikel 18, vierde lid, van de Participatiewet, bedraagt de
                        verlaging honderd procent van de bijstandsnorm gedurende:</al><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="4*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="95*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>a.</al></entry><entry colname="col2"><al>anderhalve maand bij gedragingen als bedoeld in artikel
                                            18, vierde lid, onderdelen b, f en g van de
                                            Participatiewet;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>b.</al></entry><entry colname="col2"><al>drie maanden bij gedragingen als bedoeld in artikel 18,
                                            vierde lid, onderdelen a, c, d, e en h van de
                                            Participatiewet.”</al></entry></row></tbody></tgroup></table></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>II</nr><titel>– Wijziging van de verordening Lauwersregeling</titel></kop><al/><al>De verordening Lauwersregeling wordt als volgt gewijzigd:</al><al/><al/><al>A</al><al>Artikel 1, lid 2, sub c komt te luiden:</al><al>Inkomen: inkomsten uit of in verband met arbeid,
                        socialezekerheidsuitkeringen, uitkeringen tot levensonderhoud op grond van
                        Boek 1 van het Burgerlijk wetboek, voorlopige teruggave of teruggave van
                        inkomstenbelasting, loonbelasting, premies volksverzekeringen en
                        inkomensafhankelijke bijdragen als bedoeld in artikel 43 van de
                        Zorgverzekeringswet dan wel inkomsten die naar hun aard met deze inkomsten
                        en uitkeringen overeenkomen.</al><al/><al>B</al><al>Artikel 1, lid 2, sub f komt te luiden:</al><al>Tegemoetkoming: de bijdrage bedoeld in artikel 3 van deze verordening</al><al/><al>C</al><al>In artikel 4 lid 5 wordt ‘9’ vervangen door ‘8’.</al><al/><al>D</al><al>Artikel 6 lid 5 komt te luiden:</al><al>Bij toepassing van het vierde lid zijn het eerste, tweede en derde lid niet
                        van toepassing.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>III</nr><titel>– Wijziging van de verordening Individuele Inkomenstoeslag</titel></kop><al/><al>De verordening Individuele Inkomenstoeslag Ferwerderadiel 2015 wordt als
                        volgt gewijzigd:</al><al/><al>A</al><al>In artikel 4, eerste lid, onderdeel b wordt ‘wet’ vervangen door ‘wet’ </al><al/><al>B</al><al>In artikel 4, tweede lid wordt ‘110%’ vervangen door ‘100%’.</al><al/><al>C</al><al>In artikel 5 vervalt de tekst ‘bedoeld in het eerste lid’.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>IV</nr><titel>– Citeertitel en inwerkingtreding</titel></kop><al>1. Deze verordening wordt aangehaald als: Verzamelverordening Wurk en
                        Ynkommen 2015.</al><al>2. Deze verordening treedt in werking op de eerste dag na publicatie van
                        deze verordening en werkt terug tot 1 januari 2015.</al></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>ALDUS besloten in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Ferwerderadiel van 18 juni 2015.</ondertekening><ondertekening>,voorzitter. </ondertekening><ondertekening>,griffier. </ondertekening></regeling-sluiting><nota-toelichting><al><vet>Toelichting algemeen</vet></al><al>De raad heeft een aantal verordening vastgesteld op basis van de
                        Participatiewet. Bij nadere controle blijken deze verordeningen een aantal
                        tekstuele en technische omissies te bevatten. Deze hebben geen gevolgen
                        gehad voor de uitvoering van de verordeningen. Met deze verzamelverordening
                        worden deze tekortkomingen hersteld.</al><al/><al><vet>Toelichting artikelsgewijs</vet></al><al/><al><vet>Artikel I – Wijziging van de Afstemmingsverordening</vet></al><al/><al>Onderdeel A: De komma wordt vervangen door het woord “en”.</al><al/><al>Onderdeel B: In artikel 6, tweede lid is bepaald dat een verlaging kan
                        worden toegepast op de bijzondere bijstand als de verwijtbare gedraging van
                        de belanghebbende daar in relatie tot zijn recht op bijzondere bijstand
                        daartoe aanleiding geeft. In de verordening is bepaald dat de verlaging
                        wordt vastgesteld op een percentage van de bijstandsnorm. Bij bijzondere
                        bijstand is er geen sprake van een vast normbedrag. Door deze toevoeging
                        wordt de bijstand afgestemd als een percentage van de verleende bijzondere
                        bijstand.</al><al/><al>Onderdeel C: Het derde lid van artikel 16 bevat geen periode-aanduiding voor
                        verlaging van de bijstandsnorm wegens recidive wegens schending van een
                        geüniformeerde verplichtingen. Artikel 18, zesde lid van de wet geeft de
                        marges van deze periode aan. De periode moet langer zijn dan de verlaging
                        bij de eerste schending, maar maximaal drie maanden. In artikel 10 van de
                        verordening is de duur van de verlaging bij schending van een geüniformeerde
                        verplichting vastgelegd: één maand voor een lichte overtreding (niet
                        ingeschreven staan bij een uitzendbureau, verkrijgen en behouden van kennis
                        en vaardigheden, en kleding, persoonlijke verzorging of gedrag), en twee
                        maanden voor een zware overtreding (aanvaarden of behouden van algemeen
                        geaccepteerde arbeid, verkrijgen van algemeen geaccepteerde arbeid vóór
                        verhuizing, reisduur, bereid zijn te verhuizen en gebruik maken van door het
                        college aangeboden voorzieningen). Binnen de marges van artikel 18, zesde
                        lid van de wet wordt de periode van verlaging anderhalf, respectievelijk
                        drie maanden. Bij een derde, vierde en volgende schending van een
                        geüniformeerde arbeidsverplichting, telkens binnen twaalf maanden na
                        oplegging van de vorige maatregel, bedraagt de verlaging honderd procent
                        gedurende drie maanden (artikel 18, zevende en achtste lid, van de
                        Participatiewet).</al><al/><al><vet>Artikel II – Wijziging van de verordening Lauwersregeling</vet></al><al/><al>Onderdeel A: De tekst ‘inkomsten die’ is toegevoegd aan het laatste
                        zinsdeel.</al><al/><al>Onderdeel B: Verwezen wordt naar hoofdstuk 3 van de verordening. Bedoeld is
                        een verwijzing naar artikel 3 van de verordening op te nemen.</al><al/><al>Onderdeel C: Het vijfde lid verwijst naar artikel 9 waar dit artikel 8
                        (vergoeding ID-bewijs) had moeten zijn.</al><al/><al>Onderdeel D: Het eerste lid van artikel 6 bepaalt dat de tegemoetkoming
                        plaatsvindt op een bankrekening ten name van de aanvrager. In het vierde lid
                        is bepaald dat het college de tegemoetkoming geheel of gedeeltelijk aan
                        derden of in natura betalen. In dat geval is ook het eerste lid niet van
                        toepassing, daarom wordt hier ook het eerste lid niet van toepassing
                        verklaard bij gehele of gedeeltelijke betaling aan derden.</al><al/><al/><al><vet>Artikel III – Wijziging van de verordening Individuele
                            Inkomenstoeslag</vet></al><al/><al>Onderdeel A: Dit onderdeel behoeft geen nadere toelichting.</al><al/><al>Onderdeel B: In artikel 3 is het criterium ‘laag inkomen’ vastgesteld op
                        100% van de toepasselijke bijstandsnorm. Het tweede lid van artikel 4 stelt
                        een afbouwregeling vast voor gevallen waarbij het inkomen hoger is dan de
                        toepasselijke bijstandsnorm, maar lager dan dat inkomen vermeerderd met de
                        inkomenstoeslag. De inkomenstoeslag wordt dan verminderd met het verschil op
                        jaarbasis tussen het inkomen op de peildatum en de bijstandsnorm. In dit lid
                        is abusievelijk een percentage van 110 opgenomen waar dat 100 had moeten
                        zijn.</al><al/><al>Onderdeel C: Artikel 5 bevat geen eerste lid. Daarom wordt de verwijzing
                        daarnaar verwijderd.</al><al/><al/><al><vet>Artikel IV – Citeertitel en inwerkingtreding</vet></al><al/><al>Dit artikel behoeft geen nadere toelichting.</al></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>