<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR371511_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening Cliëntenparticipatie Participatiewet 2015 Gemeente Soest</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Soest</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-10-17</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Soest</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Soester Courant 24-6-2015</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening Cliëntenparticipatie Participatiewet 2015 Gemeente Soest</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">artikel 47 Participatiewet en artikel 147 Gemeentewet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>maatschappelijke zorg en welzijn</dcterms:subject><dcterms:issued>2015-06-11</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2015-07-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>verseon 1289480</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>clientenparticipatie</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening Cliëntenparticipatie Participatiewet 2015 Gemeente
            Soest</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>1</nr><titel>ALGEMENE BEPALINGEN</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Alle begrippen die in deze verordening worden gebruikt en die niet
                                nader omschreven worden hebben de betekenis die de Participatiewet
                                daaraan toekent.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>de gemeente: de gemeente Soest;</al></li><li nr="b."><al>de raad: de gemeenteraad van de gemeente Soest;</al></li><li nr="c."><al>college: het college van burgemeester en wethouders van de
                                        gemeente Soest;</al></li><li nr="d."><al>de wethouder: de wethouder Werk en Inkomen</al></li><li nr="e."><al>de sociale dienst: De Gemeenschappelijke Regeling
                                        Uitvoeringsorganisatie Werk en Inkomen Baarn, Bunschoten en
                                        Soest;</al></li><li nr="f."><al>de algemeen manager: de directeur van het
                                        samenwerkingsverband Werk en Inkomen Baarn, Bunschoten en
                                        Soest;</al></li><li nr="g."><al>maatschappelijke organisatie: de organisatie die zich
                                        blijkens haar doelstelling en feitelijke werkzaamheden
                                        direct of indirect richt op de behartiging van de belangen
                                        van de cliënt;</al></li><li nr="h."><al>cliënt: de persoon die een uitkering ontvangt van de
                                        gemeente Soest op grond van de wet, alsmede de persoon die
                                        behoort tot de doelgroep van artikel 1 van de
                                        Re-integratieverordening Participatiewet;</al></li><li nr="i."><al>wet: De Participatiewet , de Wet inkomensvoorziening oudere
                                        en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers, de
                                        Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk
                                        arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen en het Besluit
                                        bijstandsverlening zelfstandigen;</al></li><li nr="j."><al>cliëntenoverleg: het Cliëntenoverleg sociale zekerheid
                                        Soest.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.</nr><titel>Doelstelling cliëntenparticipatie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het cliëntenoverleg heeft als doel te bewerkstelligen dat cliënten
                                en maatschappelijke organisaties vanuit een onafhankelijke positie
                                door middel van advisering aan het college optimaal betrokken zijn
                                bij de voorbereiding, vaststelling, uitvoering en evaluatie van het
                                gemeentelijk beleid op het gebied van de wet, de wijze van
                                dienstverlening en de wijze van communicatie.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het cliëntenoverleg draagt bij aan de totstandkoming of verbetering
                                van het gemeentelijk uitkerings- en re-integratiebeleid, de
                                dienstverlening en de communicatie.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>2</nr><titel>SAMENSTELLING CLIENTENOVERLEG</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.</nr><titel>Samenstelling en omvang</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het cliëntenoverleg bestaat uit minimaal 5 en maximaal 9 leden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Lid van het cliëntenoverleg kunnen uitsluitend cliënten zijn.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>In afwijking van lid 2 kunnen, indien het cliëntenoverleg het
                                maximale aantal leden heeft, drie personen als lid deel uitmaken van
                                het cliëntenoverleg, indien die personen een maatschappelijke
                                organisatie vertegenwoordigen. Indien het cliëntenoverleg het
                                minimale aantal leden omvat, kunnen maximaal twee personen, die een
                                maatschappelijke organisatie vertegenwoordigen als lid deel uitmaken
                                van het cliëntenoverleg.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De leden hebben zitting in het cliëntenoverleg op persoonlijke
                                titel. Voor zover zij een maatschappelijke organisatie
                                vertegenwoordigen zullen zij zonder last of ruggenspraak
                                opereren.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Door of namens het college wordt voor zover nodig ondersteuning
                                geboden bij het werven van nieuwe leden.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.</nr><titel>Benoeming</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De leden van het cliëntenoverleg worden benoemd door het
                                college.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Cliënten en/of vertegenwoordigers van maatschappelijke organisatie,
                                die zich kandidaat stellen, worden binnen zes weken na de
                                kandidaatstelling benoemd tot lid van het cliëntenoverleg voor zover
                                zij voldoen aan de voorwaarden om tot lid van het cliëntenoverleg te
                                kunnen worden benoemd en ook overigens niet van gegronde bezwaren
                                tegen benoeming tot lid vanuit het cliëntenoverleg of daarbuiten is
                                gebleken.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Van de benoeming wordt op de gebruikelijke wijze mededeling
                                gedaan.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.</nr><titel>Functies</titel></kop><al>Het cliëntenoverleg kiest uit haar midden een voorzitter, een
                            penningmeester en een secretaris. De functie van penningmeester en
                            secretaris kan gecombineerd worden.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.</nr><titel>Zittingsduur en beëindiging lidmaatschap</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De zittingsduur van een lid van het cliëntenoverleg bedraagt drie
                                jaar te rekenen vanaf de ingangsdatum van de benoeming.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De leden zijn na het verstrijken van hun zittingsduur onmiddellijk
                                herbenoembaar.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het lidmaatschap eindigt door: a. het verstrijken van de
                                zittingsduur;</al><lijst><li nr="b."><al>binnen een jaar na het vervallen van de hoedanigheid van
                                        cliënt of vertegenwoordiger van een maatschappelijke
                                        organisatie;</al></li><li nr="c."><al>aftreden op eigen schriftelijk verzoek;</al></li><li nr="d."><al>onder curatelestelling;</al></li><li nr="e."><al>overlijden;</al></li><li nr="f."><al>opzeggen van het vertrouwen door alle overige zitting
                                        hebbende leden bij ernstig en langdurig disfunctioneren van
                                        een lid;</al></li><li nr="g."><al>ontslag door het college op grond van met het lidmaatschap
                                        van het cliëntenoverleg onverenigbaar handelen.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.</nr><titel>Bescherming</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het lidmaatschap van het cliëntenoverleg is van geen enkele invloed
                                op de behandeling van de cliënt door medewerkers van de
                                Uitvoeringsorganisatie Werk en Inkomen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Klachten over behandeling in strijd met het eerste lid worden
                                rechtstreeks aan de algemeen directeur van de uitvoeringsorganisatie
                                Werk en Inkomen gedaan.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>3</nr><titel>TAKEN EN BEVOEGDHEDEN</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8.</nr><titel>Taak cliëntenoverleg</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het cliëntenoverleg heeft tot taak het college gevraagd en
                                ongevraagd te adviseren over:</al><lijst><li nr="a."><al>de vorming, uitvoering en evaluatie van het gemeentelijk
                                        beleid op het gebied van de wet;</al></li><li nr="b."><al>de wijze van dienstverlening aan de cliënten;</al></li><li nr="c."><al>de wijze van communicatie met de cliënten.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het advies wordt op een zodanig tijdstip gevraagd, dat het van
                                wezenlijke invloed kan zijn op het te nemen besluit.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Voor zover het college het advies van het cliëntenoverleg niet of
                                niet geheel overneemt, wordt het cliëntenoverleg schriftelijk in
                                kennis gesteld van de redenen om van het advies af te wijken.
                                Betreft het advies een voorstel aan de gemeenteraad dan worden de
                                redenen bovendien in het raadsvoorstel opgenomen.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het cliëntenoverleg fungeert in de gemeente als contactorgaan voor
                                de cliënten en is alert op van dezen te ontvangen geobjectiveerde
                                signalen over knelpunten in de uitvoering van het beleid met
                                betrekking tot de wet, bespreekt deze knelpunten en vraagt zonodig
                                aandacht voor oplossing of geeft adviezen voor mogelijke oplossingen
                                van die knelpunten.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Het cliëntenoverleg is niet bevoegd individuele klachten of
                                bezwaarschriften in behandeling te nemen. In zich voordoende
                                gevallen verwijst het cliëntenoverleg naar de formele mogelijkheid
                                om bij de gemeente een klacht of een bezwaarschrift in te
                                dienen.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Het cliëntenoverleg onderhoudt contacten met andere soortgelijke
                                overlegorganen en neemt deel aan een landelijke instelling voor
                                cliëntenparticipatie.</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>Het cliëntenoverleg heeft het recht in voorkomende gevallen een
                                deskundige uit te nodigen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9.</nr><titel>Recht op informatie</titel></kop><al>Het college is verplicht het cliëntenoverleg tijdig alle informatie te
                            verstrekken die deze voor een goede vervulling van zijn taak nodig
                            heeft. Daartoe behoren in ieder geval alle beleidsnota’s en
                            verordeningen die door de gemeente worden voorbereid op het gebied van
                            de wet.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10.</nr><titel>Recht op ambtelijke ondersteuning</titel></kop><al>Voor het cliëntenoverleg wordt door het college een beleidsmedewerker
                            aangewezen, die eerste aanspreekpunt is, binnen de door het college
                            gestelde kaders uitleg geeft en deelneemt zonder stemrecht aan de
                            officiële vergaderingen van het cliëntenoverleg.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>4</nr><titel>VERGADERING EN WERKWIJZE</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11.</nr><titel>Vergadering</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het cliëntenoverleg komt officieel maximaal 12 keer per jaar bijeen,
                                waarvoor het college een representatievergoeding vaststelt voor de
                                leden van het cliëntenoverleg. Daarnaast kan het cliëntenoverleg
                                wanneer zij dit nodig acht onderling besluiten vaker bijeen te komen
                                evenwel zonder een representatievergoeding.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De officiële vergaderingen zijn openbaar, tenzij meer dan de helft
                                van het aantal aanwezige leden dan wel de gemeente schriftelijk bij
                                een adviesaanvraag om een bespreking tijdens een besloten
                                vergadering verzoekt.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Een vergadering vindt geen doorgang indien niet ten minste de helft
                                van het aantal zitting hebbende leden aanwezig is.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De door het college aangewezen beleidsmedewerker neemt deel aan de
                                maximaal 12 officiële vergaderingen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12.</nr><titel>Werkwijze</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Besluiten en adviezen worden bij gewone meerderheid van stemmen
                                genomen of vastgesteld.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Stemming over personen vindt schriftelijk en onder geheimhouding
                                plaats. Over alle andere zaken vindt stemming mondeling plaats,
                                tenzij de meerderheid van de aanwezige leden in de vergadering om
                                geheime stemming vraagt.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13.</nr><titel>Werkplan en begroting</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het cliëntenoverleg stelt jaarlijks een werkplan en een bijbehorende
                                begroting op.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het werkplan met begroting wordt vóór 1 november van het aan het
                                begrotingsjaar voorafgaande kalenderjaar door het cliëntenoverleg
                                vastgesteld en ter goedkeuring toegezonden aan het college.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>5</nr><titel>FACILITEITEN EN VERGOEDINGEN</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14.</nr><titel>Faciliteiten</titel></kop><al>Het cliëntenoverleg kan kosteloos:</al><lijst><li nr="a."><al>in goed overleg gebruik maken van vergaderruimte in het
                                    gemeentehuis inclusief de bijbehorende koffie- en
                                    theevoorziening;</al></li><li nr="b."><al>gebruik maken van de dienst in het gemeentehuis voor
                                    kopiëren.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15.</nr><titel>Financiën</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het cliëntenoverleg ontvangt jaarlijks een subsidie.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De te verlenen subsidie wordt vastgesteld op basis van het door het
                                college goedgekeurde werkplan met begroting.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>In de begroting dient aandacht te worden besteed aan de verwachte
                                uitgaven voor: a. reis- en onkostenvergoedingen voor de leden; b.
                                deskundigheidsbevordering van de leden; c. documentatie en
                                voorlichting; d. administratiekosten; e. het zelf dan wel in een
                                samenwerkingsverband jaarlijks organiseren van één of meer thema-
                                avonden voor de beleidsgebieden waar het cliëntenoverleg bij
                                betrokken is.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De leden van het cliëntenoverleg ontvangen jaarlijks voor maximaal
                                12 vergaderingen een presentievergoeding. De hoogte van deze
                                presentievergoeding wordt door burgemeester en wethouders jaarlijks
                                vastgesteld.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>6</nr><titel>SLOTBEPALINGEN</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16.</nr><titel>Onvoorziene omstandigheden</titel></kop><al>In gevallen waarin deze verordening niet voorziet beslist het college na
                            overleg met het cliëntenoverleg.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17.</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening kan worden aangehaald als “Verordening
                            cliëntenparticipatie Participatiewet 2015 Gemeente Soest”.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18.</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 juli 2015.</al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Soest, 11 juni 2015</ondertekening><ondertekening>de raad voornoemd, </ondertekening><ondertekening>de griffier, de voorzitter,</ondertekening><ondertekening>M.van Vliet MPM AA R.T. Metz</ondertekening><ondertekening/></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>