<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91-->
  
  
  
  
  
  
  
  
  <meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR370499_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Huisvestingsverordening Alblasserwaard-Vijfheerenlanden 2015 gemeente Molenwaard</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Molenwaard</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-04-11</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Molenwaard</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2015-57701">gmb2015-57701</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Huisvestingsverordening Alblasserwaard-Vijfheerenlanden 2015 gemeente Molenwaard</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Huisvestingswet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>volkshuisvesting en woningbouw</dcterms:subject><dcterms:issued>2015-06-23</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2015-07-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>305700</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta>
  
  <body><intitule>
      Huisvestingsverordening Alblasserwaard-Vijfheerenlanden 2015 gemeente
                Molenwaard 
    </intitule>
    
    <regeling>
      <aanhef>
        <preambule>
          <al>De gemeenteraad van Molenwaard ;</al>
          <al/>
          <al>Gelet op het voorstel van het college; </al>
          <al/>
          <al>Gelet op gelet op de artikelen 2, 4, eerste lid, aanhef en onder a., 5,
                            7<cursief>,</cursief> 9 tot en met 13, 17, 20, 35 van de Huisvestingswet
                        2014; </al>
          <al/>
          <al>
            <vet>B E S L U I T :</vet>
          </al>
          <al/>
          <al>Vast te stellen:</al>
          <al/>
          <al>
            <vet>HuisvestingsverordeningAlblasserwaard-Vijfheerenlanden 2015 gemeente
                            Molenwaard </vet>
          </al>
          <al/>
        </preambule>
      </aanhef>
      <regeling-tekst>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>HOOFDSTUK</label>
            <nr>1.</nr>
            <titel>Algemene bepalingen</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>1</nr>
              <titel>Begripsbepalingen</titel>
            </kop>
            <al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al>
            <lijst>
              <li nr="1.1."><al> bedrijfswoning: een woning die op grond van het geldende
                                    bestemmingsplan of bij of krachtens de Wet ruimtelijke ordening
                                    en/of de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht is bestemd is
                                    tot bedrijfswoning;</al></li>
              <li nr="1.2."><al> huishouden: een alleenstaande, of twee of meer personen die een
                                    duurzame gemeenschappelijke huishouding voeren of willen gaan
                                    voeren;</al></li>
              <li nr="1.3."><al> huurtoeslaggrens: het bedrag dat wordt genoemd in artikel 13,
                                    eerste lid, onder a., van de Wet op de huurtoeslag;</al></li>
              <li nr="1.4."><al> huisvestingsvergunning: vergunning als bedoeld in artikel 8,
                                    eerste lid van de wet.</al></li>
              <li nr="1.5."><al> inwoning: bewoning van een woonruimte die onderdeel uitmaakt
                                    van een woonruimte die door een ander huishouden in gebruik is
                                    genomen;</al></li>
              <li nr="1.6."><al> mantelzorg: hulp als bedoeld in artikel 1.1.1 van de Wet
                                    maatschappelijke ondersteuning 2015;</al></li>
              <li nr="1.7."><al> onzelfstandige woonruimte: woonruimte, niet zijnde woonruimte
                                    bestemd voor inwoning, welke geen eigen toegang heeft en welke
                                    niet door een huishouden kan worden bewoond, zonder dat dit
                                    daarbij afhankelijk is van wezenlijke voorzieningen buiten die
                                    woonruimte;</al></li>
              <li nr="1.8."><al> regio; de gemeenten Giessenlanden, Gorinchem,
                                    Hardinxveld-Giessendam, Leerdam, Molenwaard en Zederik;</al></li>
              <li nr="1.9."><al> statushouder: vergunninghouder zoals bedoeld in artikelen 1,,
                                    onder g., 12, derde lid en 28 van de wet;</al></li>
              <li nr="1.10."><al> wet: Huisvestingswet 2014;</al></li>
              <li nr="1.11."><al> Wmo: Wet maatschappelijke ondersteuning 2015.</al></li>
              <li nr="1.12."><al> woonduur: de tijd waarin een woningzoekende volgens de
                                    Basisregistratie Personen in de woonruimte woont</al></li>
              <li nr="1.13."><al> woningcorporatie: toegelaten instelling als bedoeld in artikel
                                    70 van de Woningwet die feitelijk werkzaam is in de
                                    gemeente;</al></li>
              <li nr="1.14."><al> woningzoekende: huishouden dat in het inschrijfsysteem als
                                    bedoeld in artikel 4 is ingeschreven;</al></li>
              <li nr="1.15."><al> zelfstandige woonruimte: voor permanente bewoning bestemde
                                    woonruimte met een eigen toegang, die door een huishouden kan
                                    worden bewoond zonder dat het huishouden daarbij afhankelijk is
                                    van wezenlijke voorzieningen buiten die woonruimte;</al></li>
              <li nr="1.16."><al> zoekprofiel: een beschrijving van de woningtypen waarvoor een
                                    urgent woningzoekende met voorrang in aanmerking kan komen.</al></li>
            </lijst>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>HOOFDSTUK</label>
            <nr>2.</nr>
            <titel>De huisvestingsvergunning</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>2</nr>
              <titel>Aanwijzing vergunningplichtige woonruimte</titel>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1.</lidnr>
              <al>In het geval dat voor een betreffende vrijkomende woonruimte een of
                                meerdere urgent woningzoekenden met een geldende urgentieverklaring
                                in aanmerking wensen te komen, mogen woonruimten met een huurprijs
                                beneden de huurtoeslaggrens enkel voor bewoning in gebruik worden
                                genomen of gegeven als daarvoor een huisvestingsvergunning is
                                verleend.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2.</lidnr>
              <al>Het eerste lid is verder niet van toepassing op:</al>
              <lijst>
                <li nr="a."><al>woonruimte als bedoeld in artikel 15, eerste lid, onder a
                                        tot en met c, van de Leegstandwet;</al></li>
                <li nr="b."><al>onzelfstandige woonruimten;</al></li>
                <li nr="c."><al>bedrijfswoningen:</al></li>
                <li nr="d."><al>woonschepen (schepen die uitsluitend of in hoofdzaak als
                                        woonruimte gebezigd of bestemd zijn) en woonarken.</al></li>
              </lijst>
            </lid>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>3</nr>
              <titel>Criteria voor verlening huisvestingsvergunning</titel>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1.</lidnr>
              <al>Voor een huisvestingsvergunning komen slechts in aanmerking
                                woningzoekenden die: </al>
              <lijst>
                <li nr="a."><al>meerderjarig zijn in de zin van de wet of, indien de
                                        aanvraag betrekking heeft op een huishouden van twee of meer
                                        personen, ten minste een van de leden van het huishouden
                                        meerderjarig zijn, en;</al></li>
                <li nr="b."><al>beschikken over een geldende urgentieverklaring, en;</al></li>
                <li nr="c."><al>de Nederlandse nationaliteit bezitten of op grond van een
                                        wettelijke bepaling als Nederlander worden behandeld,
                                        of;</al></li>
                <li nr="d."><al>vreemdeling zijn en rechtmatig verblijf in Nederland hebben
                                        als bedoeld in artikel 8, onderdelen a tot en met e en l,
                                        van de Vreemdelingenwet 2000.</al></li>
              </lijst>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2.</lidnr>
              <al>Indien er meerdere urgent woningzoekenden in aanmerking komen voor
                                een huisvestingsvergunning voor dezelfde woonruimte wordt de
                                rangorde als volgt bepaald: </al>
              <lijst>
                <li nr="a."><al>statushouder;</al></li>
                <li nr="b."><al>maatschappelijke indicatie, zoals bedoeld onder artikel 9,
                                        onder E. 2;</al></li>
                <li nr="c."><al>bij andere urgent woningzoekenden, niet zijnde urgent
                                        woningszoekenden met een volkshuisvestelijke indicatie,
                                        wordt de rangorde bepaald door de datum van afgifte van de
                                        urgentieverklaring;</al></li>
                <li nr="d."><al>volkshuisvestelijke indicatie; indien er meerdere urgent
                                        woningzoekenden met een volkshuisvestelijke indicatie in
                                        aanmerking komen voor een huisvestingsvergunning wordt de
                                        onderlinge rangorde bepaald door de woonduur. </al></li>
              </lijst>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>3.</lidnr>
              <al>Indien bij toepassing van artikel 3, tweede lid, onder b. en c. de
                                urgentieverklaring van twee of meer urgent woningzoekenden op
                                dezelfde datum is afgegeven, wordt de rangorde bepaald door loting.
                            </al>
            </lid>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>4</nr>
              <label>Inschrijfsysteem van woningzoekenden</label>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1.</lidnr>
              <al> Woningcorporaties en andere verhuurders van woonruimte, zoals
                                bedoeld in artikel 2, eerste lid, dragen in het kader van deze
                                verordening zorg voor het aanleggen en bijhouden van een
                                inschrijfsysteem van woningzoekenden.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2.</lidnr>
              <al> Zij stellen regels op over de wijze van inschrijving, registratie
                                van gegevens, opschorting en einde van de inschrijving.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>3.</lidnr>
              <al> De woningzoekende ontvangt een bewijs van inschrijving.</al>
            </lid>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>5</nr>
              <label>Aanvraag en inhoud huisvestingsvergunning</label>
            </kop>
            <lijst>
              <li nr="1."><al>Een aanvraag om een huisvestingsvergunning wordt ingediend door
                                    gebruikmaking van een door burgemeester en wethouders
                                    vastgesteld formulier. </al></li>
              <li nr="2."><al>Bij de aanvraag om een huisvestingsvergunning worden de volgende
                                    gegevens verstrekt:</al><lijst>
                  <li nr="a."><al>adres, naam van de verhuurder;</al></li>
                  <li nr="b."><al>een kopie van het huurcontract of een bereidverklaring
                                            van de verhuurder;</al></li>
                  <li nr="c."><al>beoogde datum van het betrekken van de woonruimte;</al></li>
                  <li nr="d."><al>een afschrift van de aanvraag om een geldende
                                            urgentieverklaring en een afschrift van de op basis van
                                            deze aanvraag afgegeven en geldende
                                            urgentieverklaring.</al></li>
                </lijst></li>
              <li nr="3."><al>De woningzoekende behoeft niet te voldoen aan artikel 5, tweede
                                    lid, indien hij bij de aanvraag om een huisvestingsvergunning de
                                    gegevens heeft verstrekt zoals bedoeld in artikel 5, tweede lid,
                                    onder d. </al></li>
              <li nr="4."><al>De huisvestingsvergunning vermeldt in ieder geval:</al><lijst>
                  <li nr="a."><al>een aanduiding van de woonruimte waarop de vergunning
                                            betrekking heeft;</al></li>
                  <li nr="b."><al>aan wie de vergunning is verleend;</al></li>
                  <li nr="c."><al>het aantal personen dat de woonruimte in gebruik neemt,
                                            en </al></li>
                  <li nr="d."><al>de voorwaarde dat de vergunninghouder de woonruimte
                                            enkel binnen de in de vergunning genoemde termijn in
                                            gebruik moet nemen.</al></li>
                </lijst></li>
            </lijst>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>6</nr>
              <label>Bekendmaking aanbod van woonruimte</label>
            </kop>
            <lijst>
              <li nr="1."><al>Het aanbod van de in artikel 2 aangewezen woonruimte wordt in
                                    ieder geval bekendgemaakt door middel van een of meer voor
                                    woningzoekenden toegankelijke media. </al></li>
              <li nr="2."><al>De bekendmaking bevat in ieder geval het adres en de huurprijs
                                    van de woonruimte.</al></li>
              <li nr="3."><al>Door de corporatie kan een beperkt deel van het vrijkomende
                                    woningaanbod direct worden toegewezen in verband met de
                                    huisvesting van categorieën woningzoekenden die niet goed in
                                    staat zijn om zelf een woning te vinden. </al></li>
            </lijst>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>HOOFDSTUK</label>
            <nr>3.</nr>
            <titel>Urgentie</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>7</nr>
              <titel>Urgent woningzoekenden</titel>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1.</lidnr>
              <al>Burgemeester en wethouders kunnen een woningzoekende urgent
                                verklaren, waarbij de volgende voorwaarden allen van toepassing
                                zijn: </al>
              <lijst>
                <li nr="a."><al>de woningzoekende beschikt over zelfstandige woonruimte in
                                        de regio, en;</al></li>
                <li nr="b."><al>er is sprake van een bijzondere persoonlijke noodsituatie,
                                        en; </al></li>
                <li nr="c."><al>de noodsituatie is ontstaan buiten eigen schuld en was door
                                        de woningzoekende niet te voorzien, en; </al></li>
                <li nr="d."><al>de woningzoekende kan aantonen eerst zelf naar een oplossing
                                        te hebben gezocht, en; </al></li>
                <li nr="e."><al>een verhuizing binnen zes maanden is noodzakelijk, en;</al></li>
                <li nr="f."><al>de woningzoekende niet in staat is om zelf binnen zes
                                        maanden voor passende huisvesting te zorgen. </al></li>
              </lijst>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2.</lidnr>
              <al>Artikel 7, eerste lid, is:</al>
              <lijst>
                <li nr="a."><al>niet van toepassing voor urgentie op grond van
                                        Maatschappelijke indicatie ten aanzien van personen die
                                        vanwege huiselijk geweld tijdelijk zijn opgenomen in een
                                        “Blijf van mijn Lijf”of vergelijkbaar huis, Statushouders en
                                        Sociale indicatie ten aanzien van ex-gedetineerden;</al></li>
                <li nr="b."><al>ten aanzien van de voorwaarden genoemd in artikel 7 , eerste
                                        lid, onder e. en onder f. niet van toepassing voor urgentie
                                        op grond van een Volkshuisvestelijke indicatie.</al></li>
                <li nr="c."><al>ten aanzien van de voorwaarden genoemd in artikel 7 , eerste
                                        lid, onder a. en b. niet van toepassing voor urgentie op
                                        grond van een Mantelzorgindicatie met dien verstande dat de
                                        mantelzorgverlener en/of mantelzorgontvanger moet beschikken
                                        over zelfstandige woonruimte. </al></li>
                <li nr="d."><al>ten aanzien van de voorwaarden genoemd in artikel 7 , eerste
                                        lid, onder c. tot en met f. niet van toepassing voor
                                        urgentie op grond van een Medische indicatie. </al></li>
              </lijst>
            </lid>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>8</nr>
              <titel>Urgentiecategorieën</titel>
            </kop>
            <al>Er zijn de volgende categorieën voor urgentie: </al>
            <lijst>
              <li nr="A."><al>Sociale indicatie</al><lijst>
                  <li nr="a."><al>Dreigende dakloosheid buiten eigen schuld of
                                            toedoen</al></li>
                  <li nr="b."><al>Relatie beëindiging </al></li>
                  <li nr="c."><al>Financiële omstandigheden </al></li>
                  <li nr="d."><al>Ex-gedetineerden</al></li>
                </lijst></li>
              <li nr="B."><al>Medische indicatie</al></li>
              <li nr="C."><al>Mantelzorg indicatie</al></li>
              <li nr="D."><al>Volkshuisvestelijke indicatie</al></li>
              <li nr="E."><al>Maatschappelijke indicatie</al></li>
              <li nr="a."><al>Uitstroom hulp- en dienstverleningsinstelling.</al></li>
              <li nr="F."><al>Statushouders</al></li>
            </lijst>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>9</nr>
              <titel>Indeling in urgentiecategorieën: indicatiegronden</titel>
            </kop>
            <al>Burgemeester en wethouders kunnen een urgentie verlenen met inachtneming
                            van de navolgende bepalingen en indicatiegronden.</al>
            <al>
              <vet>
                <onderstreept>A. Sociale indicatie</onderstreept>
              </vet>
            </al>
            <al>Alleen onder de navolgende genoemde omstandigheden wordt een sociale
                            indicatie verleend:</al>
            <al>a.<vet>Dreigende dakloosheid buiten eigen schuld of toedoen</vet></al>
            <al>Degenen die buiten eigen schuld of toedoen hun woonruimte, gelegen
                            binnen de regio, moeten verlaten kunnen uitsluitend in de volgende
                            gevallen in aanmerking komen voor urgentie: </al>
            <lijst>
              <li nr="-"><al>het onvoorzienbaar moeten verlaten van een echte dienstwoning,
                                    voor zover de werkgever de werknemer tot vrije oplevering heeft
                                    gedwongen of</al></li>
              <li nr="-"><al>het verlaten van woonruimte ten gevolge van een gerechtelijk
                                    (niet zijnde echtscheidings-) vonnis, voor zover dit niet door
                                    de betrokkene voorkomen had kunnen worden of</al></li>
              <li nr="-"><al>een calamiteit zoals brand of overstroming.</al></li>
            </lijst>
            <al>Het verzoek om sociale indicatie voor urgentie moet uiterlijk binnen een
                            maand na het ontstaan van de dakloosheid buiten eigen schuld of toedoen
                            worden gedaan.</al>
            <al>
              <vet>b. relatie beëindiging </vet>
            </al>
            <al>In geval van relatie beëindiging, waaronder begrepen: echtscheiding,
                            verbreking geregistreerd partnerschap, verbreking samenlevingscontract
                            en beëindiging samenwoning zonder overeenkomst wordt slechts urgentie
                            verleend, wanneer:</al>
            <lijst>
              <li nr="-"><al>de partners gedurende minimaal twee aaneengesloten jaren samen
                                    op één adres wo(o)n(d)en en tot minimaal drie maanden voor de
                                    aanvraagdatum werd samengewoond; en</al></li>
              <li nr="-"><al>er minimaal één minderjarig kind in het geding is;
                                        <cursief>en</cursief></al></li>
              <li nr="-"><al>geen van de partners door middel van overname van de
                                    huurovereenkomst of de hypothecaire geldlening, dan wel op
                                    andere wijze in de woningbehoefte kan voorzien</al></li>
            </lijst>
            <al>Er wordt niet aan laatstgenoemde voorwaarde voldaan, wanneer:</al>
            <lijst>
              <li nr="-"><al>het huurrecht niet is opgeëist</al></li>
              <li nr="-"><al>de rechter de woning aan één van de partners toewijst,
                                    en/of;</al></li>
              <li nr="-"><al>een van de partners de lasten van de eigendomswoning zelfstandig
                                    kan dragen</al></li>
            </lijst>
            <al>Wordt aan deze voorwaarden voldaan dan wordt één urgentie toegekend en
                            wel aan de partner die voor meer dan de helft de zorg voor het/de
                            minderjarig(e) kind(eren) draagt. Wordt de zorg gelijk verdeeld dan
                            wordt de urgentie toegekend aan de partner met het laagste inkomen,
                            tenzij de partners in overeenstemming met elkaar voor toekenning aan de
                            andere partner kiezen.</al>
            <al>Een urgentieaanvraag op grond van relatieverbreking kan worden
                            ingediend:</al>
            <lijst>
              <li nr="-"><al>bij echtscheiding op het moment dat de aanvraag daartoe bij de
                                    rechtbank is ingediend, maar uiterlijk drie maanden nadat de
                                    rechter de echtscheiding uitsprak;</al></li>
              <li nr="-"><al>bij een geregistreerd partnerschap op het moment dat
                                    partnerschap wordt beëindigd maar uiterlijk drie maanden
                                    daarna;</al></li>
              <li nr="-"><al>bij een samenlevingscontract op het moment dat de ene partij het
                                    contract conform het daarin bepaalde opzegde, doch uiterlijk
                                    drie maanden daarna;</al></li>
              <li nr="-"><al>bij een samenleving zonder contract op het moment dat de ene
                                    partij de ander door middel van een aangetekende brief kenbaar
                                    maakte de samenleving te willen beëindigen, doch uiterlijk drie
                                    maanden daarna.</al><lijst>
                  <li nr="c."><al>
                      <vet>Financiële omstandigheden</vet>
                    </al><al>-Ingezetenen, die de zorg voor minderjarige kinderen
                                            hebben en bij wie de kinderen geregistreerd staan, die
                                            buiten eigen schuld financieel in zodanige problemen
                                            zitten dat zij de woonlasten niet meer op kunnen
                                            brengen, kunnen uitsluitend in aanmerking komen voor
                                            urgentie indien de betrokkene daadwerkelijk in
                                            aanmerking komt voor een uitkering uit een gemeentelijk
                                            woonlastenfonds, dan wel een woonkostentoeslag van de
                                            sociale dienst, met daaraan verbonden de voorwaarde om
                                            te zien naar goedkopere woonruimte. De financiële
                                            problemen mogen niet direct het gevolg zijn van
                                            relatiebeëindiging.</al></li>
                  <li nr="d."><al>
                      <vet>Ex-gedetineerden</vet>
                    </al></li>
                </lijst></li>
            </lijst>
            <al>Woningzoekende is een ex-gedetineerde waarbij tijdens en na vrijlating
                            uit detentie een verzoek tot huisvesting wordt ingediend bij de
                            gemeentelijk coördinator nazorg ex-gedetineerden, waarbij de volgende
                            voorwaarden worden opgelegd:</al>
            <lijst>
              <li nr="-"><al>er is aantoonbaar sprake van
                                    begeleiding<cursief>/</cursief>toezicht door Centrale Toegang
                                    GGD ZHZ<cursief>/ </cursief>de Reclassering;</al></li>
              <li nr="-"><al>er is een behandelplan/trajectplan van Centrale Toegang GGD
                                    ZHZ/de Reclassering, zodat beoordeeld kan worden wat de
                                    vooruitzichten van de ex-gedetineerde is;</al></li>
              <li nr="-"><al>er is sprake van samenwerking tussen Centrale Toegang GGD ZHZ/
                                    de Reclassering en het Coördinatiepunt Nazorg ex-gedetineerden
                                    regio Alblasserwaard/Vijfheerenlanden of de gemeentelijk
                                    zorgcoördinator;</al></li>
              <li nr="-"><al>de ex-gedetineerden komt alleen dan in aanmerking indien hij/zij
                                    medewerking geeft aan het behandelplan/trajectplan van de
                                    Centrale Toegang GGD ZHZ/de reclassering en er sprake is van een
                                    Nazorg noodzaak voor huisvesting ter ondersteuning van het
                                    behandelplan/trajectplan van de Centrale Toegang GGD ZHZ/de
                                    reclassering. In dat geval kan hij/zij in aanmerking komen voor
                                    een urgentie op sociaal-maatschappelijke gronden. Bij de
                                    toewijzing van een woning kunnen voorwaarden opgelegd worden
                                    door burgemeester en wethouders.</al></li>
            </lijst>
            <al>
              <vet>
                <onderstreept>B. Medische indicatie</onderstreept>
              </vet>
            </al>
            <lijst>
              <li nr="-"><al>Ingezetenen, die in een om medische redenen (fysiek/psychisch)
                                    onhoudbare woonsituatie verkeren en om die reden een indicatie
                                    voor andere woonruimte hebben ontvangen, kunnen in aanmerking
                                    komen voor urgentie. </al></li>
              <li nr="-"><al>Indien in het kader van de Wet maatschappelijke ondersteuning
                                    (WMO) verhuizing wordt aanbevolen in verband met ergonomische
                                    beperkingen door ernstige fysieke belemmeringen, kan aan
                                    ingezetenen urgentie worden verleend, mits verhuizen naar
                                    oordeel van burgemeester en wethouders spoedeisend is en de
                                    goedkoopste adequate voorziening is.</al></li>
            </lijst>
            <al>
              <vet>
                <onderstreept>C. Mantelzorgindicatie</onderstreept>
              </vet>
            </al>
            <lijst>
              <li nr="1."><al>Burgemeester en wethouders kunnen een urgentie verlenen aan
                                    mantelzorgverleners of mantelzorgontvangers indien naar het
                                    oordeel van burgemeester en wethouders er dringend behoefte is
                                    aan woonruimte binnen de regio omdat hij of een lid van zijn
                                    huishouden mantelzorg ontvangt van of verleent aan een inwoner
                                    van de regio.</al></li>
              <li nr="2."><al>Burgemeester en wethouders betrekken bij de beoordeling of er
                                    sprake is van een dringende behoefte aan woonruimte de mate
                                    waarin de mantelzorg noodzakelijk is voor het duurzaam
                                    zelfstandig wonen van de mantelzorgontvanger.</al></li>
              <li nr="2."><al>Er is uitsluitend sprake van een dringende behoefte indien er
                                    sprake is van langdurige zorg, dat wil zeggen dat de mantelzorg
                                    is verdeeld over minimaal vier dagen per week en naar
                                    verwachting nog enkele jaren wordt verstrekt.</al></li>
              <li nr="3."><al>Geen urgentie wordt verleend indien de woningzoekende die
                                    mantelzorg verleent of ontvangt in dezelfde kern woont als
                                    degene die de mantelzorg ontvangt of verleent. Het grondgebied
                                    van de gemeente Gorinchem wordt aangemerkt als dezelfde
                                    kern.</al></li>
              <li nr="4."><al>Per mantelzorgsituatie wordt één urgentie afgegeven.</al></li>
              <li nr="5."><al>Degene die mantelzorg verleent of ontvangt heeft in de huidige
                                    woonsituatie geen huurschulden en geen overlast
                                    veroorzaakt.</al></li>
            </lijst>
            <al>
              <vet>
                <onderstreept>D. Volkshuisvestelijke indicatie
                                </onderstreept>
              </vet>
            </al>
            <al>Huurders en eigenaar-bewoners van woningen in de gemeente, waarvan die
                            woningen in het belang van de volkshuisvesting of ter uitvoering van
                            openbare werken in het algemeen belang, gesloopt of ingrijpend verbeterd
                            moeten worden, kunnen in aanmerking komen voor urgentie. </al>
            <al>Burgemeester en wethouders kunnen bij afgifte van de urgentie als
                            hierboven bedoeld bepalen dat betrokken bewoners na voltooiing van de
                            werken eenmalig een vooraf te bepalen passend aanbod krijgen tot
                            terugkeer in het ingrijpend verbeterde of nieuwgebouwde complex. </al>
            <al>
              <vet>
                <onderstreept>E. Maatschappelijke
                            indicatie</onderstreept>
              </vet>
            </al>
            <lijst>
              <li nr=""><lijst>
                  <li nr="1."><al>Woningzoekenden die dringend woonruimte nodig hebben
                                            omdat zij verblijven in een van gemeentewege erkend
                                            opvangtehuis of uit een van gemeentewege erkende hulp-
                                            en dienstverleningsinstellingen, over wie met betrekking
                                            tot de doorstroming naar zelfstandige woonruimte in
                                            regionaal of die beschikken over zelfstandige woonruimte
                                            in de regio en/of ingezetenen zijn van een gemeente
                                            binnen de regio en lokaal verband afspraken zijn
                                            gemaakt, kunnen in aanmerking komen voor een urgentie.
                                            Het gaat hier om woningzoekenden die niet vallen onder
                                            de groep van personen die vanwege huiselijk geweld
                                            tijdelijk zijn opgenomen in een “Blijf van mijn lijf” of
                                            vergelijkbaar huis. De woningzoekenden moeten beschikken
                                            over zelfstandige woonruimte in de regio of, indien de
                                            woningzoekende niet beschikt over deze zelfstandige
                                            woonruimte, laatstelijk volgens de Basisregistratie
                                            Personen woonachtig zijn geweest in een zelfstandige
                                            woonruimte in de regio. </al></li>
                  <li nr="2."><al>Personen die vanwege huiselijk geweld tijdelijk zijn
                                            opgenomen in een “Blijf van mijn lijf” of vergelijkbaar
                                            huis. Voor personen die vanwege huiselijk geweld
                                            tijdelijk zijn opgenomen geldt niet de eis van het
                                            moeten beschikken over zelfstandige woonruimte in de
                                            regio en/of het zijn van ingezetene van een gemeente
                                            binnen de regio.</al></li>
                  <li nr="3."><al>De instelling draagt een kandidaat voor door middel van
                                            een voordrachtformulier waarin in ieder geval wordt
                                            ingegaan op:</al></li>
                </lijst></li>
              <li nr="-"><al>duur van het verblijf</al></li>
              <li nr="-"><al>het traject naar zelfstandigheid dat is doorlopen</al></li>
              <li nr="-"><al>de begeleidingsbehoefte na doorstroming</al></li>
            </lijst>
            <al>
              <vet>
                <onderstreept>F. Statushouders indicatie</onderstreept>
              </vet>
            </al>
            <al>Op grond van de landelijke taakstelling van het Ministerie van
                            Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties huisvest de gemeente
                            statushouders (vluchtelingen uit het buitenland die status hebben
                            verkregen om in Nederland te wonen). Toewijzing vindt plaats door middel
                            van bemiddeling. </al>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>10</nr>
              <titel>Aanvraag en besluitvorming tot urgentie</titel>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1.</lidnr>
              <al>Om in aanmerking te komen voor een urgentieverklaring moet een
                                woningzoekende deze aanvragen bij burgemeester en wethouders van de
                                gemeente waarin de woningzoekende woonachtig is.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2.</lidnr>
              <al>In afwijking van het eerste lid geldt ten aanzien van een aanvraag
                                om een urgentieverklaring op grond van een Mantelzorgindicatie dat
                                de mantelzorgverlener en/of mantelzorgontvanger de aanvraag indient
                                bij burgemeester en wethouders van de gemeente waarin zij een woning
                                zoeken. </al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>3.</lidnr>
              <al>Burgemeester en wethouders verlenen een urgentieverklaring indien de
                                aanvrager beschikt over een geldende urgentieverklaring, afgegeven
                                door burgemeester en wethouders van een gemeente binnen de
                                regio.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>4.</lidnr>
              <al>Lid 3 geldt niet:</al>
              <lijst>
                <li nr="a."><al>indien de aanvraag niet betrekking heeft op dezelfde
                                        indicatiegrond; en/of;</al></li>
                <li nr="b."><al>er sprake is van gewijzigde feiten en omstandigheden waarmee
                                        bij of krachtens deze verordening rekening moet worden
                                        gehouden bij de beoordeling van een aanvraag om
                                        urgentieverklaring.</al></li>
              </lijst>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>5.</lidnr>
              <al>Bij de aanvraag om een urgentieverklaring worden in ieder geval de
                                volgende gegevens verstrekt: </al>
              <lijst>
                <li nr="-"><al>naam, contactgegevens, leeftijd, nationaliteit, en, indien
                                        van toepassing, de verblijfstitel van de aanvrager;</al></li>
                <li nr="-"><al>omvang van het huishouden dat de woonruimte gaat betrekken;
                                    </al></li>
              </lijst>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>6.</lidnr>
              <al>Bij de aanvraag om een urgentieverklaring wegens Sociale indicatie
                                en relatie beëindiging (artikel 9, onder A., sub b.) worden,
                                afhankelijke van de samenlevingsvorm, in ieder geval de volgende
                                gegevens verstrekt:</al>
              <lijst>
                <li nr="-"><al>echtscheidingsbeschikking;</al></li>
                <li nr="-"><al>ouderschapsplan;</al></li>
                <li nr="-"><al>voorlopige voorziening;</al></li>
                <li nr="-"><al>beëindiging samenlevingscontract, en/of;</al></li>
                <li nr="-"><al>andere documenten zoals genoemd en bedoeld in artikel 9,
                                        onder A., sub b.</al></li>
              </lijst>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>7.</lidnr>
              <al>De aanvraag dient in ieder geval een motivering te bevatten, waarin
                                wordt vermeld:</al>
              <lijst>
                <li nr="-"><al>de aard van de persoonlijke problematiek;</al></li>
                <li nr="-"><al>de relatie van deze problematiek met de huidige woonsituatie
                                        en</al></li>
                <li nr="-"><al>de argumentatie op grond waarvan verhuizing binnen een half
                                        jaar absoluut noodzakelijk is.</al></li>
                <li nr="-"><al>de argumentatie waarom de woningzoekende niet in staat is om
                                        binnen 6 maanden op andere wijze geschikte huisvesting te
                                        vinden.</al></li>
              </lijst>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>8.</lidnr>
              <al>Bij een aanvraag om toekenning van de urgentie kunnen burgemeester
                                en wethouders advies inwinnen bij een door hen aan te wijzen
                                adviseur.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>9.</lidnr>
              <al>a. De aanvraag voor een volkshuisvestelijke indicatie voor urgentie
                                kan uitsluitend schriftelijk door de eigenaar van een woning bij
                                burgemeester en wethouders worden ingediend.</al>
              <al>b.De aanvraag voor een maatschappelijke indicatie voor urgentie kan
                                uitsluitend worden ingediend bij burgemeester en wethouders door
                                (personen die verblijven in) een van gemeentewege erkend
                                opvangtehuis in de regio of een van gemeentewege erkende hulp- en
                                dienstverleningsinstellingen in de regio. </al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>10.</lidnr>
              <al>Een aanvraag kan uitsluitend voor één indicatiegrond worden
                                ingediend. </al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>11.</lidnr>
              <al>Indien na een afwijzing van een verzoek om een urgentieverklaring
                                een nieuwe aanvraag wordt gedaan, is de aanvrager gehouden nieuw
                                gebleken feiten of veranderde omstandigheden te vermelden.</al>
            </lid>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>11</nr>
              <titel>Vaststellen zoekprofiel</titel>
            </kop>
            <al>Bij urgentieverlening stellen burgemeester en wethouders een zoekprofiel
                            vast. </al>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>12</nr>
              <titel>Intrekken urgentie</titel>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1.</lidnr>
              <al>Burgemeester en wethouders kunnen een urgentieverklaring intrekken,
                                indien:</al>
              <lijst>
                <li nr="a."><al>niet langer aan de vereisten voor het verkrijgen van een
                                        urgentieverklaring wordt voldaan;</al></li>
                <li nr="b."><al>de urgentieverklaring is verstrekt op grond van gegevens
                                        waarvan de woningzoekende wist of redelijkerwijs kon
                                        vermoeden dat zij onjuist of onvolledig waren;</al></li>
                <li nr="b."><al>de urgente in de eerste zes maanden na het verkrijgen van de
                                        urgentie niet zelf actief heeft gereageerd op aantoonbaar
                                        passend aanbod;;</al></li>
                <li nr="c."><al>de urgente eenmaal een naar het oordeel van burgemeester en
                                        wethouders passende woonruimte in de regio heeft aangeboden
                                        gekregen en deze heeft geweigerd.</al></li>
              </lijst>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2.</lidnr>
              <al>Na het intrekken van een urgentieverklaring kan niet op grond van
                                dezelfde omstandigheden opnieuw een urgentie worden
                                aangevraagd.</al>
            </lid>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>HOOFDSTUK</label>
            <nr>4.</nr>
            <titel>Slotbepalingen</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>13</nr>
              <titel>Bestuurlijke boete</titel>
            </kop>
            <lijst>
              <li nr="1."><al>Overtreding van de verboden, bedoeld in de artikelen 8 van de
                                    wet, of het handelen in strijd met de voorwaarden of
                                    voorschriften, bedoeld in artikel 24 van de wet, kan worden
                                    beboet met een bestuurlijke boete.</al></li>
              <li nr="2."><al>De boete voor overtreding van:</al><lijst>
                  <li nr="a."><al>het verbod, bedoeld in artikel 8, eerste lid, van de wet
                                            bedraagt: </al><lijst>
                      <li nr="1º."><al> voor de eerste overtreding en herhaalde
                                                  overtreding na 24 maanden: € 340,--;</al></li>
                      <li nr="2º."><al> voor herhaalde overtreding binnen 24 maanden: €
                                                  340,--;</al></li>
                    </lijst></li>
                  <li nr="b."><al>het verbod, bedoeld in artikel 8, tweede lid, van de wet
                                            bedraagt:</al><lijst>
                      <li nr="1º."><al> voor de eerste overtreding en herhaalde
                                                  overtreding na 24 maanden: € 680,--;</al></li>
                      <li nr="2º."><al> voor herhaalde overtreding binnen 24 maanden: €
                                                  680,--.</al></li>
                    </lijst></li>
                </lijst></li>
            </lijst>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>14</nr>
              <titel>Intrekking oude verordening en overgangsrecht</titel>
            </kop>
            <lijst>
              <li nr="1."><al>De Huisvestingsverordening Alblasserwaard-Vijfheerenlanden
                                    gemeente Molenwaard 2011 wordt ingetrokken;</al></li>
              <li nr="2."><al>Vergunningen verleend krachtens de Huisvestingsverordening
                                    Alblasserwaard-Vijfheerenlanden gemeente Molenwaard 2011 blijven
                                    van kracht tot de termijn waarvoor zij werden verleend, is
                                    verstreken of totdat zij worden ingetrokken.</al></li>
              <li nr="3."><al>Voorschriften en beperkingen opgelegd krachtens de
                                    Huisvestingsverordening Alblasserwaard-Vijfheerenlanden gemeente
                                    Molenwaard 2011 blijven van kracht tot de termijn waarvoor zij
                                    zijn opgelegd, is verstreken of totdat zij worden
                                    ingetrokken.</al></li>
              <li nr="4."><al>Vergunningen bedoeld in het tweede lid, worden geacht
                                    vergunningen te zijn in de zin van deze verordening.</al></li>
              <li nr="5."><al>Indien voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze
                                    verordening een aanvraag om een vergunning is ingediend en voor
                                    het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening nog niet
                                    op die aanvraag is beslist, wordt daarop de overeenkomstige
                                    bepaling van de Huisvestingsverordening
                                    Alblasserwaard-Vijfheerenlanden gemeente Molenwaard 2011
                                    toegepast.</al></li>
              <li nr="6."><al>Op een beroep- of bezwaarschrift, betreffende een besluit,
                                    verleend op grond van de Huisvestingsverordening
                                    Alblasserwaard-Vijfheerenlanden gemeente Molenwaard 2011 wordt
                                    beslist met toepassing van deze verordening.</al></li>
              <li nr="7."><al>De intrekking van de Huisvestingsverordening
                                    Alblasserwaard-Vijfheerenlanden gemeente Molenwaard 2011 heeft
                                    geen gevolgen voor de geldigheid van op basis van die
                                    verordening gegeven waarschuwingen en gedane aanschrijvingen met
                                    betrekking tot de toepassing van bestuursdwang, het opleggen van
                                    een dwangsom of het opleggen van een boete, indien en voor zover
                                    het gebod of verbod waarop de waarschuwingen, aanschrijvingen of
                                    boetes betrekking hebben ook vervat zijn in deze verordening en
                                    voorzover zij niet eerder zijn vervallen of ingetrokken. </al></li>
            </lijst>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>15</nr>
              <titel>Hardheidsclausule</titel>
            </kop>
            <al>Burgemeester en wethouders zijn bevoegd in gevallen waarin de toepassing
                            van deze verordening naar hun oordeel tot een bijzondere hardheid leidt
                            ten gunste van de aanvrager af te wijken van deze verordening.</al>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>16</nr>
              <titel>Inwerkingtreding en citeertitel</titel>
            </kop>
            <lijst>
              <li nr="1."><al>Deze verordening treedt in werking op 1 juli 2015 en vervalt op
                                    1 juli 2019.</al></li>
              <li nr="2."><al>Deze verordening wordt aangehaald als: Huisvestingsverordening
                                    Alblasserwaard-Vijfheerenlanden gemeente Molenwaard 2015.</al></li>
            </lijst>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
      </regeling-tekst>
      <regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering>
        
        <ondertekening>Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 23 juni 2015.</ondertekening>
        <ondertekening/>
        <ondertekening>De griffier, De voorzitter, </ondertekening>
        <ondertekening/>
        <ondertekening>B.J. Nootenboom D.R. van der Borg</ondertekening>
      </regeling-sluiting>
      <nota-toelichting>
        <kop>
          <titel>Korte artikelgewijze toelichting Huisvestingsverordening gemeente
                        Molenwaard 2015</titel>
        </kop>
        <divisie>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>2</nr>
            <titel>Aanwijzing vergunningplichtige woonruimte</titel>
          </kop>
          <al>Dit artikel bestaat uit drie leden. Artikel 2, eerste en tweede lid hebben
                        een nauwe samenhang met elkaar. Het komt er op neer dat er op grond van de
                        verordening alleen een huisvestingsvergunning is vereist voor woonruimte
                        beneden de huurtoeslaggrens (thans: € 710,68 kale huur voor 23 jarigen en
                        ouder) als er voor die woonruimte een urgent woningzoekende in aanmerking
                        komt. Deze urgent woningzoekende moet dan beschikken over een
                        urgentieverklaring. Als er voor de woonruimte geen urgent woningzoekende in
                        aanmerking komt, dan is er geen huisvestingsvergunning vereist. </al>
          <al>Een urgent woningzoekende met een urgentieverklaring behoeft niet een
                        aanvraag in te dienen voor een huisvestingsvergunning. In artikel 5, lid 3,
                        van de verordening is namelijk geregeld dat een aanvraag om
                        urgentieverklaring en de urgentieverklaring gelden als een aanvraag om een
                        huisvestingsvergunning. Op deze wijze kan op een vlotte manier de woonruimte
                        worden toegewezen. </al>
        </divisie>
        <divisie>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>3</nr>
            <titel>Criteria voor verlening huisvestingsvergunning</titel>
          </kop>
          <al>In artikel 3, lid 2 en lid 3, is een rangorderegeling opgenomen in het geval
                        er meerdere erkende urgent woningzoekenden reageren op dezelfde woonruimte.
                        Het is dan nodig om te bepalen aan wie de huisvestingsvergunning wordt
                        verleend. </al>
          <al>Uit de wet vloeit voort dat statushouders en urgent woningzoekenden met een
                        maatschappelijke indicatie vanwege huiselijk geweld voorrang hebben op
                        andere urgenten. Bij andere urgenten (met uitzondering van woningzoekenden
                        met een volkshuisvestelijke urgentie) wordt de rangorde bepaald door de
                        datum van afgifte van de urgentieverklaring. In deze verordening is, ten
                        slotte, de keuze gemaakt om volkshuisvestelijke urgenten
                        (stadsvernieuwingsurgenten) onderaan in de rangorde te plaatsen. Reden is
                        dat de stadsvernieuwingsurgenten ruim van te voren te horen krijgen dat ze
                        moeten verhuizen. </al>
          <al>Uiteraard kunnen we hele specifieke gevallen zijn waarbij de rangorde als te
                        beperkend wordt ervaren en er redenen zijn hiervan af te wijken. Hierover
                        zullen de gemeenten en corporaties dan in overleg moeten. </al>
        </divisie>
        <divisie>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>6</nr>
            <titel>Bekendmaking aanbod van woonruimte</titel>
          </kop>
          <al>Artikel 6, lid 3, heeft voornamelijk betrekking op statushouders.</al>
        </divisie>
        <divisie>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>9</nr>
            <titel>Indeling in urgentiecategorieën: indicatiegronden</titel>
          </kop>
          <al>Dit artikel is in grote lijnen gelijk aan de thans nog geldende
                        huisvestingsverordening. Om aan de wet te voldoen is de urgentiecategorie
                        Mantelzorgindicatie toegevoegd. </al>
        </divisie>
        <divisie>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>10</nr>
            <titel>Aanvraag en besluitvorming tot urgentie</titel>
          </kop>
          <al>In artikel 10, lid 3, is de huidige succesvolle werkwijze ten aanzien van
                        urgentieverlening in de regio vastgelegd. Een urgentieverlening is gebonden
                        aan een gemeente. Daarom is vastgelegd dat burgemeester en wethouders in een
                        andere gemeente een urgentieverklaring verlenen indien de woningzoekende al
                        over een geldende urgentieverklaring beschikt. </al>
        </divisie>
        <divisie>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>16</nr>
            <titel>Inwerkingtreding en citeertitel</titel>
          </kop>
          <al>Artikel 16, lid 1, beperkt de werking van de verordening tot 4 jaar. Deze
                        bepaling komt voort uit de Huisvestingswet die de werking van de verordening
                        beperkt tot maximaal 4 jaar. </al>
        </divisie>
      </nota-toelichting>
    </regeling>
  </body>
</cvdr>