<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR370086_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Treasurystatuut 2015</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Almere</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-12-12</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Almere</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Gemeenteblad Almere, nummer 80, 17-06-2015</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Treasurystatuut 2015</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 212, tweede lid, aanhef en onder c</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2015-04-30</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2015-06-18</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>RV-20/2015</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Treasurystatuut 2015</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Almere,</al><al/><al>Gelet op artikel 212, tweede lid, aanhef en onder c van de Gemeentewet,</al><al/><al>BESLUIT</al><al/><al>vast te stellen het navolgende treasurystatuut welk statuut in nauwe
                        samenhang met de Wet financiering decentrale overheden (FIDO), de Regeling
                        uitzettingen en derivaten decentrale overheden (Ruddo), de Regeling
                        schatkistbankieren decentrale overheden, het besluit leningvoorwaarden
                        decentrale overheden en van de uitvoeringregeling Financiering Decentrale
                        Overheden gestelde regels dient te worden gelezen:</al><al/><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Doel treasury</titel></kop><al>Het college heeft in het kader van de treasuryfunctie tot taak:</al><lijst><li nr="1."><al>Het bewaken en optimaliseren van de financieel-economische positie
                                van de gemeente;</al></li><li nr="2."><al>Het beschermen van het vermogen en het renteresultaat tegen
                                ongewenste financiële risico’s;</al></li><li nr="3."><al>Het verzekeren van duurzame toegang tot financiële markten tegen
                                acceptabele condities;</al></li><li nr="4."><al>Het optimaliseren van de financiële logistiek, zowel binnen de
                                gemeente als ten aanzien van externe partijen;</al></li><li nr="5."><al>Het voeren van effectief vermogensbeheer;</al></li><li nr="6."><al>Het tijdig beschikbaar hebben van financieringsmiddelen tegen zo
                                gunstig mogelijke prijzen, rekening houdend met de randvoorwaarden
                                (kasgeldlimiet) en de aard van de financieringsbehoefte (kort versus
                                lang);</al></li><li nr="7."><al>Minimaliseren van de rentekosten van de financieringsportefeuille en
                                overige interne en externe verwerkingskosten bij het beheren van de
                                geldstromen en financiële posities;</al></li><li nr="8."><al>Optimaliseren van het rendement van de beschikbare
                                liquiditeiten;</al></li><li nr="9."><al>Het in kaart brengen en beheersen van potentiële risico’s met
                                betrekking tot verzekeringen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Voorwaarden aangaan van kortlopende geldleningen</titel></kop><al>Het college dient bij het aangaan van kortlopende geldleningen, zijnde
                        geldleningen met een looptijd van korter dan 1 jaar, ter voorziening in de
                        behoefte aan liquide middelen de volgende voorwaarden in acht te nemen:</al><al/><al>De kortlopende geldlening mag alleen plaatsvinden in de vorm van:</al><al/><lijst><li nr="-"><al>een kasgeldlening;</al></li><li nr="-"><al>Commercial Paper contracten;</al></li><li nr="-"><al>rekening courant overeenkomsten.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Aangaan van langlopende geldleningen</titel></kop><al>Het college dient bij het aangaan van langlopende geldleningen, zijnde
                        geldleningen met een looptijd van één jaar of langer, ter voorziening in de
                        behoefte aan financieringsmiddelen op lange termijn (waaronder het aangaan
                        van geldleningen in de vorm van Medium Term Notes contracten) de volgende
                        voorwaarden in acht te nemen:</al><al/><lijst><li nr="1."><al>het totaal bedrag aan jaarlijks opgenomen langlopende geldleningen
                                mag niet meer bedragen dan € 150.000.000,--</al></li><li nr="2."><al>het aangaan van de geldlening dient in overeenstemming te zijn met
                                de bij en krachtens de Wet financiering decentrale overheden gegeven
                                voorschriften.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4:</nr><titel>Voorwaarden uitzetten van gelden</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Bij het doen van feitelijke uitzettingen worden de volgende richtlijnen
                            in acht genomen:</al><lijst><li nr="a)"><al>(Tijdelijke) overtollige middelen worden in de schatkist bij het
                                    Rijk aangehouden;</al></li><li nr="b)"><al>Uitgezonderd van deze verplichting zijn:</al><lijst><li nr="1."><al>Middelen voor zover deze, gerekend over een kwartaal
                                            gemiddeld het drempelbedrag schatkistbankieren niet te
                                            boven gaan. Het drempelbedrag wordt bepaald op basis van
                                            het begrotingstotaal van het openbaar lichaam. Voor
                                            openbare lichamen met een begrotingstotaal kleiner of
                                            gelijk aan € 500 miljoen is het drempelbedrag gelijk aan
                                            0,75% van het begrotingstotaal, waarbij het
                                            drempelbedrag minimaal € 250.000 bedraagt. Voor openbare
                                            lichamen met een begrotingstotaal groter dan € 500
                                            miljoen is het drempelbedrag gelijk aan € 3,75 miljoen,
                                            vermeerderd met 0,2% van het dele van het
                                            begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat.
                                        </al></li><li nr="2."><al>Middelen aangehouden in fondsen, bedoeld in artikel
                                            15.47 van de wet Milieubeheer (door GS van een provincie
                                            opgericht fonds, bestemd voor de zorg van gesloten
                                            stortplaatsen);</al></li><li nr="3."><al>Middelen op een G-rekening als bedoeld in artikel 1,
                                            onder k, van de Uitvoeringsregeling inleners-, keten en
                                            opdrachtgeversaansprakelijkheid 2004;</al></li></lijst></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Gelden die conform lid 1 uitgezonderd zijn van de verplichting om in de
                            schatkist bij het Rijk te worden aangehouden, zet de gemeente, al dan
                            niet tegen waardepapieren, slechts uit bij en gaat slechts
                            verbintenissen met betrekking tot financiële derivaten aan met
                            financiële ondernemingen die:</al><lijst><li nr="a)"><al>gevestigd zijn in een lidstaat die ten minste beschikt over een
                                    AA-rating afgegeven door ten minste twee ratingbureaus; en</al></li><li nr="b)"><al>voor henzelf of voor de door hen uitgegeven waardepapieren
                                    kunnen aantonen dat ze ten minste over een AA-minusrating
                                    beschikken, afgegeven door ten minste twee ratingbureaus.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien de gelden worden uitgezet of de verbintenissen met betrekking tot
                            financiële derivaten worden aangegaan voor een periode van minder dan
                            drie maanden, tonen deze financiële ondernemingen aan dat ze, in
                            afwijking van het tweede lid, onderdeel b, voor henzelf of voor de door
                            hen uitgegeven waardepapieren ten minste over een A-rating, afgegeven
                            door ten minste twee ratingbureaus beschikken.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het tweede en derde lid zijn niet van toepassing op uitzettingen tegen
                            waardepapieren waarvoor een solvabiliteitsratio van 0 procent
                            geldt.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De gemeente zet tijdelijk overtollige gelden van aangetrokken leningen
                            voor projectfinanciering uitsluitend uit bij de financiële onderneming
                            waar deze leningen zijn aangegaan, onverminderd het tweede en derde
                            lid.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Indien de gemeente een nettingovereenkomst heeft afgesloten met een
                            financiële onderneming met betrekking tot het uitzetten van tijdelijk
                            overtollige gelden van aangetrokken leningen voor projectfinanciering
                            als bedoeld in het vijfde lid, zijn het tweede en derde lid niet van
                            toepassing.</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>Bij het uitlenen van gelden anders dan in het kader van treasury zijn de
                            in de leden 1 tot en met 6 gestelde voorwaarden niet van toepassing. Wel
                            dient in een dergelijk geval de gemeenteraad te worden gehoord alvorens
                            het college over het uitzetten van gelden een definitief besluit
                            neemt.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Informatievoorziening en verantwoordingsvoorziening algemeen</titel></kop><al>Het college draagt voor de treasuryfunctie zorg voor een goede informatie-
                        en verantwoordingsvoorziening binnen de gemeente.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Informatieverstrekking raad</titel></kop><lid><lidnr/><al>Het college brengt over elk afgelopen kwartaal schriftelijk verslag uit
                            aan de gemeenteraad over</al></lid><lid><lidnr>1.</lidnr><al>de wijze waarop gedurende dat kwartaal gebruik is gemaakt van de
                            bevoegdheid kortlopende leningen aan te gaan, waarbij tevens een
                            overzicht dient te worden gegeven van het totale volume aan opgenomen
                            kortlopende geldleningen;</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>de wijze waarop gedurende dat kwartaal gebruik is gemaakt van de
                            bevoegdheid gelden uit te lenen, waarbij tevens een overzicht dient te
                            worden gegeven van het totale volume aan uitgezette middelen en de
                            daarbij behorende tegenpartij;</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>de wijze waarop gedurende dat kwartaal gebruik is gemaakt van de
                            bevoegdheid langlopende leningen aan te gaan, waarbij tevens een
                            overzicht dient te worden gegeven van het totale volume aan aangetrokken
                            langlopende geldleningen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Treasuryfunctie</titel></kop><al>Het college draagt zorg voor de inrichting met bijbehorende functiescheiding
                        van de treasuryfunctie binnen de gemeentelijke organisatie.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Nadere regels</titel></kop><al>Het college kan ter uitvoering van dit Treasurystatuut nadere regels
                        stellen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze regeling kan worden aangehaald als Treasurystatuut 2015.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Intrekking</titel></kop><al>Het Treasurystatuut 2010 zoals vastgesteld door de gemeenteraad op 20
                        januari 2011 wordt ingetrokken.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Dit Treasurystatuut treedt in werking op de dag na bekendmaking. </al><al/><al/></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Almere, </ondertekening><ondertekening/><ondertekening>De raad voornoemd,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening/><ondertekening/><ondertekening/><ondertekening>de voorzitter de griffier</ondertekening><ondertekening>A.Jorritsma-Lebbink J.D. Pruim</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>