<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.92--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR369785_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening eenmalig rioolaansluitrecht Hellevoetsluis 2015</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Hellevoetsluis</dcterms:creator><dcterms:modified>2015-01-16</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Hellevoetsluis</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="http://www.officielebekendmakingen.nl">GVOP</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening eenmalig rioolaansluitrecht Hellevoetsluis 2015</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Artikel 229, eerste lid, aanhef en onderdeel b, van de Gemeentewet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2014-12-18</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2015-01-16</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:terugwerkendekrachtDatum>2015-01-16</overheidrg:terugwerkendekrachtDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2023-12-16</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>18-12-14/07</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Onbekend</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening eenmalig rioolaansluitrecht Hellevoetsluis 2015</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>Nummer: 18-12-14/07 </al><al/><al>De raad van de gemeente Hellevoetsluis;</al><al>gehoord de commissie wonen, werk en recreatie;</al><al>gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 11 november 2014,
                        nummer: 18-12-14/07;</al><al/><al>gelet op artikel 229, eerste lid, aanhef en onderdeel b, van de
                        Gemeentewet;</al><al/><al>besluit:</al><al/><al>vast te stellen de Verordening op de heffing en de invordering van een
                        eenmalig rioolaansluitrecht Hellevoetsluis 2015(Verordening eenmalig
                        rioolaansluitrecht Hellevoetsluis 2015)</al><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>Voor de toepassing van deze verordening wordt:</al><lijst><li nr="a"><al>onder gemeentelijke riolering mede het voor de openbare dienst
                                bestemde gemeentewater begrepen;</al></li><li nr="b"><al>onder eigendom verstaan een roerende of onroerende zaak;</al></li><li nr="c"><al>onder aansluiting van een eigendom verstaan het leggen door de
                                gemeente van een buisleiding van het in de openbare weg aanwezige
                                afvoerstelsel tot aan het eigendom waarvoor de aansluiting
                                plaatsvindt, om voor dat eigendom een directe of indirecte lozing op
                                de gemeentelijke riolering mogelijk te maken;</al></li><li nr="d"><al>onder aansluitpunt verstaan de ontstoppingsvoorziening, gelegen op
                                een afstand van minder dan één meter van de kadastrale
                                eigendomsgrens of bij afwezigheid hiervan het punt waar de
                                aansluitleiding de kadastrale eigendomsgrens snijdt. Uitgezonderd
                                zijn pompputten ten behoeve van drukriolering en eventuele andere
                                voorzieningen die al dan niet met een zakelijk recht op particulier
                                terrein zijn gelegen, waarbij bedoelde pompputten en andere
                                voorzieningen het aansluitpunt zijn; </al></li><li nr="e"><al>onder perceelaansluitleiding verstaan het deel van de
                                aansluitleiding gelegen in gemeentelijke grond, dus van aansluitpunt
                                tot openbaar riool in beheer bij de gemeente. Bij afwezigheid van
                                een terreinleiding inclusief ontstoppingsstuk;</al></li><li nr="f"><al>onder terreinleiding verstaan de binnen de kadastrale
                                eigendomsgrenzen van het aan te sluiten perceel gelegen binnen- of
                                buitenleiding, inclusief ontstoppingsstuk, tot aansluitpunt, in
                                beheer bij eigenaar/rechthebbende. De terreinleiding wordt ook wel
                                particulier riool genoemd.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Belastbaar feit</titel></kop><al>Onder de naam eenmalig rioolaansluitrecht wordt een recht geheven ter zake
                        van het genot van door het gemeentebestuur verstrekte diensten in verband
                        met het tot stand brengen van een directe of indirecte aansluiting van een
                        eigendom op de gemeentelijke riolering.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Belastingplicht</titel></kop><al>Het recht wordt geheven van de aanvrager van de dienst dan wel van degene
                        voor wie de dienst wordt verleend.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Maatstaf van heffing en tarief</titel></kop><al>Het recht bedoeld in artikel 2 bedraagt per eigendom voor één aansluiting €
                        1.180,--. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Wijze van heffing</titel></kop><al>Het recht wordt bij wege van aanslag geheven.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Ontstaan van de belastingschuld</titel></kop><al>Het recht is verschuldigd bij de aanvang van de dienstverlening.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Termijnen van betaling</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>De aanslag moet worden betaald in één termijn, welke vervalt op de
                            laatste dag van de maand volgend op de maand vermeld in de dagtekening
                            van het aanslagbiljet.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid
                            gestelde termijn.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Kwijtschelding</titel></kop><al>Bij de invordering van het recht wordt geen kwijtschelding verleend.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Nadere regels door het College van Burgemeester en Wethouders</titel></kop><al>Het College van Burgemeester en Wethouders kan nadere regels geven voor de
                        heffing eninvordering van het eenmalig rioolaansluitrecht.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Inwerkingtreding en citeertitel</titel></kop><lijst><li nr="1"><al>Deze verordening treedt in werking op de eerste dag na die van
                                bekendmaking.</al></li><li nr="2"><al>De ingangsdatum van de heffing is 1 januari 2015.</al></li><li nr="3"><al>Deze verordening wordt aangehaald als ‘Verordening eenmalig
                                rioolaansluitrecht Hellevoetsluis 2015’.</al></li></lijst><al/></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus is vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 18 december
                        2014.</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>De raad voornoemd,</ondertekening><ondertekening>de griffier, </ondertekening><ondertekening>H.J. van der Wel.</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>de voorzitter,</ondertekening><ondertekening> Ir. W.J.Tempel.</ondertekening></regeling-sluiting><nota-toelichting><kop><titel>Toelichting op de verordening eenmalig aansluitrecht</titel></kop><tussenkop><onderstreept>Toelichting per artikel</onderstreept></tussenkop><al/><tussenkop><vet>Artikel 1 Begripsomschrijvingen</vet></tussenkop><al>Voor de duidelijkheid is in het eerste artikel een brede omschrijving opgenomen
                    van de in de verordening voorkomende begrippen. </al><al/><tussenkop><vet>Artikel 2 Belastbaar feit</vet></tussenkop><al>Het belastbare feit is de omschrijving van de activiteit waarvoor de gemeente de
                    belasting in rekening brengt. In dit geval dus realisatie van een aansluiting op
                    de gemeentelijke riolering.</al><al/><tussenkop><vet>Artikel 3 Belastingplicht</vet></tussenkop><al>Degene die de belasting moet betalen, is degene die de gemeente vraagt de
                    riolering aan te leggen. In dit geval dus de aanvrager van de dienst. Over het
                    algemeen is dat de eigenaar van het eigendom, maar het kan ook iemand anders
                    zijn. Daarom staat in de omschrijving dat degene voor wie de gemeente de dienst
                    verleent, belastingplichtig kan zijn. Als de aannemer de aanvraag bijvoorbeeld
                    voor de particulier indient, kan de particulier toch de belastingplichtige
                    blijven. In zo’n geval kan de gemeente kiezen tussen twee belastingplichtigen.
                    Win dan bij de belanghebbenden nadere informatie in over wie de gemeente als
                    belastingplichtige moet zien. Is daarover geen uitsluitsel, dan kan de gemeente
                    de aanslag sturen naar degene die het meeste belang heeft bij de dienst.</al><al>Een belangrijk element van een heffing gebaseerd op gemeentelijke
                    dienstverlening is dat iemand daadwerkelijk om de dienst vraagt. Dat klinkt in
                    eerste instantie problematischer dan het in de praktijk vaak is. Natuurlijk
                    zitten veel mensen niet te wachten op een gemeentelijke belastingheffing op
                    verzoek, maar in vrijwel alle gevallen weegt het hebben van een aansluiting op
                    tegen het treffen van eigen voorzieningen. </al><al/><tussenkop><vet>Artikel 4 Maatstaf van heffing en tarief</vet></tussenkop><al>Op grond van artikel 219 Gw, tweede lid, kan een gemeente belastingen heffen
                    naar heffingsmaatstaven die zij in de belastingverordening bepaalt. Maar het
                    bedrag mag niet afhankelijk zijn van inkomen, winst of vermogen. De gemeente mag
                    haar belastingen namelijk niet naar draagkracht heffen. Alleen het Rijk mag
                    inkomensbeleid voeren.</al><al>Bij het eenmalig rioolaansluitrecht speelt vooral mee dat er geen sprake is van
                    een zuivere belastingheffing, maar van kostenverhaal van gemeentelijke
                    dienstverlening. De verordening gaat voor de heffing uit van een vast bedrag per
                    aansluiting. Dit is een doelmatige en eenvoudige variant. In feite vraagt de
                    gemeente met deze tariefstelling van elke belastingplichtige een bijdrage in de
                    kosten. Daarbij doen de werkelijke kosten van de aansluiting per individueel
                    geval er niet toe.</al><al/><tussenkop><vet>Artikel 5 Wijze van heffing</vet></tussenkop><al>Dit artikel bepaalt dat de gemeente een aanslag verstuurt. De gemeente neemt dus
                    het initiatief voor de belastingheffing door een aanslagbiljet te sturen.</al><al/><tussenkop><vet>Artikel 6 Ontstaan van de belastingschuld</vet></tussenkop><al>Dit artikel bepaalt dat de gemeente direct na het indienen van de aanvraag om
                    aansluiting op de riolering met het kostenverhaal begint.</al><al/><tussenkop><vet>Artikel 7 Termijnen van betaling</vet></tussenkop><al>Omdat het om een relatief beperkt bedrag gaat, is gekozen voor een betaling in
                    één termijn. Lid 2 is opgenomen om enkele uitzonderingen over onder meer
                    feestdagen in de algemene termijnenwet niet van toepassing te verklaren. Dit is
                    voor gemeentelijke belastingen gebruikelijk.</al><al/><tussenkop><vet>Artikel 8 Kwijtschelding</vet></tussenkop><al>In principe is kwijtschelding van deze belasting mogelijk. Maar dit is niet
                    redelijk, het gaat tenslotte om het verhaal van kosten voor dienstverlening op
                    verzoek. Bovendien leidt deze dienstverlening meestal tot waardevermeerdering
                    van het eigendom van de aanvrager.</al><al/><tussenkop><vet>Artikel 9 Nadere regels door het College van Burgemeester en
                        Wethouders</vet></tussenkop><al>Dit artikel bepaalt dat het College van Burgemeester en Wethouders
                    uitvoeringstechnische zaken voor de heffing en invordering kan regelen. Het
                    betreft hier zaken als het openen van de mogelijkheid om een voorlopige aanslag
                    op te leggen of de wijze waarop de gemeente de invorderingsrente berekent.</al><al/><tussenkop><vet>Artikel 10 Inwerkingtreding en citeertitel</vet></tussenkop><al>Naast een tijdstip van inwerkingtreding moet een belastingverordening bepalen
                    vanaf wanneer de gemeente de heffing toepast (de ingangsdatum van de heffing).
                    Deze tijdstippen kunnen samenvallen. Meestal is het tijdstip van
                    inwerkingtreding afhankelijk van de datum waarop de gemeente de
                    belasting-verordening bekendmaakt. Zonder bekendmaking is de verordening niet
                    bindend (artikel 139 Gw). De datum van inwerkingtreding ligt ná die van de
                    bekendmaking. De ingangsdatum van de heffing moet ná de datum liggen waarop de
                    raad de verordening heeft vastgesteld, anders is sprake van terugwerkende
                    kracht. Bij invoering van een nieuwe heffing is terugwerkende kracht niet
                    mogelijk,tenzij de heffing was te voorzien.</al><al/><al>De citeertitel vergemakkelijkt de verwijzing naar de verordening.</al></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>