<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR36650_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening outplacement gewezen wethouders Bloemendaal 2009</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Bloemendaal</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-09-05</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Bloemendaal</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Weekblad Kennemerland Zuid, 23 oktober 2008</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening outplacement gewezen wethouders Bloemendaal 2009</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/BWBR0005416/TitelIII/HoofdstukIX/Artikel147/">Gemeentewet, art. 147</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2008-10-16</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2008-10-24</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>2008020414</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>1.Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Inclusief toelichting</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening outplacement gewezen wethouders Bloemendaal 2009</intitule><regeling><aanhef><preambule><al> Gemeente</al><al>Bloemendaal</al><al>Nr. 2008020414</al><al>69</al><al>De raad van de gemeente Bloemendaal;</al><al>gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 2 september
                        2008; </al><al>gelet op artikel 147 van de Gemeentewet, </al><al> besluit :</al><al>vast te stellen de volgende: </al><al>Verordening outplacement gewezen wethouders Bloemendaal 2009 </al><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsbepaling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al> In deze regeling wordt verstaan onder: </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>belanghebbende: hij die ophoudt wethouder te zijn en in het genot is
                                van een uitkering op grond van artikel 131 tot en met 136 van de
                                Algemene pensioenwet politieke ambtsdragers; </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>outplacementbureau: bureau of organisatie bij voorkeur aangesloten
                                bij een brancheorganisatie voor outplacement en
                                loopbaanbegeleiding.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Toekenning outplacementfaciliteiten</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders besluiten op aanvragen omtrent de
                                toekenning van outplacementfaciliteiten. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De kosten van de outplacementfaciliteiten komen voor rekening van de
                                gemeente. Burgemeester en wethouders sluiten daartoe een
                                schriftelijke overeenkomst met het outplacementbureau op basis van
                                no cure no pay, met als aanvullende voorwaarde dat geen kosten
                                verschuldigd zijn indien betrokkene na plaatsing minder dan één
                                aaneengesloten jaar in een betaalde functie werkzaam is geweest. Bij
                                hiervan afwijkende overeenkomsten winnen burgemeester en wethouders
                                vooraf het gevoelen van de raad in.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Eventuele reis-, verblijf- en verwervingskosten komen voor rekening
                                van belanghebbende. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Maximale toekenningsduur</titel></kop><al>De outplacementfaciliteiten worden toegekend voor de periode van ten
                            hoogste één jaar. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Uitleg regeling</titel></kop><al>In de gevallen waarin deze regeling niet of niet in redelijkheid
                            voorziet, zijn burgemeester en wethouders bevoegd een voorziening te
                            treffen. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop><al>Deze regeling kan worden aangehaald als: “Verordening outplacement
                            gewezen wethouders Bloemendaal 2009” en treedt in werking op de dag na
                            publicatie.</al><al/></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus besloten in de openbare vergadering van</ondertekening><ondertekening>de raad der gemeente Bloemendaal, </ondertekening><ondertekening>gehouden op 16 oktober 2008.</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>W.H. de Gelder , voorzitter</ondertekening><ondertekening>K.A. van der Pas , griffier</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>Gepubliceerd in het Weekblad Kennemerland Zuid d.d. 23 oktober
                        2008.</ondertekening><ondertekening>In werking: 24 oktober 2008.</ondertekening><ondertekening/></regeling-sluiting><nota-toelichting><kop><titel> Toelichting </titel></kop><al><vet>Inleiding</vet> In de Algemene pensioenwet politieke ambtsdragers
                            (Appa) is bepaald dat hij die ophoudt wethouder te zijn, met ingang van
                            de dag van aftreden en voor zover hij nog niet de leeftijd van 65 jaar
                            heeft bereikt, recht heeft op een uitkering. Deze uitkering komt ten
                            laste van de gemeente. De uitkering is gekoppeld aan de duur dat
                            betrokkene wethouder is geweest met dien verstande dat de minimumduur
                            twee jaar is. De maximale duur van de uitkering is zes jaar. Indien de
                            betrokken wethouder bij zijn aftreden 50 jaar of ouder is én hij ten
                            minste tien jaar zonder onderbreking wethouder is geweest, wordt de
                            uitkering voortgezet tot het tijdstip waarop hij 65 jaar wordt. De
                            hoogte van de uitkering bedraagt het eerste jaar 80% van de laatstelijk
                            genoten bezoldiging. Gedurende de rest van de uitkeringsperiode bedraagt
                            de hoogte van de uitkering 70% van de laatstgenoten bezoldiging.
                            </al><al/><al><vet>Outplacementbegeleiding</vet> Outplacementbegeleiding is een
                            professionele begeleiding van, in dit geval, de gewezen wethouder,
                            waarbij deze zich op eigen kracht en onder eigen verantwoordelijkheid
                            een nieuwe functie elders verwerft. Deze vorm van begeleiding kan voor
                            zowel de gemeente als de gewezen wethouder een aantrekkelijk alternatief
                            zijn. Betrokkene heeft uitzicht op een andere betrekking en voor de
                            gemeente blijven de uitkeringskosten beperkt. </al><al/><al><vet>Beletselen</vet> In het derde lid van artikel 44 van de Gemeentewet
                            is bepaald dat de wethouders, buiten hetgeen aan hen bij of krachtens de
                            wet is toegekend, geen inkomsten, in welke vorm ook, genieten ten laste
                            van de gemeente. Deze bepaling geldt niet voor gewezen wethouders. Het
                            toekennen van outplacementfaciliteiten aan een gewezen wethouder is dan
                            ook niet in strijd met de Gemeentewet. Het aanbieden van faciliteiten in
                            welke vorm ook gedurende het wethouderschap is wél in strijd met de
                            Gemeentewet. </al><al/><al><vet>Verordening</vet> Deze verordening voorziet erin dat in beginsel
                            iedere gewezen wethouder outplacementfaciliteiten kan aanvragen. De raad
                            stelt als budgethouder de verordening vast, mede gelet op de financiële
                            voordelen die dit in de sfeer van uitkeringen aan gewezen wethouders kan
                            hebben. Burgemeester en wethouders beslissen vervolgens op een aanvraag
                            om outplacementfaciliteiten. Het toekennen van faciliteiten is een
                            discretionaire bevoegdheid van burgemeester en wethouders. Bij de
                            besluitvorming omtrent de aanvraag zijn de volgende factoren van belang.
                            Zoals gezegd, kan het toekennen van faciliteiten voor alle partijen
                            (financieel) voordeel opleveren. In die zin zal in de meeste gevallen
                            het verzoek van de gewezen wethouder worden ingewilligd. Er zijn
                            situaties denkbaar dat een aanvraag wordt geweigerd. Hierbij kan
                            bijvoorbeeld worden gedacht aan de gewezen deeltijdwethouder die elders
                            nog een betrekking heeft. Een andere weigeringgrond kan zijn indien de
                            gewezen wethouder een zogenoemde terugkeergarantie heeft. In dit geval
                            ligt de primaire verantwoordelijkheid bij de oorspronkelijke werkgever.
                            Het is natuurlijk mogelijk om gezamenlijk outplacementfaciliteiten toe
                            te kennen waarbij de gemeente en de oorspronkelijke werkgever een deel
                            van de kosten voor hun rekening nemen. Een dergelijke afspraak kan ook
                            reeds bij aanvaarding van de wethoudersfunctie worden gemaakt. De
                            aanvraag ter zake van het toekennen van outplacementfaciliteiten dient
                            schriftelijk te worden ingediend. </al><al/><al><vet>Overig</vet> De verordening verstaat onder een outplacementbureau
                            een bureau of organisatie bij voorkeur aangesloten bij de
                            brancheorganisatie. In het geval een bureau of organisatie niet daarbij
                            is aangesloten, is het raadzaam te informeren naar de algemene
                            voorwaarden die gehanteerd worden. Bijvoorbeeld of de in dienst zijnde
                            psychologen lid zijn van het Nederlands instituut van psychologen (NIP).
                            De verordening gaat er verder van uit dat de gemeente een overeenkomst
                            sluit met het betreffende outplacementbureau. Hierdoor wordt voorkomen
                            dat het toekennen van faciliteiten aan de gewezen wethouder door de
                            fiscus wordt aangemerkt als loon in natura. De overeenkomst dient
                            volgens de verordening op basis van no cure pay te zijn met als
                            aanvullende voorwaarde dat geen kosten verschuldigd zijn indien
                            betrokkene na plaatsing minder dan één aaneengesloten jaar in een
                            betaalde functie werkzaam is geweest. Dit omdat hij anders na korte tijd
                            weer zou kunnen terugvallen op de wachtgeldregeling, terwijl toch aan
                            het outplacementbureau kosten verschuldigd zouden zijn. Bij afwijkende
                            overeenkomsten dient het college, zo schrijft de verordening voor, eerst
                            het gevoelen van de raad in te winnen. </al></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>