<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd" xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance"><meta><owmskern><dcterms:identifier>365649_2</dcterms:identifier><dcterms:title>Sociaal Statuut gemeente Haarlem 2011</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Haarlem</dcterms:creator><dcterms:modified>2015-05-06</dcterms:modified></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Gemeenteblad</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Sociaal Statuut gemeente Haarlem 2011</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Onbekend</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">college van burgemeester en wethouders</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>personeel en organisatie</dcterms:subject><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                databankrecht</dcterms:rights><dcterms:issued>2015-04-14</dcterms:issued></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2015-03-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2016-08-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>2015 / 115839</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>reorganisatie </overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>aanpassing artikel 7 </al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule><vet>Sociaal Statuut Gemeente Haarlem 2011</vet></intitule><regeling><aanhef><preambule><al></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>1</nr><titel>Algemene bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Werkingssfeer</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Dit Sociaal Statuut is van toepassing op “kleine” en “grote”
                                    reorganisaties in de gemeentelijke organisatie waarvan de datum
                                    van het reorganisatiebesluit is gelegen op of na datum van
                                    inwerkingtreding van dit Sociaal Statuut. </al></li><li nr="2."><al>Reorganisaties waarvoor het reorganisatiebesluit is vastgesteld
                                    voor inwerkingtreding van dit Sociaal Statuut worden afgehandeld
                                    volgens het Sociaal Statuut 2006, aangevuld met overeenkomstige
                                    toepassing van de artikelen 20 tot en met 27A van het
                                    onderhavige Sociaal Statuut. Bij toepassing van de in artikel 27
                                    genoemde stimuleringsmaatregel op ambtenaren die onder de
                                    werking van het Sociaal Statuut 2006 vallen, geldt als
                                    vertrekpunt van de stimuleringsmaatregel de peildatum 1 januari
                                    2011. Het aantal maandsalarissen stimuleringspremie neemt in dit
                                    geval af naar mate er meer maanden na 1 januari 2011 zijn
                                    verstreken. </al></li><li nr="3."><al>Onder een “grote reorganisatie” wordt verstaan een blijvende
                                    wijziging in de werkzaamheden en/of de organisatiestructuur van
                                    de gemeente en/of gemeentelijke onderdelen, die personele
                                    gevolgen heeft, hieronder wordt in ieder geval begrepen:</al><lijst><li nr="a."><al>als organisatieverandering waarbij meerdere
                                            (hoofd)afdelingen betrokken zijn en de functies van 10
                                            of meer personen betrokken zijn;</al></li><li nr="b."><al>als het college en/of de Algemeen Directeur van mening
                                            is dat de reorganisatie groot is.</al></li></lijst></li><li nr="4."><al>Onder een “kleine reorganisatie” wordt verstaan een
                                    reorganisatie die niet kan worden aangemerkt als “grote
                                    reorganisatie” als bedoeld in lid 3 en ook anderszins niet kan
                                    worden aangemerkt als “belangrijke wijziging in de organisatie”
                                    in de zin van artikel 25, eerste lid onder e, van de Wet op de
                                    Ondernemingsraden (WOR). </al></li><li nr="5."><al>De uit dit Sociaal Statuut voortvloeiende rechten en plichten
                                    zijn van toepassing op ambtenaren van de gemeente Haarlem
                                    aangesteld in vaste dienst, dan wel aangesteld in tijdelijke
                                    dienst bij wijze van proef. Zij zijn van toepassing bij “kleine”
                                    en “grote” reorganisaties voor zover niet expliciet
                                    uitgezonderd. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Besluitvorming en rol OR/GO bij een “grote reorganisatie”</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>“Grote reorganisaties” worden tot stand gebracht met – in ieder
                                    geval - inachtneming van de onderstaande twee momenten van
                                    formele besluitvorming. </al><lijst><li nr="a."><al><cursief>Besluit tot (voornemen tot ) reorganisatie met
                                                uitwerkingsplan:</cursief> dit besluit omvat de
                                            concrete probleemstelling en reden tot reorganisatie
                                            waarbij een overzicht van de financiële en personele
                                            gevolgen wordt gegeven. Aan het besluit tot (voornemen
                                            tot) reorganisatie kan facultatief een (besluit tot)
                                            onderzoek naar organisatiewijziging en/of een besluit
                                            tot inwinnen extern advies voorafgaan. Laatstgenoemd
                                            besluit is adviesplichting in de zin van de WOR. In het
                                            uitwerkingsplan wordt een uitwerking op hoofdlijnen van
                                            de personele consequenties gegeven waarbij de nieuwe
                                            organisatie en de daarin voorkomende functies qua taak,
                                            niveau en formatieve omvang worden beschreven. Hierin
                                            wordt een overzicht gegeven van de status van functies
                                            en de vergelijking van functies in de oude en in de
                                            nieuwe situatie. </al></li><li nr="b."><al><cursief>Definitief besluit tot reorganisatie met
                                                plaatsingplan:</cursief><vet></vet>het definitief besluit
                                            tot reorganisatie kan verschillende beslispunten hebben:
                                            financieel, organisatorisch, facilitair,
                                            rechtspositioneel. Gelet op de voorafgaande besluiten
                                            heeft het definitieve besluit een afrondende betekenis
                                            waarin de laatste punten worden besloten.<vet></vet></al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Het college is bevoegd tot het nemen van besluiten ten aanzien
                                    van een “grote reorganisatie” en het daarbij vast te stellen
                                    plaatsingsplan.</al></li><li nr="3."><al>Reorganisatiebesluiten zoals bedoeld in het eerste lid worden
                                    ter advisering aan de Ondernemingsraad op grond van artikel 25
                                    van de WOR en ter overeenstemming met het Georganiseerd Overleg
                                    op grond van hoofdstuk 12 van het AR voorgelegd.</al></li><li nr="4."><al>Ten aanzien van de bevoegdheid tot het nemen van individuele
                                    rechtspositionele besluiten betreffende de aanstelling,
                                    plaatsing, herplaatsbaarverklaring en het verlenen van
                                    reorganisatieontslag met toepassing van de reïntegratiefase als
                                    bedoeld in artikel 29 en 30 is de Mandatenregeling
                                    Personeelszaken van overeenkomstige toepassing. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Besluiten en rol OR/GO bij een “kleine reorganisatie”</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Ingeval van een “kleine reorganisatie” kan in het
                                    besluitvormingsproces worden volstaan met één integraal besluit
                                    waarin het plaatsingsplan is opgenomen. </al></li><li nr="2."><al>De Algemeen Directeur is bevoegd tot het nemen van besluiten ten
                                    aanzien van een “kleine reorganisatie” en het eventueel daarbij
                                    behorende plaatsingsplan. </al></li><li nr="3."><al>In geval van een “kleine reorganisatie” waarbij geen sprake is
                                    van een “ belangrijke wijziging” in de zin van artikel 25 WOR
                                    wordt het besluit tot reorganisatie ter informatie voorgelegd
                                    aan de Ondernemingsraad.</al></li><li nr="4."><al>Het besluit tot “kleine reorganisatie” wordt ter overeenstemming
                                    aan het Georganiseerd Overleg voorgelegd indien er personele c.q
                                    rechtspositionele gevolgen zijn. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Plaatsingsprocedure</titel></kop><al>Ten aanzien van de wijze waarop bij reorganisaties vorm wordt gegeven
                            aan de te volgen plaatsingsprocedure (zoals het instellen van
                            plaatsingscommissie en dergelijke) wordt nader overleg gevoerd in het
                            Georganiseerd Overleg. Per reorganisatie wordt een plaatsingsprocedure
                            vastgesteld met overeenstemming van het Georganiseerd Overleg. De vorm
                            van de plaatsingsprocedure kan per reorganisatie verschillen en kan
                            worden aangepast aan de hand van de omstandigheden van het geval.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>2</nr><titel>Plaatsingsbeleid bij reorganisatie</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Plaatsingsplan</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het plaatsingsplan is een voorstel over de personele invulling
                                    van de nieuwe organisatie. Het plan bestaat uit een overzicht
                                    van functies. </al></li><li nr="2."><al>Onder functie wordt verstaan<vet></vet>het geheel van werkzaamheden
                                    dat door de ambtenaar is te verrichten. </al></li><li nr="3."><al>De functies zijn voorzien van functiebenamingen, formatieve
                                    omvang, functieniveau, naam van de voorgestelde functionaris,
                                    zijn of haar oorspronkelijke functie en schaalniveau, en
                                    eventuele bijzonderheden rond de functie of de plaatsing. Het
                                    plaatsingsplan is van belang voor de onderbouwing van
                                    individuele rechtspositionele besluiten zoals plaatsing en
                                    doorstroming. In het plaatsingsplan worden de volgende
                                    plaatsingsmogelijkheden gehanteerd:</al><lijst><li nr="a."><al>plaatsing in een <cursief>voortgezette functie</cursief>
                                            (artikel 6) of een<cursief> nieuwe functie
                                            (</cursief>artikel 8<cursief>);</cursief></al></li><li nr="b."><al>plaatsing in een andere <cursief>passende
                                                functie</cursief> (artikel 9) of <cursief>geschikte
                                                functie</cursief> (artikel 10) binnen de
                                            gemeentelijke organisatie; </al></li><li nr="c."><al>de ambtenaar wordt niet geplaatst in een functie en
                                            wordt voorgedragen voor herplaatsbaarverklaring als
                                            bedoeld in artikel 15.</al></li></lijst></li><li nr="4."><al> De kwalificatie van een functie als “voortgezette functie”
                                    en/of “nieuwe functie” is opgenomen in het bij het
                                    reorganisatiebesluit behorende plaatsingsplan. De
                                    Ondernemingsraad toetst in het kader van de adviesaanvraag op
                                    grond van artikel 25 van de WOR of functies op juiste grondslag
                                    als “voortgezet” en/of “nieuw” zijn aangemerkt. Eerst nadat de
                                    Ondernemingsraad zich heeft uitgesproken over het plaatsingsplan
                                    en de “was/wordt”-lijst worden deze voor overeenstemming aan het
                                    Georganiseerd Overleg voorgelegd. Het plaatsingsplan wordt
                                    definitief nadat hierover overeenstemming in het Georganiseerd
                                    Overleg is bereikt.</al></li><li nr="5."><al> Plaatsing geschiedt zoals weergegeven in het plaatsingsschema
                                    (bijlage 1). </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Plaatsing op voortgezette functies</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Een voortgezette functie is een functie die qua inhoud, aard en
                                    niveau geheel of in grote lijnen gelijk is aan de
                                    oorspronkelijke functie, waarbij in ieder geval de helft of meer
                                    van de taken ongewijzigd dient te blijven. Dergelijke functies
                                    blijven in principe bezet door diegene die de oorspronkelijke
                                    functie uitoefent (mens volgt taak). Bij de beoordeling of taken
                                    grotendeels (on)gewijzigd zijn, is de functiebeschrijving
                                    (Bouwsteenfunctie en Individueel Jaarplan) het
                                    uitgangspunt.</al></li><li nr="2."><al>Plaatsing in een voortgezette functie is per definitie passend,
                                    wat niet wegneemt dat de functie kan worden ingedeeld in een
                                    hoger of lager schaalniveau. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Formatiereductie bij voortgezette functies</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Bij formatiereductie in geval van voortgezette functies, die als
                                    onderling uitwisselbaar kunnen worden aangemerkt, gelden bij het
                                    aanwijzen van de plaatsingskandidaten de criteria op basis van
                                    het afspiegelingsbeginsel in combinatie met het
                                    anciënniteitbeginsel, zoals omschreven in het vierde lid van dit
                                    artikel.</al></li><li nr="2."><al>Het college stelt in iedere reorganisatie een objectiveerbare
                                    peildatum vast waarop het voor formatiereductie in aanmerking
                                    komende personeelsbestand wordt vastgesteld.</al></li><li nr="3."><al>Ten aanzien van het afspiegelings- en anciënniteitbeginsel
                                    worden artikel 4.2, lid 1 en 2 van het Ontslagbesluit en de
                                    hierop van toepassing zijnde beleidsregels van het UWV
                                    WERKbedrijf overeenkomstig toegepast.</al></li><li nr="4."><al>Van dit artikel kan worden afgeweken indien dit naar het oordeel
                                    van partijen noodzakelijk is en met instemming van het GO.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Plaatsing op een nieuwe functie</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Een functie die niet is voortgezet wordt aangemerkt als nieuwe
                                    functie. </al></li><li nr="2."><al>Bij het besluit tot plaatsing in een nieuwe functie is het
                                    streven zoveel mogelijk de (vacante) nieuwe functies te laten
                                    bezetten door interne kandidaten die aan de hand van het
                                    functieprofiel (Bouwsteenfunctie en Individueel Jaarplan) in
                                    relatie tot de kwaliteiten op basis van competenties, kennis en
                                    vaardigheden, opleiding, ervaring, functioneren,
                                    personeelsgesprekken, voorkeur van de ambtenaar voor de bepaalde
                                    functies en eventueel het resultaat van een op kosten van de
                                    werkgever gehouden test of assessment geschikt worden
                                    geacht.</al></li><li nr="3."><al>De ambtenaar werkt mee aan gesprekken, testen of assessments die
                                    nodig zijn voor het verzamelen</al><al>Van gegevens als genoemd in lid 2. De kosten daarvan zijn voor
                                    rekening van de werkgever.</al></li><li nr="4."><al>Nieuwe functies zijn gemeentebreed opengesteld voor ambtenaren
                                    met een vervallen functie en herplaatsbaar verklaarde ambtenaren
                                    die aan de in lid 2 gestelde geschiktheidvereisten voldoen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Plaatsing op een passende functie</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Een ambtenaar is verplicht een andere functie te aanvaarden
                                    “indien die functie hem redelijkerwijs in verband met zijn
                                    persoonlijkheid, omstandigheden en vooruitzichten kan worden
                                    opgedragen”.</al></li><li nr="2."><al>Er is sprake van een passende functie : </al><lijst><li nr="a."><al>Indien de werkzaamheden, wat betreft functie-inhoud en
                                            opleidings-/ervaringsniveau, in de lijn liggen van de
                                            oorspronkelijke functie; </al></li><li nr="b."><al>indien de gerechtvaardigde verwachting bestaat dat de
                                            ambtenaar de werkzaamheden op behoorlijke wijze zal
                                            kunnen verrichten, eventueel na een in tijd beperkte
                                            opleiding of training hiertoe; </al></li><li nr="c."><al>een functie met een schaalniveau dat gelijk is aan het
                                            functionele schaalniveau van de oorspronkelijke functie
                                            van de ambtenaar; </al></li><li nr="d."><al>indien de functionele schaal maximaal één schaal onder
                                            het niveau van de oorspronkelijke functie ligt als de
                                            oorspronkelijke functie schaal 7 of lager heeft; </al></li><li nr="e."><al>indien de functionele schaal maximaal één schaal onder
                                            het niveau van de oorspronkelijke functie ligt als de
                                            oorspronkelijke functie schaal 8 of hoger heeft. In
                                            geval het hiervoor bepaalde aantoonbaar niet mogelijk
                                            blijkt dan is er mede sprake van “passendheid” indien de
                                            functionele schaal maximaal twee schalen onder het
                                            niveau van de oorspronkelijke functie ligt. In dit
                                            laatste geval blijft voor de werkgever de verplichting
                                            bestaan om een functie te vinden die maximaal één schaal
                                            onder het oorspronkelijke functieniveau ligt.;</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>Ten aanzien van een ambtenaar die in een voorgaande
                                    reorganisatie reeds in een functie met een lagere functionele
                                    schaal geplaatst is, wordt een plaatsing bij een nieuwe
                                    reorganisatie in een lagere schaal zoals bedoeld in het tweede
                                    lid onder d en e als niet-passend gezien. In deze situatie is
                                    sprake van plaatsing in een “geschikte functie” zoals bedoeld in
                                    artikel 10. </al></li><li nr="4."><al>Is een opleiding of training nodig om de functie naar behoren te
                                    kunnen gaan vervullen, dan moet aan een opleidingsduur worden
                                    gedacht die passend is voor de functie. Verdere opleiding is
                                    mogelijk, maar staat los van het oordeel of de functie passend
                                    is voor betrokkene.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Plaatsing op een geschikte functie</titel></kop><al>Een functie is geschikt indien de ambtenaar op verzoek van de werkgever
                            instemt met plaatsing in deze functie. Een dergelijke functie hoeft niet
                            te voldoen aan de eisen die aan een passende functie worden gesteld</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Garantie van Salaris en Salarisperspectief</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Onder salaris wordt verstaan het voor de ambtenaar geldende
                                    bedrag van de aan hem toegekende schaal. </al></li><li nr="2."><al>Onder salarisperspectief wordt verstaan de opeenvolgende
                                    salarisperiodieken tot en met het hoogste bedrag van die
                                    toegekende schaal.</al></li><li nr="3."><al>De ambtenaar die in het kader van reorganisatie op basis van het
                                    bepaalde in artikel 9, tweede lid, onder d en e in een passende
                                    functie op een lager schaalniveau dan het schaalniveau van de
                                    oorspronkelijke functie is geplaatst, verkrijgt een garantie van
                                    het salaris en het salarisperspectief behorende bij het
                                    schaalniveau van de oorspronkelijke functie. </al></li><li nr="4."><al> Ten aanzien van de ambtenaar die in het kader van reorganisatie
                                    op basis van het bepaalde in artikel 10 in een geschikte functie
                                    op een lager schaalniveau dan het schaalniveau van de
                                    oorspronkelijke functie is geplaatst, worden individuele
                                    afspraken gemaakt die afhankelijk zijn van de omstandigheden van
                                    het geval. </al></li><li nr="5."><al> Toelagen verbonden aan de oorspronkelijke functie worden
                                    ingetrokken dan wel afgebouwd indien hiervoor op grond van de
                                    Bezoldigingsverordening Gemeente Haarlem een afbouwregeling
                                    geldt.</al></li><li nr="6."><al> Eerdere toegekende salaris –en salarisperspectiefgaranties bij
                                    een plaatsing wegens reorganisatie in een lager ingeschaalde
                                    functie vóór de ingangsdatum van dit Sociaal Statuut blijven
                                    onverkort van toepassing. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Bedenkingenprocedure tegen voorgenomen besluitvorming</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De ambtenaar wordt van de voorgenomen besluitvorming tot: de
                                    functie-statusbepaling (waarmee de status van de oorspronkelijke
                                    functie als voortgezet of vervallen wordt bepaald), de plaatsing
                                    en de daarmee samenhangende maatregelen omtrent salaris,
                                    opleiding en dergelijke schriftelijk op de hoogte gesteld.</al></li><li nr="2."><al>Alvorens het definitieve individuele rechtspositiebesluit wordt
                                    genomen, wordt de ambtenaar in de gelegenheid gesteld zijn
                                    bedenkingen als bedoeld in artikel 4:8 van de Algemene wet
                                    bestuursrecht kenbaar te maken. De bedenkingen worden meegewogen
                                    in de definitieve beslissing.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Individueel Plaatsingsbesluit</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Na vaststelling van het definitieve reorganisatiebesluit en het
                                    plaatsingsplan neemt de in de regeling Mandatering
                                    Personeelszaken aangewezen gemandateerde manager van de
                                    hoofdafdeling op basis hiervan een individueel
                                    rechtspositiebesluit tot plaatsing (plaatsingsbesluit) van de
                                    betrokken ambtenaar. In geval van individuele
                                    rechtspositiebesluiten tot plaatsing die managers van de
                                    hoofdafdeling of directieleden betreffen, is het college bevoegd
                                    tot besluitvorming. In geval van individuele
                                    rechtspositiebesluiten tot plaatsing die afdelingshoofden
                                    betreffen, is de directie bevoegd tot voornoemd besluit.</al></li><li nr="2."><al>De ambtenaar wordt zo spoedig mogelijk schriftelijk op de hoogte
                                    gesteld van dit besluit. In de motivering wordt ingegaan op de
                                    in artikel 12 genoemde bedenkingen indien die door de ambtenaar
                                    zijn ingediend. </al></li><li nr="3."><al>In geval er geen plaatsing mogelijk is, geldt het bepaalde in
                                    hoofdstuk 3 van dit Sociaal Statuut en wordt op basis van de
                                    daar genoemde bepalingen overgegaan tot besluitvorming.</al></li><li nr="4."><al>Tegen het in lid 1 genoemde individueel plaatsingsbesluit kan de
                                    ambtenaar bezwaar en vervolgens beroep aantekenen overeenkomstig
                                    het bepaalde in de Algemene wet bestuursrecht</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Verzelfstandiging en publiekrechtelijke taakoverheveling</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Onder verzelfstandiging wordt verstaan een organisatiewijziging
                                    die het gevolg is van de verzelfstandiging van een deel van de
                                    organisatie tot een nieuwe (privaatrechtelijke) rechtspersoon of
                                    de overdracht van een deel van de organisatie aan een derde
                                    (privaatrechtelijke) partij.</al></li><li nr="2."><al>Onder publiekrechtelijke taakoverheveling wordt verstaan een
                                    organisatiewijziging die het gevolg is van de overheveling van
                                    een deel van de organisatie naar een ander publiekrechtelijk
                                    orgaan.</al></li><li nr="3."><al>Bij verzelfstandiging en publiekrechtelijke taakoverheveling zal
                                    er een sociaal plan worden afgesproken met het Georganiseerd
                                    Overleg.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3</nr><titel>Herplaatsbaarheid wegens reorganisatie</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Herplaatsbaarverklaring na afloop van de
                                plaatsingsprocedure</titel></kop><al>Ten aanzien van de ambtenaar voor wie na afloop van de
                            plaatsingsprocedure geen passende of geschikte functie is gevonden,
                            neemt de wethouder Personeelszaken namens het college een besluit tot
                            herplaatsbaarverklaring waarbij de ambtenaar wordt aangewezen als
                            herplaatsingskandidaat. Voornoemde bevoegdheid kan ingevolge de
                            Mandatenregeling Personeelszaken worden gemandateerd. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Herplaatsingstermijn</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Ongeacht de duur van het dienstverband bedraagt de
                                    herplaatsingtermijn maximaal 12 maanden waarin gezocht wordt
                                    naar een passende of geschikte functie binnen of buiten de
                                    gemeentelijke organisatie. </al></li><li nr="2."><al>Na de eerste zes maanden van de herplaatsingstermijn vindt door
                                    de in artikel 17 genoemde Evaluatiecommissie een evaluatie van
                                    de stand van zaken rond de herplaatsingsactiviteiten plaats en
                                    worden zonodig aanbevelingen voor het vervolg van de
                                    herplaatsingstermijn gedaan.</al></li><li nr="3."><al>Indien na afloop van de in het eerste lid genoemde
                                    herplaatsingstermijn van 12 maanden geen passende of geschikte
                                    functie binnen of buiten de gemeentelijke organisatie voor de
                                    ambtenaar is gevonden en door de in artikel 17 genoemde
                                    Evaluatiecommissie wordt beoordeeld dat hiertoe door de
                                    werkgever voldoende inspanning is betracht, kan met toepassing
                                    van de in artikel 29 genoemde reïntegratiefase ontslag wegens
                                    reorganisatie op grond van artikel 8:3 AR worden verleend. </al></li><li nr="4."><al>Indien aantoonbaar is gebleken dat de werkgever onvoldoende
                                    inspanning heeft betracht om de ambtenaar intern of extern te
                                    herplaatsen dan wel ontslag gezien de omstandigheden van het
                                    geval onredelijk is, wordt de herplaatsingstermijn verlengd. De
                                    duur van de verlenging is afhankelijk van de omstandigheden van
                                    het geval en ter beoordeling door de in artikel 17 genoemde
                                    Evaluatiecommissie.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Evaluatiecommissie</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De Evaluatiecommissie bestaat uit 3 functionarissen, zijnde: een
                                    vertegenwoordiger van de werkgever, een vertegenwoordiger van
                                    het Georganiseerd Overleg en een door de werkgever en het
                                    Georganiseerd Overleg aangewezen onafhankelijke voorzitter.
                                </al></li><li nr="2."><al>Van de ambtenaar wordt een dossier bijgehouden waarin alle
                                    herplaatsingsactiviteiten worden bijgehouden en zijn opgenomen.
                                </al></li><li nr="3."><al>Doel van de commissie is te beoordelen of de ambtenaar voldoende
                                    is begeleid en door de organisatie niet is belemmerd in het
                                    zoeken naar passend werk, er op kort termijn geen plaatsing in
                                    het vooruitzicht ligt en of er omstandigheden zijn waardoor een
                                    verlenging van de bemiddelingstermijn gerechtvaardigd is.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr><titel>Verplichtingen van de ambtenaar tijdens de
                                herplaatsingstermijn</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Gedurende de herplaatsingstermijn is de ambtenaar verplicht een
                                    passende functie binnen de gemeentelijke organisatie te
                                    aanvaarden. Deze verplichting geldt ook ten aanzien van een
                                    buiten de gemeentelijke organisatie gelegen functie die als
                                    passend kan worden aangemerkt. </al></li><li nr="2."><al>De ambtenaar is verplicht mee te werken aan alle maatregelen die
                                    een passende of geschikte plaatsing kunnen bewerkstelligen.
                                    Indien de ambtenaar onvoldoende inspanning heeft betracht, wordt
                                    de herplaatsingstermijn beëindigd en zal met toepassing van het
                                    bepaalde in artikel 29 worden overgegaan tot afgifte van een
                                    besluit tot ontslag wegens reorganisatie en toepassing van de
                                    reïntegratiefase. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr><titel>Tijdelijke werkzaamheden</titel></kop><al>Prioriteit van zowel werkgever als ambtenaar ligt bij het vinden van een
                            passende of geschikte functie binnen of buiten de organisatie. De
                            ambtenaar kan bij uitzondering worden ingezet op tijdelijke
                            werkzaamheden indien dit in het belang van de ambtenaar is en dit
                            succesvolle plaatsing alsmede de bemiddelings- en/of zoekactiviteiten
                            naar een passende of geschikte functie niet in de weg staat.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20</nr><titel>Herplaatsbaarheid en voorrang bij vacatures</titel></kop><al>Ambtenaren die zijn aangewezen als herplaatsingskandidaat hebben
                            voorrang bij interne vacatures. Op de plaatsingsprocedure is het
                            gedurende de looptijd van dit Sociaal Statuut vigerende beleid inzake
                            Bovenformatieven van toepassing. </al><al>Bij vervulling van interne vacatures met andere ambtenaren dan
                            herplaatsingskandidaten doet de werkgever hiervan melding aan de
                            Ondernemingsraad. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>21</nr><titel>Plan van aanpak zoektraject</titel></kop><al>Met als richtlijn 4 weken na herplaatsbaarverklaring zal de ambtenaar
                            samen met de verantwoordelijk leidinggevende, met ondersteuning door de
                            HRM-adviseur en de mobiliteitsadviseur, een plan van aanpak opstellen.
                            In dit plan van aanpak zullen afspraken worden gemaakt met als doel de
                            ambtenaar zo goed en zo snel mogelijk te herplaatsen in een passende of
                            geschikte functie binnen of buiten de gemeentelijke organisatie. Naast
                            het zoektraject naar een passende of geschikte functie binnen of buiten
                            de organisatie staan – onder andere - de volgende faciliteiten ter
                            beschikking die in het Plan van Aanpak kunnen worden opgenomen:
                            sollicitatietraining, opleiding, stage, proefplaatsing, detachering,
                            outplacement. De beschikbare faciliteiten worden betrokken in de
                            beoordeling van de herplaatsingsactiviteiten door de in artikel 17
                            genoemde Evaluatiecommissie. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>22</nr><titel>Opleiding</titel></kop><al>De ambtenaar kan in aanmerking voor opleiding en scholing worden
                            gebracht indien : a. de ambtenaar niet zonder opleiding een (gewenste)
                            functie kan uitoefenen. De voorgestelde opleiding is daartoe een
                            adequaat middel; en b. de opleiding is relevant voor de arbeidsmarkt.
                            HRM, de verantwoordelijk leidinggevende en de ambtenaar gaan na of de
                            gewenste functie en het daarbij behorende opleidingsniveau past bij de
                            vooropleiding, werkervaring en vaardigheden van de ambtenaar. Indien een
                            opleiding meer tijd in beslag neemt dan de voor de ambtenaar geldende
                            herplaatsingstermijn worden over de consequenties nadere afspraken
                            gemaakt. De manager van de hoofdafdeling beslist hierover.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>23</nr><titel>Interne Proefplaatsing</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Indien er sprake is van een relatief grote discrepantie tussen
                                    functie-eisen enerzijds en functionele kwaliteiten van de
                                    ambtenaar anderzijds, kan een termijn worden bepaald waarbinnen
                                    beoordeeld dient te worden of de plaatsing als geslaagd kan
                                    worden beschouwd. </al></li><li nr="2."><al>De termijn voor interne proefplaatsing bedraagt maximaal 6
                                    maanden. Er bestaat een mogelijkheid tot verlenging. Indien aan
                                    de plaatsing een opleiding is gekoppeld, start deze termijn
                                    nadat de opleidingsperiode is afgerond.</al></li><li nr="3."><al>De leidinggevende bepaalt op basis van een beoordeling of een
                                    proefplaatsing als geslaagd kan worden beschouwd. Indien binnen
                                    de in lid 2 genoemde termijn geoordeeld wordt dat de plaatsing
                                    niet als geslaagd kan worden beschouwd, wordt de ambtenaar
                                    alsnog of opnieuw voor de resterende termijn, elders geplaatst
                                    in een beschikbare passende of geschikte functie. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>24</nr><titel>Externe Proefplaatsing</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Als een functie buiten de gemeentelijke organisatie is gevonden,
                                    kan een zogenaamde externe proefplaatsing worden afgesproken.
                                    Een proefplaatsing verschilt met de detachering omdat de andere
                                    werkgever niet voor de werkzaamheden betaalt. Doel van de
                                    proefplaatsing is dat de ambtenaar bij een geslaagde proef
                                    uiteindelijk in dienst treedt bij die andere werkgever. </al></li><li nr="2."><al>Bij het aangaan van een proefplaatsing moeten afspraken worden
                                    gemaakt tussen de gemeentelijke werkgever, de ambtenaar en de
                                    werkgever waar de proefplaatsing plaatsvindt. Aandachtspunten
                                    hierbij zijn: de maximale periode van de proefplaatsing welke in
                                    onderling overleg nader overeen moet worden gekomen, de aard van
                                    de werkzaamheden, de uitoefening van het feitelijk
                                    werkgeverschap (werktijden, verlof etc., schade en
                                    aansprakelijkheid, het aanbod van een functie door de feitelijk
                                    werkgever bij een geslaagde proef.</al></li><li nr="3."><al>Als uit een beoordeling blijkt dat een plaatsing niet geslaagd
                                    is, terwijl dit redelijkerwijs niet was te voorzien, zal die
                                    plaatsing worden teruggedraaid. Voor zover de plaatsing ongedaan
                                    wordt gemaakt binnen 6 maanden na het plaatsingsbesluit kan de
                                    ambtenaar op grond van reorganisatie worden herplaatst in een
                                    andere beschikbare passende of geschikte functie. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>25</nr><titel>Stage</titel></kop><al>Het lopen van een stage is een middel voor de ambtenaar om inzicht te
                            krijgen in de praktijk van een bepaalde organisatie of bedrijf en vice
                            versa. Er zijn verschillende redenen voor het lopen van een stage: de
                            ambtenaar wil mogelijk aan de slag in een andere sector maar wil
                            daarvoor eerst stage lopen zodat hij kennis kan maken met de
                            beroepsactiviteit. Bij het aangaan van een stage moeten afspraken worden
                            gemaakt tussen de gemeentelijke mobiliteitsadviseur/leidinggevende, de
                            ambtenaar en de werkgever waar de stage wordt gelopen. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>26</nr><titel>Detachering</titel></kop><al>Als een passende functie is gevonden bij een organisatie of een bedrijf
                            kan met deze werkgever een detacheringsovereenkomst worden gesloten.
                            Doel van de detachering is dat de ambtenaar uiteindelijk in dienst
                            treedt bij die andere werkgever. Als de ambtenaar gedetacheerd wordt
                            moet een detacheringsovereenkomst worden gesloten tussen de
                            gemeentelijke werkgever, de ambtenaar en de werkgever die de ambtenaar
                            inleent. In deze overeenkomst zijn onder andere afspraken opgenomen over
                            de duur van de detachering, het uitbetalen van vergoedingen aan de
                            gemeentelijke werkgever, afspraken over de aansprakelijkheid en het
                            aanbod van een arbeidsovereenkomst of aanstelling bij een geslaagde
                            detachering.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>27</nr><titel>Stimuleringpremie</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Bij ontslag op eigen verzoek op basis van artikel 8:1 AR
                                    gedurende de herplaatsingstermijn wordt aan ambtenaren een
                                    stimuleringspremie toegekend.</al></li><li nr="2."><al>De stimuleringspremie bedraagt maximaal 12 maandsalarissen. Het
                                    aantal maandsalarissen neemt af naarmate er meer maanden van de
                                    herplaatsingstermijn zijn verstreken. </al></li><li nr="3."><al>De stimuleringspremie wordt per datum van uitdiensttreding in
                                    één keer uitbetaald.</al></li><li nr="4."><al>De hoogte van de stimuleringspremie wordt vastgesteld aan de
                                    hand van onderstaande tabel: </al></li></lijst><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colwidth="45*"></colspec><colspec colname="col2" colwidth="55*"></colspec><tbody><row><entry colname="col1"><al><vet>Termijn na herplaatsbaarverklaring</vet></al><al><vet>waarbinnen ontslag wordt genomen </vet></al></entry><entry colname="col2"><al><vet>Stimuleringspremie </vet></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>0-3 maanden </al></entry><entry colname="col2"><al> 12 maandsalarissen</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>4-6 maanden</al></entry><entry colname="col2"><al> 9 maandsalarissen</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>7-12 maanden</al></entry><entry colname="col2"><al> 6 maandsalarissen</al></entry></row></tbody></tgroup></table></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>27A</nr><titel>Aanvullende afspraken bij aanvaarding externe functie</titel></kop><al>Met de ambtenaar die een functie buiten de Haarlemse gemeentelijke
                            organisatie (externe functie) aanvaardt, kunnen - afhankelijk van de
                            omstandigheden van het geval - aanvullende individuele afspraken worden
                            gemaakt met betrekking tot onder andere: </al><lijst><li nr="-"><al>aanvulling van het salaris indien aan de externe functie een
                                    lager salarisniveau is verbonden;</al></li><li nr="-"><al>aanvulling van het salaris indien in verband met de externe
                                    functie de reistijd voor woon-werkverkeer aanzienlijk
                                    toeneemt;</al></li><li nr="-"><al>aanvulling van het salaris indien in verband met de externe
                                    functie extra reiskosten moeten worden gemaakt. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>28</nr><titel>Besluit tot ontslag wegens reorganisatie</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Ontslag wegens reorganisatie op grond van artikel 8:3 AR, na
                                    afloop van de herplaatsingstermijn en na instemming van de
                                    Evaluatiecommissie,wordt verleend bij een door het college te
                                    nemen besluit tot eervol ontslag. </al></li><li nr="2."><al>Voorafgaand aan het in het eerste lid genoemde te nemen besluit
                                    wordt de betrokken ambtenaar van het voornemen hiertoe op de
                                    hoogte gesteld en in de gelegenheid gesteld zijn bedenkingen
                                    naar voren te brengen. In de motivering van het besluit wordt
                                    ingegaan op de eventuele bedenkingen die door de ambtenaar is
                                    ingediend. </al></li><li nr="3."><al>Tegen in het eerste lid genoemde besluit kan de ambtenaar
                                    bezwaar en vervolgens beroep aantekenen overeenkomstig het
                                    bepaalde in de Algemene wet bestuursrecht.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>29</nr><titel>Reïntegratiefase</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Bij het in artikel 28 genoemde ontslagbesluit wordt de ambtenaar
                                    die 2 jaar of langer in dienst van de gemeente is, aangewezen
                                    als reïntegratiekandidaat gedurende de in artikel 10d:5 van het
                                    AR bepaalde reïntegratiefase.</al></li><li nr="2."><al>Tijdens de reïntegratiefase zal de werkgever zich inspannen om
                                    onvrijwillige werkloosheid te voorkomen door bemiddeling van
                                    werk naar werk binnen of buiten de gemeentelijke organisatie.
                                </al></li><li nr="3."><al>De rechten en plichten van hoofdstuk 10d van het AR zijn
                                    onverkort van toepassing. </al></li><li nr="4."><al>De artikelen 18 tot en met 26 van dit Sociaal Statuut zijn van
                                    overeenkomstige toepassing ten aanzien van als
                                    reïntegratiekandidaat aangewezen ambtenaren gedurende de
                                    reïntegratiefase.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>4</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>30</nr><titel>Hardheidsclausule</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>In gevallen waarin toepassing van dit Sociaal Statuut zou leiden
                                    tot een onbillijke situatie voor een ambtenaar, kan het college
                                    van dit Sociaal Statuut afwijken in een voor de ambtenaar
                                    gunstige zin.</al></li><li nr="2."><al>In gevallen waarin het Sociaal Statuut niet voorziet, beslist
                                    het college; het college legt het besluit gemotiveerd voor aan
                                    de Commissie voor het Georganiseerd Overleg. Het bepaalde in
                                    hoofdstuk 12 van het AR vormt daarbij het uitgangspunt. </al></li><li nr="3."><al>In geval van een conflict tussen werkgever en Georganiseerd
                                    Overleg omtrent de toepassing of uitleg van dit Sociaal Statuut
                                    wordt gehandeld naar de bepalingen zoals geformuleerd in
                                    hoofdstuk 12 van het AR.</al></li><li nr="4."><al> Partijen treden met elkaar in overleg als externe factoren het
                                    noodzakelijk maken tot andere afspraken te komen dan in dit
                                    Sociaal Statuut vastgelegd.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>31</nr><titel>Inwerkingtreding en looptijd</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Dit Sociaal Statuut gemeente Haarlem 2011 treedt in werking met
                                    ingang van 1 januari 2011 en heeft een looptijd tot en met 31
                                    december 2012. </al></li><li nr="2."><al>Gedurende de looptijd van dit Sociaal Statuut werken werkgever
                                    en de vertegenwoordigers van de werknemersorganisaties in het
                                    Georganiseerd Overleg aan een nieuw Sociaal Statuut welke per 1
                                    januari 2013 in werking zal treden. </al></li><li nr="3."><al>Indien per 1 januari 2013 nog geen nieuw Sociaal Statuut in
                                    werking kan treden, blijft het onderhavige Sociaal Statuut
                                    gemeente Haarlem 2011 tijdelijk van toepassing. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>32</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze regeling wordt aangehaald als “ Sociaal Statuut gemeente Haarlem
                            2011”.</al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><slotformulering><al>Aldus vastgesteld in de vergadering van de Commissie voor het </al><al></al><al>Georganiseerd Overleg van de gemeente Haarlem op 1 december 2010 en getekend
                        in 3-voud:</al><al></al><al>Namens de werkgever: </al><al>P.Heiliegers </al><al>Wethouder Personeelszaken </al><al>Voorzitter GO</al><al></al><al>Namens de werknemers: </al><al>Regiobestuurder ABVAKABO FNV</al><al>K. de Buijzer</al><al></al><al>K.Kasper</al><al>K. Regiobestuurder CNV-Publieke Zaak</al></slotformulering></regeling-sluiting><bijlage><kop><label>Bijlage</label><nr>I:</nr><titel>Plaatsingscriteria bij voortgezette en nieuwe functies</titel></kop><al><plaatje><illustratie formaat="pdf" naam="stroomschema" type="tekst" id="i253804"></illustratie></plaatje></al></bijlage></regeling></body></cvdr>