<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR364607_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening rechtspositie wethouders, raads- en commissieleden gemeente Halderberge 2014</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Halderberge</dcterms:creator><dcterms:modified>2019-01-29</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Halderberge</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Gemeenteblad 2015, nr. 32345</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening rechtspositie wethouders, raads- en commissieleden gemeente Halderberge 2014</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">artikelen 95, 96, eerste en tweede lid en 97 en 147 van de Gemeentewet, de artikelen 22, eerste lid, 23, eerste lid, 27a, vijfde lid, van het Rechtspositiebesluit wethouders, en de artikelen 4, 7a, vierde lid, 13, tweede lid, 14, eerste lid, en 15, van het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2015-03-26</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2015-03-26</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:terugwerkendekrachtDatum>2014-07-01</overheidrg:terugwerkendekrachtDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2018-06-30</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>vervangt Verordening rechtspositie wethouders, raads- en commissieleden gemeente Halderberge van 14 februari 2008</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening rechtspositie wethouders, raads- en commissieleden gemeente Halderberge 2014</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Halderberge;</al><al>gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 24
                        februari 2015;</al><al>gelet op de artikelen 95, 96, eerste en tweede lid en 97 en 147 van de
                        Gemeentewet, de artikelen 22, eerste lid, 23, eerste lid, 27a, vijfde lid,
                        van het Rechtspositiebesluit wethouders, en de artikelen 4, 7a, vierde lid,
                        13, tweede lid, 14, eerste lid, en 15, van het Rechtspositiebesluit raads-
                        en commissieleden;</al><al/><al>besluit</al><al/><al>vast te stellen de volgende verordening:</al><al/><al><vet><onderstreept>Verordening rechtspositie wethouders, raads- en
                                commissieleden gemeente Halderberge 2014</onderstreept></vet></al><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><titel><onderstreept>Hoofdstuk I Algemene bepalingen</onderstreept></titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 1. Begripsbepalingen</titel></kop><al/><al/><al/><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="-"><al>commissie: commissie ingesteld op grond van de artikelen 82, 83
                                    of 84 van de Gemeentewet;</al></li><li nr="-"><al>commissielid: lid van een commissie, bedoeld in artikel 1,
                                    onderdeel e, van het Rechtspositiebesluit raads- en
                                    commissieleden. </al></li></lijst><al/><al/></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Hoofdstuk II Voorzieningen voor raads- en commissieleden</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 2. Vergoeding voor de werkzaamheden</titel></kop><al>De vergoeding voor de werkzaamheden bedoeld in artikel 2, eerste lid,
                            van het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden, is gelijk aan het
                            door de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties voor
                            gemeenteklasse 4 (tot en met 40.000 inwoners) vastgestelde maximum
                            (tabel 1 rechtspositiebesluit raads- en commissieleden.)</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.</nr><titel>Vergoeding voor het bijwonen van commissievergaderingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Aan commissieleden wordt een vergoeding voor het bijwonen van de
                                vergaderingen van een commissie en haar subcommissie toegekend die
                                gelijk is aan het voor de van toepassing zijnde inwonersklasse
                                vastgestelde bedrag in tabel IV van het Rechtspositiebesluit raads-
                                en commissieleden. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In afwijking van het eerste lid ontvangt geen vergoeding degene die
                                zitting heeft in een commissie uit hoofde van dan wel als
                                rechtsreeks uitvloeisel van een functie bij een instelling die
                                grotendeels van overheidswege wordt gesubsidieerd. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Reis – en verblijfskosten</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Aan raadsleden worden de ten behoeve van de gemeente gemaakte reis-
                                en verblijfkosten in verband met reizen buiten het grondgebied van
                                de gemeente ter uitvoering van een beslissing van het
                                gemeentebestuur vergoed.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Aan commissieleden worden de reis- en verblijfkosten voor het
                                bijwonen van de vergaderingen van de commissie vergoed.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De vergoeding als bedoeld in het eerste en tweede lid is:</al><lijst><li nr="a."><al>voor wat betreft de verblijfkosten gelijk aan het
                                        overeenkomstig in artikel 4, onderdeel c, van de Regeling
                                        rechtspositie wethouders bepaalde;</al></li><li nr="b."><al>voor wat betreft de reiskosten gelijk aan het overeenkomstig
                                        in artikel 4, onderdeel a en b, van de Regeling
                                        rechtspositie wethouders bepaalde. </al></li></lijst></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De reiskosten worden voor ten hoogste één vergadering per dag
                                vergoed.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>In afwijking van het eerste lid ontvangt geen vergoeding degene die
                                zitting heeft in een commissie uit hoofde van dan wel als
                                rechtstreeks uitvloeisel van een functie bij een instelling die
                                grotendeels van overheidswege wordt gesubsidieerd.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>De reis- en verblijfkosten worden alleen vergoed als deze
                                gedeclareerd worden overeenkomstig de bepalingen in deze
                                verordening.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Buitenlandse excursie of reis</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De gemeenteraad kan een delegatie uit de gemeenteraad of een
                                raadscommissie toestemming verlenen voor een excursie of reis naar
                                het buitenland als deze door of vanwege de gemeente wordt
                                georganiseerd. De gemeenteraad kan aan de toestemming voorwaarden
                                verbinden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De in redelijkheid gemaakte reis- en verblijfskosten komen voor
                                rekening van de gemeente.</al><al/><al/></lid></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 6 Scholing</titel></kop><al/><lijst><li nr="1."><al>Raads- of commissieleden die aan scholing als bedoeld in artikel
                                    13, eerste lid van het Rechtspositiebesluit raads- en
                                    commissieleden willen deelnemen, die niet door of namens de
                                    gemeente wordt aangeboden of verzorgd, dienen daartoe vooraf een
                                    gemotiveerde aanvraag in bij de griffier. </al></li><li nr="2."><al>De aanvraag bedoeld in het eerste lid gaat vergezeld van
                                    inhoudelijke informatie en een kostenspecificatie. </al></li><li nr="3."><al>Kosten van scholing die wordt georganiseerd door de
                                    beroepsvereniging van raadsleden of door de Vereniging van
                                    Nederlandse Gemeenten komt altijd voor vergoeding door de
                                    gemeente in aanmerking als voldaan wordt aan de voorwaarden
                                    genoemd in het eerste lid. De gemeenteraad kan bij aparte
                                    verordening nadere regels stellen met betrekking tot de maximale
                                    vergoeding. Aanvragen die niet overeenkomstig de bepalingen in
                                    deze verordening worden ingediend komen niet voor vergoeding in
                                    aanmerking. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 7 Computer en internetverbinding</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Raads- of commissieleden aan wie een computer, bijbehorende
                                    apparatuur en software in bruikleen ter beschikking worden
                                    gesteld, ondertekenen hiervoor een bruikleenovereenkomst met de
                                    gemeente. </al></li><li nr="2."><al>De hoogte van de tegemoetkoming voor het gebruik van de eigen
                                    computer is voor een periode van maximaal drie jaar gelijk aan
                                    30% van de aanschafwaarde van de computer, bijbehorende
                                    apparatuur en software die aan de overige raads- en
                                    commissieleden in bruikleen ter beschikking worden gesteld. Voor
                                    de raadsperiode 2014-2018 bedraagt deze vergoeding € 46,86 bruto
                                    en voor het gebruik van papier en inktpatronen € 5,- netto per
                                    maand. </al></li><li nr="3."><al>Raads- en commissieleden die voor vergoeding van gebruik van de
                                    aanschaf van een computer in aanmerking willen komen dienen
                                    daarvoor bij de griffier een aanvraag in vergezeld van de
                                    bewijstukken van de aanschaf van de computer. Het maximaal
                                    vergoedde bedrag voor de aanschaf van een computer is niet hoger
                                    dan de aanschafwaarde van de computer, bijbehorende apparatuur
                                    en software die aan de overige raads- en commissieleden in
                                    bruikleen ter beschikking worden gesteld. </al></li><li nr="4."><al>De vergoeding voor de aanleg- en abonnementskosten voor een
                                    internetverbinding voor de computer bedoeld in dit artikel,
                                    bedraagt ten hoogste € 10 per maand, waarbij alleen in
                                    aanmerking komen de extra abonnementskosten die gemaakt worden
                                    voor een goede vervulling van het raads- of
                                    commissielidmaatschap. </al></li><li nr="5."><al>Een aanvraag om een vergoeding als bedoeld in dit artikel wordt
                                    gedaan bij de griffier en gaat vergezeld van de benodigde
                                    bewijsstukken. </al></li><li nr="6."><al>Op aanvraag wordt aan het raadslid voor de uitoefening van het
                                    raadslidmaatschap compensatie verleend voor de belastingheffing
                                    op de bruikleen van een tablet.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 8 Werkkostenregeling</titel></kop><al>Gezien de Wet op de loonbelasting 1964 wijst de gemeente als
                            eindheffingsbestanddeel als bedoeld in artikel 31, eerste lid, onderdeel
                            f, van die wet aan de vergoedingen en verstrekkingen als bedoeld in
                            artikel 13a van het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden. </al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Hoofdstuk III Voorzieningen voor wethouders</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 9 Reiskosten woon-werkverkeer</titel></kop><al>1.Wethouders hebben recht op een vergoeding van de kosten voor
                            woon-werkverkeer,</al><al> overeenkomstig het bepaalde in artikel 3 van de Regeling rechtspositie
                            wethouders.</al><lijst><li nr="2."><al>Er bestaat maximaal twee keer per dag recht op een enkele reis
                                    vergoeding woon-werkverkeer.</al></li><li nr="3."><al>De reiskosten als bedoeld in het eerste lid worden alleen
                                    vergoed als deze gedeclareerd worden overeenkomstig de
                                    bepalingen in deze verordening.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 10 Zakelijke reiskosten</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Wethouders hebben recht op een vergoeding voor reis- en
                                    verblijfkosten voor reizen gemaakt voor de uitoefening van het
                                    ambt overeenkomstig het bepaalde in artikel 4 van de Regeling
                                    rechtspositie wethouders.</al></li><li nr="2."><al>De reiskosten als bedoeld in het eerste lid worden alleen
                                    vergoed als deze gedeclareerd worden overeenkomstig de
                                    bepalingen in deze verordening.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 11 Buitenlandse dienstreis</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Als de wethouders in het gemeentelijk belang een reis buiten
                                    Nederland maken worden de in redelijkheid gemaakte noodzakelijke
                                    reis- en verblijfkosten vergoed.</al></li><li nr="2."><al>Voor een reis in het gemeentelijk belang buiten Nederland, niet
                                    zijnde een reis naar een Europese instelling, is vooraf
                                    toestemming van het college vereist. De gemeenteraad kan aan
                                    deze toestemming voorwaarden verbinden.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 12 Computer en internetverbinding</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De wethouders aan wie een computer, bijbehorende apparatuur en
                                    software in bruikleen ter beschikking wordt gesteld, tekenen
                                    hiervoor een bruikleenovereenkomst met de gemeente.</al></li><li nr="2."><al>De hoogte van de tegemoetkoming voor het gebruik van de eigen
                                    computer is voor een periode van maximaal drie jaar gelijk aan
                                    30% van de aanschafwaarde van de computer, bijbehorende
                                    apparatuur en software die aan de overige leden van het college
                                    van burgemeester en wethouders in bruikleen ter beschikking
                                    wordt gesteld.</al></li><li nr="3."><al>De wethouders die voor vergoeding van gebruik van de aanschaf
                                    van een computer in aanmerking willen komen dienen daarvoor een
                                    aanvraag in vergezeld van de bewijsstukken van de aanschaf van
                                    de computer. Het maximaal vergoedde bedrag voor de aanschaf van
                                    een computer is niet hoger dan de aanschafwaarde van de
                                    computer, bijbehorende apparatuur en software die aan de overige
                                    leden van het college van burgemeester en wethouders in
                                    bruikleen ter beschikking wordt gesteld.</al></li><li nr="4."><al>De vergoeding voor de aanleg- en abonnementskosten voor een
                                    internetverbinding voor een computer bedraagt ten hoogste € 10
                                    per maand, waarbij alleen in aanmerking komen de extra
                                    abonnementskosten die gemaakt worden voor een goede vervulling
                                    van het wethouderschap. </al></li><li nr="5."><al>Een aanvraag om een vergoeding als bedoeld in dit artikel wordt
                                    gedaan bij de gemeentesecretaris en gaat vergezeld van de
                                    benodigde bewijsstukken.</al></li><li nr="6."><al>Op aanvraag wordt aan de wethouder voor de uitoefening van zijn
                                    functie compensatie verleend voor de belastingheffing op de
                                    bruikleen van een tablet. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 13 Communicatieapparatuur</titel></kop><al>De wethouders aan wie communicatieapparatuur in bruikleen ter
                            beschikking wordt gesteld tekenen hiervoor een bruikleenovereenkomst met
                            de gemeente.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 14 Reis- en pensionkosten en verhuiskosten bij
                                benoeming</titel></kop><al>De wethouders die bij benoeming nog niet over woonruimte in de gemeente
                            beschikken hebben ten laste van de gemeente aanspraak op vergoeding
                            van:</al><lijst><li nr="a."><al>reis- en pensionkosten overeenkomstig het bepaalde in artikel 1
                                    van de Regeling rechtspositie wethouders, en</al></li><li nr="b."><al>verhuiskosten in verband met de benoeming als wethouder
                                    overeenkomstig het bepaalde in artikel 2 van de Regeling
                                    rechtspositie wethouders.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 15 Werkkostenregeling</titel></kop><al>Gezien de Wet op de loonbelasting 1964 wijst de gemeente als
                            eindheffingsbestanddeel als bedoeld in artikel 31, eerste lid, onderdeel
                            f, van die wet aan de vergoedingen en verstrekkingen als bedoeld in
                            artikel 28a van het Rechtspositiebesluit wethouders. </al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Hoofdstuk IV De procedure van declaratie</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 16 Betaling vaste vergoedingen</titel></kop><al>De betaling van de vergoeding voor werkzaamheden, de bezoldiging voor
                            wethouders op grond van het Rechtspositiebesluit wethouders, de
                            onkostenvergoedingen en declaraties geschiedt maandelijks of in
                            maandelijkse termijnen als er sprake is van een vergoeding op jaarbasis
                            tenzij het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden, het
                            Rechtspositiebesluit wethouders of de Regeling rechtspositie wethouders
                            anders bepalen.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 17 Rechtstreekse facturering bij de gemeente</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Raads- en commissieleden en wethouders dragen ten behoeven van
                                    het vergoeden van kosten zorgen voor rechtstreekse toezending
                                    van de factuur aan de gemeente.</al></li><li nr="2."><al>Verantwoording van de vergoeding door het raadslid, het
                                    commissielid respectievelijk de wethouder vindt plaats door een
                                    door het college vastgesteld formulier volledig in te vullen en
                                    te ondertekenen.</al></li><li nr="3."><al>Facturen komen alleen voor vergoeding in aanmerking als voldaan
                                    wordt aan de bepalingen in deze verordening. </al></li><li nr="4."><al>Het formulier wordt ter goedkeuring ingediend bij de griffier,
                                    respectievelijk de gemeentesecretaris, of een daartoe aangewezen
                                    ambtenaar.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 18 Declaratie van vooruit betaalde kosten</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De declaratie van de kosten die uit eigen middelen vooruit zijn
                                    betaald en de vergoeding van reiskosten met de eigen auto vindt
                                    plaats door gebruikmaking van een door het college vastgesteld
                                    formulier.</al></li><li nr="2."><al>Het formulier wordt binnen twee maanden na de betaling cq de
                                    datum van de gemaakte rit volledig ingevuld en ondertekend door
                                    het raads- of het commissielid respectievelijk de wethouder en
                                    ter goedkeuring ingediend bij de griffier, respectievelijk de
                                    gemeentesecretaris, of een daartoe aangewezen ambtenaar, onder
                                    bijvoeging van de bewijsstukken.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Hoofdstuk V Overgangsbepalingen</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 20 Brutering vergoedingen</titel></kop><al>Als de gemeente toepassing geeft aan artikel 39c van de Wet op de
                            Loonbelasting 1964 zijn de artikelen 8 en 16 niet van toepassing en
                            worden artikel 16 van het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden
                            en artikel 29b van het Rechtspositiebesluit wethouders toegepast.]</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Hoofdstuk VI Citeertitel en inwerkingtreding</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 21 Intrekking oude regeling</titel></kop><al>De Verordening rechtspositie wethouders, raads- en commissieleden
                            gemeente Halderberge van 14 februari 2008 wordt ingetrokken.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 22 Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze regeling treedt in werking op 26 maart 2015 en werkt terug tot en
                            met 1 juli 2014.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 23 Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening rechtspositie
                            wethouders, raads- en commissieleden gemeente Halderberge 2014.</al><al/></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de vergadering van de raad </ondertekening><ondertekening>van de gemeente Halderberge d.d. 26 maart 2015</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>de griffier, de voorzitter, </ondertekening><ondertekening>A. Koenen G.A.A.J. Janssen </ondertekening><ondertekening/></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>