<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR364060_2</dcterms:identifier><dcterms:title>Beleidsregels leerlingenvervoer gemeente Binnenmaas 2015</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Binnenmaas</dcterms:creator><dcterms:modified>2014-04-10</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Hoeksche Waard</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Onbekend</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Beleidsregels leerlingenvervoer gemeente Binnenmaas 2015</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Onbekend</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">college van burgemeester en wethouders</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>maatschappelijke zorg en welzijn</dcterms:subject><dcterms:issued>2015-04-07</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2014-04-10</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2021-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Metadata aangevuld</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Beleidsregels leerlingenvervoer gemeente Binnenmaas 2015</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Binnenmaas;</al><al/><al>Overwegende  dat het ten behoeve van een praktische en eenduidige uitvoering van het  leerlingenvervoer wenselijk is beleidsregels vast te stellen;</al><al/><al>Gelet op de bepalingen van de Verordening Leerlingenvervoer gemeente Binnenmaas 2015;</al><al/><al>Besluit</al><al/><al>Vast te stellen de navolgende Beleidsregels leerlingenvervoer gemeente Binnenmaas 2015.</al><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.</nr><titel>Bepalen van de afstand</titel></kop><al>Voor het bepalen van de afstand tussen het woonadres en het schooladres maakt het college gebruik van de routeplanner Easy travel. De kortste voor de leerling voldoende begaanbare en veilige weg wordt gemeten van woonadres naar schooladres. Het door deze routeplanner aantal uitgerekende kilometers is voor het college te allen tijde uitgangspunt voor de beoordeling van de aanvraag en voor bekostiging van het leerlingenvervoer.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.</nr><titel>Handicap</titel></kop><al>Het  begrip ‘handicap’ is zeer moeilijk in een paar woorden of een paar  zinnen uit te leggen. In het kader van het leerlingenvervoer is bepalend  of de leerling door een structurele handicap niet in staat is om met  openbaar vervoer te reizen, ook niet als dit onder begeleiding gebeurt.  De vraag is dus niet of een leerling gehandicapt is, maar of de handicap  hem/haar belemmert om met openbaar vervoer te reizen. </al><al>De  noodzaak voor begeleiding of aangepast vervoer moet in alle gevallen  aangetoond worden door middel van een (medisch) advies. Uit het advies  moet blijken dat de leerling door een structurele handicap, stoornis of  structurele ziekte niet, of niet zelfstandig in staat is om gebruik te  maken van het openbaar vervoer. Structureel betekent in dit geval  minimaal 3 maanden. Het college kan bepalen dat het gewenst/noodzakelijk  is een medisch advies in te winnen bij een door de gemeente aan te  wijzen externe deskundige. Wanneer er sprake is van een tijdelijke  handicap (bijvoorbeeld een gebroken been) valt het vervoer van de  leerling onder de verantwoordelijkheid van de ouders. Echter, wanneer de  leerling een groot gedeelte van het schooljaar in verband met –  bijvoorbeeld - herstel van een operatie en/of revalidatie niet of niet  zelfstandig met het openbaar vervoer kan reizen, kunnen ouders een  aanvraag voor een vervoersvoorziening indienen.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.</nr><titel>Onafhankelijk indicatieadvies</titel></kop><al>Om  te kunnen beoordelen of een leerling in aanmerking komt voor een  vervoersvoorziening en, als dat het geval is, voor welk type voorziening  de leerling dan in aanmerking komt, is in een aantal gevallen advies  van deskundigen zake nodig. Het zal dan veelal gaan om de vraag of een  leerling door zijn handicap in het geheel niet van openbaar vervoer  gebruik kan maken, of alleen onder begeleiding daarvan gebruik kan  maken, of wellicht – al dan niet onder begeleiding – naar school kan  fietsen.</al><al>Adviezen kunnen bijv. worden gegeven door:</al><lijst><li nr="-"><al>de  commissie voor de begeleiding, ingesteld door een of meer scholen voor  (voortgezet) speciaal onderwijs van cluster 3 en cluster 4;</al></li><li nr="-"><al>de commissie van onderzoek, ingesteld door een of meer instellingen van cluster 1 en cluster 2;</al></li><li nr="-"><al>de ambulante begeleider van de leerling;</al></li><li nr="-"><al>de directeur van de school;</al></li><li nr="-"><al>het samenwerkingsverband. </al></li></lijst><al>Wanneer  de specifieke handicap van de leerling daarom vraagt kan advies worden  ingewonnen van deskundigen als de huisarts van de leerling, de  jeugdgezondheidsdienst, de geneeskundige dienst, een sociaal-medische  adviesdienst, een medicus gespecialiseerd in de betreffende handicap,  een orthopedagoog, kinderpsycholoog en dergelijke.</al><al>Een  onafhankelijk onderzoek is soms noodzakelijk. De kosten hiervan komen  voor rekening van de gemeente. Als een leerling vanuit de Wet  maatschappelijke ondersteuning (Wmo) al bekend is bij de gemeente wordt  geen extern advies aangevraagd wanneer uit het Wmo dossier voldoende  duidelijk is dat de leerling niet in staat is om met openbaar vervoer te  reizen. Het college kan gemotiveerd afwijken van het advies van een  externe deskundige.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.</nr><titel>Begeleiding</titel></kop><al>Ouders zijn zelf verantwoordelijk voor het begeleiden of het laten begeleiden van hun kind. </al><al>Als  de ouders niet in de gelegenheid zijn hun kind te begeleiden, dienen  zij zelf voor een oplossing te zorgen. Die kan gevonden worden door  bijvoorbeeld een oppas, buren, familie of anderen in te schakelen. De  bekostiging vindt plaats aan de ouders van de leerling.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.</nr><titel>Het vaststellen van de kosten voor openbaar vervoer</titel></kop><al>Het vaststellen van de kosten voor openbaar vervoer en de daaraan gerelateerde vergoeding vindt plaats op basis van de door de REISinformatiegroep bv beschikbaar gestelde informatie via 0900-9292 en www.9292ov.nl.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.</nr><titel>Het vaststellen van de reistijd</titel></kop><al>Het vaststellen van de reistijd per openbaar vervoer vindt plaats op  basis van de door de REISinformatiegroep bv beschikbaar gestelde  informatie via 0900-9292 en www.9292ov.nl. Voor het vaststellen van de  reistijd per aangepast vervoer wordt de vervoerder geraadpleegd.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.</nr><titel>Reistijd</titel></kop><al>Uitgangspunt is het streven naar een zo kort mogelijke reistijd en  wachttijd. De gemeente heeft echter ook rekening te houden met een  efficiënte uitvoering van het leerlingenvervoer door bijvoorbeeld het  combineren van vervoer. De gemeenten in de Hoeksche Waard hebben het  leerlingenvervoer gezamenlijk aanbesteed, dit betekent dat het vervoer  ook gecombineerd kan worden met het vervoer van andere leerlingen uit de  Hoeksche Waard. Soms zal een efficiënte uitvoering van het  leerlingenvervoer leiden tot een korte reistijd, maar een iets langere  wachttijd. Ouders kunnen hiertegen geen bezwaar maken omdat het hierbij  gaat om de feitelijke invulling van het vervoer en niet om het toekennen  van de vervoersvorm.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8.</nr><titel>Uitbetaling van vergoedingen</titel></kop><al>Het college verstrekt de ouders die recht hebben op bekostiging:</al><lijst><li nr="-"><al>een voorziening in de vorm van aangepast vervoer;</al></li><li nr="-"><al>een  vergoeding voor de vervoerskosten op basis van de kosten voor het  openbaar vervoer, of op basis van de kosten voor het openbaar vervoer  met begeleiding, of op basis van de kosten van eigen vervoer (per  auto/per fiets).</al></li></lijst><al>Uitbetaling van de kosten van openbaar  vervoer kan in overleg maandelijks, dan wel per kwartaal achteraf  plaatsvinden na het overleggen van de aankoopbewijzen en/of  transactieoverzichten van de persoonlijke OV chipkaart. Uitbetaling van  de vergoeding voor de vervoerskosten op basis van eigen vervoer vindt  maandelijks achteraf plaats in 10 gelijke termijnen. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9.</nr><titel>Vergoeding openbaar vervoer</titel></kop><al>Als een leerling recht heeft op een vergoeding op basis van openbaar  vervoer - met of zonder begeleiding - worden de vervoerskosten betaald  in de vorm van een financiële vergoeding op basis van een jaarabonnement  voor het openbaar vervoer. Ditzelfde geldt voor de vervoerskosten van  de begeleider(s), indien een leerling niet zelfstandig met openbaar  vervoer kan reizen. </al><al>Wanneer een leerling niet het gehele  schooljaar gebruik maakt van het openbaar vervoer, worden de  vervoerskosten betaald in de vorm van een financiële vergoeding op basis  van een kwartaalabonnement voor openbaar vervoer. Ditzelfde geldt voor  de vervoerskosten van de begeleider(s), indien een leerling niet  zelfstandig met openbaar vervoer kan reizen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10.</nr><titel>Leerlingenvervoer is uitsluitend bestemd voor vervoer naar en van school</titel></kop><al>Leerlingenvoer is uitsluitend bestemd voor vervoer naar en van  school. Dit betekent dat deze vorm van vervoer niet kan worden gebruikt  voor vervoer naar bijv. sportvoorzieningen of buitenschoolse opvang. Ook  buitenschoolse activiteiten op school vallen niet onder het  leerlingenvervoer. Het door het college georganiseerde vervoer is  gebaseerd op de schooltijden zoals deze vermeld zijn in het schoolgids.  Vervoer buiten deze schooltijden valt niet onder de vergoeding. </al><al>Een  stage kan deel uitmaken van het onderwijsprogramma van scholen voor  voortgezet onderwijs en voortgezet speciaal onderwijs. In het  arbeidsmarktgerichte uitstroomprofiel van het voortgezet speciaal  onderwijs is voor leerlingen vanaf 14 jaar minstens één stage op ten  hoogste vier dagen per week zelfs verplicht. Wanneer de stage is  opgenomen in de schoolgids is het stageadres aan te merken als ‘school’.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11.</nr><titel>Efficiënt gebruik aangepast vervoer</titel></kop><al>Vanuit kostenoverwegingen kan met afwijkende roosters, zoals deze  voorkomen in het voortgezet onderwijs, in beginsel geen rekening worden  gehouden. In overleg met leerlingen, ouders en de school zal worden  bezien of bepaalde vervoersarrangementen en – combinaties mogelijk zijn,  waarbij leerlingen mogelijk beurtelings een bepaalde tijd moeten  wachten op het vervoer.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12.</nr><titel>Drempelbedrag</titel></kop><al>Het drempelbedrag (eigen bijdrage voor de ouders) zoals beschreven in  artikel 14 lid 2 wordt voor maximaal 2 kinderen in het gezin geheven.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13.</nr><titel>Aangepast vervoer</titel></kop><al>Voor vervoersaanvragen voor kinderen in de basisschoolleeftijd, die op  grond van de verordening eigenlijk met het openbaar vervoer zouden  moeten reizen, maar om op school te komen een overstap moeten maken,  kent het college, met gebruik van de hardheidsclausule (art. 23),  aangepast vervoer toe. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14.</nr><titel>Jurisprudentie</titel></kop><al>Bij de behandeling van de aanvragen leerlingenvervoer kan gebruik  gemaakt worden van jurisprudentie voor zover de inhoud niet in  tegenspraak is met de Verordening Leerlingenvervoer gemeente Binnenmaas  2015, de daarbij behorende toelichting en de Beleidsregels  Leerlingenvervoer gemeente Binnenmaas 2015.</al><al/><al><vet>Datum inwerkingtreding</vet></al><al>Deze beleidsregels treden in werking op 10-04-2015. </al><al/></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders van  de gemeente Binnenmaas in haar vergadering van 7 april 2015.</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>De secretaris, De burgemeester,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>mr. R.P.B.M. Brekelmans mr. drs. A.J. Borgdorff</ondertekening><ondertekening/></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>