<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR363401_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op de heffing en inning van parkeerbelastingen 2015</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Den Helder</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-03-20</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Den Helder</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Stadsnieuws 2014, 48</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening parkeerbelastingen 2015</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Artikel 225 Gemeentewet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2014-11-06</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2014-12-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2016-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling. Ingangsdatum heffing: 1 januari 2015</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>RB14.0088</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Regeling vervangt Verordening parkeerbelastingen 2014</al></overheidrg:redactioneleToevoeging><overheidrg:externeBijlage>exb-2018-17875</overheidrg:externeBijlage><overheidrg:externeBijlage>exb-2018-17876</overheidrg:externeBijlage></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening op de heffing en inning van parkeerbelastingen 2015</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>parkeren: het gedurende een aaneengesloten periode doen of laten
                                staan van een voertuig, anders dan gedurende de tijd die nodig is
                                voor en gebruikt wordt tot het onmiddellijk in- of uitstappen van
                                personen, dan wel het onmiddellijk laden of lossen van zaken, op
                                binnen de gemeente gelegen voor het openbaar verkeer openstaande
                                terreinen of weggedeelten, waarop dit doen of laten staan niet
                                ingevolge een wettelijk voorschrift is verboden;</al></li><li nr="b."><al>motorvoertuigen: hetgeen daaronder wordt verstaan in het RVV 1990
                                met inbegrip van brommobielen, zoals bedoeld in artikel 1 onder ia
                                van het RVV 1990;</al></li><li nr="c."><al>houder: degene op wiens naam het voor het motorrijtuig opgegeven
                                kenteken ten tijde van het parkeren was ingeschreven in het
                                krachtens de Wegenverkeerswet 1994 aangehouden register van
                                opgegeven kentekens;</al></li><li nr="d."><al>parkeerapparatuur: parkeermeters, parkeerautomaten, met inbegrip van
                                verzamelparkeermeters, en hetgeen naar maatschappelijke opvatting
                                overigens onder parkeerapparatuur wordt verstaan.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Belastbaar feit</titel></kop><al>Onder de naam van "parkeerbelastingen" worden de volgende belastingen
                        geheven:</al><lijst><li nr="a."><al>een belasting ter zake van het parkeren van een voertuig op een bij,
                                dan wel een krachtens deze verordening in de daarin aangewezen
                                gevallen door het college van burgemeester en wethouders te bepalen
                                plaats, tijdstip en wijze;</al></li><li nr="b."><al>een belasting ter zake van een van gemeentewege verleende vergunning
                                voor het parkeren van een voertuig op de in die vergunning
                                aangegeven plaats en wijze.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Belastingplicht</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a, wordt geheven van degene
                            die het voertuig heeft geparkeerd.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Als degene die het voertuig heeft geparkeerd wordt mede aangemerkt:</al><lijst><li nr="a."><al>degene die de belasting voldoet, dan wel te kennen geeft of
                                    heeft gegeven de belasting te willen voldoen;</al></li><li nr="b."><al>zolang geen voldoening van de belasting genoemd in artikel 2,
                                    onderdeel a, heeft plaatsgevonden: de houder van het voertuig,
                                    met dien verstande dat</al><al> 1<sup>e</sup> als een voor ten hoogste drie maanden aangegane
                                    huurovereenkomst wordt overgelegd waaruit blijkt wie ten tijde
                                    van het parkeren ingevolge deze overeenkomst de huurder van het
                                    motorvoertuig was, niet de houder maar de huurder wordt
                                    aangemerkt als degene die het motorvoertuig heeft
                                    geparkeerd;</al><al>2<sup>e</sup> als blijkt dat een ander in het kentekenregister
                                    had moeten staan ingeschreven, die ander wordt aangemerkt als
                                    degene die het motorvoertuig heeft geparkeerd.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De belasting, bedoeld in artikel 2, onderdeel a, wordt niet geheven van
                            degene die op de voet van het tweede lid, onderdeel b, als degene die
                            het voertuig heeft geparkeerd wordt aangemerkt, als deze aannemelijk
                            maakt dat ten tijde van het parkeren een ander tegen zijn wil van het
                            voertuig heeft gebruik gemaakt en dat hij dit gebruik redelijkerwijs
                            niet heeft kunnen voorkomen.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel b, wordt geheven van degene
                            die de vergunning heeft aangevraagd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Maatstaf van heffing, belastingtarief en belastingtijdvak</titel></kop><al>De maatstaf van heffing, het belastingtarief en het belastingtijdvak zijn
                        vermeld in de bij deze verordening behorende en daarvan deel uitmakende
                        tarieventabel.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Wijze van heffing en termijn van betaling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a, wordt geheven bij wege
                            van voldoening op aangifte. Als voldoening op aangifte wordt aangemerkt
                            het bij de aanvang van het parkeren in werking stellen van de
                            parkeerapparatuur op de daartoe bestemde wijze en met inachtneming van
                            de door het college van burgemeester en wethouders gestelde
                            voorschriften.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De belasting, bedoeld in artikel 2, onderdeel b, wordt geheven bij wege
                            van voldoening op aangifte.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Ontstaan van de belastingschuld</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a, is verschuldigd bij de
                            aanvang van het parkeren.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De belasting, bedoeld in artikel 2, onderdeel b, is verschuldigd op het
                            tijdstip waarop de vergunning wordt verleend.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Termijnen van betaling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a, moet overeenkomstig de
                            aangifte worden betaald bij de aanvang van het parkeren.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De belasting, bedoeld in artikel 2, onderdeel b, moet overeenkomstig de
                            aangifte worden betaald op het tijdstip waarop de vergunning wordt
                            verleend.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Een naheffingsaanslag moet terstond worden betaald.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Bevoegdheid tot aanwijzing parkeerplaatsen</titel></kop><al>De aanwijzing van de plaats waar, het tijdstip en de wijze waarop tegen
                        betaling van de belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a, mag worden
                        geparkeerd geschiedt in alle gevallen door het college van burgemeester en
                        wethouders bij openbaar te maken besluit.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Kosten</titel></kop><al>De kosten van de naheffingsaanslag ter zake van de belasting bedoeld in
                        artikel 2, onderdeel a, bedragen € 53,--.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders</titel></kop><al>Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met
                        betrekking tot de heffing en invordering van de parkeerbelasting.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Inwerkingtreding en citeertitel</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De “Verordening Parkeerbelastingen 2014, van 6 november 2013, wordt
                            ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum van ingang
                            van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de
                            belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die
                            van de bekendmaking.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2015.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Deze verordening wordt aangehaald als "Verordening parkeerbelastingen
                            2015".</al></lid></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus besloten in de raadsvergadering van 6 novemer 2014.</ondertekening><ondertekening>Koen Schuiling, voorzitter</ondertekening><ondertekening>mr. drs. M. Huisman, griffier</ondertekening></regeling-sluiting><bijlage><kop><label>Bijlage</label><titel>Tarieventabel 2015</titel></kop><al><extref doc="/cvdr/images/Den Helder/i252852.pdf">Tarieventabel 2015</extref></al></bijlage><bijlage><kop><label>Bijlage</label><titel>Kaart</titel></kop><al><extref doc="/cvdr/images/Den Helder/i252850.pdf">Kaart</extref></al></bijlage></regeling></body></cvdr>