<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR359276_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op de heffing en de invordering van hondenbelasting 2015</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Castricum</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-10-10</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Castricum</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Gemeenteblad 2014, 76139</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening hondenbelasting 2015</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:c:BWBR0005416&amp;artikel=art.226&amp;g=2015-01-01">Gemeentewet art.226</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2014-11-13</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2014-12-18</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2016-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>Hondenbelasting</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Deze verordening vervangt de Verordening op de heffing en de invordering van hondenbelasting 2015</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening op de heffing en de invordering van hondenbelasting 2015</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Castricum;</al><al/><al>gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van </al><al>7 oktober 2014; </al><al/><al>gelet op artikel 226 van de Gemeentewet;</al><al/><al>besluit vast te stellen de volgende verordening:</al><al/><al><vet>Verordening op de heffing en de invordering van hondenbelasting
                            2015</vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Belastbaar feit</titel></kop><al>Onder de naam ‘hondenbelasting’ wordt een directe belasting geheven voor het
                        houden van een hond binnen de gemeente</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Belastingplicht</titel></kop><al>1 Belastingplichtig is de houder van een hond.</al><al>2 Als houder wordt aangemerkt degene die onder welke titel dan ook een hond
                        onder zich heeft, tenzij blijkt dat een ander de houder is.</al><al>3 Het houden van een hond door een lid van het huishouden wordt aangemerkt
                        als het houden van een hond door een door de in artikel 231, tweede lid,
                        onderdeel b, van de Gemeentewet bedoelde gemeenteambtenaar aan te wijzen lid
                        van dat huishouden. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Vrijstellingen</titel></kop><al>1 In dit artikel wordt verstaan onder hondenasiel: aan één locatie gebonden
                        ruimte of ruimtes bestemd of gebruikt voor het in bewaring houden van honden
                        die zwervend zijn aangetroffen, dan wel waarvan door de eigenaar permanent
                        afstand is gedaan, welke locatie als inrichting is aangemeld overeenkomstig
                        artikel 3.7, eerste lid, van het Besluit houders van dieren. 2 De belasting
                        wordt niet geheven voor honden: </al><al>a. die zijn opgeleid tot en dienen als blindengeleidehond en in hoofdzaak
                        als zodanig door een blind persoon worden gehouden; </al><al>b. die zijn opgeleid tot en dienen als gehandicaptenhond en in hoofdzaak als
                        zodanig door een gehandicapt persoon worden gehouden; </al><al>c. die verblijven in een hondenasiel; </al><al>d. die uitsluitend ten verkoop of aflevering in voorraad worden gehouden in
                        een inrichting als bedoeld in artikel 3.7, eerste lid, van het Besluit
                        houders van dieren; </al><al>e. die jonger zijn dan drie maanden, voor zover zij tezamen met de
                        moederhond worden gehouden. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Maatstaf van heffing</titel></kop><al>De belasting wordt geheven naar het aantal honden dat wordt gehouden.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Aanmeldingsplicht</titel></kop><al>De belastingplichtige bedoeld in artikel 1, eerste lid, is bij aanvang van
                        het bezit van een hond verplicht, schriftelijk of mondeling de hond aan te
                        melden aan de door het college van burgemeester en wethouders aangewezen
                        gemeenteambtenaren, bedoeld in artikel 231, tweede lid, onderdelen b en d,
                        van de Gemeentewet.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Belastingtarief</titel></kop><al>1 De belasting bedraagt per belastingjaar voor een eerste hond € 63,84 en
                        vervolgens voor elke hond telkens € 15,96 meer dan voor de daaraan
                        voorafgaande is geheven.</al><al>2 In afwijking in zoverre van het voorgaande lid bedraagt de belasting voor
                        honden, gehouden in kennels die zijn geregistreerd bij de Raad van beheer op
                        kynologisch gebied in Nederland, € 186,12 per kennel.</al><al>3 Het tweede lid blijft buiten toepassing indien belastingplichtige
                        schriftelijk verzoekt de verschuldigde belasting vast te stellen naar het
                        werkelijke aantal honden indien blijkt dat dit bedrag lager is dan het op
                        voet van het tweede lid bepaalde bedrag.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Belastingjaar</titel></kop><al>Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Wijze van heffing</titel></kop><al>De belasting wordt bij wege van aanslag geheven.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang</titel></kop><al>1 De belasting is verschuldigd bij het begin van het belastingjaar of, zo
                        dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht.</al><al>2 Indien de belastingplicht in de loop van het jaar aanvangt, dan wel het
                        aantal honden in de loop van het belastingjaar toeneemt, is de belasting,
                        respectievelijk de hogere belasting ter zake van het toegenomen aantal
                        honden, verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar
                        verschuldigde belasting als er in dat jaar, na de aanvang van de
                        belastingplicht, respectievelijk de toename van het aantal honden, nog volle
                        kalendermaanden overblijven.</al><al>3 Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar eindigt, dan
                        wel het aantal honden in de loop van het belastingjaar vermindert, bestaat
                        aanspraak op ontheffing voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar
                        verschuldigde belasting als er in dat jaar, na het einde van de
                        belastingplicht respectievelijk de vermindering van het aantal honden, nog
                        volle kalendermaanden overblijven, tenzij blijkt dat het bedrag van de
                        ontheffing minder bedraagt dan € 10,00.</al><al>4 Belastingbedragen van minder dan € 10,- worden niet geheven. Voor de
                        toepassing van de vorige volzin wordt het totaal van op één aanslagbiljet
                        verenigde verschuldigde bedragen hondenbelasting of andere heffingen
                        aangemerkt als één belastingbedrag.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Termijnen van betaling</titel></kop><al>1 In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten
                        de aanslagen worden betaald in twee gelijke termijnen waarvan de eerste
                        vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de
                        dagtekening van het aanslagbiljet vermeld en de tweede twee maanden
                        later.</al><al>2 In afwijking van het eerste lid geldt, zolang de verschuldigde bedragen
                        door middel van automatische betalingsincasso kunnen worden afgeschreven,
                        dat de aanslagen moeten worden betaald in zoveel gelijke termijnen als er na
                        de maand van de dagtekening van het aanslagbiljet nog maanden in het
                        kalenderjaar waarin de aanslagen worden opgelegd overblijven, met dien
                        verstande dat het aantal termijnen ten minste drie en ten hoogste acht
                        bedraagt. De eerste termijn vervalt 1 maand na de dagtekening van het
                        aanslagbiljet en elk van de volgende termijnen telkens een maand later.</al><al>3 In afwijking van het tweede lid geldt, dat als de aanslagen over een
                        voorgaand belastingjaar worden opgelegd, dat de aanslagen worden
                        afgeschreven in drie gelijke termijnen. De eerste termijn vervalt 1 maand na
                        de dagtekening van het aanslagbiljet en elk van de volgende termijnen
                        telkens een maand later.</al><al>4 De Algemene Termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid
                        gestelde termijnen. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders</titel></kop><al>Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met
                        betrekking tot de heffing en de invordering van de hondenbelasting.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Overgangsrecht</titel></kop><al>De ‘Verordening hondenbelasting 2014’ van 14 november 2013, wordt
                        ingetrokken met ingang van de in artikel 13, tweede lid, genoemde datum van
                        ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op
                        de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die
                            van de bekendmaking. </al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2015.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als ‘Verordening hondenbelasting
                        2015’.</al></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><slotformulering><al>Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 13 november 2014.</al></slotformulering><ondertekening>de griffier,</ondertekening><ondertekening>Mr. V.H. Hornstra</ondertekening><ondertekening>de voorzitter,</ondertekening><ondertekening>Drs. A. Mans</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>