<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.92--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR359095_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening loonkostensubsidie Participatiewet Barendrecht 2015</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Barendrecht</dcterms:creator><dcterms:modified>2015-01-01</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Barendrecht</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="https://gvop.overheid.nl/Document/Detail/GVOP-2014-115164?wasgoedgekeurd=False">Elektronisch gemeenteblad, 29-12-2014</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening loonkostensubsidie Participatiewet Barendrecht 2015</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="jci1.3:c:BWBR0015703">Participatiewet, art. 6, lid 2</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>maatschappelijke zorg en welzijn</dcterms:subject><dcterms:issued>2014-12-16</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2015-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2023-07-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>109899</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>maatschappelijke zorg en welzijn</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2015.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening loonkostensubsidie Participatiewet Barendrecht 2015</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeenteBarendrecht</al><al/><al>gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 18 November
                        2014;</al><al/><al>gelet op artikel 6, tweede lid, van de Participatiewet;</al><al/><al>gezien het advies van de commissie Samenleving van 2 december 2014</al><al/><al><vet>BESLUIT:</vet></al><al/><al>vast te stellen de <vet>Verordening loonkostensubsidie Participatiewet
                            Barendrecht 2015.</vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.</nr><titel>Vaststelling wie tot doelgroep loonkostensubsidie behoort</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college stelt vast of een persoon behoort tot de doelgroep
                            loonkostensubsidie.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Hierbij neemt het college de volgende criteria in acht:</al><lijst><li nr="a."><al>een persoon moet behoren tot de doelgroep zoals omschreven in
                                    artikel 7, eerste lid, onderdeel a, van de Participatiewet;</al></li><li nr="b."><al>die persoon is niet in staat met voltijdse arbeid het wettelijk
                                    minimumloon te verdienen, en</al></li><li nr="c."><al>die persoon heeft mogelijkheden tot arbeidsparticipatie.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.</nr><titel>Vaststelling loonwaarde</titel></kop><al>1.Het college gebruikt de in de bijlage omschreven wijze om de loonwaarde
                        van een persoon vast te stellen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.</nr><titel>Inwerkingtreding en citeertitel</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2015.</al></li><li nr="2."><al>Deze verordening wordt aangehaald als: <vet>Verordening
                                    loonkostensubsidie Participatiewet </vet></al><al><vet>Barendrecht 2015</vet>.</al><al/></li></lijst></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus besloten in de openbare vergadering</ondertekening><ondertekening>van de raad van de gemeente Barendrecht</ondertekening><ondertekening>van 16 december 2014</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>De griffier,</ondertekening><ondertekening>mw. mr. G.E. Figge</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>De voorzitter,</ondertekening><ondertekening>drs. J. van Belzen</ondertekening></regeling-sluiting><bijlage><kop><label>Toelichting</label></kop><al><vet>Algemeen</vet></al><al>Deze verordening geeft uitvoering aan artikel 6, tweede lid, van de
                    Participatiewet. Overeenkomstig deze bepaling dient de gemeenteraad bij
                    verordening regels vast te stellen over de doelgroep loonkostensubsidie en de
                    loonwaarde. De regels dienen in ieder geval te bepalen:</al><al>- de wijze waarop wordt vastgesteld wie tot de doelgroep loonkostensubsidie
                    behoort, en</al><al>- de wijze waarop de loonwaarde wordt vastgesteld.</al><al/><al>Het college kan op verzoek of ambtshalve vaststellen wie tot de doelgroep
                    loonkostensubsidie behoort (artikel 10c van de Participatiewet). Personen zoals
                    bedoeld in artikel 7, eerste lid, onderdeel a, van de Participatiewet die
                    mogelijkheden tot arbeidsparticipatie hebben en van wie is vastgesteld dat zij
                    met voltijdse arbeid niet in staat zijn tot het verdienen van het wettelijk
                    minimumloon, behoren tot de doelgroep loonkostensubsidie (artikel 6, eerste lid,
                    onderdeel e, van de Participatiewet).</al><al/><al>Heeft het college vastgesteld dat een persoon behoort tot de doelgroep
                    loonkostensubsidie en is een werkgever voornemens met die persoon een
                    dienstbetrekking aan te gaan, dan stelt het college in beginsel de loonwaarde
                    van die persoon vast (artikel 10d, eerste lid, van de Participatiewet). Hiervoor
                    is geen aanvraag vereist. De vastgestelde loonwaarde legt het college vast in
                    een beschikking waartegen zowel de betrokken persoon als diens (potentiële)
                    werkgever bezwaar en beroep kunnen instellen. </al><al>De loonwaarde is een vastgesteld percentage van het rechtens geldende loon voor
                    de door een persoon - die behoort tot de doelgroep loonkostensubsidie -
                    verrichte arbeid in een functie naar evenredigheid van de arbeidsprestatie in
                    die functie van een gemiddelde werknemer met een soortgelijke opleiding en
                    ervaring, die niet tot de doelgroep loonkostensubsidie behoort (artikel 6,
                    eerste lid, onderdeel g, van de Participatiewet).</al><al/><al>De loonkostensubsidie zoals beschreven in deze verordening kan uitsluitend
                    worden ingezet als de persoon in kwestie behoort tot de doelgroep
                    loonkostensubsidie, als bedoeld in artikel 6, eerste lid, onderdeel e, van de
                    Participatiewet: mensen met een arbeidsbeperking. Deze nieuwe vorm van
                    loonkostensubsidie is niet per definitie tijdelijk, maar kan indien nodig voor
                    een langere periode worden ingezet. Met dit instrument compenseert de gemeente
                    werkgevers voor de verminderde productiviteit van de werknemer (zie Kamerstukken
                    II 2013/14, 33 161, nr. 107, blz. 60).</al><al/><al>Begrippen die al zijn omschreven in de Participatiewet, Algemene wet
                    bestuursrecht (hierna: Awb) of de Gemeentewet zijn vanzelfsprekend ook van
                    toepassing op deze verordening. Hiervan zijn in deze verordening daarom geen
                    begripsomschrijvingen opgenomen. Voor de duidelijkheid zijn een aantal
                    belangrijke wettelijke definities hieronder weergegeven.</al><al>- doelgroep loonkostensubsidie (artikel 6, eerste lid, onderdeel e,
                    Participatiewet): personen als bedoeld in artikel 7, eerste lid, onderdeel a,
                    van wie is vastgesteld dat zij met voltijdse arbeid niet in staat zijn tot het
                    verdienen van het wettelijk minimumloon, doch wel mogelijkheden tot
                    arbeidsparticipatie hebben;</al><al>- loonwaarde (artikel 6, eerste lid, onderdeel g, Participatiewet): vastgesteld
                    percentage van het rechtens geldende loon voor de door een persoon, die tot de
                    doelgroep loonkostensubsidie behoort, verrichte arbeid in een functie naar
                    evenredigheid van de arbeidsprestatie in die functie van een gemiddelde
                    werknemer met een soortgelijke opleiding en ervaring, die niet tot de doelgroep
                    loonkostensubsidie behoort;</al><al>- dienstbetrekking (artikel 6, eerste lid, onderdeel f Participatiewet): een
                    privaatrechtelijke of publiekrechtelijke dienstbetrekking. </al><al/><al><vet>Artikelsgewijze toelichting</vet></al><al>Enkel die bepalingen die verdere toelichting behoeven worden hieronder
                    behandeld.</al><al/><al><vet>Artikel 1. Vaststelling wie tot doelgroep loonkostensubsidie
                    behoort</vet></al><al>In artikel 10c van de Participatiewet is geregeld wanneer wordt vastgesteld of
                    een persoon tot de doelgroep loonkostensubsidie behoort: op schriftelijke
                    aanvraag of ambtshalve. Ambtshalve vaststelling is alleen mogelijk bij:</al><al>- personen die algemene bijstand ontvangen;</al><al>- personen als bedoeld in artikel 34a, vijfde lid, onderdelen b en c, van de Wet
                    werk en inkomen naar arbeidsvermogen (hierna: WIA), artikel 35, vierde lid
                    onderdelen b en c, van de WIA en artikel 36, derde lid, onderdelen b en c, van
                    de WIA tot het moment dat het inkomen uit arbeid in dienstbetrekking gedurende
                    twee aaneengesloten jaren ten minste het minimumloon bedraagt en ten behoeve van
                    die persoon in die twee jaren geen loonkostensubsidie als bedoeld in artikel 10d
                    van de Participatiewet is verleend;</al><al>- personen als bedoeld in artikel 10, tweede lid, van de Participatiewet;</al><al>- personen met een uitkering op grond van de Wet inkomensvoorziening oudere en
                    gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers, en</al><al>- personen met een uitkering op grond van de Wet inkomensvoorziening oudere en
                    gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen.</al><al/><al>In artikel 10c van de Participatiewet is ook bepaald dat het aan college is om
                    vast te stellen of een persoon tot de doelgroep loonkostensubsidie behoort.
                    Binnen de kaders van de wet is het aan de gemeente om vast te stellen op welke
                    wijze zij bepalen of mensen tot de doelgroep loonkostensubsidie behoren en of
                    loonkostensubsidie voor hen wordt ingezet (zie Kamerstukken II 2013/14, 33 161,
                    nr. 107, blz. 62). In artikel 1, tweede lid, is vastgelegd welke criteria
                    daarbij in acht genomen worden. Deze cumulatieve criteria zijn ontleend aan
                    artikel 6, eerste lid, onderdeel e, van de Participatiewet. Daarin is immers
                    wettelijk de doelgroep loonkostensubsidie vastgelegd.</al><al/><al><vet>Artikel 2. Vaststelling loonwaarde</vet></al><al>In artikel 10d, eerste lid, van de Participatiewet is bepaald dat als een
                    persoon behoort tot de doelgroep loonkostensubsidie en een werkgever voornemens
                    is een dienstbetrekking aan te gaan met die persoon, het college de loonwaarde
                    van die persoon vaststelt. Hiervoor is geen aanvraag vereist. De vastgestelde
                    loonwaarde legt het college vast in een beschikking waartegen zowel de betrokken
                    persoon als diens (potentiële) werkgever bezwaar en beroep kunnen instellen. </al><al/><al>In de bijlage bij artikel 2 wordt de methode die het college gebruikt om de
                    loonwaarde van die persoon te bepalen omschreven. </al><al/><al>Als een dienstbetrekking tot stand komt, verleent het college loonkostensubsidie
                    aan de werkgever met inachtneming van artikel 10d van de Participatiewet.</al></bijlage><bijlage><kop><titel>Bijlage bij artikel 2 - wijze waarop loonwaarde wordt vastgesteld</titel></kop><al>Het college maakt gebruik van Dariuz om de loonwaarde van een werkzoekende te
                    bepalen. Zie onderstaande sheets uit een presentatie van Dariuz, d.d. 30 juli
                    2014, aan de regionale werkgroep Loonwaardemeting en loonkostensubsidie.</al><al/><al><plaatje><illustratie id="ia04d320f-847f-4795-951e-625e8bba9fa7" naam="i254406ia04d320f-847f-4795-951e-625e8bba9fa7.png" type="foto" breedte="12.7cm" hoogte="9.53cm"/></plaatje></al><al/><al><plaatje><illustratie id="i8aeddc9b-eb13-417f-bcbf-0de46cddd385" naam="i254407i8aeddc9b-eb13-417f-bcbf-0de46cddd385.png" type="foto" breedte="12.7cm" hoogte="9.53cm"/></plaatje></al><al/><al><plaatje><illustratie id="ib634bc45-0408-422b-a52e-7884b74e1db7" naam="i254408ib634bc45-0408-422b-a52e-7884b74e1db7.png" type="foto" breedte="12.7cm" hoogte="9.53cm"/></plaatje></al><al/><al><plaatje><illustratie id="icd5e3c52-a86d-4178-9dd3-59bcb7634e49" naam="i254409icd5e3c52-a86d-4178-9dd3-59bcb7634e49.png" type="foto" breedte="12.7cm" hoogte="9.53cm"/></plaatje></al><al/><al><plaatje><illustratie id="i0f53fca4-d18b-4d64-967d-80e368196bd7" naam="i254410i0f53fca4-d18b-4d64-967d-80e368196bd7.png" type="foto" breedte="12.7cm" hoogte="9.53cm"/></plaatje></al><al/><al><plaatje><illustratie id="i88146393-8eef-4a9d-a435-b1f7f2b04aef" naam="i254411i88146393-8eef-4a9d-a435-b1f7f2b04aef.png" type="foto" breedte="12.7cm" hoogte="9.53cm"/></plaatje></al><al/><al><plaatje><illustratie id="i1e64e625-1539-4345-b07f-323ff8d3dc27" naam="i254412i1e64e625-1539-4345-b07f-323ff8d3dc27.png" type="foto" breedte="12.7cm" hoogte="9.53cm"/></plaatje></al><al/><al><plaatje><illustratie id="i840b0c24-9a71-40d2-acf8-e0cc13f70e94" naam="i254413i840b0c24-9a71-40d2-acf8-e0cc13f70e94.png" type="foto" breedte="12.7cm" hoogte="9.53cm"/></plaatje></al></bijlage></regeling></body></cvdr>