<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR358655_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening Burgerinitiatief gemeente Zundert 2015</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Zundert</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-11-14</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Zundert</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="http://www.officielebekendmakingen.nl">www.officielebekendmakingen.nl; 13-02-2015</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening Burgerinitiatief gemeente Zundert 2015</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="http://www.overheid.nl">Gemeentewet, art. 149</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2015-01-13</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2015-02-14</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>2014/14706</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>bestuur en recht</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening Burgerinitiatief gemeente Zundert 2015</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/><al>De raad van de gemeente Zundert;</al><al/><al>gelezen het voorstel van het presidium d.d. 09-09-2014;</al><al>gehoord het advies van de Ronde Hal d.d. 07-10-2014 en 09-12-2014;</al><al>gelet op de betreffende bepalingen in de Gemeentewet;</al><al>gelet op het aangenomen amendement Al van Dorpsbelangen, CDA en VVD;</al><al/><al><vet>besluit:</vet></al><al/><al>vast te stellen de volgende verordening:</al><al/><al>Verordening Burgerinitiatief gemeente Zundert 2015</al><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsbepaling</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder een burgerinitiatiefvoorstel:
                            een voorstel van een initiatiefgerechtigde ter plaatsing op de agenda
                            van de raad.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Geldigheid verzoek</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De raad plaatst een burgerinitiatiefvoorstel op de agenda van zijn
                                vergadering indien daartoe door een initiatiefgerechtigde een geldig
                                verzoek is ingediend.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Ongeldig is het verzoek dat:</al><lijst><li nr="a."><al>niet door ten minste 25 initiatiefgerechtigden wordt
                                        ondersteund;</al></li><li nr="b."><al>een onderwerp als bedoeld in artikel 4 bevat, of</al></li><li nr="c."><al>niet voldoet aan de voorwaarden, gesteld in artikel 5.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Initiatiefgerechtigheid</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Initiatiefgerechtigd zijn degenen die kiesgerechtigd zijn voor de
                                verkiezing van de leden van de gemeenteraad, alsmede ingezetenen van
                                de gemeente van zestien jaar en ouder die met uitzondering van hun
                                leeftijd voldoen aan de vereisten voor het kiesrecht voor de leden
                                van de gemeenteraad.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Voor de beoordeling of aan de vereisten voor initiatiefgerechtigheid
                                is voldaan, is de toestand op de dag van de indiening van het
                                verzoek bepalend.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Beperkingen:</titel></kop><al>Burgerinitiatiefvoorstel kan geen betrekking hebben op:</al><lijst><li nr="a."><al>een onderwerp dat niet behoort tot de bevoegdheid van de
                                    raad;</al></li><li nr="b."><al>een vraag over het gemeentelijk beleid en/of de uitvoering
                                    ervan;</al></li><li nr="c."><al>handelingen en gedragingen van collegeleden, raadsleden,
                                    burgerleden of ambtenaren waarover een klacht kan worden
                                    ingediend op grond van de Algemene wet bestuursrecht of een door
                                    raad of college vastgestelde klachtenregeling;</al></li><li nr="d."><al>benoemingen van personen of functioneren van personen;</al></li><li nr="e."><al>onderwerpen waartegen een bezwaar- of beroepsprocedure openstaat
                                    of heeft opengestaan;</al></li><li nr="f."><al>een onderwerp waarover korter dan vier jaren voor indiening van
                                    het burgerinitiatiefvoorstel door de raad een besluit is
                                    genomen, tenzij er nieuwe feiten aan het licht zijn
                                    gekomen;</al></li><li nr="g."><al>onderwerpen die een wijziging van beleid betreffen dat al in een
                                    vergevorderd stadium van ontwikkeling is.</al></li><li nr="h."><al>de vaststelling en wijziging van de gemeentelijke begroting en
                                    de gemeentelijke belastingen en tarieven.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Procedure bij indiening</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een burgerinitiatief wordt schriftelijk ingediend bij de raad door
                                toezending daarvan aan de griffier.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De griffier stelt binnen twee weken de initiatiefnemer schriftelijk
                                op de hoogte of het burgerinitiatief voldoet aan alle technische
                                vormvereisten.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien een burgerinitiatief niet voldoet aan de in de voorgaande
                                artikelen bedoelde vereisten, stelt de griffier de indiener
                                gedurende een termijn van ten hoogste vier weken in de gelegenheid
                                om de vastgestelde gebreken te herstellen.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De termijn bedoelt in het derde lid vangt aan met ingang van de
                                dagtekening van de schriftelijke mededeling over het gebrek aan de
                                indiener.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Op advies van de griffier stelt de raad zo spoedig mogelijk vast of
                                het burgerinitiatief voldoet aan de in de voorgaande artikelen
                                bedoelde vereisten.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Indien de raad niet bevoegd is om het in het burgerinitiatief
                                genoemde onderwerp een besluit te nemen, zendt de griffier het
                                voorstel door aan het college of een andere bevoegde instantie.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Advies van burgemeester en wethouders</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De raad zal in principe een burgerinitiatief eerst om advies
                                voorleggen aan het college.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college van burgemeester en wethouders brengt binnen 4 weken een
                                advies uit.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Behandeling in De Ronde</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De griffier plaatst een geldig burgerinitiatief, voorzien van een
                                advies van het college op de agenda van De Ronde. In elke Ronde
                                wordt maximaal één burgerinitiatief behandeld.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De griffier stelt een ambtelijk advies op in de vorm van een
                                Rondevoorstel.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De indiener van het burgerinitiatief wordt uitgenodigd om De Ronde
                                bij te wonen.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Hij wordt in de gelegenheid gesteld een korte toelichting te
                                geven.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De behandeling van het burgerinitiatief leidt tot een advies aan de
                                gemeenteraad.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Het griffier agendeert het voorstel met het advies van De Ronde voor
                                de eerstvolgende raadsvergadering.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Besluitvorming in de gemeenteraad</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De raad kan van mening zijn dat nader onderzoek nodig is, alvorens
                                een besluit te kunnen nemen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De raad bepaalt een termijn waarbinnen dat onderzoek dient te zijn
                                afgerond.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De initiatiefnemer zal daarvan op de hoogte worden gesteld door de
                                griffier.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De raad neemt een gemotiveerd besluit over het
                                burgerinitiatief.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Berichtgeving</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De griffier stelt de indiener binnen één week na de raadsvergadering
                                waarin besluitvorming over het burgerinitiatief heeft plaatsgevonden
                                schriftelijk in kennis van het besluit. Indien de raad geheel of
                                gedeeltelijk afwijkt van het burgerinitiatief geeft hij de redenen
                                daarvoor aan.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien de raad geheel of gedeeltelijk overeenkomstig het
                                burgerinitiatief besluit, deelt het college de indiener binnen twee
                                weken mede wanneer met de uitvoering van het raadsbesluit wordt
                                gestart.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het raadsbesluit wordt binnen twee weken bekend gemaakt door
                                kennisgeving daarvan in een huis-aan-huis-blad, dan wel op een
                                andere geschikte wijze.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Bezwaar en beroep</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het besluit als bedoeld in het vierde lid van artikel 8 is een
                                besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht waartegen
                                bezwaar en beroep op de rechter openstaat.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een besluit over de agendering als bedoeld in artikel 5, lid 5 is
                                een voorbereidingsbeslissing en die is niet vatbaar voor bezwaar en
                                beroep.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Verantwoording in het Burgerjaarverslag</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De griffier brengt elk jaar een verslag uit over de werking van het
                                recht van burgerinitiatief in de praktijk aan de burgemeester.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De burgemeester neemt het verslag op in het Burgerjaarverslag.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De verordening treedt in werking de dag na de bekendmaking als
                                bedoeld in artikel 8, lid 3.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De verordening wordt aangehaald onder de naam "Verordening
                                Burgerinitiatief gemeente Zundert 2015".</al></lid></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus besloten in zijn openbare vergadering van 13-01-2015,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>De raad voornoemd.</ondertekening><ondertekening/><ondertekening/><ondertekening>De griffier,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>drs. J.J. Rochat</ondertekening><ondertekening/><ondertekening/><ondertekening>De voorzitter,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>L.C.Poppe-de Looff</ondertekening><ondertekening/><ondertekening/></regeling-sluiting><nota-toelichting><kop><titel>Toelichting (artikelsgewijs) op de Verordening Burgerinitiatief gemeente
                        Zundert 2015</titel></kop><tussenkop>Algemeen</tussenkop><al>Het burgerinitiatief geeft de burgers het recht om zelf direct voorstellen
                    letterlijk op de politieke agenda te plaatsen. Het is een uitgewerkte vorm van
                    het petitierecht, dat wil zeggen de mogelijkheid van burgers om een petitie aan
                    te bieden. Het verschilt van het petitierecht doordat de raad zich verplicht
                    door burgers – procedureel juist – ingediende voorstellen op zijn agenda te
                    zetten en te behandelen. Het burgerinitiatief zal op die manier de participatie
                    en betrokkenheid van burgers vergroten en geeft hen de mogelijkheid direct
                    invloed uit te oefenen op de raadsagenda. Onderwerpen die de gemeenteraad naar
                    hun idee zou moeten agenderen, kunnen onder bepaalde voorwaarden op de
                    raadsagenda worden geplaatst. Er vindt vervolgens reguliere besluitvorming in de
                    raad plaats.</al><al>Het burgerinitiatief past in het versterken van de volksvertegenwoordigende rol
                    van de raad: één van debeoogde effecten van de dualisering. maken. Zo wordt een
                    kanaal aangelegd waarlangs zaken die in de samenleving leven hun weg vinden naar
                    de politieke agenda. Het burgerinitiatief bepaalt mede de onderwerpen in de raad
                    en tast daardoor in zekere zin de bevoegdheid van de raad de eigen agenda vast
                    te stellen aan. Daarom is het gerechtvaardigd het burgerinitiatief aan
                    voorwaarden te verbinden.</al><tussenkop>Artikel 1: Begripsbepaling</tussenkop><al>Gekozen is de term "burgerinitiatiefvoorstel" te hanteren voor de aanduiding van
                    het voorstel dat een burger bij de gemeenteraad kan indienen. De
                    begripsomschrijving voor de invulling van deze term gaat er van uit dat een
                    burger alleen concrete voorstellen kan indienen bij de raad. Een voorbeeld
                    hiervan kan zijn het voorstel om de accommodatie van een voetbalvereniging te
                    verplaatsen. Het is aan de raad om te beslissen of het burgerinitiatief nadere
                    uitwerking behoeft.</al><tussenkop>Artikel 2: Geldigheid verzoek</tussenkop><al>Uit dit artikel volgt dat de raad een burgerinitiatief op de agenda van een
                    raadsvergadering moet plaatsenindien er sprake is van een geldig verzoek,
                    ingediend door een initiatiefgerechtigde (lid 1). De gemeenteraadzal zich in dat
                    geval dus moeten uitspreken over het burgerinitiatief. In het tweede lid is
                    vastgelegd aan welkevereisten een geldig verzoek moet voldoen:</al><lijst><li nr="-"><al>ondersteuning door ten minste 25 initiatiefgerechtigden wordt gesteund
                            (sub a);</al></li><li nr="-"><al>het onderwerp van het burgerinitiatief niet in artikel 4 is uitgezonderd
                            (sub b) en,</al></li><li nr="-"><al>aan de in artikel 5 gestelde procedurele voorwaarden is voldaan (sub
                            c).</al></li></lijst><al>In artikel 3 (zie hierna) wordt nader omschreven wanneer een persoon
                    initiatiefgerechtigd is. Over het vereiste dat het verzoek door tenminste 25
                    initiatiefgerechtigden wordt ondersteund (lid 2, sub a) kan het volgende worden
                    opgemerkt. Het burgerinitiatief biedt burgers de mogelijkheid om invloed uit te
                    oefenen op de agenda van de gemeenteraad. Het is daarom een inbreuk op het
                    uitgangspunt dat de raad zijn eigen agenda vaststelt. Dit is alleen
                    gerechtvaardigd als het burgerinitiatief door een bepaald gedeelte van de
                    bevolking wordt gedragen. Het staat de raad vrij de hoogte van de drempel te
                    bepalen. Om er zeker van te zijn dat het gaat om een serieus verzoek is gekozen
                    voor een drempel van 25 initiatiefgerechtigden. Deze drempel biedt voldoende
                    garantie dat het burgerinitiatief gedragen wordt door een deel van de
                    bevolking.</al><tussenkop>Artikel 3: Initiatiefgerechtigden</tussenkop><al>Het ligt voor de hand het initiatiefrecht toe te kennen aan kiesgerechtigden
                    voor de gemeenteraadsverkiezingen, vanuit de gedachte dat het burgerinitiatief
                    een instrument is om burgers bij de besluitvorming van de raad te betrekken en
                    te beïnvloeden. Wie kiesgerechtigd is, is vastgelegd in artikel B 3van de
                    Kieswet. Er is voor gekozen gebruik te maken van de mogelijkheid om de categorie
                    initiatiefgerechtigden uit te breiden door de leeftijd ten opzichte van de
                    kiesgerechtigde leeftijd te verlagen naar 16 jaar om zo tot op zekere hoogte ook
                    participatie van jongeren mogelijk te maken.</al><tussenkop>Artikel 4: Beperkingen</tussenkop><al>Bij de geldigheid van een burgerinitiatief gaat het niet alleen om de vraag men
                    of initiatiefgerechtigd is en of het voorstel door voldoende
                    initiatiefgerechtigden wordt ondersteund. Het is verstandig om ook beperkingen
                    te stellen aan de inhoud van het burgerinitiatief. De in het eerste lid
                    opgenomen beperkingen vloeien vooral voort uit doelmatigheidsoverwegingen. Zo is
                    het weinig efficiënt de gemeenteraad te belasten met de beraadslaging over een
                    onderwerp dat niet tot de bevoegdheid van de gemeente behoort (sub a).</al><al>Een vraag over gemeentelijk beleid kan ook geen onderwerp van een
                    burgerinitiatief zijn (sub b). Voor dit soortvragen staan de burger andere wegen
                    open, zoals het sturen van een brief of het aanvragen van een gesprek met de
                    wethouder.Ook moet worden voorkomen dat het burgerinitiatief andere procedures
                    zoals bezwaar- of de klachtprocedure</al><al>doorkruist (sub c en e). Met het oog hierop is bepaald dat het burgerinitiatief
                    geen bezwaar tegen eengenomen besluit of een klacht over een gedraging van het
                    gemeentebestuur kan inhouden. Hiervoor heeft deburger andere wegen.Voorts is het
                    niet wenselijk dat met betrekking tot financiële aangelegenheden van de gemeente
                    eenburgerinitiatief kan worden ingediend. Het gaat hierbij om integrale
                    documenten die zich niet lenen voor eenburgerinitiatief. Vandaar dat, evenals in
                    diverse andere gemeenten, de gemeentelijke begroting, tarieven enbelastingen
                    zijn uitgezonderd (sub h).</al><al>Benoemingen en aanstellingen van personen lenen zich evenmin voor een
                    burgerinitiatief (sub d).Evenmin is het de bedoeling dat zaken die recent nog in
                    de raad aan de orde zijn geweest opnieuwonderwerp van bespreking worden als
                    gevolg van een burgerinitiatief. Dit zou de besluitvorming door de raadte zeer
                    kunnen frustreren. De raad kan zelf bepalen welke termijn zij daarvoor geschikt
                    acht. In de verordeningis gekozen voor de periode van 2 jaar, dan wel de huidige
                    raadsperiode. Er kan geen burgerinitiatief wordeningediend over een onderwerp
                    waarover de raad korter dan 2 jaar tevoren, dan wel in de raadsperiode waarinhet
                    burgerinitiatief wordt ingediend, een besluit heeft genomen (sub f). Het is aan
                    de initiatiefnemer om aan tetonen dat het burgerinitiatief een voorstel betreft
                    dat eerder geen onderwerp van een raadsbesluit is geweest.</al><tussenkop>Artikel 5: Procedure bij indiening</tussenkop><al>Het burgerinitiatief moet schriftelijk aan de raad worden gericht ter attentie
                    van de griffier. De burger moet erop kunnen vertrouwen dat de raad zijn voorstel
                    spoedig technisch toetst aan de vereisten en een besluit neemt over de
                    toelaatbaarheid. Hierin voorziet het tweede lid. De gekozen termijn van twee
                    weken is voldoende om te kunnen controleren of het verzoek aan de
                    indieningsvereisten voldoet. Een burgerinitiatief waarover de raad niet bevoegd
                    is, zal door de griffier worden doorgezonden naar het college, burgemeester of
                    andere instantie (lid 6).</al><tussenkop>Artikel 6: Advies van burgemeester en wethouders</tussenkop><al>Voor een goede behandeling in De Ronde en raad is het gewenst dat het college
                    vooraf in de gelegenheid is gesteld om haar zienswijze op het burgerinitiatief
                    kenbaar te maken aan raad- en burgerleden. Dat advies kan dan gebruikt worden in
                    hun voorbereiding. </al><tussenkop>Artikel 7: Behandeling in De Ronde</tussenkop><al>Naast het <onderstreept>inhoudelijke</onderstreept> advies van het college zal
                    de griffier een procedureel advies toevoegen aan het raadsvoorstel, dat in De
                    Ronde ter advisering voorligt.</al><tussenkop>Artikel 8: Besluitvorming in de gemeenteraad</tussenkop><al>Ook kan de raad van mening zijn dat nader onderzoek moet worden gedaan. De
                    initiatiefnemer zal hoe dan ook steeds over het vervolgtraject worden ingelicht
                    en waar nodig en mogelijk erbij worden betrokken. In de praktijk zal dit
                    betekenen dat elk burgerinitiatief voor advies zal worden voorgelegd aan het
                    college. Dat is ook logisch want dan het college gemotiveerd aangeven wat nodig
                    is om een burgerinitiatief verder uit te werken. Op basis van dat advies kan de
                    raad een gemotiveerde afweging maken.</al><tussenkop>Artikel 9: Berichtgeving </tussenkop><al>Met dit artikel worden waarborgen gecreëerd voor transparantie bij de
                    afhandeling van het burgerinitiatief door de raad.</al><tussenkop>Artikel 10: Bezwaar en beroep</tussenkop><al>Wordt het verzoek tot plaatsing van het burgerinitiatief op de raadsagenda door
                    de raad afgewezen, dan iser sprake van een besluit in de zin van de Algemene wet
                    bestuursrecht waartegen bezwaar en beroep op de</al><al>rechter openstaan. Besluit de raad het burgerinitiatief te agenderen, dan is er
                    sprake van een voorbereidingsbeslissing die niet vatbaar is voor bezwaar of
                    beroep (artikel 6:3 Awb).</al><al>Afhankelijk van de inhoud van de beslissing op het initiatief zelf, zal er
                    sprake zijn van een besluit in de zinvan de Algemene wet bestuursrecht dat
                    vatbaar is voor bezwaar en beroep.</al><tussenkop>Artikel 11: Verantwoording in het Burgerjaarverslag</tussenkop><al>De burgemeester zal jaarlijks een verslag over het burgerinitiatief uit brengen.
                    Hierbij valt te denken aangetalsmatige gegevens (aantal ingediende, aantal
                    toegewezen en aantal afgewezen burgerinitiatieven), en</al><al>aan een beknopt overzicht van de inhoud van de burgerinitiatieven, de besluiten
                    van de raad over deburgerinitiatieven en de motivatie op grond waarvan de raad
                    tot deze besluiten is gekomen. In het Wet</al><al>dualisering gemeentebestuur is voor de burgemeester de plicht opgenomen een
                    burgerjaarverslag op testellen. Om praktische redenen is ervoor gekozen het
                    verslag over het burgerinitiatief daarin op te nemen.</al></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>