<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR357474_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening sociale raad 2015</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Tilburg</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-05-01</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Tilburg</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Gemeenteblad, 2015, 10446</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening sociale raad 2015</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0005416&amp;artikel=149">Gemeentewet, art. 149</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0035362">Wet maatschappelijke ondersteuning, art. 2.1.3, lid 3</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0015703&amp;artikel=47">Participatiewet, art. 47</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0034925&amp;artikel=2.7">Jeugdwet, art. 2.7</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>maatschappelijke zorg en welzijn</dcterms:subject><dcterms:issued>2014-11-10</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2015-02-06</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:terugwerkendekrachtDatum>2015-01-01</overheidrg:terugwerkendekrachtDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>2014_118</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Deze regeling vervangt de verordening op de cliëntenparticipatie WWB 2012 en de verordening cliëntenparticipatie gehandicaptenbeleid.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening sociale raad 2015</intitule><regeling><aanhef><preambule><al><vet>Tekst van de regeling</vet></al><al/><al>De raad van de gemeente Tilburg;</al><al>gezien het voorstel van burgemeester en wethouders;</al><lijst><li nr="-"><al>Gemeentewet, art. 149</al></li><li nr="-"><al>Art 2.1.3 lid 3 Wmo, art. 47 Participatiewet, art. 2.7 Jeugdwet</al></li></lijst><al><vet>Besluit</vet></al><lijst><li nr="A."><al>In te trekken de verordening op de cliëntenparticipatie WWB 2012,
                                zoals vastgesteld op 6 februari 2012, met inbegrip van de nadien
                                doorgevoerde wijzigingen.</al></li><li nr="B."><al>In te trekken de verordening clientenparticipatie
                                gehandicaptenbeleid, zoals vastgesteld op 18 februari 2002, met
                                inbegrip van de nadien doorgevoerde wijzigingen.</al></li><li nr="C."><al>Vast te stellen de nieuwe Verordening sociale raad 2015, waarin
                                onder andere staat dat;</al><al>a) de cliënten- en burgerparticipatie zoals bedoeld in artikel 2.1.3
                                lid 3 van de Wmo, artikel 47 van de Participatiewet en artikel 2.7
                                van de Jeugdwet wordt opgedragen aan de Sociale Raad; </al><al>b) De min. 9 en max. 12 leden aantoonbaar grote betrokkenheid bij en
                                deskundigheid van een of meerdere beleidsterreinen binnen het
                                sociale domein dienen te hebben en zij hun werkzaamheden verrichten
                                zonder last of ruggespraak;</al><al>c) Het college jaarlijks een subsidie beschikbaar stelt voor de
                                werkzaamheden van de Sociale Raad; </al><al>d) De verordening in werking treedt op 1 januari 2015.</al></li></lijst><al/><al><vet>Verordening sociale raad 2015</vet></al><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><al>Deze verordening verstaat onder:</al><al>Sociaal domein: Wmo, Participatiewet en Jeugdwet</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.</nr><titel>Taken en bevoegdheden</titel></kop><al>De clienten- en burgerparticipatie zoals bedoeld in artikel 2.1.3 lid 3 van
                        de Wmo, artikel 47 van de Particitpatiewet en artikel 2.7 van de Jeugdwet.
                    </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.</nr><titel>Samenstelling sociale raad</titel></kop><al>De sociale raad bestaat uit ten minste 9 en maximaal 12 leden.</al><al>De sociale raad wijst een onafhankelijke voorzitter aan uit zijn
                        midden.</al><al>De leden van de sociale raad hebben aantoonbaar grote betrokkenheid bij en
                        deskundigheid van een of meerdere beleidsterreinen binnen het sociale
                        domein.</al><al>De leden van de sociale raad verrichten hun werkzaamheden zonder last of
                        ruggespraak.</al><al>De leden van de sociale raad zijn gezamenlijk verantwoordelijk voor de
                        uitvoering van hun taken.</al><al>De samenstelling van de sociale raad moet divers zijn. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.</nr><titel>Aanwijzing leden</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De sociale raad is verantwoordelijk voor de werving en selectie van de
                            leden en van een onafhankelijke voorzitter.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De sociale raad draagt deze leden en voorzitter voor aan het college die
                            hen benoemt voor de duur van max. 4 jaar met de mogelijkheid tot
                            eenmalige verlenging.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college kan om zwaarwegende reden gemotiveerd van een benoeming
                            afzien.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.</nr><titel>Informatie</titel></kop><al>Het college verstrekt aan de sociale raad tijdig alle inlichtingen en
                        gegevens die deze voor de vervulling van zijn taak redelijkerwijze nodig
                        heeft.</al><al>De sociale raad brengt haar (on)gevraagde adviezen aan het college
                        schriftelijk uit.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.</nr><titel>Contactambtenaren</titel></kop><al>De gemeente wijst vaste contactambtenaren aan als aanspreekpunt voor de
                        communicatie met de sociale raad</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.</nr><titel>Overleg</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Tussen de verantwoordelijke wethouders en de sociale raad vindt minimaal
                            twee maal per jaar een overleg plaats.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Daarnaast vindt minimaal 2 maal per jaar overleg plaats tussen de
                            contactambtenaren en vertegenwoordigers van de sociale raad.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8.</nr><titel>Budget</titel></kop><al>Het college stelt jaarlijks subsidie beschikbaar voor de werkzaamheden van
                        de sociale raad.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9.</nr><titel>Huishoudelijk reglement</titel></kop><al>De sociale raad stelt een reglement vast waarin de onderwerpen worden
                        geregeld die aan de sociale raad zijn opgedragen en overgelaten. Daarbij
                        wordt in ieder geval geregeld de wijze waarop:</al><lijst><li nr="a."><al>minimaal zes keer per jaar periodiek overleg wordt gevoerd</al></li><li nr="b."><al>onderwerpen voor de agenda worden aangemeld</al></li><li nr="c."><al>besluitvorming over een advies tot stand komt</al></li><li nr="d."><al>jaarlijks het jaarplan, de begroting en de (financiële)
                                verantwoording worden ingevuld</al></li><li nr="e."><al>de bekendheid van de Sociale raad wordt vergroot</al></li><li nr="f."><al>de werving en selectie van de onafhankelijke voorzitter en de leden
                                plaatsvindt</al></li><li nr="g."><al>de sociale raad handelt bij het disfunctioneren van een lid/de
                                voorzitter van de sociale raad</al></li><li nr="h."><al>jeugdigen en hun ouders worden betrokken</al></li><li nr="i."><al>belangenorganisaties, cliëntenraden en doelgroepen worden bevraagd
                                en geïnformeerd</al></li><li nr="j."><al>belangenorganisaties, cliëntenraden en doelgroepen wordt de
                                mogelijkheid geboden signalen over beleidsuitvoering door te
                                geven.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 januari 2015</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Met ingang van die dag vervalt de verordening op de cliëntenparticipatie
                            WWB 2012 zoals vastgesteld door de gemeenteraad van Tilburg bij besluit
                            van 6 februari 2012, met inbegrip van de nadien doorgevoerde
                            wijzigingen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Met ingang van die dag vervalt de verordening cliënten participatie
                            gehandicaptenbeleid zoals vastgesteld door de gemeenteraad van Tilburg
                            bij besluit van 18 februari 2002, met inbegrip van de nadien
                            doorgevoerde wijzigingen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als "Verordening sociale raad 2015"</al></artikel></regeling-tekst><bijlage><kop><titel>Bijlage</titel></kop><tussenkop>Toelichting</tussenkop><tussenkop>Toelichting art 2. Taken en bevoegdheden</tussenkop><al>Art. 2.1.3 lid 3 van de Wmo </al><al>In de verordening wordt bepaald op welke wijze ingezetenen worden betrokken bij
                    de uitvoering van deze wet, waarbij in ieder geval wordt geregeld de wijze
                    waarop zij: </al><lijst><li nr="a."><al>in de gelegenheid worden gesteld voorstellen voor het beleid te
                            doen;</al></li><li nr="b."><al>vroegtijdig in staat worden gesteld gevraagd en ongevraagd advies uit te
                            brengen bij de besluitvorming over verordeningen en
                            beleidsvoorstellen;</al></li><li nr="c."><al>worden voorzien van ondersteuning om hun rol effectief te kunnen
                            vervullen;</al></li><li nr="d."><al>deel kunnen nemen aan periodiek overleg;</al></li><li nr="e."><al>onderwerpen voor de agenda van dit overleg kunnen aanmelden;</al></li><li nr="f."><al>worden voorzien van de voor een adequate deelname aan het overleg
                            benodigde informatie.</al></li></lijst><tussenkop>Artikel 47 - Cliëntenparticipatie Participatiewet</tussenkop><al>De gemeenteraad stelt bij verordening regels over de wijze waarop de personen,
                    bedoeld in artikel 7 lid 1 of hun vertegenwoordigers worden betrokken bij de
                    uitvoering van de wet, waarbij in ieder geval wordt geregeld de wijze waarop
                    deze personen of hun vertegenwoordigers:</al><lijst><li nr="a."><al>vroegtijdig in staat worden gesteld gevraagd en ongevraagd advies uit te
                            brengen bij de besluitvorming over verordeningen en
                            beleidsvoorstellen;</al></li><li nr="b."><al>worden voorzien van ondersteuning om hun rol effectief te kunnen
                            vervullen;</al></li><li nr="c."><al>deel kunnen nemen aan periodiek overleg;</al></li><li nr="d."><al>onderwerpen voor de agenda van dit overleg kunnen aanmelden;</al></li><li nr="e."><al>worden voorzien van de voor een adequate deelname aan het overleg
                            benodigde informatie.</al></li></lijst><tussenkop>Artikel 2.7 van de Jeugdwet .</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Het college betrekt de ingezetenen van de gemeente, met name jeugdigen
                            en hun ouders, en belanghebbende natuurlijke en rechtspersonen bij de
                            voorbereiding van het beleid inzake jeugdhulp, de
                            kinderbeschermingsmaatregelen en de jeugdreclassering op de wijze
                            voorzien in de krachtens artikel 150 van de Gemeentewet vastgestelde
                            verordening.</al></li><li nr="2."><al>Het college stelt ingezetenen van de gemeente, met name jeugdigen en hun
                            ouders, en in de gemeente belang hebbende natuurlijke en rechtspersonen
                            vroegtijdig in de gelegenheid zelfstandig voorstellen voor het beleid
                            inzake jeugdhulp, jeugdbescherming en jeugdreclassering te doen.</al></li><li nr="3."><al>Het college verschaft informatie die nodig is ter uitvoering van het
                            eerste en tweede lid.</al></li><li nr="4."><al>Onverminderd het eerste lid vergewist het college zich bij de
                            voorbereiding van het beleid van de belangen en behoeften van jeugdigen
                            en ouders die hun belangen en behoeften niet goed kenbaar kunnen
                            maken.</al></li></lijst><tussenkop>Toelichting art 4 Aanwijzing leden</tussenkop><lijst><li nr="4."><al>1 Met betrekking tot de voordracht en werving van leden verzorgt de
                            Sociale raad een open sollicitatieronde. De selectie vindt plaats op
                            basis van een door de sociale raad opgestelde profielschets. De
                            selectiegesprekken worden gehouden door een selectiecommissie van de
                            sociale raad.</al></li><li nr="4."><al>2 Zwaarwegende redenen zijn bijvoorbeeld ongeschiktheid van leden door
                            tegenstrijdige belangen, fraude of misbruik.</al></li></lijst><tussenkop>Toelichting art 5. Informatie</tussenkop><al>Het college streeft ernaar om 4 weken van te voren ongevraagd advies te
                    vragen.</al><al/><al/><al>Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 10 november 2014</al><al>de voorzitter, </al><al>de secretaris,</al></bijlage></regeling></body></cvdr>