<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91-->
  
  
  
  
  
  
  
  
  <meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR356139_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Mandaatbesluit gemeente Assen 2015</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Assen</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-04-04</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Assen</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/zoeken/gemeenteblad">Gemeenteblad, 27 januari 2015</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Onbekend</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Algemene wet bestuursrecht, art. 1, lid 10.1.1</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 75,</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 156</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 165</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 168</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art 178</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">college van burgemeester en wethouders</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2015-01-20</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2015-01-28</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2016-09-06</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>BB 00010</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Nieuwe regeling</al></overheidrg:redactioneleToevoeging><overheidrg:externeBijlage>exb-2017-13375</overheidrg:externeBijlage></cvdripm></meta>
  
  <body><intitule>
      Mandaatbesluit gemeente Assen 2015
    </intitule>
    
    <regeling>
      <aanhef>
        <preambule>
          <al>
            <vet>Mandaatbesluit gemeente Assen 2015</vet>
          </al>
        </preambule>
      </aanhef>
      <regeling-tekst>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>0 ALGEMENE REGELS </label>
          </kop>
          <structuurtekst>
            <al>In het eerste onderdeel (0.1)wordt nader ingegaan op de wettelijke
                                voorschriften met betrekking tot mandaat. In het tweede gedeelte
                                (0.2) is het mandaatreglement opgenomen. Het sluitstuk is de
                                mandaatlijst.</al>
          </structuurtekst>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>0.1. Wettelijke bepalingen uit de Awb</label>
          </kop>
          <structuurtekst>
            <al>Sinds 1 januari 1998 zijn er wettelijke voorschriften over mandaat.
                                Deze bepalingen zijn opgenomen in hoofdstuk 10, titel 10.1 van de
                                Algemene wet bestuursrecht (Awb).</al>
          </structuurtekst>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Begripsomschrijving</label>
          </kop>
          <structuurtekst>
            <al>In artikel 10:1 Awb is de definitie van mandaat opgenomen. Mandaat
                                is de bevoegdheid om in naam van een bestuursorgaan een besluit te
                                nemen.</al>
            <al>Het bestuursorgaan dat het mandaat verleent, wordt in het vervolg
                                van dit besluit mandaatverlener genoemd en degene die het mandaat
                                ontvangt, wordt hierna de gemandateerde genoemd.</al>
            <al>Het rechtsgevolg van mandaat is dat het besluit dat krachtens
                                mandaat is genomen rechtens geldt als een besluit van het
                                bestuursorgaan. Het bestuursorgaan blijft derhalve
                                verantwoordelijk.</al>
          </structuurtekst>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Hoofdregel</label>
          </kop>
          <structuurtekst>
            <al>Artikel 10:3, lid 1 Awb geeft de hoofdregel dat een bestuursorgaan
                                mandaat kan verlenen, tenzij:</al>
            <lijst>
              <li nr="a."><al>bij wettelijk voorschrift anders is bepaald of</al></li>
              <li nr="b."><al>de aard van de bevoegdheid zich tegen mandaatverlening
                                        verzet. Instructie/inlichtingen</al></li>
            </lijst>
            <al>Artikel 10:6 Awb bepaalt dat de mandaatgever de gemandateerde in het
                                algemeen of per geval instructies kan geven ter zake van de
                                uitoefening van de gemandateerde bevoegdheid. Daarnaast verschaft de
                                gemandateerde de mandaatgever op diens verzoek inlichtingen over de
                                uitoefening van de bevoegdheid.</al>
            <al>Het in 0.2 opgenomen Mandaatreglement is te beschouwen als een
                                instructie als bedoeld in dit artikel 10:6 van de Awb.</al>
            <al>De in dit genoemd reglement opgenomen bepalingen zijn een nadere
                                uitwerking van de bepalingen van de Awb en moeten door de
                                gemandateerde, naast de wettelijke bepalingen, in acht worden
                                genomen bij de uitoefening van de gemandateerde bevoegdheden.</al>
          </structuurtekst>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Bevoegdheid</label>
          </kop>
          <structuurtekst>
            <al>Artikel 10:7 Awb bepaalt dat de mandaatverlener, ondanks een
                                verleend mandaat, altijd bevoegd blijft de gemandateerde bevoegdheid
                                uit te oefenen. Op zich is deze bepaling inherent aan de figuur van
                                mandaat. Aan de andere kant is het van belang hier terughoudend mee
                                om te gaan, omdat er anders onduidelijke situaties kunnen ontstaan.
                                In het reglement zijn ten aanzien hiervan nadere "spelregels"
                                opgenomen.</al>
          </structuurtekst>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Wijze van ondertekenen</label>
          </kop>
          <structuurtekst>
            <al>Artikel 10:10 Awb bepaalt dat een krachtens mandaat genomen besluit
                                vermeldt namens welk bestuursorgaan het besluit is genomen. De wijze
                                van ondertekening is opgenomen in het Mandaatreglement.</al>
          </structuurtekst>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Ondertekening mandaat</label>
          </kop>
          <structuurtekst>
            <al>Zoals uit de definitie blijkt, gaat het bij het verlenen van een
                                mandaat om het nemen van besluiten.</al>
            <al>Dat impliceert ook de ondertekening van dat besluit. Degene die de
                                beslissing neemt, ondertekent het besluit op de in het
                                Mandaatreglement voorgeschreven wijze. De wijze van ondertekening is
                                met een handgeschreven of een niet gekwalificeerde digitale
                                handtekening. Omdat bij dit Mandaatbesluit voldoende herleidbaar en
                                vastgesteld is bij welke functionaris de gemandateerde bevoegdheid
                                is neergelegd kan zelfs iedere vorm van ondertekening worden
                                weggelaten.</al>
          </structuurtekst>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Andere rechtsvormen (volmacht)</label>
          </kop>
          <structuurtekst>
            <al>Mandaat betreft een publiekrechtelijke
                                vertegenwoordigingsbevoegdheid. Artikel 10:12 Awb bevat een
                                zogenaamde schakelbepaling. Dat wil zeggen dat de bepalingen van de
                                Awb van overeenkomstige toepassing zijn bij het aan personen,
                                werkzaam onder zijn verantwoordelijkheid geven van:</al>
            <lijst>
              <li nr="-"><al>een volmacht tot het verrichten van privaatrechtelijke
                                        rechtshandelingen en</al></li>
              <li nr="-"><al>een machtiging tot het verrichten van handelingen die een
                                        besluit, noch een privaatrechtelijke rechtshandeling zijn,
                                        zoals feitelijke handelingen, niet schriftelijke
                                        beslissingen.</al></li>
            </lijst>
            <al>Voor deze bepaling is gekozen om ervoor te zorgen dat binnen een
                                bestuursorgaan één regeling van toepassing is. De bepalingen van de
                                Awb gaan voor de bepalingen uit het Burgerlijk Wetboek. De
                                bepalingen uit het Burgerlijk Wetboek kunnen wel toepassing vinden,
                                zolang ze niet in strijd zijn met de bepalingen van de Awb.</al>
            <al>Mede om deze reden en om te zorgen voor een zo volledig mogelijk
                                overzicht van bevoegdheden die namens de bestuursorganen worden
                                uitgeoefend, is ervoor gekozen zoveel mogelijk ook de volmachten en
                                de machtigingen in het mandaatbesluit op te nemen.</al>
            <al>Het Mandaatreglement geldt dan ook voor de uitoefening van die
                                bevoegdheden.</al>
          </structuurtekst>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>0.2 Het Mandaatreglement</label>
          </kop>
          <structuurtekst>
            <al>Naast de bepalingen in de Algemene wet bestuursrecht gelden ten
                                aanzien van de uitoefening van de in het mandaatbesluit opgenomen
                                mandaten de volgende bepalingen. </al>
            <al>1. Bij de uitoefening van de gemandateerde bevoegdheden neemt de
                                gemandateerde het bepaalde bij of krachtens wetten, besluiten,
                                verordeningen, circulaires, richtlijnen, beleidsregels en algemeen
                                vastgesteld beleid in acht. </al>
            <al>2. Als het college c.q. de burgemeester mandaat verleent ten aanzien
                                van de uitvoering van een bevoegdheid, moet deze opgevat worden in
                                de ruime zin. Naast het nemen van besluiten wordt hieronder in ieder
                                geval verstaan:</al>
            <lijst>
              <li nr="-"><al>het nemen van alle voorbereidingsbesluiten en het verrichten
                                        van alle voorbereidingshandelingen;</al></li>
              <li nr="-"><al>het uitreiken van bewijs van ontvangst aanvragen e.d.;</al></li>
              <li nr="-"><al>het vaststellen van formulieren voor het indienen van
                                        aanvragen e.d.</al></li>
              <li nr="-"><al>verdagen en/of uitstellen;</al></li>
              <li nr="-"><al>verzoeken om aanvullende informatie;</al></li>
              <li nr="-"><al>het doorzenden van geschriften tot behandeling waarvan
                                        kennelijk een ander bestuursorgaan bevoegd is;</al></li>
              <li nr="-"><al>het voeren van correspondentie, die direct te maken heeft
                                        met de opgedragen taken;</al></li>
              <li nr="-"><al>het stellen van nadere voorwaarden;</al></li>
              <li nr="-"><al>het toekennen van bedragen in termijnen;</al></li>
              <li nr="-"><al>het afleggen van verantwoording aan het rijk;</al></li>
              <li nr="-"><al>het bekend maken van besluiten/beschikkingen;</al></li>
              <li nr="-"><al>en alle andere besluiten die genomen moeten worden en alle
                                        andere handelingen die moeten worden verricht binnen het
                                        kader van de uitvoering van de verleende bevoegdheid.</al></li>
            </lijst>
            <al>3. In het geval van afwezigheid van de gemandateerde kunnen de
                                mandaten worden uitgeoefend door zijn plaatsvervanger.</al>
            <al>4.1. De gemandateerde dient bij de uitoefening van de gemandateerde
                                bevoegdheid ervan bewust te zijn dat het krachtens mandaat genomen
                                besluit geldt als een besluit van het bestuursorgaan en dat het in
                                bepaalde gevallen gelet op de verantwoordelijkheid van het
                                bestuursorgaan van belang is hiermee te overleggen. </al>
            <al>4.2. In het geval een krachtens mandaat, te nemen besluit, inclusief
                                de in punt 2 van dit Mandaatreglement genoemde bevoegdheden,
                                voorzienbaar belangrijke politieke, beleidsmatige of financiële
                                gevolgen heeft of zou kunnen hebben, overlegt de gemandateerde over
                                zijn voorgenomen besluit met de gemeentesecretaris in hoeverre het
                                besluit aan het college van burgemeester en wethouder wordt
                                voorgelegd. De gemeentesecretaris geeft aan wat het vervolg is.</al>
            <al>4.3. De gemeentesecretaris voert wijzigingen door binnen door het
                                college vastgestelde mandatenlijst.</al>
            <al>5.1. In een krachtens mandaat genomen besluit wordt vermeld namens
                                welk bestuursorgaan het besluit is genomen. Degene die het besluit
                                in mandaat neemt, ondertekent het besluit namens het bestuursorgaan. </al>
            <al>5.2. De ondertekening is dan als volgt:</al>
            <lijst>
              <li nr="-"><al>naam bestuursorgaan;</al></li>
              <li nr="-"><al>namens deze(n);</al></li>
              <li nr="-"><al>handtekening;</al></li>
              <li nr="-"><al>naam van de gemandateerde;</al></li>
              <li nr="-"><al>functieaanduiding.</al></li>
            </lijst>
            <al>6.0. De burgemeester verleent volmacht aan een
                                budgetverantwoordelijke, conform het budgetbesluit, voor het
                                verrichten van privaatrechtelijke rechtshandelingen die rechtstreeks
                                voortvloeien uit hoofde van zijn budgetverantwoordelijkheid. Deze
                                volmacht geldt in brede zin.</al>
            <al>6.1. Algemene machtiging wordt verleend aan de juridisch adviseurs A
                                en B van het team Juridische Zaken van de eenheid BMA, de
                                heffingsambtenaar en diens plaatsvervangers, Specialist B (juristen)
                                van het team grondzaken en ruimtelijke plannen ter
                                vertegenwoordiging van de gemeente en haar bestuursorganen in
                                bestuursrechtelijke geschillen bij de rechtbank.</al>
            <al>7.0. Voor zover de wettelijke grondslag van een bevoegdheid wijzigt
                                zonder dat de bevoegdheid zelf is gewijzigd, blijft het mandaat van
                                kracht.</al>
          </structuurtekst>
        </hoofdstuk>
      </regeling-tekst>
      <regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering>
        
        <ondertekening>Aldus vastgesteld in de vergadering van B&amp;W op 20 januari 2015</ondertekening>
        <ondertekening/>
        <ondertekening/>
        <ondertekening>M. Out, voorzitter</ondertekening>
        <ondertekening>mw. I. Oostmeijer-Oosting, secretaris</ondertekening>
      </regeling-sluiting>
      <bijlage>
        
        <al>
          <extref doc="/cvdr/images/Assen/i249639.pdf">Mandaatlijst 2015</extref>
        </al>
      </bijlage>
    </regeling>
  </body>
</cvdr>