<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.92--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR355487_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Marktverordening gemeente Heerhugowaard 2014</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Heerhugowaard</dcterms:creator><dcterms:modified>2015-02-03</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Heerhugowaard</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Publicatie via www.offiecielebekendmakingen.nl d.d. 26-1-2015</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Marktverordening Heerhugowaard 2014</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 149</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2014-04-22</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2015-02-03</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:terugwerkendekrachtDatum>2014-04-11</overheidrg:terugwerkendekrachtDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2023-11-21</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>RB2014017 en Bij1304021</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>verordeningen</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Marktverordening gemeente Heerhugowaard 2014 </intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Heerhugowaard; </al><al/><al>gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 4 februari 2014
                        (BW14-0059);</al><al/><al>gelet op artikel149 van de Gemeentewet;</al><al/><al>gezien het advies van de commissie Middelen;</al><al/><al>besluit de volgende verordening vast te stellen:</al><al/><al><vet>Marktverordening Gemeente Heerhugowaard 2014</vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>1.</nr><titel>Algemene bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.</nr><titel>Toepassingsgebied</titel></kop><al>Deze verordening is van toepassing op alle door burgemeester en
                            wethouders ingestelde warenmarkten die op gezette tijden worden
                            gehouden. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.</nr><titel>Inrichtingsplan</titel></kop><al>1.Voor elke markt stellen burgemeester en wethouders een inrichtingsplan
                            vast, dat in elk geval bevat:</al><lijst><li nr="a."><al>aanduiding van de dagen en de uren waarop en eventueel de
                                    periode waarin de markt wordt gehouden (markttijd);</al></li><li nr="b."><al>een kaart van de markt;</al></li><li nr="c."><al>indien van toepassing, mededeling dat het anciënniteitsstelsel
                                    van artikel 5 van toepassing is;</al></li><li nr="d."><al>aanduiding van de wijze waarop nieuwe
                                    vaste-standplaatsvergunningen, dagplaatsvergunningen en
                                    standwerkvergunningen] kunnen worden verstrekt (selectiestelsel
                                    van artikel 7 of lotingsstelsel van artikel 8);</al><al>2.Op de kaart zijn aangegeven:</al></li><li nr="a."><al>de grenzen van de markt;</al></li><li nr="b."><al>de plaatsen of gebieden die bestemd zijn voor houders van een
                                    vaste-standplaatsvergunning;</al></li><li nr="c."><al>voor zover van toepassing, de plaatsen of gebieden die bij
                                    voorrang zijn bestemd voor een of meer branches of
                                    artikelgroepen alsmede, indien van toepassing, de maximum
                                    aantallen vaste-standplaatsvergunningen die voor een of meer
                                    branches of artikelgroepen of combinaties daarvan kunnen worden
                                    afgegeven;</al></li><li nr="d."><al>indien van toepassing, de plaatsen of gebieden die bij voorrang
                                    zijn bestemd voor houders van een dagplaatsvergunning;</al></li><li nr="e."><al>indien van toepassing, de plaatsen of gebieden die bij voorrang
                                    zijn bestemd voor houders van een standwerkvergunning.</al><lijst><li nr="3."><al>Als een standplaats, bestemd voor de houder van een
                                            vaste-standplaatsvergunning bij aanvang van de weekmarkt
                                            of bij een dagplaatsvergunning om 8:30 uur (jaarmarkt)
                                            nog niet door de vergunninghouder of diens
                                            plaatsvervanger is ingenomen, kan daarvoor een
                                            dagplaatsvergunning worden afgegeven.</al></li><li nr="4."><al>Het inrichtingsplan is gedurende markttijd bij de markt
                                            aanwezig en in te zien.</al></li></lijst></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.</nr><titel>Vergunningen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het is verboden, op een markt zonder vaste-standplaatsvergunning of
                                dagplaatsvergunning van burgemeester en wethouders een standplaats
                                voor het uitoefenen van markthandel in te nemen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een vaste-standplaatsvergunning geldt voor onbepaalde tijd en voor
                                de op de vergunning vermelde standplaats, tenzij de vergunning
                                anders bepaalt. Burgemeester en wethouders kunnen in bijzondere
                                gevallen een andere standplaats aanwijzen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Een dagplaatsvergunning geldt voor één dag en voor de op de
                                vergunning vermelde standplaats.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het is verboden, op een markt zonder standwerkvergunning van
                                burgemeester en wethouders als standwerker op te treden op een
                                markt. Onder standwerker wordt verstaan iemand die publiek om zich
                                heen verzamelt en dat door een aansprekende uiteenzetting probeert
                                over te halen artikelen te kopen.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Aan een vergunning kunnen voorschriften en beperkingen worden
                                verbonden.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Vergunning kan enkel worden verleend aan een handelingsbekwame
                                natuurlijke persoon die gerechtigd is in Nederland arbeid te
                                verrichten en die geen vaste-standplaatsvergunning heeft voor de
                                betrokken markt.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.</nr><titel>Mandaatverboden</titel></kop><al>De bevoegdheid tot het vaststellen van inrichtingsplannen kan niet
                            worden gemandateerd. De bevoegdheid tot wijzigen daarvan en die tot het
                            verlenen of het intrekken van een vaste-standplaatsvergunning kan niet
                            aan de marktmeester of een andere toezichthouder worden
                            gemandateerd.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>2.</nr><titel>Vaste-standplaatsvergunningen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.</nr><titel>Vrijgekomen standplaats; plaatsverbetering volgens
                                anciënniteitslijst</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Als op grond van het inrichtingsplan voor een markt het
                                anciënniteitsstelsel wordt gehanteerd, geldt het volgende.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders houden een lijst bij van de houders van
                                een vaste-standplaatsvergunning, met vermelding van de datum waarop
                                de betrokkenen voor het eerst een vaste-standplaatsvergunning werd
                                verleend en met vermelding van de branche waartoe zij behoren of de
                                artikelen die zij verhandelen (anciënniteitslijst).</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Als een standplaats vrijkomt die werd ingenomen door de houder van
                                een vaste-standplaatsvergunning, kan deze op aanvraag worden
                                toegewezen aan de hoogstgeplaatste aanvrager op de
                                anciënniteitslijst in volgorde van de datum waarop hem voor het
                                eerst een vaste-standplaatsvergunning werd verleend. Als de plaats
                                bestemd is voor een specifieke branche of artikelgroep, komt alleen
                                iemand in aanmerking die aan dat vereiste voldoet.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.</nr><titel>Wachtlijststelsel</titel></kop><al>Niet opgenomen</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.</nr><titel>Selectiestelsel</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Als op grond van het inrichtingsplan voor een markt het
                                    selectiestelsel wordt gehanteerd voor de toekenning van
                                    vaste-standplaatsvergunningen, geldt het volgende.</al></li><li nr="2."><al>Burgemeester en wethouders maken bekend dat voor de markt een of
                                    meer vaste-standplaatsvergunningen kunnen worden verleend, voor
                                    welke branche of artikelgroep dit geldt en dat gegadigden voor
                                    een vergunning vóór de daarbij genoemde datum daarvoor een
                                    aanvraag kunnen indienen. </al></li><li nr="3."><al>De bekendmaking geschiedt door openbare kennisgeving in
                                    brancheblad, zoals “De Koopman”.</al></li><li nr="4."><al>Bij de beoordeling van de aanvragen kennen burgemeester en
                                    wethouders punten toe aan de hand van de volgende aspecten en
                                    tot het daarbij vermelde maximum aantal:</al><lijst><li nr="a."><al>of het assortiment van de gegadigde een gewenste
                                            toevoeging aan het marktassortiment vormt (20);</al></li><li nr="b."><al>de uitstraling van de uitstalling (20);</al></li><li nr="c."><al>het marktverleden van de gegadigde en de indruk die hij
                                            maakt (20);</al></li><li nr="d."><al>of bij de gegadigde sprake is van maatschappelijk
                                            verantwoord ondernemen (20).</al><al>Gegadigden komen in aanmerking in de volgorde van het
                                            aantal toegekende punten.</al></li></lijst></li></lijst><al>5.Burgemeester en wethouders leggen de aanvragen om advies voor aan de
                            marktcommissie</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8.</nr><titel>Loting</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Als op grond van het inrichtingsplan voor een markt het
                                lotingsstelsel wordt gehanteerd voor de toekenning van
                                vaste-standplaatsvergunningen, geldt het volgende.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders maken bekend dat voor de markt een of
                                meer vaste-standplaatsvergunningen kunnen worden verleend, voor
                                welke branche of artikelgroep dit geldt en dat gegadigden voor een
                                vergunning vóór de daarbij genoemde datum daarvoor een aanvraag
                                kunnen indienen. Op de bekendmaking is artikel 7, derde lid, van
                                overeenkomstige toepassing.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Een vergunning wordt door loting toegewezen aan een in aanmerking
                                komende gegadigde. Gaat het om een bepaalde branche of artikelgroep,
                                dan wordt per branche of artikelgroep geloot. De in aanmerking
                                komende gegadigden worden uitgenodigd bij de loting aanwezig te
                                zijn.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9.</nr><titel>Overschrijven vaste-standplaatsvergunning</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Wenst de houder van een vaste-standplaatsvergunning niet langer zelf
                                gebruik te maken van de vergunning of is hij overleden of onder
                                curatele gesteld, dan kunnen burgemeester en wethouders op aanvraag
                                van de vergunninghouder, zijn erven of zijn curator
                                devergunning overschrijven op naam van zijn echtgenoot,
                                geregistreerde partner of andere persoon met wie hij duurzaam
                                samenwoonde, of zijn kind.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Kan deze weg niet worden gevolgd, dan kan de vergunning op aanvraag
                                worden overgeschreven op een door de vergunninghouder, zijn erven of
                                zijn curator voorgedragen gegadigde. In dat geval kunnen
                                burgemeester en wethouders de overschrijving weigeren als voor de
                                markt een selectiestelsel geldt en de gegadigde naar hun oordeel
                                niet voor een vaste-standplaatsvergunning in aanmerking komt gelet
                                op de in artikel 7, vierde lid, genoemde factoren. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>In geval van overlijden of ondercuratelestelling van de
                                vergunninghouder wordt de aanvraag tot overschrijving binnen twee
                                maanden nadien ingediend.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders kunnen van het vorenstaande afwijken voor
                                zover de toepassing daarvan voor een of meer belanghebbenden
                                gevolgen zou hebben die wegens bijzondere omstandigheden onevenredig
                                zijn in verhouding tot de met de bepalingen te dienen doelen.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De aanvraag tot overschrijving wordt alleen geweigerd als niet wordt
                                voldaan aan de uit dit artikel voortvloeiende eisen of aan een eis
                                waaraan een houder van een vaste-standplaatsvergunning volgens deze
                                verordening moet voldoen.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Als de nieuwe vergunninghouder reeds over een
                                vaste-standplaatsvergunning voor de betrokken markt beschikt, wordt
                                deze ingetrokken.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10.</nr><titel>Intrekking en vervallen vaste-standplaatsvergunning</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders trekken een vaste-standplaatsvergunning
                                in:</al><lijst><li nr="a."><al>op schriftelijke aanvraag van de vergunninghouder; of</al></li><li nr="b."><al>twee maanden na diens overlijden of ondercuratelestelling,
                                        tenzij een aanvraag tot overschrijving is ingediend
                                        overeenkomstig artikel 9.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders kunnen een vaste-standplaatsvergunning
                                voor bepaalde of onbepaalde tijd intrekken:</al><lijst><li nr="a."><al>als de vergunninghouder ter verkrijging van de vergunning
                                        onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt;</al></li><li nr="b."><al>als de vergunninghouder, degene die hem vervangt of een
                                        persoon die hem bijstaat zich op de markt schuldig heeft
                                        gemaakt aan wangedrag of bedrog of een bij of krachtens deze
                                        verordening gestelde bepaling heeft overtreden; </al></li><li nr="c."><al>als van de vergunning gedurende ten minste zes weken geen
                                        gebruik is gemaakt; of</al></li><li nr="d."><al>als de vergunninghouder niet of niet tijdig het
                                        verschuldigde marktgeld voldoet dat wordt geheven op grond
                                        van artikel 229 van de Gemeentewet.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>In geval van intrekking voor bepaalde tijd kan tevens worden bepaald
                                dat de toegewezen standplaats vervalt.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Als de vergunninghouder of zijn overeenkomstig artikel 11 aangewezen
                                vervanger zijn standplaats niet uiterlijk om 8:30 uur (jaarmarkt) of
                                bij aanvang van de weekmarkt heeft ingenomen, vervalt de vergunning
                                voor de rest van de dag.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11.</nr><titel>Persoonlijk innemen standplaats; vervanging</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De houder van een vaste-standplaatsvergunning kan de hem toegewezen
                                standplaats laten innemen door een vervanger . Daarvan doet hij zo
                                mogelijk tevoren mededeling aan de marktmeester.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De vervanger treedt op namens de vergunninghouder. De rechten –
                                behalve die tot vervanging ingevolge het vorige lid – en
                                verplichtingen die bij of krachtens deze verordening gelden voor de
                                vergunninghouder, zijn van overeenkomstige toepassing op de
                                vervanger. De vergunninghouder blijft te allen tijde
                                eindverantwoordelijk. </al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3.</nr><titel>Dagplaatsen, standwerkers en bediening</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12.</nr><titel>Dagplaatsvergunning</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een dagplaatsvergunning kan worden verleend voor het innemen van een
                                standplaats voor het uitoefenen van markthandel op een markt op
                                plaatsen die daarvoor ingevolge het inrichtingsplan in aanmerking
                                komen en op plaatsen die niet zullen worden ingenomen door de houder
                                van een vaste-standplaatsvergunning, omdat voor de plaats geen
                                vergunning geldt, de vergunning is vervallen of omdat de
                                vergunninghouder niet in staat is de plaats in te nemen en niet is
                                voorzien in vervanging overeenkomstig artikel 11.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Voor een dagplaatsvergunning komen in aanmerkingdegenen
                                die daarvoor die dag vóór de aanvang van de markttijd bij de
                                marktmeester een aanvraag hebben ingediend, voldoen aan een
                                eventueel van toepassing zijnde branche- of artikelgroepvereiste en
                                die niet zijn uitgesloten omdat zij gedurende een of meer van de
                                voorafgaande vier marktdagen:</al><lijst><li nr="a."><al>zich op de markt schuldig hebben gemaakt aan wangedrag of
                                        aan bedrog of een bij of krachtens deze verordening gestelde
                                        bepaling hebben overtreden, of</al></li><li nr="b."><al>niet tijdig het verschuldigde marktgeld hebben voldaan dat
                                        wordt geheven op de grondslag van artikel 229 van de
                                        Gemeentewet.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders kunnen ten aanzien van een gegadigde
                                bepalen dat een uitsluitingsgrond niet geldt of dat voor de
                                toepassing van het vorige lid een langere termijn in aanmerking
                                wordt genomen.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De dagplaatsvergunningen worden verstrekt aan de in aanmerking
                                komende gegadigden met overeenkomstige toepassing van artikel 8,
                                derde lid (loting)]. Gegadigden die een artikel of artikelsoort
                                wensen te verkopen dat nog niet op de markt verkrijgbaar is, hebben
                                daarbij voorrang.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Een dagplaatsvergunning kan niet worden overgedragen. De
                                vergunninghouder kan zich niet laten vervangen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13.</nr><titel>Standwerkvergunning</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een standwerkvergunning kan worden verleend met overeenkomstige
                                toepassing van artikel 12, tweede tot en met vijfde lid. De laatste
                                volzin van het vierde lid is niet van
                                toepassing<cursief>.</cursief></al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een standwerkvergunning geldt voor de in de vergunning vermelde dag
                                en plaats en voor de in de vergunning omschreven artikelen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14.</nr><titel>Bedienvergunning</titel></kop><al>Niet opgenomen</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>4.</nr><titel>Algemene bepalingen voor vergunninghouders</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15.</nr><titel>Bijstand</titel></kop><al>De houder van een vaste-standplaatsvergunning of van een
                            dagplaatsvergunning kan zich doen bijstaan door een of meer andere
                            personen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16.</nr><titel>Legitimatieplicht</titel></kop><al>Degene die een standplaats of een standwerkplaats wenst in te nemen of
                            inneemt op een markt, is op eerste verzoek van een toezichthouder
                            verplicht aan te tonen dat hij daartoe gerechtigd is.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17.</nr><titel>Markttijden in acht nemen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het is een vergunninghouder verboden meer dan drie uur voor de
                                aanvang en meer dan één uur na afloop van de markt ruimte in te
                                nemen of te doen innemen op het marktterrein met een voertuig, met
                                goederen of anderszins, of goederen aan- of af te voeren of te laten
                                aan- of afvoeren.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een vergunninghouder neemt zijn standplaats in tot de sluitingstijd
                                van de markt, behoudens op aanvraag door burgemeester en wethouders
                                verleende ontheffing. Aan een ontheffing kunnen voorschriften en
                                beperkingen worden verbonden.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18.</nr><titel>Markt schoonhouden</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een vergunninghouder is verplicht afval, waaronder
                                verpakkingsmateriaal, dat tijdens de door hem uitgeoefende verkoop
                                op zijn standplaats vrij komt zodanig te bewaren dat het
                                marktterrein daardoor niet wordt verontreinigd en het afval niet
                                door onbevoegden kan worden verwijderd. Hij voert het afval
                                onmiddellijk na afloop van de markt af of laat het afvoeren.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een vergunninghouder is verplicht de door hem ingenomen standplaats
                                en de naaste omgeving daarvan na afloop van de markt veegschoon
                                achter te laten.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>5.</nr><titel>Handhaving</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19.</nr><titel>Toezichthouders</titel></kop><al>Met het toezicht op de naleving van het bij of krachtens deze
                            verordening bepaalde zijn belast de door burgemeester en wethouders
                            aangewezen marktmeester en de overige door hen aangewezen
                            toezichthouders.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20.</nr><titel>Onmiddellijke verwijdering</titel></kop><al>Burgemeester en wethouders kunnen een vergunninghouder of iemand die hem
                            bijstaat of vervangt gelasten zich onmiddellijk van de markt te
                            verwijderen als deze zich op de markt schuldig heeft gemaakt aan
                            wangedrag of aan bedrog of een bij of krachtens deze verordening
                            gestelde bepaling heeft overtreden.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>21.</nr><titel>Strafbepaling</titel></kop><al>Overtreding van het bepaalde bij of krachtens deze verordening wordt
                            gestraft met geldboete van de tweede categorie of hechtenis van ten
                            hoogste drie maanden.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>6.</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>22.</nr><titel>Intrekking oude verordening en overgangsrecht</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De Verordening op de warenmarkten 2009 gemeente Heerhugowaard wordt
                                ingetrokken. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een krachtens de Verordening op de warenmarkten 2009 gemeente
                                Heerhugowaard verleende vergunning of ontheffing geldt als
                                vergunning of ontheffing verleendkrachtens deze
                                verordening. Burgemeester en wethouders kunnen deze ambtshalve
                                vervangen door een vergunning of ontheffing krachtens deze
                                verordening. Ambtshalve vervanging kan gepaard gaan met een
                                wijziging van beperkingen en voorschriften.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Aanvragen om vergunning of ontheffing die zijn ingediend onder de
                                Verordening op de warenmarkten 2009 gemeente Heerhugowaard maar
                                waarop nog niet is beschikt bij het in werking treden van deze
                                verordening, worden afgehandeld overeenkomstig deze
                                verordening.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>23.</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als: Marktverordening Heerhugowaard
                            2014.</al><al/><al>Dit besluit treedt in werking op 11 april 2014.</al><al/></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 25 maart 2014 </ondertekening><ondertekening/><ondertekening>De voorzitter, </ondertekening><ondertekening/><ondertekening>De griffier</ondertekening><ondertekening/></regeling-sluiting><nota-toelichting><kop><titel>Toelichting </titel></kop><al><cursief>NB Deze toelichting is geschreven met de (mogelijke) keuzes die in de
                        Model Marktverordening 2013 gemaakt zijn in gedachte. Als een individuele
                        gemeente op punten andere keuzes maakt, dan sluit deze toelichting mogelijk
                        niet aan. Wel kan ze uiteraard als basis dienen voor een door de gemeente
                        zelf op te stellen toelichting. Voor een goed beeld van de achtergronden kan
                        ook de bijbehorende <onderstreept>ledenbrief</onderstreept> worden
                        geraadpleegd.</cursief></al><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>I:</nr><titel>Model Marktverordening 2013</titel></kop><al/></divisie><divisie><kop><titel>Algemeen </titel></kop><al>Het doel van deze verordening is in principe tweeledig. Ten eerste worden
                        hiermee de kaders gecreëerd om markten zodanig te (her)organiseren dat de
                        gemeentelijke belangen beschermd worden en dat de markten tegelijkertijd
                        aantrekkelijk blijven voor zowel consumenten als marktkooplieden en – voor
                        zover gemeenten daar invloed op kunnen uitoefenen – dat er een divers aanbod
                        is dat van goede kwaliteit is. Ten tweede heeft deze verordening tot doel
                        dit alles op een overzichtelijke, duidelijke manier te regelen, ontdaan van
                        overbodige regels en administratieve lasten.</al></divisie></nota-toelichting><nota-toelichting><kop><titel>Artikelsgewijze toelichting</titel></kop><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>1.</nr><titel>Toepassingsgebied</titel></kop><al>Op grond van artikel 160, eerste lid, aanhef en onderdeel h, van de
                        Gemeentewet (hierna: Gemw) kunnen burgemeester en wethouders jaarmarkten of
                        gewone marktdagen instellen (en afschaffen of veranderen). Deze
                        marktverordening is van toepassing op dergelijke van gemeentewege ingestelde
                        markten, voor zover het warenmarkten zijn en deze met enige regelmaat
                        plaatsvinden.</al><al>Het gaat om de volgende markten:</al><lijst><li nr="1."><al>Maandagmarkt (weekmarkt)</al></li><li nr="2."><al>Stationswegmarkt (jaarmarkt)</al></li><li nr="3."><al>Jaarmarkt (jaarmarkt)</al><al/></li></lijst><al><cursief>Samenloop met APV</cursief></al><al>De regulering van andere ambulante handel dan waarop deze verordening van
                        toepassing is, is te vinden in de Model-Algemene Plaatselijke Verordening
                        (hierna: Model-APV). Artikel 2:25 van de Model-APV bevat bijvoorbeeld het
                        vergunningstelsel voor evenementen, zoals braderieën. Verder bevat hoofdstuk
                        5 van de Model-APV bepalingen over collecteren (afdeling 2), venten
                        (afdeling 3), standplaatsen niet zijnde standplaatsen op markten (afdeling
                        4) en snuffelmarkten (afdeling 5). Uit de in de Model-APV opgenomen
                        bepalingen blijkt steeds dat deze niet van toepassing zijn op door
                        burgemeester en wethouders op grond van artikel 160, eerste lid, aanhef en
                        onder h, van de Gemw ingestelde markten.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>2.</nr><titel>Inrichtingsplan</titel></kop><al>Dit artikel schrijft voor dat burgemeester en wethouders per markt een
                        inrichtingsplan vast dienen te stellen en regelt wat daarin geregeld moet en
                        kan worden. Zo kan per markt onder andere bepaald worden wat de markttijd
                        is, welke delen van de markt bestemd zijn voor welke marktactiviteiten en op
                        welke wijze nieuwe vergunningen worden verleend. Ieder inrichtingsplan dient
                        voorzien te zijn van een kaart waarop het hierboven genoemde is
                        aangegeven.</al><al/><al> Als een gemeente slechts één markt kent waarop de Marktverordening van
                        toepassing is, of als voor alle markten dezelfde keuzen worden gemaakt met
                        betrekking tot de verlening van vaste-standplaatsvergunningen (en eventueel
                        bedienvergunningen), worden die keuzen gemaakt in de verordening zelf. Het
                        inrichtingsplan hoeft/De inrichtingsplannen hoeven er dan niets meer over te
                        bevatten; artikel 2 zal dan navenant moeten worden vereenvoudigd.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>3.</nr><titel>Vergunningen</titel></kop><al>Vaste-standplaatsvergunningen gelden in beginsel voor onbepaalde tijd, maar
                        hier kan in individuele gevallen van worden afgeweken (tweede lid).
                        Bijvoorbeeld als gewerkt wordt met een ‘proefperiode’.</al><al/><al> Een standwerkvergunning kan beperkt worden tot het verkopen van bepaalde
                        typen producten.</al><al/><al> Bij bijzondere gevallen (eveneens tweede lid) kan een andere standplaats
                        worden aangewezen. Daarbij kan gedacht worden aan zaken als extreme
                        weersomstandigheden, noodzakelijke reconstructiewerkzaamheden, bepaalde
                        evenementen (bijvoorbeeld op Koningsdag).</al><al> Door de koppeling van de vergunning aan een natuurlijke persoon en
                        eventueel de beperking tot één vergunning per persoon per markt of voor de
                        gemeente (lid 7) wordt een zo eerlijk mogelijke verdeling van vergunningen
                        bewerkstelligd. Uiteraard kan het wel zo zijn dat de natuurlijke persoon een
                        onderneming drijft in de vorm van een rechtspersoon. Ook dan wordt een
                        natuurlijke persoon (bijvoorbeeld de bedrijfsleider) aangemerkt als
                        vergunninghouder. Het is dus niet mogelijk de vergunning op naam van de
                        rechtspersoon te stellen.</al><al> Doordat de eis van handelingsbekwaamheid niet gekoppeld is aan een
                        minimumleeftijd (eveneens lid 7) komen ook zestien- en zeventienjarigen aan
                        wie door de kantonrechter handlichting is verleend in aanmerking voor een
                        vergunning. Er is geen reden om minderjarigen die in het rechtsverkeer als
                        handelingsbekwaam beschouwd worden, van de vergunning uit te sluiten.</al><al/><al> Het vereiste ‘gerechtigd in Nederland arbeid te verrichten’ (eveneens lid
                        7) ziet met name op vreemdelingen die een vergunning ingevolge de Wet arbeid
                        vreemdelingen nodig hebben. </al></divisie><divisie><kop><titel>Artikelen 5. Vrijgekomen standplaats; plaatsverbetering volgens
                            anciënniteitslijst en 6. Wachtlijststelsel</titel></kop><al>Als bij een markt waarvoor een anciënniteitsstelsel wordt gehanteerd, een
                        vaste standplaats vrijkomt, kan deze op aanvraag worden toegewezen aan de
                        hooggeplaatste op de door burgemeester en wethouders bijgehouden
                        anciënniteitslijst. Artikel 5 ziet dus niet op de verlening van nieuwe
                        vergunningen, maar alleen op een wijziging van een reeds verleende
                        vergunning vanwege de toewijzing van een andere, (veelal) betere vaste
                        standplaats. </al><al/><al> De ‘uitstalling’ (artikel 6, derde lid, onder d) is de kraam of ander
                        onderkomen van waaruit de verkoop plaatsvindt. </al><al> Om rechtszekerheid aan de aanvrager te verschaffen, krijgt deze een
                        schriftelijk bewijs van zijn inschrijving op de wachtlijst (artikel 6,
                        vierde lid). Wel dient de aanvrager jaarlijks (vóór 1 januari) zijn
                        inschrijving te verlengen. Deze jaarlijkse verlenging is wenselijk om
                        controle te houden op het systeem en om de gegadigden gemotiveerd te
                        houden.</al><al> Of voor een markt een anciënniteitsstelsel wordt gehanteerd en of nieuwe
                        vaste-standplaatsvergunningen overeenkomstig het wachtlijststelsel worden
                        verleend, blijkt uit het inrichtingsplan voor de betrokken markt.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>7.</nr><titel>Selectiestelsel</titel></kop><al>In dit artikel is een selectiestelsel uitgewerkt waarmee aanvragen voor de
                        te verlenen nieuwe vaste-standplaatsvergunningen op bepaalde aspecten kunnen
                        worden beoordeeld. Of de verlening overeenkomstig het selectiestelsel
                        plaatsvindt blijkt uit het inrichtingsplan voor de betrokken markt.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>8.</nr><titel>Loting</titel></kop><al>In dit artikel is een stelsel voor verlening van nieuwe vaste standplaatsen
                        op basis van loting uitgewerkt. Of de verlening op basis van loting
                        plaatsvindt blijkt uit het inrichtingsplan voor de betrokken markt. De tekst
                        van het artikel gaat ervan uit dat alleen degenen die voldoen aan de
                        vereisten voor verlening van een vaste-standplaatsvergunnung aan de loting
                        deelnemen.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>9.</nr><titel>Overschrijven vaste-standplaatsvergunning</titel></kop><al>Dit artikel regelt de gevallen en voorwaarden waaronder het mogelijk is om
                        vaste-standplaatsvergunningen over te schrijven. Het gaat om overschrijving
                        van een vaste-standplaatsvergunning met alle daaraan verbonden voorwaarden
                        en beperkingen, waaronder dus de nader bepaalde individuele
                        standplaats.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>12.</nr><titel>Dagplaatsvergunning</titel></kop><al>Lid 1. Dit kan zich bijvoorbeeld voordoen als de vergunning voor de
                        betrokken plaats is vervallen voor die marktdag, doordat de vergunninghouder
                        niet tijdig is komen opdagen; zie artikel 10, vierde lid.</al><al> Het in aanmerking nemen van een langere termijn ex artikel 12, derde lid,
                        betekent dat langer dan vier marktdagen wordt ‘teruggekeken’ om te zien of
                        de betrokkene zich heeft misdragen of in gebreke is gebleven met de betaling
                        van zijn marktgeld.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>20.</nr><titel>Onmiddellijke verwijdering</titel></kop><al>In artikel 125 van de Gemw is bepaald dat het gemeentebestuur onder andere
                        ter uitvoering van gemeentelijke verordeningen de bevoegdheid heeft een last
                        onder bestuursdwang op te leggen. Artikel 20 geeft burgemeester en
                        wethouders de bevoegdheid om een bijzondere vorm van bestuursdwang
                        (verwijdering) toe te passen als een vergunninghouder zich schuldig maakt
                        aan wangedrag of bedrog op de markt of bij andere overtredingen van de
                        marktverordening.</al><al> Bij deze vorm van bestuursdwang wordt spoedeisendheid als bedoeld in
                        artikel 5:31, eerste lid, van de Awb, verondersteld. Dan kan de
                        bestuursdwang worden toegepast zonder voorafgaande last. Bij zéér
                        spoedeisende gevallen, waarbij een besluit niet kan worden afgewacht, kan
                        bestuursdwang onmiddellijk worden toegepast (artikel 5:31, tweede lid, van
                        de Awb). Wel dient het besluit in dat geval achteraf alsnog bekendgemaakt te
                        worden overeenkomstig artikel 5:31, tweede lid, van de Awb jo. artikel 5:24,
                        derde lid, van de Awb. Het hangt van de omstandigheden van het geval af of
                        er sprake is van een spoedeisend geval, of misschien zelfs van een zeer
                        spoedeisend geval.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>22.</nr><titel>Intrekking oude verordening en overgangsrecht</titel></kop><al>Deze marktverordening vervangt de oude marktverordening. Het op de oude
                        markverordening gebaseerde marktreglement vervalt daarmee automatisch
                        ook.</al></divisie></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>