<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR355428_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Geconsolideerde verordening winkeltijden 2009</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Utrechtse Heuvelrug</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-12-06</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Utrechtse Heuvelrug</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Gemeentenieuws, 06-03-2014</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Geconsolideerde verordening winkeltijden 2009</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Winkeltijdenwet</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Vrijstellingenbesluit Winkeltijdenwet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2014-02-27</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2014-03-14</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2018-12-07</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>2014-564</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Geconsolideerde verordening winkeltijden 2009</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Utrechtse Heuvelrug,</al><al>gelet op de Winkeltijdenwet en het Vrijstellingenbesluit Winkeltijdenwet, de
                        eerste en tweede wijzigingsverordening Winkeltijdenverordening Utrechtse
                        Heuvelrug 2013;</al><al>besluit vast te stellen de volgende verordening:</al><al>Verordening winkeltijden gemeente Utrechtse Heuvelrug 2009</al><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>de wet: de Winkeltijdenwet;</al></li><li nr="b."><al>winkel: een winkel als bedoeld in artikel 1 van de wet;</al></li><li nr="c."><al>feestdag: nieuwjaarsdag, tweede paasdag, Hemelvaartsdag, tweede
                                pinksterdag, eerste kerstdag en tweede kerstdag;</al></li><li nr="d."><al>college: het college van burgemeester en wethouders.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.</nr><titel>Algemene vrijstelling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Voor het in artikel 2, eerste lid, aanhef en onder a, van de
                            Winkeltijdenwet vervatte verbod geldt van 12:00 uur tot 18:00 uur een
                            algemene vrijstelling.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De algemene vrijstelling uit het eerste lid geldt niet voor eerste
                            paasdag en eerste pinksterdag.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.</nr><titel>Beslistermijn</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college beslist op een aanvraag om een ontheffing binnen 8
                            weken.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college kan de beslissing voor ten hoogste 4 weken verdagen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.</nr><titel>Overdracht van de ontheffing</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een ontheffing op grond van deze verordening is overdraagbaar na
                            verkregen toestemming van het college.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In geval van een voorgenomen overdracht doet de houder van de ontheffing
                            hiervan onmiddellijk schriftelijk mededeling aan het college onder
                            vermelding van de naam en het adres van de voorgestelde
                            rechtverkrijgende.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.</nr><titel>Intrekken of wijzigen van de ontheffing</titel></kop><al>Het college kan een ontheffingintrekken of wijzigen indien:</al><lijst><li nr="a."><al>ter verkrijging daarvan onjuiste of onvolledige gegevens zijn
                                verstrekt;</al></li><li nr="b."><al>veranderde omstandigheden of gewijzigde inzichten dit noodzakelijk
                                maken in verband met het belang of de belangen ter bescherming
                                waarvan de ontheffing is vereist;</al></li><li nr="c."><al>het gebruik van de winkel of de uitoefening van een bedrijf anders
                                dan in een winkel gevaar oplevert voor de openbare orde, de
                                veiligheid of het woon- en leefklimaat ter plaatse;</al></li><li nr="d."><al>de aan de ontheffing verbonden voorschriften en beperkingen niet
                                zijn of worden nagekomen;</al></li><li nr="e."><al>van de ontheffing geen gebruik wordt gemaakt binnen een daarin
                                gestelde termijn of, bij gebreke van een dergelijke termijn, binnen
                                een redelijke termijn;</al></li><li nr="f."><al>de houder dit aanvraagt.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.</nr><titel>Openstelling van avondwinkels op feestdagen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college kan op aanvraag ontheffing verlenen van de in artikel 2,
                            eerste lid, onder b van de wet vervatte verbod ten behoeve van ten
                            hoogste drie avondwinkels.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De in het eerste lid bedoelde ontheffing kan verleend worden aan winkels
                            die:</al><lijst><li nr="a."><al>gesloten zijn op de in die verboden bedoelde feestdagen tussen
                                    0.00 en 16.00 uur en</al></li><li nr="b."><al>waar uitsluitend of hoofdzakelijk eet- en drinkwaren worden
                                    verkocht met uitzondering van sterke drank als bedoeld in
                                    artikel 1, eerste lid, van de Drank- en Horecawet.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De ontheffing kan worden geweigerd indien de woon- en leefsituatie of de
                            openbare orde in de omgeving van de winkel op ontoelaatbare wijze
                            nadelig wordt beïnvloed door de openstelling van de winkel.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.</nr><titel>Ontheffing feestdagen voor bijzondere situaties</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college kan voor wat betreft feestdagen ontheffing verlenen van de
                            in artikel 2 eerste lid, onder b van de wet genoemde verboden, ten
                            behoeve van:</al><lijst><li nr="a."><al>bijzondere gelegenheden van tijdelijke aard;</al></li><li nr="b."><al>het uitstallen van goederen;</al></li><li nr="c."><al>tentoonstellingen in kunstateliers en galeries</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De ontheffing kan worden verleend in geval van feestelijkheden,
                            bijeenkomsten, veilingen of beurzen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college kan nadere beleidsregels vaststellen voor de in dit artikel
                            genoemde situaties.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8.</nr><titel>Openstelling op werkdagen tussen 22.00 en 06.00 uur</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college kan op aanvraag ontheffing verlenen van de verboden van
                            artikel 2 van de wet, voor zover deze betrekking hebben op
                            werkdagen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De ontheffing kan worden geweigerd indien de woon- en leefsituatie of de
                            openbare orde in de omgeving van de winkel op ontoelaatbare wijze
                            nadelig wordt beïnvloed door de openstelling van de winkel.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9.</nr><titel>Toerisme</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college kan op aanvraag een ontheffing verlenen van de verboden,
                            bedoeld in artikel 2, eerste lid van de wet, om reden van op de gemeente
                            gericht toerisme, voor zover zij betrekking hebben op de
                            feestdagen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De verboden, vervat in artikel 2, eerste lid van de wet gelden, in
                            verband met de toeristische aantrekkingskracht niet voor kampeerwinkels
                            op kampeerterreinen die voorzien zijn van een rechtsgeldige vergunning
                            op basis van de Wet op de openluchtrecreatie, op zondagen en feestdagen
                            gedurende de periode 1 april tot en met 30 september en van 10.00 tot
                            18.00 uur, voor de verkoop van consumptiewaren/-artikelen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college kan beperkingen stellen en voorschriften verbinden aan de
                            ontheffing.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9a.</nr><titel>Bepaalde winkels</titel></kop><al>De in artikel 2, eerste lid, van de wet vervatte verboden, voor zover deze
                        betrekking hebben op de zondag en de feestdagen, gelden niet ten aanzien
                        van:</al><lijst><li nr="a."><al>musea;</al></li><li nr="b."><al>winkels, waar uitsluitend maaltijden, voor directe consumptie
                                geschikte eetwaren, alcoholvrije dranken en, door middel van een
                                automaat, tabak en tabaksprodukten, middelen ter voorkoming van
                                zwangerschap en damesverband plegen te worden verkocht;</al></li><li nr="c."><al>winkels waar de bedrijfsactiviteit hoofdzakelijk bestaat uit het
                                verhuren van voorbespeelde videobanden en andere voorbespeelde
                                beelddragers, mits in die winkel geen andere goederen worden te koop
                                aangeboden of verkocht dan videobanden en andere beelddragers,
                                alsmede tijdschriften en catalogi, die betrekking hebben op het te
                                huur aangeboden assortiment.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9b.</nr><titel>Openstelling anders dan voor verkoop</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De in artikel 2, eerste lid, van de wet vervatte verboden, voor zover
                            deze betrekking hebben op de zondag en de feestdagen, gelden niet ten
                            aanzien van:</al><lijst><li nr="a."><al>winkels, waarin zich een restaurant of lunchroom bevindt, voor
                                    zover het laten betreden van de winkel noodzakelijk is voor het
                                    bezoeken van het restaurant of de lunchroom;</al></li><li nr="b."><al>winkels waar uitsluitend of hoofdzakelijk fietsen en bromfietsen
                                    plegen te worden verkocht, voor zover het laten betreden van de
                                    winkel noodzakelijk is voor het huren van fietsen en
                                    bromfietsen.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De in het eerste lid vervatte vrijstellingen gelden niet ten aanzien van
                            het verkopen van goederen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9c.</nr><titel>Straatverkoop van bepaalde goederen</titel></kop><al>De in artikel 2, tweede lid, van de wet vervatte verboden, voor zover deze
                        betrekking hebben op de zondag en de feestdagen, gelden niet ten aanzien van
                        het te koop aanbieden en verkopen van voor directe consumptie geschikte
                        eetwaren en alcoholvrije dranken.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9d.</nr><titel>Begraafplaatsen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De in artikel 2, eerste lid, van de wet vervatte verboden, voor zover
                            deze betrekking hebben op de zondag en de feestdagen, gelden niet ten
                            aanzien van winkels, waar uitsluitend of hoofdzakelijk bloemen en
                            planten plegen te worden verkocht en die zijn gelegen op een afstand van
                            ten hoogste 100 meter van de publieksingang van een begraafplaats,
                            gedurende de openingstijden van die begraafplaats.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De in artikel 2, tweede lid, van de wet vervatte verboden, voor zover
                            deze betrekking hebben op de zondag en de feestdagen, gelden niet ten
                            aanzien van het te koop aanbieden en verkopen van bloemen en planten op
                            een begraafplaats dan wel op een afstand van ten hoogste 100 meter van
                            de publieksingang daarvan, gedurende de openingstijden van die
                            begraafplaats.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9e.</nr><titel>Culturele evenementen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De in artikel 2, eerste lid, van de wet vervatte verboden, voor zover
                            deze betrekking hebben op de zondag en de feestdagen, gelden niet ten
                            aanzien van gebouwen, waar voorstellingen, uitvoeringen of evenementen
                            van culturele aard plaatsvinden, en waar uitsluitend of hoofdzakelijk
                            goederen die rechtstreeks verband houden met aldaar te houden
                            voorstellingen, uitvoeringen en evenementen plegen te worden verkocht,
                            vanaf een uur voor de aanvang van de voorstelling, de uitvoering of het
                            evenement tot een uur na afloop daarvan.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De in artikel 2, tweede lid, van de wet vervatte verboden, voor zover
                            deze betrekking hebben op de zondag en de feestdagen, gelden niet ten
                            aanzien van het ter gelegenheid van voorstellingen, uitvoeringen of
                            evenementen van culturele aard te koop aanbieden en verkopen van
                            goederen, die rechtstreeks verband houden met die voorstellingen,
                            uitvoeringen of evenementen, vanaf een uur voor de aanvang van de
                            voorstelling, de uitvoering of het evenement tot een uur na afloop
                            daarvan.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9f.</nr><titel>Sportcomplexen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De in artikel 2, eerste lid, van de wet vervatte verboden, voor zover
                            deze betrekking hebben op de zondag en de feestdagen, gelden niet ten
                            aanzien van winkels in of op het terrein van sportcomplexen, waar
                            uitsluitend of hoofdzakelijk goederen worden verkocht, die rechtstreeks
                            verband houden met de aldaar beoefende sporten, gedurende de
                            openstellingsuren van die sportcomplexen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De in artikel 2, tweede lid, van de wet vervatte verboden, voor zover
                            deze betrekking hebben op de zondag en de feestdagen, gelden niet ten
                            aanzien van het in of op het terrein van sportcomplexen te koop
                            aanbieden en verkopen van goederen, die rechtstreeks verband houden met
                            de aldaar beoefende sporten, gedurende de openstellingsuren van die
                            sportcomplexen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9g.</nr><titel>Bejaardenoorden</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De in artikel 2, eerste lid, van de wet vervatte verboden, voor zover
                            deze betrekking hebben op de zondag en de feestdagen, gelden niet ten
                            aanzien van winkels in of op het terrein van bejaardenoorden, waar
                            uitsluitend of hoofdzakelijk eet- en drinkwaren, prentbriefkaarten,
                            nieuwsbladen en tijdschriften alsmede bloemen en planten plegen te
                            worden verkocht.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De in artikel 2, tweede lid, van de wet vervatte verboden, voor zover
                            deze betrekking hebben op de zondag en de feestdagen, gelden in of op
                            het terrein van bejaardenoorden niet ten aanzien van het te koop
                            aanbieden en verkopen van eet- en drinkwaren, prentbriefkaarten,
                            nieuwsbladen en tijdschriften alsmede bloemen en planten.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9h.</nr><titel>E.H. Communie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De in artikel 2, eerste lid, van de wet vervatte verboden, voor zover
                            deze betrekking hebben op de zondag en de feestdagen, gelden niet ten
                            aanzien van winkels, waar uitsluitend of hoofdzakelijk foto-artikelen
                            plegen te worden verkocht, voor zover het betreden van die winkel
                            noodzakelijk is voor het vervaardigen van portretfoto's ter gelegenheid
                            van de Eerste Heilige Communie.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De in het eerste lid vervatte vrijstelling geldt niet ten aanzien van
                            het verkopen van goederen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9i.</nr><titel>Allerheiligen en Allerzielen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De in artikel 2, eerste lid, van de wet vervatte verboden, voor zover
                            deze betrekking hebben op de zondag, gelden niet ten aanzien van
                            winkels, waar uitsluitend of hoofdzakelijk bloemen en planten plegen te
                            worden verkocht, op de dagen waarop Allerheiligen en Allerzielen worden
                            gevierd.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De in artikel 2, tweede lid, van de wet vervatte verboden, voor zover
                            deze betrekking hebben op de zondag, gelden niet ten aanzien van het te
                            koop aanbieden en verkopen van bloemen en planten op de dagen waarop
                            Allerheiligen en Allerzielen worden gevierd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9j.</nr><titel>Ramadan</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De in artikel 2, eerste lid, van de wet vervatte verboden, voor zover
                            deze betrekking hebben op de zondag en de feestdagen, gelden gedurende
                            de Ramadan vanaf twee uur voor zonsondergang tot zonsondergang niet ten
                            aanzien van winkels, waar brood en gebak wordt verkocht dat in het
                            bijzonder is bestemd voor hen die zich aan de Ramadan houden, mits in
                            die winkel dat brood en gebak ook pleegt te worden verkocht buiten de
                            periode van de Ramadan.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De in artikel 2, tweede lid, van de wet vervatte verboden, voor zover
                            deze betrekking hebben op de zondag en de feestdagen, gelden gedurende
                            de Ramadan vanaf twee uur voor zonsondergang tot zonsondergang niet ten
                            aanzien van het te koop aanbieden en verkopen van brood en gebak dat in
                            het bijzonder is bestemd voor hen die zich aan de Ramadan houden.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9k.</nr><titel>Bedevaartplaats</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De in artikel 2, eerste lid, van de wet vervatte verboden, voor zover
                            deze betrekking hebben op de zondag en de feestdagen, gelden niet ten
                            aanzien van winkels die zijn gelegen in de directe omgeving van een
                            bedevaartplaats, gedurende de tijd dat deze plaats als zodanig wordt
                            bezocht, indien in die winkel op die dagen en gedurende die tijd geen
                            andere goederen worden verkocht dan:</al><lijst><li nr="a."><al>voor directe consumptie geschikte eetwaren en alcoholvrije
                                    dranken;</al></li><li nr="b."><al>religieuze artikelen en souvenirs;</al></li><li nr="c."><al>bloemen en planten.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De in artikel 2, tweede lid, van de wet vervatte verboden, voor zover
                            deze betrekking hebben op de zondag en de feestdagen, gelden in de
                            directe omgeving van een bedevaartplaats, gedurende de tijd dat deze
                            plaats als zodanig wordt bezocht, niet ten aanzien van het te koop
                            aanbieden en verkopen van:</al><lijst><li nr="a."><al>voor directe consumptie geschikte eetwaren en alcoholvrije
                                    dranken;</al></li><li nr="b."><al>religieuze artikelen en souvenirs;</al></li><li nr="c."><al>bloemen en planten.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9l.</nr><titel>Carnaval</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De in artikel 2, eerste lid, van de wet vervatte verboden, voor zover
                            deze betrekking hebben op de zondag, gelden op de zondag vanaf 12 uur
                            waarop carnaval wordt gevierd, niet ten aanzien van winkels, waar
                            uitsluitend of hoofdzakelijk feestartikelen plegen te worden
                            verkocht.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De in artikel 2, tweede lid, van de wet vervatte verboden, voor zover
                            deze betrekking hebben op de zondag, gelden op de zondag vanaf 12 uur
                            waarop carnaval wordt gevierd, niet voor het te koop aanbieden en
                            verkopen van feestartikelen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9m.</nr><titel>Kermis</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De in artikel 2, eerste lid, van de wet vervatte verboden, voor zover
                            deze betrekking hebben op de zondag en de feestdagen, gelden niet ten
                            aanzien van winkels, waar uitsluitend of hoofdzakelijk feestartikelen
                            plegen te worden verkocht, indien in de gemeente, waarin de winkel is
                            gelegen, een kermis wordt gehouden, gedurende de openingstijden van die
                            kermis.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De in artikel 2, tweede lid, van de wet vervatte verboden, voor zover
                            deze betrekking hebben op de zondag en de feestdagen, gelden niet voor
                            het te koop aanbieden en verkopen van feestartikelen en speelgoed op een
                            terrein, waar een kermis wordt gehouden.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10.</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van de achtste dag na die
                            van de bekendmaking;</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Op het tijdstip als bedoeld in het eerste lid wordt ingetrokken de
                            verordening winkeltijden gemeente Utrechtse Heuvelrug 2007, zoals door
                            de raad vastgesteld op 22 november 2007.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11.</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening winkeltijden gemeente
                        Utrechtse Heuvelrug 2009.</al></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van ... [datum].</ondertekening><ondertekening>Griffier,¶ Burgemeester,</ondertekening><ondertekening/></regeling-sluiting><nota-toelichting><kop><titel>artikelgewijze toelichting</titel></kop><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>1.</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><al>Voor de definitie van winkel wordt verwezen naar artikel 1 van de
                        Winkeltijdenwet. Daarin is een winkel gedefinieerd als: een voor het publiek
                        toegankelijke besloten ruimte, waarin goederen aan particulieren plegen te
                        worden verkocht.</al><al>Voor de omschrijving van het begrip feestdag is aansluiting gezocht bij
                        artikel 2, eerste lid onder b van de Winkeltijdenwet. In de wet is geen
                        definitie opgenomen van feestdag, maar worden de volgende dagen genoemd als
                        dagen waarop de winkels gesloten moeten zijn (naast de zondag):
                        nieuwjaarsdag, tweede paasdag, Hemelvaartsdag, tweede pinksterdag en eerste
                        en tweede kerstdag. Deze dagen zijn in artikel 1 van de verordening
                        gedefinieerd als feestdag. Daarnaast noemt artikel 2, eerste lid onder b van
                        de Winkeltijdenwet nog drie dagen waarop de winkels gesloten moeten zijn
                        vanaf 19.00 uur: Goede Vrijdag, 4 mei en 24 december. Deze dagen vallen dus
                        niet onder het begrip feestdag in de verordening.</al><al>Door in de verordening het begrip feestdag te definiëren, kan waar nodig
                        worden volstaan met het woord “feestdag” of “feestdagen” en hoeven niet
                        steeds alle dagen bij naam genoemd te worden. Koninginnedag en
                        Bevrijdingsdag (5 mei) zijn, voor zover deze dagen niet op zondag vallen, in
                        de wet niet aangemerkt als een dag waarop de winkels gesloten moeten
                        zijn.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>2.</nr><titel>Algemene vrijsteling</titel></kop><al>In dit artikel is bepaald dat winkels in de gemeente op zondag open mogen
                        zijn van 12.00 uur tot 18.00. Eerste paasdag en eerste pinksterdag vallen
                        niet onder deze algemene vrijstelling. Hiervoor kan ook geen ontheffing
                        verleend worden door het college. </al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>3.</nr><titel>Beslistermijnen</titel></kop><al>Voor de termijnen die het college in acht moet nemen bij het nemen van een
                        beslissing op een aanvraag op grond van deze verordening is aansluiting
                        gezocht bij de beslistermijnen, zoals deze in de Algemene wet bestuursrecht
                        zijn opgenomen in artikel 4:13 e.v.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>4.</nr><titel>Overdracht van de ontheffing</titel></kop><al>De bepaling bindt de overdracht van de ontheffing aan de toestemming van het
                        college. Als het om een winkel gaat, heeft de ontheffing naar zijn aard
                        betrekking op het pand waarin het winkelbedrijf wordt uitgeoefend. Als het
                        gaat om overdracht van het winkelpand aan een ander rechthebbende, moet het
                        college kunnen toetsen of de ontheffing in stand kan blijven of dat er
                        eventueel andere voorschriften aan moeten worden verbonden. Er kan immers
                        sprake zijn van een heel ander soort winkel dan voorheen.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>5.</nr><titel>Intrekking of wijzigen van de ontheffing</titel></kop><al>In dit artikel staan de voorwaarden, op basis waarvan het college een
                        ontheffing in kan trekken of wijzigen.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>6.</nr><titel>Openstelling van avondwinkels op feestdagen</titel></kop><al>Avondwinkels kunnen op basis van artikel 8 van deze verordening een
                        ontheffing krijgen om open te zijn na tien uur in de avond. Op basis van dit
                        artikel 6 bestaat ook de mogelijkheid voor avondwinkels op een ontheffing
                        aan te vragen om op feestdagen open te zijn. </al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>7.</nr><titel>Ontheffing feestdagen voor bijzondere situaties</titel></kop><al>In dit artikel staat de gevallen waarin het college een ontheffing kan
                        verlenen voor de feestdagen. Eerste paasdag en eerste pinksterdag zijn
                        hiervan uitgezonderd.</al><al>In artikel 7, eerste lid onder c van de verordening worden tentoonstellingen
                        in kunstateliers en galeries genoemd. De reden daarvan is het volgende.
                        Kunstateliers en galeries zijn winkels, maar hadden in de Winkeltijdenwet
                        een speciale status, die voortkomt uit de oude Winkelsluitingswet en het
                        daarop berustende Besluit gemeentelijke ontheffingen Winkelsluitingswet. In
                        het voormalige artikel 4 van dat landelijk geldende besluit was een
                        afzonderlijke regeling opgenomen voor kunstateliers en galeries. Deze
                        bepaling hield in dat burgemeester en wethouders ontheffing konden verlenen
                        ten behoeve van het uitstallen van niet fabrieksmatig vervaardigde
                        kunstvoorwerpen door of voor rekening van de vervaardiger daarvan, voor de
                        zon- en feestdagen en de sluitingsuren op werkdagen. Bij het opstellen van
                        de Winkeltijdenwet in 1996 is deze ontheffingsmogelijkheid niet meer
                        expliciet overgenomen in het Vrijstellingenbesluit Winkeltijdenwet. Daar
                        kwamen direct veel vragen over. In overleg met het ministerie van
                        Economische Zaken zijn de kunstateliers en de galeries in de
                        modelverordening Winkeltijdenwet opgenomen. Op grond van artikel 4, tweede
                        lid, van de wet, zoals uitgewerkt in artikel 6, eerste lid van deze
                        verordening, kunnen burgemeester en wethouders ontheffing verlenen voor de
                        feestdagen voor bijzondere situaties. De wet laat hierin de gemeenten
                        beleidsvrijheid. Met gebruikmaking van deze beleidsvrijheid kan de
                        ontheffing verleend worden voor tentoonstellingen in kunstateliers en
                        galeries. De achtergrond van deze bijzondere status voor kunstateliers en
                        galeries is dat de mogelijkheden voor kunstenaars aan hun werk bekendheid te
                        geven door middel van (verkoop)tentoonstellingen niet te zeer aan banden
                        gelegd mag worden. Bovendien spelen concurrentieoverwegingen hier nauwelijks
                        een rol, gezien het individuele karakter van de betrokken voorwerpen. </al><al><cursief> Bijzondere omstandigheden van tijdelijke aard</cursief></al><al>Onder bijzondere omstandigheden van tijdelijke aard kunnen feestelijkheden
                        worden verstaan. In een uitspraak van 28 oktober 2008, LJN: BG2147
                        (Amsterdam Noord), heeft het CBB het begrip “feestelijkheden” ingevuld. Het
                        ging in deze zaak onder meer om de vraag of allerlei buitenlandse en nogal
                        buitenissige feestdagen zoals de Chinese dag van het kind, de Amerikaanse
                        "doe vriendelijk dag" en dergelijke konden worden aangemerkt als
                        "feestelijkheden" zoals bedoeld in de Winkeltijdenverordening van het
                        desbetreffende stadsdeel. Uit de uitspraak blijkt "….dat het moet gaan om
                        feestelijkheden die bijzondere gelegenheden van tijdelijke aard zijn. Bij
                        het hanteren van het begrip "bijzondere gelegenheid van tijdelijke aard"
                        moet er een verband kunnen worden aangewezen met een gebeurtenis dan wel met
                        het beleven of uiten van opvattingen of gevoelens, waaraan blijkens een
                        breed gedragen mening van de bevolking of een bevolkingsgroep op landelijk
                        dan wel op lokaal niveau, een feestelijke, gedenkwaardige betekenis moet
                        worden gehecht."</al><al>In een uitspraak van 18 december 2009 bepaalde de voorzieningenrechter dat
                        het verlenen van ontheffing om op zondag 20 december open te zijn in verband
                        met het plaatsvinden van een feestelijkheid (de laatste zondag voor
                        Kerstmis), niet mogelijk was. In deze mondelinge uitspraak overwoog de
                        rechter: “Er is echter niet gebleken welke feestelijkheid op die dag plaats
                        zal vinden en tevens niet of de genoemde feestelijke activiteiten ten tijde
                        van het verlenen van de ontheffing reeds gepland waren. Doordat de
                        ontheffing is verleend aan alle winkeliers in de gemeente Lisse, komt de
                        ontheffing eigenlijk overeen met het aanwijzen van een extra algemene
                        koopzondag. De voorzieningenrechter merkt daarbij op dat de gemeenteraad de
                        mogelijkheid heeft om burgemeester en wethouders de bevoegdheid te geven
                        twaalf koopzondagen aan te wijzen. De gemeenteraad heeft deze bevoegdheid
                        echter beperkt tot zes zon- en feestdagen, van welke bevoegdheid ook gebruik
                        is gemaakt. Door het aanwijzen van deze extra koopzondag, hebben
                        burgemeester en wethouders in strijd met de verordening gehandeld.” (LJN BK
                        7097, Lisse).</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>8.</nr><titel>Openstelling op werkdagen tussen 22.00 en 06.00 uur</titel></kop><al>Het college kan op basis van dit artikel een ontheffing verlenen voor
                        openstelling na tien uur ’s avonds. Dit kan in incidentele gevallen, zoals
                        bijzondere gebeurtenissen, maar ook een voor een langere periode.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>9.</nr><titel>Toerisme</titel></kop><al>Door de algemene vrijstelling in artikel 2 is het niet meer nodig om de
                        zondagsopenstelling voor winkels in Amerongen die gericht zijn op het
                        toerisme apart te regelen. Wel kan men op basis van dit artikel een
                        ontheffing krijgen voor feestdagen.</al><al>Daarnaast is de algemene vrijstelling voor campingwinkels behouden gebleven.
                        Deze winkels mogen op zondagen open zijn van 10.00 uur tot 18.00 uur,
                        alsmede op fesstdagen in de periode 1 april tot en met 30 september. </al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>9a.</nr><titel>t/m artikel 9m.</titel></kop><al>Naar aanleiding van de inwerkingtreding van de nieuwe Winkeltijdenwet per 1
                        juli 2013, vervallen per die datum een groot aantal vrijstellingen die zijn
                        opgenomen in het Vrijstellingenbesluit Winkeltijdenverordening. Om de
                        huidige situatie (voorlopig) ongewijzigd voort te kunnen zetten, zijn de
                        betreffende vrijstellingen uit het Vrijstellingenbesluit Winkeltijdenwet
                        ‘overgeheveld’ naar de Winkeltijdenverordening. </al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>10.</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>De verordening treedt in werking met ingang van de achtste dag na die van
                        bekendmaking.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>11.</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Om te voorkomen dat de nieuwe verordening dezelfde naam heeft als de
                        voorganger – die via artikel 9 wordt ingetrokken op het moment van
                        inwerkingtreding van deze nieuwe – wordt achter de gemeentenaam het jaartal
                        van vaststelling geplaatst.</al></divisie></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>