<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR355227_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening tegenprestatie gemeente Amstelveen</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Amstelveen</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-05-08</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Amstelveen</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">www.amstelveen.nl - bekendmakingen – verordeningen en reglementen – 24 - 12 2014</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening tegenprestatie gemeente Amstelveen</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0015703">Participatiewet, art. 8</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0004044">Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers, art. 35</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0004163">Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen, art. 35</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>maatschappelijke zorg en welzijn</dcterms:subject><dcterms:issued>2014-12-17</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2015-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>14-74</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Nieuwe regeling.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening tegenprestatie gemeente Amstelveen</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begrippen</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder: </al><lijst><li nr="a."><al>college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente
                                Amstelveen; </al></li><li nr="b."><al>wet: de Participatiewet;</al></li><li nr="c."><al>IOAW: Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk
                                arbeidsongeschikte werkloze werknemers; </al></li><li nr="d."><al>IOAZ: Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk
                                arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen; </al></li><li nr="e."><al>mantelzorg: hulp ten behoeve van zelfredzaamheid, participatie,
                                beschermd wonen, opvang, jeugdhulp, het opvoeden en opgroeien van
                                jeugdigen en zorg en overige diensten als bedoeld in de
                                Zorgverzekeringswet, die rechtsreeks voortvloeit uit een tussen
                                personen bestaande sociale relatie en die niet wordt verleend in het
                                kader van een hulpverlenend beroep;</al></li><li nr="f."><al>vrijwilligerswerk: onverplichte en onbetaalde werkzaamheden ten
                                behoeve van de samenleving;</al></li><li nr="g."><al>tegenprestatie: naar vermogen door het college opgedragen onbeloonde
                                maatschappelijk nuttige werkzaamheden te verrichten die worden
                                verricht naast of in aanvulling op reguliere arbeid en die niet
                                leiden tot verdringing op de arbeidsmarkt. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>De duur en omvang van de tegenprestatie</titel></kop><al>De tegenprestatie wordt opgedragen voor de maximale duur van zes maanden per
                        jaar gedurende maximaal acht uur per week.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Opleggen tegenprestatie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Bij het opleggen van de tegenprestatie wordt rekening gehouden met de
                            omstandigheden van belanghebbende. Tot de omstandigheden wordt in ieder
                            geval gerekend:</al><lijst><li nr="a."><al>het fysiek en sociaal in staat zijn tot het verrichten van een
                                    tegenprestatie; </al></li><li nr="b."><al>het verrichten van vrijwilligerswerk; </al></li><li nr="c."><al>het verrichten van arbeid in loondienst; </al></li><li nr="d."><al>het volgen van een zorg- of re-integratietraject; </al></li><li nr="e."><al>de duur van de werkloosheid. </al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Geen tegenprestatie wordt opgelegd als de belanghebbende minimaal vier
                            per week mantelzorg verricht en dit naar het oordeel van het college
                            noodzakelijk wordt geacht.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Geen tegenprestatie wordt opgelegd als belanghebbende minimaal vier uur
                            per week vrijwilligerswerk verricht. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>De inhoud van de tegenprestatie</titel></kop><al>Op grond van artikel 9 van de wet, artikel 37 IOAW en artikel 37 IOAZ is de </al><al>belanghebbende verplicht een tegenprestatie te verrichten. </al><al>De op te leggen tegenprestatie moet aan vier eisen voldoen: </al><lijst><li nr="a."><al>de tegenprestatie is naar zijn aard niet direct gericht op
                                toeleiding tot de arbeidsmarkt en is niet bedoeld als re-integratie
                                instrument; </al></li><li nr="b."><al>de tegenprestatie mag niet in de weg staan aan acceptatie van
                                algemeen geaccepteerde arbeid of aan de re-integratie gericht op
                                arbeidsinschakeling; </al></li><li nr="c."><al>de werkzaamheden zijn additionele onbeloonde maatschappelijk nuttige
                                werkzaamheden activiteiten; </al></li><li nr="d."><al>het mag niet leiden tot verdringing op de arbeidsmarkt. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Hardheidsclausule</titel></kop><al>Het college kan in bijzondere gevallen afwijken van de bepalingen in deze
                        verordening, indien onverkorte toepassing zou leiden tot onredelijkheid of
                        onbillijkheid</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Inwerkingtreding en citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 januari 2015;</al><al/><al>Deze verordening wordt aangehaald als “Verordening tegenprestatie
                        Amstelveen”. </al><al/></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 17 december 2014.</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>De griffier, De voorzitter,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>drs. P. Georgopoulou drs. M.M. van 't Veld</ondertekening><ondertekening/><ondertekening/></regeling-sluiting><nota-toelichting><kop><titel>Algemene toelichting</titel></kop><al>In artikel 9, eerste lid, onderdeel c, van de Participatiewet en in artikel 37
                    IOAW en artikel 37 IOAZ is vastgelegd dat degenen die een uitkering ontvangen op
                    grond van deze wetten verplicht zijn om een maatschappelijk nuttige
                    tegenprestatie te verrichten. Deze activiteiten vinden plaats naast of in
                    aanvulling op reguliere arbeid. Daarnaast mogen deze activiteiten niet leiden
                    tot verdringing op de arbeidsmarkt. </al><al>Vanaf de datum van melding is iedere belanghebbende in de leeftijd van 18 jaar
                    tot aan de pensioengerechtigde leeftijd verplicht deze tegenprestatie naar
                    vermogen te verrichten. </al><al>De plicht tot het leveren van een tegenprestatie staat los van de
                    re-integratieplicht. Het is niet bedoeld als re-integratie-instrument. Daarbij
                    is de tegenprestatie beperkt in omvang en duur. De tegenprestatie kan wel als
                    nevendoel hebben dat langdurig werklozen worden geactiveerd. </al><al>De Raad hecht er waarde aan dat burgers duurzaam deelnemen aan de maatschappij.
                    Daarom is in deze verordening de keuze gemaakt dat in eerste instantie wordt
                    ingezet op het verrichten van (vrijwilligers)werk. Als men niet vrijwillig
                    vrijwilligerswerk wil doen, wordt een tegenprestatie opgelegd. </al><al/><al><vet>Vast te leggen regels in verordening</vet></al><al>In artikel 8a, eerste lid, onderdeel b van de Participatiewet is de verordening
                    plicht neergelegd. Hierin worden regels opgenomen met betrekking tot de duur,
                    omvang en inhoud van de tegenprestatie naar vermogen. </al><al/><al/></nota-toelichting><nota-toelichting><kop><titel>Artikelsgewijze toelichting</titel></kop><al>Enkel die bepalingen die nadere toelichting behoeven worden hier behandeld. </al><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begrippen</titel></kop><al>Voor de definitie van mantelzorg is aangesloten bij artikel 1.1.1 van de Wet
                        maatschappelijke ondersteuning 2015. De andere begrippen behoeven geen
                        bespreking. </al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>De duur en omvang van de tegenprestatie</titel></kop><al>In dit artikel is bepaald dat de tegenprestatie wordt opgedragen voor de
                        maximale duur van zes maanden per jaar gedurende maximaal 8 uur per week.
                        Daarmee is voldaan aan het vereiste dat de tegenprestatie beperkt is in duur
                        en omvang. </al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Het opleggen van de tegenprestatie</titel></kop><al>Op grond van de wet kan geen tegenprestatie opgelegd worden in de volgende
                        situaties. </al><al>·Als belanghebbende volledig en duurzaam arbeidsongeschikt is als bedoeld in
                        artikel 4 Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen. Dat is geregeld in
                        artikel 9, vijfde lid </al><al>Participatiewet. </al><lijst><li nr="·"><al>Als belanghebbende alleenstaande ouder is en een ontheffing heeft
                                als bedoeld in artikel 9a Participatiewet, artikel 38, eerste lid
                                IOAW, artikel 38, eerste lid IOAW. Dat is geregeld in artikel 9,
                                zevende lid Participatiewet, artikel 37a, vierde lid IOAW, artikel
                                37a, vierde lid IOAZ. </al></li><li nr="·"><al>Als er daarvoor dringende redenen aanwezig zijn, dan kan het college
                                in individuele gevallen tijdelijk ontheffing verlenen van de
                                verplichting om een tegenprestatie te verrichten. Zorgtaken kunnen
                                als dringende redenen worden aangemerkt. Dat is geregeld in artikel
                                9, tweede lid Participatiewet. </al></li></lijst><al>Daarnaast wordt op grond van artikel 3, eerste lid rekening gehouden met de
                        omstandigheden van belanghebbende. </al><al>Eerste lid, sub e</al><al>Personen met een werkloosheidsduur van minder dan een half jaar krijgen in
                        beginsel geen tegenprestatie opgelegd. De primaire focus van deze groep is
                        werk. </al><al>Op grond van een uitspraak van de Centrale Raad van Beroep
                        (ECLI:NL:CRVB:2010:BL1093) is individualisering noodzakelijk om te voorkomen
                        dat sprake is van verplichte arbeid. De Rechtbank Breda heeft ook een
                        uitspraak gedaan over het onderscheid met verplichte arbeid in de lijn van
                        deze uitspraak (ECLI:NL:RBZWB:2013:BZ5171). </al><al>De volgende criteria uit deze uitspraken zijn hier van belang: </al><lijst><li nr="·"><al>de aard, de plaats, de duur en de werktijden van de in het kader van
                                de aangeboden </al></li><li nr="·"><al>voorziening te verrichten werkzaamheden in relatie tot de
                                mogelijkheden, de werkervaring, </al></li><li nr="·"><al>de opleiding en de gezinssituatie van de belanghebbende; </al></li><li nr="·"><al>de duur van de werkloosheid van de belanghebbende; </al></li><li nr="·"><al>de zwaarte van de sanctie bij niet meewerken aan de aangeboden
                                voorziening. </al></li></lijst><al>Tweede lid</al><al><cursief>Mantelzorg</cursief></al><al>Indien op advies van het steunpunt Mantelzorg belanghebbende (gedeeltelijk)
                        is ontheven van de actieve sollicitatieplicht, de reïntegratieplicht en de
                        passieve sollicitatieplicht voor het aantal vier tot acht uur per week,
                        wordt geen tegenprestatie opgelegd. </al><al/><al>Derde lid </al><al><cursief>Vrijwilligerswerk</cursief></al><al>De Staatsecretaris acht het van belang dat belanghebbenden zelf een keus
                        voor vrijwilligerswerk maken, waarbij zij bij de keus voor het soort
                        vrijwilligerswerk uitgaan van hun kennis, vaardigheden, interesses en
                        passie. Dit geeft de meeste kans op succes.</al><al/><al>Voor vrijwilligerswerk worden zij verwezen naar de vacaturebank van de
                        Vrijwilligerscentrale Amstelland. </al><al/></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><label>De inhoud van de tegenprestatie</label></kop><al>Het primaire doel van de tegenprestatie is het verrichten van
                        maatschappelijk nuttige activiteiten. Het is nadrukkelijk niet bedoeld als
                        re-integratie instrument. Dat heeft tot gevolg dat de tegenprestatie niet in
                        de weg mag staan aan acceptatie van betaald werk of re-integratie. Daarnaast
                        moet het gaan om onbeloonde additionele activiteiten die niet leiden tot
                        verdringing op de arbeidsmarkt. </al><al><cursief>Maatschappelijk nuttige activiteiten</cursief></al><al>Het begrip maatschappelijk nuttige activiteiten wordt niet nader omschreven
                        in de wetgeving en er is hierover nog geen jurisprudentie bekend. Het kan
                        gaan om activiteiten die nuttig zijn voor de lokale omgeving of voor de
                        gemeente zelf. Maar ook de ontwikkeling van de uitkeringsgerechtigde die de
                        tegenprestatie uitvoert wordt als </al><al>maatschappelijk nuttig beschouwd. Bijvoorbeeld omdat de tegenprestatie
                        mensen weer activeert. Dit kan op de lange termijn helpen om de kosten voor
                        de gemeenschap te reduceren. </al><al>Een risico is dat de activiteiten wel maatschappelijk nuttig, maar ook
                        stigmatiserend zijn. Bijvoorbeeld omdat het duidelijk herkenbaar, in de
                        openbare ruimte laten uitvoeren van activiteiten, snel verward kan worden
                        met het uitvoeren van een taakstraf. Daarmee kan de samenleving het signaal
                        krijgen dat het hebben van een uitkering gelijk staat aan het plegen van een
                        strafbaar feit. </al><al>Tot de tegenprestatie worden gerekend klussen die door verenigingen,
                        bedrijven en maatschappelijke instellingen worden aangeboden. </al><al><cursief>Verdringing op de arbeidsmarkt</cursief></al><al>Het moet gaan om werkzaamheden waar in huidige tijd en plaats geen
                        bereidheid is om daar een geldelijke beloning voor de betalen.</al><al>Het mag niet gaan om werkzaamheden waar een jaar geleden nog voor werd
                        betaald ( vergelijkbare werkzaamheden die weg zijn bezuinigd bij de
                        betreffende (overheids)organisaties. Ook mag er geen vacature openstaan voor
                        dezelfde of bijna dezelfde activiteiten. </al></divisie></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>