<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd" xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance"><meta><owmskern><dcterms:identifier>355182_2</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op de heffing en invordering van afvalstoffenheffing
                2016</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Noordwijkerhout</dcterms:creator><dcterms:modified>2016-01-06</dcterms:modified></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Onbekend</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening afvalstoffenheffing 2016</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Onbekend</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2015-12-17</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2016-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2017-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp></overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule><vet>Verordening op de heffing en invordering van afvalstoffenheffing
            2016</vet></intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Noordwijkerhout, gelet op artikel 15.33 van de Wet
                        milieubeheer en gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van
                        10november 2015, besluit de Verordening op de heffing en invordering van
                        afvalstoffenheffing 2016 vast te stellen .</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel status="goed"><kop><label>Artikel</label><nr status="officieel">1</nr><titel status="officieel">Aard van de belasting en belastbaar feit</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Onder de naam “afvalstoffenheffing” wordt een directe belasting
                                geheven alsbedoeld in artikel 15.33 van de Wet Milieubeheer.</al></li></lijst><lijst><li nr="2."><al>De afvalstoffenheffing als bedoeld in deze verordening wordt naar
                                afzonderlijke grondslagen geheven ter zake van het feitelijk gebruik
                                van een perceel ten aanzien waarvan krachtens de artikelen 10.21 en
                                10.22 van de Wet milieubeheer een verplichting tot inzamelen van
                                huishoudelijke afvalstoffen geldt.</al></li></lijst></artikel><artikel status="goed"><kop><label>Artikel</label><nr status="officieel">2</nr><titel status="officieel">Belastingplicht</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De belasting wordt geheven van degene die in de gemeente feitelijk
                                gebruik maaktvan een perceel ten aanzien waarvan ingevolge de
                                artikelen 10.21 en 10.22 van de Wet milieubeheer een verplichting
                                tot het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen geldt.</al></li></lijst><lijst><li nr="2."><al>Voor de toepassing van het eerste lid wordt als gebruiker
                                aangemerkt:</al><lijst><li nr="a."><al>degene die naar de omstandigheden beoordeeld al dan niet
                                        krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk
                                        recht feitelijk gebruik maakt van het perceel;</al></li><li nr="b."><al>ingeval een gedeelte van een perceel ten gebruike is
                                        afgestaan: degene die dat gedeelte voor gebruik heeft
                                        afgestaan.</al></li></lijst></li></lijst></artikel><artikel status="goed"><kop><label>Artikel</label><nr status="officieel">3</nr><titel status="officieel">Maatstaf van heffing en belastingtarief</titel></kop><lid><lidnr status="officieel">1.</lidnr><al>De belasting bedraagt per perceel per belastingjaar:</al><lijst><li nr="a."><al>indien het perceel op 1 januari van het belastingjaar of, indien
                                    het belastingjaar later aanvangt, bij aanvang van de
                                    belastingplicht, wordt gebruikt door één persoon: € 198,72</al></li><li nr="b."><al>indien het perceel op 1 januari van het belastingjaar of, indien
                                    het belastingjaar later aanvangt, bij aanvang van de
                                    belastingplicht, wordt gebruikt door meer dan één persoon: €
                                    300,12</al></li></lijst></lid><lid><lidnr status="officieel">2.</lidnr><al>De belasting als bedoeld in het eerste lid, sub a en sub b wordt
                            vermeerderd voor het op 1 januari van het belastingjaar of, indien de
                            belastingplicht later aanvangt, bij aanvang van de belastingplicht, in
                            bruikleen hebben van een extra gft-afvalbak: € 84,48</al></lid><lid><lidnr status="officieel">3.</lidnr><al>De belasting als bedoeld in het eerste lid sub a en sub b wordt
                            vermeerderd voor het op 1 januari van het belastingjaar of, indien de
                            belastingplicht later aanvangt, bij aanvang van de belastingplicht, in
                            bruikleen hebben van een extra restafvalbak: € 204,60</al></lid><lid><lidnr status="officieel">4.</lidnr><al>Onverminderd het bepaalde in het eerste, tweede en derde lid bedraagt de
                            belasting voor het op aanvraag inzamelen van grove huishoudelijke
                            afvalstoffen per kubieke meter of een gedeelte daarvan: € 16,08</al></lid></artikel><artikel status="goed"><kop><label>Artikel</label><nr status="officieel">4</nr><titel status="officieel">Belastingjaar</titel></kop><al>Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar.</al></artikel><artikel status="goed"><kop><label>Artikel</label><nr status="officieel">5</nr><titel status="officieel">Wijze van heffing</titel></kop><lid><lidnr status="officieel">1.</lidnr><al>De belasting wordt bij wege van aanslag geheven.</al></lid><lid><lidnr status="officieel">2.</lidnr><al>De belasting als bedoeld in artikel 3, vierde lid, wordt geheven bij
                            wege van een gedagtekende schriftelijke kennisgeving van
                            afvalinzameling, recycling en reinigingsbedrijf De Meerlanden.</al></lid></artikel><artikel status="goed"><kop><label>Artikel</label><nr status="officieel">6</nr><titel status="officieel">Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar
                            tijdsgelang</titel></kop><lid><lidnr status="officieel">1.</lidnr><al>De belasting is verschuldigd bij het begin van het belastingjaar of, zo
                            dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht.</al></lid><lid><lidnr status="officieel">2.</lidnr><al>Als de belastingplicht in de loop van het jaar aanvangt, is de belasting
                            als bedoeld in artikel 3, eerste, tweede en derde lid, verschuldigd voor
                            zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting
                            als er in dat jaar, na de aanvang van de belastingplicht, nog volle
                            kalendermaanden overblijven.</al></lid><lid><lidnr status="officieel">3.</lidnr><al>Als de heffing in de loop van het belastingjaar eindigt, bestaat
                            aanspraak op ontheffing voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat
                            jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na het einde van de
                            belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven.</al></lid><lid><lidnr status="officieel">4.</lidnr><al>De belastingschuld bedoeld in artikel 3, vierde lid, is verschuldigd bij
                            de aanvang van de dienstverlening.</al></lid><lid><lidnr status="officieel">5.</lidnr><al>Als het gebruik van het perceel wijzigt van gebruik door één persoon
                            naar gebruik door twee of meerdere personen, is de hogere belasting door
                            de toename van het aantal personen, verschuldigd voor zoveel twaalfde
                            gedeelten voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na
                            de toename van het aantal personen, nog volle kalendermaanden
                            overblijven.</al></lid><lid><lidnr status="officieel">6.</lidnr><al>Als het gebruik van het perceel wijzigt van gebruik door twee of meer
                            personen naar gebruik door één persoon, bestaat aanspraak op ontheffing
                            voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde
                            belasting als er in dat jaar, na de vermindering van het aantal
                            personen, in de loop van het belastingjaar nog volle kalendermaanden
                            overblijven.</al></lid><lid><lidnr status="officieel">7.</lidnr><al>Het tweede en het derde lid zijn niet van toepassing indien de
                            belastingplichtige binnen de gemeente verhuist en aldaar een ander
                            perceel in feitelijk gebruik neemt en het gebruik van het perceel door
                            het aantal personen niet wijzigt.</al></lid></artikel><artikel status="goed"><kop><label>Artikel</label><nr status="officieel">8</nr><titel status="officieel">Termijnen van betaling</titel></kop><lid><lidnr status="officieel">1.</lidnr><al>In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990
                            moeten de aanslagen betaald worden in twee gelijke termijnen waarvan de
                            eerste vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in
                            de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en de tweede twee
                            maanden later.</al></lid><lid><lidnr status="officieel">2.</lidnr><al>In afwijking van het eerst lid geldt, zolang de verschuldigde bedragen
                            door middel van automatische betalingsincasso kunnen worden
                            afgeschreven, dat de aanslagen moeten worden betaald in 8 gelijke
                            termijnen. De eerste termijn vervalt één maand na de dagtekening van het
                            aanslagbiljet en elk van de volgende termijnen telkens een maand
                            later.</al></lid><lid><lidnr status="officieel">3.</lidnr><al>In afwijking van het tweede lid geldt, dat indien de dagtekening na 30
                            april ligt, de aanslagen betaald moeten worden in het aantal gelijke
                            termijnen die er tot het einde van het kalenderjaar resteren. De eerste
                            termijn vervalt één maand na de dagtekening van het aanslagbiljet en elk
                            van de volgende termijnen telkens een maand later.</al></lid><lid><lidnr status="officieel">4.</lidnr><al>De Algemene Termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande
                            leden gestelde termijnen.</al></lid></artikel><artikel status="goed"><kop><label>Artikel</label><nr status="officieel">9</nr><titel status="officieel">Nadere regels door het college van burgemeester en
                            wethouders</titel></kop><al>Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met
                        betrekking tot de heffing en invordering van de afvalstoffenheffing.</al></artikel><artikel status="goed"><kop><label>Artikel</label><nr status="officieel">10</nr><titel status="officieel">Overgangsrecht</titel></kop><al>De ‘Verordening op de heffing en invordering van afvalstoffenheffing 2015’
                        van 18 december 2014, wordt ingetrokken met ingang van de in artikel 11,
                        tweede lid, genoemde datum van ingang van heffing, met dien verstande dat
                        zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum
                        hebben voorgedaan. </al></artikel><artikel status="goed"><kop><label>Artikel</label><nr status="officieel">11</nr><titel status="officieel">Inwerkingtreding</titel></kop><lid><lidnr status="officieel">1.</lidnr><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die
                            van de bekendmaking.</al></lid><lid><lidnr status="officieel">2.</lidnr><al>De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2016.</al></lid></artikel><artikel status="goed"><kop><label>Artikel</label><nr status="officieel">12</nr><titel status="officieel">Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als de ‘Verordening afvalstoffenheffing
                        2016’.</al></artikel></regeling-tekst></regeling></body></cvdr>